Zoekresultaat: 266 artikelen

x
Artikel

Stroperige letselschadeprocedures: effectieve remedies tegen rechterlijke termijnoverschrijding?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2021
Trefwoorden redelijke termijn, doorlooptijden, versnelling, Kudla/Polen, Severijnen c.s./Gem. De Bilt
Auteurs Mr. E.A. de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bevat de (beknopte) neerslag van een studie naar de mate van effectiviteit van de bestaande nationale remedie bij een geconstateerde rechterlijke redelijketermijnoverschrijding in de civiele (letselschade)procedure. Op grond van de bevindingen van het verrichte onderzoek is met name de praktische effectiviteit van deze remedie bediscussieerd. De bijdrage bevat derhalve een gedachte-experiment van mogelijke (theoretische) denkrichtingen ter eventuele bevordering van de effectiviteit van de repressieve remedie.


Mr. E.A. de Vries
Mr. E.A. de Vries is junior juridisch medewerker bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant.
Artikel

Herwaardering van de strafrechtadvocaat

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Modernisering Wetboek van Strafvordering, Tweede Kamerverkiezingen, Politiek en strafrecht, Strafrechtadvocatuur, Beleid
Auteurs Mr. dr. P.P.J. (Patrick) van der Meij en Mr. D. (Dino) Bektesevic
SamenvattingAuteursinformatie

    De positie van de strafrechtadvocaat staat echter meer dan ooit onder druk. In de eerste plaats bestaan bij de beroepsgroep grote zorgen om de veiligheid van advocaten en de reputatie van strafrechtadvocaten, die gemakkelijk op het spel wordt gezet. Daarnaast wordt ook aan het professionele verschoningsrecht geknabbeld, zijn de verhoudingen tussen het OM en advocaten verder gepolariseerd en is de financiering van de sociale advocatuur nog steeds niet ‘herijkt’. In deze bijdrage wordt gepleit voor een herwaardering van de rol van de strafrechtadvocaat. Hierbij gaat het vooral om het beeld dat van de strafrechtadvocaat bestaat: is de strafrechtadvocaat louter een sta-in-de-weg in de zoektocht naar de materiële waarheid of kunnen meer betrokkenheid van de advocaat en meer aandacht voor rechtsbescherming juist bijdragen aan een betere en meer efficiënte strafrechtspleging?


Mr. dr. P.P.J. (Patrick) van der Meij
Patrick van der Meij is strafrechtadvocaat bij Cleerdin & Hamer Advocaten, research fellow bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid aan de Universiteit Leiden en redacteur van Boom Strafblad.

Mr. D. (Dino) Bektesevic
Dino Bektesevic is strafrechtadvocaat bij Bektesevic Ter Steeg Advocaten.
Artikel

Als ik nu sorry zeg, beken ik dan schuld?

Bespreking van het proefschrift van mr. L.A.B.M. Wijntjens

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden excuses, aansprakelijkheid, erkennen fout, bewijswaarde, uitlegregel
Auteurs Mr. dr. R.P. Wijne
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur het proefschrift van mr. L.A.B.M. Wijntjens dat ziet op welke wijze civiele procedures en tuchtprocedures de positieve rol die excuses op zichzelf kunnen spelen, belemmeren of stimuleren. Wijntjens concludeert dat er twee juridische belemmeringen zijn: de mogelijkheid dat met het aanbieden van excuses aansprakelijkheid wordt erkend, en de mogelijkheid dat rechters de met excuses gepaard gaande uitingen als vaststaand feit aannemen. Een oplossing zou volgens Wijntjens de introductie van een ‘uitlegregel’ zijn. Deze uitlegregel zou moeten inhouden dat excuses door de ontvanger niet mogen worden opgevat als een erkenning van aansprakelijkheid.


Mr. dr. R.P. Wijne
Mr. dr. R.P. Wijne is universitair docent Gezondheidsrecht en onderzoeker aan de Universiteit van Amsterdam. Daarnaast bekleedt zij enkele andere functies op het terrein van het gezondheidsrecht.
Artikel

Access_open De gewetensbeslissing in Scholtens rechtsmethodologie

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering Pre-publications 2021
Trefwoorden Geweten, feiten, Scholten, Kierkegaard, naastenliefde
Auteurs Jos Vleugel
SamenvattingAuteursinformatie

    The role that Paul Scholten assigns to conscience in his legal methodology still leads to heated discussions in literature after almost 100 years. Recognizing that in case law the conscience of the judge can be of decisive importance is apparently problematic. It would facilitate political court rulings, make judicial judgment uncontrollable and could be arbitrary for the parties to the legal dispute. Not only Scholten’s view on the role of conscience in judicial decision making is “a stumbling block”. At least as great is the fuss about his representation of conscience. Only Christian lawyers could identify with this. This article attempts to shed new light on the above points of criticism by drawing attention to the following aspects of Scholten’s legal methodology: the role of the facts in establishing the law, the nature of the legal judgment and finally the grounds on which conscience may be determined.


