Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 1145 artikelen

x

Nathalie de Graaf
Artikel

Access_open Extra beschermd of extra beschadigd?

De juridische positie en leefomstandigheden van kinderen met een handicap in asielzoekerscentra in Nederland

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Handicap, VN-Kinderrechtenverdrag (IVRK), kinderen met een handicap in asielzoekerscentra, belang van het kin, non-discriminatiebeginsel
Auteurs Mr. M. Goeman en Mr. S. Schuitemaker
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan de hand van drie zaken afkomstig van de Kinderrechtenhelpdesk van Defence for Children illustreren de auteurs verschillende problemen waar kinderen met een handicap in asielzoekerscentra tegenaan lopen. Het artikel bevat een samenvatting van het onderzoek van Defence for Children, ‘Extra beschermd of extra beschadigd? Onderzoek naar de leefomstandigheden van kinderen met een handicap in asielzoekerscentra in Nederland’. Besproken wordt daarbij een recent vernietigend rapport van de Kinderombudsman over medische zorg die aan een doof meisje werd geweigerd omdat zij geen verblijfsvergunning had. De auteurs betogen dat de wetgever, immigratieautoriteiten en opvanginstanties aan zet zijn om ervoor te zorgen dat de rechten van kinderen met een handicap gerespecteerd worden. Dat moet gelden zowel in de verblijfsprocedure als in de opvangprocedures en bij de toegang tot medische zorg.


Mr. M. Goeman
Mr. M. (Martine) Goeman is Programmamanager kinderrechten en migratie.

Mr. S. Schuitemaker
Mr. S. (Sander) Schuitemaker is Juridisch adviseur kinderrechten en migratie bij Defence for Children.
Artikel

Waarom is er verschil in jeugdoverlast tussen buurten?

Een ‘mixed method’-onderzoek naar de voorspellende waarde van buurtkenmerken in relatie tot jeugdoverlast

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2019
Trefwoorden sociale desorganisatie, Jeugdoverlast, Hangplek, vrije tijd
Auteurs Floris Bots MSc en Dr. Joris Beijers
SamenvattingAuteursinformatie

    The matter for this research is the request from the municipality of Eindhoven to map youth nuisance in the city of Eindhoven and to find explanations for differences between neighborhoods in order to provide policy makers with guidance. Quantitative and qualitative methods tested the social disorganization theory. Factors that may explain youth nuisance are a high degree of ethnic heterogeneity, low neighborhood participation and a high level of physical deterioration. In addition, youngsters who have unstructured leisure time prefer a place to hang out where there is no social control. Policy makers can use these insights to design their neighborhoods.


Floris Bots MSc
Floris Bots MSc is afgestudeerd in de master Sociology: Contemporary Social Problems.

Dr. Joris Beijers
Dr. Joris Beijers is docent bij de afdeling Sociologie van de Universiteit Utrecht.
Article

Access_open Landelijke evaluatie van de verschillende vormen van piketmediation: best practices en knelpunten

