Zoekresultaat: 329 artikelen

x

    Enquêteverzoek centrale cliëntenraad en centrale vertegenwoordigersraad Stichting; ernstig verstoorde verhoudingen; twijfel aan juist beleid gegrond; onmiddellijke voorziening; voorzitter raad van toezicht geschorst; benoeming tijdelijke voorzitter raad van toezicht.

Artikel

Dossier Arbeid & Recht april 2011

Tijdschrift Dossier Arbeid & Recht, Aflevering 04 2011
Auteurs Prof. mr. C.J. Loonstra en Mr. B. Hoogendijk

Prof. mr. C.J. Loonstra

Mr. B. Hoogendijk
Artikel

Dossier Arbeid & Recht mei 2011

Tijdschrift Dossier Arbeid & Recht, Aflevering 05 2011
Auteurs Prof. mr. C.J. Loonstra en Mr. B. Hoogendijk

Prof. mr. C.J. Loonstra

Mr. B. Hoogendijk
Artikel

Wat maakt een intentieverklaring adviesplichtig?

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 7/8 2011
Trefwoorden intentieverklaring, adviesrecht, ondernemingsraad, samenwerkingsovereenkomst, fusie
Auteurs Mr. drs. M. van der Veen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de kwalificatie van de intentieverklaring tegen de achtergrond van het adviesrecht van de OR. Daarbij komt aan de orde welke factoren relevant zijn voor de vraag of een intentieverklaring al dan niet adviesplichtig is en wat de betekenis daarvan is voor de fusie- en overnamepraktijk.


Mr. drs. M. van der Veen
Mr. drs. M. van der Veen is werkzaam als advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Jurisprudentie

Medezeggenschap na overgang onderneming: behoud van eenheid is geen synoniem van identiteitsbehoud

Hof van Justitie EG 29 juli 2010, C-151/09 (UGT-FSP)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2010
Trefwoorden overgang van onderneming, overgang van medezeggenschap, behoud van eenheid, behoud van entiteit, ondernemingsraad
Auteurs Mr. I. Zaal
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij een overname van de activa van een onderneming gaat het personeel op grond van de Richtlijn inzake overgang van onderneming automatisch mee over op de verkrijger, met behoud van alle rechten en plichten uit de (collectieve) arbeidsovereenkomst. Wanneer bij de vervreemder een medezeggenschapsorgaan is ingesteld, rijst de vraag of deze na overgang blijft bestaan. Op grond van artikel 6 van de Richtlijn 2001/23 behoudt de werknemersvertegenwoordiging haar functie en positie wanneer de onderneming na overgang ‘als eenheid blijft bestaan’. In de uitspraak UGT-FSP geeft het Hof van Justitie nadere invulling aan dit begrip. In haar annotatie analyseert de auteur deze uitspraak en past deze – aan de hand van een aantal casusposities – toe op de Nederlandse rechtspraktijk. Haar belangrijkste conclusie is dat de Nederlandse wetgever artikel 6 van de richtlijn alsnog moet implementeren.


Mr. I. Zaal
Mw. mr. I. Zaal is werkzaam als junior docent onderzoeker aan de Universiteit van Amsterdam. Zij schrijft een proefschrift over medezeggenschap.
Artikel

Het compromis van artikel 16 Tiende Richtlijn

Werknemersmedezeggenschap bij een grensoverschrijdende juridische fusie

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2010
Trefwoorden Tiende Richtlijn, (vennootschappelijke) medezeggenschap, grensoverschrijdend, (juridische) fusie en werknemers
Auteurs Mr. F.G. Laagland
SamenvattingAuteursinformatie

    Na meer dan twintig jaar discussiëren is op 26 oktober 2005 de Tiende Richtlijn inzake grensoverschrijdende juridische fusies aangenomen. Belangrijkste knelpunt was de vennootschappelijke medezeggenschap. Uiteindelijk hebben de lidstaten een compromis bereikt dat is neergelegd in artikel 16 Tiende Richtlijn. Dit artikel is zeer complex en bevat veel onduidelijkheden. Bovendien blijkt dat Nederland en Duitsland bepaalde aspecten op eigen wijze in het nationale recht hebben geïmplementeerd en vanuit hun nationale medezeggenschapsperspectief benaderen. Dit vergroot de populariteit van een grensoverschrijdende juridische fusie niet. Deze bijdrage tracht de ingewikkelde materie van artikel 16 Tiende Richtlijn wat inzichtelijker te maken en de toepasbaarheid te bevorderen.


