Zoekresultaat: 88 artikelen

x

Prof. dr. G.R. de Groot
Prof. dr. G.R. de Groot is emeritus hoogleraar rechtsvergelijking en internationaal privaatrecht aan de Universiteit Maastricht en hoogleraar privaatrecht aan de Universiteit van Aruba.
Artikel

Access_open Bemiddeling na, maar ook voor het openvallen van de nalatenschap van het familiebedrijf

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2 2020
Trefwoorden familiebedrijf, nalatenschap, conflictvaardigheden, familievermogen
Auteurs Alain Laurent Verbeke en Katalien Bollen
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the authors describe briefly the legal aspects of liquidation of an estate and the alternative way of mediation. Besides that they investigate what should better be done before the estate will be liquidated. It turns out that also in that case the facilitation of mediation is a wise choice.


Alain Laurent Verbeke
Alain Laurent Verbeke is gewoon hoogleraar familiaal vermogensrecht en onderhandelen & bemiddelen KU Leuven. Hij is ook Professor of Law aan Harvard, UCP Lisbon en Tilburg. Als advocaat en partner bij Deloitte Legal is hij medeverantwoordelijk voor het Greenille Private Client Team, met diensten in (internationale) tax en estate planning, conflict handling en family & business dynamics.

Katalien Bollen
Katalien Bollen is gastdocent en praktijklector aan de KU Leuven, en werkzaam als Family & Business Dynamics Expert bij het Greenille Private Client Team van Deloitte Legal.

Annie de Roo
Annie de Roo is associate professor of ADR and comparative law at Erasmus University Law School in Rotterdam, editor-in-chief of TMD, and vice chair of the exams committee of the Mediators Federation of the Netherlands MFN. She has published extensively on mediation and has inter alia been a Rapporteur three times for the European Commission on the use of mediation in employment disputes.

Mr. P. Klik
Mr. P. Klik was voorheen lector aan de University of Curaçao Dr. Moises da Costa Gomez en is thans werkzaam als consultant.
Artikel

Het strafrecht en illegale gewasbeschermingsmiddelen in 2020

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Milieustrafrecht, Gewasbeschermingsmiddelen, Duaal sanctiestelsel, Europese sanctie-eis
Auteurs Mr. R.M.J. (Rob) de Rijck en Mr. F.M. (Floor) van den Bogart
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage geeft een actueel overzicht van het strafrecht op het gebied van gewasbeschermingsmiddelen. Er wordt een globaal overzicht gegeven van het EU-stelsel van toelating en het belang daarvan. Daarna wordt de strafrechtelijke handhaving in Nederland meer gedetailleerd beschreven. Dit is een jong strafrechtgebied dat aan Europese eisen moet voldoen en dat door de wetgever met het bestuursrecht in een duaal sanctiestelsel is geplaatst. Het strafrecht blijkt hier nog zoekende en twee fundamentele vragen staan open.


Mr. R.M.J. (Rob) de Rijck
Rob de Rijck is landelijk coördinerend officier van justitie milieu bij het Functioneel Parket. In de beschreven zaken die leidden tot de vonnissen van de Rechtbank Den Haag van 2012 en van de Rechtbank Rotterdam van 2014 en 2019 trad hij als officier ter zitting op.

Mr. F.M. (Floor) van den Bogart
Floor van den Bogart is commissiesecretaris milieu bij het Functioneel Parket. Zij was betrokken bij het genoemde EMPACT Operational Action Plan.

    Aruba, Curaçao en Sint Maarten kennen, anders dan Nederland, geen uitgebreid stelsel van geschreven regels van commuun internationaal privaatrecht. In deze bijdrage wordt onderzocht in hoeverre de Caribische rechtspraktijk bij het in Nederland geldend commuun internationaal privaatrecht te rade kan, mag of moet gaan om de leemtes in de eigen rechtsorde op te vullen.


Mr. dr. M.V.R. Snel
Mr. dr. M.V.R. Snel is als wetenschappelijk hoofdmedewerker privaatrecht verbonden aan de University of Curaçao en als research fellow aan het Tilburgs Instituut voor Privaatrecht. Tevens is hij lid van de redactie van het Caribisch Juristenblad.
Artikel

Toe-eigening bij pandbelening: terug bij de Lombarden

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden pandrecht, toe-eigeningsverbod, pandhuis, consumentenbescherming
Auteurs Mr. W. Ruys
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij de in 2014 in werking getreden nieuwe regeling voor pandbelening in titel 7.2D BW is het toe-eigeningsverbod van art. 3:235 BW buiten toepassing verklaard. Het is de vraag of de wetgever hierbij voldoende oog heeft gehad voor het belang dat juist bij deze regeling vooropstaat, te weten de bescherming van de pandbelener.


