Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 218 artikelen

x
Artikel

Voorstel IORP II-richtlijn: aanzet tot hervorming van het Nederlands pensioenstelsel

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8 2014
Trefwoorden IORP-richtlijn, IORP II, pensioenfonds, pensioeninstelling, pensioenstelsel
Auteurs Mr. drs. Pascal Borsjé en Dr. Hans van Meerten
SamenvattingAuteursinformatie

    Het voorstel van de Europese Commissie van 27 maart 2014 tot herziening van de IORP-richtlijn (met betrekking tot instellingen voor bedrijfspensioenvoorzieningen) heeft consequenties voor het huidige Nederlandse pensioenstelsel. De Europese Commissie streeft naar een gelijk speelveld tussen pensioenfondsen en verzekeraars en heeft daarom in het voorstel gekeken naar de uitgangspunten voor verzekeraars onder Solvency II-richtlijn. Het voorstel beoogt onder meer de bescherming van transparante individuele pensioenrechten. Dit staat op gespannen voet met het principe van ‘solidariteit’ dat in het Nederlandse pensioenstelsel traditioneel als uitgangspunt wordt gehanteerd. De hervorming van het Nederlands pensioenstelsel lijkt daarom ook vanuit EU-rechtelijk perspectief noodzakelijk.
    Europese Commissie, Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de werkzaamheden van en het toezicht op instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening, Brussel, 27 maart 2014 COM(2014)167 final, 2014/0091 (COD)


Mr. drs. Pascal Borsjé
Mr. drs. P. (Pascal) Borsjé is advocaat bij Clifford Chance LLP te Amsterdam.

Dr. Hans van Meerten
Dr. H. (Hans) van Meerten is advocaat bij Clifford Chance LLP te Amsterdam.
Artikel

Naar een transparante markt voor mobiele telefonie?

Annotatie bij HR 13 juni 2014, ECLI:NL:HR:2014:1385, RvdW 2014/811

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2014
Trefwoorden consumentenkrediet, uitleg, (partiële) nietigheid, onverschuldigde betaling, privaatrechtelijke handhaving
Auteurs Mr. M.R. Hebly
SamenvattingAuteursinformatie

    Volgens de Hoge Raad kwalificeren telefoonabonnementen waarbij aan consumenten een ‘gratis’ telefoon wordt verstrekt, in beginsel als koop op afbetaling en als krediettransacties/kredietovereenkomsten; strijd met de toepasselijke regelgeving leidt tot vernietigbaarheid. Duidelijk is dat deze ‘verhulde’ afbetalingsconstructie niet is toegestaan, en vragen rijzen ten aanzien van de reeds afgesloten contracten.


Mr. M.R. Hebly
Mr. M.R. Hebly is als promovendus verbonden aan de sectie burgerlijk recht van de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

De bescherming van de volksgezondheid in het omgevingsrecht

Tijdschrift StAB, Aflevering 3 2014
Auteurs mr. J.K. van de Poel en mr. M. van Harten

mr. J.K. van de Poel

mr. M. van Harten
Praktijk

Voor niets gaat de zon op!

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Koop op afbetaling, Consumentenkrediet, Wet op het financieel toezicht, Consumentenrecht
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn arrest van 13 juni 2014 betreffende de prejudiciële vraag over de aanschaf van een mobiele telefoon heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de ‘gratis’ verstrekking van een mobiele telefoon bij een telefoonabonnement kwalificeert als koop op afbetaling en consumentenkrediet. Dit kan ook toepasselijkheid van de wetgeving over consumentenkrediet en financieel toezicht met zich meebrengen. In deze bijdrage wordt het arrest besproken en worden de gevolgen van het arrest belicht.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

Overkreditering bij consumentenkrediet

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2014
Trefwoorden consumentenkrediet, overkreditering, doorwerking publiekrecht, (bijzondere) zorgplicht, omvang schade
Auteurs Mr. M.H.P. Claassen en Mr. J.L. Snijders
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij overkreditering zal een consument veelal genoegdoening proberen te krijgen via de ‘(bijzondere) zorgplicht’. Daarnaast levert schending van een publiekrechtelijke norm (art. 4:34 Wft) ook rechtstreeks een onrechtmatige daad op. In beide gevallen spelen lastige kwesties ten aanzien van causaal verband, de omvang van de schade en eventuele eigen schuld.


