Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 298 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Article x
Artikel

Access_open De betekenis van de Algemene wet bestuursrecht voor Curaçao

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Awb, Lar, bestuursrecht, Koninkrijk, analoge toepassing
Auteurs Prof. mr. L.J.J. Rogier
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat de auteur stil bij het belang van de Nederlandse Algemene wet bestuursrecht (Awb) voor de rechtspraktijk in Curaçao. Met de Awb wordt nader betekenis gegeven aan bestuursrechtelijke regels die in Curaçao niet zijn opgeschreven of veel minder zijn uitgewerkt. De vragen die rijzen zijn of dat wel altijd kan en zo ja, aan welke grenzen het overnemen of analoog toepassen van regels uit de Awb in Curaçao dan is gebonden.


Prof. mr. L.J.J. Rogier
Prof. mr. L.J.J. Rogier is hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de University of Curaçao. Hij is tevens redactielid van het Caribisch Juristenblad.
Artikel

Access_open Kanttekeningen bij Boskalis/Fugro

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7 2018
Trefwoorden agenderingsrecht (art. 2:114a BW), bevoegdheidsverdeling bestuur/algemene vergadering, beleid, strategie en vennootschappelijk belang, inrichtingsvrijheid, ontslag
Auteurs Prof. mr. B.F. Assink
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze kanttekeningen bij Boskalis/Fugro omvatten de reikwijdte van artikel 2:114a BW (art. 2:224a BW), de doorwerking van Europees recht in dat verband, verdeling van bevoegdheden tussen bestuur en algemene vergadering ook aangaande beleid en strategie, en de relevantie van artikel 2:129 BW en artikel 2:107 BW ter zake.


Prof. mr. B.F. Assink
Prof. mr. B.F. Assink is advocaat bij NautaDutilh, hoogleraar Ondernemingsrecht aan Erasmus School of Law (EUR), en redacteur van WPNR.
Artikel

De constitutionele advisering door de Venice Commission

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2018
Auteurs Prof. mr. drs. B.P. Vermeulen en Mr. dr. A. Jasiak
SamenvattingAuteursinformatie

    De Venice Commission heeft zich sinds 1990 ontwikkeld tot een gezaghebbende constitutioneel raadgever met betrekking tot de verenigbaarheid van (grond)wetgeving met de beginselen van de rule of law, mensenrechten en democratie voor de lidstaten van de Raad van Europa. Besproken wordt wat de Commissie is, wat zij doet en hoe zij dat doet. Vervolgens wordt ingegaan op de maatstaven die zij hanteert, en de specifieke uitdagingen die haar internationale positie, mede gezien het opkomend populisme en het spanningsveld tussen democratie en rechtsstaat, met zich brengen voor de mate van terughoudendheid in haar oordeelsvorming. Daarbij wordt specifiek ingegaan op de ‘casus Polen’.


Prof. mr. drs. B.P. Vermeulen
Prof. mr. drs. B.P. (Ben) Vermeulen is lid van de Raad van State en lid van de Venice Commission (2007-2011 substituut-lid).

Mr. dr. A. Jasiak
Mr. dr. A. (Anna) Jasiak is sectorhoofd (sectie III) in de Afdeling advisering van de Raad van State; in 2014 was zij gedetacheerd bij het secretariaat van de Venice Commission.

    Iedereen wil betere kwaliteit van wetgeving, maar het daadwerkelijk realiseren hiervan is gemakkelijker gezegd dan gedaan. De rijksbrede wetgevingstoetsing, onder verantwoordelijkheid van het ministerie van Justitie en Veiligheid, levert hieraan op verschillende manieren een bijdrage. De auteur gaat in op de organisatie en meerwaarde van de rijksbrede wetgevingstoetsing en de dilemma’s die hierbij spelen. Ook komen de effecten van de toetsing aan de orde, de relatie met de Raad van State en de parlementaire aandacht voor wetgevingskwaliteit. Aan de hand van internationale ontwikkelingen worden verder te onderzoeken opties geschetst voor de toekomstige ontwikkeling van de rijksbrede wetgevingstoetsing.


