Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 263 artikelen

x
Artikel

Naar een regelgevingcyclus?

Evaluatie in de Europese Unie

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2014
Trefwoorden Europese Unie, Better Regulation, impact assessment, ex-postwetsevaluatie
Auteurs Dr. E. Mastenbroek, Prof. dr. A.C.M. Meuwese en S. van Voorst
SamenvattingAuteursinformatie

    Impact assessments van voorgenomen Europese regelgeving staan al een tijdje in de belangstelling van beleidsmakers en onderzoekers. Dit is ook steeds meer het geval voor Europese ex-postwetsevaluaties, die door de Europese Commissie gezien worden als het sluitstuk van de ‘regelgevingcyclus’ in de Europese Unie. Dit artikel gaat in op de dekkingsgraad en kwaliteit van deze twee typen evaluaties en op de mate waarin zij momenteel op elkaar aansluiten, als noodzakelijke voorwaarden voor een geloofwaardige evidence-based regelgevingcyclus.


Dr. E. Mastenbroek
Dr. E. Mastenbroek is universitair hoofddocent bestuurskunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Prof. dr. A.C.M. Meuwese
Prof. dr. A.C.M. Meuwese is hoogleraar European and Comparative Public Law aan de Tilburg Law School.

S. van Voorst
S. van Voorst is vanaf 1 september 2014 werkzaam als Promovendus NWO-Onderzoekstalent aan Tilburg University en de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Europese financiële toezichthouders als toonbeeld van evidence-based wetgeven in de EU?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Europese toezichthouders, impact assessments, evidence-based wetgeven, financiële markten, evaluatie
Auteurs Mr. T.J.A. van Golen
SamenvattingAuteursinformatie

    Na de kredietcrisis uit 2008 werden op Europees niveau nieuwe toezichthouders ingesteld die de supervisie over de financiële markten in betere banen moesten leiden. Zoals veel nieuwe regelgeving op Europees niveau ging er ook aan de oprichting een impact assessment vooraf waarbij verschillende beleidsopties vergeleken werden. Niettemin blijkt dat er nog allerlei problemen spelen bij de nieuwe toezichthouders waardoor de vraag opkomt hoe het staat met het evidence-based gehalte van deze politiek gevoelige financiële regelgeving. In deze bijdrage wordt gekeken naar de aanloop naar de wetgeving omtrent de toezichthouders en de evaluatie hiervan door de Europese Commissie en het Europees Parlement. Onduidelijk blijft waarom bepaalde beleidsopties beter worden beoordeeld dan andere mogelijkheden. Het verbeteren van het proces van ex ante en ex post evaluatie zou dan ook een belangrijke bijdrage aan het proces van evidence-based wetgeven kunnen bieden.


Mr. T.J.A. van Golen
Mr. T.J.A. van Golen, docent aan de Universiteit van Tilburg
Artikel

Vliegen onder Verdrag of Verordening? Samenloopleerstuk biedt sleutel tot evenwichtige oplossing

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2014
Trefwoorden Samenloop, Montreal, 261/2004, Passagiersrechten, Vertraging
Auteurs Mr. R. de Graaff
SamenvattingAuteursinformatie

    De samenloop tussen Verordening 261/2004 inzake passagiersrechten en het Verdrag van Montreal zorgt al jaren voor controverse. Een meer genuanceerde benadering is noodzakelijk. Daarvoor kan inspiratie worden geput uit de wijze waarop samenloopproblemen binnen het privaatrecht worden opgelost. De auteur bespreekt kritisch de jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie en de voorstellen tot herziening van de verordening, waarover de onderhandelingen in volle gang zijn.


Mr. R. de Graaff
Mr. R. de Graaff is als promovendus verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Leiden. Deze bijdrage is een bewerking van zijn afstudeerscriptie, die vanwege de Jongbloed scriptieprijs 2013 is uitgegeven: R. de Graaff, Something old, something new, something borrowed, something blue?, Den Haag/Leiden: Jongbloed 2014 (zie http://ssrn.com/abstract=2440726).