Tijdschrift Family & Law, oktober 2019
Auteurs mr. Daniëlle Brouwer, mr. Eva de Jong, prof. mr. Lieke Coenraad e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Piketmediation is een vorm van mediation naast rechtspraak maar dan in de vorm van een pressure-cooker. Typerend voor piketmediation is dat de mediation plaatsvindt in het gerechtsgebouw en dat in beginsel direct na het eerste gesprek een terugkoppeling plaatsvindt aan de rechter. Het doel van piketmediation is om een verdere escalatie van het conflict te beperken en partijen een dienst te bieden waardoor zij snel tot een oplossing kunnen komen. Piketmediation wordt veelal aangeboden in de voorlopige voorzieningenprocedure.
    In opdracht van de Raad voor de rechtspraak is empirisch onderzoek uitgevoerd binnen het Amsterdams Centrum voor Familie & Recht (ACFL) van de Vrije Universiteit Amsterdam. In dit onderzoek zijn verschillende aanbiedingsvormen van piketmediation geëvalueerd die worden aangeboden door zeven gerechten: in een aantal gerechten zijn piketmediation pilots uitgevoerd en in andere is piketmediation reeds een reguliere werkwijze is geworden. In totaal zijn er 120 dossiers gescoord, 39 interviews afgenomen en een expertmeeting gehouden met 14 professionals. De bevindingen uit het dossieronderzoek, de interviews en de expertmeeting tezamen hebben geleid tot een algemeen rapport over de best practices en knelpunten van piketmediation met enkele aanbevelingen betreffende vormen van piketmediation die goed blijken te werken in de praktijk.
    ---
    Picket mediation (in Dutch: piketmediation) is a form of mediation which runs alongside normal court procedures, and is held in a pressure-cooker-like environment. It typically takes place in the courthouse and in principle, the outcome of the mediation is reported back to the judge after the first session. Such mediation is intended to limit any further escalation of a conflict and also to offer parties a service with which they can quickly resolve a situation themselves. Picket mediation is often offered in the provisional provisions procedure.
    At the request of The Council for the Judiciary, an empirical study of picket mediation was conducted by the Amsterdam Center for Family & Law (ACFL) of the VU University Amsterdam. Various forms of picket mediation as offered by seven courts were evaluated in this study. While some courts are conducting picket mediation pilots, others already have implemented picket mediation as a regular procedure. For this study a total of 120 files were scored, 39 interviews were conducted and an expert meeting was held with 14 professionals. The combined findings from these events have led to a general report on the best practices and challenges of picket mediation. A number of recommendations regarding forms of picket mediation that appear to work well in practice are additionally included.


mr. Daniëlle Brouwer
Daniëlle Brouwer is advocate bij bureau Brandeis.

mr. Eva de Jong
Eva de Jong is advocate bij SmeetsGijbels advocaten.

prof. mr. Lieke Coenraad
Lieke Coenraad, Vrije Universiteit Amsterdam.

prof. mr. Masha Antokolskaia
Masha Antokolskaia, Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Eén medisch adviseur empirisch onderzocht

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2019
Trefwoorden medisch adviseur, empirisch, letselschade
Auteurs Prof. mr. G. van Dijck
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel doet verslag van een onderzoek waarin is getest of letselschadezaken sneller en tegen minder kosten kunnen worden afgewikkeld in een procedure met één medisch adviseur (1MA) in vergelijking met een procedure met twee medisch adviseurs (2MA). Een veldexperiment met 129 zaken die willekeurig werden toegewezen aan de 1MA- en 2MA-groep is opgezet om te testen of de procedure zou leiden tot verschillen tussen de twee procedures in termen van doorlooptijden en kosten. De resultaten laten verschillen zien tussen de twee procedures ten gunste van de 1MA-procedure, in ieder geval ten aanzien van de looptijd; het bewijs dat de 1MA-procedure met lagere kosten gepaard ging dan de 2MA-procedure is op zijn best genomen zwak. In samenhang met eerder empirisch onderzoek lijkt de conclusie vooral te zijn dat tijdwinst en kostenbesparing kunnen worden bereikt door het beperken van mogelijkheden tot extra handelingen en discussie. Dit kan met een 1MA-procedure, maar dit is geen garantie voor snellere doorlooptijden en lagere kosten.


