Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 769 artikelen

x
Casus

De Governancecode Zorg 2017

Wondermiddel, doekje voor het bloeden of een geschikt instrument?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2017
Trefwoorden Governancecode Zorg 2017, Corporate Governancecode 2016, Zorgbrede Governancecode, Corporate governance, Zorg
Auteurs Prof. mr. W.J. Oostwouder en Mr. F.L. Leijdesdorff
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 15 december 2016 is de Governancecode Zorg 2017 aangeboden aan de cliëntenorganisaties binnen de zorg. De auteurs van dit artikel houden deze Code tegen het licht en vergelijken deze met de Zorgbrede Governancecode 2010 en de Corporate Governancecode 2016. Voorts beantwoorden zij de volgende vragen: (a) draagt de Code op een adequate wijze bij aan de vier speerpunten van het beleid van de minister van VWS; (b) hoe vernieuwend is de Code; (c) wat moet er in de bestuurskamer en de kamer van de raad van toezicht veranderen; en (d) vergroot de Code het aansprakelijkheidsrisico voor bestuurders en leden van de raad van toezicht?


Prof. mr. W.J. Oostwouder
Prof. mr. W.J. Oostwouder is hoogleraar Bedrijfsfinancieel Recht aan de Universiteit Utrecht, advocaat bij Loyens & Loeff en lid van het Zorgteam van dit kantoor en directeur/eigenaar van Meer Kennis, Juridische en Governance Opleidingen te Hoofddorp.

Mr. F.L. Leijdesdorff
Mr. F.L. Leijdesdorff is advocaat partner bij het Zorgteam van Loyens & Loeff.
Casus

Van zorginstellingen, zorgverzekeraars en patiëntenverenigingen en het wetsvoorstel Wet bestuur en toezicht rechtspersonen

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2017
Trefwoorden stichting, vereniging, onderlinge waarborgmaatschappij, aansprakelijkheid, raad van commissarissen
Auteurs Mr. dr. A.G.H. Klaassen
SamenvattingAuteursinformatie

    In juni 2016 is het wetsvoorstel Wet bestuur en toezicht rechtspersonen (WBTR) aangeboden aan de Tweede Kamer. Deze bijdrage gaat in op de vraag welke gevolgen dit wetsvoorstel heeft voor zorginstellingen, zorgverzekeraars en patiëntenverenigingen. De WBTR heeft vooral gevolgen voor zorginstellingen en in mindere mate voor patiëntenverenigingen en nog minder voor zorgverzekeraars. Aanpassing van het Uitvoeringsbesluit WTZi is gewenst. Een monistisch bestuursmodel voor zorginstellingen moet mogelijk zijn en het schriftelijk vastleggen van de overwegingen bij een tegenstrijdig belang moet van dwingend recht worden. Aanpassing van het wetsvoorstel is gewenst op het punt van de aansprakelijkheid van bestuurders van (patiënten)verenigingen in faillissement.


Mr. dr. A.G.H. Klaassen
Mr. dr. A.G.H. Klaassen is universitair docent ondernemingsrecht. Zij doceert het vak Organisatie en bestuur van de zorg in de master Recht van de gezondheidszorg aan de Erasmus Universiteit Rotterdam; zij is lid van raden van toezicht in de eerstelijnsgezondheidszorg en oud-bestuurder van een patiëntenvereniging.
Praktijk

Een rechtsvorm voor de maatschappelijke onderneming: hoever zijn we?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2017
Trefwoorden maatschappelijke onderneming, maatschappelijk belang, maatschappelijk ondernemerschap, zorginstellingen, wetsvoorstel maatschappelijke onderneming
Auteurs Mr. dr. E.R. Helder
SamenvattingAuteursinformatie

    Bijna tien jaar na het wetsvoorstel maatschappelijke onderneming blijkt het ondernemen met een maatschappelijk oogmerk c.q. het realiseren van maatschappelijke belangen door middel van ondernemerschap bezig aan een opmars in de samenleving. Daarmee groeit de behoefte aan een rechtsvorm die deze ondernemingsactiviteiten faciliteert. Er zijn knelpunten die binnen de bestaande rechtsvormen niet bevredigend kunnen worden opgelost. In Europees perspectief loopt Nederland bovendien achter in de rechtsontwikkeling ten behoeve van het maatschappelijk ondernemerschap, dat daardoor tegen onnodige begrenzingen aan loopt. Het is tijd voor een nieuw wetsvoorstel.