Mr. W. Ruys
Mr. W. Ruys is adviseur bij NautaDutilh in Amsterdam.
Artikel

De grote tas met geld en het klein autootje

Waren ze al ‘over het dode punt heen’?

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 8 2020
Trefwoorden Schenking
Auteurs Prof. mr. dr. B.M.E.M. Schols

Prof. mr. dr. B.M.E.M. Schols
Artikel

Plas/Valburg na CBB/JPO?

Een netwerkanalyse van rechtspraak over afgebroken onderhandelingen in de precontractuele fase

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2020
Trefwoorden precontractuele fase, aansprakelijkheid, CBB/JPO, Plas/Valburg, netwerkanalyse
Auteurs Prof. mr. dr. G. van Dijck en Mr. J. Cleuters
SamenvattingAuteursinformatie

    In de literatuur wordt betoogd dat CBB/JPO het leidende arrest is bij afgebroken onderhandelingen, en niet langer Plas/Valburg. Uit een uitgevoerde netwerkanalyse volgt dat Plas/Valburg minder vaak, maar nog altijd geregeld is aangehaald nadat CBB/JPO is gewezen. Een nadere inspectie laat zien dat er een tweedeling in de lagere rechtspraak bestaat: een groep uitspraken stelt onaanvaardbaar afbreken als voorwaarde voor de mogelijkheid om gemaakte kosten voor vergoeding in aanmerking te laten komen, in een andere groep uitspraken geldt die voorwaarde niet. Plas/Valburg wordt met name in de laatstgenoemde groep uitspraken geciteerd. Geconcludeerd wordt dat drie situaties denkbaar zijn: (1) afbreken staat vrij, geen verplichting tot het vergoeden van schade; (2) afbreken staat vrij, maar niet zonder vergoeding; en (3) afbreken is onaanvaardbaar. Plas/Valburg biedt voor geen van de situaties handvatten. CBB/JPO is leidend voor de laatste categorie, maar niet om te beoordelen of sprake is van welke van de twee andere scenario’s.


Prof. mr. dr. G. van Dijck
Prof. mr. dr. G. van Dijck is hoogleraar Privaatrecht aan de Maastricht University.

Mr. J. Cleuters
Mr. J. Cleuters was ten tijde van het verrichten van het onderzoek als masterstudent verbonden aan Maastricht University.

Prof. mr. J.G. Sijmons
Jaap Sijmons is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Utrecht, advocaat-partner bij Nysingh advocaten-notarissen NV en redactielid van dit tijdschrift.
Artikel

Top-down and out?

Reassessing the labelling approach in the light of corporate deviance

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 2 2019
Trefwoorden labelling, corporate crime, moral entrepreneurs, peer group, late modernity
Auteurs Anna Merz M.A.
SamenvattingAuteursinformatie

    Multi-national corporations are increasingly facing attention and disapproval by different actors, including authorities, public and (non-) commercial organizations. Digital globalization and especially social media as a low-cost, highly interactive and multidirectional platform shape a unique context for this rising attention. In the literature, much attention has been devoted to top-down approaches and strategies that corporations use to avoid stigmatization and sanctioning of their behaviour. Reactions to corporate harm are, however, seldom researched from a labelling perspective. As a result, corporations are not considered as objects towards whom labelling is targeted but rather as actors who hamper such processes and who, as moral entrepreneurs, influence which behaviour is labelled deviant. Based on theoretical analysis of literature and case studies, this article will discuss how the process of labelling has changed in light of the digitalized, late-modern society and consequently, how the process should be revisited to be applicable for corporate deviance. Given a diversification of moral entrepreneurs and increasingly dependency of labelling and meaning-making on the online sphere, two new forms of labelling are introduced that specifically target institutions; that is bottom-up and horizontal labelling.


Anna Merz M.A.
Anna Merz is promovendus aan de Sectie Criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Veiligheid uit de glazen bol?

