Zoekresultaat: 78 artikelen

x
Artikel

Access_open Samenhang in beleid op het terrein van veiligheid en justitie

Een longitudinale analyse van de geleverde prestaties per bestede euro in de V&J-sector in de periode 1980-2016

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 1 2021
Trefwoorden justitie, veiligheid, productiviteit, beleid, systeembenadering
Auteurs Jos Blank en Alex van Heezik
SamenvattingAuteursinformatie

    Policy coherence in the area of safety and justice – A longitudinal analysis of service delivery per euro spent in the S&J sector during the period 1980-2016

    In the safety and justice policy area, there is a strong intertwining between performances of the various sectors, such as police, judiciary and prison system. The question is whether policy takes these interdependencies into account sufficiently. Are the resources used – from a broader wealth perspective – optimally allocated amongst the various safety and justice provisions? The authors answer this question on the basis of an integrated time series analysis of the productivity development of the Dutch safety and justice system in the period 1980-2016. The analysis shows that productivity of safety and justice services has hardly changed since 1980. At best, in 2016, citizens will receive as much value per euro of taxpayers’ money as in 1980, but probably slightly less. It is striking, however, that the S&J system as a whole operates more efficient than the sum of its parts (the individual sectors). There have been substantial changes in the allocation of resources over time. Obviously money from the police was transferred to the judiciary and municipalities.


Jos Blank
Jos Blank is voormalig hoogleraar Productiviteit van de Publieke Sector aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, Associate professor aan de TU Delft en voorzitter van de stichting Instituut Publieke Sector Efficiëntie Studies. Hij is een erkende autoriteit op het gebied van productiviteitsmeting in de publieke sector en treedt al decennialang op als adviseur voor politici, beleidsmakers en vertegenwoordigers van publieke instellingen en organisaties.

Alex van Heezik
Alex van Heezik is sinds 1993 zelfstandig onderzoeker op het terrein van de publieke dienstverlening. Hij richt zich daarbij voornamelijk op het uitvoeren van historische beleidsevaluaties en (kwantitatieve) trendanalyses. De doelmatigheid en productiviteit van het beleid staan hierin vaak centraal.
Jurisprudentie

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Tweede helft 2020

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2021
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. J. Boonstra, mr. dr. S.S. Buisman e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. J. Boonstra

mr. dr. S.S. Buisman

mr. A.A. Feenstra

mr. K.M.T. Helwegen

mr. A.C.M. Klaasse

mr. dr. I. Koopmans

mr. V.S.Y. Liem

prof. mr. M. Nelemans

mr. dr. J.S. Nan

mr. dr. E. Sikkema

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. W.S. de Zanger
Artikel

Access_open The ECHR and Private Intercountry Adoptions in Germany and the Netherlands: Lessons Learned from Campanelli and Paradiso v. Italy

Tijdschrift Family & Law, januari 2021
Trefwoorden Private intercountry adoptions, surrogacy, ECHR, UNCRC, the best interests of the child
Auteurs dr. E.C. Loibl
SamenvattingAuteursinformatie

    Within the past half century, a market in adoptable children has emerged. The imbalance between the demand for and the supply of adoptable children, combined with the large sums of Western money, incite greedy actors in poor countries to illegally obtain children for adoption. This renders intercountry adoption conducive to abuses. Private adoptions are particularly prone to abusive and commercial practices. Yet, although they violate both international and national law, German and Dutch family courts commonly recognize them. They argue that removing the child from the illegal adopters would not be compatible with the rights and best interests of the individual child concerned. In 2017, the ECtHR rendered a ground-breaking judgement in Campanelli and Paradiso v. Italy. In this case, the Court dealt with the question as to whether removing a child from the care of an Italian couple that entered into a surrogacy agreement with a Russian clinic, given that surrogacy is illegal in Italy, violated Article 8 ECHR. Contrary to previous case law, in which the ECtHR placed a strong emphasis on the best interests of the individual child concerned, the Court attached more weight to the need to prevent disorder and crime by putting an end to the illegal situation created by the Italian couple and by discouraging others from bypassing national laws. The article argues that considering the shifting focus of the ECtHR on the prevention of unlawful conduct and, thus, on the best interests of children in general, the German and Dutch courts’ failure to properly balance the different interests at stake in a private international adoption by mainly focusing on the individual rights and interests of the children is difficult to maintain.