Mr. dr. E.R. Helder
Mr. dr. E.R. Helder is universitair docent aan het Molengraaff Instituut van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Strategie- en beleidsbepaling door de raad van commissarissen van Curaçaose onder toezicht staande kredietinstellingen

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2017
Trefwoorden Centrale Bank, kredietinstelling, corporate governance, bestuur, feitelijke beleidsbepaling
Auteurs Mr. A. Talmricht
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel gaat over de door de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten bij beleidsregel voorgestelde bevoegdheidsverdeling binnen de onder toezicht staande kredietinstelling, op grond waarvan de raad van commissarissen (RvC) zodanig veel bevoegdheden wordt toebedeeld, dat de zelfstandigheid van het bestuur in het geding komt en de leden van de RvC het risico lopen om aangemerkt te worden als feitelijk beleidsbepalers. Deze bijdrage is tot stand gekomen door bestudering van het positieve recht, toezichtswet- en regelgeving en relevante literatuur. Vragen van cliënten uit de bancaire sector hebben de auteur aangespoord dit artikel te schrijven. Gelet op de verstrekkendheid van de beleidsregel en de bevoegdheid van de Centrale Bank om naleving daarvan af te dwingen met dwangsommen en/of een bestuurlijke boete heeft dit artikel de nodige relevantie.


Mr. A. Talmricht
Mr. A. Talmricht is als advocaat verbonden aan (en werkzaam op de Curaçaose vestiging van) advocatenkantoor VanEps Kunneman VanDoorne.
Artikel

Voorontwerp Wet verzekerdeninvloed: een nieuwe vorm van medezeggenschap

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 1 2017
Trefwoorden zorgverzekeraars, inspraak, statuten, ledenraden, permanente vertegenwoordiging
Auteurs Mr. dr. A.G.H. Klaassen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt onderzocht of met de Wet verzekerdeninvloed de positie van verzekerden voldoende wordt versterkt en of er nog verbeteringen mogelijk zijn. Als duidelijk is hoe de vereiste inspraak in schriftelijke regelingen wordt uitgewerkt, kan pas worden beoordeeld of de invloed van de verzekerden daadwerkelijk wordt versterkt. De instemmingsbevoegdheid van de permanente vertegenwoordiging geeft daarbij enige zekerheid. Met het vastleggen van het recht van initiatief en het recht van overleg kan de positie van de permanente vertegenwoordiging eenvoudig worden versterkt. Een ander punt is of de naleving voldoende is doordacht.


Mr. dr. A.G.H. Klaassen
Ageeth Klaassen is universitair docent ondernemingsrecht. Zij doceert het vak Organisatie en bestuur van de zorg in de master Recht van de gezondheidszorg aan de Erasmus Universiteit Rotterdam; zij is lid van raden van toezicht in de eerstelijnsgezondheidszorg.
Artikel

Enkele kanttekeningen bij het wetsvoorstel bestuur en toezicht rechtspersonen

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2016
Trefwoorden Wet bestuur en toezicht rechtspersonen, bestuurdersaansprakelijkheid stichting, decharge-problematiek, one-tier board, raad van commissarissen
Auteurs Prof. mr. S.M. Bartman, Mr. C. de Groot, Mr. J. Nijland e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Met het wetsvoorstel voor de Wet bestuur en toezicht rechtspersonen wordt beoogd de kwaliteit van bestuur en toezicht bij verenigingen, coöperaties, onderlinge waarborgmaatschappijen en stichtingen te verbeteren. In dit artikel bespreken de auteurs kort enkele aspecten van het wetsvoorstel in het licht van de doelstelling en de bruikbaarheid in de praktijk.


