Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 1580 artikelen

x
Artikel

De pauliana in het Europese internationaal privaatrecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2019
Trefwoorden ipr, toepasselijk recht, Rechtsmacht, Eex-VO, pauliana
Auteurs Mr. T.V.J. Bil
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de pauliana kan een faillissementscurator of schuldeiser transacties van de schuldenaar met derden aantasten. In dit artikel wordt besproken hoe rechtsmacht en toepasselijk recht voor een paulianavordering binnen en buiten faillissement moeten worden bepaald. Daarbij valt op dat de situatie binnen faillissement veel overzichtelijker is dan buiten faillissement.


Mr. T.V.J. Bil
Mr. T.V.J. Bil is advocaat bij RESOR te Amsterdam.
Artikel

Uitleg van jointventurestatuten: Haviltex met een scheutje CAO of andersom?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2019
Trefwoorden uitleg, jointventurestatuten, CAO-norm, Haviltex-norm
Auteurs Mr. R.G.J. Nowak
SamenvattingAuteursinformatie

    De contractuele benadering van jointventurestatuten is al langere tijd een bestendige tendens in rechtspraak en doctrine. Zij erkent de economische werkelijkheid van jointventureverhoudingen. De auteur bepleit dat bij uitleg van jointventurestatuten de Haviltex-norm als uitgangspunt zou moeten dienen. Een objectieve uitleg is zijns inziens in beginsel slechts bij zeer weinig statutaire bepalingen geboden.


Mr. R.G.J. Nowak
Mr. R.G.J. Nowak is advocaat bij Clifford Chance LLP te Amsterdam en Fellow aan het Van der Heijden Instituut.
Artikel

Extra beschermd of extra beschadigd?

De juridische positie en leefomstandigheden van kinderen met een handicap in asielzoekerscentra in Nederland

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Handicap, VN-Kinderrechtenverdrag (IVRK), kinderen met een handicap in asielzoekerscentra, belang van het kin, non-discriminatiebeginsel
Auteurs Mr. M. Goeman en Mr. S. Schuitemaker
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan de hand van drie zaken afkomstig van de Kinderrechtenhelpdesk van Defence for Children illustreren de auteurs verschillende problemen waar kinderen met een handicap in asielzoekerscentra tegenaan lopen. Het artikel bevat een samenvatting van het onderzoek van Defence for Children, ‘Extra beschermd of extra beschadigd? Onderzoek naar de leefomstandigheden van kinderen met een handicap in asielzoekerscentra in Nederland’. Besproken wordt daarbij een recent vernietigend rapport van de Kinderombudsman over medische zorg die aan een doof meisje werd geweigerd omdat zij geen verblijfsvergunning had. De auteurs betogen dat de wetgever, immigratieautoriteiten en opvanginstanties aan zet zijn om ervoor te zorgen dat de rechten van kinderen met een handicap gerespecteerd worden. Dat moet gelden zowel in de verblijfsprocedure als in de opvangprocedures en bij de toegang tot medische zorg.


Mr. M. Goeman
Mr. M. (Martine) Goeman is Programmamanager kinderrechten en migratie.

Mr. S. Schuitemaker
Mr. S. (Sander) Schuitemaker is Juridisch adviseur kinderrechten en migratie bij Defence for Children.
Artikel

Access_open De Xeikon-beschikking van de Hoge Raad van 19 juli 2019: cassatie wegens vormverzuim

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2019
Trefwoorden Xeikon, enquêteprocedure, oproeping, vormverzuim, cassatie
Auteurs Mr. T. Drenth
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad casseert bij beschikking van 19 juli 2019 een deel van de (tweede-fase)beschikking en de daarop volgende verbeteringsbeschikking van de Ondernemingskamer met betrekking tot de enquêteprocedure inzake Xeikon N.V., kort gezegd wegens vormverzuim door de Ondernemingskamer. Deze bijdrage bespreekt de beschikking en de gevolgen daarvan.


