Zoekresultaat: 305 artikelen

x
Artikel

Bestuurdersaansprakelijkheid voor een misleidend prospectus – een (nieuwe) tussenstand?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2019
Trefwoorden prospectus, aansprakelijkheid, bestuurder, misleiding, prospectusverordening
Auteurs Mr. J.R. Hurenkamp
SamenvattingAuteursinformatie

    De Prospectusverordening die sinds 21 juli 2019 rechtstreeks werkt, heeft geen gevolgen voor het aansprakelijkheidsregime ten aanzien van de bestuurder voor een misleidend prospectus. De bestuurder is enkel aansprakelijk als hem een ernstig verwijt treft (tenzij het gaat om (jaar)cijfers of handelen pro se), waarvoor geen bewijslastomkering of vermoeden geldt.


Mr. J.R. Hurenkamp
Mr. J.R. Hurenkamp is werkzaam als advocaat bij Wijn & Stael Advocaten te Utrecht.
Artikel

De stellige ontkenning van een elektronische ondertekening

Is art. 159 lid 2 Rv toe aan modernisering?

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2019
Trefwoorden Elektronische handtekening, Stellige ontkenning, Bewijskracht
Auteurs Rob van Esch
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel gaat de auteur in op de toepassing van art. 159 lid 2 Rv en andere juridische aspecten van een stellige ontkenning van een elektronische ondertekening. Hij betoogt dat toepassing van deze bepaling ook bij een stellige ontkenning van een elektronische handtekening tot resultaten kan leiden waarmee de praktijk uit de voeten kan als haar reikwijdte wordt beperkt tot de waarheid van de ondertekende verklaring.


Rob van Esch
Mr. dr. R.E. van Esch is legal counsel bij Banning te Den Bosch.
Artikel

Access_open Schadevergoeding voor dummies

Tijdschrift Afwikkeling Personenschade, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Letselschade, Aansprakelijkheid
Auteurs Mr. H. de Hek
SamenvattingAuteursinformatie

    Wie de jurisprudentie op het gebied van letselschade wil bijhouden, doet er de laatste jaren verstandig aan niet alleen de uitspraken van civiele rechters te volgen, maar ook die van strafrechters.


Mr. H. de Hek
Mr. H. de Hek is senior-raadsheer bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en redacteur van dit blad.
Jurisprudentie

De brandstichtende erfgenaam moet op de blaren zitten

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2019
Trefwoorden onwaardigheid, artikel 4:3 lid 1 sub b BW, Misdrijf, opzet tegen de erflater
Auteurs Mr. M. de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    X sticht brand in de woning van erflater en wordt daarvoor onherroepelijk strafrechtelijk veroordeeld. Volgens X heeft dit niet tot gevolg dat hij onwaardig is om van erflater te erven. Hij stelt dat geen sprake is van een opzettelijk tegen de erflater gepleegd misdrijf als bedoeld in artikel 4:3 lid 1 sub b BW. Verder doet X een beroep op ondubbelzinnige vergeving en kaart hij zijn verminderde toerekeningsvatbaarheid aan. De rechtbank volgt X niet in zijn betoog en acht hem onwaardig. In deze bijdrage wordt deze uitspraak besproken waarbij in het bijzonder aandacht wordt besteed aan het onderscheid dat volgens de rechtbank moet worden gemaakt tussen een met opzet gepleegd misdrijf en een met opzet tegen de erflater gepleegd misdrijf. De auteur concludeert dat het opzet enkel betrekking heeft op het strafbare feit. Het vereiste dat het misdrijf tegen de erflater moet zijn gepleegd, is aan het opzet onttrokken.