    ---

    In de afgelopen halve eeuw is er een markt voor adoptiekinderen ontstaan. De disbalans tussen de vraag naar en het aanbod van adoptiekinderen, in combinatie met grote sommen westers geld, zet hebzuchtige actoren in arme landen ertoe aan illegaal kinderen te verkrijgen voor adoptie. Dit maakt interlandelijke adoptie bevorderlijk voor misbruik. Particuliere adoptie is bijzonder vatbaar voor misbruik en commerciële praktijken. Ondanks het feit dat deze privé-adopties in strijd zijn met zowel internationaal als nationaal recht, worden ze door Duitse en Nederlandse familierechtbanken doorgaans wel erkend. Daartoe wordt aangevoerd dat het verwijderen van het kind van de illegale adoptanten niet verenigbaar is met de rechten en belangen van het individuele kind in kwestie. In 2017 heeft het EHRM een baanbrekende uitspraak gedaan in de zaak Campanelli en Paradiso t. Italië. In deze zaak behandelde het Hof de vraag of het verwijderen van een kind uit de zorg van een Italiaans echtpaar dat een draagmoederschapsovereenkomst met een Russische kliniek is aangegaan, in strijd is met artikel 8 EVRM, daarbij in ogenschouw genomen dat draagmoederschap in Italië illegaal is. In tegenstelling tot eerdere jurisprudentie, waarin het EHRM sterk de nadruk legde op de belangen van het individuele kind, hechtte het Hof meer gewicht aan de noodzaak om de openbare orde te bewaken en criminaliteit te voorkomen door een einde te maken aan de illegale situatie die door het Italiaanse echtpaar was gecreëerd door onder andere het omzeilen van nationale wetten. Het artikel stelt dat, gezien de verschuiving in de focus van het EHRM op het voorkomen van onwettig gedrag en dus op het belang van kinderen in het algemeen, de Duitse en Nederlandse rechtbanken, door met name te focussen op de individuele rechten en belangen van de kinderen, er niet in slagen om de verschillende belangen die op het spel staan ​​bij een particuliere internationale adoptie goed af te wegen.


dr. E.C. Loibl
Elvira Loibl is Assistant Professor Criminal Law and Criminology, Universiteit Maastricht.
Artikel

Een netwerkbenadering van de prostitutiesector in Noord-Nederland op basis van politie­registraties

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2020
Trefwoorden social network analysis, hidden population estimation, subgroup detection, key player problem, prostitution
Auteurs Johan Hiemstra, Gijs Huitsing en Jan Kornelis Dijkstra
SamenvattingAuteursinformatie

    The aim of this study was to investigate the scale and network structure of prostitution in the northern provinces of the Netherlands. This study tries to answer three research questions – using a social network analysis – about (1) the size of the prostitution network, (2) the formation of subgroups, and (3) key positions within the networks. The findings show that approximately two thirds of the researched prostitution networks is still unregistered, while there are indications that the outcome of the estimate is in line with the actual situation. Furthermore, results show that prostitutes have a tendency to form subgroups on the basis of the same nationality, which indicates that homophily plays a role in the formation of subgroups. The identification of the actors who occupy key positions in the network were based on the key player problem (KPP). A striking finding was that organizers of prostitution (such as pimps) did not have a central position in the networks. These findings provide insight into the way in which prostitution is registered, and provide points of departure for interventions to disrupt the network or, on the contrary, to strengthen it.


Johan Hiemstra
J.H.J. Hiemstra MSc is werkzaam als onderzoeker bij de afdeling Analyse en Onderzoek van de Dienst Regionale Informatieorganisatie (DRIO) binnen de eenheid Oost-Nederland van de Nationale Politie en is als PhD-student verbonden aan de vakgroep Sociologie van de faculteit Gedrags- en Maatschappijwetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen.

Gijs Huitsing
Dr. G. Huitsing is werkzaam als universitair docent bij de vakgroep Sociologie van de faculteit Gedrags- en Maatschappijwetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen.

Jan Kornelis Dijkstra
Dr. J.K. Dijkstra is werkzaam als senior analist bij het Regionaal Informatie en Expertise Centrum (RIEC) Noord-Nederland en als universitair hoofddocent bij de vakgroep Sociologie van de faculteit Gedrags- en Maatschappijwetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen.
Article

Access_open Exoneration in Sweden

Is It Not about Time to Reform the Swedish Model?

