Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 773 artikelen

x
Praktijk

Het wetsvoorstel franchise: better think twice!

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Franchise, Uitleg, Dwaling, NFC
Auteurs Prof. mr. H.N. Schelhaas en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 12 april 2017 heeft minister Kamp een wetsvoorstel voor de wettelijke verankering van de franchisecode in internetconsultatie gebracht. De schrijvers bespreken dit wetsvoorstel kritisch en menen dat het wetsvoorstel inhoudelijk de toets der kritiek niet kan doorstaan. De wetgever wordt opgeroepen een meer doordacht wetsvoorstel te concipiëren.


Prof. mr. H.N. Schelhaas
Prof. mr. H.N. Schelhaas is hoogleraar privaatrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.

    Vrees voor het ontstaan van gezondheidsschade is in het kader van de beoordeling van een aanvraag om een tegemoetkoming in planschade niet van belang.

Artikel

De afwikkeling van medische schade onder de Wkkgz

De beloften van het klachtrecht voor patiënten, de eerste stappen naar verwezenlijking door de ziekenhuizen en de eerste verrichtingen van de Wkkgz-geschilleninstanties

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2017
Trefwoorden schadeafwikkeling, medisch, klacht, claim, Wkkgz
Auteurs Mr. B.S. Laarman en Prof. mr. A.J. Akkermans
SamenvattingAuteursinformatie

    Door de Wkkgz vindt de buitengerechtelijke afwikkeling van medische schadeclaims plaats in het klachtrecht in plaats van het aansprakelijkheidsrecht. Zorgaanbieders moeten zelf proactief en oplossingsgericht schadeclaims onderzoeken en beoordelen. De rol van de patiëntencontactpersoon in het ziekenhuis, van de zorgverlener en de samenwerking tussen ziekenhuis en verzekeraar zijn daarmee ingrijpend veranderd. Dit overzichtsartikel bespreekt de eerste stappen naar implementatie van de Wkkgz, de aard van het klachtrecht, de noodzaak van triage, de werkwijzen van zelfregelende ziekenhuizen, de noodzaak van informed consent, BGK , de zeswekentermijn, de eerste resultaten van de Wkkgz-geschilleninstanties, en het wetsvoorstel tot wijziging van de Wet BIG.


Mr. B.S. Laarman
Mr. B.S. Laarman is onderzoeker aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit Amsterdam en verbonden aan het Amsterdam Centre for Comprehensive Law (ACCL).

Prof. mr. A.J. Akkermans
Prof. mr. A.J. Akkermans is hoogleraar privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en geeft leiding aan het Amsterdam Centre for Comprehensive Law (ACCL).
Artikel

Daders en herstel tijdens detentie: de cursussen Puinruimen, SOS en DAPPER

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Puinruimen, SOS, DAPPER, Herstelgerichte cursus, detentie
Auteurs Sven Zebel, Marieke Vroom en Elze Ufkes
SamenvattingAuteursinformatie

    The Dutch Custodial Institutions Agency (DJI) strives for a more restorative prison culture in the Netherlands, incorporating a more victim-oriented and restorative way of working in prisons. To this end, DJI has asked for a plan and process evaluation of three restorative courses among (juvenile and adult) prisoners in the Netherlands: Puinruimen, SOS and DAPPER. This article first offers an overview of the most important findings of this evaluation which was finalized in 2016. Based on the findings of the plan evaluation, a cautious yet clearly positive picture emerges of the design and substantiation of each of the three courses examined. That is, an extensive description and substantiation exists of each course. In addition, evidence exists in the (limited) scientific literature for one of the goals that each of these courses have formulated: to increase prisoners’ awareness of the consequences of crime for victims. The literature also suggests that creating trust among participants and a safe group process during the course is helpful in attaining the goals formulated. The process evaluation of the execution of the three courses in practice further strengthens the cautious, yet positive picture painted by the plan evaluation. An examination of the experiences of the courses’ participants lends further support to the observation that these courses can attain part of their goals. For example, after the course participants were more positive about the added value of victim-offender mediation for them personally than before.
    Aside from these findings, this article also argues for a deeper consideration of the constructive roles that both emotions guilt and shame can play in the restorative process of prisoners during these courses. The article ends with a number of recommendations for restorative courses in prison and a sketch of the current state of affairs in the Netherlands regarding these courses.


