Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 457 artikelen

x
Jaar 2011 x
Artikel

Kroniek ontwikkelingen Europees aanbestedingsrecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2011
Trefwoorden aanbesteding, concessie, rechtsbescherming, defensie, kroniek
Auteurs Mr. A. van der Linden en Mr. M.J.J.M. Essers
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek worden de ontwikkelingen in het Europese aanbestedingsrecht belicht die zich hebben voor gedaan in de periode 1 juli 2010 tot 1 juni 2011. De kroniek sluit aan op de vorige kroniek die in november 2010 in NTER is gepubliceerd. Allereerst wordt de jurisprudentie van het Hof van Justitie besproken. Het betreft arresten over de werkingsfeer, de toepassing van de fundamentele beginselen van aanbestedingsrecht, de uitvoering van aanbestedingsprocedures en de rechtsbescherming. Vervolgens komen activiteiten van de Europese Commissie inzake beleidsvorming en wetgeving aan bod. De kroniek sluit af met enkele voorbeelden van handhaving van het aanbestedingsrecht door de Commissie, meer specifiek ten aanzien van de Nederlandse aanbestedingspraktijk.


Mr. A. van der Linden
Mr. A. van der Linden is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. M.J.J.M. Essers
Mr. M.J.J.M. Essers is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

RIE vervangt IPPC

Is de toepassing van BBT nu wél gewaarborgd?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2011
Trefwoorden BBT, IPPC, installatie, inrichting, emissies
Auteurs Mr. A. van Rossem
SamenvattingAuteursinformatie

    Eind 2010 is de Europese Richtlijn 2010/75/EU inzake industriële emissies (geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging) aangenomen, kortweg de Richtlijn Industriële Emissies (RIE). De RIE voegt de IPPC-richtlijn samen met zes sectorale richtlijnen met betrekking tot industriële emissies. Daarnaast zijn de bestaande richtlijnen aangepast. Een aantal voorschriften van de IPPC-richtlijn zijn ingrijpend gewijzigd om te waarborgen dat de ‘beste beschikbare technieken’ zoals reeds voorgeschreven in de IPPC-richtlijn in alle lidstaten coherent worden toegepast. In deze bijdrage ga ik in op deze wijzigingen en zal ik mogelijke implicaties voor de Nederlandse praktijk aanstippen.


Mr. A. van Rossem
Mr. A. van Rossem is advocaat bij NautaDutilh.
Praktijk

Informatieverlies en de tikkende tijdbom ‘WikiLeaks’

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2011
Trefwoorden WikiLeaks, uitlekken, vertrouwelijke informatie, gedragsregels, risico’s
Auteurs A.G. Wennekes
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt stilgestaan bij de risico’s en de gevaren die het uitlekken van vertrouwelijke informatie met zich mee kunnen brengen voor bedrijven. Aanleiding is de klokkenluiderssite ‘WikiLeaks’, waarop eind 2010 een grote hoeveelheid geheime informatie over onder andere de oorlog in Irak, politici en ambassadeurs van diverse landen werd geplaatst. Maar niet alleen overheden kunnen te maken krijgen met het lekken van gevoelige informatie. Veel bedrijven zijn zich onvoldoende bewust van het feit dat vertrouwelijke informatie gemakkelijk kan uitlekken en terecht kan komen bij iemand die het bedrijf zou kunnen schaden met de informatie. Met behulp van diverse praktijkvoorbeelden wordt in deze bijdrage in het kort uiteengezet op welke wijze er informatie van bedrijven wordt gelekt. Hiernaast worden de belangrijkste juridische aspecten van het uitlekken van informatie besproken. Daarbij wordt gekeken wat de juridische status is van een elektronisch bericht, een elektronische overeenkomst of een elektronische brief als informatievormen. Ten slotte worden kort enkele technische hulpmiddelen besproken die bedrijven kunnen helpen om informatieverlies te voorkomen of te beperken.