Prof. mr. G. van Dijck
Prof. mr. G. van Dijck is hoogleraar Privaatrecht aan Maastricht University.
Objets trouvés

Nieuwe en gedurfde rechtssociologie

Bruikbare kennis voor de wetgever?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2019
Trefwoorden Rechtssociologie, Seculiere benadering, Rechtsvervreemding, Bruikbare kennis, Hertogh
Auteurs Mr. dr. P.J.P.M. van Lochem
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn Nobody’s Law presenteert Hertogh een nieuwe rechtssociologische benadering en plaatst die tegenover de kritische benadering. Kern van deze nieuwe (‘seculiere’) benadering is het concept rechtsvervreemding. Of deze nieuwe benadering voor de wetgeving bruikbare kennis gaat opleveren, zoals andere rechtssociologische benaderingen doen, is twijfelachtig. Het is immers moeilijk om wetgeving af te stemmen op mensen die van het recht vervreemd zouden zijn. Daarnaast vergt het concept rechtsvervreemding verheldering, zonder – zoals nu is gedaan – de werkelijkheid (cases) op maat te snijden.


Mr. dr. P.J.P.M. van Lochem
Mr. dr. P.J.P.M. (Peter) van Lochem is Fellow van het Meijers Instituut (Universiteit Leiden).

Martijn Keizer
Universitair docent van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG)

Jaap Wieringa
Hoogleraar van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG)
Article

Access_open The Court of the Astana International Financial Center in the Wake of Its Predecessors

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2019
Trefwoorden international financial centers, offshore courts, international business courts, Kazakhstan
Auteurs Nicolás Zambrana-Tévar
SamenvattingAuteursinformatie

    The Court of the Astana International Financial Center is a new dispute resolution initiative meant to attract investors in much the same way as it has been done in the case of the courts and arbitration mechanisms of similar financial centers in the Persian Gulf. This paper examines such initiatives from a comparative perspective, focusing on their Private International Law aspects such as jurisdiction, applicable law and recognition and enforcement of judgments and arbitration awards. The paper concludes that their success, especially in the case of the younger courts, will depend on the ability to build harmonious relationships with the domestic courts of each host country.


Nicolás Zambrana-Tévar
LLM (LSE), PhD (Navarra), KIMEP University.
Artikel

Afketsende of gedeelde verbeeldingswerelden?

Kijkervaringen van moslimjongeren en politiestudenten met ISIS-video’s en Hollywoodfictie in Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Dutch youth, ISIS videos, Hollywood, Visual skills
Auteurs Heidi de Mare, Sigrid Burg, Gawie Keyser e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Between 2013-2017 there were many ISIS videos circulating. It was generally assumed that these videos would encourage young Muslims to radicalize and join ISIS. But what do we actually know about the imaginary world of young people? Do sociological aspects such as the economic, cultural and religious background play a decisive role in this? Can we use the films and TV series that young people see as an entry into their imaginary world? To what extent can image analysis provide knowledge that contributes to safety issues? Commissioned by the Department of Counterterrorism, Radicalization and Extremism (CTER) of the Dutch National Police, the IVMV Foundation invited, in a comparative pilot study, twenty Dutch youngsters (10 with a Muslim background and 10 police students) to share their viewing experiences with five trailers (3 Hollywood, 1 Netflix, 1 not explicit violent ISIS video) that touched on the ISIS issue. This resulted in a research report and a film (in Dutch as well as in English) that was presented in November 2017 (De Mare et al. 2017a; De Mare 2017b). A remarkable result was that their viewing experiences and feelings showed a lot of similarity.


Heidi de Mare
Heidi de Mare is gepromoveerd beeldwetenschapper en directeur van stichting IVMV, instituut voor maatschappelijke verbeelding, www.ivmv.nl.

Sigrid Burg
Sigrid Burg is beeldonderzoeker, beeldmaker en ondernemer.

Gawie Keyser
Gawie Keyser is filmrecensent bij de Groene Amsterdammer.

Dick de Ruijter
Dick de Ruijter is cultuurpsycholoog en zelfstandig onderzoeker, www.dickderuijter.nl.

