Zoekresultaat: 30 artikelen

x
Redactioneel

Het daderschap van de rechtspersoon en avas: universele communicerende vaten?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Daderschap, Rechtspersoon, Aansprakelijkheid, Strafbaarheid
Auteurs Mr. dr. E. Gritter
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit editorial gaat de auteur kort in op het verband dat mogelijk universeel bestaat tussen ‘criteria’ voor het aannemen van daderschap van de rechtspersoon en de mogelijkheden die bestaan om een bevrijdend disculpatieverweer (in ons stelsel avas) te voeren.


Mr. dr. E. Gritter
Mr. dr. E. (Erik) Gritter is universitair docent straf- en strafprocesrecht aan de vakgroep Strafrecht en Criminologie, Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

De sluitingsbevoegdheid van artikel 13b Opiumwet: een mogelijk vervolgingsbeletsel voor het Openbaar Ministerie

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Bestuurlijk sanctierecht, Bestuursstrafrecht, Openbaar Ministerie, Opiumwet
Auteurs Mr. dr. drs. Benny van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    According to article 13b of the Dutch Drug Act, the mayor is authorized to close homes and buildings in case of violation of this act. The closure of these homes and buildings is considered as an administrative sanction with no punitive aim. However, in certain cases it is possible that the application of this sanction could to be considered as a criminal charge. If so, this might have consequences for a possible criminal prosecution, because of the concept that no legal action can be instituted twice for the same cause (ne bis in idem-principle). This could lead to the situation that the Dutch Public Prosecution Service might lose its right to prosecute. In the combat of ‘undermining criminality’ this would be a major upset.


Mr. dr. drs. Benny van der Vorm
Mr. dr. drs. Benny van der Vorm is universitair docent Straf(proces)recht aan de Universiteit Utrecht (Willem Pompe Instituut voor strafrechtswetenschappen en Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing).
Artikel

Access_open Enkele opmerkingen over het het una via-beginsel en het nieuwe Wetboek van Strafvordering

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Modernisering strafvordering, Bestuursstrafrecht, Una via-beginsel, Bestuurlijk sanctierecht, Bijzonder strafrecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Thans is een belangrijke wetgevingsoperatie gaande, waarbij het Wetboek van Strafvordering wordt herzien. Opmerkelijk genoeg wordt in de vaststellingswetten op geen enkele wijze aandacht besteed aan de keuze tussen bestuurlijke en strafrechtelijke handhaving. Om het una via-beginsel een plaats te geven in het nieuwe Wetboek van Strafvordering wordt voorgesteld om het bepaalde in artikel 243, tweede lid, Sv, te transponeren naar artikel 3.1.4, vijfde lid, van het nieuwe Wetboek van Strafvordering.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en is verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing van de Universiteit Utrecht. Hij is tevens redacteur van dit tijdschrift.
Redactioneel

Bestuursrechtelijke criminologie: relevant voor het bijzondere strafrecht?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Bestuursrechtlijke criminologie, Bestuursstrafrecht, Bijzonder strafrecht, Bestuurlijke maatregel, Ondermijning
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    De deeldiscipline bestuursrechtelijke criminologie is gericht op de werking van de bestuursrechtelijke handhaving. Het is een empirische wetenschap, die ook relevant is voor het bijzondere strafrecht.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en is verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing van de Universiteit Utrecht en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Kroniek

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2018

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, mr. A.C.M. Klaasse e.a.
Samenvatting


Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

mr. A.C.M. Klaasse

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. A. Verbruggen

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Artikel

Jurisprudentiële ontwikkelingen over het samenhangcriterium van de ‘b-grond’ in de Wet Bibob

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Wet Bibob, Bestuursstrafrecht, Samenhangcriterium, Bestuurlijke maatregel, Ondermijning
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit de recente jurisprudentie over de Wet Bibob blijkt dat soms onduidelijkheid bestaat over de vraag wanneer strafbare feiten voldoende samenhang vertonen met activiteiten waarvoor de vergunning is aangevraagd of verleend. Uit jurisprudentie blijkt enerzijds dat sprake is van voldoende samenhang, indien de vergunning het plegen van strafbare feiten kan faciliteren. Anderzijds is het uitgangspunt van de Afdeling dat de horecabranche zeer kwetsbaar is voor (bepaalde) overtredingen, zodat zonder al te veel problemen – in de horecabranche – een samenhang wordt aangenomen tussen de strafbare feiten en de activiteiten waarvoor de vergunning is aangevraagd of is verleend.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en is verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing van de Universiteit Utrecht en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Jurisprudentie