A.G. Wennekes
Mr. A.G. Wennekes is senior knowhow adviseur bij Loyens & Loeff te Rotterdam.
Casus

De zeven pijlers van corporate democracy

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2011
Trefwoorden corporate democracy, corporate governance, aandeelhoudersvergadering, algemene vergadering van aandeelhouders (AVA), virtuele aandeelhoudersvergadering
Auteurs Mr. dr. A. van der Krans
SamenvattingAuteursinformatie

    De zeven pijlers van een goede corporate democracy zijn: recht van initiatief, spreekrecht, stemrecht, recht op inlichtingen, opkomst en representativiteit, ordehandhaving en cohesie tussen economisch belang en juridische zeggenschap. Hoewel er bij elke pijler nog (veel) te wensen blijft, hebben alle pijlers zich de afgelopen jaren positief ontwikkeld. In deze bijdrage wordt een weergave gegeven van de belangrijkste ontwikkelingen en hun impact op de zeven pijlers van corporate democracy. Hiernaast bespreekt de auteur twee nieuwe ontwikkelingen binnen de investment community die een gevaar vormen voor de corporate democracy: het volledig geautomatiseerd handelen en portfoliodiversificatie gedreven door de Modern Investment Theory en kostenbewustzijn. Ten slotte wordt ingegaan op de vraag hoe investeerders het beste kunnen omgaan met deze ontwikkelingen met het oog op verantwoorde waardecreatie, waarbij ondernemingen niet alleen op strategisch en financiële criteria beoordeeld worden, maar ook op criteria voor sociale en milieu-impact, goed ondernemingsbestuur en duurzaamheid.


Mr. dr. A. van der Krans
Mr. dr. A. van der Krans is Officer Responsible Investment & Active Ownership bij Mn Services te Den Haag.
Casus

Franchise en mededingingsrecht: een bijzondere verhouding

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2011
Trefwoorden franchise, mededingingsrecht, concurrentiebeding, distributie, Groepsvrijstelling
Auteurs Mr. M.J. van Joolingen en mr. D.T.A. Noordeloos
SamenvattingAuteursinformatie

    In civiele procedures komt de verenigbaarheid van een franchiseovereenkomst met het mededingingsrecht regelmatig aan de orde. Uit de rechtspraak blijkt dat de mededingingsrechtelijke beoordeling soms te wensen overlaat of dat partijen argumenten laten liggen. In dit artikel komt eerst de mededingingsrechtelijke context van franchise aan de orde. Vervolgens worden de vanuit het mededingingsrechtelijk perspectief meest essentiële onderdelen van een franchiseovereenkomst toegelicht aan de hand van de Europese wetgeving en rechtspraak. Enerzijds wordt hierin de noodzaak tot bescherming van de franchisegever of het franchisenetwerk erkend. Anderzijds wordt gesteld dat de aard van franchise niet zo bijzonder is dat zij zich volledig kan ontrekken aan het mededingingsrecht.


Mr. M.J. van Joolingen
Mr. M.J. van Joolingen is advocaat bij Banning te Den Bosch.

mr. D.T.A. Noordeloos
Mr. D.T.A. Noordeloos is advocaat bij Banning te Den Bosch.
Artikel

Twintig jaar nieuwe aansprakelijkheden voor personen

Over de (beperkte) betekenis van art. 6:171 en 6:172 BW

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2011
Trefwoorden kwalitatieve aansprakelijkheid, vertegenwoordigers, niet-ondergeschikten, begrenzing, schadevergoeding
Auteurs Mr. R.D. Lubach
SamenvattingAuteursinformatie

    Bijna twintig jaar na de inwerkingtreding wordt mede aan de hand van recente rechtspraak de balans opgemaakt van twee van de noviteiten die het BW destijds introduceerde: de aansprakelijkheid voor zelfstandige hulppersonen (art. 6:171 BW) en de aansprakelijkheid voor vertegenwoordigers (art. 6:172 BW). Wat hebben de artikelen de rechtspraktijk gebracht?


