Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 6625 artikelen

x
Artikel

De pauliana in het Europese internationaal privaatrecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2019
Trefwoorden ipr, toepasselijk recht, Rechtsmacht, Eex-VO, pauliana
Auteurs Mr. T.V.J. Bil
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de pauliana kan een faillissementscurator of schuldeiser transacties van de schuldenaar met derden aantasten. In dit artikel wordt besproken hoe rechtsmacht en toepasselijk recht voor een paulianavordering binnen en buiten faillissement moeten worden bepaald. Daarbij valt op dat de situatie binnen faillissement veel overzichtelijker is dan buiten faillissement.


Mr. T.V.J. Bil
Mr. T.V.J. Bil is advocaat bij RESOR te Amsterdam.
Artikel

Access_open Verslag MvO-symposium van 29 mei 2019

Een blik op het verleden en de toekomst van het ondernemingsrecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2019
Trefwoorden economisch marktdenken, social entrepreneurship, externaliteiten, BVm
Auteurs Mr. J.E. Devilee
SamenvattingAuteursinformatie

    Verslag van het MvO-symposium van 29 mei 2019, met lezingen over hoe het economisch marktdenken het sociale in het ondernemingsrecht in de verdrukking heeft gebracht, social entrepreneurship en tot slot de rol van het vennootschapsrecht in relatie tot externaliteiten.


Mr. J.E. Devilee
Mr. J.E. Devilee is promovenda ondernemingsrecht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Uitleg van jointventurestatuten: Haviltex met een scheutje CAO of andersom?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2019
Trefwoorden uitleg, jointventurestatuten, CAO-norm, Haviltex-norm
Auteurs Mr. R.G.J. Nowak
SamenvattingAuteursinformatie

    De contractuele benadering van jointventurestatuten is al langere tijd een bestendige tendens in rechtspraak en doctrine. Zij erkent de economische werkelijkheid van jointventureverhoudingen. De auteur bepleit dat bij uitleg van jointventurestatuten de Haviltex-norm als uitgangspunt zou moeten dienen. Een objectieve uitleg is zijns inziens in beginsel slechts bij zeer weinig statutaire bepalingen geboden.


Mr. R.G.J. Nowak
Mr. R.G.J. Nowak is advocaat bij Clifford Chance LLP te Amsterdam en Fellow aan het Van der Heijden Instituut.
Artikel

‘Ernstig verwijt’ en selectieve betalingen

Enkele beschouwingen naar aanleiding van HR 12 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:576

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2019
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, ernstig verwijt, selectieve betalingen, insolventie, kennelijk onbehoorlijk bestuur
Auteurs Mr. A. Karapetian
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt aan de hand van rechtspraak van de Hoge Raad ingegaan op het ‘ernstig verwijt’ als maatstaf voor de beoordeling van de aansprakelijkheid van bestuurders en wordt aandacht besteed aan het leerstuk van selectieve betalingen. De auteur reflecteert op het nut en de noodzaak van het ‘ernstig verwijt’ bij de verschillende grondslagen van bestuurdersaansprakelijkheid en bespreekt de verwikkelingen rondom de (on)geoorloofdheid van selectieve betalingen.


Mr. A. Karapetian
Mr. A. Karapetian is als universitair docent verbonden aan de vakgroep Privaatrecht en Notarieel Recht van de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. T. de Vette
Deze rubriek is samengesteld door mr. T. de Vette. De jurisprudentie is gepubliceerd op rechtspraak.nl tussen 24 mei 2019 en 12 september 2019.
Artikel

Access_open Hoe betekenisvol is het participatierecht van het kind in de KNMG-meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld (2018)?