Mr. M.H.P. Claassen
Mr. M.H.P. Claassen is advocaat bij Lauxtermann Advocaten te Amsterdam.

Mr. J.L. Snijders
Mr. J.L. Snijders is advocaat bij FIZ advocaten te Rotterdam.
Artikel

Detentie en gevolgen van detentie

Onderzoek in Nederland en België

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2014
Trefwoorden Detentiebeleid, detentieonderzoek, detentiebeleving, gevangeniscultuur, detentie-effecten
Auteurs Prof. dr. Kristel Beyens, Dr. Anja Dirkzwager en Prof. dr. Dirk Korf
SamenvattingAuteursinformatie

    Prison policy in Belgium and the Netherlands is changing rapidly. While Belgium struggles with a persisting prison overcrowding, the Netherlands strongly cuts back on the prison system and is closing an increasing number of prisons. This introductory article to a special issue on detention starts with a short outline of recent changes in Dutch and Belgian prison policy, focusing on developments in detention capacity and prison population. Subsequently we present an overview of empirical criminological research in the Netherlands and Belgium, situated within the international literature, with a specific focus on studies regarding life in detention and effects of detention on prisoners' lives and on their social environment. Finally, we reflect upon existing detention research in both countries, e.g. in terms of gaps in research topics and methodology, and discuss some future developments.


Prof. dr. Kristel Beyens
Prof. dr. K. Beyens is hoogleraar en voorzitter van de vakgroep Criminologie van de Vrije Universiteit Brussel.

Dr. Anja Dirkzwager
Dr. A.J.E. Dirkzwager is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Prof. dr. Dirk Korf
Prof. dr. D.J. Korf is bijzonder hoogleraar criminologie en directeur van het Bonger Instituut, faculteit der rechtsgeleerdheid, Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Detentiebeleving van strafrechtelijk gedetineerden zonder verblijfsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2014
Trefwoorden detention, detention experiences, importation theory, deprivation theory, foreign national prisoners without legal residence
Auteurs Mieke Kox MA, Steven de Ridder MSc, An-Sofie Vanhouche MSc e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    The detention experiences of male criminal foreign national prisoners without legal residence receive little attention in penological literature. A qualitative study amongst 30 prisoners with and 16 prisoners without legal residence in the penitentiary institution Tilburg shows that contacts with the social network and the preparation of the reintegration in society are (more) complicated for foreign national prisoners without legal residence. Besides, communication with the staff is more difficult for this group. These factors have negative impact on their detention experiences. The results show that both deprivation and importation theory apply to foreign national prisoners without legal residence. However, importation aspects – especially the lack of legal residence – may substantially and systematically increase the deprivation and result in additional exclusion and isolation mechanisms for this particular group.


Mieke Kox MA
M. Kox, MA is werkzaam bij de sectie criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam, waar zij promotieonderzoek uitvoert naar de betekenis van het immigratiebeleid voor aangehouden en/of gedetineerde illegaal verblijvende vreemdelingen en de invloed hiervan op hun terugkeerintenties. Tijdens het onderzoek in de PI Tilburg in 2012 was zij als onderzoeker bij de Universiteit Utrecht werkzaam.

Steven de Ridder MSc
S. de Ridder, MSc is assistent bij de vakgroep Criminologie en doctoraal onderzoeker binnen de onderzoekslijn Penalty & Society van de onderzoeksgroep Crime & Society van de Vrije Universiteit Brussel. Zijn doctoraat richt zich op de detentiebeleving en de invrijheidstellingsprocedures van strafrechtelijk gedetineerde vreemdelingen.

An-Sofie Vanhouche MSc
A.-S. Vanhouche, MSc is verbonden aan de onderzoeksgroep Crime & Society, onderzoekslijn Penalty & Society, van de vakgroep Criminologie van de Vrije Universiteit Brussel. Ze voert een doctoraatsonderzoek naar de rol van voeding in gevangeniscontext en was tijdens het onderzoek in de PI Tilburg als onderzoeker bij dit project betrokken.

Prof. dr. Miranda Boone
Prof. dr. M. Boone is bijzonder hoogleraar penologie en penitentiair recht aan de Rijksuniversiteit Groningen en universitair hoofddocent strafrecht en criminologie aan de Universiteit Utrecht.

