Zoekresultaat: 202 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Artikel x
Artikel

Pensioen anno 2001: veel veranderingen in kort tijdsbestek!

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 46 2001
Trefwoorden pensioen, pensioenregeling, fiscaal, nabestaandenpensioen, werknemer, pensioen- en verzekeringskamer, werkgever, pensioenfonds, verzekeraar, vut-regeling
Auteurs E.A.M. Bergamin

E.A.M. Bergamin
Artikel

Richtsnoeren voor de zorgsector: codificatie van de NMa-beleidspraktijk

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2003
Trefwoorden Nederlandse mededingingsautoriteit, ziekenfonds, ziekenhuis, mededinging, ziektekostenverzekeraar, verzekeraar, kartelverbod, mededingingsrecht, verticale overeenkomst, marktwerking
Auteurs J.W. van de Gronden

J.W. van de Gronden
Artikel

De Dienstenwet: dekt de vlag de lading

Pleidooi voor verdere omzetting van de Dienstenrichtlijn

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden Dienstenrichtlijn, Dienstenwet, omzetting richtlijnen
Auteurs Mr. M.R. Botman
SamenvattingAuteursinformatie

    De belangrijkste artikelen uit de Europese Dienstenrichtlijn zijn niet terug te vinden in nationale wet- of regelgeving. De vraag is hoe zich dit verhoudt met de strikte implementatie-eisen uit de rechtspraak van het Hof van Justitie. In dit artikel worden de argumenten van de wetgever om de bepalingen niet op te nemen kritisch tegen het licht gehouden. Daarbij wordt ingegaan op de juridische en praktische gevolgen die het ontbreken van nationale voorschriften met zich brengt. Moet de Dienstenwet worden uitgebreid?


Mr. M.R. Botman
Mr. M.R. Botman is promovenda aan de Vrije Universiteit te Amsterdam en verbonden aan het VU University Amsterdam Centre for Law and Governance. Zij doet onderzoek naar de tenuitvoerlegging van de Dienstenrichtlijn in Nederland.
Artikel

Wetsvoorstel Naleving Europese regelgeving publieke entiteiten: overbodig of onmisbaar in de praktijk?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden toezicht, decentrale overheden, naleving, aanwijzing, verhaalsrecht
Auteurs Mr. M.J.M. Verhoeven
SamenvattingAuteursinformatie

    Wanneer Europese regelgeving in de Nederlandse rechtsorde niet goed nageleefd wordt, spreekt de Europese Commissie de lidstaat Nederland daarop aan. Binnen de nationale rechtsorde is de centrale overheid echter niet als enige verantwoordelijk voor de toepassing van Europees recht. De toepassing van Europese regelgeving in de nationale rechtsorde is veelal ook in handen van andere overheidsorganen, zoals zelfstandige bestuursorganen en decentrale overheden. De centrale overheid heeft vanwege haar Europese verantwoordelijkheid voor de correcte toepassing van Europees recht behoefte aan voldoende bevoegdheden voor toezicht op deze overheidsorganen. Met het wetsvoorstel Naleving Europese regelgeving publieke entiteiten (Kamerstukken II 2009/10, 32 157, nr. 2; hierna afgekort tot wetsvoorstel NErpe) worden aan het toezichtsinstrumentarium enkele nieuwe bevoegdheden toegevoegd, die zijn toegesneden op de handhaving van Europees recht. In deze bijdrage een eerste blik op dit wetsvoorstel.


Mr. M.J.M. Verhoeven
Mr. M.J.M. Verhoeven is als promovenda verbonden aan het Europa Instituut en de Afdeling Staats- en Bestuursrecht van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Financiering ziekenhuiszorg

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 01 2010
Auteurs Mr. dr. H.E.G.M. Hermans en drs. L.A.C. Goemans
Auteursinformatie

Mr. dr. H.E.G.M. Hermans
Bert Hermans is als senior juridisch beleidsadviseur parttime werkzaam bij de NVZ vereniging van ziekenhuizen.

drs. L.A.C. Goemans
Leen Goemans is als clustermanager Zorg werkzaam bij de NVZ vereniging van ziekenhuizen.
Artikel