Mr. R.D. Lubach
Mr. R.D. Lubach is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.
Discussie

Een haalbaarheidsstudie naar een optioneel instrument

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2011
Trefwoorden optioneel instrument, Europese commissie, oneerlijke bedingen, afgebroken onderhandelingen, bevoegdheid, Rome I Vo
Auteurs Mr. dr. J.W. Rutgers
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur behandelt in haar bijdrage thema’s rondom het concept optioneel instrument zoals de Europese Commissie dat op 3 mei 2011 op haar website heeft gepubliceerd. Zij bespreekt achtereenvolgens de context waarin de Europese Commissie het concept optioneel instrument plaatst, de vraag of er een bevoegdheid is in de Europese verdragen om tot vaststelling van een optioneel instrument te kunnen komen en wat de verhouding tot Rome I Vo is. Ten slotte gaat de auteur in op de inhoud van het document en licht er twee onderwerpen uit: het afbreken van onderhandelingen en de toetsing van oneerlijke bedingen.


Mr. dr. J.W. Rutgers
Mr. dr. J.W. Rutgers is universitair hoofddocent Afdeling Privaatrecht, Juridische Faculteit VU en raadsheer-plaatsvervanger bij het Gerechtshof te Amsterdam.

    In een redactioneel artikel geeft de redactie een toelichting op het tijdschriftnummer in kwestie.

Praktijk

Postcontractuele goede trouw en de reden voor ontbinding

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2011
Trefwoorden afgebroken onderhandelingen, Plas/Valburg, onvoorziene omstandigheden, redelijkheid en billijkheid, ontbinding
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur twee arresten van de Hoge Raad over het onderscheid tussen de precontractuele en de postcontractuele fase voor het afbreken van onderhandelingen. Tevens bespreekt de auteur een arrest van de Hoge Raad waarin de Hoge Raad een oordeel gaf over de eisen die aan een buitengerechtelijke ontbindingsverklaring worden gegeven.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

Ken je ‘aandeelhouders’

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 9 2011
Trefwoorden cash settled instrumenten, meldingsplicht, contract for difference, artikel 5:45 Wft
Auteurs Mr. D.S. Mansur
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur enkele aspecten van het wetsvoorstel ‘Wijziging van de Wet op het financieel toezicht in verband met introductie van een meldingsplicht voor bepaalde cash settled instrumenten’.


Mr. D.S. Mansur
Mr. D.S. Mansur is werkzaam als advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Welke redelijkheid? Verplicht kiezen tussen uitleg en beperking

Bespreking van HR 21 januari 2011, NJ 2011, 176 m.nt. MMM, LJN BO5203

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2011
Trefwoorden redelijkheid en billijkheid, uitleg, beperkende werking, ambtshalve aanvulling
Auteurs Mr. drs. A.W. van der Veen
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad dwong in het besproken arrest een keuze tussen redelijke uitleg en beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid af. De verhouding tussen beide werd nader onderzocht, mede in het licht van de klassieker Rederij Koppe. Onderscheid blijft noodzakelijk: zowel toetsingsmaatstaven als de mogelijkheden voor de rechter verschillen.


Mr. drs. A.W. van der Veen
Mr. drs. A.W. van der Veen is advocaat bij Houthoff Buruma te Den Haag.
Artikel

Onvoorziene omstandigheden en het Nederlandse recht

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2011
Trefwoorden onvoorziene omstandigheden, Nederlands recht, receptief stelsel, artikel 6:258 BW
Auteurs Prof. mr. E.H. Hondius
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn bijdrage beziet de auteur hoe het Nederlandse recht naar Mombergs onderscheiding zou moeten worden gekwalificeerd: als een receptief of als een niet-receptief stelsel. Dit onderscheid door Momberg is gebaseerd op de ‘(al dan niet) ontvankelijkheid van een rechtsstelsel voor erkenning van de juridische relevantie van gewijzigde omstandigheden, waarbij aan de belanghebbende partij in een dergelijk geval de mogelijkheid wordt geboden om te kunnen vertrouwen op een stelsel van rechtsvorderingen’. De auteur meent dat het Nederlandse recht bij de receptieve stelsels moet worden ingedeeld.