Access_open Kroniek ondernemingsstrafrecht

Tweede helft 2017

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2018
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, prof. dr. R.C.P. Haentjens e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. A. Verbruggen

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Jurisprudentie

Btw-fraude; verhouding EU-recht en nationale verjaringsregels; worsteling van het Hof met fundamentele mensenrechten

Noot bij HvJ 8 september 2015, ECLI:EU: 2015:555 (Tarrico e.a., prejudiciële beslissing)

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2018
Trefwoorden strafrecht, EU-financiën, Verjaring, Grondrechten, Verhouding nationaal recht - EU-recht
Auteurs Prof. dr. R.C.P. Haentjens
SamenvattingAuteursinformatie

    Het HvJEU stelt voorop dat handhaving van normen ter bescherming van de financiën van de EU strafrechtelijk kan plaatsvinden met voorbijgaan aan de verjaringsregelingen van de desbetreffende staat, maar met inachtneming van grondrechten van de betrokkenen. Vervolg en uitwerking van deze beslissing in HvJEU 5 december 2017.


Prof. dr. R.C.P. Haentjens
Prof. dr. R.C.P. Haentjens is bijzonder hoogleraar financieel strafrecht aan de Universiteit van Amsterdam.
Jurisprudentie

De Wet Bibob: een Schiedamse coffeeshop met belastingperikelen

Noot bij ABRvS 27 september 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2586

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Wet Bibob, Bestuursstrafrecht, Belastingfraude, Integriteit, Bestuurlijk maatregelrecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    De burgemeester van Schiedam heeft een vergunning ten behoeve van de exploitatie van een coffeeshop ingetrokken wegens een ernstig gevaar voor misbruik. Dit ernstige gevaar is gebaseerd op feiten die verband houden met belastingfraude. Volgens de Afdeling kan de burgemeester in redelijkheid de vergunning intrekken.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing van de Universiteit Utrecht en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Bespiegelingen over de keuze tussen bestuursrecht en strafrecht

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2017
Trefwoorden sanctiestelsel, bestuurlijke boete, bestuurlijke strafbeschikking, ernstige gedraging, bestuursstrafrecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    In de nabije toekomst zal de wetgever zich gaan beraden over de zogenoemde ‘open context’ en ‘besloten context’. Deze criteria spelen een belangrijke rol ten aanzien van de keuze tussen het bestuursrecht en het strafrecht. Vanuit meerdere hoeken zijn deze criteria bekritiseerd, omdat ze te onbepaald zijn. In deze bijdrage wordt betoogd dat de wetgever meer gewicht moet toekennen aan het criterium van de ernstige gedraging. Er dient te worden gekozen voor het strafrecht indien sprake is van een ernstige gedraging, terwijl bestuursrechtelijk optreden mogelijk is bij minder ernstige gedragingen. Ten aanzien van de keuze tussen de bestuurlijke boete en de bestuurlijke strafbeschikking dient vooral pragmatisch te worden gekozen.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. (Benny) van der Vorm is als universitair docent straf(proces)recht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht en aan het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing van diezelfde universiteit.
Jurisprudentie

De sanctiebevoegdheid van de burgemeester in artikel 13b Opiumwet

Noot bij ABRvS 8 februari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:294

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Woningsluiting, Opiumwet, Bestuursstrafrecht, Bestuurlijke herstelsanctie, Openbare orde
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van artikel 13b Opiumwet kan de burgemeester een woning sluiten ter bestrijding van strafbare feiten uit de Opiumwet. De woningsluiting kan niet worden aangemerkt als een bestraffende sanctie.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht aan de Universiteit Utrecht en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Jurisprudentie

