Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 4577 artikelen

x
Consumenten

Toezicht en handhaving van Europees voedselveiligheidsrecht door de NVWA; de Nieuwe Controleverordening (EU) 2017/625

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9-10 2019
Trefwoorden Awb, Warenwet, Levensmiddelen, Toezicht en handhaving, Verordening (EU) 2017/625
Auteurs Mr. S.A. Gawronski
SamenvattingAuteursinformatie

    Ambtenaren van de NVWA houden toezicht op de naleving van het Europese en nationale voedselveiligheidsrecht. De bevoegdheden daartoe ontlenen zij aan de Algemene wet bestuursrecht en de Warenwet. Op 14 december 2019 is EU-Verordening (EU) 2017/625 inzake deze officiële controles van toepassing geworden. Deze verordening gaat ook in op onderwerpen die niet (afdoende) zijn geregeld in het nationale recht. Dit artikel laat zien hoe het toezicht van voedselveiligheidsrecht is geregeld in de context van de nieuwe Verordening (EU) 2017/625 inzake officiële controles en toont de impact op het bestuursrecht op drie onderwerpen: de mystery shopper, risicogeoriënteerd toezicht en verplichte handhaving.
    Verordening (EU) 2017/625 van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2017 betreffende officiële controles en andere officiële activiteiten die worden uitgevoerd om de toepassing van de levensmiddelen- en diervoederwetgeving en van de voorschriften inzake diergezondheid, dierenwelzijn, plantgezondheid en gewasbeschermingsmiddelen te waarborgen (…), PbEU 2017, L 95/1.


Mr. S.A. Gawronski
Mr. S.A. (Silvia) Gawronski M.Jur. is advocaat bij NautaDutilh te Rotterdam en gespecialiseerd in het bestuursrecht, met name op het gebied van Quality, Health, Safety & Environment (QHSE), Voedsel & Waren en Toezicht & Handhaving.
Consumenten

Access_open Nieuwe regels voor de consumentenkoop en overeenkomsten met betrekking tot digitale inhoud

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9-10 2019
Trefwoorden consumentenbescherming, consumentenkoop, digitale inhoud
Auteurs Mr. dr. M.Y. Schaub
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage belicht enkele aspecten van twee nieuwe richtlijnen op het terrein van consumentenbescherming, te weten Richtlijn (EU) 2019/770 (Richtlijn digitale inhoud) en Richtlijn (EU) 2019/771 (nieuwe Richtlijn consumentenkoop). Deze richtlijnen voorzien onder meer in regels die specifiek zijn toegesneden op digitale producten en goederen met digitale elementen.

    • Richtlijn (EU) 2019/770 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2019 betreffende bepaalde aspecten van overeenkomsten voor de levering van digitale inhoud en digitale diensten, PbEU 2019, L 136/1-27;

    • Richtlijn (EU) 2019/771 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2019 betreffende bepaalde aspecten van overeenkomsten voor de verkoop van goederen, tot wijziging van Verordening (EU) 2017/2394 en Richtlijn 2009/22/EG, en tot intrekking van Richtlijn 1999/44/EG, PbEU 2019, L 136/28-50.


Mr. dr. M.Y. Schaub
Mr. dr. M.Y. (Martien) Schaub is universitair docent Transnational Legal Studies aan de VU Amsterdam.
Artikel

Access_open Aandeelhoudersrechten voor de pandhouder; waar vist hij achter het net?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2019
Trefwoorden instemmingsrechten, minderheidsbescherming, pandhouder
Auteurs Mr. V. van Kampen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage gaat de auteur in op aandeelhoudersrechten die relevant zijn voor een pandhouder en de wijze waarop een pandhouder mogelijk wordt beschermd tegen hem onwelgevallige uitoefening van deze rechten door de aandeelhouder. Hij concludeert dat de wet niet voor elke situatie in een adequate bescherming voorziet voor de pandhouder.