Prof. mr. E.H. Hondius
Prof. mr. E.H. Hondius is als faculteitshoogleraar Europees privaatrecht verbonden aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

De (kwalitatieve) aansprakelijkheid voor schade door een blow out of bodembeweging

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 9 2011
Trefwoorden kwalitatieve aansprakelijkheid, exploitatie, mijnbouwwerken, Mijnbouwwet, operator
Auteurs Mr. C.L. Klapwijk
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op het aansprakelijkheidskader voor exploitanten van mijnbouwwerken. Daartoe worden allereerst de relevante regelingen uit de Mijnbouwwet uiteengezet. De Mijnbouwwet bevat onder meer een regeling voor de aansprakelijkheid voor kosten van verwijdering van een mijnbouwwerk dat niet meer in gebruik. Daarna wordt ingegaan op afdeling 6.3.2 van het Burgerlijk Wetboek. Deze afdeling bevat de civielrechtelijk regels voor aansprakelijkheid voor boorputten (mijnbouwwerken).


Mr. C.L. Klapwijk
Mr. C.L. Klapwijk is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff te Rotterdam.
Artikel

Spraakmakend BGH-arrest over belangenconflicten bij swap-advisering door banken

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 9 2011
Trefwoorden beleggingsadvies, belangenconflict, Bundesgerichtshof, Swap, negatieve marktwaarde
Auteurs Mr. R.J.W. Analbers en Mr. F.P.C. Strijbos
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs bespreken de spraakmakende Duitse uitspraak over het adviseren tot het aangaan van zogenoemde spread ladder swaps. Het Bundesgerichtshof heeft bepaald dat voorafgaand aan het afsluiten van een dergelijke swap een voor de cliënt initiële negatieve marktwaarde openbaar moet worden gemaakt.


Mr. R.J.W. Analbers
Mr. R.J.W. Analbers is werkzaam als advocaat bij Clifford Chance te Amsterdam.

Mr. F.P.C. Strijbos
Mr. F.P.C. Strijbos is werkzaam als wetenschappelijk medewerker bij Clifford Chance te Amsterdam en als promovendus verbonden aan het Onderzoekscentrum Onderneming en Recht te Nijmegen.

Maud Piers
Maud Piers is redactielid van TMD.

Annie de Roo
Annie de Roo is hoofdredacteur van TMD.

    This article examines the Belgian legislation aimed at safeguarding the confidential nature of mediation. It takes the perspective of all actors involved in the mediation process: the parties to the dispute, the mediator and experts or witnesses who participate in the mediation.


Ken Andries
Ken Andries is redactielid van TMD.
Artikel

Arbitrage en het draagvlak bij insolventieprocedures

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 3 2011
Trefwoorden Arbitrage, Insolventie, toepasselijk recht, praktische gevolgen
Auteurs Dirk De Meulemeester
SamenvattingAuteursinformatie

    An arbitrator and the parties can be confronted with an insolvent party. In such event the arbitrator will have to integrate the effects of the insolvency into the arbitration proceedings and consider several precautions in order to render a valid and enforceable award. The main principle when tackling most of these issues is the equality of creditors. Another issue can be the identification of the applicable (system of) law. The effect of the insolvency can vary considerably depending thereon. In domestic arbitration this will not be an issue. Also, when the parties all come from EU-member states, the identification of the applicable law and the effects of the insolvency are covered by the European Insolvency Regulation. But in other international disputes the relationship between bankruptcy law and arbitration can be complex and uncertain. To illustrate the difficulty of the issues the Syska Vivendi case serves as an excellent example. Finally we describe the impact on the way the arbitration is conducted by the tribunal and on the administration and supervision of the arbitration by the institution.