De AOW-uitkering van de gedetineerde uitkeringsgerechtigde

Noot bij CRvB 3 maart 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:880

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Bestuursstrafrecht, AOW-uitkering, Bestuurlijk maatregelrecht, Lijfsdwang, Detentie
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Gedurende de periode waarin appellant onder toepassing van artikel 577c Sv lijfsdwang onderging in een penitentiair psychiatrisch centrum, was hem rechtens zijn vrijheid ontnomen in de zin van artikel 8b, tweede lid, van de AOW. Appellant heeft daarom over die periode geen recht op AOW-pensioen. Blijkens de wetsgeschiedenis bij artikel 8b AOW heeft de wetgever bij de term ‘rechtens zijn vrijheid ontnomen’ niet enkel gedacht aan gevangenisstraf, maar ook aan andere vormen van detentie, zoals gijzeling wegens het niet betalen van verkeersboetes of het niet nakomen van wettelijke verplichtingen.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht aan de Universiteit Utrecht en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Jurisprudentie

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2017

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2017
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, prof. dr. R.C.P. Haentjens e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. A. Verbruggen

mr. dr. drs. B. van der Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Redactioneel

Het bestaansrecht van de Wet op de economische delicten revisited

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Herziening WED, Culpose delicten, Kaderwet WOD, Europese regelgeving
Auteurs Prof. dr. R.C.P. Haentjens
SamenvattingAuteursinformatie

    De WED lijkt toe aan herziening in de vorm van een kaderwet Wet op de ordeningsdelicten (WOD). De structuur van de aanduiding van de materiële normen kan zo blijven, aangevuld met een specifiek sanctiearsenaal. Er dient een nuancering in de sancties te worden aangebracht door culpose delicten te introduceren. Strafvorderlijk gezien dient in de WOD een juridisch kader te worden gecreëerd voor onder andere overlegstructuren van toezichthouders en OM en de afdoeningsmodaliteit voor buitengerechtelijke afdoening. In de sanctietoemeting zal de verhouding tussen strafrecht en bestuursrecht opnieuw moeten worden geregeld. Speciale aandacht dient de Europese wetgeving in de nieuwe WOD te krijgen.


Prof. dr. R.C.P. Haentjens
Prof. dr. R.C.P. Haentjens is bijzonder hoogleraar financieel strafrecht aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

De keuze tussen strafrechtelijke en bestuursrechtelijke sanctionering en het criterium van de ernstige gedraging

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Bestuursstrafrecht, Sanctiestelsel, Ernstige gedraging, Moraliteit, Strafrecht
Auteurs Mr. dr. drs. Benny van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    In the near future, the legislator will decide on the criteria to be applied to make a choice between the administrative and the criminal justice system. It is a possibility that the legislator will depart from the so-called ‘open context’ and the ‘confined context’. In his Farewell Speech, Rogier pleaded that the severity of behavior should be the criterion to the applied. When behavior can be qualified as ‘serious’ a criminal procedure should take place and if the behavior is ‘less serious’ the administrative procedure has to be chosen.


Mr. dr. drs. Benny van der Vorm
Mr. dr. drs. Benny van der Vorm is universitair docent Straf(proces)recht aan de Universiteit Utrecht.
Jurisprudentie

De toepasselijkheid van het familiaire verschoningsrecht ter zake van de procedure tot intrekking en terugvordering van bijstand

Noot bij CRvB 21 februari 2017 ECLI:NL:CRVB:2017:612

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Bestuursstrafrecht, Bijstandsfraude, Bestuurlijk maatregelrecht, Familiaal verschoningsrecht, Cautie
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    De intrekking en terugvordering van bijstand wordt aangemerkt als een bestuurlijke maatregel. In de onderhavige uitspraak van de Centrale Raad van Beroep blijkt dat appellant niet zijn hoofdverblijf had op het uitkeringsadres. De bijstand wordt daarom ingetrokken en teruggevorderd. Dit besluit is onder andere gebaseerd op een verklaring van de dochter van appellant. De Centrale Raad van Beroep overweegt dat aannemelijk is gemaakt dat de dochter door de sociale rechercheurs is gewezen op haar verschoningsrecht en deze verklaring ten grondslag kan worden gelegd aan het besluit tot intrekking en terugvordering van de bijstand.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht aan de Universiteit Utrecht en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Boekbespreking

Bespreking van de oratie Verantwoord financieel strafrecht van Matthijs Nelemans, Tilburg University, 2015

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Beginselen en omvang financieel strafrecht, Zorgvuldigheid, Motiveringsplicht, Buitengerechtelijke afdoening, Financiële toezichthouders
Auteurs Prof. dr. R.C.P. Haentjens
SamenvattingAuteursinformatie