Prof. dr. Kristel Beyens
Prof. dr. K. Beyens is hoogleraar penologie en voorzitter van de vakgroep Criminologie, faculteit recht en criminologie van de Vrije Universiteit Brussel. Ze coördineert de onderzoekslijn Penalty & Society binnen de onderzoeksgroep Crime & Society
Artikel

Hunting Worlds Turned Upside Down

Paulus Potter’s Life of a Hunter

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 2 2014
Trefwoorden Art, green criminology, non-speciesism, human-animal relationships
Auteurs prof. dr. Piers Beirne en dr. Janine Janssen
SamenvattingAuteursinformatie

    Life of a Hunter (c.1647) is an extraordinary painting by the young Dutch artist Paulus Potter. Its fourteen panels tell the tale of a well-heeled gentleman who likes to hunt and to kill “game” and “exotic” animals. The hunting world is turned upside down when the animals capture the hunter and put him on trial. He is condemned to death, roasted alive and doubtless consumed by the very creatures who had earlier been his quarry. In this essay we try to interpret Potter’s painting. Is it an allegory of the chaotic politics of the mid-17th century Dutch Republic? Does it represent an early modern animal trial? Our tentative conclusion is that Life of a Hunter expresses a Montaignian-inspired moment of transition in cultural attitudes towards human-animal relationships: its restricted vision of animal cruelty is not against animal cruelty tout court and its inversion of two links in the great chain of being is very far from being altogether pro-animal.


prof. dr. Piers Beirne
Prof. dr. Piers Beirne is Professor of Sociology and Legal Studies in the Department of Criminology at the University of Southern Maine. Hij is de founding co-editor van het tijdschrift Theoretical Criminology en de auteur van tal van boeken waaronder Animal Abuse (2009, Rowman and Littlefield).

dr. Janine Janssen
Dr. Janine Janssen is hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld van de Nederlandse politie en verbonden aan de vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Vrije Universiteit in Amsterdam.
Article (without peer review)

Access_open Nut en noodzaak van een algemene codificatie van bestuursrecht

Tijdschrift Netherlands Administrative Law Library, februari 2014
Auteurs Rolf Ortlep, Willemien den Ouden, Ymre dr. Schuurmans Ph.D. e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    This article on the usefulness of a general codification of administrative law forms the closing contribution of a NALL-special. In this special, various authors have reflected on the successfulness of a broad codification process in 1998, which introduced rules on the notification of decisions, policy rules, subsidies, enforcement and supervision of administrative authorities in the Dutch General Administrative Law Act (GALA). The editors asked the contributors whether the objectives of the rules introduced were met and how the rules turned out to function in practice. In this overarching article, the NALL-editors reflect on the general lessons to be learned for the GALA-legislator. In these lessons they also take into consideration the initiatives for a law of administrative procedure of the European Union.


Rolf Ortlep
Rolf Ortlep (UU), Willemien den Ouden en Ymre Schuurmans (beide UL), Albertjan Tollenaar en Gerrit van der Veen (beiden RUG) en Johan Wolswinkel (VU) vormen de NALL redactie. Zij bedanken redactiesecretaris Alke Metselaar (UL), zonder wie deze bijdrage en special niet in de huidige vorm zou hebben kunnen verschijnen.

Willemien den Ouden
NALL redactie

Ymre dr. Schuurmans Ph.D.
NALL redactie

Albertjan Tollenaar
NALL redactie

Gerrit van der Veen
NALL redactie

Johan Wolswinkel
NALL redactie
Artikel

Regiomaatschappen in de zorg

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2014
Trefwoorden regiomaatschap, medisch specialist, marktmacht
Auteurs Ramsis Croes, Murat Duman en Misja Mikkers
SamenvattingAuteursinformatie

    Medisch specialisten hebben een bijzondere positie in ons zorgstelsel. Iets minder dan de helft van de specialisten werkt in loondienst, de anderen werken als vrijgevestigde specialisten in een maatschap. Voor deze laatste groep zijn de verhoudingen met het ziekenhuis vastgelegd in de toelatingsovereenkomsten. Steeds vaker fuseren maatschappen van medisch specialisten tot ziekenhuis overstijgende regiomaatschappen. De regiomaatschappen zijn maatschappen waarvan de aangesloten specialisten voor meerdere ziekenhuizen tegelijk werken. Specialisten geven aan dat kwaliteit een belangrijk motief is om regiomaatschappen te vormen. In deze bijdrage laten wij zien dat de vorming van regiomaatschappen leidt tot een toename van marktmacht. Daarnaast bespreken we de mogelijkheden om de eventuele negatieve gevolgen via het (sector specifieke) mededingrecht aan te pakken.


