Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 338 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Markt & Mededinging x
Artikel

De nieuwe groepsvrijstelling verticale beperkingen – een bescheiden stap vooruit

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2010
Trefwoorden groepsvrijstelling verticale beperkingen, wijzigingsvoorstel, Verordening (EU) nr. 330/2010
Auteurs Mr. H.H.P. Lugard en Dr. T. van Dijk
SamenvattingAuteursinformatie

    In het novembernummer van 2009 van dit tijdschrift bespraken wij de voorstellen tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2790/ 1999 en de daarbij behorende richtsnoeren die de Commissie in juli 2009 bekend maakte. Inmiddels heeft de Commissie op 20 april van dit jaar de definitieve tekst van de nieuwe verordening, Verordening (EU) nr. 330/2010, alsmede de aangepaste richtsnoeren, vastgesteld. De nieuwe regeling treedt op 1 juni 2010 in werking en zal tot 31 mei 2022 van kracht blijven. Voor overeenkomsten die ingevolge Verordening (EG) nr. 2790/1999 op 31 mei 2010 vrijgesteld zijn van het verbod van artikel 101, eerste lid, van het Verdrag betreffende de Europese Unie, maar niet in overeenstemming zijn met de voorwaarden van de nieuwe verordening, geldt een overgangstermijn van een jaar.In deze bijdrage staan wij summier stil bij de belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de Commissievoorstellen van juli 2009. Voor een uitgebreidere bespreking van de aanpassingen van de verordening en richtsnoeren verwijzen wij de lezer graag naar onze eerdere bijdrage.


Mr. H.H.P. Lugard
Mr. H.H.P. Lugard is werkzaam als advocaat en bedrijfsjurist bij Royal Philips Electronics.

Dr. T. van Dijk
Dr. T. van Dijk is werkzaam bij Lexonomics.
Artikel

Europese Commissie doet recht aan discussie omtrent verticale prijsbinding

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2010
Trefwoorden verticale prijsbinding, hardekernbeperking, economisering mededgingingsrecht, bewijsrecht art. 101 VWEU
Auteurs F.A.H. van Doorn MSc LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    Een van de meest controversiële onderwerpen in het mededingingsrecht is zonder twijfel het beleid ten aanzien van verticale prijsbinding. Hoewel economische theorieën en ontwikkelingen in de VS op het eerste gezicht aanleiding lijken te geven voor een andere conclusie, kiest de Commissie er in de nieuwe groepsvrijstelling en bijbehorende richtsnoeren opnieuw voor om deze omstreden verticale restrictie als hardekernbeperking aan te merken. Door te kiezen voor deze strikte regel, maar toch de deur open te laten voor rechtvaardigingen in individuele gevallen, doet de Commissie recht aan de juridische én de economische discussie, waarin het instrument nu eenmaal de schijn tegen heeft.


F.A.H. van Doorn MSc LL.M.
F.A.H. van Doorn Msc LL.M. is beleidsmedewerker bij de directie Mededinging en Consumenten van het ministerie van Economische Zaken (e-mail: f.doorn@minez.nl).
Jurisprudentie

Menzis – Apotheek J.D. van Dalen

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2010
Trefwoorden misbruik van machtspositie, Menzis, preferentie, NZa
Auteurs Mr. M.Ph.M. Wiggers en Mr. dr. J.J.M. Sluijs
SamenvattingAuteursinformatie

    O.M.W. Menzis Zorgverzekeraar U.A. en O.M.W. Anderzorg U.A. (hierna gezamenlijk: Menzis) zijn zorgverzekeraar in de zin van artikel 1 onder d Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg). Menzis hanteert sinds 2005 een preferentiebeleid inhoudende dat Menzis voor een aantal werkzame stoffen één of meer geneesmiddelen aanwijst die voor verstrekking dan wel vergoeding in aanmerking komen en waarmee andere geneesmiddelen die dezelfde werkzame stoffen bevatten worden uitgesloten van verstrekking of vergoeding op basis van de polis. Als zorgverzekeraar berust op Menzis de plicht zijn verzekerden toegang te geven tot de zorg waar zij wettelijk aanspraak op en behoefte aan hebben. Op grond van deze zorgplicht wil Menzis Apotheek J.D. van Dalen (hierna: Van Dalen) contracteren. Van Dalen weigert echter een contract met Menzis te sluiten zolang Menzis haar preferentiebeleid in het contract handhaaft. Op 31 juli 2009 heeft Menzis hierover een klacht ingediend bij (1) de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) op grond van misbruik van economische machtspositie (art. 24 Mw), en (2) aan de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) verzocht haar bevoegdheden ten aanzien van aanmerkelijke marktmacht (AMM) toe te passen (art. 48 Wmg en 49 Wmg). Op basis van artikel 18 Wmg (voorrangsbeginsel NZa) en het samenwerkingsprotocol gesloten tussen de NMa en de NZa is deze zaak (uitsluitend) in behandeling genomen door de NZa.