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2020
Trefwoorden wrongful convictions, extraordinary legal remedy, exoneration, exoneration in Sweden
Auteurs Dennis Martinsson
SamenvattingAuteursinformatie

    This article reviews exoneration in Sweden, with a focus on the procedure of applying for exoneration. First, it highlights some core features of Swedish criminal procedural law, necessary to understand exoneration in the Swedish context. Secondly, it outlines the possibilities in Swedish law to apply for exoneration, both in favour of a convicted person and to the disadvantage of a previously acquitted defendant. Thirdly, it identifies some challenges with the current Swedish model of administering applications for exoneration. Fourthly, it argues that the current system should be reformed by introducing into Swedish law a review committee that administers applications for exoneration.


Dennis Martinsson
Dennis Martinsson is Assistant Professor in the Department of Law of Stockholm University in Sweden.
Artikel

Access_open Duidelijke taal: wat heb je eraan?

Over in voorlichting ‘vertaalde’ (belasting)wetgeving

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2020
Trefwoorden vertrouwensbeginsel, voorlichting, inlichtingen, taal, rechtsbescherming
Auteurs Mr. drs. T.A. Cramwinckel
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij voorlichting aan burgers ‘vertaalt’ de Belastingdienst complexe belastingwetgeving naar begrijpelijke teksten voor burgers. Deze bijdrage behandelt een aantal praktische en fundamentele vragen die zich voordoen bij deze vertaalslag, zoals: wat is de juridische status van voorlichting? Welke ‘ingrepen’ zijn nodig in de vertaling? Is begrijpelijke taal alleen maar ‘goed’, of zijn er ook nadelen? Kunnen burgers rechten ontlenen aan ‘vertaalde’ belastingwetgeving? En wat betekent dat voor de belastingwetgever? Duidelijk wordt dat begrijpelijke taal nodig is, maar dat het juristen ook voor praktische en fundamentele vraagstukken stelt, waarbij burgers niet uit het oog mogen worden verloren.


Mr. drs. T.A. Cramwinckel
Mr. drs. T.A. (Tirza) Cramwinckel is verbonden aan de Universiteit Leiden als PhD-onderzoeker en docent. Zij is tevens verbonden aan Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Man van de wereld

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 2 2020
Auteurs Stijn Dunk en Martijn Gijsbertsen
Auteursinformatie

Stijn Dunk

Martijn Gijsbertsen
Beeld
Artikel

Access_open Het aanpassingsdilemma online: een verkennend onderzoek naar extreemrechts op social media

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2019
Trefwoorden far-right, online extremism, ideology, resistance, social media
Auteurs Dr. Robby Roks en Jolijn van der Schoot MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    This article focuses on the ways the NVU, Pegida and Voorpost - three far-right groups from the Netherlands - make use of social media platforms in the year 2017. Our results show that these extreme right-wing groups use social media to spread their ideology, to construct a group identity, and to call for (democratic) forms of resistances. In addition, our findings illustrate that these far-right groups seem to adjust to their digital surroundings: they do not change or conceal their extremist ideas, but rather manage their online content to ensure that their ideologies can be disseminated through social media.


Dr. Robby Roks
Dr. R.A. Roks is universitair docent Criminologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Jolijn van der Schoot MSc
J.M.W.A. van der Schoot MSc is Sociotherapeut bij de Forensische Zorgspecialisten. Haar scriptie ‘Extreemrechts Online’ (2018), geschreven als masterscriptie Criminologie aan de Erasmus Universiteit vormde de basis van het onderhavige artikel.
Artikel

Access_open Some thoughts about success fees for mediators

Variations on the theme: ‘The better it helps, the better it pays’ instead of ‘The longer it takes, the better it pays’.

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 4 2019
Trefwoorden success fees, contingency fees, remuneration system, rules of ethics
Auteurs Patrick Van Leynseele
SamenvattingAuteursinformatie

    Traditionally, it has been taught, or prohibited, for mediators to charge ‘success fees’ or ‘contingency fees’ as remuneration for the work they do. This article argues that such overall prohibition lacks nuances. Mediation rules and rules of ethics for mediators should not prevent the parties and the mediators from agreeing on some sort of higher remuneration in case of successful outcome of the mediation. There are limits. In particular, making the mediator’s remuneration a percentage of the settlement amount should remain prohibited.
    However, if the mediator’s interests are aligned with those of the parties, which shall frequently be the case, there should be no blank prohibition for the mediator to charge higher fees in case of successful outcome of the mediation process.
    There is a need for the mediator to be fully transparent about the system he proposes, which includes explaining to the parties and securing their understanding of the pros and cons of the remuneration system he suggests.


