Zoekresultaat: 49 artikelen

x
Redactioneel

Digitalisering van het straf(proces)recht: een meerlagig fenomeen

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 2 2021
Trefwoorden Redactioneel, Digitalisering, Cybercrime
Auteurs Prof. dr. D. (Dirk) Van Daele en Prof. mr. J.B.H.M. (Joep) Simmelink
SamenvattingAuteursinformatie

    Een veelheid aan ontwikkelingen doet de vraag opkomen naar de verenigbaarheid van de toenemende digitalisering van de maatschappij, en dus ook van de strafrechtelijke rechtshandhaving, met de waarden en beginselen die ten grondslag liggen aan onze strafrechtspleging. Het stimuleren van deze fundamentele reflectie was de belangrijkste drijfveer voor het samenstellen van dit nummer. Daarbij werd gepoogd een breed spectrum aan thema’s aan bod te laten komen.


Prof. dr. D. (Dirk) Van Daele
Dirk Van Daele is als hoogleraar verbonden aan het Instituut voor Strafrecht en het Leuvens Instituut voor Criminologie van de KU Leuven en is tevens redactielid van Boom Strafblad.

Prof. mr. J.B.H.M. (Joep) Simmelink
Joep Simmelink is senior advocaat-generaal bij het Ressortsparket, bijzonder hoogleraar Openbaar Ministerie aan de Universiteit Maastricht en redactielid van Boom Strafblad.
Artikel

AI-risicotaxatie: nieuwe kansen en risico’s voor statistische voorspellingen van recidive

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 2 2021
Trefwoorden Artificiële intelligentie, Risicotaxatie, Kunstmatige intelligentie, recidiverisico, voorspellingen
Auteurs G.M. (Max) de Vries, Mr. dr. J. (Johannes) Bijlsma, Prof. mr. dr. A.R. (Anne Ruth) Mackor e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In het artikel wordt inzicht geboden in nieuwe instrumenten die een risicotaxatie mogelijk maken met behulp van artificiële intelligentie. In het bijzonder wordt ook ingegaan op de talrijke fundamentele vragen die met het gebruik ervan gepaard gaan. Tevens gaan de auteurs na in welke mate AI-risicotaxatie accurater is – of kan zijn – dan de bestaande methoden van risicotaxatie.


G.M. (Max) de Vries
Max de Vries volgt de Master Rechtswetenschappelijk Onderzoek aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. dr. J. (Johannes) Bijlsma
Johannes Bijlsma is als universitair docent strafrecht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen (WPI) en het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL), Universiteit Utrecht.

Prof. mr. dr. A.R. (Anne Ruth) Mackor
Anne Ruth Mackor is als hoogleraar professie-ethiek, in het bijzonder van juridische professies, werkzaam bij de Faculteit Rechtsgeleerdheid, Rijksuniversiteit Groningen.

Prof. dr. F.J. (Floris) Bex
Floris Bex is bijzonder hoogleraar data science en rechtspraak aan het Department of Law, Technology, Markets and Society, Tilburg University, wetenschappelijk directeur van het Nationaal Politielab AI bij het Innovation Centre for AI (ICAI) en universitair docent AI bij het departement Informatica, Universiteit Utrecht.

Prof. dr. G. (Gerben) Meynen
Gerben Meynen is als hoogleraar forensische psychiatrie verbonden aan het WPI en UCALL, Universiteit Utrecht en tevens bijzonder hoogleraar ethiek en psychiatrie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Access_open Het opzettelijk in ernstige mate schenden van de verkeersregels

Artikel 5a WVW als effectief wapen tegen de wegpiraat?

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden gevaarlijk rijgedrag, rechtsvergelijking, roekeloosheid, te duchten gevaar, wegpiraat
Auteurs Mr. R. (Rob) ter Haar en Mr. dr. M.J. (Mark) Hornman
SamenvattingAuteursinformatie

    Artikel 5a WVW vult het ‘strafgat’ tussen de artikelen 5 en 6 WVW voor die gevallen waarin ernstig verkeersgevaarlijk gedrag zonder noemenswaardige gevolgen blijft.
    Dit artikel geeft nadere (lees: een meer ruimhartige) invulling aan het begrip roekeloosheid. In deze bijdrage wordt, mede aan de hand van de eerste verschenen jurisprudentie, ingegaan op het voor artikel 5a WVW benodigde ‘in ernstige mate schenden van de verkeersregels’, het opzetvereiste en het ‘te duchten gevaar’.
    Voorts wordt bekeken in hoeverre het ‘onder invloed zijn’ daarop van invloed is en wat de betekenis van deze wetswijziging is voor de invulling van het (omstreden) begrip roekeloosheid.