Aanmerkelijke marktmacht en (economische) machtspositie in de communicatiesector: eeneiige tweeling of mismatch?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2010
Trefwoorden machtspositie, aanmerkelijke marktmacht, Kaderrichtlijn
Auteurs Mr. drs. P. Kuipers en mr. J. Kohlen
SamenvattingAuteursinformatie

    Een vergelijking tussen de toepassing van het begrip machtspositie in het mededingingsrecht en het begrip aanmerkelijke marktmacht in het sectorspecifieke mededingingsrecht in de elektronische communicatiesector zou geen hogere wiskunde moeten zijn. Zeker niet sinds de introductie van het nieuwe Europese reguleringskader voor de elektronische communicatiesector in 2002, waarin deze begrippen – althans de definities daarvan – identiek zijn. Desondanks moeten we, ruim zeven jaar verder, constateren dat er een groot verschil bestaat tussen theorie en praktijk. Om die reden is het interessant om nader te onderzoeken waarom theorie en praktijk zo uiteen lopen, welke gevolgen dit heeft voor de toepassing van deze begrippen in het sectorspecifieke recht enerzijds en het reguliere mededingingsrecht anderzijds en of het reguliere mededingingsrecht een noodzakelijk vangnet is voor het sectorspecifieke mededingingsrecht.


Mr. drs. P. Kuipers
Mr. drs. P. Kuipers is advocaat bij Bird & Bird LLP in Den Haag.

mr. J. Kohlen
Mr. J. Kohlen is advocaatbij Bird & Bird LLP in Den Haag.
Artikel

Eerste hulp bij verkeersongevallen; het werk van Slachtofferhulp Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 04 2007
Trefwoorden Slachtoffer, Politie, Delinquent, Erkenning, Misdrijf, Strafbaar feit, Personenschade, Vergoeding, Schade, Verkeersmisdrijf
Auteurs Driel, M. van en Sardemann, R.

Driel, M. van

Sardemann, R.
Artikel

Waterstaatsrecht en Wegenwet

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 02 2007
Trefwoorden Zorgplicht, Rechthebbende, Gemeente, Onderhoudsplicht, Afdeling bestuursrechtspraak van de raad van state, Beheerder, Handhaving, Openbaar gezag, Wegenbeheer, Eigenaar
Auteurs Kwast, O

Kwast, O
Artikel

Wonderpil of placebo? Het zonebeheerplan in de nieuwe Wet geluidhinder

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 01 2008
Trefwoorden Geluidhinder, Bestemmingsplan, Beleidsregel, Vergunning, Geluidszone, Gemeente, Milieuvergunning, Rechtsgevolg, Regering, Afdeling bestuursrechtspraak van de raad van state
Auteurs Sanden, C.A.H. van de

Sanden, C.A.H. van de
Artikel

Het milieubestemmingsplan: Milieu en ruimtelijke ordening in balans

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 02 2006
Trefwoorden Bestemmingsplan, Ruimtelijke ordening, Gemeente, Ministerie van volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieu, Milieukwaliteit, Voorstel van wet, Aansprakelijkheid, Aanwijzing, Kwaliteit, Administratief recht
Auteurs Heemskerk, N.M.

Heemskerk, N.M.
Artikel

Mediation in belastingzaken: nuttig?

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 03 2007
Trefwoorden Mediation, Belastingplichtige, Belastingdienst, Mediator, Fiscaal, Krediet, Belastingrechter, Partijdigheid, Belastingadviseur, Belastingheffing
Auteurs Wit, C.P.J.M. de

Wit, C.P.J.M. de
Artikel

Samenwerking in de jeugdstrafrechtsketen door middel van het justitieel casusoverleg in Rotterdam

Een analyse van de Rotterdamse praktijk van het justitieel casusoverleg als instrument voor de vervolging, afdoening en hulpverlening in jeugdstrafzaken

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1 2010
Trefwoorden Justitieel casusoverleg, Openbaar Ministerie, Ketenpartners, Jeugdigen
Auteurs Kevin Pieters en Shirley Splinter
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt in vogelvlucht de totstandkoming en de theorie van het justitieel casusoverleg (JCO) geschetst. Het JCO is een overleg waarbij verschillende ‘ketenpartners’ per jeugdige overleggen over de beste aanpak ten aanzien van vervolging, afdoening en hulpverlening. De Rotterdamse praktijk van het JCO komt ook aan bod. Er wordt met name ingegaan op de effectiviteit van het Rotterdamse JCO. Hoewel het Rotterdamse JCO effectief is, kan de objectieve meerwaarde nog verder worden verbeterd. Ontwikkelingen zoals de komst van het Rotterdamse Veiligheidshuis bieden kansen om het JCO nog beter te laten functioneren.