Sven Zebel
Sven Zebel is universitair docent aan de vakgroep Psychologie van Conflict, Risico en Veiligheid van de Universiteit Twente.

Marieke Vroom
Marieke Vroom is freelance journalist en tekstschrijver en werkte als onderzoeker aan de Universiteit Twente.

Elze Ufkes
Elze G. Ufkes is universitair docent aan de vakgroep Psychologie van Conflict, Risico en Veiligheid van de Universiteit Twente.
Artikel

Nazorg voor ex-gedetineerden door Exodus: maakt het verschil?

Recidiveonderzoek onder ex-gedetineerden die bij Exodus verbleven in de periode 1999-2012

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Recidive (Reoffending), Nazorg (Aftercare), Quasi-experimenteel onderzoek (Quasi-experimental research), Gevangenis (Prison), Exodus
Auteurs Mr. dr. Sigrid van Wingerden, Suzan Verweij MSc, Dr. Bouke Wartna e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Exodus is an organization aimed at assisting prisoners at their transition to society. In the Exodus halfway houses participants receive help in finding a house and a job, in improving relationships with family and friends and in giving meaning to life. This study uses a quasi-experimental design to investigate whether participating in the Exodus program reduces reoffending: the observed reoffending rate is compared to the reoffending rate that was predicted based on characteristics of the participants. The findings show that two years after leaving Exodus, 46.5% of the participants reoffended. This is 4.1 percent point less than the total population of former prisoners and 4.6 percent point less than the predicted reoffending rate.


Mr. dr. Sigrid van Wingerden
Mr. dr. Sigrid van Wingerden is als universitair docent Criminologie verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden. Zij is tevens voorzitter van de redactie van PROCES.

Suzan Verweij MSc
Suzan Verweij MSc is wetenschappelijk medewerker bij het WODC.

Dr. Bouke Wartna
Dr. Bouke Wartna is senior wetenschappelijk medewerker bij het WODC.

Prof. dr. mr. Martin Moerings
Prof. dr. mr. Martin Moerings is emeritus hoogleraar Penologie aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.
Artikel

Doelverschuiving binnen toezichthoudende organisaties: typologie en optreden

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1-2 2017
Trefwoorden doelverschuiving, toezichtdoel, verminderde/contraproductieve effecten
Auteurs Kees Huizinga en Martin De Bree
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit conceptuele artikel wordt doelverschuiving binnen toezichthoudende organisaties verkend. Onderscheid wordt gemaakt in drie types doelverschuiving, te weten doelverplaatsing, doelversmalling en doelverbreding. Indicaties voor het optreden van elk van deze types binnen toezichthoudende organisaties worden beschreven. Geconcludeerd wordt dat doelverschuiving de doeltreffendheid van toezicht ongemerkt aanzienlijk negatief kan beïnvloeden.


Kees Huizinga
Drs. K. Huizinga is buitenpromovendus Erasmus Universiteit Rotterdam en Senior adviseur Rijkswaterstaat.

Martin De Bree
Dr. Ing. M.A. de Bree MBA is post-doctorate researcher Rotterdam School of Management/ Erasmus Institute of Business/Regulation Management.
Artikel

De uitdagingen voor gebiedsgebonden politiezorg

Ambigue ontwikkelingen, platgetreden paden en nieuwe wegen

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2017
Auteurs T. Meurs MSc en B.J. Kreulen MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    This article focuses on the challenges facing Community Oriented Policing (COP) in an increasingly complex society. The authors describe how the Dutch police adresses this context through a new police organisation on a national basis, specified job protocols, intelligence led policing and higher educated specialists. Seeking for alternatives the authors argue that COP should be based on a problem centered approach which profits from the insights of local policemen and operational specialists. Adressing ambiguous problems will fail when only applying system logic. Instead, moral involvement and sensemaking are indispensable.