Mr. V. van Kampen
Mr. V. van Kampen is kandidaat-notaris bij Stibbe in Amsterdam.
Artikel

Buitenlandse aandeelhouders en houders van American Depository Receipts in Nederlandse uitkoopprocedures: rechtsmacht en noodzaak tot dagvaarden

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2019
Trefwoorden internationale rechtsmacht, artikel 24 lid 2 EEX-Vo (herschikking), uitkoop minderheidsaandeelhouders
Auteurs Mr. O.J.W. Schotel
SamenvattingAuteursinformatie

    De Ondernemingskamer heeft in het eindarrest inzake de uitkoopprocedure Gemalto bepaald dat zij exclusieve internationale rechtsmacht heeft bij uitkoopprocedures naar Nederlands recht op grond van artikel 24 lid 2 EEX-Vo (herschikking). Verder wordt verduidelijkt dat als er bewilligde certificaten zijn uitgegeven een uitkoper alleen de aandeelhouder die de certificaten heeft uitgegeven, hoeft te dagvaarden en de uitkoopvordering niet (ook) tegen de certificaathouders hoeft in te stellen.


Mr. O.J.W. Schotel
Mr. O.J.W. Schotel is advocaat bij Stibbe te Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Integratief seksindustriebeleid in Nieuw-Zeeland

Succes voor een unieke sociale beweging

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 2 2019
Trefwoorden sekswerk, Nieuw-Zeeland, decriminalisering, sociale beweging, beleidsverandering
Auteurs Dr. Joep Rottier
SamenvattingAuteursinformatie

    Contrary to its allies in other countries, the sex industry decriminalization movement in New Zealand, embodied by the New Zealand Prostitutes Collective (NZPC), achieved its goal in 2003. This article explores the reform of the sex industry policy in this country on the basis of a Social Movement Concept. Apart from the specific New Zealand culture, particularly the interaction between three social political aspects – awareness, political opportunities, and a strong social movement organisation – can be identified as crucial factors in realizing a decriminalized sex industry environment. The enactment of the Prostitution Reform Act 2003 meant a unique and huge success for a small sex workers movement.


Dr. Joep Rottier
Dr. Joep Rottier, onderzoeker, promoveerde in december 2018 aan de Universiteit Utrecht op de effecten van het seksindustrie decriminaliseringbeleid in Nieuw-Zeeland. Hij is bestuurslid van het Platform SekswerkExpertise Nederland.
Artikel

Het gebruik van vruchtgebruik in financieringsconstructies

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2019
Trefwoorden ECLI:NL:RBDHA:2019:1065, vruchttrekking, faillissementsbestendig, beperkt genotsrecht, vruchtgebruikverklaring
Auteurs Mr. drs. R. van Dijken
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur verkent verschillende wijzen waarop vruchtgebruik een bruikbaar instrument kan zijn voor de financieringspraktijk.


Mr. drs. R. van Dijken
Mr. drs. R. van Dijken is werkzaam bij Houthoff te Amsterdam.
Artikel

Back to the future: begroting van toekomstige schade aan de hand van een ijkpunt in het verleden

Bespreking van HR 30 augustus 2019, ECLI:NL:HR:2019:1291, RvdW 2019/933 (Gemeente Vianen/X)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2019
Trefwoorden schadeberekening, peildatum, disconteringsvoet, ondernemingsrisico, wettelijke rente
Auteurs Mr. P.M. Vos
SamenvattingAuteursinformatie

    In de peildatum-arresten besliste de Hoge Raad dat de rechter ook wanneer hij (reeds geleden) schade begroot tegen een peildatum in het verleden, rekening mag houden met gebeurtenissen die na de peildatum zijn voorgevallen. In het hier te bespreken arrest gaat de Hoge Raad voorbij aan kritiek op de peildatum-arresten.