Drs. S.A.P.J. van Melis
Drs. S.A.P.J. (Suzanne) van Melis is strategisch raadadviseur en coördinator rijksbrede wetgevingstoetsing bij de sector Juridische Zaken en Wetgevingsbeleid, directie Wetgeving en Juridische Zaken, ministerie van Justitie en Veiligheid.
Artikel

Access_open Experimentenwet: carte blanche verdient nadere overweging

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Experimenteren, Fundamentele beginselen van procesrecht, Innovatie, Artikel 86 Rv
Auteurs Mr. P. Ingelse
SamenvattingAuteursinformatie

    Tot 1 juni lag een wetsvoorstel Experimentenwet rechtspleging ter consultatie voor. Volgens dit voorstel krijgt de regering met het oog op innovatie van de rechtspraak voor onbepaalde tijd de bevoegdheid om bij AMvB te experimenteren met het Nederlands burgerlijk procesrecht. Concreet wordt onder meer gedacht aan experimenten met een eenvoudige procedure voor het MKB, met een deskundige lekenrechter naast de gewone rechter en met een harmonieuze alternatieve echtscheidingsprocedure. De experimenten moeten blijven binnen de grenzen van EU-recht, verdragen en de fundamentele beginselen van procesrecht, maar verder is de bevoegdheid vrijwel ongeclausuleerd.
    Het is de vraag of deze bevoegdheid strookt met (de strekking van) de Grondwet en past binnen de staatrechtelijke verhoudingen. De bevoegdheid is hoe dan ook te ruim doordat het experimenten mogelijk maakt en ook daadwerkelijk beoogt die de verwezenlijking van burgerlijke rechten en verplichtingen – tegen de wil van (een van) partijen – kan aantasten.
    De wetgever moet zich driemaal bedenken voordat hij een dergelijke twijfelachtige en grotendeels onnodige carte blanche in handen van de AMvB-regelgever speelt.
    Dat neemt niet weg dat de rechtspraak er zeker naar moet streven de civiele procedure eenvoudiger, sneller, flexibeler en effectiever te maken, waar nodig en aanvaardbaar met experimenten. Nog lang niet alle inventiviteit en creativiteit is uitgeput. Die experimenten hebben echter alleen zin, indien de financiële middelen worden verschaft om de consequenties te trekken uit een geslaagd experiment.


Mr. P. Ingelse
Mr. P. Ingelse is mediator/arbiter bij ReulingSchutte te Amsterdam. Tot begin 2015 was hij lid van het Gerechtshof Amsterdam, laatstelijk als voorzitter van de Ondernemingskamer.
Artikel

Access_open Algoritmische besluitvorming en het kartelverbod

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2018
Trefwoorden kartelverbod, dynamische prijsstelling, kunstmatige intelligentie, big data, algoritmische besluitvorming
Auteurs Anna Gerbrandy en Bart Custers
Auteursinformatie

Anna Gerbrandy
Prof. dr. mr. A. Gerbrandy is hoogleraar mededingingsrecht aan de Universiteit Utrecht.

Bart Custers
Mr. dr. ir. B.H.M. Custers is associate professor en onderzoeksdirecteur bij eLaw, het centrum voor recht en digitale technologie van de Universiteit Leiden.
Artikel

Ziet u de UBO(men) door het bos nog?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2018
Trefwoorden vierde anti-witwasrichtlijn, vijfde anti-witwasrichtlijn, UBO, registratieverplichting, openbare informatie
Auteurs Mr. M.A.R. Vonk
SamenvattingAuteursinformatie

    De vierde anti-witwasrichtlijn introduceert een nieuwe verplichting in de strijd tegen witwassen en financiering van terrorisme. EU-lidstaten moeten bewerkstelligen dat van entiteiten die zijn opgericht op hun grondgebied, informatie over de ‘uiteindelijk belanghebbende’ centraal wordt geregistreerd en deels openbaar toegankelijk is. De auteur geeft in deze bijdrage een praktische weergave van de (mogelijke) inhoud van deze nieuwe verplichting.


Mr. M.A.R. Vonk
Mr. M.A.R. Vonk is als Juridisch adviseur Ondernemingsrecht werkzaam bij Bureau Vaktechniek van BDO Accountants & Belastingadviseurs te Tilburg.
Artikel

De betekenis van het Interbestuurlijk Programma voor het waterbeheer

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Interbestuurlijk Programma, Bestuursakkoord Water, waterbeheer
Auteurs Mr. dr. H.J.M. (Herman) Havekes
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur het Interbestuurlijk Programma voor het waterbeheer, dat op 14 februari 2018 is gepresenteerd.