Mr. T. Drenth
Mr. T. Drenth is advocaat bij Clifford Chance te Amsterdam.
Artikel

Voorontwerp wetsvoorstel overgang van onderneming in faillissement

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2019
Trefwoorden faillissement, doorstart, overgang van onderneming
Auteurs Mr. M.R. van Zanten
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt het voorontwerp wetsvoorstel overgang van onderneming in faillissement. Hiermee moet een einde worden gemaakt aan de onzekerheid die is ontstaan na het Smallsteps-arrest. De huidige wettelijke regeling voor werknemers na een doorstart na faillissement gaat volledig op de schop. De auteur bespreekt daarnaast praktische gevolgen van het voorontwerp en alternatieven.


Mr. M.R. van Zanten
Mr. M.R. van Zanten is advocaat en curator bij CMS. Hij verricht als buitenpromovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen onderzoek naar de pre-pack.
Artikel

De bedongen hoofdelijkheid, de bank en de concernverhoudingen

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2019
Trefwoorden hoofdelijke aansprakelijkheid, concernfinanciering, concernverhoudingen, regresrecht, kruisverbanden
Auteurs Mr. C.H.A. van Oostrum
SamenvattingAuteursinformatie

    Banken verlangen doorgaans dat concernvennootschappen zich hoofdelijk aansprakelijk stellen voor het concernkrediet. In deze bijdrage gaat de auteur in op mogelijke voordelen en risico’s van de bedongen hoofdelijkheid voor de bank, het concern en de concernvennootschappen.


Mr. C.H.A. van Oostrum
Mr. C.H.A. van Oostrum is als docent/onderzoeker werkzaam in het hoger onderwijs.
Artikel

Wetgeving straf- en strafprocesrecht in Aruba, Curaçao en Sint Maarten

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Caribisch, Antillen, Wetgeving, Strafrecht, Strafprocesrecht
Auteurs Mr. J.H.J. Verbaan en mr. B.A. Salverda
SamenvattingAuteursinformatie

    In de voormalige Nederlandse Antillen en Aruba is al enige tijd een herziening gaande van het straf- en strafprocesrecht. Onlangs is door de commissie herziening Wetboek van Strafvordering een vernieuwd concept aangeboden aan de ministers van Justitie van Aruba, Curaçao en Sint Maarten. In dit artikel wordt de huidige stand van zaken van de strafwetgeving en de wetgeving op het gebied van het strafprocesrecht weergegeven. In het artikel is betoogd een snelle invoering van het vernieuwde strafprocesrecht wenselijk en noodzakelijk is. Ook voor de invoering van het strafprocesrecht geldt het beginsel ‘lites finiri oportet’.


Mr. J.H.J. Verbaan
Mr. J.H.J. Verbaan is werkzaam als wetenschappelijk onderzoeker bij de sectie Strafrecht van de Erasmus Universiteit Rotterdam. In die hoedanigheid maakt hij ook deel uit van het Antilliaanse projectteam van prof. De Doelder. Dit projectteam heeft bijstand verleend bij de totstandkoming van het nieuwe Wetboek van Strafrecht, alsmede de herziening van het Caribisch Wetboek van Strafvordering. Momenteel draagt hij bij aan het proces van invoering van het Wetboek van Strafvordering en bijbehorende uitvoeringswetgeving.

mr. B.A. Salverda
Mr. B.A. Salverda is werkzaam als wetenschappelijk onderzoeker bij de sectie Strafrecht van de Erasmus Universiteit Rotterdam. In die hoedanigheid maakt zij ook deel uit van het Antilliaanse projectteam van prof. De Doelder. Dit projectteam heeft bijstand verleend bij de totstandkoming van het nieuwe Wetboek van Strafrecht, alsmede de herziening van het Caribisch Wetboek van Strafvordering. Momenteel draagt zij bij aan het proces van invoering van het Wetboek van Strafvordering en bijbehorende uitvoeringswetgeving.
Artikel