Mr. F.G. Laagland
Mw. mr. F.G. Laagland is als docent/onderzoeker verbonden aan de vaksectie Sociaal recht van de Radboud Universiteit Nijmegen en doet onderzoek naar de rechtspositie van de Nederlandse werknemer bij een grensoverschrijdende juridische fusie.
Jurisprudentie

Een uitgelezen uitgever geeft vooral geld uit

OK 27 mei 2010, LJN BM5928, JAR 2010/181

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2010
Trefwoorden enquêterecht, toetsing bij enquêterecht in vergelijking tot toetsing bij medezeggenschapsrecht, strategische aspecten van een zogeheten LBO, ondernemingsraad
Auteurs Mr. R.A.A. Duk
SamenvattingAuteursinformatie

    De Ondernemingskamer heeft bij beschikking van 27 mei 2010 beslist dat rond de zogeheten leveraged buy-out (LBO) van PCM Holding door Apax sprake is geweest van wanbeleid. Daarbij kwamen vragen van strategie aan de orde en werd gewezen op de risico’s die een LBO naar zijn aard meebrengt. De OK was van oordeel, kort samengevat, dat PCM Holding een onderneming zonder duidelijke strategie was en dat ook daardoor bij de keuze voor Apax als partner voor een LBO niet voldoende doordacht was gehandeld.In de annotatie wordt bezien hoe de toetsing onder de vigeur van het enquêterecht in een geval als dit zich verhoudt tot de toetsing die de OK zou hebben toegepast wanneer de zaak via een beroep op artikel 26 Wet op de ondernemingsraden aan haar oordeel zou zijn onderworpen. Conclusie is dat die toetsing langs vergelijkbare lijnen zou zijn verlopen, aangenomen dat de betrokken centrale ondernemingsraad op dat moment zou hebben beschikt over de informatie die de OK op grond van het uitgevoerde onderzoek had.


Mr. R.A.A. Duk
Mr. R.A.A. Duk is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek N.V. te Den Haag.
Artikel

Ontslagrecht in het Koninkrijk der Nederlanden (2)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2010
Trefwoorden ontslagrecht, concordantiebeginsel, Antillen, Aruba, arbeidsrecht, Koninkrijk der Nederlanden, doorwerking, Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden
Auteurs Mr. F.M. Dekker
SamenvattingAuteursinformatie

    Volgens artikel 39 van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden zijn de wetgevers van de verschillende Koninkrijkslanden verplicht een aantal belangrijke rechtsgebieden ‘zoveel mogelijk’ op overeenkomstige wijze te regelen. In een tweetal artikelen onderzoekt de auteur in hoeverre zij met betrekking tot het ontslagrecht aan deze zogenoemde concordantieverplichting voldoen. Volgens de auteur houdt artikel 39 Statuut namelijk in dat een verschil in wetgeving tussen de drie Koninkrijkslanden slechts geoorloofd is indien daar een behoorlijke rechtvaardigingsgrond voor kan worden aangewezen. In dit tweede deel ligt de focus allereerst op gevolgen van de recente staatkundige hervormingen binnen het Koninkrijk voor het vigerende ontslagrecht. Conclusie hiervan is dat de materiële gevolgen voor het ontslagrecht zeer beperkt zijn. Met dit als uitgangspunt worden vervolgens de opzegbepalingen uit het BW, de rechterlijke ontbinding en het einde van rechtswege in de verschillende koninkrijkslanden met elkaar vergeleken. Uit deze vergelijking blijkt dat er tussen de verschillende landen een hoop ongerechtvaardigde verschillen bestaan. Deze verschillen lijken zich evenwel voornamelijk voor te doen op technisch-juridische gebieden. Bij het uitvaardigen van nieuwe wetgeving houden de wetgevers dus onvoldoende rekening met het concordantiebeginsel. De rechters uit het Koninkrijk kan men in dezen daarentegen weinig kwalijk nemen. Daar waar hun een zekere beoordelingsruimte wordt gelaten, bestaat er immers een grote mate aan concordantie. Door middel van concorderende interpretatie worden de open normen in de verschillende landen namelijk op dezelfde wijze ingevuld. Hierbij moet er echter wel voor worden gewaakt dat er een te grote mate van concordantie wordt bereikt. De rechter mag de verschillen in cultuur en gewoontes tussen de Koninkrijkslanden niet uit het oog verliezen.


