Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 248 artikelen

x
Artikel

Wet bevolkingsonderzoek op gespannen voet met EU-recht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2010
Trefwoorden vrijverkeersregime, gezondheidsdienst, e-commerce, genoomanalyse, Wet op het bevolkingsonderzoek
Auteurs Mr. R.E. van Hellemondt, Prof. mr. A.C. Hendriks en Prof. dr. M.H. Breuning
SamenvattingAuteursinformatie

    De Nederlandse overheid ziet met lede ogen aan dat consumenten via internet en zonder tussenkomst van medisch specialisten of andere deskundigen hun genenkaart laten ontcijferen. Dit onderzoek gebeurt door bedrijven die in andere landen zijn gevestigd, dan wel gebruik maken van de diensten van elders gevestigden. De consument krijgt aldus informatie over de kans op het krijgen van erfelijke aandoeningen. Deze onlineverkoop staat op gespannen voet met de Nederlandse wetgeving. Vandaar ook deze ‘buitenlandroute’,waarmee consumenten én bedrijven de Nederlandse regels betrekkelijk eenvoudig kunnen omzeilen. Deze bijdrage onderzoekt de ruimte van Nederland als EU-lidstaat om het aanbod van commerciële genoomanalyse te reguleren. De Nederlandse wetgeving wordt tegelijkertijd langs de Europese meetlat gelegd en blijkt niet EU-proof te zijn.


Mr. R.E. van Hellemondt
Mr. R.E. van Hellemondt is als onderzoeker/docent gezondheidsrecht verbonden aan de afdeling Ethiek & Recht van het LUMC.

Prof. mr. A.C. Hendriks
Prof. mr. A.C. Hendriks is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Leiden/LUMC.

Prof. dr. M.H. Breuning
Prof. dr. M.H. Breuning is hoofd van de afdeling Klinische Genetica van het LUMC.
Artikel

Vertegenwoordiging in Boek 10 BW: een gemiste kans

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2010
Trefwoorden internationaal privaatrecht, vertegenwoordiging, Haags Vertegenwoordigingsverdrag, Rome I, Rome II
Auteurs Mr. C.R. Christiaans
SamenvattingAuteursinformatie

    Voor de internationale rechtspraktijk is vertegenwoordiging een belangrijk onderwerp. Ons internationale handelsverkeer is immers grotendeels gebaseerd op vertegenwoordiging. De met grensoverschrijdende vertegenwoordiging verband houdende aspecten, waaronder zeker niet in de laatste plaats het op die vertegenwoordiging toepasselijk recht, blijven daarbij jammer genoeg veelal onderbelicht. Het voorgestelde art. 10:125 BW draagt niet bij aan het verbeteren van het begrip over dit onderwerp.


Mr. C.R. Christiaans
Mr. C.R. Christiaans is legal consultant en knowledge manager bij DLA Piper Nederland NV.

A.C de Die
Jurisprudentie

Het internationale recht als beschermengel van de exclusieve bevoegdheden van lidstaten inzake verlies van nationaliteit?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2010
Trefwoorden Rottmann, burger van de Unie, intrekking van staatsburgerschap, ontbreken van de afstandseis
Auteurs Mr. H. Oosterom-Staples
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Rottmann-arrest bevestigt dat lidstaten bij de uitoefening van hun exclusieve bevoegdheden het Europese recht moeten respecteren, maar laat tegelijkertijd zien dat Europese inmenging door het internationale recht wordt beperkt. Het Hof van Justitie van de Europese Unie erkent dat lidstaten ingevolge het internationale en het Europese recht hun bevoegdheid inzake het nationaliteitsrecht hebben behouden, maar voegt hieraan toe dat de primaire hoedanigheid van onderdanen van de lidstaten, te weten burger van de Unie, met zich meebrengt dat lidstaten bij de effectuering van een besluit tot intrekking van door naturalisatie verkregen nationaliteit het Europese evenredigheidsbeginsel moeten respecteren. Het expliciteert ook de verplichting van de lidstaat waarvan de nationaliteit verloren is gegaan ten tijde van de naturalisatie, om bij de beoordeling van een verzoek tot herkrijging van die nationaliteit de uit het Rottmann-arrest voortvloeiende beginselen te respecteren.