Gabriël van den Brink
Gabriël van den Brink was hoogleraar Maatschappelijke bestuurskunde, Universiteit Tilburg en is hoogleraar Filosofie van Cultuur en Bestuur bij Centrum Ethos, VU Amsterdam, www.vu.centrumethos.nl.
Artikel

Slachtofferbewust en herstelgericht werken in de reclasseringspraktijk

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden slachtofferbewust werken, herstelgerichte detentie, gevangenis, reclassering
Auteurs Jacqueline Bosker en Vivienne de Vogel
SamenvattingAuteursinformatie

    The last years victim awareness has received special attention in the Dutch probation service. Three goals are central: respecting the rights and interests of the victim, mapping and increasing victim awareness of the probation client, and working towards the possibilities for recovery. Based on discussions with probation officers, this contribution sketches a picture of how this takes shape in practice. Experience shows that good results are achieved, but that more training and attention to the subject is needed to give it a full place in the probation work.


Jacqueline Bosker
Jacqueline Bosker is lector Werken in Justitieel Kader bij Hogeschool Utrecht.

Vivienne de Vogel
Vivienne de Vogel is lector Werken in Justitieel Kader bij Hogeschool Utrecht en onderzoeker bij De Forensische Zorgspecialisten.

    In deze bijdrage staat General Comment No. 20 van het VN-Kinderrechtencomité, over het implementeren van kinderrechten tijdens de adolescentie, centraal. De aanleiding voor en inhoud van de General Comment worden in hoofdlijnen besproken. Daarnaast wordt specifiek aandacht besteed aan een onderwerp dat door het Kinderrechtencomité in het bijzonder van belang wordt geacht voor de bescherming van de rechten van adolescenten: het strafrecht. In dat kader wordt ook de positie van adolescenten in het Nederlandse straf(proces)recht behandeld.


E.P. Schmidt LLM, BSc
E.P. (Eva) Schmidt is promovenda bij de afdeling Jeugdrecht van de Universiteit Leiden.
Artikel

Eerder verbindend dan visionair

Een analyse van de overwegingen van burgemeesters bij het gebruiken van de handhavende bevoegdheden uit de Wet Damocles

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden home closure, Mayors, political leadership, leadership style, the Netherlands
Auteurs Ineke Bastiaans en Niels Karsten
SamenvattingAuteursinformatie

    Several authors fear that the expansion of Dutch mayors’ executive powers in the field of safety and security will harm their position as non-partisan and consensus-oriented leaders. Empirical research into how mayors use their powers, however, is still rare. From a leadership perspective, the current article analyzes how mayors in the region of South East Brabant in Netherlands use their administrative power to close homes involved in drug-related crime. Drawing on Fischer’s framework of discursive practices, we analyze mayors’ considerations in terms of the argumentation they provide for closing homes. Our analysis, which draws on interviews and document analysis, covers 27 cases from the police region of South-East Brabant and includes 120 considerations. Our findings indicate that mayors vindicate home closures mostly through policy-derived technical and situational argumentations. Vindications that aspire a particular societal effect, such as the reduction of criminal activity, or ideological motivations are rarer, which is indicative of a non-decisive leadership style. In addition, mayors mostly respect the local closure policies. As such, they show very little decisive and individualistic leadership. And, to the extent that they deviate from agreed-upon regional policies, their motivation is to be able to take into account unique local circumstances. In the use of their administrative powers mayors, thus, show mostly situational and adaptive leadership, which, rather than as visionaries, positions them as caretakers. The leadership style of Dutch mayor in the use of this administrative power is, thus, much more in accordance with their traditional bridging-and-bonding leadership style than some authors suspect. Some of the limitations of our study are that we have analyzed closure decisions from one region only and that real-life decisions are susceptible to contextual influences. At the same time, our study provides a rare insight into real-world mayoral leadership in the Netherlands in the field of safety and security.


Ineke Bastiaans
Ineke Bastiaans is onderzoeker en adviseur bij Necker van Naem.