Mr. M. de Vries
Mw. mr. M. de Vries is jurist erfrecht en buitenpromovenda aan de Rijksuniversiteit Groningen
Artikel

Online uitbuiting van consumenten voorkomen: een zorgplicht voor dominante ondernemingen?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2019
Trefwoorden online markten, uitbuiting, consumenten, digitale machtspositie, data
Auteurs Wolf Sauter
SamenvattingAuteursinformatie

    Online markten vormen een nieuwe uitdaging voor het mededingingsrecht. Alle voordelen van deze vorm van handel in termen van toegankelijkheid en keuzemogelijkheden ten spijt kunnen consumenten hier worden overschaduwd door ondernemingen die in een virtuele omgeving de persoonlijke data van hun tegenpartij kunnen benutten om deze uit te buiten of te discrimineren. Dit artikel behandelt de vraag of, en zo ja wanneer, deze tak van het recht gebruikt kan worden om door middel van het opleggen van een zorgplicht consumenten te beschermen tegen onbillijk ofwel oneerlijk gedrag door partijen die hun digitale machtspositie misbruiken.


Wolf Sauter
Prof. dr. mr. drs. W. Sauter is in dienst bij de Autoriteit Consument en Markt (ACM) en verbonden aan het Tilburg Law and Economics Center (Tilec). Dit artikel is geschreven op persoonlijke titel, en is een bewerkte en gecondenseerde versie van het Social Sciences Research Network (SSRN) Working Paper ‘A duty of care to prevent online exploitation of consumers? Digital dominance and special responsibility in EU competition law’, https://ssrn.com/abstract=3353280
Artikel

Access_open Betalingstransacties onder PSD2

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2019
Trefwoorden betalingsverkeer, betalingstransactie, PSD2, betaaldienstverlener, betaalinitiatiedienstverlener
Auteurs Prof. mr. W.A.K. Rank
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel betreft een beschrijving van de civielrechtelijke regeling van de betalingstransactie in titel 7B van Boek 7 BW zoals deze regeling sinds de inwerkingtreding van de Implementatiewet PSD2 in februari 2019 luidt. Centraal staat de verhouding tussen de bij een betalingstransactie betrokken betaaldienstverleners en met name die tussen een rekeninghoudende betaaldienstverlener en een betaalinitiatiedienstverlener.


Prof. mr. W.A.K. Rank
Prof. mr. W.A.K. Rank is hoogleraar financieel recht aan de Universiteit Leiden en Of Counsel bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Access_open Waarheidsplicht en bewijslastverdeling

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2019
Trefwoorden burgerlijk procesrecht, waarheidsplicht, bewijslastverdeling, bewijsrecht, artikel 21 Rv
Auteurs Redouan El Gamali en Eric Tjong Tjin Tai
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de verhouding tussen de waarheidsplicht en de bewijslastverdeling aan een nader onderzoek onderworpen. Besproken zal worden de praktische uitwerking van de interactie tussen de twee leerstukken. Het wetsvoorstel vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht wordt daarbij betrokken. Geconcludeerd zal worden dat de waarheidsplicht in zeker opzicht breder is dan de bewijslastverdeling, maar zij is niet los te denken van de vraag wie het bewijsrisico draagt. Een verbeterd sanctiestelsel zou de waarheidsplicht beter doen aansluiten bij de praktijk van het civiele proces.


Redouan El Gamali
Mr. R. El Gamali is advocaat bij Pels Rijcken te Den Haag en afgestudeerd aan Tilburg Law School.

Eric Tjong Tjin Tai
Prof. mr. ir. T.F.E. Tjong Tjin Tai is hoogleraar privaatrecht aan Tilburg University en onderzoeker bij het Tilburg Instituut voor Privaatrecht (TIP).
Artikel

Kroniek migratierecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 3 2019
Auteurs Marieke van Eik, Wil Eikelboom, Jo-Anne Nijland e.a.

Marieke van Eik

Wil Eikelboom

Jo-Anne Nijland

Hana van Ooijen

Flip Schüller

Marq Wijngaarden

Eva Bezem

Sjoerd Thelosen
Kroniek

Kroniek civiele rechtspraak mededingingsrecht 2018

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2019
Auteurs Marieke Bredenoord-Spoek en Stijn de Jong
Auteursinformatie

Marieke Bredenoord-Spoek
Mr. M.G. Bredenoord-Spoek is werkzaam als advocaat bij Stibbe.