Buitengerechtelijke afdoening van financieel-economische strafzaken op Curaçao

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Buitengerechtelijke afdoening, Transactie, Curaçao, Openbaar Ministerie, Fraudezaken
Auteurs Mr. D.S. Schreuders en mr. N. Van der Voort
SamenvattingAuteursinformatie

    Transacties met het OM in financieel-economische en fraudezaken op Curaçao volgen grotendeels dezelfde procedure als Nederlandse strafzaken op het gebied van fraude en kennen dezelfde uitgangspunten en kenmerken. Toch zijn er ook verschillen tussen de transactieregelingen in Nederland en in Curaçao. In deze bijdrage wordt een beschrijving gegeven van de wijze van afdoening buiten de rechter om van financieel-economische strafzaken en fraudezaken, zoals die op Curaçao plaats kan vinden. Het artikel beoogt tevens (mede op basis van praktijkervaringen) inzicht te geven in dit sluitstuk van de strafrechtspleging vanuit een rechtsvergelijkend perspectief ten opzichte van Nederland. Met het oog op het komende Caribische Wetboek van Strafvordering en de modernisering van het Nederlandse Wetboek van Strafvordering is het immers buitengewoon interessant om de verdere ontwikkelingen in de schikkingspraktijk van het OM Curaçao en de overige overzeese gebiedsdelen de komende tijd scherp in de gaten te houden.


Mr. D.S. Schreuders
Mr. D.S. Schreuders is partner bij Simmons & Simmons Amsterdam, Crime Fraud & Investigations.

mr. N. Van der Voort
Mr. N. van der Voort is advocaat bij Simmons & Simmons Amsterdam, Crime Fraud & Investigations.
Jurisprudentie

Civiele jurisprudentie van GEA en GHvJ

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2019
Auteurs Prof. mr. dr. J. de Boer
Auteursinformatie

Prof. mr. dr. J. de Boer
Prof. mr. dr. J. de Boer is lid van het Gemeenschappelijk Hof.

Mr. Th. Veling
Mr. Th. Veling is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Strafrecht

De uitleg van het begrip rechterlijke autoriteit bij de uitvaardiging van een Europees arrestatiebevel

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden rechterlijke autoriteit, Europees arrestatiebevel, onafhankelijkheid officier van justitie, overlevering, rechter-commissaris
Auteurs Mr. dr. J.W. van der Hulst
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 27 mei 2019 heeft het Hof van Justitie bij prejudiciële beslissing in drie zaken een uitspraak gedaan over de uitleg van het begrip ‘rechterlijke autoriteit’ in verband met het uitvaardigen van een Europees arrestatiebevel. Met een rechterlijke autoriteit wordt volgens het Hof van Justitie niet bedoeld het openbaar ministerie van een lidstaat dat niet onafhankelijk is van de uitvoerende macht, met name de minister van Justitie. Dit betekent dat in Nederland de Overleveringswet moet worden gewijzigd in de zin dat het uitvaardigen van een EAB voortaan is voorbehouden aan een rechterlijke autoriteit. Ook de Rechtbank Amsterdam moet zich beraden op de behandeling van lopende verzoeken tot overlevering afkomstig van niet-rechterlijke autoriteiten van andere lidstaten.
    HvJ 27 mei 2019, gevoegde zaken C-508/18 en C-82/19 PPU, OG en PI, ECLI:EU:C:2019:456 en HvJ 27 mei 2019, zaak C-509/18, Minister for Justice and Equality/PF, ECLI:EU:C:2019:457.