Mr. R. (Rob) ter Haar
Mr. R. ter Haar is docent strafrecht aan de Universiteit Utrecht en rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Overijsel.

Mr. dr. M.J. (Mark) Hornman
Mr. dr. M.J. Hornman is werkzaam bij de Belastingdienst.
Artikel

Mediation in strafzaken: de werkstijl is de methode

Reflecties op de praktijk

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 3 2020
Trefwoorden strafzaken, mediation, mediatorprofiel, mediationproces, psychologische veiligheid
Auteurs Makiri Mual
SamenvattingAuteursinformatie

    Since the beginning of 2020 mediation in penal cases (mediation in strafzaken) has officially become the preferred intervention for victim-offender mediation in the criminal procedure in the Netherlands. Although mediation in general has a sound theoretical framework, the methodological elaboration appears pluriform and somewhat limited. In practice mediators in penal cases operate conform their own personal and professional standards and preferences, apparently without tailor made methodology. This article describes the current methodological directions such as transformative or narrative mediation and seeks for useful references. As a part of restorative practice, mediation in penal cases seems to remain secluded from insights and methodology developed in the domain of restorative justice practices. Educational institutes providing trainings for mediators barely refer to this theoretical framework. Besides a methodological reconnaissance this article offers a fundamental comparison of mediation styles and interventions, but is above all an incentive to further methodological research and development.


Makiri Mual
Makiri Mual is mediator in familie- en strafzaken en rechtbankmediator MfN. Hij verbindt in zijn werk interventies uit de mediationpraktijk en de systeemtherapie en richt zich vooral op geëscaleerde conflicten die in het civiele en strafrecht belanden. Hij is docent bij de stichting EFT Nederland, opleider en voorzitter van de vereniging van strafmediators, VMSZ.
Redactioneel

Access_open Twintig jaar reflectie op herstelrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2020
Auteurs Bas van Stokkom, Jacques Claessen en Ivo Aertsen
Auteursinformatie

Bas van Stokkom
Bas van Stokkom is als research fellow verbonden aan de het onderzoeksprogramma Staat en Recht, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Radboud Universiteit Nijmegen. www.basvanstokkom.eu

Jacques Claessen
Jacques Claessen is bijzonder hoogleraar herstelrecht en universitair hoofddocent strafrecht aan de Universiteit Maastricht en rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Limburg.

Ivo Aertsen
Ivo Aertsen is redacteur van dit tijdschrift en hoofdredacteur van The International Journal on Restorative Justice.
Redactioneel

Excepties

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Auteurs Prof. mr. J.H. (Jan) Crijns en Mr. T.B. (Tamara) Trotman
Auteursinformatie

Prof. mr. J.H. (Jan) Crijns
Jan Crijns is lid van de redactie van Boom Strafblad en hoogleraar straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit Leiden.

Mr. T.B. (Tamara) Trotman
Tamara Trotman is lid van de redactie van Boom Strafblad en is raadsheer bij het Gerechtshof Den Haag.
Artikel

Access_open Eichmann, moreel oordelen en strafuitsluitingsgronden

De gedeelde verantwoordelijkheid voor verantwoordelijkheid

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden strafrechtelijke verantwoordelijkheid, reflexieve zelfcontrole, morele en juridische normen, strafuitsluitingsgronden
Auteurs Mr. dr. J. (Johannes) Bijlsma
SamenvattingAuteursinformatie

    Tegenwoordig bestaat meer aandacht voor burgers die om uiteenlopende redenen niet goed in staat zijn om zich aan juridische normen te houden, in het bijzonder ook aan strafrechtelijke normen. Het gaat om mensen wier cognitieve vermogens tekortschieten en/of die een onderontwikkeld vermogen van zelfcontrole hebben. Deze ontwikkeling kan worden beschouwd als een zekere mate van erkenning dat de maatschappij – en de overheid in het bijzonder – medeverantwoordelijk is voor het scheppen van de bestaansvoorwaarden waaronder mensen zich kunnen ontplooien tot verantwoordelijke burgers. In dit artikel betoog ik dat deze gedeelde verantwoordelijkheid niet alleen geldt voor de ontwikkeling van de mentale capaciteiten die nodig zijn om de normen van het recht te kunnen volgen, maar ook voor het bieden van toegang aan burgers tot de materiële normen zelf.


