Zoekresultaat: 38 artikelen

x
Artikel

EU Private International Law on the Law Applicable to Cross-border Contracts involving Weaker Contracting Parties

Bespreking van het proefschrift van M. Campo Comba LLM

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden consumentenbescherming, arbeidsovereenkomsten, toepasselijk recht, partijautonomie, Rome I
Auteurs Mr. dr. L.M. van Bochove
SamenvattingAuteursinformatie

    Campo Comba bespreekt in haar proefschrift de interactie tussen het EU-conflictenrecht en het materiële unitaire recht betreffende de bescherming van zwakkere contractspartijen. De recensent prijst de wijze waarop de auteur de pijnpunten inzichtelijk maakt, maar is van mening dat de aangedragen oplossingen nog een stap verder hadden mogen gaan.


Mr. dr. L.M. van Bochove
Mr. dr. L.M. van Bochove is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open De discriminerende werking van de algemenevoorwaardenafdeling

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2020
Trefwoorden algemene voorwaarden, voorrangsregels, verkeersvrijheden, uitvoerbeperking, discriminatieverbod
Auteurs Mr. L.M. van Bochove en Mr. T.J. de Graaf
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs onderzoeken hoe art. 6:247 lid 2 BW, dat de algemenevoorwaardenafdeling uitschakelt voor internationale overeenkomsten, zich verhoudt tot het Europese recht. Zij concluderen dat de bepaling verenigbaar is met de Rome I-Verordening, maar strijdig met het discriminatieverbod dat voortvloeit uit de verkeersvrijheden. Ook doen zij een voorstel tot wetswijziging.


Mr. L.M. van Bochove
Mr. L.M. van Bochove is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Universiteit Leiden.

Mr. T.J. de Graaf
Mr. T.J. de Graaf is universitair hoofddocent burgerlijk recht aan de Universiteit Leiden en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Access_open Franchise: is artikel 7:922 BW een voorrangsregel waar de praktijk op moet voorsorteren?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Franchisewet, voorrangsregel, internationaal privaatrecht, artikel 9 Rome I Verordening
Auteurs Prof. mr. dr. Edwin van Wechem en Mr. Michiel Bijloo
SamenvattingAuteursinformatie

    Artikel 7:922 BW van de nieuwe Wet franchise bepaalt dat ten aanzien van in Nederland gevestigde franchisenemers niet ten nadele kan worden afgeweken van de Titel franchise en dat een beding in strijd met artikel 920 nietig is, ongeacht het recht dat de franchiseovereenkomst beheerst. In deze bijdrage wordt onderzocht of dit de betekenis en status kan hebben van een voorrangsregel in het internationaal privaatrecht, meer precies in de zin van art. artikel 9 Rome I Verordening.


Prof. mr. dr. Edwin van Wechem
Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem is hoogleraar Corporate Legal Counseling aan de Open Universiteit en redacteur van Contracteren.

Mr. Michiel Bijloo
Mr. M. Bijloo is advocaat en counsel bij BakerMcKenzie advocaten en notarissen te Amsterdam.
PROCESperikelen

Werken met vrijwilligers bij Bureau Buitenland

Tijdschrift PROCES, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Reclassering Probation, Bureau Buitenland Bureau Buitenland, Buitenlandse detentie Imprisonment abroad, Vrijwilligers Volunteers
Auteurs Michelle Pape MSw en Marco Brok MSw
Auteursinformatie

Michelle Pape MSw
Michelle Pape MSw is regiocoördinator bij Bureau Buitenland in Utrecht.