Mr. M.Ph.M. Wiggers
Mr. M.Ph.M. (Marc) Wiggers is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam en verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen als buitenpromovendus.

Mr. dr. J.J.M. Sluijs
Mr. dr. J.J.M. (Jan-Koen) Sluijs is advocaat bij Legaltree Sluijs te Den Haag.
Artikel

Maatschappelijk verantwoord concurreren

Mededingingsrecht in een veranderende wereld

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2010
Trefwoorden maatschappelijk verantwoord concurreren, marktwerking, guidance, maatschappelijke belangen
Auteurs Mr. T.R. Ottervanger
SamenvattingAuteursinformatie

    Een overgangsfase naar een nieuw tijdperk. Afscheid van een blind geloof in vrije marktwerking als enig heilzaam middel voor het scheppen van welvaart. De eenzijdige focus op efficiëntie en groei is onderworpen aan kritische herwaardering. Begrippen als duurzaamheid en welzijn winnen sterk aan betekenis als maatstaf voor beleid zowel van regeringen als van ondernemingen. Zo gaat de SER in zijn recente advies Overheid én Markt ervan uit dat het sociaal-economisch beleid gericht is op een breed welvaartsbegrip: naast materiële vooruitgang (welstand, productiviteitsgroei) ook sociale vooruitgang (welzijn, sociale cohesie), goede kwaliteit van de leefomgeving en een schoon milieu. Wat betekent deze ontwikkeling voor het mededingingsrecht?


Mr. T.R. Ottervanger
Mr. T.R. Ottervanger is advocaat bij Allen & Overy en hoogleraar Europees Recht, in het bijzonder het Mededingingsrecht, in Leiden.
Artikel

Hoge Raad 3 december 2004, C 03/213, Vreugdenhil/BVH

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4/5 2005
Trefwoorden overeenkomst, nietigheid, mededinging, mededingingsrecht, uitleg, Europees mededingingsrecht, exclusiviteit, hof van justitie EG, openbare orde, exclusiviteitbeding
Auteurs B.J. Drijber

B.J. Drijber
Artikel

Modernisering van de Mededingingswet

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4/5 2005
Trefwoorden Nederlandse mededingingsautoriteit, voorstel van wet, verdrag, ontheffing, concentratie, memorie van toelichting, overeenkomst, kartelverbod, nota van wijziging, convergentie
Auteurs M.R. Mok

M.R. Mok
Artikel

De omvang van de handhavingsbevoegdheid van de NMa in de zorg

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4/5 2005
Trefwoorden Nederlandse mededingingsautoriteit, mededinging, stichting, samenwerkingsverband, voorwaarde, huisarts, concurrentiebeperking, mededingingsrecht, overeenkomst, beschikking
Auteurs E. Steyger

E. Steyger
Artikel

Richtsnoeren voor de zorgsector: codificatie van de NMa-beleidspraktijk

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2003
Trefwoorden Nederlandse mededingingsautoriteit, ziekenfonds, ziekenhuis, mededinging, ziektekostenverzekeraar, verzekeraar, kartelverbod, mededingingsrecht, verticale overeenkomst, marktwerking
Auteurs J.W. van de Gronden

J.W. van de Gronden
Jurisprudentie

Heineken - horecaovereenkomsten

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2003
Trefwoorden overeenkomst, Nederlandse mededingingsautoriteit, mededinging, exclusiviteit, kartelverbod, voorwaarde, marktaandeel, verkoop, afnemer, ontheffing
Auteurs L.Y.J.M. Parret

L.Y.J.M. Parret
Jurisprudentie

KNVB/STICHTING FEYENOORD

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 7 2001
Trefwoorden uitzendrecht, verkoop, overeenkomst, beschikking, kartelverbod, mededinging, mededingingsrecht, verdrag, exploitatie, radio
Auteurs L.Y.J.M. Parret

L.Y.J.M. Parret
Praktijk

Kroniek concentratiecontrole 2009

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2010
Trefwoorden Kroniek concentratiecontrole, besluiten NMa, Concentratiecontrole
Auteurs Mr. M.A. De Jong en Mr. L. Haasbeek
SamenvattingAuteursinformatie