Mr. dr. H.J.M. (Herman) Havekes
Mr. dr. H.J.M. Havekes werkt bij de Unie van Waterschappen.
Artikel

Hier zit een luchtje aan. Over het wegwerken van afvalstoffen door co-vergisting

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Environmental crime, Crime script analysis, Green criminology, Waste
Auteurs Shanna Mehlbaum MSc.
SamenvattingAuteursinformatie

    Fermentation production processes for biofuel lead to sustainable energy, but the fermenters can also be used to dispose illegal wastes. Although it’s known that the fermentation business is susceptible for illegal behavior, so far little empirical research is carried out about the modus operandi and criminogenic factors. In this study a crime script analysis (CSA) is conducted to map the criminal process. This analysis shows that the true nature of the illegal waste is concealed by trading without or with falsified (transport) documents and illegal blending. Legal traders operate illegal and form the crucial connection between disposers and end receivers. Criminogenic factors, such as complexity of regulation and inspection, European policy differences and the lack of profitability of the fermenters, make the branch vulnerable for criminal behavior. Intervention options are formulated per phase of the criminal process and aim at prevention or increasing the chance being caught.


Shanna Mehlbaum MSc.
S.L. Mehlbaum, MSc. is criminoloog en eigenaar van Mehlbaum Onderzoek.
Artikel

Van sancties naar schadeclaims?

Een analyse van de publiekrechtelijke handhaving van het mededingingsrecht bij inbreuken door natuurlijke personen en een verkenning van de civielrechtelijke handhavingsmogelijkheden

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2018
Trefwoorden boete, ACM, natuurlijke personen, schadeclaim, handhaving
Auteurs Linde Bremmer
SamenvattingAuteursinformatie

    Natuurlijke personen kunnen nu ruim tien jaar, sinds 1 oktober 2007, door de Autoriteit Consument en Markt (ACM) een boete opgelegd krijgen voor betrokkenheid bij overtredingen van de Mededingingswet. Het tienjarige jubileum van deze bevoegdheid van de ACM vormt een goede aanleiding de balans op te maken van de handhaving van het mededingingsrecht bij inbreuken door natuurlijke personen. In dit artikel wordt niet alleen een analyse gemaakt van de huidige boetetoemeting aan natuurlijke personen door de ACM. Ook wordt vooruitgekeken naar nieuwe rechtsontwikkelingen op het gebied van (civielrechtelijke) handhaving van het mededingingsrecht met betrekking tot natuurlijke personen. Zo wordt onderzocht in hoeverre het reëel is schadevorderingen jegens feitelijke leidinggevers in te dienen.


Linde Bremmer
Mr. L.L. Bremmer LLM is advocaat bij Stek te Amsterdam.
Artikel

Onderzoek naar de mogelijke juridische integratie van de Elektriciteits-, Gas- en Warmtewet en een uniform toezicht op de energiesector

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Integrale energiewet, energietransitie, toezicht, ACM
Auteurs Saskia Lavrijssen, Frits van der Velde, Patrick Köpsel Sanz e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage geeft de belangrijkste bevindingen weer van een onderzoek naar de vraag in hoeverre integratie van de Nederlandse Gas-, Elektriciteits- en Warmtewet en de stroomlijning van het toezicht hierop mogelijk is. Op basis van de bevindingen van dit onderzoek zijn drie belangrijke conclusies te trekken. Allereerst bestaan grote mogelijkheden tot integratie van de Gaswet en Elektriciteitswet 1998 en de uniformering van het toezicht hierop. Desalniettemin bestaan ook barrières tot integratie. Zo leiden de begripsomschrijvingen van de kernbegrippen tot problemen voor integratie. Dit probleem wordt verergerd door de recente inwerkingtreding van de Europese netwerkcodes door de Europese Commissie, die buiten het bestek van dit onderzoek vallen. Daarnaast bestaan grote verschillen tussen de Warmtewet enerzijds en de Gas- en Elektriciteitswet anderzijds, omdat de bepalingen uit de Warmtewet een gebrek aan vergelijkbare artikelen vertonen. Daarom kan worden geconcludeerd dat de huidige Warmtewet nog niet te integreren is met de huidige Elektriciteitswet 1998 en Gaswet. Ten derde komen de meeste belemmeringen voort uit Nederlands beleid. Dit betekent dat de Nederlandse wetgever de ruimte heeft om de verschillende bepalingen aan te passen en te integreren. Op basis van bovenstaande conclusies en wanneer er speciale aandacht aan het begrippenkader wordt gegeven lijkt het mogelijk om een integrale energiewet met geharmoniseerd toezicht door de Autoriteit Consument en Markt in de elektriciteits- en gasmarkt te creëren, mits de grenzen van het Europees recht en technologische kenmerken van de markten worden gerespecteerd.