Mr. H. Oosterom-Staples
Mr. H. Oosterom-Staples is universitair docent aan de Universiteit van Tilburg.

J.T.H.L. Stappers
Artikel

De strafrechtelijke maatregel van terbeschikkingstelling

‘Schon der blosse Wille erhebt den Menschen ober die Tierheit; der moralische erhebt ihn zur Gottheit’ Friedrich Schiller (aus: Uber Armut und Wurde)

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 1995
Auteurs Prof. mr C. Kelk

Prof. mr C. Kelk
Artikel

Het grote mysterie

De vertrouwensarts en het medisch beroepsgeheim

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 2 1995
Auteurs Mr. A.W.M. Veldkamp

Mr. A.W.M. Veldkamp

    Planvoorschrift waarin is bepaald dat bij het realiseren van de in het bestemmingsplan toegelaten bestemmingen/functies moet worden voldaan aan de van toepassing zijnde hogere waarde en de daarin opgenomen voorwaarden, is aanvaardbaar.

Artikel

Leren van Vlaanderen

Kenmerken van de Vlaamse burgemeester ter inspiratie voor het Nederlandse debat

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2010
Auteurs J. van Ostaaijen
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article, the role and functioning of the Flemish mayor is analysed from a Dutch perspective. Three observations are considered noteworthy and discussed elaborately: the role of the mayor in internal local politics, the mayor's relationship with the local community, and the possible combination of several political mandates. The article shows that mayors can be more political without being directly elected (which is the case both in Flanders and the Netherlands) and that there is considerable room for mayors to give meaning to their job. In showing the similarities and differences between Dutch and Flemish mayors, this article is meant to inspire both policy makers and Dutch mayors and to contribute to the debate about the future of the Dutch mayor.


J. van Ostaaijen
Dr. Julien van Ostaaijen (j.j.c.vanostaaijen@uvt.nl) is onderzoeker aan de Tilburgse School voor Politiek en Bestuur, Universiteit van Tilburg. Hij heeft een proefschrift geschreven over de impact van Leefbaar Rotterdam op het Rotterdamse lokaal bestuur en werkte onder meer bij de gemeente Antwerpen (als stagiair) en het Kenniscentrum Grote Steden (thans NICIS). In 2005 was hij betrokken bij de visitatie van het Vlaamse Stedenfonds (onder voorzitterschap van Filip De Rynck en Pieter Tops).

    The author notes that the growth of restorative justice practices seems to be hampered by the consequences of the effective socialization into the ‘penal equation’ that presents punishment as the necessary consequence of criminal offending. Upbringing in a different conflict-culture may be a fundamental condition for creating more room for restorative justice in the formal sphere of criminal justice. The need for a different socialization is also noted and discussed in the movement for human rights and has resulted in an Action Plan for human rights education of UNESCO in 2005. A satisfactory implementation of this action plan seems to be absent in the Netherlands today and methods of human rights education do not refer at all to the potentials of restorative practices such as peer mediation in schools. On the other hand, authors in restorative justice do not often refer to human rights and how they are promoted. The author claims that it is plausible that making ample room for peer mediation and conferencing in schools can be an effective way, not only to address offending conduct that often implies a breach of basic human rights – the most basic values therein being human dignity and equality – but also to make new generations aware of the meaning of human rights in their daily interactions and the qualities of their own social life.


John Blad
John Blad is als hoofddocent Strafrechtswetenschappen verbonden aan de capaciteitsgroep Strafrecht en Criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam en hoofdredacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Criminaliteit en etniciteit

Criminele carrières van autochtone en allochtone jongeren uit het geboortecohort 1984

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2010
Trefwoorden criminele carrière, meisjescriminaliteit, cohortonderzoek, allochtonencriminaliteit
Auteurs Dr. mr. Arjan Blokland, Kim Grimbergen, Dr. Wim Bernasco e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    This article describes the officially recorded criminal careers from age twelve to 22 for all boys and girls who were born in the Netherlands in 1984. Using data on police contacts (HKS) we ask: (1) What proportion of the 1984 birth cohort has a police contact between ages twelve and 22?, (2) What are the criminal career characteristics of those registered?, (3) What is the nature of the crimes these youths are registered for?, and (4) How do chronic offenders and recidivists differ from one-time offenders? We answer these questions separately for boys and girls and for youths of different ethnic origin. Ethnicity was based on the country of birth of (one of) the parents. Our results show that 23 percent of men and 5 percent of women born in 1984 had at least one police contact prior to age 23. Youths of non-Dutch origin were overrepresented in police registrations. Overrepresentation was strongest for boys of Moroccan origin: 54 percent was registered at least once, and of those registered one third were registered five times or more. Moroccan girls were also overrepresented.