Marco Brok MSw
Marco Brok MSw is beleidsmedewerker bij Bureau Buitenland in Utrecht.
Mededinging

Jurisdictie bij schade als gevolg van een inbreuk op het Europees mededingingsrecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2020
Trefwoorden mededingingsrecht, Rechtsmacht, Kartelschade, Handlungsort, Erfolgsort
Auteurs Mr. drs. T.S. Hoyer en Mr. J.W. Fanoy
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit overzichtsartikel bespreken de auteurs de lijnen die zijn te ontdekken in de arresten CDC/Akzo, flyLAL, Apple en Tibor-Trans van het Hof van Justitie van de Europese Unie, die zien op de toepassing en uitleg van de artikel 7 lid 2, artikel 8 lid 1 en artikel 25 van de EEX-Vo in het geval van een schadevordering wegens een inbreuk op het Europees mededingingsrecht. Voorts gaan zij in op de (praktische) gevolgen van deze jurisprudentie voor een benadeelde die een schadevordering wegens een inbreuk op het Europees mededingingsrecht aanhangig wenst te maken.

    • HvJ EU 21 mei 2015, zaaknr. C-352/13, ECLI:EU:C:2015:335 (CDC/Akzo).

    • HvJ EU 5 juli 2018, zaaknr. C-27/17, ECLI:EU:C:2018:533 (flyLAL).

    • HvJ EU 24 oktober 2018, zaaknr. C-595/17, ECLI:EU:C:2018:854 (Apple).

    • HvJ EU 29 juli 2019, zaaknr. C-451/18, ECLI:EU:C:2019:635 (Tibor-Trans).


Mr. drs. T.S. Hoyer
Mr. drs. T.S. (Tom) Hoyer is advocaat bij BarentsKrans.

Mr. J.W. Fanoy
Mr. J.W. (Joost) Fanoy is advocaat bij BarentsKrans.
Artikel

Het toepasselijk recht op gebundelde kartelschadeclaims

Van mozaïek tot Rubik’s Cube

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1-2 2020
Trefwoorden kartelschade, Rome II, WCOD, marktregel, lex fori
Auteurs Mr. dr. L.M. van Bochove
SamenvattingAuteursinformatie

    Een internationale kartelschadevordering wordt beheerst door het recht van het land waar de markt is beïnvloed. In de praktijk blijkt deze marktregel echter moeilijk toepasbaar, vooral wanneer vorderingen gebundeld worden ingediend. Dit artikel bespreekt de knelpunten van de marktregel en onderzoekt de praktische en juridische haalbaarheid van alternatieve aanknopingspunten.


Mr. dr. L.M. van Bochove
Mr. dr. L.M. van Bochove is universitair docent Internationaal Privaatrecht aan de Universiteit Leiden.

Dr. Steve van de Weijer
Dr. S.G.A. van de Weijer is postdoctoraal onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Marek Zilinsky
Mr. M. Zilinsky is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en verbonden aan Houthoff.
Artikel

Intergenerationele continuïteit of discontinuïteit van crimineel gedrag?

Een onderzoek naar de modererende invloed van samenwonen en de geografische afstand tussen ouder en kind

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2019
Trefwoorden intergenerational transmission, discontinuity, criminal parent, geographical distance, exposure
Auteurs Dr. Steve van de Weijer
SamenvattingAuteursinformatie

    This study (N=921) examines whether living together with a criminal parent moderates the intergenerational continuity of crime. Results are mixed, but show that the intergenerational continuity of crime decreases when the child lived together with the criminal parent for a shorter period of time. This association is most strong for children whose criminal mothers live on a large distance from them. Longitudinal fixed effects models, however, show that these results are likely the consequence of between-individual differences and therefore do not reflect causal influences on the intergenerational continuity of crime.


