Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 3917 artikelen

x
Artikel

Bestuurdersaansprakelijkheid en internetcriminaliteit in de bioscoop: een spannende film?

Rb. Amsterdam (kanton) 31 oktober 2018, ECLI:NL:RBAMS:2018:7881 (CEO-fraude Pathé)

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, werknemersaansprakelijkheid, opzet of bewuste roekeloosheid, ernstig verwijt
Auteurs Mr. dr. W.A. Westenbroek
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze praktisch-wetenschappelijke bijdrage wordt aan de hand van de CEO-fraude bij Pathé stilgestaan bij het onderscheid tussen de aansprakelijkheidspositie van de bestuurder en de aansprakelijkheidspositie van de werknemer en de in dat verband gehanteerde terminologie.


Mr. dr. W.A. Westenbroek
Mr. dr. W.A. Westenbroek is advocaat bij WestLegal te Amsterdam en verbonden aan de Erasmus School of Law.
Artikel

Het non-concurrentiebeding in de ondernemingsrechtpraktijk: vergeet het mededingingsrecht niet!

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden non-concurrentiebeding, overnames, joint venture, aandeelhoudersovereenkomst, kartelverbod
Auteurs Mr. L.E. Haanraadts en Mr. drs. G. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt aan de hand van wet- en regelgeving en jurisprudentie het wettelijk kader besproken dat geldt voor non-concurrentiebedingen in overnameovereenkomsten en aandeelhoudersovereenkomsten. Ook worden mogelijke sancties in geval van een inbreuk op het mededingingsrecht behandeld. Afgesloten wordt met enkele aanbevelingen en aandachtspunten bij het opstellen van non-concurrentiebedingen.


Mr. L.E. Haanraadts
Mr. L.E. Haanraadts is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. drs. G. de Jong
Mr. drs. G. de Jong is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Extremisme gezien vanuit de Dialogical Self Theory

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Extremism, zelf, Democratie, Dialog, Diversiteit
Auteurs Prof. dr. Frans Wijsen en em. prof. dr. Hubert Hermans
SamenvattingAuteursinformatie

    Extremism is a phenomenon that bothers various EU member states. It is difficult to define, and difficult to study. In this contribution we look at extremism from the perspective of the Dialogical Self Theory (DST). This theory is well-known in personality psychology. Recently is has got a development that could make it relevant for understanding, predicting and preventing extremism. The issue at stake is the relation between diversity, dialogue and democracy.


Prof. dr. Frans Wijsen
Prof. dr. F.J.S. Wijsen is hoogleraar Religie- en missiewetenschap, en decaan van de faculteit Theologie aan de Radboud Universiteit, Nijmegen. Hij redigeerde onder andere (met Kocku von Stuckrad) Making Religion. Theory and Practice of Discursive Study of Religion (Brill, 2016).

em. prof. dr. Hubert Hermans
Dr. H.J.M. Hermans is emeritus hoogleraar Psychologie aan de Radboud Universiteit, Nijmegen. Hij is de grondlegger van de Dialogical Self Theory en president van de International Society for Dialogical Science. Hij is auteur van Society in the Self: A theory of identity in democracy (Oxford University Press 2018). hhermans@psych.ru.nl
Artikel

Access_open Het boeddhisme en de ideale staat

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Aziatisch leiderschap, Koningschap, ideale staat in Azië
Auteurs Prof. dr. Paul van der Velde
SamenvattingAuteursinformatie

    Buddhism has very specific ideas about an idealized form of government in Asia. These ideas may be ancient but they very often play a part in the background of politics up to modernity. Even within republics where religious monarchy has long since disappeared, a certain supernatural foundation on the basis of which a government functions may still be present. Opposition to a government can often imply resistance to a world order that is actually of supranatural origin. This article focuses on historical dimensions of this phenomenon (the position of the Buddha, the origin of the monarchy and Emperor Ashoka), but also on modern forms (Sri Lanka, Thailand and Myanmar). Concerning Myanmar, the recent developments around the Rohingyas are placed in a cultural perspective.