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Participatierecht, KNMG-meldcode, Kindermishandeling, Huiselijk geweld, IVRK
Auteurs Mr. dr. M.P. Sombroek-van Doorm en D.M.A. Conway LLB
SamenvattingAuteursinformatie

    Ieder kind heeft het recht om te participeren in aangelegenheden die hem of haar betreffen (art. 12 IVRK). In de situatie dat een arts vermoedt of weet dat een kind slachtoffer is van kindermishandeling, is betekenisvolle participatie van het kind bovendien cruciaal voor de arts om te kunnen handelen in het belang van het kind (art. 3 IVRK). De KNMG-meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld (2018) regelt de stappen die de arts moet zetten en het afwegingskader dat hij moet volgen voor het doen van een melding van (een vermoeden van) kindermishandeling aan Veilig Thuis. In deze bijdrage wordt nagegaan in hoeverre het participatierecht van het kind gegarandeerd wordt in deze meldcode.


Mr. dr. M.P. Sombroek-van Doorm
Mr. dr. M.P. Sombroek is universitair docent bij de afdeling Jeugdrecht van de Universiteit Leiden.

D.M.A. Conway LLB
D.M.A. Conway LLB is masterstudent Jeugdrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Over Cyber Forecasting-toernooien

Naar een effectiever gebruik van gekwantificeerde voorspelllingen

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2019
Auteurs Regina Joseph MSc, Dr. Marieke Klaver, Dr. Judith van de Kuijt e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Threats, vulnerabilities, and new forms of attack within the cyber domain develop rapidly. To keep up with and respond to these trends, cyber security professionals must demonstrate reaction velocity, accuracy and a high tolerance for complexity. Publicly available information (PAI) can serve as an important aid to personnel engaged in cyber security analysis. However, evaluation of cyber analytical capacity – a pre-requisite for any measurement of quality or improvement – is still inchoate. This article covers the concept and design of an initial phase of research begun in October 2018 in The Netherlands to measure and improve cyber analysis techniques. The research program features a forecasting tournament to record participants’ probabilistic estimates on future cyber outcomes based exclusively on PAI knowledge acquisition. This phase of research seeks to address whether analysts’ predictions are more accurate in certain subjects within the cyber domain than in others and to assess how predictive accuracy in the cyber domain compares to accuracy in other domains in which forecasting tournaments have been organized.


Regina Joseph MSc
R. Joseph M.Sci. is oprichter van de denktank Sibylink, gevestigd in Den Haag.

Dr. Marieke Klaver
Dr. M. Klaver is als onderzoeker verbonden aan TNO.

Dr. Judith van de Kuijt
Dr. J. van de Kuijt is als onderzoeker verbonden aan TNO.

Dr. Diederik van Luijk
Dr. D. van Luijk is werkzaam bij het Nationaal Cyber Security Centrum van het ministerie van Justitie en Veiligheid.

    This article focusses on the question whether quantitative modelling and simulation is useful for judicial forecasting, ex-ante testing of judicial policies, and (re)designing chains of organisations like the judicial chain. Specific attention is given to methods that can be used in the face of complexity and deep uncertainty. That is, when facing many substantial uncertainties. Complexity and uncertainty are first of all focused on. Subsequently, modelling methods for dealing with complexity and uncertainty are discussed in more detail, examples are given, and the process needed to build such models in a participatory way is discussed.


Dr. Erik Pruyt
Dr. E. Pruyt is als universitair hoofddocent Policy Modelling verbonden aan de Technische Universiteit Delft. Hij is tevens founding partner van het Center for Policy Exploration Analysis and Simulation en directeur van het Institute for Grand Challenges.
Artikel

Voorspellen met big-datamodellen

Over de valkuilen voor beleidsmakers

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2019
Trefwoorden Big data, predictive analytics, challenges, data quality, interpretation
Auteurs Dr. Susan van den Braak en Dr. Sunil Choenni
SamenvattingAuteursinformatie

    In the field of policymaking, there is a growing need to take advantage of the opportunities that big data predictions offer. A strong point of big data is that the large amounts of data that are collected nowadays can be re-used to find new insights. However, for effective use in policymaking it is also important to take into account the relating limitations and challenges. For example, the quality of the data used can be a problem. Outdated data and data of which the semantics have changed, may result in predictions that are no longer correct. In addition, it is difficult to apply predictions to individual cases or people. In this article authors provide various practical recommendations for dealing with these problems. As long as people are aware of the limitations and handle the results with care, big data models can be a useful addition to traditional methods in the field of policymaking.