Stijn de Jong
Mr. S. de Jong is werkzaam als advocaat bij Stibbe.
Serie-artikel

Access_open Het concept-Wetsvoorstel Instituut mijnbouwschade Groningen nader bekeken

Een artikel in de serie ‘Aardbevingen in Groningen en het vermogensrecht’

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden mijnbouwschade, schadevergoedingsrecht, regelgeving, aansprakelijkheidsrecht, bestuursrecht
Auteurs Mr. dr. J.E. van de Bunt
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt het concept-Wetsvoorstel Instituut mijnbouwschade Groningen, dat een exclusieve publieke regeling voor het vergoeden van alle soorten schade door gaswinning in Groningen in het leven wil roepen, kritisch tegen het licht gehouden. Zal het wetsvoorstel de eerder gerezen problemen voor gedupeerden kunnen oplossen? Leidt publieke schadeafwikkeling niet tot nieuwe problemen?


Mr. dr. J.E. van de Bunt
Mr. dr. J.E. van de Bunt is universitair docent privaatrecht bij Tilburg University en zelfstandig adviseur op het gebied van schadefondsen.
Artikel

Een kritische beschouwing over het Wetsvoorstel ter vereenvoudiging en modernisering van het bewijsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2019
Trefwoorden modernisering, bewijsrecht, procesrecht, partijautonomie, KEI
Auteurs Ralph Ubels en Tom van Amsterdam
SamenvattingAuteursinformatie

    Het recent gepubliceerde ‘Wetsvoorstel tot aanpassing van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering in verband met de vereenvoudiging en modernisering van het bewijsrecht’ beoogt het civiele bewijsrecht te vereenvoudigen en te moderniseren. Hiertoe doet de minister voor Rechtsbescherming onder meer de volgende drie voorstellen: (1) partijen worden voorafgaande aan een procedure verplicht bewijs te verzamelen en te delen, (2) de regierol van de rechter wordt vergroot, en (3) de normen voor de verschillende voorlopige bewijsverrichtingen worden gelijkgetrokken. De minister voor Rechtsbescherming streeft naar efficiëntere civiele rechtspleging, maar de auteurs vrezen dat met deze voorstellen het tegenovergestelde wordt bereikt. Zij verwachten dat een bewijsverzamel- en -aandraagplicht en het gelijktrekken van de normen voor voorlopige bewijsverrichtingen zullen leiden tot meer, langere en duurdere procedures. De auteurs vrezen ook dat de voorgestelde bevoegdheid voor de rechter ambtshalve gronden en verweren aan te dragen afbreuk doet aan de meest gewenste rolverdeling tussen de procespartijen enerzijds en de rechter anderzijds. Bovendien kan het afbreuk doen aan de objectieve en subjectieve onpartijdigheid van de rechter.


Ralph Ubels
Mr. R.L. Ubels is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.

Tom van Amsterdam
Mr. T.A. van Amsterdam is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Geschilbeslechting onder de Wkkgz: de theorie in de praktijk

Over de regels van geschilbeslechting en bindend advies, de mogelijkheden tot vernietiging van het bindend advies en enkele praktijkperikelen in dat verband

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 1 2019
Trefwoorden klachtenprocedure, geschilprocedure, bindend advies, informatieplicht, bewijsregels
Auteurs Mr. dr. R.P. Wijne
SamenvattingAuteursinformatie

    De wettelijke regeling omtrent de klachten- en geschilprocedure vervat in de Wkkgz roept in de praktijk vragen op. In dit artikel wordt ingegaan op een aantal van die vragen. Voorts wordt gepoogd de vragen te beantwoorden waarbij de wettelijke kaders omtrent het bindend advies, de informatieplicht, het bewijsrecht en het personen- en familierecht worden betrokken.