Naar verantwoorde toepassingen van big data in het veiligheidscomplex

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden Big data, Security, good governance
Auteurs Remco Spithoven en Siri Beerends
SamenvattingAuteursinformatie

    The promises of Big Data, predictive policing and artificial intelligence hold a key position in the public debate for quite some time now. Optimists tell that it is possible to predict where criminal events will occur before they take place. This would implicate a major shift towards a crime and insecurity preventive society, feeding on our cultural longing for a secure future. Therefore we give algorithms and deep learning access to more and more aspects of our lives. But how realistic and desirable is the application of Big Data techniques in the area of security?
    In this article we put focus on the research question ‘In which way can Big Data and predictive policing support good governance of security?’, that has led our study. By exploring the central concepts, the processes behind them and their results in the domain of public security, we conclude that there are only rather disappointing results from the application of these techniques: crime and insecurity have not dropped when the police and other organizations turned to Big Data techniques. Instead, many negative side effects occurred. We search for explanations in six central academic critiques on the application of these techniques in the area of security.
    We have found several ways to guaranty principles of good governance in the application of Big Data techniques, but these require a firm paradigm shift on Big Data in general. The heuristics of security professionals should not be overshadowed by technological promises: the professional should always be in the loop, must understand the way predictions come into existence and must be able to correct flaws and bugs of (semi-)automated decisions. We conclude that safeguarding public security must remain human work in which Big Data techniques can assist.


Remco Spithoven
Remco Spithoven is lector Maatschappelijke Veiligheid aan de Hogeschool Saxion en redacteur van dit tijdschrift.

Siri Beerends
Siri Beerends is cultureel socioloog, onderzoeker en schrijver bij SETUP en pro‍movenda aan de Universiteit Twente.
Annotatie

Besluit of beschikking?

Annotatie bij Gerecht in Eerste Aanleg Curaçao (Lar) 2 augustus 2017, ECLI:NL:OGEAC:2017:288 (voorlopige voorziening) en 12 november 2018, ECLI:NL:OGEAC:2018:281 (bodemprocedure)

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2019
Trefwoorden brief inzake oplegging maximum APR, rechtsgevolg, beschikking, besluit
Auteurs Mr. dr. J. Sybesma
SamenvattingAuteursinformatie

    Annotatie bij de uitspraak van de voorzieningenrechter van het Gerecht in Eerste Aanleg van Curaçao van 2 augustus 2017 waarbij is geoordeeld dat een brief met de vaststelling van de Annual Percentage Rate (APR) informatief van aard is, en de uitspraak van 12 november 2018 in de bodemzaak waarin is geoordeeld dat de brief van de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten aan ontheffingshouders over oplegging van een maximum APR op rechtsgevolg is gericht en daarmee een beschikking.


Mr. dr. J. Sybesma
Mr. dr. J. Sybesma is bijzondere rechter in ambtenaren- en sociale zaken, parttime medewerker JF aan de University of Curaçao en lid van de Raad van Advies van Curaçao. Tevens is hij als redactielid verbonden aan het Caribisch Juristenblad. Deze annotatie is geheel op eigen verantwoordelijkheid geschreven.
Artikel

Access_open De tijd van gewortelde vreemdelingen

Een filosofische analyse van tijd en worteling als grond voor verblijfsaanspraken van vreemdelingen

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2019
Trefwoorden migratierecht, vreemdelingen, tijd, identiteit, vanzelfsprekend worden
Auteurs Martijn Stronks
Samenvatting

    In dit artikel wordt langs wijsgerige weg de verhouding tussen tijd, identiteit en het verlenen van (sterkere) verblijfsaanspraken aan migranten onderzocht en verhelderd door een nieuwe betekenis van de term worteling voor te stellen. Want wat is worteling nu eigenlijk? Het is de relatie tussen menselijke tijd, worteling en het migratierecht die in dit artikel filosofisch wordt uitgediept. Dit om te verklaren waarom we in het migratierecht vreemdelingen in het algemeen na verloop van tijd sterkere aanspraken verlenen. In dit artikel wordt betoogd dat het verblijf van vreemdelingen op het grondgebied ervoor zorgt dat hun leven aldaar na verloop van tijd een vanzelfsprekend onderdeel uitmaakt van hun identiteit, en van het leven van anderen. Het is dit vanzelfsprekend worden van mensen door de tijd dat de grond is voor het bestaan van formele tijdscriteria voor insluiting in het migratierecht.