Mr. P.M. Vos
Mr. P.M. Vos is advocaat bij Stibbe in Amsterdam.
Artikel

De impact op de relatie tussen een bank en haar cliënt van DNB’s ‘Good Practices’ ten aanzien van fiscale integriteitsrisico’s

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2019
Trefwoorden fiscale integriteit, zorgplicht, integriteitstoezicht, belastingontwijking, cliëntonderzoek
Auteurs Mr. S. van Norden, M. Ruigrok LL.M. en Mr. R.T. van Ginneken
SamenvattingAuteursinformatie

    Het recent door DNB gepubliceerde document ‘Good Practices. Fiscale integriteitsrisico’s bij cliënten van banken’ leidt in de praktijk tot diverse vragen. De auteurs analyseren de Good Practices uit fiscaal en regulatoir oogpunt en behandelen voorts de impact van de Good Practices op de relatie tussen de banken en hun cliënten in het licht van de bestaande jurisprudentie over het aangaan en beëindigen van bankrelaties.


Mr. S. van Norden
Mr. S. van Norden (Dispute Resolution) is werkzaam bij Baker McKenzie te Amsterdam.

M. Ruigrok LL.M.
M. Ruigrok, LL.M. (Tax) is werkzaam bij Baker McKenzie te Amsterdam.

Mr. R.T. van Ginneken
Mr. R.T. van Ginneken (Banking & Finance) is werkzaam bij Baker McKenzie te Amsterdam.
Artikel

Religie, belangenafweging en neutraliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Religie, Belangenafweging, Neutraliteit, Beperkingen, Proportionaliteit, Staatsrecht
Auteurs Mr. dr. Jos Vleugel
SamenvattingAuteursinformatie

    Restrictions imposed by the state on the exercise of religion are always the result of a weighing of interests by a judge, an administrative body or a legislator. This weighing of interests is strongly influenced by the context within the exercise of religion take place. In this article four different spheres are distinguished: the internal religious sphere, the public sphere, the sphere of private institutions and the government sphere. The particular relationship that these spheres have with neutrality characterizes the balancing of interests. This explains and justifies why wearing religious clothing may be restricted in some situations and not in others.


Mr. dr. Jos Vleugel
Mr. dr. A. Vleugel is als universitair docent werkzaam bij de afdeling Staats-, Bestuursrecht en Rechtstheorie van het departement Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht. Hij promoveerde in 2018 op een proefschrift met de titel Het juridische begrip van godsdienst.
Artikel

Sharia in het Westen (I)

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Sharia in het Westen, islamitisch recht, religieus recht, rechtsvergelijking, juridisch pluralisme
Auteurs Prof. dr. mr. Maurits S. Berger
SamenvattingAuteursinformatie

    The notion of ‘sharia in the West’ is by now fairly well established, both in social, political and scientific circles, but both the terms ‘sharia’ and ‘West’ remain difficult to define. It is therefore striking that the combination of these two terms is used with such self-evidence. This article wants to answer the question: what exactly is the sharia that Western Muslims arguably want, and how is this sharia received in the West? To this end, a model is presented that provides a description of the complex interaction between sharia as practiced by Western Muslims on the one hand, and the conditions that the Western environment sets for it on the other. The model shows that ‘sharia’ cannot be compared to a law system, and that the Western environment has a major influence on the extent and ways in which Muslims apply sharia. From a Western perspective, the model shows that sharia issues are mainly discussed in legal terms, while most controversies are not of a legal nature, but rather a cultural one.