T. Meurs MSc
Teun Meurs MSc werkt aan een promotieonderzoek over kennisintensivering en de ontwikkeling van onderzoekende politieprofessionaliteit. Het onderzoek is onderdeel van de Strategische Onderzoeksagenda 2015-2019 en wordt gefaciliteerd door de Hogeschool Arnhem Nijmegen, Universiteit Utrecht, de Politieacademie en de Nationale Politie.

B.J. Kreulen MSc
Bert Jan Kreulen MSc is werkzaam binnen de dienst Politieprofessie in de Eenheid Amsterdam en houdt zich bezig met de ontwikkeling van Gebiedsgebonden Politiezorg, met een focus op de rol van de wijkagent. De auteurs bedanken Wouter Landman voor zijn constructieve commentaar op een eerdere versie van dit artikel.
Artikel

Vertrouwen in de politie

Empirisch onderzoek naar de beleving van vertrouwen in de Rotterdamse wijk Bloemhof

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Trust, security and safety management,, performance theory, procedural justice, Netherlands
Auteurs Dr. mr. M.B. Schuilenburg, B. Besseling MSc en F. Uitendaal MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    There have been little to no empirical research conducted on trust of Dutch citizens in the police. This study is a step towards filling this gap. We used semi-structured interviews, questionnaires and observations to examine to what extent citizens’ trust in the police is determined by perceptions of the effectiveness of the police to reduce crime and disorder and perceptions of procedural justice. Research was conducted in Bloemhof, a superdiverse neighbourhood in Rotterdam. The results indicate that in superdiverse neighbourhoods perceived responsiveness is the cornerstone for explaining police trustworthiness. Implications for policy reform are discussed.


Dr. mr. M.B. Schuilenburg
Dr. mr. Marc Schuilenburg doceert aan de afdeling Strafrecht en Criminologie van de Vrije Universiteit te Amsterdam. Hij is tevens redactieraadlid van Justitiële verkenningen.

B. Besseling MSc
Broos Besseling MSc studeerde criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

F. Uitendaal MSc
Fleur Uitendaal MSc studeerde criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Access_open Burgers op zoek naar rechtsbescherming in het sociaal domein

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 1 2017
Auteurs Prof. mr. dr. A.T. Marseille en Mr. dr. M.F. Vermaat
Auteursinformatie

Prof. mr. dr. A.T. Marseille
Prof. mr. dr. A.T. (Bert) Marseille is werkzaam bij de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde van de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. dr. M.F. Vermaat
Mr. dr. M.F. (Matthijs) Vermaat is advocaat-partner bij Van der Woude De Graaf Advocaten en heeft zich gespecialiseerd in onder meer de Wmo 2015 en de Jeugdwet.
Praktijk

Onttrekkingen door aandeelhouders en de (niet benijdenswaardige) rol van het bestuur

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2017
Trefwoorden uitkeringen, bestuur, vennootschappelijk belang, bestuurdersaansprakelijkheid, art. 2:216 lid 2 BW
Auteurs Mr. R. Fluit
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage geeft de auteur een overzicht van de grenzen die de wet en jurisprudentie thans stellen aan uitkeringen bij een bv. De nadruk ligt op de rol van het bestuur en meer in het bijzonder op de reikwijdte van zijn bevoegdheid om goedkeuring aan uitkeringen te weigeren. Indien het bestuur geen ruimte ziet om op basis van art. 2:216 lid 2 BW zijn goedkeuring te weigeren, maar het bestuur overigens wel van mening is dat door de uitkering het vennootschappelijk belang onevenredig wordt geschaad, welke middelen staan het dan ten dienste om de vennootschap te beschermen tegen deze uitkering.