    This article addresses the problem of qualitative interviewing in the field of legal studies, and more precisely the practice of interviewing judges. In the last five years the authors of this article conducted two different research projects which involved interviewing judges as a research method. In this article the authors share their experience and views on the qualitative interviewing method, and provide the reader with an overview of the ‘ins’ and ‘outs’ attached to this tool, but also its advantages and disadvantages.


Urszula Jaremba
Urszula Jaremba is an Assistant Professor of EU Law at Erasmus School of Law (Erasmus University Rotterdam, the Netherlands)

Elaine Dr. Mak
Elaine Mak is Endowed Professor of Empirical Study of Public Law, in particular of Rule-of-Law Institutions, at Erasmus School of Law (Erasmus University Rotterdam, the Netherlands)
Artikel

Kwetsbaarheid voor voedselfraude in de vleessector

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 2 2014
Trefwoorden food fraud, meat sector, melamine scandal, adulterants, food analysing techniques
Auteurs S. van Ruth en W. Huisman
SamenvattingAuteursinformatie

    Food fraud is as old as mankind but has advanced in the last decades. Fraud regarding the gross composition of food has progressed in the direction of the addition of unconventional adulterants. Furthermore, consumers are more and more interested in how and where their foods are produced and pay price premiums for organic foods, fair trade, animal welfare considering, and sustainable food products. Since these products are very similar to their conventional counterparts in terms of composition, they provide an additional challenge. The knowledge regarding occurrence, type of meat fraud, causes and damage caused to the sector is limited. There is a need for extensive identification of the vulnerabilities and criminogenic factors. These insights offer leads for detection and prevention. The article deals with a first step into the inventory of these vulnerabilities and factors affecting meat fraud, by assessing fraud risks related to products, companies and the meat supply chain.


S. van Ruth
Prof. dr. ir. Saskia van Ruth is als hoogleraar Voedselauthenticiteit verbonden aan de Food Quality and Design Group en het Rikilt – Instituut voor Voedselveiligheid van de Universiteit Wageningen.

W. Huisman
Prof. dr. mr. Wim Huisman is hoogleraar Criminologie aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit te Amsterdam.

Prof. mr. H.D.C. Roscam Abbing
Henriette Roscam Abbing is emeritus hoogleraar Gezondheidsrecht en editor van het European Journal of Health Law. Zij heeft regelmatig gepubliceerd op het terrein van het onderwerp van de oratie.
Artikel

Access_open The Right to Have Rights as the Right to Asylum

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2014
Trefwoorden Arendt, asylum, refugeeship, right to have rights, statelessness de facto and de jure
Auteurs Nanda Oudejans
SamenvattingAuteursinformatie

    This article argues that the right to have rights, as launched by Hannah Arendt, is relative to refugee displacement and hence translates as a right to asylum. It takes issue with the dominant view that the public/private divide is the locus classicus of the meaning of this primordial right. A different direction of thought is proposed, proceeding from Arendt’s recovery of the spatiality of law. The unencompassibility of place in matters of rights, freedom and equality brings this right into view as a claim at the behest of those who have lost a legal place of their own. This also helps us to gain better understanding of Arendt’s rebuttal of the sharp-edged distinction between refugees and stateless persons and to discover the defiant potential of the right to have rights to illuminate the refugee’s claim to asylum as a claim to an own place where protection can be enjoyed again.


