Zoekresultaat: 79 artikelen

x
Artikel

Gemoderniseerde voordeelsontneming

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Voordeelsontneming, Ontnemingsmaatregel, Ontnemingsprocedure, Misdaadgeld, Modernisering van het Wetboek van Strafvordering
Auteurs Mr. dr. W.S. de Zanger
SamenvattingAuteursinformatie

    De modernisering van het Wetboek van Strafvordering zal ook het proces ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel aanpassen. Deze wetgevingsoperatie zal de ontnemingsmaatregel grotendeels ontdoen van zijn bijzondere karakter. Zo komt het strafrechtelijk financieel onderzoek te vervallen en wordt voorgesteld de oplegging van de ontnemingsmaatregel als hoofdregel in het reguliere strafproces te laten plaatsvinden. Deze bijdrage brengt in kaart welke wijzigingen worden voorgesteld en hoe die moeten worden beoordeeld. Geconcludeerd wordt dat de moderniseringsplannen kunnen worden onderschreven, maar wel nader dienen te worden doordacht.


Mr. dr. W.S. de Zanger
Mr. dr. W.S. de Zanger is als postdoctoraal onderzoeker verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall) en het Willem Pompe Instituut voor strafrechtswetenschappen, Universiteit Utrecht.
Redactioneel

Redactioneel

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2018
Auteurs Marije Batting
Auteursinformatie

Marije Batting
Mr. M.L. Batting is advocaat partner bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn, Den Haag en redacteur van Tijdschrift voor Toezicht.
Artikel

Reclassering in een veranderende omgeving

Enkele opmerkingen naar aanleiding van een advies van de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming van 30 mei 2017

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2018
Trefwoorden Probation, RSJ, Criminal justice, Recidivism reduction
Auteurs Dr. Jaap A. van Vliet
SamenvattingAuteursinformatie

    The article describes some highlights of the advice and concludes that the document mainly describes the current situation of the probationservice. The advice may possibly contribute to the upcoming discussion regarding the organization of the probation service.


Dr. Jaap A. van Vliet
Dr. Jaap A. van Vliet is zelfstandig gevestigd onderzoeker en adviseur en lid van de redactie van PROCES.
Artikel

Worstelen met de wet, wie is aan zet? Op weg naar HOPE

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2018
Trefwoorden rechter en wet, hanteerbaarheid van de wet, Aanwijzingen voor de regelgeving, rechterlijke terugkoppeling, doelmatigheid van de wet
Auteurs Mr. J.H. van Kreveld
SamenvattingAuteursinformatie

    Centraal staat de vraag: wat is voor de bestuursrechter een goed hanteerbare wet? Dat is een wet waarmee hij zonder veel problemen steeds tot redelijke, juridisch aanvaardbare oplossingen kan komen. Uit zijn ervaringen als bestuursrechter concludeert de auteur dat daarvoor nodig is dat de wet (1) helder is qua tekst, opbouw en toelichting, (2) juridisch deugt en deugdelijk onderbouwd is, en (3) in concrete gevallen niet te veel knelt. De wet moet HOPE zijn: Helder, Overtuigend en Proportioneel jegens Eenieder. De toelichting van de wet is in het bijzonder belangrijk voor de beoordeling van de juridische deugdelijkheid van de wet. Het is tenslotte nuttig als er goed lopende systemen van terugkoppeling door rechters naar wetgevers ontstaan, om de hanteerbaarheid van bestaande wetten te vergroten en als leerervaring bij nieuwe wetten. Dit leidt tot de slotsom: wetgever én rechter zijn aan zet.


Mr. J.H. van Kreveld
Mr. J.H. (Jan) van Kreveld was hoofd wetgevingskwaliteitsbeleid bij het ministerie van Justitie en hoogleraar wetgevingsleer aan Tilburg University en daarna lid van de Centrale Raad van Beroep en de Afdeling bestuursrechtspraak. Nu is hij voorzitter van de bezwarencommissie van de provincie Zuid-Holland. In 1991-2001 maakte hij deel uit van de redactie van RegelMaat.
Kroniek

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2018

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, mr. A.C.M. Klaasse e.a.
Samenvatting


Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

mr. A.C.M. Klaasse

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. A. Verbruggen

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Artikel

De ontwikkeling van het aantal door bestuursorganen behandelde overtredingen

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2018
Trefwoorden administrative sanctions, trend, minor offences, restorative sanctions, punitive sanctions
Auteurs Dr. Debora Moolenaar
SamenvattingAuteursinformatie