Dr. Steve van de Weijer
Dr. S.G.A. van de Weijer is postdoctoraal onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).
Artikel

De invloed van snelle analyseresultaten op de interpretatie van een plaats delict

Een experimentele studie

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1-2 2017
Trefwoorden forensic science, crime scene investigation, mobile identification techniques, hypothesis formation, database matches
Auteurs Jaimy Meeuwissen MSc, MCI, Madeleine de Gruijter MSc en Prof. dr. Christianne de Poot
SamenvattingAuteursinformatie

    Mobile identification techniques will, in the near future, make it possible to rapidly analyze DNA and fingerprint traces during a crime scene investigation, compare them with reference samples, and use the results in the investigation. In this experimental study the influence of these rapid analysis results on the formation of hypotheses, and of database matches in these results on the interpretation of traces by Crime Scene Investigators (CSIs) in the Netherlands was studied. A group of CSIs (N=65) conducted a simulated crime scene investigation. The analysis results as well as the moment these were provided were manipulated. The results show that the analysis results influence the formation of hypotheses by CSIs, and that this influence is time-dependent. Judgments by CSIs regarding the importance of traces were shown not to be influenced by database matches.


Jaimy Meeuwissen MSc, MCI
J.A.C. Meeuwissen MSc, MCI is recherchekundige bij de Nationale Politie, eenheid Oost-Brabant, Forensische Opsporing.

Madeleine de Gruijter MSc
M. de Gruijter MSc is promovendus bij het Lectoraat Forensisch Onderzoek aan de Hogeschool van Amsterdam.

Prof. dr. Christianne de Poot
Prof. dr. C.J. de Poot is hoogleraar criminalistiek aan de Vrije Universiteit Amsterdam, lector Forensisch Onderzoek aan de Hogeschool van Amsterdam en de Politieacademie en senior onderzoeker bij het WODC.
Artikel

De herschikte EEX-Vo en derde landen: het formele toepassingsgebied van de Verordening nader bezien

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2017
Trefwoorden Formeel toepassingsgebied, Herschikte EEX-Vo, Derde landen, Forumkeuze, Exclusieve bevoegdheden
Auteurs Mr. dr. L.M. van Bochove
SamenvattingAuteursinformatie

    De vraag naar het toepassingsbereik van de Europese bevoegdheidsregels in civiele zaken die aanknopingspunten hebben met derde landen is al vele decennia punt van discussie. Deze bijdrage behandelt de wijzigingen die de herschikking van de EEX-Vo op dit punt heeft gebracht en besteedt tevens aandacht aan de resterende controverses. Betoogd wordt dat, wanneer de verweerder woonplaats heeft in een lidstaat, de rechter zijn bevoegdheid moet bepalen op basis van de Verordening. Omwille van de rechtszekerheid en partijautonomie dient hierop echter een uitzondering te worden gemaakt voor de forumkeuze ten gunste van het gerecht van een niet-lidstaat.


Mr. dr. L.M. van Bochove
Mr. dr. L.M. van Bochove is universitair docent Internationaal Privaatrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Vrijwilligers bij de Nationale Politie: leren van andere organisaties

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 5 2016
Trefwoorden Dutch National Police, volunteering work, innovative mechanisms, customization, managing expectations
Auteurs Prof. dr. M. Thaens en Dr. D. de Kool
SamenvattingAuteursinformatie

    This article summarizes the results of a study into new innovative forms of volunteer work which could possibly help the Dutch National Police to increase the number of volunteers. The empirical data were collected by a desk study, the analysis of five case studies and two focus groups. Three different themes were analyzed: mobilizing target groups, matching expectations, and formalization and institutionalization of volunteering work. Public organizations in general don’t realize enough the value of volunteers. Often there is lack of a clear vision, while more attention should go to managing expectations, customization, furthering the education of police volunteers, acceptance and support, guidance and support, recognition, appreciation and reward, and finally more room for volunteers.