Prof. dr. Paul van der Velde
Prof. dr. P.J.C.L. van der Velde is hoogleraar Aziatische religies aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Zijn belangrijkste onderzoeksterrein is het boeddhisme in de moderniteit en de transformaties die deze religie mondiaal doormaakt. Recente publicaties zijn onder meer: De oude Boeddha in een nieuwe wereld. Verkenningen in de Westerse Dharma. (2015); Sundarikatha, het verhaal van Sundari, schoonzus van de Boeddha. Sundarikatha, the story of Sundari, sister in law of the Buddha. A poem in Sanskrit (2016). Met Thomas Quartier osb schreef hij Zinzoekers. Dialogen over religie tussen oost en west (2018). p.vandervelde@ftr.ru.nl
Artikel

De kerk als werkgever

De spanningsvolle relatie tussen kerkelijk recht en het arbeidsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Kerkgenootschap, Grondrechten, Gelijke behandeling, Tendenswerkgever, Ontslagrecht
Auteurs Wijnand Zondag
SamenvattingAuteursinformatie

    As a special employer, the church has an interest in shaping its own personnel policy in order to achieve the mission and objective. In part, the legislator has met this need. After all, various laws in the field of appointment, terms of employment and dismissal take account of the specific interests of the church as described before. The external border consists of fundamental human rights that are included in the ECHR and the European Directive on equal treatment. It is not always clear where the external border is exactly. The Dutch legislation regarding the battle of ‘church law’ and fundamental rights is not consistent. Moreover, there we notice a tension between national law and the European directive.


Wijnand Zondag
Dr. W. Zondag was van 2003 tot 2015 hoogleraar Arbeidsecht aan de Rijksuniversiteit Groningen. Sinds 2015 is hij voorganger in een kerkelijke gemeente. Daarnaast publiceert hij op het terrein van het snijvlak religie en recht en verricht hij onder andere promotieonderzoek aan de Theologische Universiteit Apeldoorn.
Rechtsbescherming

Geheimhouding en openbaarheid in het Europees bankentoezicht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden SSM, beroepsgeheim, openbaarheid bestuur, bankentoezicht, ECB
Auteurs Dr. G. ter Kuile
SamenvattingAuteursinformatie

    Bankentoezichthouders krijgen aardig wat verzoeken om informatie en documenten over banken en bankentoezicht. Maar het beroepsgeheim van bankentoezichthouders verhindert deze openbaarheid van bestuur. In 2018 hebben het Hof van Justitie en het Gerecht de regels over het beroepsgeheim verduidelijkt. Dit artikel bespreekt verschillende aspecten uit vijf arresten van 2018 over geheimhoudingsplichten in het bankentoezicht die op gespannen voet kunnen staan met het ‘transparantiebeginsel’. De aspecten zien op het belang van geheimhouding bij bankentoezicht, op het concept ‘vertrouwelijke informatie’ en dat tijdsverloop de vertrouwelijkheid teniet kan doen, en op de overweging dat het ‘recht op een eerlijk proces’ moet worden afgewogen tegen het belang bij geheimhouding.

    • Gerecht 26 april 2018, zaak T-251/15, Espírito Santo Financial (Portugal)/ECB, ECLI:EU:T:2018:234 (hogere voorziening C-442/18 P.).

    • HvJ 19 juni 2018, zaak C-15/16, BaFin/Baumeister, ECLI:EU:C:2018:464.

    • HvJ 13 september 2018, zaak C-358/16, UBS Europe/CSSF, ECLI:EU:C:2018:715.

    • HvJ 13 september 2018, zaak C-594/16, Buccioni/Banca d’Italia, ECLI:EU:C:2018:717.

    • Gerecht 27 september 2018, zaak T-116/17, Der Spiegel/ECB, ECLI:EU:T:2018:614.

    • Artikel 1, 10 lid 3, 11 VEU.

    • Artikel 15 VWEU.

    • Artikel 37 Statuut ESCB/ECB (Protocol nr. 4).

    • Artikel 41 lid 2 sub b, 42, 47, 48 EU Handvest.

    • Artikel 53 e.v. CRD IV (Richtlijn 2013/36/EU).

    • Artikel 27 SSMR (Verordening (EU) nr. 1024/2013).

    • Artikel 26 en 32 SSM-kaderverordening (Verordening (EU) nr. 468/2014).

    • Besluit ECB/2004/3.