Saskia Lavrijssen
Prof. dr. S. Lavrijssen is hoogleraar Economic Regulation and Market Governance aan Tilburg University.

Frits van der Velde
Drs. F. van der Velde is senior beleidsadviseur bij VEMW.

Patrick Köpsel Sanz
Patrick Köpsel Sanz is master student aan Tilburg University.

Glenn Heusschen
Glenn Heusschen is master student aan Tilburg University.
Artikel

Access_open The untouchables

Reactie op ‘Het lichaam van de niet-uitvoerende bestuurder’

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2018
Trefwoorden rechtspersoon-bestuurder, rechtspersoon-commissaris, niet-uitvoerende bestuurder, one-tier board
Auteurs Prof. mr. M.L. Lennarts
SamenvattingAuteursinformatie

    De Roo verdedigde onlangs in dit tijdschrift de stelling dat tot nog toe niet is gebleken van overtuigende redenen om de vervulling van de niet-uitvoerende bestuurdersfuncties te beperken tot natuurlijke personen. In deze bijdrage plaatst de auteur een aantal kanttekeningen bij deze stelling en de onderbouwing daarvan. Daarbij stelt zij de wijze waarop de rechtspersoon-bestuurder thans in Nederland is geregeld ter discussie.


Prof. mr. M.L. Lennarts
Prof. mr. M.L. Lennarts is hoogleraar vergelijkend ondernemingsrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en hoogleraar ondernemingsrecht aan de Universiteit Utrecht.
Overheidsaanbestedingen

Access_open Geen vereenzelviging van moeder- en dochtermaatschappij ten aanzien van aanbestedingsplicht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden aanbestedende dienst, publiekrechtelijke instelling, (quasi-)inbesteden
Auteurs Mr. E.E. Zeelenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    De zaak heeft betrekking op een dochtermaatschappij van de Litouwse (staats)Spoorwegen. Deze dochtermaatschappij draait 90 procent van haar omzet op opdrachten van de Litouwse Spoorwegen. De vraag rijst of deze dochtermaatschappij een aanbestedende dienst is. Het Hof van Justitie oordeelt dat daartoe moet worden getoetst aan de criteria voor kwalificatie als publiekrechtelijke instelling. De advocaat-generaal was overigens een andere mening toegedaan.
    HvJ 5 oktober 2017, zaak C-567/15, LitSpecMet UAB/Vilniaus lokomotyvų remonto depas UAB, ECLI:EU:C:2017:736 en Conclusie A-G Campos Sánchez-Bordona 27 april 2017, zaak C-567/15, LitSpecMet UAB/Vilniaus lokomotyvų remonto depas UAB, ECLI:EU:C:2017:319


Mr. E.E. Zeelenberg
Mr. E.E. (Elise) Zeelenberg is advocaat aanbestedingsrecht bij Hekkelman Advocaten & Notarissen.
Artikel

Een eerste stap in de implementatie van de herziene Aandeelhoudersrichtlijn

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden aandeelhoudersrechten, beloningsbeleid, transparantie, langetermijnbetrokkenheid, corporate governance
Auteurs Mr. T.C.A. Dijkhuizen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat het door de wetgever gepubliceerde Voorontwerp ter implementatie van de Aandeelhoudersrichtlijn, alsmede de langetermijnbetrokkenheid van aandeelhouders centraal. De auteur besteedt hierbij ook aandacht aan enige consultatiereacties van diverse Nederlandse stakeholders.