Prof. dr. mr. Maurits S. Berger
Prof. dr. mr. M.S. Berger is hoogleraar Islam en het Westen aan de Universiteit Leiden en directeur van de Leiden Islam Academie. Tevens is hij senior research associate aan Instituut Clingendael, en hoofdredacteur van het Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid.
Artikel

Meer straffen, minder schuld: de toekomst van de penologie

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2019
Trefwoorden penology, punishment, administrative sanctions, algorythms & punishment
Auteurs Prof. dr. Miranda Boone
SamenvattingAuteursinformatie

    Two developments are discussed that have a significant influence on the scope and content of the penology of the future, but otherwise have little to do with each other: The expansion of the sentencing field has resulted in a completely fluid research field. However, the important questions of penology can only be answered by integrally mapping and analyzing that sentencing field. For that reason, penology should radically free itself of the limitation of its field of research to the penal sanction. Ongoing insight into the functioning of the brain and the predictability of behavior on the basis of algorithms shine a different light on the portraits of mankind on which we base punishment. It also exposes a range of new possibilities to influence behavior and prevent criminal behavior. It is also part of the research field of penology to question which of those possibilities we want to use and under which conditions.


Prof. dr. Miranda Boone
Prof. dr. M.M. Boone is hoogleraar Criminologie en Vergelijkende Penologie aan de Universiteit Leiden.
Artikel

‘Gelukkig is geen ramp ontstaan’

De omgang met slachtoffers na grote branden

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden victim needs, social justice, disasters, fires, legal settlement
Auteurs Michael Blommers
SamenvattingAuteursinformatie

    Based on a retrospective analysis of six large scale and fatal fires in the Netherlands, an improvement in terms of meeting the needs of victims can be seen. A comparison of the legal settlement of these fires shows mayor differences in the fulfilling of different aspects of social justice that are identified in social psychology. Two victim needs commonly associated with retributive justice – financial compensation and a thorough, neutral investigation into the causes of the disaster – were fulfilled to a higher degree after the most recent fires than after those that occurred decades ago. The legal settlement after the New Year’s fire in Volendam (2001) appears – at least on paper – to have been more just from the victim’s point of view than the ones after the other incidents. Empirical research into the experienced social justice after the New Year’s fire can be valuable to assess the factors that can lead to a just settlement after disasters.


Michael Blommers
Michael Blommers is een in de praktijk werkzame onderzoeker en verbonden aan Spuistraat 10 Advocaten te Amsterdam.
Externe betrekkingen

Een steun in de rug voor het investeringsbeleid van de Commissie: Advies 1/17 (CETA)

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9-10 2019
Trefwoorden advies 1/17, internationaal investeringsrecht, autonomie van de rechtsorde van de EU, geschillenbeslechting, advies 2/13, ISDS-systeem
Auteurs Dr. L.J. Ankersmit
SamenvattingAuteursinformatie

    In Advies 1/17 oordeelt het Hof van Justitie dat het geschillenbeslechtingsmechanisme tussen investeerders en staten (hierna: het ‘ISDS-systeem’) in de Brede Economische en Handelsovereenkomst tussen Canada en de EU (CETA) verenigbaar is met de Verdragen. Het advies was aangevraagd door de Belgische regering op verzoek van de Waalse regering. In het Advies gaat het Hof van Justitie in op drie aspecten van het adviesverzoek van de Belgische regering over de verenigbaarheid van het ISDS-systeem met de Verdragen: de autonomie van de rechtsorde van de Unie, het beginsel van gelijke behandeling en het recht op toegang tot een onafhankelijke rechter. Advies 1/17 is vooral opvallend omdat het minder strikt is dan voorgaande rechtspraak van het Hof van Justitie over externe controlemechanismen in internationale verdragen en doordat het Hof van Justitie zich mengt in de discussie over de impact van het ISDS-systeem op het democratische besluitvormingsproces binnen de EU.
    HvJ 30 april 2019, A-1/17, ECLI:EU:C:2019:341 (CETA)


Dr. L.J. Ankersmit
Dr. L.J. (Laurens) Ankersmit is universitair docent Europees recht aan de Universiteit van Amsterdam.
Overheidsaanbestedingen

PSO-verordening in de openbaar vervoerregelgeving: een lex specialis of juist niet?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9-10 2019
Trefwoorden PSO-verordening, openbaar vervoer, aanbesteding, concessie
Auteurs Mr. J.R. van Angeren en Mr. F.E. ten Hove
SamenvattingAuteursinformatie