Mr. R. Fluit
Mr. R. Fluit is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

    Daglichttoetreding. TNO-normen. Deskundige. Verwijzing naar beleidsregels. Beleidsvrijheid.

Artikel

Een kijkje in de kaarten van de wetgever: de moeizame ontwikkeling naar een werkelijk transparant en toegankelijk wetgevingsproces

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2017
Trefwoorden transparantie wetgevingsproces, participatie, legitimiteit
Auteurs Prof. dr. W.J.M. Voermans
SamenvattingAuteursinformatie

    Het kabinet heeft, blijkens een recente brief over de transparantie van wetgeving, transparantie van het wetgevingsproces hoog in het vaandel. In dit artikel loop ik een aantal ontwikkelingen in eigen land en in andere landen langs die het verhogen van de transparantie van het wetgevingsproces tot doel hebben. De bijdrage laat zien dat transparantie van het wetgevingsproces geen doel op zich is, het is slechts een middel om de toegankelijkheid van het wetgevingsproces – en dat dan in termen van de mogelijkheden om goed geïnformeerd te kunnen meeweten, meedenken en wellicht zelfs op enigerlei wijze deel te kunnen nemen aan de beslissingen (participatie) – te borgen of te verhogen. Voor het draagvlak – de legitimiteit – van wettelijke regels zijn transparantie en de daardoor mogelijk gemaakte participatie van burgers (rechtstreeks of via hun vertegenwoordigers) van groot belang. Het artikel concludeert met de vaststelling dat het Nederlandse wetgevingsproces niet erg transparant is in de zin dat het buitenstaanders buiten de kring van de wetgevingsactoren zelf actief uitnodigt tot het deelnemen aan het debat over de beleidsvorming via wetgeving. De voornemens uit de brief van het kabinet veranderen daar niet veel aan.


Prof. dr. W.J.M. Voermans
Prof. dr. W.J.M. (Wim) Voermans is hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Universiteit Leiden en Wetenschappelijk directeur van het Instituut voor Publiekrecht van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van diezelfde universiteit.
Artikel

Terrorisme- en radicaliseringsstudies

Een explosief onderzoeksveld

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2017
Trefwoorden terrorism studies, radicalization studies, definition, analysis levels, pitfalls
Auteurs Prof.dr. B.A. de Graaf
SamenvattingAuteursinformatie

    Studying terrorism and radicalization is quite problematic because of a lack of reliable sources. Finding out what motivates terrorists often boils down to educated guessing. The author describes the search for an academic definition of terrorism and summarizes the development of this discipline since the 1970s, thereby distinguishing research on three levels: macro, micro and meso. While before 9/11 few academics were involved in this research field, it ‘exploded’ thereafter. Important factor contributing to this expansion is the greater availability of government funds and relevant data for this type of research. However, the growth of this discipline isn’t just good news, researchers should be aware of a number of pitfalls identified as the proximity to government power, too much self-confidence (hybris) of researchers pretending to have designed a ‘unified theory’, the abundance of funds for this type of research, resulting in a lot of low-quality research, and finally the politicization of the subject, which could limit the academic freedom.


Prof.dr. B.A. de Graaf
Prof. dr. Beatrice de Graaf is als hoogleraar History of International Relations & Global Governance verbonden aan de faculteit Geesteswetenschappen van de Universiteit Utrecht.

    Care providers establish often long term relationships with their clients. It is of paramount importance that the threshold for a complaint or dispute resolution is preferably low. Ideally this is not a ‘mini-trial’ in which care provider and client are opposed against each other, but a constructive dialogue at a round table guided by a skillful complaints officer. This is what has been introduced by the Healthcare Quality, Complaints and Disputes Act (the Wkkgz).
    The new complaint system introduced with the Wkkgz applies to care covered by the Chronic Care Act (WLZ), the Healthcare Insurance Act (ZVW) and optionally can also apply to care based on the Social Support Act (WMO 2015).
    In my opinion it is a missed opportunity that the legislator has not introduced a similar complaint procedure in the Youth Act, but instead has chosen the ‘mini-trial’ option here. Moreover, it is also confusing for care providers and clients to follow different complaints systems next to each other.
    Finally, in psychiatric care where decisions of care providers can interfere with the right to self-determination there is a separate complaint procedure with a role for the Family Court. For all other run-of-the mill issues also in the psychiatric care the Wkkgz complaint procedure applies.