Prof. mr. S.M. Bartman
Prof. mr. S.M. Bartman is hoogleraar Ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.

Mr. C. de Groot
Mr. C. de Groot is universitair hoofddocent aan de Universiteit Leiden.

Mr. J. Nijland
Mr. J. Nijland is universitair docent Ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.

Prof. mr. drs. I.S. Wuisman
Prof. mr. drs. I.S. Wuisman is hoogleraar Ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Rechtsgeldigheid en doorwerking van een aandeelhoudersovereenkomst in de persoonsgebonden BV: een stappenplan voor de praktijk

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2016
Trefwoorden aandeelhoudersovereenkomst, rechtsgeldigheid, doorwerking, vennootschapsrechtelijke werking, persoonsgebonden
Auteurs Mr. R. de Leeuw
SamenvattingAuteursinformatie

    Zowel de literatuur als de rechtspraak geeft geen blijk van een helder toetsingskader voor de beoordeling van de rechtsgeldigheid en doorwerking van aandeelhoudersovereenkomsten. Dit artikel beschrijft een eenduidig toetsingskader (inclusief schematisch stappenplan) waarmee een rechter, notaris of advocaat kan beoordelen of een aandeelhoudersovereenkomst geldig is, en zo ja, of deze in het concrete geval doorwerkt in de vennootschap.


Mr. R. de Leeuw
Mr. R. de Leeuw is juridisch medewerker bij Schaap Advocaten Notarissen te Rotterdam.
Artikel

Versteviging van risicomanagement in het perspectief van de herziening van de Nederlandse Corporate Governance Code

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2016
Trefwoorden risicomanagement, compliance, interne audit, corporate governance, herziening Code
Auteurs Mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel gaat de auteur in op de voorgestelde wijzigingen van de Nederlandse Corporate Governance Code op het terrein van risicomanagement. De auteur is positief over de voorgestelde wijzigingen. Wel zijn nog enkele verbeteringen mogelijk.


Mr. H. Koster
Mr. H. Koster is verbonden aan het Departement Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht.
Jurisprudentie

Perikelen rondom de invoering van het (verzwakte) structuurregime

Ondernemingskamer 1 juli 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:2766, JAR 2016/210 (OR/Thomas Cook Nederland)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Structuurregime, adviesrecht ondernemingsraad, samenstelling RvC
Auteurs Mr. dr. Joost Van Mierlo
SamenvattingAuteursinformatie

    Vlak voordat Thomas Cook Nederland verplicht is het structuurregime in te voeren, besluit zij dat uitsluitend concernfunctionarissen voor benoeming tot commissaris in aanmerking komen. Hiermee komt niet alleen een onafhankelijke opstelling van de raad van commissarissen in het gedrang, ook vormt dat een ernstige aantasting van het wettelijk aanbevelingsrecht van de ondernemingsraad. Voor de Ondernemingskamer is dit voldoende om te spreken van een voorgenomen besluit tot een belangrijke wijziging van de verdeling van de bevoegdheden (artikel 25 lid 1 en onder e WOR).


Mr. dr. Joost Van Mierlo
Mr. dr. J.J.M. van Mierlo is als partner verbonden aan de sectie Medezeggenschapsrecht van De voort Advocaten / Mediators in Tilburg.
Boekbespreking

Bespreking van de oratie Verantwoord financieel strafrecht van Matthijs Nelemans, Tilburg University, 2015

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Beginselen en omvang financieel strafrecht, Zorgvuldigheid, Motiveringsplicht, Buitengerechtelijke afdoening, Financiële toezichthouders
Auteurs Prof. dr. R.C.P. Haentjens
SamenvattingAuteursinformatie

    De orator bespreekt het uitdijend rechtsgebied, met als kern de Wft, de evolutie van het handhavingsmodel met zijn open normen en buitengerechtelijke afdoening en ten slotte de legaliteit en legitimiteit van het financieel strafrecht. De recensent vraagt zich af, of de door de orator genoemde rechtsbeginselen wel de rechtsbeginselen (kunnen) zijn die het financieel strafrecht kunnen normeren, nu het rechtsgebied ‘in het gareel’ wordt gehouden door beginselen van commuun strafrecht, bestuursrecht en Europees recht. Hoe moet het met de begrippen als daderschap en samenloop in de straftoemeting? Het is een weerbarstige materie.