Nanda Oudejans
Nanda Oudejans is an independent researcher in philosophy of law and political philosophy.
Artikel

Verzet of collaboratie? Hoe de strijd tegen genocide kan bijdragen aan genocide

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2014
Trefwoorden Rwanda, genocide against the Tutsi, denial, politics of genocide
Auteurs Roland Moerland
SamenvattingAuteursinformatie

    The politization of the concept of genocide by Western states has been severely criticised, because it has led to an impunity for genocidal crimes. In certain instances however, such criticism has contributed to the dynamic of victimization, instead of resisting it. The article discusses how Professor Edward S. Herman and journalist David Peterson’s staunch criticism of the politics of genocide amounts to a brazen denial of the genocide against the Tutsi which recycles much of the extremist discourse of the former Rwandan authorities that were implicated in genocide. In this case Herman and Peterson’s resistance against the politics of genocide has profound implications, several of which the article will address.


Roland Moerland
Mr. Roland Moerland is als docent en onderzoeker verbonden aan de vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Maastricht. E-mail: roland.moerland@ maastrichtuniversity.nl

    Sinds de invoering van het Burgerlijk Wetboek in 1838 heeft men herhaaldelijk getracht de gronden voor echtscheiding te verruimen. Hoewel deze gronden uiteindelijk pas verruimd werden in 1971, werd de tot die tijd bestaande situatie, waarbij echtscheiding slechts op vier gronden mogelijk was en echtscheiding met wederzijds goedvinden verboden was, als onwenselijk beschouwd. Dit gevoelen werd nog sterker na het arrest van de Hoge Raad uit 1883, de zogenaamde 'Groote Leugen'. Teneinde een einde te maken aan deze 'Groote Leugen' en in een poging het Nederlandse echtscheidingsrecht meer in lijn te brengen met het Duitse recht, heeft de Nederlandse secretaris-generaal voor Justitie, J.J. Schrieke, tussen 1942 en 1944 twee wijzigingsvoorstellen voorgelegd aan de Duitse autoriteiten welke destijds Nederland bezet hielden. Dit artikel analyseert beide wijzigingsvoorstellen en probeert een antwoord te geven op de vraag in hoeverre deze voorstellen het resultaat waren van een mogelijke invloed van het Nationaal Socialisme.
    ---
    Since the introduction of the Civil Code in 1838 one has repeatedly tried to extend the grounds for divorce. Although the grounds for divorce were not extended before 1971, the then existing situation, with only four grounds for divorce and a prohibition of divorce with mutual consent, was considered undesirable This sentiment became even stronger after the judgment of the Dutch Supreme Court of 1883, which became known as the 'Big Lie'. In order to stop this 'Big Lie' and in an attempt to bring Dutch divorce law more in line with German divorce law, the Dutch secretary-general of Justice, J.J. Schrieke, has presented the German authorities, which then occupied the Netherlands, with two draft revisions between 1942 and 1944. This article analyses both drafts and tries to answer the question to what extent these drafts were the result of a possible influence of National Socialism. This article is a summary of a part of the most important conclusions of the dissertation of the author, titled: 'National Socialist Family Law. The influence of National Socialism on marriage and divorce law in Germany and the Netherlands' defended at Maastricht University on 8 November 2012. A commercial edition of the dissertation is forthcoming.


Dr. Mariken Lenaerts LL.M., Ph.D.
Mariken Lenaerts obtained her doctorate at Maastricht University.
Artikel

Derkje Hazewinkel-Suringa: moed en middenweg

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2013
Trefwoorden First female Dutch law professor, anti-fascism, Dutch criminal law
Auteurs Leny de Groot-van Leeuwen
SamenvattingAuteursinformatie

    Derkje Hazewinkel-Suringa entered law studies only after marriage and fulfilling about fifteen years of motherhood duty. Once at the university however, she rapidly became a student-researcher, delivered a PhD dissertation on ownership transfer and was appointed as the first female law professor in 1932, at the age of 42. Her professorship was in a remarkably different field, namely criminal law. Twenty years later she published the Introduction to the Study of Criminal Law, which would become the basis for criminal law teaching in the Netherlands for decades. A major reason behind this success was that the book, emphasizing active study of the law rather than passive reproduction, coincided with the general sprit of the post war era. Besides her scholarly work in which balance and synthesis were the major features, Hazewinkel-Suringa was a very outspoken actor in matters political. In 1936, when virtually the whole country was trying to accommodate the rise of fascism in the mighty neighbouring country, she became member of an anti-fascism committee. In 1938 she wrote a plea to the minister of Justice to allow entry of German-Jewish children into the country. During the German occupation (1940-1945) she proposed to close the university because of the dismissal of Jewish professors. She continued her protests against the social mainstream after the war, e.g. writing against the reintroduction of the death penalty (primarily focused on collaborators with the German regime). Hazewinkel-Suringa’s acts of individual courage could not make a difference in the overall political atmosphere of these times.


