Zoekresultaat: 271 artikelen

x
Artikel

Knelpunten en mogelijkheden bij ruimtelijke ontwikkelingen binnen geurcontouren: de belangen van veehouderijen in de besluitvormingsprocedure

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2011
Trefwoorden Wet geurhinder en veehouderij, Besluit landbouw milieubeheer, geurgevoelige objecten, ruimtelijke ontwikkelingen, geurcontouren
Auteurs Mr. ing. E. Houwertjes
SamenvattingAuteursinformatie

    De rond een veehouderij gelegen geurcontouren dienen ertoe om geurhinder bij geurgevoelige objecten te reguleren. Milieurechtelijk gezien mogen daarbinnen in beginsel geen geurgevoelige objecten zijn gelegen. De geurcontouren gelden echter niet als grenswaarden in het ruimtelijke ordeningsrecht. Rechten van een bestaande veehouderij kunnen dan ook worden beperkt wanneer binnen een geurcontour geurgevoelige objecten worden geprojecteerd. De veehouderijen die onder de werking van het Besluit landbouw milieubeheer vallen worden daarbij ten opzichte van de vergunningplichtige veehouderijen, waarbij de vigerende vergunning in beginsel de bestaande rechten waarborgt, onevenredig benadeeld. Deze veehouderijen worden met de komst van de geurgevoelige objecten vergunningplichtig. Bestaande rechten worden in dat geval niet gewaarborgd door de Wet geurhinder en veehouderij. De situatie kan daardoor ontstaan dat een voorheen, onder het Besluit landbouw milieubeheer, legale veehouderij niet kan worden gelegaliseerd middels omgevingsvergunning. Om het voortbestaan van dergelijke veehouderijen te garanderen verdient het aanbeveling in het milieurecht een regeling op te nemen waarmee de bestaande rechten worden gewaarborgd.


Mr. ing. E. Houwertjes
Mr. ing. E. Houwertjes is jurist bij Milieudienst IJmond en in die hoedanigheid werkzaam in de unit Milieudienst Waterland (e-mail: ehouwertjes@milieudienst-waterland.nl).

    Terinzagelegging van schriftelijke stukken.

    Ondanks de wijziging van het besluit ten opzichte van het ontwerp is het verzuim om zienswijzen in te brengen niet verschoonbaar nu appellanten door deze wijziging niet zijn benadeeld.

    Wijziging/aanvulling aanvraag die ná terinzagelegging ontwerpbesluit plaatsvindt moet bij het besluit worden betrokken indien derden hierdoor niet worden benadeeld.

    Het niet inbrengen zienswijzen is in dit geval verschoonbaar.

    Beroep is ongegrond wanneer in het beroepschrift slechts wordt verwezen naar de ingebrachte zienswijzen tegen het ontwerpbesluit.


Mr. G.A. van der Veen
Mr. G.A. (Gerrit) van der Veen is advocaat omgevingsrecht en bestuursrecht bij AKD te Rotterdam en is tevens redactielid van TO.

    Procedureregels in planvoorschriften met betrekking tot besluiten tot het verlenen van vrijstelling respectievelijk wijziging van het bestemmingsplan.


Tonny Nijmeijer
Praktijk

Wetgevingscuriosa voor de West

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2010
Trefwoorden wetgeving, Statuut voor het Koninkrijk, BES, ministeriële regelingen
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan de inhoud en het proces rond de ‘wetten voor de West’ is inherent dat zich daarbij tal van bijzonderheden voordeden. Diverse saillante ‘curiosa’ worden in deze bijdrage beschreven. Onder andere wordt ingegaan op de omvorming van Nederlands-Antilliaanse regelingen tot Nederlandse ‘BES-regelingen’ en de bekendmaking daarvan. Ook komen terminologische kwesties ter sprake. Verder wordt ingegaan op de (record)omvang van de nieuwe wetgeving en de aanpassingswetgeving. Ook wetsprocedurele kwesties komen ter sprake, waaronder bijzonderheden rond de adviesprocedure bij de Raad van State, het houden van wetgevingsoverleg over voorstellen van rijkswet, de taal in het parlement en kwesties rond amendering door bijzondere gedelegeerden.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving van het ministerie van Veiligheid en Justitie.
Discussie

De AMvB Ruimte: rem op ontwikkeling nieuwe bedrijventerreinen?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden AMvB, ruimte, duurzaam, SER-ladder, bestemmingsplan
Auteurs Mr. dr. M. Klijnstra
SamenvattingAuteursinformatie

    De medio 2009 gepubliceerde ontwerp-AMvB Ruimte legt ter bevordering van diverse nationale, ruimtelijke belangen verplichtingen op aan provincies en gemeenten. Eén daarvan betreft het locatiebeleid inzake de ontwikkeling van nieuwe bedrijventerreinen en kantoren. Op grond van de ontwerp-AMvB moeten provincies via een provinciale verordening de gemeenten opdragen een verplichte afweging te maken omtrent de daadwerkelijke behoefte aan nieuwe locaties en de mogelijkheden in die behoefte te voorzien door herstructurering en intensivering van bestaande locaties. Dit verplichte afwegingskader betreft de toepassing van de zogenoemde SER-ladder. De vraag is echter onder meer of de ontwerp-AMvB wel iets toevoegt aan de reeds bestaande afspraken die Rijk, provincies en gemeenten op dit punt al hebben gemaakt.