Jos Vleugel
Jos Vleugel is universitair docent staatsrecht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

De Letselschade Richtlijn Rekenmodel Overlijdensschade van 13 maart 2020

Tijdschrift Afwikkeling Personenschade, Aflevering 3-4 2020
Trefwoorden Overlijdensschade, De Letselschade Richtlijn Rekenmodel Overlijdensschade 2020, Behoeftebepaling bij overlijdensschade, Civiel recht, Art. 6:108 BW
Auteurs J. Laumen-de Valk
SamenvattingAuteursinformatie

    Na het opleveren van De Letselschade Richtlijn Rekenmodel Overlijdensschade 2015 is in 2019 de rekenmethodiek uitgebreid. Vanaf 2020 is de rekenmethodiek te gebruiken bij de diverse (andere dan traditionele) gezinssamenstellingen.


J. Laumen-de Valk
J. Laumen-de Valk is werkzaam bij Laumen Expertise.B.V.
Artikel

Geschilleninstanties in de zorg en schadevergoeding

Tijdschrift Afwikkeling Personenschade, Aflevering 3-4 2020
Trefwoorden geschillencomissie, zorg, schadevergoeding
Auteurs Mr. R.H.M. de Leeuw
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. R.H.M. de Leeuw
Mr. R.H.M. de Leeuw is als zzp’er werkzaam in de klachtenopvang in de zorg.
Werk in uitvoering

Herstelrecht op het terrein van verkeersongevallen.

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2020
Trefwoorden restorative justice, motor vehicle accidents, victimology, personal injury settlement
Auteurs Iris Becx MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    Those involved in a motor vehicle accident often have emotional needs that are not being met within the current framework of personal injury settlement. These needs include sharing one’s (side of the) story, getting in touch with the other person(s) involved and offering or receiving apologies. Following Nils Christie’s theory of ‘stolen’ conflicts, the fact that the people involved are often represented by lawyers or insurance companies is problematic because it alienates them from each other and it thwarts proper recovery. Incorporating restorative justice could offer a solution to this ‘theft’ of conflict, as it focuses on bringing all involved together to restore any of the harm done by concentrating on their needs. The central question to this dissertation is: how can restorative justice play a role in the sustainable resolution of conflicts after motor vehicle accidents so that the current insurance and liability system can better meet the immaterial needs of victims and perpetrators? Via several projects, the role of lawyers and insurance companies is studied. How beneficial or adversarial are their influences on victims and offenders? And can they incorporate restorative justice in their practice? The first publication is expected at the end of this year.


Iris Becx MSc
Iris Becx is victimoloog en is promovenda aan de Vrije Universiteit Amsterdam (VU) en het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR). Ze volgde de masterstudie Victimology and Criminal Justice aan Tilburg University.
Artikel

Access_open De relatieve betekenis van de Grondwet voor de wetgever

Een beschouwing over de Nederlandse juridische grondwetscultuur in de twintigste eeuw

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2020
Trefwoorden grondwetsinterpretatie, grondwetsidee
Auteurs Mr. drs. J.J.J. Sillen
SamenvattingAuteursinformatie

    De vraag naar de betekenis van de Grondwet voor de wetgever wordt meestal beantwoord met verwijzing naar haar bindende kracht, het toetsingsverbod en de veelvuldige delegatie aan de wetgever. De conclusie is vervolgens dat de Grondwet de wetgever veel vrijheid laat. Ik ben het eens met die conclusie, maar betoog dat deze argumentatie niet het hele verhaal vertelt. Wat ontbreekt is de rol van de Nederlandse grondwetscultuur. Drie elementen van die cultuur worden besproken: het bindende karakter van de Grondwet voor de wetgever, grondwetsinterpretatie en het ontbreken van een visie op welke normen in de Grondwet thuishoren.


Mr. drs. J.J.J. Sillen
Mr. drs. J.J.J. (Joost) Sillen is hoofddocent staats- en bestuursrecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Access_open De verklaring voor recht, voldoende belang(rijk)?