Ramsis Croes
R.R. Croes MSc is medewerker van de NZa en daarnaast verbonden aan IBMG (Erasmus Universiteit).

Murat Duman
Mr. M. Duman is medewerker van de NZa.

Misja Mikkers
Dr. M. Mikkers RA is medewerker van de NZa en daarnaast verbonden aan TILEC (Universiteit van Tilburg).

    The codification of policy rules is based on the assumption that public authorities will adopt their policy in policy rules and that judges will use these policy rules when assessing individual decisions. However, codification might have side effects, like the existence of rules that do not meet the criteria of policy rules. This article examines the extent to which the objectives of the legislator have been achieved. It is concluded that public bodies indeed adopt policy rules more and more, but that these rules do not always meet the standards. Administrative courts appear to use rules when assessing decisions, but do not seem to follow the scheme as laid down in the GALA. The codification resulted in a complexity of rules, but this complexity does not hamper judicial review. After all: the judicial review is centered on the individual decision, not so much on the nature of the applied rule.


Albertjan Tollenaar Ph.D.
Artikel

Gangsters en jazz

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Jazz, Mafia, Night Clubs, Organized Crime
Auteurs Frank Bovenkerk
SamenvattingAuteursinformatie

    The social history of jazz music in America since 1880 has been described as a movement out of the inauspicious background of night clubs and brothels in the urban underworld. In 1980 Ronald L. Morris has published a book, Wait until dark, fostering a contrary view (that should inspire criminology). Morris claimed that until 1940 the ‘mob’ had promoted jazz music as gangsters hired black musicians without concern for the law and the conventions of racial segregation. There is some evidence that even during the 1950s the jazz scene of New York City and Las Vegas had also been partly organized by the mafia.


Frank Bovenkerk
Prof. dr. Frank Bovenkerk is emeritus hoogleraar criminologie aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen, Universiteit Utrecht. E-mail: F.Bovenkerk@uu.nl

    D'après le Code civil, et ce dè s son origine, la séparation du couple marié peut donner lieu à une obligation légale de payer au conjoint, ou à l'ancien conjoint, une pension censée couvrir ses besoins. En dehors du mariage, point de lien alimentaire prévu par la loi. Depuis 1804, deux évolutions sociales majeures ont cependant changé le visage de la vie de couple. D'un côté, elle ne passe plus nécessairement par le mariage. D'un autre côté, seule sa dimension affective est censée lui donner sens, ce qui la rend éminemment fragile. La question se pose dè s lors de savoir si le lien alimentaire qui existe actuellement en droit belge entre conjoints désunis répond encore de maniè re adéquate et pertinente aux modes de fonctionnement de l'économie conjugale.
    ---
    According to the Civil code, and in view of its development, the separation of a married couple can give rise to a legal obligation to pay maintenance to the other spouse, or ex-spouse, in order to cover his or her needs. In contrast, outside marriage, no statutory maintenance is available. However, since 1804, two major social evolutions have changed the way of life of couples. On the one hand, maintenance no longer flows inevitably from marriage. On the other hand, only the ‘love’ dimension of a relationship supports the provision of maintenance, which makes this claim eminently fragile.
    The question then arises as to whether the maintenance between separated spouses which is presently provided for under Belgian law still adequately and appropriately serves the functioning of the conjugal economy.
    In addition, the absence of maintenance rights for unmarried couples also raises questions. The contribution proposes a reconsideration of the right to maintenance between all couples, married or not, on the basis of other justifications, in particular the solidarity which couples establish during their shared lives.


Dr. Nathalie Dandoy
Nathalie Dandoy is lecturer at the catholic University of Louvain. She is member of the research centre of Family Law (Cefap-UCL). Her main research area concerns the maintenance rights between family members. She is member of editorial committee of Revue trimestrielle de droit familial and Journal des Juges de paix et de police.

    Zorgaanbieders werken vaak samen in maatschapsverband. Dit artikel positioneert de maatschap binnen het Nederlandse algemene en zorgspecifieke mededingingsrecht. Eerst wordt onderzocht of fusies tussen maatschappen van vrijgevestigde medisch specialisten van verschillende ziekenhuizen onder het concentratietoezicht dan wel het kartelverbod uit de Mededingingswet moeten worden beoordeeld. Daarna wordt onderzocht wat en wanneer op grond van artikel 48 en 45 Wet marktordening gezondheidszorg tegen maatschappen kan worden ondernomen. Hierbij wordt tevens ingegaan op de ACM-lijn maatschappen en ziekenhuizen alsmede het NZa-besluit in Thuisapotheek – Huisartsenpraktijk Prinsenbeek.