Dr. mr. Arjan Blokland
Dr. mr. A. Blokland is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR), ABlokland@nscr.nl.

Kim Grimbergen
K. Grimbergen is adviseur voor Reclassering Nederland regio Rotterdam-Dordrecht, kim_grimbergen@msn.com.

Dr. Wim Bernasco
Dr. W. Bernasco is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR), WBernasco@nscr.nl.

Prof. dr. Paul Nieuwbeerta
Prof. dr. P. Nieuwbeerta is hoogleraar criminologie, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit Leiden, p.nieuwbeerta@ law.leidenuniv.nl.

    Toepassing van artikel 41 c van de WRO leidt er niet toe dat bundeling en parallelschakeling van procedures verplicht worden.


Tycho Lam
Artikel

Financieringen in de energiesector

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2005
Trefwoorden energiebedrijf, bank, krediet, financiering, houdstervennootschap, rating, netbeheerder, vermogensbestanddeel, geldkrediet, schuld
Auteurs A.E. Waal en S.Y.Th. Meijer

A.E. Waal

S.Y.Th. Meijer
Artikel

Signaal Rechtspraak van de Week

RvdW mei tot en met augustus, afl. 16 tot en met 25

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2005
Trefwoorden schuldeiser, faillissement, schuldenaar, werkgever, schade, vermogensrecht, verrekening, werknemer, akkoord, verhuur
Auteurs J.A.M. Strens-Meulemeester

J.A.M. Strens-Meulemeester

E.A. Waal
Artikel

Toets of geen toets? Is de Haaksbergen-rechtspraak staatssteunproof?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2010
Trefwoorden ‘Haaksbergen’-jurisprudentie, aanmeldingsplicht, standstill verplichting / artikel 108, derde lid VWEU, steunmaatregel, staatssteunbegrip / artikel 107, eerste lid VWEU, ruimtelijke ordening
Auteurs Mr. E.V.A. Henny en Mr. J.M. Davidson
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van een recente uitspraak van de Rechtbank Arnhem, bespreekt dit artikel de wijze waarop de bestuursrechter de staatssteunregels toepast in zogenoemde ‘Haaksbergen’-situaties. Wanneer vernietiging wordt gevorderd van een besluit in de sfeer van de ruimtelijke ordening, omdat de financiering ervan geschiedt met niet aangemelde staatssteun, laat de bestuursrechter dikwijls na te toetsen of aan alle voorwaarden van artikel 107, eerste lid VWEU is voldaan. Dit artikel onderzoekt in hoeverre de nationale rechter op grond van het communautaire recht gehouden is om in geval van een beroep op artikel 108, derde lid VWEU – al dan niet expliciet – aan alle voorwaarden van artikel 107, eerste lid VWEU te toetsen en geeft commentaar op de onvolledige toets van de bestuursrechter in Haaksbergen’-situaties.


Mr. E.V.A. Henny
Mr. E.V.A. Henny is advocaat bij Allen & Overy.

Mr. J.M. Davidson
Mr. J.M. Davidson is advocaat bij Allen & Overy.

    Since 1 January 2005, citizens in the Netherlands are obliged to show their ID if a police officer asks them to. The (extended) identification duty is meant to prevent crimes and to improve the enforcement of the law. Bart van Klink (Tilburg University) and Nicolle Zeegers (University of Groningen) have investigated how the identification duty is enforced in legal practice by interviewing 12 police officers in 4 different cities and looking at statistical data on enforcement. According to most of the police officers interviewed the identification duty helps to remove anonymity from citizens, which may keep them from committing crimes (in particular crimes in groups, e.g., hooligans). Moreover, the identification duty appears to be instrumental in normalizing citizens: by asking for an ID, police officers are able to discourage behaviour that conflicts with some (legal or moral) standard of normality. This small-scale empirical research indicates that police officers stress the law’s preventive effect. Although prevention may be a valuable goal, it may also constitute a pretext for far-reaching intrusions on citizens’ freedom. An important normative question is how to prevent the police from using this legal instrument too actively for the sake of prevention.