Over het belang bij declaratoire vordering na afwijzing condemnatoire vordering

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2020
Trefwoorden proceseconomie, processueel belang, genoegdoening, rechtsherstel, subjectief recht
Auteurs Dr. P. Gillaerts en Prof. mr. A.L.M. Keirse
SamenvattingAuteursinformatie

    Een recent arrest van de Hoge Raad bevestigt het zelfstandige belang bij een verklaring voor recht als genoegdoening voor een rechtsschending, ook indien de daarop voortbouwende veroordelende vorderingen stranden. In dit licht duiden de auteurs de speelruimte bij de declaratoire vordering in het verbintenissenrecht.


Dr. P. Gillaerts
Dr. P. Gillaerts is advocaat aan de balie van Brussel en onderwijsassistent aan het Leuven Centre for Public Law van de KU Leuven.

Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is raadsheer bij het gerechtshof Amsterdam en als hoogleraar burgerlijk recht verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law van de Universiteit Utrecht.

Mr. A.J. Van
Mr. A.J. Van is advocaat bij Beer Advocaten en universitair docent aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Artikel

Access_open Naar een toekomstbestendig compensatiesysteem voor verkeersongevallen

Over zelfrijdende auto’s, herstelgerichte schadeafwikkeling en de mogelijkheden van een systeem van directe schadeverzekering

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2020
Trefwoorden zelfrijdende auto, herstelgerichte schadeafwikkeling, procedurele rechtvaardigheid, directe verzekering, WA-direct
Auteurs Mr. dr. K.A.P.C. van Wees en Prof. mr. dr. A.J. Akkermans
SamenvattingAuteursinformatie

    Nieuwe ontwikkelingen, zoals de opkomst van de zelfrijdende auto en het groeiende inzicht in het anti-therapeutische effect van de afwikkeling van letselschade, leiden tot het hernieuwd overdenken van ons compensatiesysteem voor verkeersongevallen. Het Verbond van Verzekeraars begint in 2021 met WA-direct, een eerste innovatieve stap, nog op basis van het huidige aansprakelijkheidsrecht maar met het oog op meer. In dit artikel worden deze ontwikkelingen besproken en met elkaar in verband gebracht. De mogelijkheden van een stelsel van directe schadeverzekering worden vergeleken met die van het aansprakelijkheidsrecht en WA-direct.


Mr. dr. K.A.P.C. van Wees
Mr. dr. K.A.P.C. van Wees is universitair docent aan de Vrije Universiteit Amsterdam en verbonden aan het Amsterdam Law and Behavior Institute (A-LAB).

Prof. mr. dr. A.J. Akkermans
Prof. mr. dr. A.J. Akkermans is hoogleraar privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en directeur van het Amsterdam Law and Behavior Institute (A-LAB).
Jurisprudentie

Kansschade: een bewogen leerstuk

HR 19 juli 2019, ECLI:NL:HR:2019:1223 en Rb. Den Haag 8 januari 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:4

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2020
Trefwoorden (letsel)schade, kansschade, zorgvuldigheidsnorm, proportionele aansprakelijkheid, condicio sine qua non-verband
Auteurs Mr. J. den Hoed
SamenvattingAuteursinformatie

    Zowel in het Srebrenica-arrest als in het Faro-vonnis, twee tamelijk verschillende zaken, is een veroordeling tot vergoeding van kansschade uitgesproken voor onzorgvuldig handelen. In zijn Srebrenica-uitspraak stelde de Hoge Raad de kleine, maar niet verwaarloosbare kans voor de bewuste groep mannelijke vluchtelingen om uit handen te blijven van Bosnische Serviërs (als Dutchbat naar behoren zou zijn opgetreden) vast op 10%, waar het hof nog was uitgekomen op 30%. De rechtbank kwam in de Faro-zaak tot een kleine, maar niet verwaarloosbare kans van 20% op een beter resultaat bij de destijds met Martinair gevoerde onderhandelingen als de Raad voor de Luchtvaart niet onzorgvuldig zou hebben gehandeld. Een algemeen, voor alle gevallen toepasbaar, minimumpercentage voor kansschade lijkt niet aanwijsbaar.


Mr. J. den Hoed
Mr. J. den Hoed is cassatieadvocaat bij Köster advocaten.
Titel

De Richtlijn Rekenmodel Overlijdensschade van De Letselschade Raad past naadloos in rechtspraak en regelgeving

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2020
Trefwoorden rekenmodel, overlijdensschade, rekenmethodiek, Denktank, De Letselschade Raad
Auteurs Mr. Chr.H. van Dijk
SamenvattingAuteursinformatie

    De Richtlijn Rekenmodel Overlijdensschade kan rekenen op een breed draagvlak. Over de Richtlijn bestaat nog betrekkelijk weinig jurisprudentie, maar uit wat er is aan gepubliceerde uitspraken lijkt de conclusie te mogen worden getrokken dat de Richtlijn ook door de rechtspraak wordt omarmd en zonder veel omhaal van toepassing wordt geacht op overlijdenszaken. In de praktijk bestaat nog wel eens discussie over het antwoord op de vraag of de Richtlijn wel past in de door de Hoge Raad over overlijdensschade gewezen rechtspraak en in het wettelijk kader. De auteur betoogt in dit artikel dat dit wel het geval is.