Mr. dr. E.M.H. Loozen
Edith Loozen is universitair docent bij het instituut Beleid & Management Gezondheidszorg (iBMG).

    Policies within forensic psychiatry can be characterized by the on-going search for balance between the interests of stakeholders. These interests vary in a lot of cases. The interest of society, the patient and the professional differs within a complex framework of political, ethical and juridical guidelines and scientific evidence. These differences are illustrated from a management’s point of view by describing the treatment issues in regard to forensic psychiatric inpatients with substance abuse disorders. Treatment policies on drug use during treatment balance between treatment guidelines and restrictive measures. These restrictions have to be adjusted to the necessary treatment programmes for developing new pro social lifestyles. The treatment policy on relapse and leave should balance between patient needs and the needs of society. The result of this interesting but also challenging and complex quest depends on the sensitivity of stakeholders for the interests of the others.


E. Bulten
Dr. Erik Bulten is als hoofd Diagnostiek, onderzoek en opleiding verbonden aan de FPC Pompestichting te Nijmegen.

J. Groeneweg
Ir. Joke Groeneweg is algemeen directeur van de FPC Pompestichting te Nijmegen.
Praktijk

Securitisaties en Islamitisch financieren

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2012
Trefwoorden securitisaties en islamitisch financieren
Auteurs Mr. E.F. Coomans-Piscaer
SamenvattingAuteursinformatie

    Als gevolg van de economische en regulatoire veranderingen van de laatste jaren zijn de investeringsmogelijkheden van Europese investeerders beperkter geworden. Om nieuwe investeerders aan te trekken, zou er gezocht kunnen worden naar investeerders van buiten Europa, zoals investeerders uit het Midden-Oosten en Azië. Een groot gedeelte van de investeerders uit het Midden-Oosten en Azië investeert slechts in structuren die gebaseerd zijn op de beginselen van het islamitisch financieren. Om de Nederlandse securitisatiestructuur voor dergelijke investeerders interessant te maken, dient deze te voldoen aan de vereisten van het islamitisch financieren. Het artikel behandelt globaal de securitisatiestructuur die in Nederland en in het islamitisch financieren worden gebruikt. Ook worden een paar knelpunten aangehaald die van belang kunnen zijn bij het aanpassen van de Nederlandse securitisatiestructuur aan de beginselen van het islamitisch financieren.


Mr. E.F. Coomans-Piscaer
Mr. Coomans-Piscaer is Advocaat bij Loyens & Loeff N.V.

Ton Hartlief
Hoogleraar privaatrecht aan de Universiteit Maastricht.
Jurisprudentie

Ongerechtvaardigd verrijkt door fraude? Over winstbejag, goedgelovigheid en de mogelijkheid tot restitutie bij een piramidespel

Annotatie bij HR 28 oktober 2011, LJN BQ5986 (Van Hees q.q./N.N.)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2012
Trefwoorden ongerechtvaardigde verrijking, derdenverrijking, goede zeden, Peeters/Gatzen-vordering, fraude
Auteurs Mr. B. Bierens
SamenvattingAuteursinformatie

    Het hier besproken arrest betreft een specifiek facet van de afwikkeling van een beleggingsfraude. De curator van de failliete fraudeur poogt investeerders aan te spreken die hebben geprofiteerd van de frauduleuze praktijken. Biedt het vermogensrecht de mogelijkheid deze ‘veelontvangers’ met succes aan te spreken om daarmee het actief in de faillissementsboedel te vergroten ten behoeve van de gezamenlijke schuldeisers?


Mr. B. Bierens
Mr. B. Bierens is jurist bij Rabobank Nederland en als fellow verbonden aan het Instituut voor Financieel Recht (IFR), onderdeel van het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht (OO&R) van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes
Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes is advocaat bij BarentsKrans, hoogleraar privaatrecht VU, raadsheer-plv. Gerechtshof Arnhem en redacteur van dit tijdschrift.
Toont 121 - 140 van 218 gevonden teksten
1 2 3 4 5 7 9 10 11
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.