Kevin Pieters
Kevin Pieters is junior juridisch medewerker bij het Kabinet RC te Rotterdam.

Shirley Splinter
Shirley Splinter is buitengriffier bij de Strafsector te Middelburg.
Artikel

De rechter als regelgever

Over rechtersregelingen en rechtsvorming door de (bestuurs)rechter

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2010
Trefwoorden rechtersregeling, rechtsvorming, rechterlijk beleid, beleidsruimte, interpretatieruimte
Auteurs Mr. dr. J.C.A. de Poorter
SamenvattingAuteursinformatie

    De rechter voert in zekere zin beleid wanneer hij het recht bedrijft. Dit beleid is vaak neergelegd in niet als zodanig voor de rechtsgemeenschap kenbare, richtinggevende afspraken. De rechtsgemeenschap komt die slechts op het spoor door het bestuderen van de jurisprudentie. In andere gevallen neemt het beleid echter de vorm aan van in voor de rechtsgemeenschap kenbare beleidsregels, neergelegde afspraken. Vanuit rechtsstatelijke optiek zijn dergelijke rechtersregelingen niet zonder meer problematisch. Zeker niet waar de rechter enige beleidsruimte wordt gelaten. Wel vergt het openbaar maken van rechtersregelingen telkens een afweging van belangen van rechtszekerheid en rechtsgelijkheid tegenover het belang van de individuele rechtsbedeling. Wanneer de rechter niet over beleidsruimte, maar over enige mate van interpretatieruimte beschikt, lijkt een rechtersregeling minder aangewezen. De rechter spreekt in dergelijke gevallen door middel van zijn uitspraken.


Mr. dr. J.C.A. de Poorter
Mr. dr. J.C.A. de Poorter is raadadviseur bij de Raad van State. J.dePoorter@RaadvanState.nl
Artikel

De rechter als wetgever: uniforme rechtstoepassing in rechtersregelingen vanuit staatsrechtelijk perspectief

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2010
Trefwoorden rechtseenheid, uniforme rechtstoepassing, rechtspraak, rechterlijke organisatie
Auteurs Prof. mr. P.P.T. Bovend’Eert
SamenvattingAuteursinformatie

    De totstandkoming van de nieuwe kantonrechtersformule in 2008 riep de vraag op of de rechter deze regeling inzake de hoogte van ontslagvergoedingen niet beter aan de wetgever kan laten. Rechtersregelingen zijn nog altijd omstreden vanuit een constitutioneel perspectief bezien. Onduidelijk is of het positieve (constitutionele) recht voldoende grondslag biedt voor dit optreden van de rechter als quasiwetgever. Daarnaast is het de vraag wie rechtersregelingen mogen vaststellen, in hoeverre zij bindend zijn en op welke onderwerpen zij betrekking kunnen hebben. Op deze vragen wordt in deze bijdrage nader ingegaan.


Prof. mr. P.P.T. Bovend’Eert
Prof. mr. P.P.T. Bovend’Eert is hoogleraar Staatsrecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen. P.BovendEert@jur.ru.nl
Artikel

Access_open Algemene voorwaarden onder de voorgestelde richtlijn consumentenrechten

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 2 2009
Trefwoorden algemene voorwaarden, richtlijn consumentenrechten, oneerlijke bedingen, transparantiebeginsel, informatieplicht
Auteurs Prof. dr. M.B.M. Loos
SamenvattingAuteursinformatie

