Zoekresultaat: 20 artikelen

x
Artikel

Hoe het toezicht rekening kan houden met de context van een zorgaanbieder

Context matters

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3-4 2020
Trefwoorden context, contextfactoren, vertrouwen, afwegingskader, gezondheidszorg
Auteurs Corry Ketelaars, Sandra Spronk en Ian Leistikow
SamenvattingAuteursinformatie

    De context van een zorgaanbieder speelt een rol bij de afweging of de IGJ vertrouwen heeft in een zorgaanbieder. Afhankelijk van het vertrouwen kiest de inspectie voor een meer op leren gerichte, dan wel een meer disciplinerende interventie. In de praktijk is de uitdaging voor inspecteurs te expliciteren wat die context is en hoe die te wegen in het bepalen van de interventie om daarmee toezicht op maat te kunnen leveren. Dit onderzoek beantwoordt de vraag: ‘Wat zijn de belangrijkste contextfactoren die de kwaliteit van de zorg van een zorgaanbieder kunnen beïnvloeden?’. Het onderzoek had een kwalitatieve opzet en was een combinatie van conceptanalyse, literatuuronderzoek, interviews met experts, focusgroepdiscussies en toetsing van contextfactoren door inspecteurs en onderzoek van inspectierapporten. Het resultaat hiervan is het kader ‘Context van een zorgaanbieder’ met vier categorieën: Toezichtgeschiedenis, Organisatorische context, Bestuurlijke context en Maatschappelijke context.
    Het kader ‘Context van een zorgaanbieder’ is geïntegreerd in het Afwegingskader Vertrouwen van de IGJ. Dit geeft de inspecteur handvatten om af te wegen of en hoe de context invloed heeft op het vertrouwen in de zorgaanbieder en een toezichtinterventie in te zetten die het beste bijdraagt aan het doel, namelijk het verbeteren van de kwaliteit van zorg.


Corry Ketelaars
Dr. C.A.J. Ketelaars is senior adviseur bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Sandra Spronk
Dr. S. Spronk is coördinerend inspecteur sector gehandicaptenzorg bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Ian Leistikow
Prof. dr. I.P. Leistikow is hoogleraar aan de Erasmus School of Health Policy & Management van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Waarom dronepiloten toch in no fly zones vliegen

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3-4 2020
Trefwoorden drones, weerstand, toezicht, regelgeving, gedrag
Auteurs Stephanie Wassenburg, Tess Beke, Han Pret e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Een scherpe stijging in het aantal drones en snelle vorderingen in dronetechnologie creëren nieuwe mogelijkheden en risico’s voor veiligheid en privacy. Door een beperkte toezichtcapaciteit is er behoefte aan gedragsinterventies die spontane naleving stimuleren. Het huidige onderzoek beschrijft psychologische factoren, zoals weerstand, die het regelnalevingsgedrag van dronepiloten beïnvloeden omtrent vliegen in no fly zones (gebieden waar men niet met een drone mag vliegen). De gemodelleerde antwoorden van 843 dronepiloten laten zien dat twee typen weerstand, inertie en scepticisme, invloed hebben op het gedrag van dronepiloten. Dit artikel beschrijft hoe deze inzichten door toezichthouders kunnen worden gebruikt om gewenst gedrag te bevorderen.


Stephanie Wassenburg
Dr. S.I. Wassenburg is gedragsonderzoeker/data scientist bij de Inspectie Leefomgeving & Transport, Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Tess Beke
T.J. Beke, MSc is promovenda bij het Behavioural Science Institute, Radboud Universiteit Nijmegen.

Han Pret
J. Pret, EMoC is senior adviseur bij de Inspectie Leefomgeving & Transport, Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Barbara Müller
Dr. B.C.N Müller is universitair docent bij het Behavioural Science Institute, Radboud Universiteit Nijmegen.

Sandra Spronk
Dr. S. Spronk is adviseur Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Heleen Buijze
Drs. P.H. Buijze is Inspecteur Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Paul Zwietering
Dr. P.J. Zwietering is Inspecteur Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Roland Friele
Dr. ir. R.D. Friele is adjunct-directeur en hoogleraar Nivel/Tranzo Tilburg University.