Dr. G. ter Kuile
Dr. G. (Gijsbert) ter Kuile is jurist bij het secretariaat van de raad van toezicht (Supervisory Board) van de Europese Centrale Bank (ECB).
Externe betrekkingen

Amerikaanse sancties op Iran en de Europese blokkeringsverordening: Europese ondernemingen in een lastige spagaat

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden blokkeringsverordening, internationale sancties, Iran, Verenigde Staten, Blocking Statute
Auteurs Mr. N.M.D. van der Aa en Mr. S.H. Stax
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs de reactie van de Europese Unie op de hernieuwde economische sancties vanuit de Verenigde Staten (VS) op Iran. Deze sancties zijn in 2018 weer van kracht geworden nadat de VS zich terugtrok uit het Joint Comprehensive Plan of Action, ook wel bekend als het Iraanse atoomakkoord. In het bijzonder gaan de auteurs in op de werking van de Europese blokkeringsverordening. Dit wetgevingsinstrument beoogt Europese bedrijven die handel drijven met Iran te beschermen tegen de dreiging van Amerikaanse sancties, maar zorgt eerder voor meer moeilijkheden.
    Verordening (EG) 2271/96 van de Raad van 22 november 1996 tot bescherming tegen de gevolgen van de extraterritoriale toepassing van rechtsregels uitgevaardigd door een derde land daarop gebaseerde of daaruit voortvloeiende handelingen, PbEG 1996, L 309/1.


Mr. N.M.D. van der Aa
Mr. N.M.D. (Neyah) van der Aa is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam.

Mr. S.H. Stax
Mr. S.H. (Seppe) Stax is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam.
Asiel en migratie

Integratie in het EU-migratierecht; uniformiteit of maatwerk?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden inburgering, verblijfsrechten, objectieve rechtvaardigingsgrond, evenredigheidsbeginsel
Auteurs Mr. H. Oosterom-Staples
SamenvattingAuteursinformatie

    Het arrest C en A is het derde arrest waarin het Hof van Justitie oordeelt over de bevoegdheid van lidstaten om integratievoorwaarden te stellen. Het uitgangspunt, dat kennis van de taal en de samenleving bijdraagt aan de integratie van vreemdelingen in hun gastlidstaat, wordt bevestigd. Dit is ook het geval voor de invulling van de beoordelingsruimte die lidstaten genieten in de uitvoering van deze bevoegdheid; integratievoorwaarden mogen geen selectiemiddel zijn. Integratie komen we ook tegen in de rechtspraak van het Hof van Justitie als doel van een wetgevingsmaatregel dat bepalend is voor de uitleg van rechten in die wetgevingsmaatregel en als objectieve rechtvaardigingsgrond in de context van de stand still-bepalingen in het Associatierecht EEG-Turkije. Zijn de rechtsregels in deze ‘integratierechtspraak’ onderling inwisselbaar, of is de invulling van het begrip integratie afhankelijk van de juridische context waarin het wordt gebruikt? De aanleiding voor deze bijdrage zijn de recente uitspraken van het Hof van Justitie in de zaken C en A en Yön. Om deze onderzoeksvraag te kunnen beantwoorden worden deze arresten ingebed in de eerdere arresten van het Hof van Justitie over integratie.
    HvJ 7 augustus 2018, zaak C-123/17, Nefiye Yön/Landeshauptstadt Stuttgart, ECLI:EU:C:2018:632 en HvJ 7 november 2018, zaak C-257/17, C en A/Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, ECLI:EU:C:2018:876


Mr. H. Oosterom-Staples
Mr. H. (Helen) Oosterom-Staples is verbonden aan Tilburg University en is vaste medewerker van dit tijdschrift.
Strafrecht