Leny de Groot-van Leeuwen
Leny de Groot-van Leeuwen is hoogleraar Rechtspleging en voorzitter van het gelijknamige onderzoeksprogramma van het onderzoekscentrum Staat en Recht van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit Nijmegen. Zij publiceerde in boeken en tijdschriften over de juridische beroepen en de legitimiteit van rechtspraak.
Jurisprudentie

Of Crosses and Homophobia

The European Court of Human Rights on which Manifestations of Religion One May Bring to Work

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2013
Trefwoorden freedom of religion, Christian cross, Eweida, equality, same-sex partnerships, European Court of Human Rights
Auteurs J.D. Temperman
SamenvattingAuteursinformatie

    To what extent must employers accommodate manifestations of religion within the workspace and what should be the role of the state in that respect? In the joint case of Eweida and others the European Court of Human Rights discusses this question from four different angles as urged on by four different complaints. Two complaints concern the banning of Christian crosses, either for reasons of protecting the corporate image of a private company, or for reasons of health and safety within a care institution. The remaining complaints concern employers that, through their equal rights policies, notably equality on grounds of sexual orientation, may effectively force employees to act contrary to the religious dictates of their conscience.


J.D. Temperman
Mr. dr. J.D. Temperman is assistant professor of public international law and EUR-Fellow, Erasmus University Rotterdam.
Discussie

Solon en de taal van wetgevers en dichters

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2013
Trefwoorden wetgevingskunst, redelijkheid en billijkheid, open norm, vrijheid
Auteurs Prof. dr. W.J. Witteveen
SamenvattingAuteursinformatie

    Wetten en gedichten zijn op het eerste gezicht totaal verschillende tekstsoorten, maar bij nadere beschouwing zijn er ook overeenkomsten als teksten die een beeld van de wereld geven, normatieve implicaties hebben en betekenis krijgen dankzij een interpretatiegemeenschap. Solon was wetgever en dichter; moderne wetgevers kunnen toch ook door de bril van de poëtica bekeken worden.


Prof. dr. W.J. Witteveen
Prof. dr. W.J. Witteveen is hoogleraar rechtstheorie en retorica aan de Universiteit van Tilburg. w.j.witteveen@uvt.nl
Artikel

Artikel 8 EVRM: proportionaliteit en verwerking van persoonsgegevens

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2013
Trefwoorden bescherming persoonsgegevens, proportionaliteit, EHRM, dataprotectierichtlijn, wetgevingsproces
Auteurs Prof. mr. L.F.M. Verhey en Mr. M.W. Raijmakers
SamenvattingAuteursinformatie

    Indien ontwerpwetgeving leidt tot de verwerking van persoonsgegevens, moet de wetgever in veel gevallen een toets uitvoeren aan artikel 8 EVRM en het relevante EU-recht. Bij die toets draait het vaak om de vraag of de beperkende maatregel voldoet aan het proportionaliteitsvereiste. In de Straatsburgse rechtspraak is de proportionaliteit een paraplu waaronder uiteenlopende waarborgen worden geschaard. De complexiteit en veelomvattendheid van de proportionaliteitstoets werken door op nationaal niveau. De wijze waarop de proportionaliteitstoets door de Nederlandse wetgever wordt verricht, is wisselvallig. Soms vindt een expliciete toetsing plaats in het kader van artikel 8 EVRM, vaak is dat ook niet het geval.