    This paper looks at the number of administrative sanctions for minor offences since 2005. Administrative sanction can be divided into two categories: restorative sanctions and punitive sanctions. Information is limited and dispersed. The number of offences handled by welfare agencies has decreased with 21% in the period 2005-2016. In the same period the number of administrative sanctions for traffic offences imposed by the police/public prosecutor have decreased with 14% (mainly originating from automated traffic cameras). Also administrative sanctions imposed by supervisory financial agencies have decreased with 58%. For some organisations the observation period is a shorter. In the period 2011-2016 the number of administrative sanctions for traffic offences imposed by municipalities has increased with 41% and the number of administrative sanctions imposed by supervisory non-financial agencies have decreased with 47%. There is no information available on administrative sanctions for tax fraud.


Dr. Debora Moolenaar
Dr. D.E.G. Moolenaar is als senior onderzoeker verbonden aan het WODC.
Redactioneel

Inleiding

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2018
Auteurs Mr. drs. Marit Scheepmaker
Auteursinformatie

Mr. drs. Marit Scheepmaker
Mr. drs. Marit Scheepmaker is hoofdredacteur van Justitiële verkenningen.
Artikel

Het Nader rapport bestuurlijke boetestelsels: een stap terug in duidelijkheid?

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2018
Trefwoorden administrative penal law, administrative fines, serious conduct, system of sanctions, harmonisation
Auteurs Mr. dr. Arnt Mein en Mr. dr. drs. Benny van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Recently the Dutch Government has responded to an advise from the advisory body Raad van State concerning the relationship between the administrative and the penal system of sanctions.
    Nowadays administrative sanctions are imposed in the Netherlands for serious offenses, whereas the original intention was to only use these procedures for minor felonies. It is unclear why some offenses are subject to a judicial judgment, while others are dealt with in administrative proceedings. Moreover, it appears that the administrative fines are often significantly higher than fines imposed by a judge. The government feels that harmonisation between the maximum of the administrative and penal fine should be realized. With regard to the choice between administrative and penal law, the government hasn’t found a criterion for deciding which offenses should be subject to a judicial judgment and which can be dealt with in administrative proceedings. The authors argue that the government could have offered more clarity by using the criterion of ‘serious criminal conduct’ as defined in criminal law. Criminal law has to be chosen when there is serious criminal conduct. In other cases it is possible to choose the administrative procedure.


Mr. dr. Arnt Mein
Mr. dr. A.G. Mein is lector bij de faculteit Maatschappij en Recht van de Hogeschool van Amsterdam.

Mr. dr. drs. Benny van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent Straf(proces)recht en is verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht.
Kroniek

Het adolescentenstrafrecht in Nederland: de stand van zaken vier jaar na invoering van de Wet adolescentenstrafrecht

Kroniek van het jeugdrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Youth justice – Jeugdstrafrecht, Adolescence – Adolescentie, Young adults – Jongvolwassenen, Age limits – Leeftijdsgrenzen, Judicial decision-making – Rechterlijke besluitvorming
Auteurs Prof. mr. Ton Liefaard en Dr. Stephanie Rap
SamenvattingAuteursinformatie

    On 1 April 2014, the Dutch Act on Adolescent Criminal Law entered into force. With this law, the age limit in article 77c of the Criminal Code, which allows for the application of juvenile criminal law to young adults, was stretched from 21 to 23 years. In this article stock is taken of the developments that have taken place in the four years after the introduction of this law. In practice, article 77c Criminal Code is increasingly being applied in case of young adult suspects, however still to a little extent. Among others, this has to do with confusion about the target group that qualifies for the adolescent criminal law. The access to and justification for the application of the law show a very diverse picture.


Prof. mr. Ton Liefaard
Prof. mr. T. Liefaard is hoogleraar kinderrechten en bekleedt de UNICEF-leerstoel Kinderrechten in de Afdeling Jeugdrecht van de Universiteit Leiden.

Dr. Stephanie Rap
Dr. S.E. Rap is universitair docent bij de Afdeling Jeugdrecht van de Universiteit Leiden.