    De PSO-verordening brengt sinds de inwerkingtreding op 3 december 2009 het specifieke karakter van het openbaar personenvervoer ten opzichte van andersoortige overheidsopdrachten tot uitdrukking. Dat heeft geleid tot rechtspraak van het Hof van Justitie over de verhouding van de PSO-verordening met de algemene aanbestedingsregelgeving. In deze bijdrage belichten wij de verschillende regelgeving die op de aanbesteding van openbaar busvervoer van toepassing is. Die regelgeving is ingewikkeld en bevestigt onze veronderstelling dat de positie van het openbaar vervoer binnen het aanbestedingsrecht een bijzondere plaats inneemt.
    HvJ 21 maart 2019, gevoegde zaken C-26617 en C-267/17, ECLI:EU:C:2019:241 (Rhein-Sieg-Kreis/Verkehrsbetrieb Hüttebräucker GmbH en BVR Busverkehr Rheinland GmbH en Rhenus Veniro GmbH & Co. KG/Kreis Heinsberg)
    HvJ 8 mei 2019, zaak C-253/18, ECLI:EU:C:2019:386 (Stadt Euskirchen/Rhenus Veniro GmbH & Co. KG)


Mr. J.R. van Angeren
Mr. J.R. (Jan Reinier) van Angeren is advocaat bij Stibbe.

Mr. F.E. ten Hove
Mr. F.E. (Frédérique) ten Hove is advocaat bij Stibbe.
Artikel

Participatie in circulaire gebiedsontwikkeling

Over het creëren van alternatieve ruimtes door professionele stadmakers

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Circular City, Sustainable Development, City Makers, Co-creation, The Netherlands
Auteurs Linda van de Kamp PhD, Michaela Hordijk PhD, John Grin PhD e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    We analyze two citizen collectives of ‘professional city makers’ who have shaped participation in circular area development in anticipation of the Dutch Environment and Planning Act. The activities of professional city-makers form an interesting new phenomenon that requires attention as well as the implications: it is precisely through the professionalism of the city-makers’ efforts that there is a regular tension in the participation process between their role as citizen and professional in their contact with the government. We therefore discuss how the participation of professional city-makers in area development exposes different paradoxes that must be taken into account in the further implementation of the Environment and Planning Act. In short, we argue that participation in the Act is presented in a traditional way and does not fit the new role of citizens in area development in the 21st century.


Linda van de Kamp PhD
Linda van de Kamp is cultureel antropoloog en universitair docent aan de afdeling Sociologie van de Universiteit van Amsterdam.

Michaela Hordijk PhD
Michaela Hordijk is Universitair Hoofddocent aan de afdeling Sociale Geografie, Planologie en Internationale Ontwikkelingsstudies van de Universiteit van Amsterdam en verbonden aan het Kennisactieprogramma Water.

John Grin PhD
John Grin is Hoogleraar beleidswetenschap en systeeminnovaties aan de afdeling Politicologie van de Universiteit van Amsterdam.

(dr.ig.) Gert-Joost Peek PhD
Gert-Joost Peek is lector Gebiedsontwikkeling en Transitiemanagement aan de Hogeschool Rotterdam. Daarnaast is hij eigenaar van SPOTON Consulting en is hij als fellow Ruimtelijke procesorganisatie verbonden aan de Amsterdam School of Real Estate (ASRE). Hij is bestuurslid van I’M BINCK.

Frank Alsema MA
Frank Alsema is kwartiermaker Stadslab Buiksloterham, regisseur, producer en entrepeneur.

Saskia Müller MA
Saskia Müller is ondernemer en kwartiermaker Stadslab Buiksloterham.
Artikel

Access_open Burgerparticipatie onder de Omgevingswet: niet omdat het moet, maar omdat het kan?!