Prof. mr. L.F.M. Verhey
Prof. mr. L.F.M. Verhey is hoogleraar Kirchheiner leerstoel aan de Universiteit Leiden en Staatsraad bij de Afdeling advisering van de Raad van State. l.f.m.verheij@law.leidenuniv.nl

Mr. M.W. Raijmakers
Mr. M.W. Raijmakers is sectorhoofd directie Advisering bij de Raad van State. m.raijmakers@raadvanstate.nl

    Vanwege de goede procesorde kunnen na afloop van de beroepstermijn geen nieuwe beroepsgronden of nadere stukken worden ingediend. Onderzoeksverplichting naar beperking mobiliteit is mogelijk maar in dit geval onvoldoende gemotiveerd


Hans Paul Nijhoff
Diversen

Franz von Benda-Beckmann

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2013
Trefwoorden In Memoriam, Franz von Benda-Beckmann
Auteurs John Griffiths
Auteursinformatie

John Griffiths
John Griffiths is emeritus hoogleraar rechtssociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen (1977-2005). Hij studeerde filosofie aan de University of California, Berkeley (B.A., 1962) en rechten aan de Yale Law School (LL.B, 1965). Hij werkte als ‘law clerk’ voor Justice Fortas van de US Supreme Court en werd daarna hoogleraar rechten aan de Yale Law School (1967-1970), Fulbright Professor aan de Faculty of Law van de University of Ghana (1970-1972), en hoogleraar rechten aan de New York University Law School (1973-1977). Onderzoeksthema’s: rechtspluralisme, geschilprocessen, en de sociale werking van recht. Sinds de jaren negentig heeft zijn empirisch onderzoek vooral betrekking gehad op problemen rondom de effectieve regulering van euthanasie en andere sociaal-problematische medische handelingen. Na zijn pensionering richt hij zich vooral op de theoretische grondslagen van de rechtssociologie.
Artikel

Een politiële vernieuwing die vruchten afwierp, vastliep en ontspoorde

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2013
Trefwoorden professional policing, Dutch police, professional thief, Nazi-Germany
Auteurs Guus Meershoek
SamenvattingAuteursinformatie

    After World War I, the Dutch police, inspired by the German example, underwent a fast modernisation of its organisation. Two generations of police officers were the pacesetters in this reform. Technological innovations made them realize that the effectiveness of the police could be increased, that they had acquired the status of professionals, thanks to their new insights, and that professional thieves were their main enemies. During the 1930s, the police renewal stagnated, but the ties with Germany were not broken. Based on shared beliefs, some innovators rallied to the side of the German occupiers during World War II. In the end, the renewal movement did not recover from the experiences during the occupation.


Guus Meershoek
Dr. Guus Meershoek is lector Politiegeschiedenis aan de Politieacademie en universitair docent Bestuurskunde aan de Universiteit Twente.

    In this paper I test the thesis that the different fortunes of the secular state in the predominantly Jewish, Christian and Muslim countries depend significantly, although not exclusively, on their different religious background and, in particular, on the conception of God’s law that developed in the theological and legal traditions of these three religions. My analysis will focus primarily on Sunni Islam, Orthodox Judaism and Roman Catholic Christianity. The model of the secular state appears to be connected to the Christian theological concept. It is not neutral and thus, it is futile to attempt to export this model to religious and legal traditions that do not meet the conditions for accepting it.


Silvio Ferrari
Prof. dr. Silvio Ferrari is hoogleraar Canoniek recht aan de Universiteit van Milaan en hoogleraar Verhouding tussen kerk en staat aan de faculteit Kerkelijk Recht van de Katholieke Universiteit Leuven. silvio.ferrari@unimi.it.