Prof. dr. R.C.P. Haentjens
Prof. dr. R.C.P. Haentjes is bijzonder hoogleraar financieel strafrecht aan de Universiteit van Amsterdam en raadsheer-plaatsvervanger aan het Gerechtshof Amsterdam.
Casus

Partij-invloed op het intreden of vervallen van voorwaarden

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Ontbindende voorwaarde, Opschortende voorwaarde, Potestatieve voorwaarde, Artikel 6:23 BW
Auteurs Mr. dr. H. Stolz
SamenvattingAuteursinformatie

    In de rechtspraktijk vormen ontbindende en opschortende voorwaarden een vaak gebruikte rechtsfiguur bij overeenkomsten. Veelal hebben partijen bij een overeenkomst een vorm van invloed op het toekomstige intreden of vervallen van een dergelijke voorwaarde. Deze partij-invloed wordt door het recht in beginsel aanvaard en is derhalve als breed uitgangspunt ook mogelijk. Op dit uitgangspunt bestaan echter twee beperkingen: de vaak veronderstelde onmogelijkheid van (vormen van) potestatieve voorwaarden en de redelijkheid en billijkheid die leiden tot toepassing van artikel 6:23 BW. Onderzocht wordt in welke gevallen deze beperkingen van de partij-invloed toepassing vinden en welke mogelijkheden bestaan om met deze beperkingen contractueel om te gaan.


Mr. dr. H. Stolz
Mr. dr. H. Stolz is docent Onroerendgoedrecht aan de Universiteit van Amsterdam en adviseur bij Houthoff Buruma.
Artikel

Is de motie een nuttig instrument voor de aandeelhouder van een beursvennootschap naast en in aanvulling op het agenderingsrecht ex artikel 2:114a BW?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2016
Trefwoorden motie, agenderingsrecht, artikel 2:114a BW, agendapunt, Fugro/Boskalis
Auteurs Mr. L. Stoppels en Mr. drs. J. van Bekkum
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van de Boskalis/Fugro-zaak stellen de auteurs in dit artikel de vraag of de zogenoemde ‘motie’ in de praktijk voor aandeelhouders van beursvennootschappen een nuttig instrument kan zijn om standpunten van de algemene vergadering onder de aandacht van het bestuur en de RvC te brengen.


Mr. L. Stoppels
Mr. L. Stoppels is advocaat te Amsterdam bij Lemstra Van der Korst.

Mr. drs. J. van Bekkum
Mr. drs. J. van Bekkum is advocaat te Amsterdam bij Lemstra Van der Korst en tevens verbonden aan het Onderzoekscentrum Onderneming & Recht/Van der Heijden Instituut, Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Verwerking van het enquêterecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2016
Trefwoorden rechtsverwerking, enquêterecht, Cordial, artikel 2:350 BW, artikel 2:349 BW
Auteurs Mr. D.L. Barbiers
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel worden enkele kanttekeningen geplaatst bij de Cordial-beschikking waarin de Hoge Raad voor de eerste keer besliste dat rechtsverwerking in het enquêterecht toepassing vindt. Verder wordt ingegaan op hoe rechtsverwerking zich verhoudt tot de ontvankelijkheidstermijn van artikel 2:349 lid 1 BW en de belangenafweging van artikel 2:350 BW.