Mr. dr. R.P. Wijne
Rolinka Wijne is auteur van de dissertatie Aansprakelijkheid voor zorggerelateerde schade. Een onderzoek naar obstakels in het civiele aansprakelijkheidsrecht en alternatieven voor verhaal van zorggerelateerde schade (diss. Rotterdam), Den Haag: Boom Juridische uitgevers, 2013 (tweede druk 2017), docent Gezondheidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam en medewerker van het Wetenschappelijk Bureau Holla advocaten te Eindhoven. Voorts bekleedt zij diverse andere functies op het terrein van het gezondheidsrecht. De auteur dankt prof. mr. S.D. Lindenbergh en prof. mr. J. Legemaate voor hun commentaar op een conceptversie van dit artikel.

Mr. dr. R.P. Wijne
Rolinka Wijne is auteur van de dissertatie Aansprakelijkheid voor zorggerelateerde schade. Een onderzoek naar obstakels in het civiele aansprakelijkheidsrecht en alternatieven voor verhaal van zorggerelateerde schade (diss. Rotterdam), Den Haag: Boom Juridische uitgevers, 2013 (tweede druk 2017), docent Gezondheidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam en medewerker van het Wetenschappelijk Bureau Holla advocaten te Eindhoven. Voorts bekleedt zij diverse andere functies op het terrein van het gezondheidsrecht.
Artikel

Kroniek Burgerlijk Procesrecht 2017-2018

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 1 2019
Auteurs Robert Hendrikse en Leonie Rammeloo

Robert Hendrikse

Leonie Rammeloo
Artikel

De aansprakelijkheid van de indirecte bestuurder voor ongeoorloofde uitkeringen (art. 2:216 BW)

Een beschouwing over de toepasselijkheid van artikel 2:11 BW in het kader van bestuurdersaansprakelijkheid op grond van artikel 2:216 BW

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2018
Trefwoorden artikel 2:11 BW, artikel 2:216 BW, bestuurdersaansprakelijkheid, dividenduitkering, bestuurder
Auteurs Mr. dr. C.E.J.M. Hanegraaf
SamenvattingAuteursinformatie

    De aansprakelijkheid voor ongeoorloofde uitkeringen kan ook rusten op indirecte bestuurders (art. 2:216 en 2:11 BW). Volgens de auteur dient men ten aanzien van elke indirecte bestuurder aan te tonen dat hij ten tijde van een uitkering wist of redelijkerwijs behoorde te voorzien dat die uitkering nadelige financiële gevolgen heeft voor de vennootschap.


Mr. dr. C.E.J.M. Hanegraaf
Mr. dr. C.E.J.M. Hanegraaf is als advocaat verbonden aan VDB Advocaten Notarissen te Waalre.
Artikel

Gemoderniseerde voordeelsontneming

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Voordeelsontneming, Ontnemingsmaatregel, Ontnemingsprocedure, Misdaadgeld, Modernisering van het Wetboek van Strafvordering
Auteurs Mr. dr. W.S. de Zanger
SamenvattingAuteursinformatie

    De modernisering van het Wetboek van Strafvordering zal ook het proces ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel aanpassen. Deze wetgevingsoperatie zal de ontnemingsmaatregel grotendeels ontdoen van zijn bijzondere karakter. Zo komt het strafrechtelijk financieel onderzoek te vervallen en wordt voorgesteld de oplegging van de ontnemingsmaatregel als hoofdregel in het reguliere strafproces te laten plaatsvinden. Deze bijdrage brengt in kaart welke wijzigingen worden voorgesteld en hoe die moeten worden beoordeeld. Geconcludeerd wordt dat de moderniseringsplannen kunnen worden onderschreven, maar wel nader dienen te worden doordacht.