    In its Betfair judgment, the Court of Justice ruled that the exclusive license system with respect to games of chance under Dutch law breaches Article 49 of the EC, now: Article 56 of the TFEU, concerning the free movement of services, and in particular the principle of equal treatment and the obligation of transparency. This article addresses the lessons which can be drawn from this judgement and which Dutch legal concepts could be applied to this 'European' obligation of transparency. According to the judgement, this is not only the case for 'public contracts'and 'concessions', but also to licenses under public law. This article addresses the meaning of these legal concepts and discusses to what extent this 'European' obligation of transparency applies to the relevant Dutch legal concepts.


Annemarie Drahmann
Annemarie Drahmann is promovenda aan de afdeling staats- en bestuursrecht van de Universiteit Leiden en senior Professional Support Lawyer bij Stibbe.
Artikel

Access_open Grondslagen en methoden van juridisch onderwijs

Tijdschrift Law and Method, 2012
Trefwoorden onderwijsmethode, theorieconcepties, Europeanisering, methodologische dilemma’s
Auteurs René Foqué
SamenvattingAuteursinformatie

    This article aims at elucidating some methodological dilemmas which should be taken seriously in legal education. It also aims at articulating the process of how these dilemmas emerged both historically and philosophically. The article starts with the observation that our Western legal systems are rooted in a specific theoretical tradition which can be described as being twofold. In a first already ancient (pre-philosophical) conception, theory finds its nexus both in experience and in narrativity, whereas a more modern conception of theory focuses on logical and conceptual coherence, building a system of professional knowledge. The author argues for a combination of both theoretical conceptions as complementary cornerstones of legal educational programs.The twofold theoretical background of our Western legal tradition can offer us a welcome and fruitful basis for dealing with some important methodological dilemmas: an anascopic (from action to institution) vs a katascopic (from institution to action) approach; deductive vs inductive reasoning; problem-oriented thinking vs systems thinking; case based/case oriented vs doctrinal/conceptual thinking. The author argues for a dialectical complementarity between the respective poles of these dilemmas.Finally, the author argues for introducing – already in an early stage of the program –European Union legal thinking as a challenging laboratory ‘in action’ for searching a reflective equilibrium in dealing with the aforementioned methodological dilemmas.


René Foqué
René Foqué is emeritus hoogleraar in de rechtsfilosofie en rechtstheorie aan de Faculteiten Rechtsgeleerdheid van de Katholieke Universiteit te Leuven en de Erasmus Universiteit te Rotterdam. Aan het European Inter University Centre for Human Rights and Democratisation te Venetië doceert hij philosophy of human rights.
Artikel

Technische hulpmiddelen en doelwitselectie bij woninginbraak

Een experimenteel onderzoek naar het gebruik van Google Maps en Google Street View

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2012
Trefwoorden burglary, targetselection, technology, Google Maps, Street View
Auteurs Dr. Stijn Van Daele, Drs. Marlijn Peeters, Drs. Christophe Vandeviver e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Technological progress has a great impact on the lives of many citizens. The increasing amount of available information may however be used by criminals too, for example by burglars in their search for a suitable target. Applying the rational choice perspective and by means of an experiment with students, this paper first investigates whether it is likely or not that tools such as Google Maps and Google Street View are used for burglary. Furthermore, we investigate whether the considered target characteristics differ when such tools are used. The results indicate that we cannot give an affirmative answer to these questions so far.


Dr. Stijn Van Daele
Dr. S. Van Daele is postdoctoraal onderzoeker van FWO Vlaanderen bij het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP), Universiteit Gent.

Drs. Marlijn Peeters
Drs. M.P. Peeters is doctoraatsbursaal bij het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP), Universiteit Gent.

Drs. Christophe Vandeviver
Drs. C. Vandeviver is doctoraatsbursaal bij het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP), Universiteit Gent.

Efien Ledure
E. Ledure is studente Criminologische Wetenschappen aan de Universiteit Gent.

Prof. dr. Tom Vander Beken
Toont 121 - 140 van 263 gevonden teksten
1 2 3 4 5 7 9 10 11 12 13 14
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.