Mr. D.L. Barbiers
Mr. D.L. Barbiers is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Reguleringsinstrumenten in de spoorsector: wisselend succes

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2016
Trefwoorden overheidsregulering, aandeelhouderschap, regulering met contracten, zelfstandig bestuursorgaan, publiekrechtelijke concessie
Auteurs mr. S. Pereth
SamenvattingAuteursinformatie

    De overheid beschikt over verschillende instrumenten om een sector mee te reguleren. In de spoorsector is met een aantal van deze instrumenten ervaring opgedaan. Meer specifiek betreft het regulering door middel van contracten en het aandeelhouderschap. Deze instrumenten en de mogelijkheden om ermee te sturen zijn in de afgelopen decennia veelvuldig onderwerp van (parlementaire) discussie geweest. Wat bleek is dat die mogelijkheden meer dan eens beperkt waren. Gesteld kan worden dat de genoemde privaatrechtelijke instrumenten enkele inherente beperkingen kennen, die in de weg kunnen staan aan effectieve sturing en toezicht van overheidswege. Bij een contract is per definitie meer dan één partij betrokken, waardoor beslissingen niet eenzijdig genomen kunnen worden en het aandeelhouderschap betreft nu eenmaal een rol op afstand. Deze bezwaren kunnen worden ondervangen door in plaats van een contract te kiezen voor een publiekrechtelijke concessie. In plaats van het aandeelhouderschap in een private rechtspersoon kan voor een zelfstandig bestuursorgaan worden geopteerd. De conclusie is niet dat contracten en het aandeelhouderschap kunnen worden afgeschreven als instrumenten om mee te sturen. Contracten en het aandeelhouderschap kunnen in andere gevallen wel voldoende handvatten bieden. Veel is bijvoorbeeld ook afhankelijk van de inhoud en vormgeving van het contract. Ook de onderhandelingspositie bij het vormgeven van de contracten en de mate van verantwoordelijkheid die de overheid wenst te dragen zijn relevant. Per geval zullen die afwegingen moeten worden gemaakt.


mr. S. Pereth
mr. S. (Sven) Pereth is wetgevingsjurist bij de Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken van het ministerie van Infrastructuur en Milieu.
Artikel

Storm op komst voor bestuurders en commissarissen in de semipublieke sector

De Wet bestuur en toezicht rechtspersonen komt eraan!

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2016
Trefwoorden Wet bestuur en toezicht rechtspersonen, bestuurdersaansprakelijkheid, stichting, bestuur en toezicht
Auteurs Mr. B.A. de Ruijter
SamenvattingAuteursinformatie

    Begin juni is het wetsvoorstel bestuur en toezicht rechtspersonen ingediend bij de Tweede Kamer. Dit wetsvoorstel beoogt de regeling voor bestuur en toezicht bij de verschillende soorten rechtspersonen aan te vullen en te verduidelijken. Dit zorgt vooral voor een aanscherping van het wettelijk kader bij de niet-commerciële vereniging en de stichting. Dus semipublieke sector: opgelet!


Mr. B.A. de Ruijter
Mr. B.A. de Ruijter is advocaat Litigation bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.
Artikel

Schorsing bestuurder Stichting Loterijverlies.nl

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2016
Trefwoorden schorsing en ontslag, bestuurder, claimstichting, Claimcode, bestuur en toezicht
Auteurs Mr. J. Nijland en Mr. D.O. Ohmann
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel signaleert dat rechters recentelijk steeds vaker bereid zijn om in te grijpen in het bestuur van een stichting. Bestuurders van claimstichtingen dienen hierop bedacht te zijn. Daarnaast moeten zij rekening houden met de eisen die de Claimcode en het wetsvoorstel bestuur en toezicht rechtspersonen aan (de governance van) een dergelijke stichting stellen.


Mr. J. Nijland
Mr. J. Nijland is universitair docent Ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.

Mr. D.O. Ohmann
Mr. D.O. Ohmann is kandidaat-notaris bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag.
Artikel

Gevolgen voor winstuitkeringen aan aandeelhouders na herziening jaarrekening BV

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2016
Trefwoorden herziening jaarrekening, herroeping vaststellingsbesluit, gevolgen winstuitkeringen aandeelhouders
Auteurs Mr. M.A.R. Vonk
SamenvattingAuteursinformatie

    In de praktijk bestaat soms behoefte om de jaarrekening te herzien. Bijvoorbeeld wanneer deze geen juist beeld geeft over de gang van zaken bij een onderneming. In dit artikel bespreekt de auteur wat bij herziening van de jaarrekening de mogelijke gevolgen zijn voor de reeds gedane winstuitkeringen aan aandeelhouders.