Niels Karsten
Niels Karsten is Universitair Docent aan Tilburg University.
Artikel

Access_open Verborgen strijd in het veiligheidsdomein: over samenwerking tussen politie en gemeente bij de bestuurlijke aanpak van overlast en criminaliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Interorganisationele samenwerking, Politie, Gemeenten, bestuurlijke aanpak, overlast en criminaliteit
Auteurs Renze Salet
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands, over the past 25 years mayors have had an increasing number of formal powers, based on administrative law, to fight against crime and disorder. Now, the Dutch mayors have the power to impose a restraining order, to close houses in case of drugs and/or drugs trade, or to decline a request for a permit when it might be used for illegal activities.
    To implement these measures, the local government is highly dependent on (information provided by) the police. At this moment we do not have much information about this cooperation between local government and the police in the management of crime and disorder. This paper is based on an empirical study concerning this issue. It shows that the inter-organizational cooperation between local government and the police may differ strongly, however this cooperation still often depends on central factors and circumstances. An important factor is the (growing) distance between the police and local government in regard to the local approach of problems of crime and disorder. A significant number of local police officers concentrates mainly on the maintenance of law and order by criminal law enforcement instead of the implementation of administrative measures. As a result, local government is often unsatisfied about the contribution of the police. For example, the quality of the information provided by the police is often perceived as insufficient. In some cases local governments try to diminish the degree of interdependency with the police and to strengthen their own position in the local safety domain.


Renze Salet
Renze Salet is Universitair Docent Criminologie bij de vakgroep Strafrecht & Criminologie van de Radboud Universiteit (Faculteit Rechtsgeleerdheid).
Artikel

Evaluatie PKB Ruimte voor de Rivier: juridisch-bestuurlijke lessen voor toekomstige grootschalige infrastructurele overheidsprojecten

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Ruimte voor de Rivier, participatie, integrale besluitvorming, projectbesluit, bestuurlijke verhoudingen
Auteurs Mr. dr. M.N. (Marlon) Boeve, Mr. dr. G.M. (Berthy) van den Broek, Mr. dr. F.A.G. (Frank) Groothuijse e.a.
Samenvatting

    Auteurs bespreken de planologische kernbeslissing Ruimte voor de Rivier (PKB RvR) en geven antwoord op de vraag welke juridisch-bestuurlijke lessen voor toekomstige grootschalige infrastructurele overheidsprojecten getrokken kunnen worden. De PKB RvR is – anders dan vele andere door de overheid uitgevoerde grootschalige en ingrijpende infrastructurele projecten – vrijwel tijdig met het bereiken van de voorgenomen doelstellingen en binnen het oorspronkelijk budget uitgevoerd. Onderzocht zijn welke juridisch-bestuurlijke aspecten daaraan hebben bijgedragen. Auteurs gaan in op een zestal aspecten: decentralisatie en interbestuurlijke vormgeving, integraliteit van besluitvorming, participatie van burgers en marktpartijen, projectorganisatie, snelheid en coördinatie van besluitvorming, flexibiliteit in besluitvorming en kwaliteit van besluitvorming.
    De lessen zijn in de eerste plaats van belang voor toekomstige infrastructurele projecten ten behoeve van het overstromingsrisicobeheer, maar kunnen ook van belang zijn voor andere grote (infrastructurele) projecten, die bijvoorbeeld moeten worden uitgevoerd in het kader van de energietransitie, zoals de aanleg van windparken en zonnevelden en bijbehorende kabels en leidingen, of in het kader van de mobiliteit, zoals de aanleg en aanpassing van (spoor)wegen.