Mr. dr. J.W. van der Hulst
Mr. dr. J.W. (Jaap) van der Hulst is universitair docent Strafrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Mededingingsrecht

Nationale veiligheid en buitenlandse investeringen

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden nationale veiligheid, investering screening, investeringstoets, Verordening 2019/452, ongewenste zeggenschap
Auteurs Mr. J. de Kok
SamenvattingAuteursinformatie

    In reactie op de toenemende aandacht voor geopolitieke belangen in het kader van buitenlandse investeringen is recent een Europese verordening aangenomen en is een Nederlands wetsvoorstel voor de Wet ongewenste zeggenschap telecommunicatie (WOZT) aanhangig gemaakt. De Europese Verordening (EU) 2019/452 tot vaststelling van een kader voor de screening van buitenlandse directe investeringen in de Europese Unie creëert een Europees kader op het gebied van de screening van buitenlandse investeringen op grond van veiligheid of de openbare orde. De verordening is een hybride instrument dat (1) coördinatie tussen nationale screeningsautoriteiten faciliteert, (2) in een mate van harmonisatie voorziet en (3) formele Europese bevoegdheid op het gebied van screening van buitenlandse investeringen introduceert. De lidstaten blijven in het licht van hun soevereiniteit op het gebied van nationale veiligheid echter de uiteindelijke verantwoordelijke voor de vraag of een investering al dan niet wordt geblokkeerd op grond van de nationale veiligheid of openbare orde. Op grond van de WOZT krijgt de minister de bevoegdheid het verkrijgen of houden van overwegende zeggenschap in een telecommunicatiepartij te verbieden op grond van een bedreiging van het publiek belang. Omdat de ‘bedreiging van het publiek belang’-norm limitatief en zeer specifiek is gedefinieerd, zal de minister enkel in uitzonderlijke gevallen het verkrijgen of houden van overwegende zeggenschap kunnen verbieden.
    Verordening (EU) 2019/452 tot vaststelling van een kader voor de screening van buitenlandse directe investeringen in de Europese Unie (PbEU 2019, L 791/1); Wet ongewenste zeggenschap telecommunicatie (Kamerstukken II 2018/19, 35153, 2 (Wetsvoorstel) en 3 (MvT).


Mr. J. de Kok
Mr. J. (Jochem) de Kok is advocaat bij Allen & Overy LLP.
Artikel

Access_open A thief can’t pass good title

Tijdsverloop en eigendomsverkrijging naar civil en naar common law

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2019
Trefwoorden verjaring, belangenafweging, derdenbescherming, laches-verweer, roofkunst
Auteurs Prof. mr. E.J.H. Schrage
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij verjaring staan twee belangen op gespannen voet: het belang van de rechthebbende bij het behoud van zijn recht enerzijds en het belang van een ongestoord rechtsverkeer, dat bescherming van derden-verkrijgers te goeder trouw vereist, anderzijds. De common law kiest voor bescherming van het eerstgenoemde belang, de civil law van het laatste. Recentelijk zijn er echter aan beide zijden pogingen gaande om de scherpe kantjes van de tegenstelling af te slijpen. Die pogingen blijken niet altijd even gelukkig.


Prof. mr. E.J.H. Schrage
Prof. mr. E.J.H. Schrage is Honorary Professor aan de Nelson Mandela University te Port Elizabeth (South Africa) en emeritus hoogleraar privaatrecht aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

De Wet zorg en dwang treedt op 1 januari 2020 in werking

Terugblik en stand van zaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 5 2019
Trefwoorden Wet zorg en dwang, overgangsjaar, Wet langdurige zorg, Wzd-functionaris, stappenplan
Auteurs Mr. dr. B.J.M. Frederiks
SamenvattingAuteursinformatie

    De Wet zorg en dwang (Wzd) vervangt op 1 januari 2020 de Wet Bopz als het gaat om mensen met een psychogeriatrische aandoening of een verstandelijke beperking. Minister De Jonge (VWS) heeft op 5 juli 2019 na uitvoerig overleg met het veld in een Kamerbrief kenbaar gemaakt dat 2020 een overgangsjaar wordt voor de Wzd. In dit artikel wordt de stand van zaken en de actuele inhoud van de Wzd besproken.


Mr. dr. B.J.M. Frederiks
Brenda Frederiks is universitair docent gezondheidsrecht, Amsterdam UMC, locatie VUmc.