Mr. T.C.A. Dijkhuizen
Mr. T.C.A. Dijkhuizen is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam en als promovendus verbonden aan de afdeling Ondernemingsrecht en het Hazelhoff Centre for Financial Law van Universiteit Leiden.
Staatssteun

Market economy operator: de economische ratio van een crediteurenakkoord is bepalend

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden staatssteun, criterium van de marktdeelnemer in een markteconomie, insolventie, crediteurenakkoord, onderzoekverplichtingen van de Europese Commissie
Auteurs Mr. D. Ninck Blok en Mr. G. Van der Wal
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie en het Gerecht hebben in hun arresten in de langlopende zaak Frucona Košice voor de toepasselijkheid en toepassing door de Commissie van het beginsel van de marktdeelnemer in een markteconomie (‘market economy operator’ (MEOP)) duidelijke regels vastgesteld. Het arrest Frucona Košice zet de lijn van eerdere jurisprudentie verder door een objectieve economische toets van de transactie bij de beoordeling van het voordeelcriterium centraal te stellen. De subjectieve gedragingen of bewustheid van de overheidsinstanties zijn daarbij ondergeschikt.
    HvJ 20 september 2017, zaak C-300/16 P, Europese Commissie/Frucona Košice, ECLI:EU:C:2017:706.


Mr. D. Ninck Blok
Mr. D. (Doortje) Ninck Blok is werkzaam als advocaat Europees en mededingingsrecht bij Windt Le Grand Leeuwenburgh te Rotterdam.

Mr. G. Van der Wal
Mr. G. (Gerard) van der Wal is werkzaam als advocaat Europees en mededingingsrecht bij Windt Le Grand Leeuwenburgh te Rotterdam.
Artikel

Dienstenrichtlijn en bestemmingsplan

Over een ‘goede ruimtelijke ordening’ en de ‘twijfel aan de juistheid’-toets

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Dienstenrichtlijn, Europees recht, ruimtelijke ordening, bestemmingsplan
Auteurs Prof. mr. A.G.A. (Tonny) Nijmeijer
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn bijdrage gaat de auteur in op een tweetal vragen: (1) Strookt het Nederlandse criterium ‘goede ruimtelijke ordening’ van artikel 3.1 lid 1 van de Wet ruimtelijke ordening met het in de Dienstenrichtlijn opgenomen verbod op het hanteren van economische criteria voor de toelating en het verrichten van diensten? (2) Wat betekenen de in artikel 15 lid 3 van de Dienstenrichtlijn opgenomen eisen, met name de eis van evenredigheid, voor de motivering van een bestemmingsplan en de rechterlijke toetsing?


Prof. mr. A.G.A. (Tonny) Nijmeijer
Prof. mr. A.G.A. Nijmeijer is hoogleraar bestuursrecht, in het bijzonder het omgevingsrecht, aan de Radboud Universiteit Nijmegen en verbonden aan Hekkelman advocaten in Nijmegen. Hij is tevens rechter-plaatsvervanger in de Rechtbank Gelderland.
Artikel

De gevolgen van het arrest ‘Visser Vastgoed’ op de ruimtelijke regulering van kleinhandelsactiviteiten in het Vlaamse Gewest

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Dienstenrichtlijn, Europees recht, Vlaams recht, Handelsvestigingsbeleid, bestemmingsplanM
Auteurs Mr. I. (Isabelle) Larmuseau en Mr. M. (Matthias) Strubbe
SamenvattingAuteursinformatie

    Auteurs geven aan dat de ruimtelijke regulering van kleinhandelsactiviteiten in het Vlaamse Gewest twee niveaus kent: (1) het vergunningenniveau, hetgeen betekent dat voor het uitvoeren van kleinhandelsactiviteiten, boven bepaalde drempels, een omgevingsvergunning is vereist; (2) het ruimtelijk planniveau, hetgeen betekent dat ruimtelijke ordeningsplannen beperkingen op kleinhandel kunnen bevatten om ruimtelijke redenen of met het oog op de verwezenlijking van de doelstellingen van het integraal handelsvestigingsbeleid. Zij gaan in op het Decreet van 15 juli 2016 betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid en op de mogelijke gevolgen van het Hofarrest voor Vlaamse besluitvorming ten aanzien van plannen en vergunningen.