Mr. dr. M. Klijnstra
Mr. dr. M. (Michael) Klijnstra is advocaat bij Lexence te Amsterdam.
Praktijk

Alles ineen: het combineren van uitvoeringsregels

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2010
Trefwoorden wetgevingstechniek, delegatie, Aanwijzingen voor de regelgeving, delegatiegrondslag, algemene maatregel van bestuur
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    Hoewel de Aanwijzingen voor de regelgeving over deze materie zwijgen, is er sprake van een tendens om gedelegeerde regelgeving ter uitvoering van een wet te combineren in één uitvoerings-AMvB en één ministeriële uitvoeringsregeling. Dit kan worden aangetoond aan de hand van diverse voorbeelden. Argumenten voor bundeling van de uitvoeringswetgeving zijn veelal het bevorderen van overzichtelijkheid en samenhang en het terugdringen van het aantal regelingen.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving van het ministerie van Justitie.
Artikel

Het Nederlandse voorstel voor implementatie van de gewijzigde Europese regels voor elektronische communicatie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8 2010
Trefwoorden elektronische communicatie, nieuwe Regelgevende Kader, NRF, New Regulatory Framework
Auteurs Mr. G.P. van Duijvenvoorde
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 26 november 2009 is het gewijzigde Europese kader voor elektronische communicatie in werking getreden. Met twee richtlijnen worden de richtlijnen die sinds 2002 het regelgevingskader vormden, gewijzigd om beter te zijn toegesneden op de technologische en marktontwikkelingen. Een voorbeeld van een technologische ontwikkeling is het snel toegenomen gebruik van mobiele data, als gevolg van bijvoorbeeld ‘internetten’ of films bekijken via de mobiele telefoon. Om tegemoet te komen aan deze ontwikkeling is nodig dat er voldoende frequentieruimte beschikbaar is, maar ook dat wordt gewaarborgd dat gebruikers zoveel mogelijk ongeacht de aard en omvang van hun gebruik internet kunnen (blijven) gebruiken (netneutraliteit). Daarnaast betrof een van de discussiepunten bij de voorbereiding van het gewijzigde Europese kader de bescherming van gebruikers bij het afsluiten van het gebruik van internet en is het in het definitieve Europese kader op dit punt tot een compromis gekomen. Naast de wijzigingen in de richtlijnen is ook met een verordening een nieuw orgaan van Europese regelgevers onder de naam BEREC opgericht om te adviseren aan de Commissie en de nationale toezichthouders.


Mr. G.P. van Duijvenvoorde
Mr. G.P. van Duijvenvoorde is als advocaat werkzaam bij KPN Telecom te Den Haag en is gastdocent bij de afdeling E-law@leiden van de Universiteit Leiden.

    Wijzigingsbevoegdheid mist objectieve criteria. Het langs elektronische weg beschikbaar stellen is niet hetzelfde als de mogelijkheid bieden om te downloaden.

Artikel

Hoe landelijke inspectiediensten omgaan met systeemtoezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2010
Trefwoorden systeemtoezicht, compliance management, metaregulation, zelfregulering, systeemgericht toezicht, toezicht
Auteurs Dr. ing. M.A. de Bree MBA
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel beschrijft wat inspectiediensten verstaan onder systeemtoezicht en hoe zij dit toepassen. Er blijken grote verschillen te zijn in zowel de gebruikte definities als in de praktische toepassing. De toezichthouder kan met behulp van systeemtoezicht, mits juist toegepast, ervoor zorgen dat grote bedrijven maatschappelijke belangen borgen in hun organisatie. De toezichthouder moet hierbij enerzijds niet te goedgelovig zijn en altijd fysieke controles blijven doen. Anderzijds moet hij ervoor waken niet overmatig te controleren waardoor de voordelen van systeemtoezicht weer teniet zouden worden gedaan. Systeemtoezicht en bestraffing verdragen elkaar slecht doordat bestraffing het leereffect negatief kan beïnvloeden.


Dr. ing. M.A. de Bree MBA
Dr. ing. M.A. de Bree MBA is directeur van Next Step Management B.V. en verbonden aan het Erasmus Instituut Toezicht & Compliance.

    Aan een ontwerpbesluit kan geen rechtens relevant vertrouwen worden ontleend.

Artikel

Projectbesluit, Wabo en overgangsrecht

Enkele knelpunten belicht

Tijdschrift StAB, Aflevering 3 2010
Auteurs Tycho Lam en Tonny Nijmeijer

Tycho Lam

Tonny Nijmeijer








Toont 141 - 160 van 271 gevonden teksten
1 2 3 4 5 6 8 10 11 12 13 14
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.