Paul Robben
Prof. dr. P.B.M. Robben is hoogleraar ESHPM, Erasmus Universiteit.
Artikel

Evenementenvergunning: is bij concurrerende aanvragen sprake van een schaarse vergunning?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2018
Trefwoorden schaarse rechten, verdelingsrecht, ruimtelijk bestuursrecht, evenementen, APV
Auteurs Mr. dr. A. (Annemarie) Drahmann
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat de vraag centraal of, en zo ja wanneer, een evenementenvergunning kan worden aangemerkt als een schaarse vergunning, en – bij een bevestigend antwoord op die vraag – hoe die schaarse evenementenvergunning dan moet worden verleend met inachtneming van het gelijkheidsbeginsel.


Mr. dr. A. (Annemarie) Drahmann
Mr. dr. A. Drahmann is universitair (hoofd)docent aan de afdeling staats- en bestuursrecht van de Universiteit Leiden.
Casus

Ontwikkeling van een afwegingskader vertrouwen voor toezichthouders

Lessen uit de praktijk van de IGJ

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Vertrouwen, Toezicht, operationaliseren, afwegingskader, gezondheidszorg
Auteurs Sandra Spronk, Heleen Buijze, Paul Zwietering e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Diverse toezichthouders hebben vertrouwen in ondertoezichtstaanden gekozen als uitgangspunt. Inspecteurs van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) vinden vertrouwen een lastig te hanteren begrip. Tegelijk geven zij aan dat vertrouwen wel een grote rol speelt bij hun oordeel en handhaving. Ze missen echter handvatten om de afweging van vertrouwen in de zorgaanbieder te kunnen expliciteren en te onderbouwen. Dit is voor de IGJ aanleiding om vanuit het perspectief van de IGJ praktijkonderzoek te doen naar het begrip vertrouwen. Dit leidt tot het afwegingskader.


Sandra Spronk
Dr. S. Spronk is adviseur Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Heleen Buijze
Drs. P.H. Buijze is Inspecteur Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Paul Zwietering
Dr. P.J. Zwietering is Inspecteur Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

Roland Friele
Dr. ir. R.D. Friele is adjunct-directeur en hoogleraar Nivel/Tranzo Tilburg University.

Paul Robben
Prof. dr. P.B.M. Robben is hoogleraar iBMG, Erasmus Universiteit.
Artikel

Transparantie van het wetgevingsproces: een kijk vanuit de wetgevingspraktijk

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2017
Trefwoorden wetgevingsproces, wetgevingsprocedure, openbaarheid, transparantie, internetconsultatie
Auteurs Mr. T.C Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage beoogt een overzicht te bieden van relevante actuele ontwikkelingen op het terrein van transparantie van het wetgevingsproces in Nederland. Dit naar aanleiding van de op 24 februari 2017 uitgebrachte kabinetsnotitie over dit onderwerp. Belangrijke dilemma’s zijn het vinden van een balans tussen het belang van transparantie en het belang van beleidsintimiteit en het feit dat transparantie tijd en geld kost. In deze bijdrage wordt ingegaan op enkele specifieke onderwerpen die in de kabinetsnotitie wel – en in één geval juist niet – zijn belicht: de ‘lobbyparagraaf’ in de toelichting bij wettelijke regelingen, internetconsultatie, de ‘wetgevingskalender’ en transparantie in de Raad-van-State-fase.


Mr. T.C Borman
Mr. T.C. (Tim) Borman is coördinerend raadadviseur bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het ministerie van Veiligheid en Justitie.
Artikel

Het Hof van Justitie spreekt zich uit over de bindende werking van een aanbeveling van de Europese Commissie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Bindende werking aanbeveling Europese Commissie, Tariefmaatregelen, Pure BULRIC-kostenberekeningsmodel, Grimaldi rechtspraak, Soft law
Auteurs Mr. J.C.A. van Dam, MA
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest van 15 september 2016 verduidelijkt het Hof van Justitie in hoeverre een aanbeveling van de Europese Commissie een bindende werking heeft voor de nationale regelgevende instanties en de nationale rechter. In deze bijdrage wordt onderzocht of de bindende werking die door het Hof van Justitie aan deze aanbeveling wordt toegekend ook geldt voor andere aanbevelingen van de Europese Commissie dan wel of deze bindende wering beperkt is tot deze specifieke aanbeveling. Voorts wordt onderzocht welke consequenties dit arrest mogelijk kan hebben voor de nationale rechts- en bestuurspraktijk.
    HvJ 15 september 2016, zaak C-28/15, KPN e.a./ACM, ECLI:EU:C:2016:692


Mr. J.C.A. van Dam, MA
Mr. J.C.A. (Claartje) van Dam, MA is Promovendus aan de Afdeling Staats- en Bestuursrecht in Leiden.
Artikel