Bart van Klink
Bart van Klink is als universitair hoofddocent verbonden aan de sectie Encyclopedie van het recht van de Universiteit van Tilburg. Hij houdt zich onder meer bezig met de verhouding tussen recht en politiek, terrorismebestrijding en methoden van rechtswetenschappelijk onderzoek. In 2006 publiceerde hij samen met Nicolle Zeegers de bundel Hoe maakbaar is veiligheid? Over de Wet op de uitgebreide identificatieplicht (Breda: Papieren Tijger). Nadat hij empirisch onderzoek heeft gedaan naar de identificatieplicht in Nederland, is hij momenteel bezig de werking hiervan in Duitsland te onderzoeken.

Nicolle Zeegers
Nicolle Zeegers is universitair docent politicologie aan de Rijks Universiteit Groningen. Zij publiceerde onder andere over de regulering van embryoonderzoek (Zeitschrift für Rechtssoziologie) en huiselijk geweld (European Journal of Women’s Studies). Haar aandacht in onderzoek gaat in het bijzonder uit naar de relatie tussen recht, macht en politiek.

    In Dutch history five cases are known of animals that received the death penalty after ‘committing a crime’. Nowadays it sounds rather strange to present animals as offenders. Does that mean that no contemporary examples can be found of animals being presented as offenders? Before answering that question some outlooks on judicial and criminological ideas are presented on offending by human and other animals. Next the debate on invasive exotic species and the threats to biodiversity, health and other risks, and the discussion about the dangers regarding pit bulls is described in order to illustrate that in this day and age there still seems to be a risky anthropomorphic and anthropocentric tendency to present animals as offenders.


J. Janssen
Dr. Janine Janssen is hoofd onderzoek bij het Landelijk Expertise Centrum Eergerelateerd Geweld, dat is ondergebracht bij politie Haaglanden. Daarnaast is zij geïnteresseerd in de positie van dieren in de criminologie. In 2008 publiceerde zij ‘Hondenbaan’, over de geschiedenis en de werkzaamheden van de politiehond (Den Haag, politie Haaglanden).
Artikel

Access_open Integratie en religie

Godsdienst en levensovertuiging in het integratiebeleid etnische minderheden

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2010
Trefwoorden etnische minderheden, immigratie, integratiebeleid
Auteurs Ben Koolen
SamenvattingAuteursinformatie

    Since 30 years the Netherlands’ government practises an integration policy towards ethnic minorities. From the beginning, this comprehensive approach is challenged by demands of immigrated religious communities, e.g. the erection of buildings of worship. For the government, religion is an influential circumstance, not an object of the policy-making process. Therefore religious matters deserve political attention.The mid-nineties of the twentieth century brought the Islam into the focus of national policy. The first issue concerned the appointments on a temporary basis of Turkish imams by the Turkish authorities. That evoked the need for a Dutch training-school in order to be prevented from further admissions from abroad. In the meantime, compulsory introductory courses for religious leaders with a non-EU- or EEA-nationality were introduced. Since nine-eleven, the threats of Islamic ultra-orthodox tendencies dominate the political discourse.


Ben Koolen
Dr. G.M.J.M. Koolen studeerde niet-westerse religies aan de Nijmeegse universiteit, alwaar hij in 1993 promoveerde op het proefschrift Een seer bequaem middel. Onderwijs en Kerk onder de 17e eeuwse VOC (Kampen). Tot zijn pensionering in 2003 was hij werkzaam in verschillende functies in het kader van integratiebeleid, sinds 1982 bij de coördinerende directie Minderheden-/Integratiebeleid van het ministerie van Binnenlandse Zaken respectievelijk Justitie. Hij is redactielid van dit tijdschrift.
Toont 161 - 180 van 248 gevonden teksten
1 2 5 6 7 9 11 12 13
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.