    De economische crisis heeft gevolgen gehad voor het aantal concentratiemeldingen in 2009. Er zijn minder concentraties gemeld, maar juist meer ontheffingen voor de verplichte wachtperiode verleend. Deze concentraties hebben geleid tot enkele interessante besluiten. In Ziekenhuis Walcheren/Oosterscheldeziekenhuizen heeft de NMa voor het eerst een concentratie goedgekeurd op grond van een efficiëntieverweer. De NMa maakt hiervoor een uitvoerige beoordeling van de te verwachten efficiëntieverbeteringen. De fusie wordt uiteindelijk goedgekeurd met zware ondersteuning door de Inspectie voor de Gezondheidszorg en een pakket gedragsremedies. In AMC/VZA wordt een analyse gemaakt van de verticale effecten van de overname van een ambulancedienst door een ziekenhuis. De NMa beoordeelt of het ziekenhuis zijn positie zou kunnen versterken door de toestroom van patiënten te beïnvloeden. Daarnaast heeft de NMa voor het eerst een boete opgelegd voor het verstrekken van onjuiste en onvolledige informatie bij een melding.


Mr. M.A. De Jong
Mr. M.A. de Jong is advocaat bij Allen & Overy in Amsterdam.

Mr. L. Haasbeek
Mr. L. Haasbeek is advocaat bij Allen & Overy in Amsterdam.
Praktijk

Kroniek civiele rechtspraak mededingingsrecht 2009

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2010
Trefwoorden kroniek civiele rechtspraak mededingingsrecht, kroniek 2009, civiele rechtspraak mededingingsrecht
Auteurs Mr. E.K.S Mollen
SamenvattingAuteursinformatie

    Anders dan in voorgaande jaren bespreekt deze kroniek uitsluitend de door Nederlandse civiele rechters gewezen uitspraken waarin het Nederlandse en/of Europese mededingingsrecht aan de orde kwam.1x Voor zover bij de auteur bekend zijn in 2009 in totaal 42 civiele/fiscale uitspraken over mededingingsrecht gepubliceerd. De rechterlijke toetsing van de besluiten van de NMa blijft hier buiten beschouwing. In 2009 deed zich een aantal interessante ontwikkelingen voor. Zo is de NMa voor het eerst als amicus curiae opgetreden in een civiele (kort geding) procedure en hakte de Hoge Raad de knoop door wat betreft het openbare orde-karakter van het Nederlandse kartelverbod.

Noten

  • * Dit artikel is geschreven op persoonlijke titel.
  • 1 Voor zover bij de auteur bekend zijn in 2009 in totaal 42 civiele/fiscale uitspraken over mededingingsrecht gepubliceerd.


Mr. E.K.S Mollen
Mr. E.K.S. Mollen is senior jurist bij de Juridische Dienst van de Nederlandse Mededingingsautoriteit.
Jurisprudentie

GlaxoSmithKline/Commissie

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2010
Trefwoorden beperking van parallelhandel in geneesmiddelen, ontheffing, restrictie met mededingingsbeperkende strekking, bewijslast
Auteurs A.E. Beumer LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 6 oktober 2009 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie (‘Hof’) arrest gewezen in de langlopende strijd tussen farmaceutische producenten die de parallelhandel in geneesmiddelen beperken en de Europese Commissie (‘Commissie’). In dit arrest bevestigt het Hof dat het systeem van dubbele prijsstelling voor geneesmiddelen van GlaxoSmithKline Services Unlimited (‘GSK’) in strijd is met artikel 81 EG-Verdrag (nieuw: artikel 101 VWEU). Het Hof volgt echter niet de vaststelling van het Gerecht dat de dubbele prijsstelling van GSK geen mededingingsbeperkende strekking heeft. Volgens het Hof heeft in principe elke overeenkomst die de parallelhandel beperkt een mededingingsbeperkende strekking. Hetzelfde geldt voor een overeenkomst die de parallelhandel van geneesmiddelen beperkt. Verder onderschrijft het Hof de conclusie van het Gerecht dat de Commissie onvoldoende aandacht heeft besteed aan de mogelijke efficiëntiewinsten bij haar beoordeling van een mogelijke ontheffing op grond van artikel 81 lid 3 EG-Verdrag.