Patrick Van Leynseele
Patrick Van Leynseele is attorney (Brussels and New York Bars), arbitrator, mediator and editor of this journal.
Artikel

Verslag jaarvergadering Vereniging voor Gezondheidsrecht 2019

Ongezond gedrag: de rol van het recht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 5 2019
Trefwoorden tabak, voedsel, alcohol, preventie, gezondheidsbescherming
Auteurs Mr. G. Kooijman
SamenvattingAuteursinformatie

    Verslag van de 51e jaarvergadering van de Vereniging voor Gezondheidsrecht in het teken van ongezond gedrag en de rol van het recht, met daarin, na het huishoudelijke gedeelte, de presentatie en de verdediging van de drie preadviesdelen en een voordracht over overheidsbemoeienis en het sturen op gezond gedrag.


Mr. G. Kooijman
Mr. G. Kooijman is advocaat gespecialiseerd in de gezondheidszorg bij Nysingh advocaten & notarissen te Zwolle en Utrecht.
Artikel

Afketsende of gedeelde verbeeldingswerelden?

Kijkervaringen van moslimjongeren en politiestudenten met ISIS-video’s en Hollywoodfictie in Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Dutch youth, ISIS videos, Hollywood, Visual skills
Auteurs Heidi de Mare, Sigrid Burg, Gawie Keyser e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Between 2013-2017 there were many ISIS videos circulating. It was generally assumed that these videos would encourage young Muslims to radicalize and join ISIS. But what do we actually know about the imaginary world of young people? Do sociological aspects such as the economic, cultural and religious background play a decisive role in this? Can we use the films and TV series that young people see as an entry into their imaginary world? To what extent can image analysis provide knowledge that contributes to safety issues? Commissioned by the Department of Counterterrorism, Radicalization and Extremism (CTER) of the Dutch National Police, the IVMV Foundation invited, in a comparative pilot study, twenty Dutch youngsters (10 with a Muslim background and 10 police students) to share their viewing experiences with five trailers (3 Hollywood, 1 Netflix, 1 not explicit violent ISIS video) that touched on the ISIS issue. This resulted in a research report and a film (in Dutch as well as in English) that was presented in November 2017 (De Mare et al. 2017a; De Mare 2017b). A remarkable result was that their viewing experiences and feelings showed a lot of similarity.


Heidi de Mare
Heidi de Mare is gepromoveerd beeldwetenschapper en directeur van stichting IVMV, instituut voor maatschappelijke verbeelding, www.ivmv.nl.

Sigrid Burg
Sigrid Burg is beeldonderzoeker, beeldmaker en ondernemer.

Gawie Keyser
Gawie Keyser is filmrecensent bij de Groene Amsterdammer.

Dick de Ruijter
Dick de Ruijter is cultuurpsycholoog en zelfstandig onderzoeker, www.dickderuijter.nl.

Gabriël van den Brink
Gabriël van den Brink was hoogleraar Maatschappelijke bestuurskunde, Universiteit Tilburg en is hoogleraar Filosofie van Cultuur en Bestuur bij Centrum Ethos, VU Amsterdam, www.vu.centrumethos.nl.
Artikel

Extremisme gezien vanuit de Dialogical Self Theory

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Extremism, zelf, Democratie, Dialog, Diversiteit
Auteurs Prof. dr. Frans Wijsen en em. prof. dr. Hubert Hermans
SamenvattingAuteursinformatie

    Extremism is a phenomenon that bothers various EU member states. It is difficult to define, and difficult to study. In this contribution we look at extremism from the perspective of the Dialogical Self Theory (DST). This theory is well-known in personality psychology. Recently is has got a development that could make it relevant for understanding, predicting and preventing extremism. The issue at stake is the relation between diversity, dialogue and democracy.