    De orator bespreekt het uitdijend rechtsgebied, met als kern de Wft, de evolutie van het handhavingsmodel met zijn open normen en buitengerechtelijke afdoening en ten slotte de legaliteit en legitimiteit van het financieel strafrecht. De recensent vraagt zich af, of de door de orator genoemde rechtsbeginselen wel de rechtsbeginselen (kunnen) zijn die het financieel strafrecht kunnen normeren, nu het rechtsgebied ‘in het gareel’ wordt gehouden door beginselen van commuun strafrecht, bestuursrecht en Europees recht. Hoe moet het met de begrippen als daderschap en samenloop in de straftoemeting? Het is een weerbarstige materie.


Prof. dr. R.C.P. Haentjens
Prof. dr. R.C.P. Haentjes is bijzonder hoogleraar financieel strafrecht aan de Universiteit van Amsterdam en raadsheer-plaatsvervanger aan het Gerechtshof Amsterdam.
Diversen

Rechtsbescherming bij het gebruik van big data door toezichthouders: een verkenning

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden big data, profilering, privacy, persoonsgegevens, rechtsbescherming
Auteurs Prof. Gerrit-Jan Zwenne, Mr. Wilfred Steenbruggen en Mr. Michael Reker
SamenvattingAuteursinformatie

    Willen toezichthouders en bestuursorganen gebruikmaken van big data predictive analytics, dan moeten zij dit doen binnen de daarvoor geldende bestuursrechtelijke en privacyrechtelijke kaders. Zij krijgen te maken met rechtsvragen over beschikbaarheid en bruikbaarheid en – omdat er bij toezicht vrijwel altijd op enig moment sprake zal zijn van een verwerking van persoonsgegevens – de privacywetgeving. In dit artikel komen aan de orde over welke gegevens toezichthouders kunnen en mogen beschikken, welke conclusies zij op basis van big-data-analyses kunnen trekken en hoe in dit alles de belangen van rechtssubjecten kunnen worden gewaarborgd.


Prof. Gerrit-Jan Zwenne
Prof. G-J. Zwenne is hoogleraar recht en de informatiemaatschappij te Leiden en advocaat bij Brinkhof in Amsterdam.

Mr. Wilfred Steenbruggen
Mr. W. Steenbruggen is advocaat bij Leijnse Artz in Rotterdam.

Mr. Michael Reker
Mr. M. Reker is advocaat bij Brinkhof in Amsterdam.
Artikel

De Wet Bibob en de onschuldpresumptie

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2016
Trefwoorden Wet Bibob, onschuldpresumptie, 6 EVRM, bestuurlijke aanpak misdaad, bestuursstrafrecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar staande jurisprudentie van de Afdeling is een weigering of intrekking van een beschikking op grond van de Wet Bibob niet aan te merken als een ‘criminal charge’. Hieruit kan niet de conclusie worden getrokken dat de onschuldpresumptie niet van toepassing is op de Wet Bibob. Uit een belangrijke uitspraak van de Afdeling uit 2015 blijkt dat de onschuldpresumptie in een Bibob-procedure kan worden geschonden. De gevolgen van deze uitspraak voor de Bibob-praktijk zijn beperkt.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is docent straf(procesrecht) aan de Tilburg University.

    Er zijn maar weinig bestuursrechtelijke wetten zo controversieel als de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (hierna: Wet Bibob). Op grond van deze wet is het mogelijk dat het bestuursorgaan een beschikking weigert of intrekt, indien sprake is van een ernstig gevaar van misbruik van de beschikking. Gezien de huidige stand van zaken in de jurisprudentie kan de Wet Bibob bezwaarlijk worden aangemerkt als een vorm van ‘bestuursstrafrecht’. Dit betekent echter geenszins dat de invloed van strafrechtelijke dogmatiek en jurisprudentie op de toepassing van de Wet Bibob te verwaarlozen is. Dit laat zich treffend illustreren aan de hand van de zogenoemde ‘achterdeurproblematiek’. Deze ‘achterdeurproblematiek’ hangt samen met het gedoogbeleid.


mr. drs. B. van der Vorm
Toont 1 - 20 van 30 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.