Dirk De Meulemeester
Dirk De Meulemeester is advocaat.
Artikel

The relationship between arbitrators and the administrative and judicial organs of the EU

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 3 2011
Trefwoorden International Commercial Arbitration, EC Commission, arbitral discretion, third parties
Auteurs Joanna Kolber
SamenvattingAuteursinformatie

    Arbitration cases involving EC competition law may create difficulties for arbitrators with regard to their attitude towards the EU organs. The article discusses aspects of this relationship. The article specifically evaluates the (non-)application in arbitration of the regime for EC Commission’s relationship with member states’ courts as well as the EC Commission’s role as a third party in arbitrations. The article then analyses circumstances of the possible co-operation of arbitrators with the EC Commission and the conditions for its smooth running. The article subsequently looks at the effects of the Commission’s decisions on arbitration as well as the effects of the arbitral awards on the Commission. The article considers the lack of a relationship between arbitrators and the European Court of Justice in light of the Court’s jurisprudence, and the relevance of the Court’s jurisprudence for particular arbitrations.


Joanna Kolber
Joanna Kolber is master in law.
Artikel

Naar een Nederlandse Omgevingsautoriteit

Een pleidooi voor onafhankelijk milieutoezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2011
Trefwoorden toezicht, milieutoezicht, milieuhandhaving, Europees milieurecht, eerlijke concurrentieverhoudingen
Auteurs Prof. mr. G.A. Biezeveld en Mr. M.C. Stoové
SamenvattingAuteursinformatie

    In het artikel wordt onderzocht in hoeverre verband bestaat tussen de mate van effectiviteit van milieutoezicht en de mate van onafhankelijkheid van dit toezicht. Aanleiding zijn onder meer diverse milieu-incidenten (Thermphos, Probo Koala) en het niet op orde zijn van het milieutoezicht. Voor bestuurders is milieutoezicht een haast onmogelijke opgave. De organisatie van het milieutoezicht wordt getoetst aan de Nederlandse en Europese eisen aan toezicht. Geconcludeerd wordt dat gebrek aan onafhankelijkheid van milieutoezicht een belangrijke oorzaak van de bestaande problemen is. De auteurs doen aanbevelingen voor het oprichten van een Nederlandse Omgevingsautoriteit.


Prof. mr. G.A. Biezeveld
Prof. mr. G.A. Biezeveld is bijzonder hoogleraar milieurecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en coördinerend milieu-officier van justitie bij het Functioneel Parket van het Openbaar Ministerie. Tevens is hij redactielid van Tijdschrift voor Toezicht.

Mr. M.C. Stoové
Mr. M.C. Stoové is senior beleidsmedewerker bij het Functioneel Parket. Eerder heeft zij gewerkt als bestuursrechtadvocaat, met als specialisatie milieurecht en ruimtelijke-ordeningsrecht.
Discussie

Onafhankelijkheid van toezicht is wel/niet essentieel

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2011
Auteurs Mr. C.A. Fonteijn en Prof. J.M. Barendrecht
Auteursinformatie

Mr. C.A. Fonteijn
Mr. C.A. Fonteijn is voorzitter van de raad van bestuur van de NMa, collegevoorzitter van de OPTA en voorzitter van BEREC (Body of European Regulators for Electronic Communications).

Prof. J.M. Barendrecht
Prof. J.M. Barendrecht is hoogleraar privaatrecht aan de UvT (TISCO, Tilburg Institute for the Interdisciplinary Studies of Civil Law and Conflict Resolution Systems) en 2011 Rule of Law Chair bij het Hague Institute for the Internationalisation of Law.
Toont 141 - 160 van 457 gevonden teksten
1 2 3 4 5 6 8 10 11 12 22 23
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.