Mr. M.A.R. Vonk
Mr. M.A.R. Vonk is als Junior Adviseur Ondernemingsrecht werkzaam bij Bureau Vaktechniek van BDO Accountants & Belastingadviseurs te Tilburg.
Artikel

Het meten van effecten van de handhaving door de Belastingdienst

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden effectmeting, handhaving, toezicht, Belastingdienst, compliance
Auteurs Dr. Sjoerd Goslinga, Drs. Maarten Siglé en Prof. dr. mr. Lisette van der Hel
SamenvattingAuteursinformatie

    De maatschappij verwacht in toenemende mate dat toezichthouders de effecten van hun toezicht inzichtelijk maken. Dat geldt ook voor de Belastingdienst. Dit artikel bespreekt de theorie en de praktijk van effectmeting in het fiscale domein en levert zo een bijdrage aan de ontwikkeling van effectmeting van het (overheids)toezicht. Vastgesteld wordt dat in de praktijk een aantal uitdagingen het hoofd moet worden geboden wil de Belastingdienst daadwerkelijk tot een integrale effectmeting van het toezicht komen. Dit zijn: het expliciteren van de beleidstheorie, het vinden van de juiste determinanten van compliance, het meten van effecten van preventieve activiteiten, het opzetten van methodologisch verantwoord onderzoek en de organisatorische inbedding van effectmeting.


Dr. Sjoerd Goslinga
S. Goslinga is werkzaam bij de Belastingdienst en daarnaast als onderzoeker verbonden aan de Universiteit Leiden.

Drs. Maarten Siglé
M.A. Siglé is werkzaam bij de Belastingdienst en is daarnaast als PhD-student en docent verbonden aan de Nyenrode Business Universiteit.

Prof. dr. mr. Lisette van der Hel
E.C.J.M. van der Hel is werkzaam bij de Belastingdienst en daarnaast als hoogleraar effectiviteit van overheidstoezicht verbonden aan de Nyenrode Business Universiteit.
Artikel

Vragen over de vennootschappelijke medezeggenschapsregeling in artikel 2:333k BW bij grensoverschrijdende fusies

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden artikel 2:333k BW, vennootschappelijke medezeggenschap, grensoverschrijdende fusie, referentievoorschriften, toepasselijk recht
Auteurs Mr. P.H. Tieskens
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel bespreekt de auteur enkele vragen over de vennootschappelijke medezeggenschapsregeling in artikel 2:333k BW bij grensoverschrijdende fusies. De auteur gaat onder meer in op het toepasselijke recht, de interpretatie van artikel 2:333k lid 3 onderdeel c BW, de toepassing van de referentievoorschriften en de procedure tot statutenwijziging.


Mr. P.H. Tieskens
Mr. P.H. Tieskens is kandidaat-notaris bij Allen & Overy te Amsterdam.
Artikel

Turboliquidatie: wat is een bate van de rechtspersoon in de zin van artikel 2:19 lid 4 BW?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden turboliquidatie, artikel 2:19 lid 4 BW, turbogeliquideerde rechtspersoon
Auteurs Mr. H.J. de Kloe
SamenvattingAuteursinformatie

    Als het faillissement van een turbogeliquideerde rechtspersoon wordt aangevraagd, is het regelmatig van belang of de artikel 2:248 BW-vordering, de paulianavordering en de Peeters/Gatzen-vordering baten zijn van de rechtspersoon in de zin van artikel 2:19 lid 4 BW. Deze vraag wordt behandeld en er worden alternatieven aangereikt voor schuldeisers van een turbogeliquideerde rechtspersoon.


Mr. H.J. de Kloe
Mr. H.J. de Kloe is wetenschappelijk docent ondernemingsrecht en faillissementsrecht bij de sectie Handels- en Ondernemingsrecht & Financieel Recht van de Erasmus School of Law te Rotterdam.
Toont 161 - 180 van 769 gevonden teksten
1 2 5 6 7 9 11 12 13 38 39
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.