De rollen van de wetgever bij de verdeling van schaarse vergunningen

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2017
Trefwoorden wetgevingskwaliteit, verdelingsrecht, schaarse vergunningen, competitie
Auteurs mr. dr. C.J. Wolswinkel
SamenvattingAuteursinformatie

    De wetgever vervult een essentiële rol bij de verdeling van schaarse vergunningen, omdat die de speelruimte van het verdelende bestuur bepaalt. In de praktijk blijkt de wetgever zich echter lang niet altijd bewust te zijn van die rol, waardoor het risico aanwezig is dat het reguleringspotentieel van schaarse vergunningen onvoldoende wordt benut. Deze bijdrage identificeert de verschillende houdingen die de (bijzondere) wetgever in de praktijk aanneemt ten aanzien van de verdeling van schaarse vergunningen. Deze houdingen lopen uiteen van een zwijgende wetgever die weinig tot geen richting geeft aan de verdeling tot een overijverige wetgever die het verdelende bestuur juist verhindert om maatwerk te leveren. Op basis van de vraagstukken die kenmerkend zijn voor de verdeling van schaarse vergunningen, schetst deze bijdrage vervolgens de contouren van optimale verdelingswetgeving. Daarbij wordt bepleit dat de wetgever zich breed oriënteert op het Unierecht, zelf keuzes maakt ten aanzien van kernelementen van de verdeling, tegelijk ruimte durft te laten aan het verdelende bestuur, maar in elk geval oog houdt voor de samenhang tussen verschillende verdelingen.


mr. dr. C.J. Wolswinkel
Mr. dr. C.J. (Johan) Wolswinkel is universitair hoofddocent bestuursrecht aan Tilburg University.
Editorial

Access_open Introduction

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2016
Auteurs Kristin Henrard
Auteursinformatie

Kristin Henrard
Kristin Henrard is professor of fundamental rights and minorities at the Erasmus School of Law as well as associate professor International and European Law. She teaches courses on advanced public international law, international criminal law, human rights, and on minorities and fundamental rights.
Article

Access_open The Categorisation of Tax Jurisdictions in Comparative Tax Law Research

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Classification of jurisdictions, international comparative tax law, tax law methodology
Auteurs Renate Buijze
SamenvattingAuteursinformatie

    The number of comparative tax law studies is substantial. The available literature on the methodology behind these tax comparisons, however, is rather limited and underdeveloped. This article aims to contribute to the theoretical background of tax comparisons by explicating methodological considerations in a comparative tax research on tax incentives for cross-border donations and relating it to the available methodological literature. Two aspects of tax law make comparative research in tax law a challenging endeavour: its complexity and fast-changing nature. To overcome these issues, this article proposes to divide jurisdictions into a limited number of categories. In this process the different legal levels are analysed systematically, resulting in categories of jurisdictions. Among the jurisdictions in one category, common characteristics are identified. This results in an abstract description of the category. I use the term ‘ideal types’ for these categories. The high level of abstraction in the use of ideal types allows for comparison of tax jurisdictions, without the risk that the comparison gets outdated. An additional advantage of working with ideal types is that the conclusions of the comparison can be applied to all jurisdictions that fit in the ideal type. This increases the generalisability of the conclusions of the comparative tax research.


Renate Buijze
PhD candidate at the Erasmus University Rotterdam. Email: buijze@law.eur.nl.
Artikel

Het Hof van Justitie in Kamino-Datema: horen in bezwaar onder voorwaarden gesanctioneerd

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2014
Trefwoorden rechten van de verdediging, hoorplicht, gevolgen schending hoorplicht, douanerecht
Auteurs Mr. Anoeska Buijze
SamenvattingAuteursinformatie

    Met zijn uitspraak van 3 juli 2014 verduidelijkt het Hof van Justitie de betekenis van de rechten van de verdediging voor het Nederlandse bestuursrecht, meer in het bijzonder voor het douanerecht. Voor de douane lijkt de uitkomst positief: het horen van belanghebbenden tijdens de bezwaarprocedure is onder voorwaarden voldoende om aan de rechten van de verdediging tegemoet te komen. Afdeling 4.1.2 van de Awb blijft nog even in het beklaagdenbankje: de ruime uitzondering op de hoorplicht uit artikel 4:12 Awb lijkt niet altijd houdbaar en het Hof van Justitie wijst de rechtvaardiging van de Nederlandse regering expliciet af.
    HvJ EU 3 juli 2014, gevoegde zaken C-129/13, Kamino en C-130/13, Datema, ECLI:EU:C:2014:2041


Mr. Anoeska Buijze
Mr. A.W.G.J. (Anoeska) Buijze is postdoctoraal onderzoeker bij het Utrecht Centre for Regulation and Enforcement in Europe en het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainbility Law.