Mr. I. (Isabelle) Larmuseau
Mr. I. Larmuseau is verbonden aan LDR-Advocaten in Omgevingsrecht in Gent/Brugge. Zij is tevens docent omgevingsrecht aan de KU Leuven en voorzitter van de Vlaamse Vereniging voor Omgevingsrecht.

Mr. M. (Matthias) Strubbe
Mr. M. Strubbe is verbonden aan LDR-Advocaten in Omgevingsrecht in Gent/Brugge.
Artikel

Extra bescherming van Nederlandse beursondernemingen: noodzaak of hypocrisie?

Verslag van het Eumedion-symposium 2017

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden beschermingsmaatregelen, bedenktijd, agenderingsrecht, aandeelhoudersactivisme, langetermijnwaardecreatie
Auteurs Mr. T.A. Keijzer
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van het Eumedion-symposium van 17 november 2017 bespreekt de auteur recente ontwikkelingen in het Nederlandse corporate governance-landschap, specifiek de mogelijkheden voor beursvennootschappen om zich te beschermen tegen een ongewenste overname. In dat kader wordt onder meer ingegaan op het agenderingsrecht van aandeelhouders, de aangekondigde invoering van de bedenktijd en de voorgenomen afschaffing van de dividendbelasting.


Mr. T.A. Keijzer
Mr. T.A. Keijzer is promovendus bij de sectie Ondernemings- en Financieel Recht van de Erasmus Universiteit Rotterdam en verbonden aan het Instituut voor Ondernemingsrecht (IvO) en het IvO Center for Financial Law & Governance (ICFG).
Artikel

VPH en dwangpsychiatrie: hoe verder?

Een aanzet voor een principieel debat

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 1 2018
Trefwoorden VPH, Dwangpsychiatrie, Discriminatie
Auteurs Mr. dr. S.P.K. Welie en mr. drs. T.P. Widdershoven
SamenvattingAuteursinformatie

    Vanuit VN-verband is aangegeven dat de regulering van dwangpsychiatrie zoals die in Nederland bestaat in het kader van de Wet Bopz en haar beoogde opvolgster, de Wvggz, strijdig is met het door Nederland geratificeerde VN-Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap (VPH). Deze strijdigheid is vanuit het kabinet echter ontkend. Bij beide visies worden kanttekeningen geplaatst, waarna twee varianten voor een mogelijke alternatieve dwangregeling bespreking vinden. In de bedoelde varianten bestaat minder wrijving met het VPH en de noties die aan dit verdrag ten grondslag liggen, doordat het begrip ‘geestesstoornis’ daarin geen deel uitmaakt van de juridische criteria ter rechtvaardiging van dwang, te weten 1) wilsonbekwaamheid of 2) gevaar ‘sec’.


Mr. dr. S.P.K. Welie
Sander Welie is als jurist werkzaam bij de Stichting PVP te Utrecht.

mr. drs. T.P. Widdershoven
Ton-Peter Widdershoven is als jurist werkzaam bij de Stichting PVP te Utrecht.
Artikel

Een schip op het strand is een baken in zee

Over de criminogene rol van bedrijven en overheden bij shipbreaking

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1 2018
Trefwoorden shipbreaking, state-corporate crime, environmental crime, case study, waste
Auteurs Jasmien Claeys MSc en Dr. Lieselot Bisschop
SamenvattingAuteursinformatie

    Shipbreaking is the dismantling of discarded vessels to reuse parts and recycle secondary raw materials. The majority of discarded vessels ends up on Southeast Asian beaches, dismantled without regard for the environment or human health. Our case study analyses the environmental crime of shipbreaking by using the theoretical framework of state-corporate crime as a frame of analysis. We focus on Germany and Greece as countries of origin and Bangladesh as a country of destination. Our findings show that shipbreaking is the result of a complex criminogenic interplay of economic and political actors on national as well as international level.


Jasmien Claeys MSc
J.C.D. Claeys (MSc) is onderzoeker bij het Institute for International Research on Criminal Policy van de Universiteit Gent.

Dr. Lieselot Bisschop
Dr. L.C.J. Bisschop is universitair docent aan de Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Toont 141 - 160 van 298 gevonden teksten
1 2 3 4 5 6 8 10 11 12 13 14 15
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.