    De voorgestelde richtlijn consumentenrechten zal leiden tot aanmerkelijke wijzigingen in het Nederlandse privaatrecht, vooral doordat de richtlijn uitgaat van volledige harmonisatie. In dit artikel wordt onderzocht wordt of ook op het terrein van de algemene voorwaarden ingrijpende wijzigingen van het Nederlandse recht te verwachten zijn. De conclusie is dat het met de wijzigingen wel meevalt. De belangrijkste wijziging betreft de vervanging van de zwarte en grijze lijst door een Europese zwarte en grijze lijst, die elkaar grotendeels maar niet geheel overlappen. Onzekerheid bestaat vooral over de positie van de informatieplicht, die in ieder geval anders zal moeten worden gehanteerd dan de wetgever aanvankelijk beoogd had: artikel 6:234 BW zal in ieder geval niet meer als een limitatieve invulling van de informatieplicht van artikel 6:233 BW kunnen worden opgevat. Verdedigd wordt dat de vereiste soepelere houding ten aanzien van de informatieplicht ook buiten het geharmoniseerde terrein – in het bijzonder voor overeenkomsten tussen twee professionele partijen – zou moeten gelden.


Prof. dr. M.B.M. Loos
Prof. dr. M.B.M. Loos is verbonden aan de Universiteit van Amsterdam, Centre for the Study of European Contract Law.
Artikel

Gezichtspunten bij ontslag: verwijtbaarheid, proportionaliteit en continuïteit

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2009
Trefwoorden ontslag, ontslagvergoeding, ontbinding, ontbindingsvergoeding, kennelijk onredelijk ontslag, ratio, grondslag, gezichtspunten, proportionaliteit
Auteurs Mw. mr. W.L. Roozendaal
SamenvattingAuteursinformatie

    In het ontslagrecht zijn vele gezichtspunten relevant. Waarom zijn zij relevant? Betoogd wordt dat de vele redenen hiervoor zijn samen te vatten als drie toetsen: de verwijtbaarheidtoets, de proportionaliteitstoets en de continuïteitstoets. Volgens de eerste toets moeten gradaties van verwijtbaarheid bij een tekortkoming relevant zijn voor de bescherming tegen ontslag. Volgens de tweede toets moet het gewicht van de ontslaggrond proportioneel zijn aan de ingrijpendheid van het ontslag.Volgens de derde toets moet ontslag (desondanks) mogelijk zijn als zinvolle voortzetting van de overeenkomst niet haalbaar is. Is dat laatste het geval, dan moet eventuele disproportionaliteit van het ontslag (dan maar) worden uitgedrukt in een vergoeding. De analyse van gezichtspunten bij ontslag geeft aanleiding tot de stelling, dat bij het vaststellen van de ontbindingsvergoeding onvoldoende getoetst wordt aan proportionaliteit, zodat de vergoedingen gemakkelijk disproportioneel zijn.


Mw. mr. W.L. Roozendaal
W.L. Roozendaal is docent aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit Amsterdam, afdeling staats- en bestuursrecht.
Artikel

Omzetting van het kaderbesluit slachtofferzorg in beleidsregels van het Openbaar Ministerie of in formele wetgeving?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2009
Trefwoorden Kaderbesluit slachtofferzorg, OM-beleidsregels, omzetting richtlijnen, formele wetgeving
Auteurs Mr. W. Geelhoed
SamenvattingAuteursinformatie

    Het kaderbesluit slachtofferzorg zou oorspronkelijk in beleid van het Openbaar Ministerie worden geïmplementeerd. Dat desondanks wetswijziging plaatsvindt, is vooral te danken aan overwegingen in het kader van de fundamentele herziening van het Wetboek van Strafvordering en niet aan het bestaan van het kaderbesluit. De jurisprudentie van het Hof van Justitie over de omzetting van richtlijnen, die ook op kaderbesluiten van toepassing is, brengt echter mee dat beleidsregels van het Openbaar Ministerie niet het juridisch bindende karakter bezitten dat voor omzetting is vereist. Opname in wettelijke regelingen is vrijwel onontkoombaar. Het OM verliest hierdoor een substantieel beleidsterrein aan de wetgever.