Prof. dr. Frans Wijsen
Prof. dr. F.J.S. Wijsen is hoogleraar Religie- en missiewetenschap, en decaan van de faculteit Theologie aan de Radboud Universiteit, Nijmegen. Hij redigeerde onder andere (met Kocku von Stuckrad) Making Religion. Theory and Practice of Discursive Study of Religion (Brill, 2016).

em. prof. dr. Hubert Hermans
Dr. H.J.M. Hermans is emeritus hoogleraar Psychologie aan de Radboud Universiteit, Nijmegen. Hij is de grondlegger van de Dialogical Self Theory en president van de International Society for Dialogical Science. Hij is auteur van Society in the Self: A theory of identity in democracy (Oxford University Press 2018). hhermans@psych.ru.nl
Peer reviewed

Access_open Mediaberichten, framing en hypes: over de relatie van media en criminaliteit en de analyse hiervan

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2018
Trefwoorden Framing analyse,, Mediahypes, Moral panic, Oudejaarsnacht in Keulen, Bus incident in Gouda
Auteurs Dr. Martina Althoff
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution discusses the supplementary value of media analyses to understanding the relationship between media and crime. Analyses of media framing and media hypes are discussed on the basis of two cases: the case of New Years Eve in Cologne in 2015 and the “bus incident” of Moroccan Dutch youngsters in Gouda in 2008. The two cases presented here illustrate the significance of media analysis in criminology and its relevance in a media society. Analyses of the media representation and the societal reactions show the influence of media on the image building about crime. Since media are a predominant force of modern society and mediatization is a characteristic of the present tense, media representation has a great impact on the perceptions of crime and punishment, and our reality.


Dr. Martina Althoff
Dr. Martina Althoff is als universitair hoofddocent Criminologie verbonden aan de vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Access_open Martha Nussbaums Anger and Forgiveness

Over vergelding en vergeving en over woede en liefde

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Vergeving, liefde, woede, vergelding, strafrecht
Auteurs Jacques Claessen
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the author discusses the book Anger and Forgiveness written by the well-known and influential American philosopher Martha Nussbaum. In the opinion of the author Anger and Forgiveness is a provocative and challenging book. In the book, Nussbaum makes a distinction between conditional and unconditional forgiveness, she relates conditional forgiveness to the logic of retribution and she disapproves retribution and, by extension, conditional forgiveness on moral grounds. Her disapproval of retribution and conditional forgiveness is related to her disapproval of (vindictive) anger, which in her opinion is intrinsic part of retribution and conditional forgiveness. According to Nussbaum, anger – transitional anger excluded – has to be replaced by unconditional love; only conduct that stems from unconditional love can be qualified as moral. Sometimes unconditional forgiveness can be seen as a form of unconditional love. Subsequently, Nussbaum applies her ideas on anger, retribution, forgiveness and love to the political domain, to which also criminal law belongs. Nussbaum pleads for a criminal law system empty of anger and retribution; in Nussbaum’s criminal law system there is only room for prevention, grace and human welfare – all stemming of unconditional love. Nussbaum’s Anger and Forgiveness offers an alternative view on concepts such as anger, retribution, forgiveness and love, concepts which are important within the context of criminal law and restorative justice. The author argues that, although the reader can certainly learn from Nussbaum’s ideas as explained in Anger and Forgiveness, the radicality of her ideas inevitably causes criticism; Nussbaum holds a very idealistic perspective that neglects the human condition. Instead of ruling out anger and retribution, the author advocates a criminal law system that is capable of canalizing anger and transforming vindictive anger into transitional anger. Furthermore, he pleads for a criminal law system that makes forgiveness possible without forcing victims to forgive. For that reason restorative justice practices need to be incorporated into the criminal law system. In sum, to a certain extent Nussbaum and Claessen share the same moral ideals, but they disagree on the path leading tot those ideals. Where Nussbaum opts for a top-down approach, Claessen opts for a bottom-up approach which respects the human condition.


Jacques Claessen
Jacques Claessen (Maastricht, 1980) is als universitair hoofddocent straf(proces)recht verbonden aan de Capaciteitsgroep Strafrecht & Criminologie van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Maastricht. Daarnaast is hij rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Limburg. In 2012 ontving hij voor zijn proefschrift de eerste Bianchi Herstelrecht Prijs.
Artikel

Access_open Educating the Legal Imagination. Special Issue on Active Learning and Teaching in Legal Education

Tijdschrift Law and Method, oktober 2018
Trefwoorden imagination, artefact, active learners, metaphors
Auteurs Maksymilian Del Mar
SamenvattingAuteursinformatie