Dr. Susan van den Braak
Dr. S.W. van den Braak is als senioronderzoeker verbonden aan de afdeling Statistische Informatievoorziening en Beleidsanalyse (SIBa) van het WODC.

Dr. Sunil Choenni
Dr. S. Choenni is als hoofd van de afdeling Statistische Informatievoorziening en Beleidsanalyse (SIBa) werkzaam bij het WODC. Hij is tevens lector Future Information & Communication Technology aan de Hogeschool Rotterdam.
Artikel

Access_open Toekomstige risico’s voor de nationale veiligheid

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2019
Trefwoorden national security, risk analysis, scenarios, horizon scanning, foresight
Auteurs Dr. Minke Meijnders, Ir. Leendert Gooijer en Dr. Hanneke Duijnhoven
SamenvattingAuteursinformatie

    What are the most important threats for national security in the following years? What do we foresee for the longer term? How are threats interrelated? In this article, we discuss the work of the Dutch Network of Safety and Security Analysts (ANV), which deals with this type of questions since 2011. The main task of this multidisciplinary network is to provide input for the National Security Strategy. It does so by providing an Integrated Risk analysis and a Horizon scan National Security. The authors discuss the foresight-methods used by the network (scenario studies and horizon scanning techniques), as well as the most important conclusions from both studies.


Dr. Minke Meijnders
Dr. M. Meijnders was tot voor kort Research Fellow bij Instituut Clingendael en in die functie betrokken bij het ANV.

Ir. Leendert Gooijer
Ir. Leendert Gooijer is programmacoördinator nationale veiligheid bij het RIVM en tevens Algemeen Secretaris van het ANV.

Dr. Hanneke Duijnhoven
Dr. Hanneke Duijnhoven is Senior scientist nationale veiligheid bij TNO en in die functie betrokken bij het ANV.
Artikel

Access_open Het individueel klachtrecht bij het VN-comité voor de rechten van mensen met een beperking

Slechts toekomstmuziek of ook nu al relevant?

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden VN-verdrag Handicap, Facultatief Protocol, Individueel klachtrecht, VN-comité
Auteurs Mr. J.R.E. Stolk
SamenvattingAuteursinformatie

    Nederland heeft het Facultatief Protocol bij het VN-verdrag Handicap niet geratificeerd. Drie jaar na de inwerkingtreding van het VN-verdrag Handicap in Nederland neemt de roep om het protocol te ratificeren toe. Ratificatie van het protocol maakt namelijk individueel klachtrecht mogelijk bij het VN-comité. Dit artikel zal ingaan op de vraag wat dit individueel klachtrecht precies betekent en waarom de uitspraken van het Comité ook nu al relevant zijn.


Mr. J.R.E. Stolk
Mr. J.R.E. (Anne-Rose) Stolk is juridisch beleidsadviseur bij het College voor de Rechten van de Mens.
Artikel

Extra beschermd of extra beschadigd?

De juridische positie en leefomstandigheden van kinderen met een handicap in asielzoekerscentra in Nederland

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Handicap, VN-Kinderrechtenverdrag (IVRK), kinderen met een handicap in asielzoekerscentra, belang van het kin, non-discriminatiebeginsel
Auteurs Mr. M. Goeman en Mr. S. Schuitemaker
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan de hand van drie zaken afkomstig van de Kinderrechtenhelpdesk van Defence for Children illustreren de auteurs verschillende problemen waar kinderen met een handicap in asielzoekerscentra tegenaan lopen. Het artikel bevat een samenvatting van het onderzoek van Defence for Children, ‘Extra beschermd of extra beschadigd? Onderzoek naar de leefomstandigheden van kinderen met een handicap in asielzoekerscentra in Nederland’. Besproken wordt daarbij een recent vernietigend rapport van de Kinderombudsman over medische zorg die aan een doof meisje werd geweigerd omdat zij geen verblijfsvergunning had. De auteurs betogen dat de wetgever, immigratieautoriteiten en opvanginstanties aan zet zijn om ervoor te zorgen dat de rechten van kinderen met een handicap gerespecteerd worden. Dat moet gelden zowel in de verblijfsprocedure als in de opvangprocedures en bij de toegang tot medische zorg.