Mr. dr. M.N. (Marlon) Boeve

Mr. dr. G.M. (Berthy) van den Broek

Mr. dr. F.A.G. (Frank) Groothuijse

Mr. dr. A. (Andrea) Keessen

Prof. mr. H.F.M.W. (Marleen) van Rijswick
Artikel

Tweede kansen, stigma’s en de praktijk van het civielrechtelijk bestuursverbod

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7 2019
Trefwoorden civielrechtelijk bestuursverbod, bestuursverbod, faillissementsfraude, curator, Openbaar Ministerie
Auteurs Mr. M. Neekilappillai en Mr. dr. N.T. Pham
SamenvattingAuteursinformatie

    Het civielrechtelijk bestuursverbod biedt de curator en het Openbaar Ministerie een instrument om faillissementsfraude effectiever te bestrijden. Op basis van rechtspraakanalyse en interviews met betrokken curatoren wordt betoogd dat het civielrechtelijk bestuursverbod geen geschikt instrument is voor het aanpakken van onkundige maar bonafide bestuurders.


Mr. M. Neekilappillai
Mr. M. Neekilappillai is als promovenda verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht, afdeling Burgerlijk recht, van de Universiteit Leiden.

Mr. dr. N.T. Pham
Mr. dr. N.T. Pham is als universitair docent verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht, afdeling Ondernemingsrecht, van de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Nieuwe hindoetempels in Nederland: een schets van lokale initiatieven en gemeentelijke reacties

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Hindoetempel, Burgerlijke gemeente, Welstandscommissie, Rol architecten, Lokale politiek
Auteurs Dr. Freek L. Bakker
SamenvattingAuteursinformatie

    Currently the Netherlands count 44 Hindu temples. Most of them are arranged in converted school buildings, shops and other edifices not meant to be used as a Hindu house of worship. In 2000 the first purpose-built Hindu temple was constructed, and after that date five other purpose-built prayer houses of Hindu background were built. This article analyses the interaction between the initiators and the representatives of the local governments in the process between the first plans and the ultimate result. It will become clear that the various municipalities acted differently in the implementation of the national and local regulations concerning building religious prayer houses. The people initiating the construction of these buildings also operated variously.


Dr. Freek L. Bakker
Dr. Freek L. Bakker was tot zijn pensioen op 1 februari 2017 universitair docent en onderzoeker aan het departement Filosofie en Religiewetenschap van de Universiteit Utrecht. Zijn vakgebied is religiewetenschap en dan in het bijzonder de studie van het hindoeïsme. In 2018 publiceerde hij het boek Hindus in the Netherlands (Berlijn e.a.: LIT-Verlag). Daarnaast heeft hij zich veel beziggehouden met het Caraïbische hindoeïsme, met name dat van Suriname. Zijn belangrijkste publicatie op dit terrein is Hindoes in een creoolse wereld (Zoetermeer: Meinema 1999). Een ander onderzoeksterrein is religie en film, in het bijzonder de Jezusfilms.

    This is a review of the book Met de kennis van morgen. Toekomst verkennen voor de Nederlandse overheid (‘With the knowledge of tomorrow. Exploring the future for the Dutch government’), published at the end of 2018. The bundle contains ten contributions written by authors working at various Dutch advisory boards and planning agencies. The articles do not discuss subjects belonging to the Justice and Security domain. But they are certainly relevant in terms of methods and approach.


Dr. Bob van der Vecht
Dr. B. van der Vecht is als Senior Researcher verbonden aan TNO. Hij is tevens redactieraadlid van Justitiële verkenningen.

    In 2016 the Dutch Government Commission of Reassessment of Parenthood (GCRP) proposed a wide array of legal changes to Family Law, e.g. with regard to legal multi-parenthood and legal multiple parental responsibility. Although the commission researched these matters thoroughly in its quest towards proposing new directions in the field of Family Law, multi-parents themselves were not interviewed by the commission. Therefore, this article aims to explore a possible gap between the social experiences of parents and the recommendations of the GCRP. Data was drawn from in depth-interviews with a sample of 25 parents in plus-two-parent constellations living in Belgium and the Netherlands. For the most part the social experiences of parents aligned with the ways in which the GCRP plans to legally accommodate the former. However, my data tentatively suggests that other (legal) recommendations of the GCRP need to be explored more in depth.
    ---
    In 2016 stelde de Nederlandse Staatscommissie Herijking ouderschap voor om een wettelijk kader te creëren voor meerouderschap en meeroudergezag. Ondanks de grondigheid van het gevoerde onderzoek ontbraken er gegevens omtrent de ervaringen van de meerouders zelf. Dit artikel levert een bijdrage in het vullen van deze leemte door inzage te geven in de (juridische) ervaringen van 25 ouders in meerouderschapsconstellaties in België en Nederland.