Simona Tiems
Simona Tiems is advocaat gezondheidsrecht bij Legaltree.
Artikel

Conceptwetsvoorstel ‘zeggenschap lichaamsmateriaal’: nog niet goed doordacht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4-5 2017
Trefwoorden Wet zeggenschap lichaamsmateriaal, wetenschappelijk onderzoek, toetsing
Auteurs Mr. dr. M.C. Ploem
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de inhoud van het – via een internetconsultatie uitgezette – conceptwetsvoorstel zeggenschap lichaamsmateriaal besproken en van commentaar voorzien. Geconcludeerd wordt dat de regering verschillende onderdelen van het wetsvoorstel, waaronder in het bijzonder de ruime werkingssfeer, nog eens goed tegen het licht zou moeten houden.


Mr. dr. M.C. Ploem
Corrette Ploem is UD gezondheidsrecht bij het AMC/Universiteit van Amsterdam en lid van de redactie van dit tijdschrift.
Artikel

Strafvorderlijke bepalingen Wetsvoorstel zeggenschap lichaamsmateriaal

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4-5 2017
Trefwoorden Wet zeggenschap lichaamsmateriaal, Verschoningsrecht bij opsporing, DNA, Strafvordering
Auteurs Mr. D.J.P. van Barneveld en mr. W.R. Kastelein
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt het voorstel van de minister van VWS besproken om in het kader van de opsporing van ernstige strafbare feiten zonder toestemming lichaamsmateriaal te gebruiken dat bij een geneeskundige behandeling is verkregen. Hiermede wordt het verschoningsrecht buiten toepassing verklaard. Daartegen bestaan ernstige bezwaren, onder andere omdat de vrije toegang tot de zorg daarmede in het geding komt.


Mr. D.J.P. van Barneveld
Jan-Paul van Barneveld is strafrechtadvocaat bij Van Barneveld advocaten te Oosterbeek.

mr. W.R. Kastelein
Willemien Kastelein is advocaat/compagnon Nysingh advocaten-notarissen te Zwolle/Utrecht, en hoofdredacteur van dit tijdschrift.

    Like many other European countries the Netherlands experienced a major influx of refugees in the fall of 2015. A majority of the population supported providing shelter to the refugees, but not without worries and anxieties about the effects of that influx, which sometimes lead to limited, local forms of social unrest. A study was started to shed more light on the worries and fears that existed in the population, on the assumptions these were based upon and on whether these worries and fears could lead to social unrest on a larger scale. The study was explorative, based on an eclectic, multi methods approach. The findings show that worries and anxieties were not limited to those who were opposed to the influx of migrants, but existed among supporters as well. The worries and anxieties were of a diverse nature, on topics like security, livability, economics, perceived (in)justice and socio-cultural aspects of life. A clear, credible answer or policy from the government was missed. When compared to the findings of earlier studies on the influx of migrants, some worries and anxieties seemed closely connected to what might be expected, in other cases a distinct ‘disconnect’ was found. These could be understood however when distorting mechanisms were taken into consideration that have been described in studies of more general security perceptions. As the worries and anxieties on the influx of refugees resonated other existing worries, anxieties and fears in society, a ‘cocktail of concerns’ was created that, given the right trigger, could have led to social unrest on a larger scale.


Marnix Eysink Smeets
Marnix Eysink Smeets is Lector Publiek Vertrouwen in Veiligheid en Hoofd Onderzoeksgroep Recht & Veiligheid van Hogeschool Inholland.