    Public law is sometimes said to deal with distributive justice. Such allocation issues are at least very dominant when public authorities grant only a limited number of public rights (authorizations, subsidies, etc.) and the number of applicants exceeds this maximum. The characteristics common to these ’limited public rights’ raise the question whether there are some general allocation rules applying to any allocation of limited public rights. This article shows how economic allocation theory can be helpful in constructing general allocation rules as a corollary of general legal principles. Allocation theory turns out to provide for general concepts and results clarifying general allocation rules and revealing mutual connections. Extending this allocation perspective from limited public rights to public law in general requires the hidden allocation issues in public law to be unveiled.


Johan Mr.dr. Wolswinkel
C.J. Wolswinkel LLM MSc PhD is Assistant Professor at the VU University Amsterdam and participates in the research programme Public Contracts: Law and Governance of the VU Centre for Law and Governance. This article expands some methodological issues developed in his PhD thesis De verdeling van schaarse publiekrechtelijke rechten. Op zoek naar algemene regels van verdelingsrecht (The Hague: Boom Juridische uitgevers 2013).
Artikel

Deugdelijkheid van bestuur als toetsingskader voor de kwaliteit van het openbaar bestuur

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2013
Trefwoorden deugdelijk bestuur, artikel 43 Statuut, behoorlijk bestuur, bestuurlijk toezicht, good governance
Auteurs Mr. A. Bakhuis
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden schrijft in artikel 43 lid 1 voor dat elk der landen van het Koninkrijk zorg draagt voor de verwezenlijking van de menselijke rechten en vrijheden, de rechtszekerheid en de deugdelijkheid van het bestuur. Wat wordt verstaan onder het begrip ‘deugdelijkheid van het bestuur’ en wat betekent het voor de Caribische landen van het Koninkrijk? Hoe verhoudt het begrip ‘deugdelijkheid van het bestuur’ zich tot begrippen als ‘good governance’, ‘goed bestuur’ en ‘behoorlijk bestuur’? In deze bijdrage wordt de betekenis van het begrip ‘deugdelijkheid van het bestuur’ in de rechtsorde van het Koninkrijk der Nederlanden verkend.


Mr. A. Bakhuis
Mr. A. Bakhuis is als promovendus Koninkrijksrecht verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

    In its Betfair judgment, the Court of Justice ruled that the exclusive license system with respect to games of chance under Dutch law breaches Article 49 of the EC, now: Article 56 of the TFEU, concerning the free movement of services, and in particular the principle of equal treatment and the obligation of transparency. This article addresses the lessons which can be drawn from this judgement and which Dutch legal concepts could be applied to this 'European' obligation of transparency. According to the judgement, this is not only the case for 'public contracts'and 'concessions', but also to licenses under public law. This article addresses the meaning of these legal concepts and discusses to what extent this 'European' obligation of transparency applies to the relevant Dutch legal concepts.


Annemarie Drahmann
Annemarie Drahmann is promovenda aan de afdeling staats- en bestuursrecht van de Universiteit Leiden en senior Professional Support Lawyer bij Stibbe.

    The central issue of this article is which European requirements apply when European and national authorities divide European grants among the applicants. Mostly, the European money which is available for awarding European grants is scarce. In this article, two questions come up for discussion. First: which distribution system has to be chosen? Second: to what extent the principles of equal treatment and transparancy – derived from the European procurement rules – are applicable to the distribution of European grants? This article will conclude that there is a difference between European grants awarded by the European Commission, European agencies and the so-called national agencies on the one hand, and European grants awarded by national authorities on the other.


Jacobine van den Brink
Jacobine van den Brink promoveert later dit jaar met het proefschrift ‘De uitvoering van Europese subsidieregelingen Nederland’ en is werkzaam als onderzoeker bij de Universiteit Leiden.
Artikel

Identificatie van Nederlandse jongeren die risico lopen op internet

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2 2012
Trefwoorden Youth, internet use, online victimization, risk profile, risk factors
Auteurs Joyce Kerstens en Johan van Wilsem
SamenvattingAuteursinformatie