A.E. Beumer LLM
A.E. Beumer LLM is werkzaam bij het Europa Instituut van de Universiteit Leiden.
Jurisprudentie

De Intel-beschikking

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2010
Trefwoorden misbruik van machtspositie, getrouwheidskortingen, even efficiënte concurrent, efficiencies
Auteurs Mr. P.P.J. van Ginneken en mr. H.H.P. Lugard
SamenvattingAuteursinformatie

    De Intel-beschikking van 13 mei 2009 is bekend geworden als de beschikking waarin de Commissie de hoogste boete ooit heeft opgelegd aan een onderneming voor een inbreuk op de Europese mededingingsregels (1,06 miljard euro). Een samenvatting van diezelfde dag gaf een korte omschrijving van de gedragingen waaraan Intel zich volgens de Commissie schuldig had gemaakt. Een voorlopige niet-vertrouwelijke versie van 512 bladzijden, gepubliceerd op 21 september 2009, geeft de (vrijwel) volledige tekst van de beschikking. Hieruit blijkt dat de beschikking een goede test case is voor het nieuwe beleid van de Commissie inzake uitsluitingsmisbruik.


Mr. P.P.J. van Ginneken
Mr. P.P.J. van Ginneken is advocaat bij Brinkhof.

mr. H.H.P. Lugard
Mr. H.H.P. Lugard is bedrijfsjurist en advocaat bij Philips International B.V.
Artikel

Exhibitierecht in mededingingszaken

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2010
Trefwoorden exhibitieplicht, schadevergoedingsacties, private enforcement, bewijsmateriaal, discovery
Auteurs Mr. M.A. van der Pool
SamenvattingAuteursinformatie

    De Commissie stelt in haar Witboek betreffende schadevergoedingsacties een model van beperkte discovery voor ten behoeve van de toegang tot bewijsmateriaal. Dit model moet in Europese landen verruimde mogelijkheden voor eisers teweeg brengen, om inzage te krijgen in het bewijsmateriaal in mededingingsrechtelijke civiele procedures. De voorgestelde regeling hoeft in Nederland niet te leiden tot een wijziging van het procesrecht. Het exhibitierecht van artikel 843a Rv biedt eisers voldoende mogelijkheden van vorderingen tot openbaarmaking. Aangezien de rechtspraak verschillend omgaat met de toepassing van het exhibitierecht, zullen voor een juiste implementatie van het model de voorwaarden van artikel 843a Rv verder uitgekristalliseerd dienen te worden.


Mr. M.A. van der Pool
Mr. M.A. van der Pool is per 1 april werkzaam als advocaat-stagiair bij Kennedy van der Laan op de sectie Verzekering & Aansprakelijkheid.
Artikel

Kartelhandhaving door de Europese Commissie in crisistijd: business as usual?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2009
Trefwoorden Kartelhandhaving, Crisiskartel, Boetevermindering, betalingsmodaliteit
Auteurs Mr. drs H.C.L. Hobbelen en Mr. V. Mussche
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel bevat een analyse van het kartelbeleid van de Commissie en arresten van het Gerecht van Eerste Aanleg en het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen ten tijde van eerdere economische crisissituaties. In het bijzonder de volgende aspecten komen aan bod: (1) recente uitspraken van mededingingsautoriteiten over het kartelbeleid in de economische crisis; (2) hoe werden crisiskartels eerder beoordeeld onder artikel 81 van het EG-Verdrag; (3) werden in het verleden, en zo ja, onder welke omstandigheden, ‘crisiskortingen’ op kartelboetes toegestaan?; en (4) biedt het beleid van de Commissie met betrekking tot betalingsmodaliteiten van de boete ademruimte voor ondernemingen in moeilijkheden?


Mr. drs H.C.L. Hobbelen
Mr. drs. H.C.L. Hobbelen is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer.

Mr. V. Mussche
Mr. V. Mussche is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer.
Jurisprudentie

T-Mobile e.a./NMa

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2009
Trefwoorden onderling afgestemde feitelijke gedraging, mededingingsbeperkende strekking, informatie-uitwisseling tussen concurrenten, bewijsvermoeden causaal verband
Auteurs Mr. L.E.J. Korsten
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 4 juni 2009 beantwoordde het Hof van Justitie prejudiciële vragen in de zaak van de mobiele operators (zaak C-8/08, T-Mobile e.a./NMa). De eerste vraag van het CBb had betrekking op de uitleg van het begrip onderling afgestemde feitelijke gedraging (oafg) met mededingingsbeperkende strekking. Volgens het Hof heeft een oafg een mededingingsbeperkende strekking wanneer zij concreet de mededinging binnen de gemeenschappelijke markt concreet kan beperken. Uitwisseling van informatie tussen concurrenten heeft een mededingingsbeperkende strekking wanneer zij onzekerheden over voorgenomen gedrag kan wegnemen. De tweede en derde vraag van het CBb betroffen de toepassing van het zogenoemde Anic-bewijsvermoeden met betrekking tot het causaal verband tussen afstemming en daaropvolgend marktgedrag. Volgens het Hof is dit bewijsvermoeden een regel van materieel recht. Het bewijsvermoeden mag bij elke oafg worden toegepast.