Mr. M. Goeman
Mr. M. (Martine) Goeman is Programmamanager kinderrechten en migratie.

Mr. S. Schuitemaker
Mr. S. (Sander) Schuitemaker is Juridisch adviseur kinderrechten en migratie bij Defence for Children.
Artikel

Voorontwerp wetsvoorstel overgang van onderneming in faillissement

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2019
Trefwoorden faillissement, doorstart, overgang van onderneming
Auteurs Mr. M.R. van Zanten
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt het voorontwerp wetsvoorstel overgang van onderneming in faillissement. Hiermee moet een einde worden gemaakt aan de onzekerheid die is ontstaan na het Smallsteps-arrest. De huidige wettelijke regeling voor werknemers na een doorstart na faillissement gaat volledig op de schop. De auteur bespreekt daarnaast praktische gevolgen van het voorontwerp en alternatieven.


Mr. M.R. van Zanten
Mr. M.R. van Zanten is advocaat en curator bij CMS. Hij verricht als buitenpromovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen onderzoek naar de pre-pack.
Article

Access_open Landelijke evaluatie van de verschillende vormen van piketmediation: best practices en knelpunten

Tijdschrift Family & Law, oktober 2019
Auteurs mr. Daniëlle Brouwer, mr. Eva de Jong, prof. mr. Lieke Coenraad e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Piketmediation is een vorm van mediation naast rechtspraak maar dan in de vorm van een pressure-cooker. Typerend voor piketmediation is dat de mediation plaatsvindt in het gerechtsgebouw en dat in beginsel direct na het eerste gesprek een terugkoppeling plaatsvindt aan de rechter. Het doel van piketmediation is om een verdere escalatie van het conflict te beperken en partijen een dienst te bieden waardoor zij snel tot een oplossing kunnen komen. Piketmediation wordt veelal aangeboden in de voorlopige voorzieningenprocedure.
    In opdracht van de Raad voor de rechtspraak is empirisch onderzoek uitgevoerd binnen het Amsterdams Centrum voor Familie & Recht (ACFL) van de Vrije Universiteit Amsterdam. In dit onderzoek zijn verschillende aanbiedingsvormen van piketmediation geëvalueerd die worden aangeboden door zeven gerechten: in een aantal gerechten zijn piketmediation pilots uitgevoerd en in andere is piketmediation reeds een reguliere werkwijze is geworden. In totaal zijn er 120 dossiers gescoord, 39 interviews afgenomen en een expertmeeting gehouden met 14 professionals. De bevindingen uit het dossieronderzoek, de interviews en de expertmeeting tezamen hebben geleid tot een algemeen rapport over de best practices en knelpunten van piketmediation met enkele aanbevelingen betreffende vormen van piketmediation die goed blijken te werken in de praktijk.
    ---
    Picket mediation (in Dutch: piketmediation) is a form of mediation which runs alongside normal court procedures, and is held in a pressure-cooker-like environment. It typically takes place in the courthouse and in principle, the outcome of the mediation is reported back to the judge after the first session. Such mediation is intended to limit any further escalation of a conflict and also to offer parties a service with which they can quickly resolve a situation themselves. Picket mediation is often offered in the provisional provisions procedure.
    At the request of The Council for the Judiciary, an empirical study of picket mediation was conducted by the Amsterdam Center for Family & Law (ACFL) of the VU University Amsterdam. Various forms of picket mediation as offered by seven courts were evaluated in this study. While some courts are conducting picket mediation pilots, others already have implemented picket mediation as a regular procedure. For this study a total of 120 files were scored, 39 interviews were conducted and an expert meeting was held with 14 professionals. The combined findings from these events have led to a general report on the best practices and challenges of picket mediation. A number of recommendations regarding forms of picket mediation that appear to work well in practice are additionally included.