Access_open Het Europees Openbaar Ministerie komt eraan: waakhond of papieren tijger?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden Europees Openbaar Ministerie, EOM, Rechtsbescherming, OLAF, Onderneming
Auteurs Mr. Y. de Vries en Mr. S.J. Lopik
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 augustus 2018 heeft de Europese Commissie (hierna: Commissie) bevestigd dat Nederland gaat deelnemen aan het Europees Openbaar Ministerie (hierna: EOM). Het EOM is een onafhankelijk vervolgingsorgaan dat, in het kort, bevoegd is om strafbare feiten die ten koste gaan van de EU-begroting te onderzoeken, vervolgen en voor de nationale strafrechter te brengen, een taak die tot dusver was voorbehouden aan de nationale vervolgingsautoriteiten (in Nederland het Openbaar Ministerie). Dit past in een trend waarbij de Unie, die historisch gezien indirect handhaaft, steeds vaker aan directe handhaving doet. Ook past het bij een Unie die steeds meer strafrechtelijke taken naar zich toetrekt: waar strafrechtelijke samenwerking tot het Verdrag van Lissabon nog behoorde tot de derde pijler, bestaan inmiddels meerdere Europeesrechtelijke strafrechtelijke agentschappen, waaronder Eurojust, Europol en OLAF. Er wordt ook wel gesproken van een europeanisering van het Nederlands strafrecht. De ambities van de Commissie voor het EOM strekken echter verder dan alleen het bestrijden van fraude. In deze bijdrage gaan wij in op de achtergrond van het EOM, de inrichting en taken van het EOM en de betekenis daarvan voor personen en ondernemingen die verdacht worden van strafbare feiten die binnen de bevoegdheid van het EOM vallen.
    Verordening (EU) 2017/1939 van de Raad van 12 oktober 2017 betreffende nauwere samenwerking bij de instelling van het Europees Openbaar Ministerie(‘EOM’), PbEU 2017, L 283/1-71
    Richtlijn (EU) 2017/1371 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juli 2017 betreffende de strafrechtelijke bestrijding van fraude die de financiële belangen van de Unie schaadt, PbEU 2017, L 198/29-41


Mr. Y. de Vries
Mr. Y. (Yvo) de Vries is advocaat bij Allen & Overy te Amsterdam.

Mr. S.J. Lopik
Mr. S.J. (Sjoerd) Lopik is advocaat bij Allen & Overy te Amsterdam.
Artikel

Access_open Is een ‘akkoorden-democratie’ wel een democratie?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2019
Trefwoorden parlement, politieke legitimiteit, wetgeving, poldermodel, regeerakkoord
Auteurs Prof. dr. R.A. Koole
SamenvattingAuteursinformatie

    De toename en verbreding van politiek-maatschappelijke akkoorden (tussen politici en belangenorganisaties) en parlementaire akkoorden (tussen fracties in de Tweede Kamer) roept de vraag op of de parlementaire democratie hiermee gediend is. Internationale literatuur wijst op de ontwikkeling naar een verzwakking van de positie van parlementen. De Nederlandse praktijk van ‘regeren bij akkoord’ versterkt deze trend, met name in het geval van politiek-maatschappelijke akkoorden (waaronder klimaatakkoorden). Het eventuele gebruik van dergelijke akkoorden zou zo moeten worden vormgegeven dat het parlement voldoende tijd en ruimte heeft om de resultaten ervan te doorgronden en eventueel te wijzigen.


Prof. dr. R.A. Koole
Prof. dr. R.A. (Ruud) Koole is hoogleraar politieke wetenschappen aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Kolencentrales in de polder: private en publieke belangen in het Energieakkoord

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Energieakkoord, kolencentrales, milieuwetgeving, mededingingswet
Auteurs Prof. dr. M. Mulder
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2013 sloten meer dan veertig organisaties, waaronder de rijksoverheid, een akkoord om de Nederlandse energievoorziening duurzamer te maken. Een belangrijk onderdeel van dit Energieakkoord was het voornemen om vijf oude kolencentrales vervroegd te sluiten. Na een negatief oordeel van de Autoriteit Consument & Markt (ACM) besloot de overheid de sluiting alsnog zelf via regelgeving af te dwingen. Dit artikel gaat in op de vraag in hoeverre het sluiten van een akkoord nuttig is om publieke doelen op het gebied van energie en klimaat te bereiken. Na een beschrijving van het proces en de inhoud van het Energieakkoord wordt dieper ingegaan op de discussie in Nederland over de positie van kolencentrales. Geconcludeerd wordt dat de overheid in het Energieakkoord concessies aan de energiebedrijven heeft gedaan, die niet nodig zouden zijn als ze direct via regelgeving of belastingheffing haar doel had nagestreefd. Akkoorden op het gebied van energie en klimaat moeten vooral worden gebruikt om coördinatieproblemen op te lossen, zoals bij de aanleg van nieuwe infrastructuur.