Mr. dr. W.S. de Zanger
Mr. dr. W.S. de Zanger is als postdoctoraal onderzoeker verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall) en het Willem Pompe Instituut voor strafrechtswetenschappen, Universiteit Utrecht.
Annotatie

Bestaat er zoiets als een onbillijke prijs? Zaak C-177/16 (AKKA/LAA)

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2018
Trefwoorden excessieve prijzen, benchmark, kosten, rendement, United Brands
Auteurs Eric van Damme en Wolf Sauter
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze zaak wordt de norm voor excessieve prijzen aangevuld ten opzichte van de eerdere uitspraak in United Brands (1978). Prijsvergelijkingen staan hier centraal en kosten kunnen pas in een tweede stap aan de orde komen bij wijze van verweer na een eerste vaststelling van excessiviteit. De conclusie van A-G Wahl gaat nog verder en vereist het gebruik van een benchmarkprijs. Deze aanpak komt aan de orde in Pfizer/Flynn tegen CMA, een Engelse zaak die hier eveneens kort wordt aangestipt.


Eric van Damme
Prof. dr. E. van Damme is verbonden aan Tilburg University en aan het onderzoeksinstituut Tilec aldaar.

Wolf Sauter
Prof. dr. mr. drs. W. Sauter is in dienst bij de ACM en schrijft hier op persoonlijke titel.
Annotatie

Over marktdefinitie en bewijslast in de moderne economie: het Amerikaanse Hooggerechtshof in Amex

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2018
Trefwoorden Amerikaans Hooggerechtshof, netwerkeffecten, tweezijdige markt, bewijslast, digitale economie
Auteurs Jotte Mulder
SamenvattingAuteursinformatie

    Onder leiding van de Amerikaanse Staat Ohio heeft een groep van staten American Express aangeklaagd voor een overtreding van de Amerikaanse antitrustregels. De zaak draait om de mededingingsrechtelijke beoordeling van verticale restricties die worden opgelegd aan een groep afnemers van Amex. Amex hanteert zogenoemde ‘anti-steering’ voorwaarden die winkeliers verbiedt op enigerlei wijze concurrerende creditcards aan te prijzen of te bevoordelen in de winkel. De uitspraak van het Hooggerechtshof van de Verenigde Staten geeft aanleiding tot een reflectie op de wijze waarop binnen een mededingingsrechtelijke analyse moet worden omgegaan met indirecte netwerkeffecten op tweezijdige platformmarkten, met name vanuit het perspectief van de rol van marktdefinitie en bewijslast.


Jotte Mulder
Mr. dr. J. Mulder is werkzaam bij de ACM en tevens universitair docent op de Universiteit van Utrecht. Deze annotatie is geschreven op persoonlijke titel. Dank gaat uit naar de redactie voor enkele zeer nuttige opmerkingen op een eerdere versie van dit stuk.
Artikel

De betekenis van de CROW-Richtlijnzorgvuldig graafproces bij kabel- en leidingschades

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2018
Trefwoorden onrechtmatige daad, leidingschades, CROW-Richtlijn, NEN-normen, omkeringsregel
Auteurs Mr. L.K. de Haan en Mr. A. Hanegraaf
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad kent een groot gewicht toe aan de CROW-Richtlijn ‘Zorgvuldig graafproces’. De adviezen in de Richtlijn moeten in principe gewoonweg worden opgevolgd, op straffe van aansprakelijkheid. Een vergelijking wordt gemaakt met zaken over wegbeheerdersaansprakelijkheid (waarin CROW-richtlijnen eveneens een grote rol spelen) en met de NEN-normen. Ook wordt aandacht besteed aan de bewijslastverdeling.


Mr. L.K. de Haan
Mr. L.K. de Haan is advocaat bij V&A Advocaten te Rotterdam.

Mr. A. Hanegraaf
Mr. A. Hanegraaf is advocaat bij V&A Advocaten te Rotterdam.
Toont 1 - 20 van 305 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 15 16
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.