Prof. dr. M. Thaens
Prof. dr. Marcel Thaens is bestuurskundige en werkzaam als Principal Consultant bij PBLQ. Daarnaast is hij bijzonder hoogleraar Bestuurskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Dr. D. de Kool
Dr. Dennis de Kool is bestuurskundige en als onderzoeker werkzaam bij Risbo, een onafhankelijk instituut voor onderzoek, training en advies, dat is verbonden aan de Faculteit der Sociale Wetenschappen van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Navigeren door het labyrint van grensoverschrijdende detachering

De fundamentele verkeersvrijheden, de Detacheringsrichtlijn en het internationaal privaatrecht

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2016
Trefwoorden Rome I-Verordening, Vrijheid van diensten, Grensoverschrijdende detachering, Regime-shopping, Detacheringsrichtlijn
Auteurs Mr. dr. Femke Laagland
SamenvattingAuteursinformatie

    De vraag hoeveel werknemersbescherming lidstaten aan uit het buitenland gedetacheerde werknemers kunnen toekennen, heeft de gemoederen lange tijd bezig gehouden. De zaak Laval bracht duidelijkheid, maar heeft ook tot nieuwe uitdagingen geleid. Verschillende constructies zijn ingezet om de loonkosten zo laag mogelijk te houden. Denk aan het vermijden van permanente detachering, maar ook aan het oprichten van buitenlandse bv’s die werknemers naar Nederlandse concernonderdelen detacheren. De constructies zijn lucratief omdat de juridische status bepaalt waarop de buitenlandse werknemer recht heeft. De ene keer bestaat recht op de hardekern-arbeidsvoorwaarden en de andere keer op alle (dwingende) arbeidsrechtelijke bepalingen uit het werkland. Bovendien kennen de verschillende typen detachering uit de Detacheringsrichtlijn – contracting, intra-concernuitlening en uitzending – ook elk hun eigen arbeidsrechtelijke regime. In dit artikel staat centraal wanneer nu welk arbeidsrechtelijk regime geldt en waarom. De auteur beantwoordt deze vraag aan de hand van de fundamentele verkeersvrijheden, het internationaal privaatrecht en het Nederlandse nationale arbeidsrecht. Ook is er aandacht voor het voorstel tot aanpassing van de Detacheringsrichtlijn van maart dit jaar.


Mr. dr. Femke Laagland
Mr. dr. F.G. Laagland is universitair hoofddocent Arbeidsrecht aan de Radboud Universiteit (Onderzoekscentrum Onderneming & Recht) en tevens redacteur van Arbeidsrechtelijke Annotaties.
Artikel

Een gebouw van contracten: de contractengroep als juridisch kader voor bouwprocessen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2016
Trefwoorden contractengroep, relativiteitsbeginsel, bouwcontracten, samenhangende overeenkomsten
Auteurs Mr. S. van Gulijk en Mr. L.H. Muller
SamenvattingAuteursinformatie

    De positie van derden in het contractenrecht heeft zich sterk ontwikkeld. Zo zijn door de rechtspraak bij samenhangende rechtsverhoudingen uitzonderingen op het relativiteitsbeginsel aangenomen. Samenhangende rechtsverhoudingen komen veel voor in het bouwcontractenrecht, waardoor problemen kunnen ontstaan bij het vestigen van aansprakelijkheid. Mogelijk biedt de contractengroep als overkoepelend juridisch kader voordelen voor de regulering van samenhangende rechtsverhoudingen in het bouwcontractenrecht.


Mr. S. van Gulijk
Mr. S. van Gulijk is universitair hoofddocent privaatrecht aan Tilburg University.

Mr. L.H. Muller
Mr. L.H. Muller is advocaat bouwrecht te Nijmegen.
Artikel

Profiteren van andermans wanprestatie

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2015
Trefwoorden profiteren van andermans wanprestatie, bijzondere omstandigheden
Auteurs Mr. drs. A.M.M. Hendrikx
SamenvattingAuteursinformatie

    In maart 2014 wees de Hoge Raad arrest in een zaak over het profiteren van andermans wanprestatie. Voorafgaande aan de analyse van het arrest, wordt in deze bijdrage aandacht besteed aan de rechtspraak over het profiteren van andermans wanprestatie. In dat verband zullen de bijzondere omstandigheden die, naast wetenschap van de wanprestatie, vereist zijn voor onrechtmatigheid nader worden beschouwd.