Nola Cammu MA
Nola Cammu is PhD Candidate at the Law Faculty of the University of Antwerp.
Werk in uitvoering

Law in action in strafzaken

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden perceived procedural justice, fair process effect, perceived everyday discrimination, criminal defendants, empirical-legal research
Auteurs mr. Lisa Ansems
SamenvattingAuteursinformatie

    This PhD project uses a mixed method design to study perceived procedural justice among defendants in Dutch single-judge criminal cases. To find out whether defendants are concerned with perceived procedural justice and to get a better grasp on the concept, the first empirical project reviewed here is an interview study among defendants conducted in 2017. In this study, defendants were interviewed after their court hearings about perceived procedural justice during their court hearings. The second empirical project, which started in January 2019, zooms in on experiences of defendants with a non-western migration background. Using a questionnaire, I examine whether and how perceived everyday discrimination affects defendants’ perceptions of and reactions to procedural justice during their court hearings. I am currently designing a third empirical study, which entails a scenario experiment among people with a non-western migration background. I plan to manipulate the level of perceived procedural justice during a hypothetical court hearing to examine its influence on, for instance, people’s trust in judges, and again assess whether people’s reactions to perceived procedural justice differ depending on their levels of perceived everyday discrimination. At the end of my dissertation, I plan to connect the empirical findings to the legal domain by assessing possible normative implications.


mr. Lisa Ansems
Lisa Ansems is als promovenda verbonden aan het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht. Voorafgaand aan haar promotietraject studeerde zij rechten (bachelor en Legal Research Master, beide in Utrecht).
Artikel

De beslispraktijk van het Schadefonds Geweldsmisdrijven: een kwalitatieve studie naar de beoordeling van verzoeken tot tegemoetkoming

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden slachtoffers, geweldscriminaliteit, schade, tegemoetkoming, beslispraktijk
Auteurs Mara Huibers MSc., Prof. dr. mr. Maarten Kunst en Dr. mr. Sigrid van Wingerden
SamenvattingAuteursinformatie

    Victims who suffer severe damages due to the act of a violent crime can request state compensation from the Dutch Violent Offences Compensation Fund (VOCF). VOCF workers who decide on these requests use their discretionary powers to translate the VOCF’s rules and policy into concrete actions. This study investigated (1) to what extent these VOCF workers match Lipsky’s definition of street-level bureaucrats and (2) what routines and heuristics they use to deal with time and information constraints. On the basis of document analysis and interviews, we found that the decision makers of the VOCF can to a certain extent be seen as street-level bureaucrats. To make decisions timely, some of them use routines such as the ‘downstream orientation’. This means that they award requests for compensation if they think that the applicant would be able to successfully contest a rejecting decision. To deal with a lack of information, they sometimes include a review clause in the text of a rejection decision. The use of heuristics was not found among the lawyers who decide in first instance, but in case of appeal hearings heuristics such as the affect and representativeness heuristic seem to play a role in the decision-making process. Future research should investigate whether these routines and heuristics lead to disparities in outcomes.


Mara Huibers MSc.
Mara Huibers is docent Criminologie aan de Universiteit Leiden.

Prof. dr. mr. Maarten Kunst
Maarten Kunst is hoogleraar criminologie aan Universiteit Leiden.

Dr. mr. Sigrid van Wingerden
Sigrid van Wingerden is universitair hoofddocent criminologie aan Universiteit Leiden.
Toont 1 - 20 van 1145 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.