Mr. F.M. Dekker
Mr. F.M. Dekker is externe promovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen en advocaat(-stagiair) bij BarentsKrans N.V. te Den Haag.

    In Agenda worden lezingen, conferenties en andere evenementen aangekondigd.


L.G.H.J. Houwen
Artikel

Vernietiging van besluiten

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 10 2010
Trefwoorden vernietiging, besluiten, wilsgebreken, arbitrage
Auteurs Mr. Chr.M. Stokkermans
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt de vraag wie bevoegd zijn om op de voet van artikel 2:15 BW een vordering tot vernietiging van een besluit in te stellen, alsmede de vraag of vernietiging mogelijk is door arbiters.


Mr. Chr.M. Stokkermans
Mr. Chr.M. Stokkermans is werkzaam als notaris bij Allen & Overy.
Artikel

De nieuwe oproepingstermijn en registratiedatum – enkele praktische beschouwingen

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 10 2010
Trefwoorden oproepingstermijn, registratiedatum, richtlijn aandeelhoudersrechten
Auteurs Mr. J.G. Thijssen en Mr. W.T. Bongartz
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs bespreken in deze bijdrage de wijze waarop de Nederlandse wetgever invulling heeft gegeven aan de implementatie van met name de oproepingstermijn en registratiedatum die onder de richtlijn aandeelhoudersrechten verplicht worden voor beursgenoteerde NV’s.


Mr. J.G. Thijssen
Mr. J.G. Thijssen is werkzaam als advocaat bij Clifford Chance.

Mr. W.T. Bongartz
Mr. W.T. Bongartz is werkzaam als advocaat bij Clifford Chance.

Annie de Roo
Annie de Roo is hoofdredacteur TMD.
Discussie en Column

De Zorgbrede Governancecode 2010 in vogelvlucht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 5 2010
Auteurs Mr. Mark van der R.P.F.

Mr. Mark van der R.P.F.

G.W. van der Voet
Discussie

De complexiteit van het collectief ontslagrecht herbevestigd door Akavan/Fujitsu Siemens

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2010
Trefwoorden medezeggenschap, collectief ontslag, raadpleging, concernverhouding, Akavan/Fujitsu Siemens
Auteurs Dr. mr. drs. J. Heinsius
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage plaats de auteur een aantal kanttekeningen bij het artikel van L.G. Verburg, ‘Het moment van de raadpleging van werknemersvertegenwoordigers op grond van de richtlijn collectief ontslag’ in ArA 2010/1. In het bijzonder gaat de auteur in op het ‘ontslagbegrip’ uit de richtlijn en het moment van raadpleging. Volgens de auteur is de WMCO op beide onderwerpen in strijd met de richtlijn en is een wetswijziging noodzakelijk.


Dr. mr. drs. J. Heinsius
Dr. mr. drs. J. Heinsius is universitair docent Sociaal recht aan de Universiteit Leiden en fellow van de Graduate School van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid aldaar.
Jurisprudentie

2005/30 Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen; relatie cliëntenraad tot moederstichting; adviesrecht cliëntenraad statutenwijziging moederstichting; informatieplicht jegens cliëntenraad

De Landelijke Commissie van Vertrouwenslieden (mr. J.L.P.G. van Thiel, mr. M.H. Ridder en mr. A.C. van Wijk, mr. K.R. van Dijk, secretaris) d.d. 31 januari 2005 (mt nt. prof. dr. J.E.M. Akveld en mw. mr. G.W. van der Voet).

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2005
Auteurs



I.J. de Laat

J.H.M. van Swaaij


Toont 161 - 180 van 329 gevonden teksten
1 2 5 6 7 9 11 12 13 16 17
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.