Mr. drs. A.M.M. Hendrikx
Mr. drs. A.M.M. Hendrikx is Professional Support Lawyer bij Clifford Chance te Amsterdam en is als promovenda en docente verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Leiden.

    The Rome I Regulation on the law applicable to contractual obligations contains several provisions aimed explicitly at the protection of ‘weaker’ contracting parties, such as consumers and employees. However, in addition to this, the interests of weaker parties are sometimes also safeguarded through the application of ‘overriding mandatory provisions’, which are superimposed on the law applicable to the contract to protect a fundamental interest of a Member State. This article is an attempt to clarify the extent to which the concept of overriding mandatory provisions may serve as a vehicle for weaker party protection. To do this, it examines the definition and limitations of the concept and its relation to conflict of laws rules based on the protective principle. Finally, the article seeks to establish whether the doctrine of overriding mandatory provisions remains relevant in the case of harmonisation of substantive law at the EU level, for which it will differentiate between full and minimum harmonisation.


Laura Maria van Bochove Ph.D.
Assistant professor in the Department of Private International and Comparative Law at the Erasmus School of Law. The author would like to thank the reviewers for their comments.

Laura Carballo Piñeiro
Associate Professor at the Faculty of Law, University of Santiago de Compostela.

Xandra Kramer
Professor at Erasmus School of Law, Erasmus University Rotterdam, visiting scholar at Stanford Law School.
Artikel

Het normale maatschappelijke risico: zonder meer 2%?

Tijdschrift StAB, Aflevering 2 2014
Auteurs Marloes Hildenbrant

Marloes Hildenbrant
Artikel

Het semi-dwingendrechtelijke karakter van de klantenvergoeding bij het einde van de agentuurovereenkomst nader belicht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2014
Trefwoorden handelsagent, agentuurovereenkomst, klantenvergoeding, goodwillvergoeding, dwingendrechtelijk
Auteurs Mr. ir. M.J. Sturm
SamenvattingAuteursinformatie

    De regeling van de klantenvergoeding ex art. 7:442 BW is semidwingendrechtelijk van karakter. De mogelijkheden om via het internationaal privaatrecht de regeling te omzeilen zijn beperkt, terwijl ook anderszins die mogelijkheden lijken te ontbreken.


Mr. ir. M.J. Sturm
Mr. ir. M.J. Sturm is advocaat bij Houthoff Buruma te Rotterdam.
Artikel

Als de nood aan de man komt

Slachtofferschap van mannen bij eergerelateerd geweld

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 5 2013
Trefwoorden honour-based violence, male victimisation, family pressure, homosexuality, adultery
Auteurs J. Janssen en R. Sanberg
SamenvattingAuteursinformatie

    This article sheds light on an aspect of honour-based violence (HBV) that is rarely addressed: male victimisation. HBV is usually regarded as violence inflicted on women by men. Police cases of male victimisation of HBV and scarce literature on this subject illustrate the ways in which men can become victims of violence. Men can be victimised in the same way that women are, for example when they commit adultery, are openly homosexual, or through conflicts about the choice of a partner. A specific and contested form of male victimisation occurs when their families pressure them to commit violence in order to restore family honour. Men are less likely than women to claim victim status and their victimisation of HBV is therefore possibly underreported. The authors do not argue to neglect female victims, but to expand hegemonic images of HBV and gender roles to include male victimisation. More insight into these matters is necessary to ensure the right support for each victim of HBV and to enable men and women to resolve these conflicts together.


J. Janssen
Dr. Janine Janssen is hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld (LEC EGG) van de Nederlandse politie en tevens verbonden aan de vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Vrije Universiteit te Amsterdam.

R. Sanberg
Drs. Ruth Sanberg is als onderzoeker verbonden aan het LEC EGG.
Toont 1 - 20 van 38 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.