Anoek Boot
Anoek Boot was tot april 2017 onderzoeker bij de Onderzoeksgroep Recht & Veiligheid van Hogeschool Inholland Rotterdam.
Artikel

Alcohol en drugs in het weg-, vlieg- en vaarverkeer

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2017
Trefwoorden wegenverkeersverordening, alcohol, roekeloos, strafbaar, bloedonderzoek
Auteurs Mw. mr. W.A.M. Hu-a-ng
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van nieuwsberichten omtrent roekeloos rij-, vlieg- en vaargedrag is de strafbaarstelling van het gebruik van alcohol of drugs door chauffeurs, piloten en schippers in het weg-, lucht- en vaarverkeer in Curaçao onder de loep genomen. Hierbij is een vergelijking gemaakt met de situatie in Aruba en Nederland, waarbij de nadruk ligt op beantwoording van de vraag of de Curaçaose wetgeving toereikend is om het rijden, vliegen en varen onder invloed van alcohol en drugs optimaal te kunnen bestrijden.


Mw. mr. W.A.M. Hu-a-ng
Mw. mr. W.A.M. Hu-a-ng is adviseur bij het Secretariaat van de Raad van Advies van Curaçao. Zij was voorheen parketjurist, belast met onder meer de voorbereiding van verkeersstrafzaken bij het Openbaar Ministerie in Curaçao.
Diversen

Access_open Theo van Boven

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 2 2017
Auteurs dr. mr. Roland Moerland en prof. dr. Hans Nelen
SamenvattingAuteursinformatie

    The two editors of this issue conducted an interview with professor emeritus International law and Human Rights Theo van Boven. Van Boven was UN Special Rapporteur against Torture and he served as Director of Human Rights of the United Nations. In these and his other positions, Van Boven fought for the rights of victims of gross human rights violations and throughout his career he experienced first-hand how regimes try to cover up and deny their crimes. The interview focuses on his experiences with the former military junta in Argentina. Van Boven notes that in comparison to other regimes, the junta had developed the most sophisticated strategy of denial. Van Boven reflects on the regime’s vocabulary of denial, the political dimensions of denial and the implications for the victims. He is open and sincere about his experiences as Director of Human Rights of the United Nations and explains how victim rights, such as the right to truth, can clash with the bureaucratic and political reality within the United Nations.


dr. mr. Roland Moerland
Dr. mr. Roland Moerland is universitair docent criminologie aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit Maastricht.

prof. dr. Hans Nelen
Prof. dr. Hans Nelen is hoogleraar criminologie aan de Universiteit Maastricht.
Artikel

De verschuiving van illegale drugsmarkten van Nederland naar België

Perceptie of realiteit?

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 2 2017
Trefwoorden drug policy, drug markets, Displacement, the Netherlands, Belgium
Auteurs Dr. F. De Middeleer en Dr. B. De Ruyver
SamenvattingAuteursinformatie

    Recent figures indicate that certain drug markets, or at least parts of it, shift from the Netherlands to Belgium. However, it is still unclear whether it is a displacement of some parts of the illicit drug markets or whether it should be seen as a diversification of certain parts of some illicit drug markets in terms of spreading of risks and taking profit of new opportunities. In this respect, this article contributes to an ongoing research (DISMARK) by providing an overview of drug policy measures most recently taken by the Netherlands, from a Belgian point of view, and by trying to link these developments to drug-related trends in Belgium. It is clear that both countries will have to invest in a common approach of their common drug problems. However, it is not yet possible to draw any profound conclusions on the actual displacement of illicit drug markets.


Dr. F. De Middeleer
Freja De Middeleer MSc. is als wetenschappelijk medewerker verbonden aan het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) van de Universiteit Gent.

Dr. B. De Ruyver
Dr. Brice De Ruyver is als hoogleraar Strafrecht verbonden aan de Universiteit Gent en directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) aldaar.
Toont 141 - 160 van 773 gevonden teksten
1 2 3 4 5 6 8 10 11 12 38 39
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.