Martijn Stronks

Dr. E.J.O. Kompanje
Erwin Kompanje is klinisch ethicus, gespecialiseerd in intensive care en spoedeisende geneeskunde werkzaam op de intensive care volwassenen van het Erasmus MC universitair medisch centrum te Rotterdam. Hij was zowel lid van de tijdelijke commissie ‘Vaststellen van de dood bij postmortale orgaandonatie’ (2015) als van de tijdelijke commissie ‘Vaststellen van de dood bij orgaandonatie na euthanasie’ (2018) van de Gezondheidsraad.
Recent

Agenda

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 6 2019
Auteurs Kees Pijnappels

Kees Pijnappels
Artikel

Access_open Orgaandonatie na euthanasie: juridische overwegingen en vraagstukken

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden orgaandonatie, euthanasie, zelfbeschikking, geneeskundige behandelingsovereenkomst, communicatie arts-patiënt
Auteurs Mr. drs. J.A.M. Bollen, prof. dr. L.W.E. van Heurn, prof. dr. D. Ysebaert e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Orgaandonatie na euthanasie is relatief nieuw en doet verschillende medische, juridische en ethische vragen rijzen. Deze bijdrage gaat in op de relevante wet- en regelgeving en doet dat vanuit een breder perspectief. Vanuit een juridische alsook medische en ethische invalshoek worden denkrichtingen en oplossingen besproken voor de zich aandienende uitdagingen.


Mr. drs. J.A.M. Bollen
Jan Bollen is jurist en aios anesthesiologie aan het Maastricht Universitair Medisch Centrum.

prof. dr. L.W.E. van Heurn
Ernst van Heurn is hoogleraar Kinderchirurgie aan het Medisch Centrum Amsterdam.

prof. dr. D. Ysebaert
Dirk Ysebaert is hoogleraar Transplantatiechirurgie aan het Universitair Ziekenhuis Antwerpen.

prof. dr. W.N.K.A. van Mook
Walther van Mook is hoogleraar Professionele Ontwikkeling i.h.b. Intensive Care aan het Maastricht Universitair Medisch Centrum.

mr. dr. M.M. ten Hoopen
Rankie ten Hoopen is universitair docent Gezondheidsrecht bij de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit Maastricht en juridisch medewerker bij Boels Zanders Advocaten te Maastricht.
Artikel

Access_open De toepassing van de klachtplicht bezien vanuit het Wetsvoorstel kwaliteitsborging voor het bouwen

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Klachtplicht, Bouwcontracten, Aansprakelijkheid na oplevering, Verjaring en verval
Auteurs Prof. mr. S. van Gulijk
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op de klachtplichtregeling, waarvoor de algemene wettelijke grondslag in artikel 6:89 BW is neergelegd. Specifiek voor de consumentenkoop en de aanneming van werk zijn daarvan afwijkende regelingen opgenomen, respectievelijk in artikel 7:23 en artikel 7:758 lid 3 BW. De klachtplichtregeling van artikel 7:758 lid 3 BW zal gaan wijzigen. De regering is immers voornemens in titel 7.12 BW (aanneming van werk) drie privaatrechtelijke wijzigen door te voeren in het kader van het Wetsvoorstel kwaliteitsborging voor het bouwen. Aan artikel 7:758 BW zal een nieuw lid 4 worden toegevoegd. In deze bijdrage wordt allereerst de klachtplichtregeling van artikelen 6:89, 7:23 en 7:758 lid 3 BW toegelicht. Vervolgens wordt ingegaan op de gevolgen van het voorgestelde nieuwe lid 4 voor de toepassing van de klachtplicht in de praktijk.


Prof. mr. S. van Gulijk
Prof. mr. S. van Gulijk is hoogleraar privaatrecht, bijzondere overeenkomsten, aan de Tilburg Law School.
Artikel

Voorwoord

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2018
Trefwoorden voorwoord, themanummer
Auteurs Prof. mr. L.J.J. Rogier
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat de auteur stil bij het afscheid van Gerard Lewin.


Prof. mr. L.J.J. Rogier
Prof. mr. L.J.J. Rogier is hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de University of Curaçao en tevens voorzitter en redactielid van het Caribisch Juristenblad.
Toont 1 - 20 van 88 gevonden teksten
« 1 3 4 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.