Prof. dr. M. Mulder
Prof. dr. M. (Machiel) Mulder is hoogleraar Regulering van Energiemarkten aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. T. de Vette
Deze rubriek is samengesteld door mr. T. de Vette. De jurisprudentie is gepubliceerd op rechtspraak.nl tussen 12 februari 2019 en 19 maart 2019.

Mr. T. de Vette
Deze rubriek is samengesteld door mr. T. de Vette. De jurisprudentie is gepubliceerd op rechtspraak.nl tussen 12 februari 2019 en 19 maart 2019.
Artikel

Access_open Jeugdhulpverlening ‘met zachte drang’: duidelijkheid vereist

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 1 2019
Trefwoorden drangkader, jeugdhulpverlening, vrijwillig, jeugdbescherming
Auteurs Mr. D.S. Verkroost
SamenvattingAuteursinformatie

    Binnen de jeugdhulpverlening is een kader ontstaan waarbinnen gezinnen bewogen worden om ‘vrijwillig’ mee te werken aan de hulpverlening. Dit ‘drangkader’ is niet wettelijk geregeld, met onduidelijkheden over de rechten, plichten en verantwoordelijkheden van betrokkenen tot gevolg. Dit artikel geeft de huidige stand van zaken weer.


Mr. D.S. Verkroost
Mr. D.S. Verkroost is als onderzoeker en docent verbonden aan de afdeling Jeugdrecht van de Universiteit Leiden. Zij werkt aan een proefschrift waarin de positie van het recht in de Nederlandse jeugdhulpverlening wordt bezien vanuit een rechtshistorisch perspectief, een internationaal kinder- en mensenrechtenperspectief en een uitvoeringsperspectief.

Susan Kaak
Lid algemene raad Nederlandse orde van advocaten

Kees Pijnappels
Artikel

Kroniek Arbeidsrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 4 2019
Auteurs Karol Hillebrandt, Christiaan Oberman en Nadia Adnani
Auteursinformatie

Karol Hillebrandt
Karol Hillebrandt is advocaat bij Palthe Oberman in Amsterdam.

Christiaan Oberman
Christiaan Oberman is advocaat bij Palthe Oberman in Amsterdam.

Nadia Adnani
Nadia Adnani is advocaat bij Palthe Oberman in Amsterdam.
Artikel

Overgang van de prepack naar een bruikbaar(der) instrument

Over de huidige relevantie van de prepack en overgang van onderneming in faillissement

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden prepack, overgang van onderneming, WCO I, Smallsteps, ETO-redenen
Auteurs Mr. H.J. de Kloe
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt onderzocht of de prepack na Smallsteps nog relevant is voor de praktijk. Daarnaast wordt ingegaan op een mogelijke oplossing om de prepack weer relevant te maken: toepassing van de OVO-regeling op alle doorstarts in faillissement. Deze mogelijkheid wordt onderzocht met behulp van een vergelijking met Engels recht.


Mr. H.J. de Kloe
Mr. H.J. de Kloe is wetenschappelijk docent ondernemingsrecht en financieel recht bij de sectie Handels- en Ondernemingsrecht & Financieel Recht van de Erasmus School of Law te Rotterdam.
Kroniek

Kroniek concentratiecontrole 2018

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2019
Auteurs Bart de Rijke en Vivian van Weperen
Auteursinformatie

Bart de Rijke
Mr. B. de Rijke is partner en advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam en Brussel.

Vivian van Weperen
Mr. V.Y.H. van Weperen is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam.
Kroniek

Kroniek economie in het mededingingsrecht 2018

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2019
Auteurs Nicole Rosenboom, Anna den Boer en Maurice de Valois Turk
Auteursinformatie

Nicole Rosenboom
N. Rosenboom is werkzaam als senior consultant bij Oxera LLP Amsterdam.

Anna den Boer
A. den Boer is werkzaam als consultant Oxera LLP Amsterdam.

Maurice de Valois Turk
M. de Valois Turk is werkzaam als partner bij Oxera LLP Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 3917 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.