mr. Daniëlle Brouwer
Daniëlle Brouwer is advocate bij bureau Brandeis.

mr. Eva de Jong
Eva de Jong is advocate bij SmeetsGijbels advocaten.

prof. mr. Lieke Coenraad
Lieke Coenraad, Vrije Universiteit Amsterdam.

prof. mr. Masha Antokolskaia
Masha Antokolskaia, Vrije Universiteit Amsterdam.
Vrij verkeer

Het arrest Tjebbes: de evenredigheidstoets als complexe brug tussen nationaliteitswetgeving en Unieburgerschap

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden Unieburgerschap, artikel 20 VWEU, intrekking van nationaliteit, bevoegdheidsverdeling, evenredigheidstoets, beroeps- en familieleven in de EU
Auteurs Prof. dr. P. Van Elsuwege en H.H.C. Kroeze LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    De zaak Tjebbes gaat over de verenigbaarheid van een Nederlandse regeling met het Unierecht op grond waarvan tien jaar verblijf in een derde land het van rechtswege verlies van het Nederlanderschap met zich meebrengt voor Nederlanders die nog een tweede nationaliteit hebben. De zaak is daarmee een vervolg op het arrest Rottmann, waarin het Hof van Justitie bepaalde dat intrekking van de nationaliteit van de lidstaten in overeenstemming moet zijn met het Europeesrechtelijke evenredigheidsbeginsel. In Tjebbes vraagt de Raad van State of die Europeesrechtelijke evenredigheidstoets met zich meebrengt dat de gevolgen in het individuele geval moeten worden getoetst, of dat het voldoende is dat er een evenredigheidstoets in abstracto in het beleid verdisconteerd is. Anders dan advocaat-generaal Mengozzi oordeelt het Hof van Justitie dat incidenteel een geconcretiseerde evenredigheidstoets plaats moet kunnen vinden, ‘vanuit het oogpunt van het Unierecht’, wat betekent dat het effect van het verlies van de nationaliteit op het beroeps- en gezinsleven van de betrokkene meegewogen moet worden. Deze bijdrage evalueert deze uitspraak vanuit het perspectief van de bevoegdheidsverdeling tussen de EU en de lidstaten. Daarnaast wordt ingegaan op de beperktheid van de Unierechtelijke evenredigheidstoets zoals die in dit arrest geformuleerd wordt en worden enkele mogelijke implicaties voor de rechtspraktijk besproken.
    HvJ 12 maart 2019, zaak C-221/17, Tjebbes e.a./Minister van Buitenlandse Zaken, ECLI:EU:C:2019:189


Prof. dr. P. Van Elsuwege
Prof. dr. P. (Peter) Van Elsuwege is hoogleraar Europees recht aan de Universiteit van Gent en verbonden aan het Ghent European Law Institute.

H.H.C. Kroeze LL.M.
H.H.C. (Hester) Kroeze LL.M. is promovenda in het Europees recht aan de Universiteit van Gent en verbonden aan het Ghent European Law Institute.
Digitale markten

Een gelijk speelveld in de online platformeconomie?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden online platforms, digitale interne markt, schadelijke handelspraktijken
Auteurs Mr. L.E. Felderhof en Mr. M.P.C. Rozenbroek
SamenvattingAuteursinformatie