    This article describes the findings of a national representative survey on online victimization. The survey was conducted in the Netherlands in 2011 amongst youth aged 10 to 18. Purpose of this research is to identify various risk factors related to cyber bullying, online sexual activities and online financial crime (e.g. e-fraude and commercial deceit). More than 9 percent of the youths had negative experiences with cyber bullying, about 5 percent with e-fraude and over 11 percent with commercial deceit. Also unwanted online sexual solicitations (6%) and unwanted exposure to sexually explicit internet material (12%) occurred with some regularity.
    This research complements earlier research on youth victimization in two important respects. First, we paid explicit attention to determine whether the youngster experienced the online incident as negative, neutral or positive. Our strategy to address negative experiences ensures the identification of actual victims. Secondly, we made it possible to identify and compare risk factors on various types of online crime. Girls are more likely to be cyber bullied, to receive unwanted sexual solicitations and to be unwantedly exposed to online pornography, whilst boys are more at risk to be commercially deceived or scammed.
    Internet use and behaviour are significant risk factors to comprehend online victimization. Above average use of instant messaging and clicking on (advertising) hyperlinks without restraint, are important predictors for online victimization. Finally, online disinhibition - a loosening of social restrictions during interactions with others on the Internet - and low self-control, turn out to be significant risk factors.
    It is difficult to accept certain risks, especially when youth are involved. However, children have to learn themselves to assess risks, to deal with them and to learn from them. It is important youths built up resilience to adequately react on negative online incidents and to reduce online vulnerability.


Joyce Kerstens
Drs. J.W.M. (Joyce) Kerstens is Projectleider Jeugd & Cybersafety bij het Lectoraat Cybersafety van NHL Hogeschool en Politieacademie. E-mail: j.kerstens@nhl.nl

Johan van Wilsem
Dr. J. (Johan) van Wilsem is universitair hoofddocent Criminologie, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit Leiden.
Artikel

Concentratie van ziekenhuiszorg – iemand moet het doen, maar wie?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2011
Trefwoorden concentratie, kartelverbod, inkoopsamenwerking, Wbmv, ziekenhuiszorg
Auteurs Mr. drs. J.J. Rijken
SamenvattingAuteursinformatie

    Concentratie van behandelingen heeft een belangrijke plaats in recente discussies over de ziekenhuiszorg. Deze bijdrage onderzoekt de juridische ruimte van verschillende partijen om daarover beslissingen te nemen. Het ‘kwartetten’ met behandelingen door ziekenhuizen is een mededingingsrechtelijke hoofdzonde. Andere samenwerkingsvormen tussen ziekenhuizen en inkoopsamenwerking tussen zorgverzekeraars bevinden zich in grijs gebied: de NMa zou zich hierover duidelijker dan nu moeten uitspreken. De overheid beschikt met de Wbmv over een geschikt wettelijk instrument. Bij de toepassing daarvan moet echter rekening worden gehouden met een Europeesrechtelijke context die zich snel ontwikkelt.


Mr. drs. J.J. Rijken
Joris Rijken is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag.
Artikel

Waarom het transparantiebeginsel maar niet transparant wil worden

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2011
Trefwoorden transparantiebeginsel, aanbestedingsrecht, rechtszekerheid, vrij verkeer
Auteurs Mr. A.W.G.J. Buijze
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europese transparantiebeginsel breidt zich uit als een olievlek over de zee van het Europese recht. Nu meer en meer rechtsgebieden onder de reikwijdte van het transparantiebeginsel vallen, wordt het steeds moeilijker het belang van het beginsel voor het Nederlandse recht te ontkennen. Toch blijft het moeilijk te preciseren wat het transparantiebeginsel precies vereist. In dit artikel wordt betoogd dat de sleutel ligt in het instrumentele karakter van het transparantiebeginsel: steeds is een mate van transparantie vereist die zo goed mogelijk bijdraagt aan het realiseren van de doelen die in een bepaalde context bij transparantie zijn gediend.


Mr. A.W.G.J. Buijze
Mr. A.W.G.J. Buijze is promovenda bij het Instituut voor Staats- en Bestuursrecht van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Onder de ‘nieuwe’ Successiewet (XIII)

Is de vrijstelling van het jonge kind toch groter dan gedacht?

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 26 2010
Trefwoorden levensverzekering en pensioen
Auteurs Mr. F.M.H. Hoens

Mr. F.M.H. Hoens
DGA

fiscale en civielrechtelijke aspecten

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 51 2002
Trefwoorden directeur-grootaandeelhouder, pensioen, pensioentoezegging, fiscaal, dienstjaar, toezegging, voorwaarde, werknemer, pensioenregeling, vennootschap
Auteurs J.J. Buijze

J.J. Buijze
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.