Mr. dr. J. (Johannes) Bijlsma
Johannes Bijlsma is universitair docent strafrecht aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL), Universiteit Utrecht.
Artikel

Drie modellen voor eigen schuld bij strafuitsluitingsgronden

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Culpa in causa, Actio libera in causa, Eigen schuld, Strafuitsluitingsgronden, Vollrausch
Auteurs Mr. R.H. (Robert) Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Nederlandse rechtspraktijk kan de rechter een beroep op een strafuitsluitingsgrond verwerpen als blijkt dat de verdachte een zekere mate van eigen schuld heeft, ondanks dat de (overige) voorwaarden zijn vervuld. In de literatuur worden bezwaren aangevoerd tegen deze pragmatische benadering en zijn alternatieve aansprakelijkheidsmodellen tot stand gekomen: eigen schuld als zelfstandig strafbaar feit en de actio libera in causa. In deze bijdrage worden beide modellen beschreven en vergeleken met de Nederlandse benadering.


Mr. R.H. (Robert) Jansen
Robert Jansen is docent/onderzoeker strafrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en verricht promotieonderzoek naar culpa in causa in het stelsel van strafuitsluitingsgronden.
Artikel

Het bewijs van excepties

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Bewijsrecht, Excepties, Formeel recht
Auteurs Mr. dr. W.H.B. (Wilma) Dreissen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt betoogd dat de stelling dat het bewijs van excepties een lagere bewijsdrempel niet juist is. De strafrechter geeft een oordeel over het bewijs van het tenlastegelegde én over de strafbaarheid van feit en dader. Voor elk van die oordelen geldt de eis dat de feiten buiten redelijke twijfel moeten vaststaan. Er is in die zin geen onderscheid tussen de eerste vraag zoals genoemd in artikel 350 Sv en de tweede en derde vraag die in die bepaling genoemd worden. Wel wijkt de wijze waarop de rechter tot zijn oordeel over de strafbaarheid komt af van de wijze waarop hij meestal tot het bewijsoordeel komt.


Mr. dr. W.H.B. (Wilma) Dreissen
Wilma Dreissen is universitair hoofddocent straf- en strafprocesrecht aan de Open Universiteit.
Opinie

Tussen recht en datawetenschap

Toezicht door voorspellende algoritmische modellen

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden toezicht, voorspellende algoritmische modellen, datawetenschap
Auteurs Giel Stoepker en Ivo Stoepker
SamenvattingAuteursinformatie

    Datawetenschap is voor het recht van groot belang. De daaruit voortvloeiende voorspellende algoritmische modellen kunnen worden gebruikt om toezicht uit te oefenen, bijvoorbeeld of geen uitkeringsfraude wordt gepleegd. Vaak leveren de inzichten uit de datawetenschap goede voorspellingen op over mogelijke fraudegevallen. In de praktijk zijn er toch problemen, bijvoorbeeld met de steekproef en de data op basis waarvan voorspellingen worden gedaan. Dat probleem is sterker aanwezig naarmate de gebruikte modellen complexer zijn. In deze bijdrage wordt op deze problemen ingegaan en wordt betoogd dat menselijk handelen van groot belang is wanneer gebruik wordt gemaakt van voorspellende modellen.


Giel Stoepker
Mr. G.J. Stoepker is juridisch medewerker bij de Centrale Raad van Beroep en docent staats- en bestuursrecht aan Tilburg University.

Ivo Stoepker
I.V. Stoepker M.Sc. is promovendus aan de Department of Mathematics and Computer Science faculteit Mathematics and Computer Science van Eindhoven University of Technology.
Artikel

De veranderingen en groei van het Tweede Boek van het Wetboek van Strafrecht. Een historische analyse van zijn externe structuur in de periode 1886-2017

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2019
Trefwoorden Strafrechtsgeschiedenis, Wetboek van Strafrecht, Historische Criminologie, Historisch Wetboek van Strafrecht (HWvSr)
Auteurs Marieke Meesters, Prof. Paul Nieuwbeerta en Prof. dr. Jeroen ten Voorde
SamenvattingAuteursinformatie

    Recently a project was started that aims to systematically describe and explain the developments in the Criminal Code for the period 1886 - 2017. This article presents the first results of this new project, called the Historical Criminal Code (HWvSr). An overview is given of the long-term developments in the structure – the ‘external’ structure – of the Second Book of the Criminal Code since 1886. The analyzes show that its scope has been substantially expanded over the last 130 years, but also that various articles and article parts have been deleted. The article describes the most important changes in terms of both quantity and content.