De juridische waarborging van burgerparticipatie in de Omgevingswet

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Burgerparticipatie, Omgevingswet, Rechtsbescherming, Inspraak, maatschappelijk draagvlak, Kerninstrumenten, snellere en betere aanpak
Auteurs Mr. dr. Marlon Boeve en Mr. dr. Frank Groothuijse
SamenvattingAuteursinformatie

    Public participation is an important issue in the forthcoming Dutch Environment and Planning Act (2021). The importance of participation is emphasized in numerous places in the parliamentary documents to the Act. This contribution discusses how the new Act gives legal substance to the objectives that the government is pursuing regarding participation and whether the involvement of citizens is indeed better imbedded by this act. It addresses the important subject of the ‘right moment of participation’ in the fragmented Dutch policy and decision system. Consecutively it deals with the question of potential legal consequences for non-compliance by administrative bodies to the legal participation obligations when drawing up plans and decisions. Can a citizen enforce (substantive) participation in the administrative court after the Environmental and Planning Act comes into force? The possibilities are limited. Findings show that the new Environment and Planning Act does not address the essential problems that arise with participation. The successful creation of local support, better quality and faster decision-making through participation all depend on how the (local) government shapes participation. From a legal perspective, the Environment and Planning Act makes little contribution to this. In the view of the authors this is not surprising, because the role of legislation in safeguarding substantive participation should not be overestimated.


Mr. dr. Marlon Boeve
Marlon Boeve is universitair docent omgevingsrecht aan de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainability Law.

Mr. dr. Frank Groothuijse
Frank Groothuijse is universitair hoofddocent omgevingsrecht aan de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainability Law.
Discussie

Aanvullingswet grondeigendom: continuïteit ondanks de filosofie van de Omgevingswet

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Planning, Netherlands, Land Ownership, Planning Law, Takings
Auteurs Prof. dr. Willem Korthals Altes
Auteursinformatie

Prof. dr. Willem Korthals Altes
Willem Korthals Altes is hoogleraar grondbeleid aan de TU Delft.
Notenkraker

VTH-taken bij Brzo-inrichtingen

De onderlinge relatie tussen bevoegd gezag en uitvoerende dienst

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Brzo 2015, VTH-taken, bevoegd gezag, Brzo-omgevingsdienst, onderlinge aansprakelijkheid
Auteurs Edward Brans en Katrien Winterink
SamenvattingAuteursinformatie

    De meest risicovolle bedrijven van Nederland zijn onderworpen aan een streng veiligheidsregime dat is neergelegd in het Besluit risico’s zware ongevallen 2015. Deze Brzo-inrichtingen worden regelmatig onderworpen aan inspecties. Binnen het milieudomein worden de VTH-taken ter zake van Brzo-inrichtingen uitgevoerd door gespecialiseerde omgevingsdiensten. Het uitvoeren van de VTH-taken gaat onvermijdelijk gepaard met fouten die kunnen leiden tot schade bij derden. Hebben het bevoegd gezag en de uitvoerende omgevingsdienst (afdoende) afspraken gemaakt over de onderlinge aansprakelijkheid in geval van schade bij derden als gevolg van de uitvoering van VTH-taken?


Edward Brans
Mr. dr. E.H.P. Brans is als advocaat werkzaam in de sectie Ruimte en Milieu van Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn, advocaten en notarissen.

Katrien Winterink
Mr. K. Winterink is als advocaat werkzaam in de sectie Ruimte en Milieu van Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn, advocaten en notarissen.

Mr. M.E.B. de Haseth
Mr. M.E.B. de Haseth is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Jurisprudentie

Civiele jurisprudentie van GEA en GHvJ

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2019
Auteurs Prof. mr. dr. J. de Boer
Auteursinformatie

Prof. mr. dr. J. de Boer
Prof. mr. dr. J. de Boer is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Toont 161 - 180 van 4577 gevonden teksten
1 2 5 6 7 9 11 12 13 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.