    De Verordening ter bevordering van billijkheid en transparantie voor zakelijke gebruikers van onlinetussenhandelsdiensten heeft het doel te zorgen voor een eerlijke, transparante en voorspelbare bedrijfsomgeving voor ondernemers (met name het midden- en kleinbedrijf) die online platforms gebruiken om hun goederen en/of diensten aan te bieden aan consumenten.
    In dit artikel bespreken wij dat het wenselijk is dat door middel van deze verordening ex ante regels worden gesteld aan aanbieders van online platforms, met name omdat het huidige mededingingsinstrumentarium in de veranderende (digitale) economie niet altijd toereikend blijkt. Ook plaatsen wij enkele kanttekeningen bij de uitvoerbaarheid en het effect van de verordening in de praktijk, welke aspecten volgens ons niet voldoende geadresseerd zijn in de verordening.
    Verordening (EU) 2019/1150 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 ter bevordering van billijkheid en transparantie voor zakelijke gebruikers van onlinetussenhandelsdiensten, PbEU 2019, L 186.


Mr. L.E. Felderhof
Mr. L.E. (Laura) Felderhof is advocaat bij NautaDutilh N.V.

Mr. M.P.C. Rozenbroek
Mr. M.P.C. (Marieke) Rozenbroek is advocaat bij NautaDutilh N.V.
Agenda

Debat over rechtsbijstand muurvast

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 8 2019
Auteurs Kees Pijnappels en Sjoerd van der Hucht
Auteursinformatie

Kees Pijnappels

Sjoerd van der Hucht
Beeld
Artikel

Overbrugging van procedurele breuklijnen bij een integrale aanpak van criminaliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2019
Trefwoorden (de keuze voor een) handhavingsstelsel, ne bis in idem, Integrale aanpak, Bewijsvergaring, vormverzuimen
Auteurs Prof. mr. dr. M.F.H. Hirsch Ballin
SamenvattingAuteursinformatie

    De overheid zet in op een ‘integrale aanpak’ van ondermijning, terrorisme, cybercrime en financieel-economische criminaliteit. Die integrale aanpak heeft ook belangrijke procedurele gevolgen. Tegelijkertijd of achtereenvolgens worden bevoegdheden ingezet die worden genormeerd in verschillende rechtsgebieden. Het door deze bevoegdheden vergaarde materiaal wordt bovendien onderling gedeeld en gebruikt voor andere bevoegdheden. Door de betrokkenheid van meerdere rechtsgebieden en door die rechtsgebieden gescheiden te blijven benaderen, is sprake van procedurele breuklijnen die af doen aan daadwerkelijke integratie en aan de waarborgfunctie van het recht. Niet een duidelijkere keuze tussen handhavingsstelsels is de route naar overbrugging, maar het bereiken van overeenstemming over de grondbeginselen die aan de normering ten grondslag liggen.


Prof. mr. dr. M.F.H. Hirsch Ballin
Prof. mr. dr. M.F.H. (Marianne) Hirsch Ballin is hoogleraar Straf- en strafprocesrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Bada Bing Bada Boom

Overpeinzingen over omkoping en belastingfraude in het Caribische deel van het Koninkrijk

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Ambtelijke omkoping, Belastingfraude, Una via, Ne bis in idem
Auteurs Mr. K.M.G. Demandt en Mr. M. Coenen
SamenvattingAuteursinformatie

    In het onderzoek Bada Bing worden een parlementariër en de eigenaar van een bordeel veroordeeld voor ambtelijke omkoping. De eigenaar wordt tevens veroordeeld voor belastingfraude. In deze bijdrage gaan wij nader in op een aantal aspecten dat in deze zaken aan de orde was. Daarbij hebben we ons beperkt tot de invulling van de omkoping in de zaak van de parlementariër en de formele aspecten die speelden bij de belastingfraude. Deze aspecten springen het meest in het oog gezien de overeenkomsten en verschillen met de Nederlandse (fiscale) strafrechtspleging.


Mr. K.M.G. Demandt
Mr. K.M.G. Demandt is advocaat bij Hertoghs advocaten te Breda.

Mr. M. Coenen
Mr. M. Coenen is advocaat bij Hertoghs advocaten te Breda.
Toont 1 - 20 van 6625 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.