Mr. Chr.H. van Dijk
Mr. Chr.H. van Dijk is advocaat bij Kennedy van der Laan te Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

De Wet Affectieschade in de praktijk; duidelijke afbakening of onsmakelijke discussies?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Wet Affectieschade, rechtspraak, hardheidsclausule, smartengeld, letselschade
Auteurs Mr. C. van der Roest en Mr. J.G. Keizer
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel bespreken de auteurs de sinds de invoering van de Wet Affectieschade – en binnen het temporele toepassingsbereik van deze wet – verschenen rechtspraak, voor zover daarin de vraag of aanspraak kon worden gemaakt op vergoeding van affectieschade onderwerp van (partij)debat is geweest. Zij bezien in hoeverre in de rechtspraktijk tegemoet wordt gekomen aan de doelstellingen van de wetgever, en bespreken welke vragen (kunnen) rijzen bij de uitleg van deze wettelijke regeling.


Mr. C. van der Roest
Mr. C. van der Roest is advocaat bij SAP Letselschade Advocaten te Amersfoort.

Mr. J.G. Keizer
Mr. J.G. Keizer is advocaat bij SAP Letselschade Advocaten te Amersfoort.
Artikel

Over eigendom, personen en zaken

Een historisch vergelijkende beschouwing over de inhoud van eigendom

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2020
Trefwoorden rechtsvorming, natuurrecht, zaak, vermogensrecht, vrijheid
Auteurs Prof. mr. J.M. Milo
SamenvattingAuteursinformatie

    Eigendom verschaft individuele vrijheid in bevoegdheden ten aanzien van zaken. Een historisch vergelijkende analyse in vrijheidsperspectief maakt duidelijk dat ons civiele eigendomsbegrip die bevoegdheden nader kan bepalen, en publieke belangen en plichten kan accommoderen, met oordeel des verstands en rechtvaardigheid, juist als persoon (subject) en zaak (object) bij de analyse worden betrokken.


Prof. mr. J.M. Milo
Prof. mr. J.M. Milo is eerste houder van de wisselleerstoel oudvaderlands recht en hoofddocent aan de Universiteit Utrecht en Fellow bij de South-African Research Chair in Property Law van Stellenbosch University.
Artikel

Access_open Derdeninterventie bij collectieve arbeidsconflicten na de Wnra

Het ‘vergeten’ derde lid van artikel 6 ESH

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Normalisering, Derdeninterventie, Bemiddeling, Arbitrage, Cao-conflicten
Auteurs Mr. N. Hummel
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de inwerkingtreding van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren op 1 januari 2020 hebben de meeste overheidssectoren de overstap gemaakt naar het cao-stelsel. De Ambtenarenwet 2017 bevat geen wettelijke grondslag meer voor een regeling ter beslechting van collectieve arbeidsconflicten. In de ambtelijke cao’s keert de (Lokale) Advies- en Arbitragecommissie (AAC) terug in de vorm van een derdeninterventieclausule. In deze bijdrage wordt ingegaan op de rol van de AAC voor en na 1 januari 2020, mede in het licht van de wijze waarop derdeninterventie bij cao-conflicten gestalte heeft gekregen in de marktsector. Ook wordt de vraag gesteld of de wijze waarop een voorziening ter beslechting van collectieve arbeidsgeschillen is verwezenlijkt, invloed heeft op het collectief actierecht. Daarbij spreekt de auteur een sterke voorkeur uit voor (her)invoering van een wettelijke grondslag voor een geschillenregeling voor sectoren die essentiële diensten leveren, zowel in de publieke als in de private sector.


Mr. N. Hummel
Mr. N. (Nataschja) Hummel is als docent verbonden aan de Universiteit Utrecht en doet promotieonderzoek naar de bijzondere rechtspositie van de militair.
Artikel

Niet meer en niet minder

Over normatieve overwegingen bij het vaststellen van causaal verband

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2020
Trefwoorden condicio sine qua non, schadevergoeding, hypothetisch scenario, billijkheid, geschonden norm
Auteurs W.Th. Nuninga LLM MJur
SamenvattingAuteursinformatie

    De vaststelling van het csqn-verband wordt gezien als een feitelijke exercitie waar normatieve overwegingen geen rol spelen. In deze bijdrage wordt betoogd (1) dat dit onjuist is omdat normatieve overwegingen ook nu al een rol spelen, maar (2) dat deze overwegingen ten onrechte alleen ten gunste van het slachtoffer werken.