    This paper presents a basic model of the imagination and offers pedagogical resources and activities for educating three related abilities to imagine. The basic model is that to imagine is to combine the process of awareness, framing and distancing, and the process of, simultaneously actively participate, by doing things with and thanks to artefacts. Artefacts, in turn, are fabricated forms (here, forms of language) that signal their own artifice and invite us to do things with them, across a spectrum of sensory, kinetic, and affective abilities. Modelled in this way, imagination plays a crucial role in legal reasoning, and is exemplified by the following kinds of artefacts in legal discourse: fictions, metaphors, hypothetical scenarios and figuration. These artefacts and their related processes of imagination are vital to legal reasoning at many levels, including the level of the individual lawyer or judge, the level of interaction in courtrooms, and the level of legal language over time. The paper offers nine learning activities corresponding to educating three abilities in the legal context: 1) to take epistemic distance and participate; 2) to generate alternatives and possibilities; and 3) to construct mental imagery.


Maksymilian Del Mar
Department of Law, Queen Mary University of London.
Kroniek

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2018

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, mr. A.C.M. Klaasse e.a.
Samenvatting


Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

mr. A.C.M. Klaasse

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. A. Verbruggen

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. J.S. Nan

    Indigenous claims have challenged a number of orthodoxies within state legal systems, one of them being the kinds of proof that can be admissible. In Canada, the focus has been on the admissibility and weight of oral traditions and histories. However, these novel forms are usually taken as alternative means of proving a set of facts that are not in themselves “cultural”, for example, the occupation by a group of people of an area of land that constitutes Aboriginal title. On this view, maps are a neutral technology for representing culturally different interests within those areas. Through Indigenous land use studies, claimants have been able to deploy the powerful symbolic capital of cartography to challenge dominant assumptions about “empty” land and the kinds of uses to which it can be put. There is a risk, though, that Indigenous understandings of land are captured or misrepresented by this technology, and that what appears neutral is in fact deeply implicated in the colonial project and occidental ideas of property. This paper will explore the possibilities for an alternative cartography suggested by digital technologies, by Indigenous artists, and by maps beyond the visual order.


Kirsten Anker Ph.D.
Associate Professor, McGill University Faculty of Law, Canada. Many thanks to the two anonymous reviewers for their frank and helpful feedback.
Artikel

Access_open Securitisering en seksualisering van migratie: het debat over oud en nieuw in Keulen

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Refugees, Gender debate, Sexual violence, Framing analysis
Auteurs Dr. Martina Althoff
SamenvattingAuteursinformatie

    The article examines the public debate about New Year’s Eve in Cologne in 2015. Theoretical starting point is the idea that public debates are forms of social communication in which reality is produced and social events become meaningful. On the basis of a framing analysis, it is investigated what significance New Year’s Eve in Cologne has as a medial event for society. The question here is how the event is described and explained, how it is mentioned and interpreted, what significance it collectively receives and how these insights can be theoretically interpreted. The analysis shows that different frames were possible, such as the problematization of the work of the police. Instead, the discourse focused on the sexual behaviour of refugees and securitization and sexualisation of migration takes place.


Dr. Martina Althoff
Dr. Martina Althoff is werkzaam als universitair hoofddocent criminologie aan de Rijksuniversiteit Groningen, Faculteit Rechtsgeleerdheid, Vakgroep Strafrecht en Criminologie. E-mail: m.althoff@rug.nl.
Redactioneel

Varia

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 3 2017
Auteurs dr. Ilse van Liempt en prof. dr. Richard Staring
Auteursinformatie

dr. Ilse van Liempt
Dr. Ilse van Liempt werkt als universitair docent/onderzoeker bij de sectie Stadsgeografie van de Universiteit Utrecht. E-mail: i.c.vanliempt@uu.nl.

prof. dr. Richard Staring
Prof. dr. Richard Staring werkt als bijzonder hoogleraar bij de sectie Criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam. E-mail: staring@law.eur.nl.
Jurisprudentie

Access_open Kroniek ondernemingsstrafrecht

Tweede helft 2017

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2018
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. A.A. Feenstra, prof. dr. R.C.P. Haentjens e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. A.A. Feenstra

prof. dr. R.C.P. Haentjens

mr. dr. I. Koopmans

mr. J. Boonstra-Verhaert

mr. dr. E. Sikkema

mr. A. Verbruggen

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. J.S. Nan
Toont 1 - 20 van 78 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.