Prof. dr. Miranda Boone
Prof. dr. M.M. Boone is hoogleraar Criminologie en vergelijkende Penologie bij de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Verbanning uit het semipublieke domein

Toegangsverboden in juridisch perspectief

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 2 2018
Trefwoorden The semi-public domain, Misconduct, Exclusion orders, Civil court, Complaints committees
Auteurs Mr. dr. Mandy van Rooij
SamenvattingAuteursinformatie

    The semi-public domain covers the places that are accessible to the public but which are controlled by private entities. Shopping malls, public transport, bars and sports events are examples of such places. In case of misconduct, the private manager may impose exclusion orders. This sanction relies on legal contracts and the exclusive nature of the right to property. The legal framework consists therefore primarily of private law. Exclusion orders may not be imposed without reason. Prevention of disorder and harm may be a legitimate reason. The length and range of the ban must relate to the gravity of the disruption. In addition to this, public laws on non-discrimination and privacy are applicable. The civil court is competent to check the exclusion orders in de semi-public domain. The author sees added value in complaints committees, in which both public and private actors partake. Complaint committees can thrive if their assessment frameworks are transparent.


Mr. dr. Mandy van Rooij
Mr. dr. A.E. van Rooij verdedigde in 2017 aan de Vrije Universiteit Amsterdam haar proefschrift Orde in het semipublieke domein. Particuliere en publiek-private orderegulering in juridisch perspectief, uitgegeven bij Boom juridisch (Den Haag). Deze bijdrage is gebaseerd op dit promotieonderzoek. Inmiddels is zij werkzaam als wetgevingsjurist bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en verbonden als onderzoeker aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de VU.
Jurisprudentie

Access_open Kroniek ondernemingsstrafrecht

Tweede helft 2017

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2018
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, prof. dr. R.C.P. Haentjens e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. A. Verbruggen

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Artikel

Keuze voor een sanctiestelsel: bestuurlijke boete of bestuurlijke strafbeschikking?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2017
Trefwoorden bestuurlijke boete, bestuurlijke strafbeschikking, rechtseenheid, doelmatigheid
Auteurs Prof. mr. H.E. Bröring
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds de invoering van de bestuurlijke strafbeschikking zijn bepaalde voordelen van de bestuurlijke boete komen te vervallen. In deze bijdrage staat de vraag centraal wat anno 2017 de voordelen van de bestuurlijke boete zijn. Betoogd wordt dat bestuurlijkeboeterecht in materieel opzicht strafrecht is en in procedureel opzicht bestuursrecht, en dat de keuze voor de bestuurlijke boete daarom vooral op procedurele argumenten moet stoelen. Het belangrijkste procedurele argument ten gunste van de bestuurlijke boete is het vermijden van extra procedures. Het argument dat de bestuurlijke boete qua rechtsbescherming zou onderdoen voor de bestuurlijke strafbeschikking wordt van de hand gewezen.


Prof. mr. H.E. Bröring
Prof. mr. H.E. (Herman) Bröring is als hoogleraar Integrale Rechtsbeoefening verbonden aan de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde van de Rijksuniversiteit Groningen. Zijn onderzoeksdomeinen zijn soft law, rechtshandhaving, vertrouwen in de overheid, en het publiekrecht van de Caribische landen en gebieden van het Koninkrijk.
Artikel

De bevordering van de rechtsbescherming op grond van het sanctiestelsel in de SZW-uitkeringswetten

Over de keuze van het sanctiestelsel, de gevolgen van de uitspraken van de CRvB voor de toepassing ervan en de gevolgen van het ongevraagd advies van de Afdeling advisering

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2017
Trefwoorden uitkeringsfraude, bestuurlijke boete, opzet, grove schuld, rechtsbescherming
Auteurs J.A. Hofsteenge
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij de SZW Fraudewet I werden de bestuurlijke boetes sterk verhoogd van 10 naar 100 procent van ten onrechte ontvangen uitkering. De CRvB heeft geoordeeld dat de hoge boetes om een indringender toets aan het evenredigheidsbeginsel vragen. Deze rechtspraak is gecodificeerd bij de SZW Fraudewet II, waarbij de strafrechtelijke begrippen ‘opzet’ en ‘grove schuld’ werden geïntroduceerd. Onder het nieuwe regime wordt bij de boeteoplegging meer onderscheid gemaakt tussen mensen die de intentie hebben gehad te frauderen en zij die deze intentie niet hebben gehad. Hiermee is de rechtsbescherming bevorderd in lijn met het ongevraagd advies van de Raad van State over sanctiestelsels.