W.Th. Nuninga LLM MJur
W.Th. Nuninga LLM MJur is PhD Fellow bij de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Waarom melden burgers?

Individuele, sociale en institutionele drijfveren voor meldgedrag in het verleden en toekomstige meldingsbereidheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden reporting behavior, crime, citizen participation, psychological drivers, response efficacy
Auteurs Wendy Schreurs
SamenvattingAuteursinformatie

    Reports by citizens are a great source of information for the police. Local residents often know well what is going on in their neighborhood and which situations are suspicious. In this study, an online survey was conducted to investigate what drives citizens to report to the police. A wide range of individual, social and institutional drivers were explored. The results show that the more often people have reported anything to the police in the past, the higher their risk perception, self-efficacy, citizen participation and police legitimacy. Furthermore, participants with a higher degree of self-efficacy, response efficacy, trust in the police and police legitimacy appeared to be more willing to report in the future. An open question regarding what motivates people the most to report show that response efficacy (the idea to what extent reporting has an effect on increasing safety and reducing crime) and altruistic values (justice, to help society and punish the perpetrators) were mentioned most frequently.


Wendy Schreurs
Wendy Schreurs is werkzaam bij de Politieacademie.

    In former times, citizens themselves were responsible for ensuring and protecting their own safety. Over the years, this responsibility largely shifted to the government, partly due to the establishment of an institutionalized police force. In recent years, citizens have increasingly reestablishing themselves in domain of social security. Citizens are engaged in tasks that are traditionally seen as primarily the responsibility of the police, such as law enforcement, criminal investigation and immediate in case of emergencies.
    Technology can be considered as one of the major driving forces behind this increasing contribution of citizens in the field of security. Technology makes it possible to quickly find and share information and enhances people’s ability to deal with cognitively complex tasks. In a certain way, technology democratizes police work by making the skills and tools available for every citizen.
    In this article we will discuss the value of a specific form of technological support for citizens in their search for missing persons: the missing persons app ‘Sarea’. The Netherlands has a high number of missing persons and in many incidents citizens start searching themselves. Often, this citizen initiatives are uncoordinated. Therefore, an app has been developed by the police to help citizens start and coordinate their own searches for a missing person.


Jerôme Lam
Jerôme Lam is werkzaam bij de Politieacademie.

Nicolien Kop
Nicolien Kop is werkzaam bij de Politieacademie.

Celest Houtman
Celest Houtman is als onderzoeker werkzaam bij Politie Nederland, Eenheid Oost-Nederland, Dienst Informatie.
Artikel

Is digitale buurtpreventie een goed instrument voor burgeropsporing?

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden digital neighborhood watch, community crime prevention, crime reduction, surveillance, social control
Auteurs Jossian Zoutendijk en Krista Schram
SamenvattingAuteursinformatie

    It is often assumed that digital neighbourhood watch groups lead to more emergency calls and more arrests by the police. This article revolves around the question whether or not these groups actually contribute to reducing crime in the Netherlands. It does so by looking at recent studies and the results of researchers’ own ‘realist evaluation’ of the city of Rotterdam’s policy on digital neighbourhood watch. The latter includes a reconstruction of the program theory and ten case studies with different types of groups. The reconstruction of program theory revealed two main routes to crime reduction: 1) more emergency calls and more arrests by the police and 2) more social control. Chat histories have been studied and moderators, participants, non-participants and professionals were interviewed on their perception of active mechanisms and on the efficacy of their group. None of the respondents believed their group led to an increased number of arrests, but interviews and chat histories show that crime can be reduced by means of social control. Social control by neighbours limits the opportunity for crime and disturbs criminal acts. Other studies in the Netherlands support this finding. The article closes by putting digital neighbourhood watch in a citizen’s perspective with suggestions to improve the efficacy of digital neighbourhood watch groups and the notion that for citizens, crime reduction is not the only or principal goal.


Jossian Zoutendijk
Jossian Zoutendijk is werkzaam bij Hogeschool Inholland Rotterdam.

Krista Schram
Krista Schram is werkzaam bij Hogeschool Inholland Rotterdam.
Toont 1 - 20 van 266 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 13 14
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.