Mr. W. Geelhoed
Mr. W. Geelhoed is PhD-fellow straf- en strafprocesrecht, Instituut voor Strafrecht en Criminologie, Universiteit Leiden.
Artikel

Van Pkb naar AMvB

De systematiek van het nationale waterbeleid onder de AMvB Ruimte

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2009
Trefwoorden AMvB Ruimte, planologische kernbeslissing, provinciale verordening, Bestuurlijke omgangscode AMvB Ruimte
Auteurs Mw. M. Claessens en Mw. mr. D.S.P. Fransen
SamenvattingAuteursinformatie

    De Ministerraad heeft 2 juni 2009 op voorstel van de minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM) ingestemd met het ontwerp van het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (hierna: AMvB Ruimte).1x (Bijlage bij) Kamerstukken II 2008/09, 31 500, nr. 15. De AMvB Ruimte bevat alle ruimtelijke beleidskaders van het Rijk en vormt het sluitstuk van het nieuwe stelsel van de ruimtelijke ordening. Dit stelsel is met de inwerkingtreding van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) op 1 juli 2008 geïntroduceerd.2x Stb. 2008, 180 (Invoeringswet Wro). Met de Wro wordt een nieuwe sturingsfilosofie geïntroduceerd, waar de AMvB in kwestie een uitwerking van is. De sturingsfilosofie gaat uit van de gedachte dat de verschillende overheden, met het Rijk in de regierol, worden gedwongen om te bepalen wat van nationaal en provinciaal belang is binnen het ruimtelijk beleid, en voorts te bepalen op welke wijze deze nationale en provinciale belangen moeten doorwerken op gemeentelijk niveau. De AMvB Ruimte vormt het instrument waarmee de vóóraf in kaart gebrachte nationale belangen kunnen doorwerken naar provinciaal en/of gemeentelijk niveau.

Noten

  • 1 (Bijlage bij) Kamerstukken II 2008/09, 31 500, nr. 15.

  • 2 Stb. 2008, 180 (Invoeringswet Wro).


Mw. M. Claessens
Mw. M. Claessens volgt thans een Master Omgevingsrecht aan de Universiteit van Amsterdam en een Master Staats- en Bestuursrecht aan de Rijksuniversiteit Leiden. Als uitvloeisel van een juridisch assistentschap bij Stibbe is zij medeauteur van deze bijdrage.

Mw. mr. D.S.P. Fransen
Mw. mr. D.S.P. Fransen is advocaat bij Stibbe en is gespecialiseerd in het omgevingsrecht.
Artikel

De beleidsregels combinatieovereenkomsten

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2009
Trefwoorden combinatieovereenkomsten, Besluit Vrijstellings Combincatieovereenkomsten (BVC), combinatievorming, beleidsregels
Auteurs Mr. M.A. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 oktober 2009 zijn de beleidsregels van de minister van Economische Zaken (EZ) inzake combinatieovereenkomsten in werking getreden.1x Beleidsregels van de minister van Economische Zaken van 11 september 2009, nr. WJZ/9153048, met betrekking tot de toepassing door de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit van artikel 6 van de Mededingingswet ten aanzien van combinatieovereenkomsten, Stcrt. 2009, nr. 14082, 22 september 2009. Deze beleidsregels zijn tot stand gekomen na een jarenlange discussie welke regels het oude Besluit Vrijstelling Combinatieovereenkomsten (BVC) zouden moeten vervangen. Bovendien zijn de beleidsregels bedoeld om de scheiding tussen de vorming van het mededingingsbeleid door EZ en de uitvoering door de NMa aan te scherpen. Positief is dat de minister is afgestapt van de wantrouwige en restrictieve benadering van combinatievorming die het beleid jarenlang heeft gekenmerkt. Op grond van de beleidsregels zullen combinatieovereenkomsten alleen in uitzonderlijke gevallen niet zijn toegestaan. Minder positief is dat de beleidsregels weinig toevoegen aan de Europese richtsnoeren inzake horizontale samenwerkingsovereenkomsten en nauwelijks concrete handvatten bieden.

Noten

  • 1 Beleidsregels van de minister van Economische Zaken van 11 september 2009, nr. WJZ/9153048, met betrekking tot de toepassing door de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit van artikel 6 van de Mededingingswet ten aanzien van combinatieovereenkomsten, Stcrt. 2009, nr. 14082, 22 september 2009.


Mr. M.A. de Jong
Mr. M.A. de Jong is advocaat bij Allen & Overy.
Toont 121 - 140 van 202 gevonden teksten
1 2 3 4 5 7 9 10 11
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.