Mr. L.E.J. Korsten
Mr. L.E.J. Korsten is advocaat bij DLA Piper Nederland N.V.
Artikel

De beleidsregels combinatieovereenkomsten

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2009
Trefwoorden combinatieovereenkomsten, Besluit Vrijstellings Combincatieovereenkomsten (BVC), combinatievorming, beleidsregels
Auteurs Mr. M.A. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 oktober 2009 zijn de beleidsregels van de minister van Economische Zaken (EZ) inzake combinatieovereenkomsten in werking getreden.1x Beleidsregels van de minister van Economische Zaken van 11 september 2009, nr. WJZ/9153048, met betrekking tot de toepassing door de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit van artikel 6 van de Mededingingswet ten aanzien van combinatieovereenkomsten, Stcrt. 2009, nr. 14082, 22 september 2009. Deze beleidsregels zijn tot stand gekomen na een jarenlange discussie welke regels het oude Besluit Vrijstelling Combinatieovereenkomsten (BVC) zouden moeten vervangen. Bovendien zijn de beleidsregels bedoeld om de scheiding tussen de vorming van het mededingingsbeleid door EZ en de uitvoering door de NMa aan te scherpen. Positief is dat de minister is afgestapt van de wantrouwige en restrictieve benadering van combinatievorming die het beleid jarenlang heeft gekenmerkt. Op grond van de beleidsregels zullen combinatieovereenkomsten alleen in uitzonderlijke gevallen niet zijn toegestaan. Minder positief is dat de beleidsregels weinig toevoegen aan de Europese richtsnoeren inzake horizontale samenwerkingsovereenkomsten en nauwelijks concrete handvatten bieden.

Noten

  • 1 Beleidsregels van de minister van Economische Zaken van 11 september 2009, nr. WJZ/9153048, met betrekking tot de toepassing door de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit van artikel 6 van de Mededingingswet ten aanzien van combinatieovereenkomsten, Stcrt. 2009, nr. 14082, 22 september 2009.


Mr. M.A. de Jong
Mr. M.A. de Jong is advocaat bij Allen & Overy.

    In een redactioneel artikel geeft de redactie een toelichting op het tijdschriftnummer in kwestie.


Prof. mr. T.R. Ottervanger
Prof. mr. T.R. Ottervanger is advocaat en compagnon by Allen & Overy LLP en deeltijd hoogleraar Europees recht en mededingingsrecht aan de Rijksuniversiteit Leiden.
Artikel

De NMa als economische detective

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2009
Trefwoorden NMa, economische detentie, onderzoeksprioriteiten, false positives, false negatives
Auteurs Dr. R. van der Noll en Drs. M. Visser
SamenvattingAuteursinformatie

    De NMa wacht niet alleen op signalen van buiten, zoals klachten en clementieverzoeken, maar probeert ook door eigen economisch onderzoek kartels op te sporen. Daartoe maakt de NMa kennelijk regelmatig een scan van de Nederlandse economie op basis van een combinatie en weging van publiek beschikbare gegevens over relevant geachte variabelen. Deze scan lijkt een rol te spelen bij het bepalen van de onderzoeksprioriteiten van de NMa1x Zie ook de speech van dR.J.P. Jansen, lid van de raad van bestuur van de NMa op het symposium ‘Mededingingsrecht in crisistijd’, Allen & Overy, woensdag 1 april 2009. en recent heeft een medewerker van de NMa gepubliceerd over de (vermeende) voorspelkracht en daarmee het nut van de scan. In deze bijdrage plaatsen we een aantal kritische kanttekeningen bij de bruikbaarheid van de methodiek die aan de scan ten grondslag ligt. We beschrijven eerst wat de NMa nu doet (de scan). Daarna komt het onderscheid tussen detectie op basis van marktstructuur en detectie op basis van gedrag aan bod, en bespreken we de problemen met de aanpak van de NMa, mede naar aanleiding van de beoordeling van de scan door de NMa zelf. Ten slotte bespreken we enkele aanvullende alternatieven voor economische detectie.

Noten

  • 1 Zie ook de speech van dR.J.P. Jansen, lid van de raad van bestuur van de NMa op het symposium ‘Mededingingsrecht in crisistijd’, Allen & Overy, woensdag 1 april 2009.


Dr. R. van der Noll
Dr. R. van der Noll is werkzaam bij SEO Economisch Onderzoek.

Drs. M. Visser
Drs. M. Visser is werkzaam bij RBB Economics.
Toont 121 - 140 van 338 gevonden teksten
1 2 3 4 5 7 9 10 11 16 17
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.