Marieke Meesters
Marieke Meesters was in 2014 en 2017 onderzoeker bij het Instituut Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden en momenteel promovenda bij de Wageningen Universiteit.

Prof. Paul Nieuwbeerta
Prof. Paul Nieuwbeerta is hoogleraar Criminologie bij het Instituut Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden.

Prof. dr. Jeroen ten Voorde
Prof. dr. Jeroen ten Voorde is universitair hoofddocent Straf- en procesrecht bij het Instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden en bijzonder hoogleraar Strafrechtsfilosofie (leerstoel Leo Polak) aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Opnieuw contact zoeken met de patiënt: een artsenplicht?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden recontacting, arts-patiëntrelatie, goed hulpverlenerschap, inspanningsverplichting, whole genome screening
Auteurs Prof. mr. J.K.M. Gevers, mr. dr. M.C. Ploem en prof. dr. W.H. van Harten
Auteursinformatie

Prof. mr. J.K.M. Gevers
Sjef Gevers is emeritus-hoogleraar gezondheidsrecht, Universiteit van Amsterdam.

mr. dr. M.C. Ploem
Corrette Ploem is universitair docent gezondheidsrecht bij de afdeling Sociale geneeskunde van het Amsterdam UMC en redacteur van dit blad.

prof. dr. W.H. van Harten
Wim van Harten is wetenschappelijk groepsleider in het NKI, hoogleraar aan de Universiteit Twente en voorzitter van de raad van bestuur van Rijnstate.

    This research aims to contribute to the development of an adequate handling of the complex, conflictual family situation that occurs during a parental abduction. The following research question is answered: to what extent can the methods of conflict resolution – in the Belgian context – be optimized so that the interests of the child are guaranteed, in the light of the theoretical insights provided by Glasl’s conflict theory? Attention is paid to the limited effectiveness of legal procedures on the one hand and the mediation on the other. The method of de-escalation, developed by Glasl, offers a useful diagnostic tool for the conflict counsellor. In addition, the metaphor of the ladder he uses is extremely valuable as a tool for gaining insight into the mechanisms of conflict-escalation. A clear theoretical framework for the judiciary in the interpretation of an escalated conflict can lead to a better understanding of the possibilities and limits of cooperation between ex-partners, which benefits the best interests of the child.


Elise Blondeel
Elise Blondeel is doctoraatsstudent aan de Universiteit Gent in het domein van Strafrecht en Kinderrechten. Master in de Criminologie en gestart aan een doctoraat in de Rechten op 1 oktober 2018. Het doctoraat handelt over de wisselwerking tussen burgerlijk recht en strafrecht in zaken van internationale parentale ontvoering. Het doctoraat vindt plaats onder de supervisie van Prof. Dr. Wendy De Bondt.

Janny Dierx
Janny Dierx is jurist en MfN-mediator. Zij is coördinator van de mediatorspool bij de Utrechtse pilot herstelbemiddeling in strafzaken en meewerkend voorvrouw. Zij is tevens redactielid van dit tijdschrift.

Alrik de Haas
Alrik de Haas is strafrechtadvocaat bij OMVR Advocaten in Harderwijk. Hij is hoofddocent Strafrecht bij de Beroepsopleiding Advocaten. Alrik de Haas is medeoprichter en bestuurslid van de kerngroep Stichting MENS en Strafrecht en lid van de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten (NVSA).

Annet Last-Louw
Annet Last-Louw is gecertificeerd mediator in Strafrecht (tevens geregistreerd als MfN Mediator).
Praktijkberichten

Burenbemiddeling in Vlaanderen versus buurtbemiddeling in Nederland

In gesprek met Bente London en José van den Berg over overeenkomsten en verschillen

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 2 2018
Auteurs Janny Dierx
Auteursinformatie

Janny Dierx
Janny Dierx is jurist en MfN-mediator. Zij is bestuurder van De Mediation Coöperatie en mediator in strafzaken. Ze is commissielid van het Schadefonds Geweldsmisdrijven en redactielid van dit tijdschrift.
Artikel

Risico’s rondom de eindovereenkomst bij mediation in strafzaken

Over (de)juridisering, strijdige belangen en management van verwachtingen

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 2 2018
Trefwoorden vaststellingsovereenkomst, Eisen vaststellingsovereenkomst, Strijdige belangen, Eindresultaat, procesbegeleider
Auteurs Janny Dierx en Marlène Panis
SamenvattingAuteursinformatie