Artikel

Zekerheidsrechten op een aandeel in (een goed van) de gemeenschap van nalatenschap

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2019
Trefwoorden zekerheidsrecht op aandeel in gehele gemeenschap van nalatenschap, beschikken over aandeel in gemeenschappelijk goed afzonderlijk, beschikken over aandeel in gehele gemeenschap van nalatenschap, uitwinning aandeel in gehele gemeenschap van nalatenschap
Auteurs Prof. dr. S. Perrick
SamenvattingAuteursinformatie

    Een deelgenoot in een gemeenschap van nalatenschap kan zijn aandeel in de gehele gemeenschap niet verpanden. In deze bijdrage bespreekt de auteur de mogelijkheid en de gevolgen van het vestigen van een zekerheidsrecht op een aandeel in een gemeenschappelijk goed afzonderlijk. Hij verduidelijkt de betekenis van de wettelijke regelingen, die een redelijk hoog abstractieniveau hebben, mede aan de hand van voorbeelden.


Prof. dr. S. Perrick
Prof. dr. S. Perrick is advocaat te Amsterdam.
Wetenschap

Smallsteps: de uitspraak, de Nederlandse rechtspraak en voorgestelde regelgeving

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2019
Trefwoorden behoud van werknemersrechten, overgang van onderneming, pre-packaged deal, Smallsteps-uitspraak, Wet overgang van onderneming in faillissement
Auteurs Mr. C. de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn uitspraak van 22 juni 2017 in de Smallsteps-zaak besliste het Hof van Justitie van de Europese Unie dat de Europese richtlijn betreffende het behoud van de rechten van de werknemers bij overgang van ondernemingen ook van toepassing is wanneer de overgang van de onderneming plaatsvindt door middel van een zogenoemde pre-packaged deal. De latere Nederlandse rechtspraak beperkt de reikwijdte van de Smallsteps-uitspraak zo veel mogelijk. Op 29 mei 2019 is het voorontwerp Wet overgang van onderneming in faillissement gepubliceerd. Dit voorontwerp is mede een reactie op de Smallsteps-uitspraak, maar lijkt strijdig te zijn met de richtlijn.


Mr. C. de Groot
Mr. C. (Cees) de Groot is werkzaam bij de afdeling Ondernemingsrecht van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Artikel

Over een grens: Nederlandse vondelingen uit of naar het buitenland

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Vondeling, migratie, Nederland, rationelekeuzetheorie, gelegenheidstheorie
Auteurs Kerstin van Tiggelen
SamenvattingAuteursinformatie

    Within the group of Dutch foundlings, 28% are migratory foundlings: children coming from abroad to the Netherlands (inbound foundlings), and children going abroad from the Netherlands (outbound foundlings). According to the rational choice theory, there is at some point a rational decision behind human action, based on consideration of costs and benefits – terminology reminiscent of the origins within economic science. When viewed from that perspective, cross-border abandonment may be regarded to be a conscious effort to hinder detection. After all, abandonment of foundlings has been a criminal offence in the Netherlands since at least the Middle Ages. There is therefore also a vested interest in not attracting attention. Anyone abandoning a child and wishing to protect their identity will be attracted to locations that lack effective supervision, defined as guardianship within the criminological routine activities theory. However, the less familiar a location, the trickier it is to avoid visibility. Does the rational consideration of costs and benefits result in migratory foundlings being abandoned just over the border (in order that the perpetrators attract the least possible attention) or actually further inland (in order to detract from the cross-border activity, for example)? Is there a comparable choice in terms of distance when people abandon native foundlings – children found in their country of birth? Relevant questions indeed, as greater insight into such variables can support the direction taken by detection activities. This study is an exploratory analysis of the distance between the domicile or birth location and the abandonment location of cross-border foundlings. The results will then be compared with the distances in the case of domestic foundlings.


Kerstin van Tiggelen
Kerstin van Tiggelen is gepromoveerd in de Humanistiek en voorzitter van stichting Nederlands Instituut voor de Documentatie van Anoniem Afstanddoen (NIDAA).
Toont 1 - 20 van 1580 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.