J.A. Hofsteenge
Mr. J.A. (Jakob) Hofsteenge is coördinerend wetgevingsjurist bij de directie Wetgeving, Bestuurlijke en Juridische Aangelegenheden van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Mr. D.R.P. de Kok
Mr. D.R.P. (Dennis) de Kok is plaatsvervangend afdelingshoofd bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het ministerie van Economische Zaken en redacteur van RegelMaat.
Artikel

Bespiegelingen over de keuze tussen bestuursrecht en strafrecht

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2017
Trefwoorden sanctiestelsel, bestuurlijke boete, bestuurlijke strafbeschikking, ernstige gedraging, bestuursstrafrecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    In de nabije toekomst zal de wetgever zich gaan beraden over de zogenoemde ‘open context’ en ‘besloten context’. Deze criteria spelen een belangrijke rol ten aanzien van de keuze tussen het bestuursrecht en het strafrecht. Vanuit meerdere hoeken zijn deze criteria bekritiseerd, omdat ze te onbepaald zijn. In deze bijdrage wordt betoogd dat de wetgever meer gewicht moet toekennen aan het criterium van de ernstige gedraging. Er dient te worden gekozen voor het strafrecht indien sprake is van een ernstige gedraging, terwijl bestuursrechtelijk optreden mogelijk is bij minder ernstige gedragingen. Ten aanzien van de keuze tussen de bestuurlijke boete en de bestuurlijke strafbeschikking dient vooral pragmatisch te worden gekozen.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. (Benny) van der Vorm is als universitair docent straf(proces)recht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht en aan het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing van diezelfde universiteit.
Redactioneel

Over de grens

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2017
Auteurs Prof. dr. mr. Jeroen ten Voorde
Auteursinformatie

Prof. dr. mr. Jeroen ten Voorde
Prof. dr. mr. Jeroen ten Voorde is universitair hoofddocent Straf(proces)recht. Hij is tevens als bijzonder hoogleraar Strafrechtsfilosofie, leerstoel Leo Polak, verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen en redacteur van PROCES.
Artikel

De keuze tussen strafrechtelijke en bestuursrechtelijke sanctionering en het criterium van de ernstige gedraging

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Bestuursstrafrecht, Sanctiestelsel, Ernstige gedraging, Moraliteit, Strafrecht
Auteurs Mr. dr. drs. Benny van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    In the near future, the legislator will decide on the criteria to be applied to make a choice between the administrative and the criminal justice system. It is a possibility that the legislator will depart from the so-called ‘open context’ and the ‘confined context’. In his Farewell Speech, Rogier pleaded that the severity of behavior should be the criterion to the applied. When behavior can be qualified as ‘serious’ a criminal procedure should take place and if the behavior is ‘less serious’ the administrative procedure has to be chosen.


Mr. dr. drs. Benny van der Vorm
Mr. dr. drs. Benny van der Vorm is universitair docent Straf(proces)recht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open De rol van alternatieve handhaving in het mededingingstoezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1-2 2017
Trefwoorden handhaving, mededinging, toezichtstrategie, informele handhaving, preventieve interventie
Auteurs Eva Lachnit
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage worden enkele alternatieve handhavingsinstrumenten geanalyseerd zoals zij gebruikt worden door de Nederlandse Autoriteit Consument en Markt (ACM), de Britse Competition and Markets Authority (CMA) en de Franse Autorité de la Concurrence (de Autorité). Echter, hierbij ligt de focus niet op de individuele, juridische analyse van ieder handhavingsinstrument, maar op de relatie tussen handhavingsinstrumenten, onderliggende strategie, en toezichthouder. Het uiteindelijke doel van deze bijdrage is om te illustreren wat de gevolgen kunnen zijn van een brede toepassing van alternatieve handhavingsinstrumenten vanuit het perspectief van toezicht. Hierbij zullen er, met name in de concluderende paragrafen, conclusies worden getrokken die bruikbaar zijn voor het toepassen van alternatieve handhaving buiten het mededingingstoezicht.


Eva Lachnit
Mr. dr. E.S. Lachnit is universitair docent Economisch Publiekrecht bij de Universiteit Utrecht. Zij promoveerde in september op het proefschrift Alternative Enforcement of Competition Law en doet onderzoek en advisering op het gebied van toezicht- en handhavingsstrategieën van toezichthouders in brede zin.
Toont 1 - 20 van 79 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.