    Penal mediation is currently gaining ground within the Dutch criminal law system. The practice of penal mediation is still young, however, and therefore vulnerable. Common criminal practice as well as legislation are not yet thoroughly compatible with practicing penal mediation. The authors of this contribution explore some of the dangers mediators in penal cases face while drafting party-agreements that are to be taken into consideration by the judicial authorities.
    The article identifies the responsibilities of penal mediators who at the same time serve the interests of victims and offenders as well as take into account expectations judicial authorities might have. The responsibility of penal mediators is especially delicate whenever mediation parties seek to influence the outcome of the criminal lawsuit through mediation. Criminal law is a highly-regulated field, which – albeit unconsciously – seduces the mediator his- or herself to lose track of the main restorative goals of the mediation process. The authors point out some of the traps penal mediators can and should avoid. The article for instance elaborates the inadequacy of current Dutch regulations to arrange financial compensations and damages through penal mediation. Also, the article enumerates examples of over-juridification as well as the lacking of it. Furthermore, avoidable pitfalls such as McDonald-icing of penal mediation, the uselessness of so-called sunny-weather-vouchers, the dangers of copy-paste-agreements and – the worst – putting the height of their own – currently fixed – fees above party interests, are being addressed.


Janny Dierx
Janny Dierx is jurist en MfN-mediator. Zij is bestuurder van De Mediation Coöperatie en mediator in strafzaken. Ze is commissielid van het Schadefonds Geweldsmisdrijven en redactielid van dit tijdschrift.

Marlène Panis
Marlène Panis is mediation functionaris bij de Rechtbank Zeeland-West-Brabant, zelfstandig mediator en hoofdredacteur van het Infoblad Mediation in Strafzaken.
Artikel

Access_open A new interpretation of the modern two-pronged tests for insanity

Why legal insanity should not be a ‘status defense’

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2018
Trefwoorden substantive criminal law, excuses, insanity defense, status defense
Auteurs Johannes Bijlsma
SamenvattingAuteursinformatie

    Michael Moore has argued that modern two-pronged tests for legal insanity are wrongheaded and that the insanity defense instead should be a ‘status defense’. If Moore is right, than the laws on insanity in most legal systems are wrong. This merits a critical examination of Moore’s critique and his alternative approach. In this paper I argue that Moore’s status approach to insanity is either under- or overinclusive. A new interpretation of the modern tests for insanity is elaborated that hinges on the existence of a legally relevant difference between the mentally disordered defendant and the ‘normal’ defendant. This interpretation avoids Moore’s criticism as well as the pitfalls of the status approach.


Johannes Bijlsma
Johannes Bijlsma is assistant professor of criminal law at the Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Rechtsbescherming tegen de cumulatie van privaatrechtelijke en strafrechtelijke gebiedsverboden

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 2 2018
Trefwoorden soccer banning order, pub banning order, criminal charge, accumulation, legal protection
Auteurs Mr. dr. drs. Benny van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    There are different types of banning orders (criminal, administrative and private banning orders) and also various procedures for imposing these orders. According to the case law of the European Court of Human Rights (EctHR) it is unlikely that the private banning orders can be labelled as a criminal charge. The nature of the private banning orders is not punitive. These orders are to be regarded as recovery sanctions. However, applying the ‘Engel criteria’ will lead to the conclusion that some criminal banning orders are to be considered as a criminal charge. Accumulation between criminal and private law banning orders might be troublesome, but it is possible. It is recommended that the Public Prosecution Service is cautious when it comes to demanding a criminal banning order, when a private banning order has already been imposed.


Mr. dr. drs. Benny van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Conflictoplossing en Geschillenbeslechting van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Actieve openbaarmaking van toezichtsinformatie

Heiligt het doel de middelen?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2017
Trefwoorden Gezondheidswet, Actieve openbaarmaking, Toezicht
Auteurs Mr. A.C. de Die
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van de gewijzigde Gezondheidswet jo. Besluit openbaarmaking toezichts- en uitvoeringsgegevens zal aangewezen informatie actief openbaar worden gemaakt. Er vindt geen belangenafweging plaats. Belanghebbenden kunnen in bezwaar en beroep. De Wob behoudt aanvullende werking. Of deze vorm van transparantie zijn doel bereikt zal bezien moeten worden.


Mr. A.C. de Die
Mieke de Die is advocaat/partner bij Velink & De Die advocaten te Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 49 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.