Zoekresultaat: 18 artikelen

x

    La présente contribution vise à analyser les développements jurisprudentiels de la Commission européenne des droits de l’homme et de la Cour européenne des droits de l’homme en matière d’interruption de grossesse. Nous formulons une réponse à la question suivante: vu de l’évolution de la jurisprudence, quelles conclusions pouvons-nous tirer sur la position actuelle de la Cour européenne des droits de l’homme sur la question du droit et de l’accès à l’avortement? À travers une analyse des décisions et arrêts rendus par la Commission et la Cour, nous étudions la façon dont les différents intérêts et droits s’articulent, à savoir ceux de la femme enceinte, du père potentiel, de l’enfant à naître et de la société. Au terme de cette étude, nous déterminons la marge d’appréciation dont jouissent les états membres en la matière, ainsi que la manière dont la Cour réalise une balance des différents intérêts en présence.
    This contribution aims to analyze the case-law developments of the European Commission of Human Rights and the European Court of Human Rights in matters of termination of pregnancy. We formulate an answer to the following question: regarding the case-law developments, what can we conclude on the European Court of Human Rights’ current position on the right and access to abortion? Through an analysis of the Commission and the Court’s decisions and judgments, we study how the different interests and rights are articulated, namely those of the pregnant woman, the potential father, the unborn child, and the society. At the end of this study, we determine the member states’ margin of appreciation regarding abortion and how the Court finds a balance between the various concerned interests.


A. Cassiers
Aurélie Cassiers is doctoral assistent at UHasselt. L’auteure souhaite remercier la relecture attentive et les remarques pertinentes de sa promotrice et sa co-promotrice, prof. dr. Charlotte Declerck (UHasselt) et prof. dr. Géraldine Mathieu (UNamur).
Artikel

Access_open Die zivilrechtliche Haftung für Mitspielerverletzungen bei Sport und Spiel

Bespreking van het proefschrift van Philipp Dördelmann

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden onrechtmatige daad, zorgvuldigheidsnorm, sport en spel, onderlinge aansprakelijkheid, eigen aard van de beoefende activiteit en wederzijds risico van letselschade
Auteurs Dr. P.C.J. De Tavernier
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn dissertatie verkent de Duitse jurist Philipp Dördelmann de problematiek van de aansprakelijkheid voor schade die deelnemers aan sport en spel elkaar toebrengen. Met behulp van een helder referentiekader, namelijk de eigen aard van de beoefende sport- of spelactiviteit (‘Typizität’) enerzijds en de wederzijdse kans van deelnemers om bij sport en spel schade te lijden (‘Reziprozität’) anderzijds, tracht hij antwoord te geven op de vraag waarom er in geval van aansprakelijkheid voor schade van deelnemers die tijdens sport en spel met elkaar wedijveren, kan worden afgeweken van de zorgvuldigheidsnorm die in het aansprakelijkheidsrecht van toepassing zou zijn bij schadegevallen die zich buiten sport- en spelsituaties voordoen.


Dr. P.C.J. De Tavernier
Dr. P.C.J. De Tavernier is universitair docent aan de Universiteit Leiden, meer bepaald aan de Afdeling Burgerlijk Recht (Instituut voor Privaatrecht). Hij is als bijzonder academisch personeelslid ook verbonden aan de Universiteit Antwerpen.
Artikel

Het verontschuldigingsritueel en herstelrecht

Het slachtofferperspectief

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 1 2018
Trefwoorden apology ritual, The victim perspective, Sincerity, Physical aspect of apology, symbolic meaning of apology
Auteurs Inge Vanfraechem, Daniela Bolívar en Ivo Aertsen
SamenvattingAuteursinformatie

    Empirical research on restorative justice shows that offenders can apologise to victims. Because of the ritual component of restorative justice and the possible influence on the justice system, certain questions arise: how do victims perceive these apologies? Is it important for victims that these apologies are sincere? The aim of the article is to discuss these questions through three topics, namely the physical aspect of the ritual, the symbolic meaning for victims and the relation between the offender’s apologies and the victim’s reaction.


Inge Vanfraechem
Inge Vanfraechem is consultant (Libra), senior vrijwillig wetenschappelijk medewerkers KU Leuven en redactielid van dit tijdschrift.

Daniela Bolívar
Daniela Bolívar is assistant professor aan de School of Social Work, Catholic University of Chile. Ze is board member van de International Journal of Restorative Justice en heeft een onderzoeksproject rond bemiddeling en jeugddelinquenten in Chili afgerond.

Ivo Aertsen
Ivo Aertsen is professor herstelrecht en victimologie aan de KU Leuven en redactielid van dit tijdschrift.
Artikel

NBW-vermogensrecht 25 jaar

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2017
Trefwoorden NBW, European Civil Code, vermogensrecht, codificatie, 25 jaar
Auteurs Prof. mr. H.J. Snijders
SamenvattingAuteursinformatie

    Het verleden: korte analyse van onze codificatiegolf, van vloed naar eb en van eb naar vloed. De toekomst: mede op grond van nieuwe ontwikkelingen alsnog van ons Burgerlijk Wetboek naar een European Civil Code, althans voor het vermogensrecht?


Prof. mr. H.J. Snijders
Prof. mr. H.J. Snijders is honorair hoogleraar Burgerlijk recht en burgerlijk procesrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Codificatie of zelfregulering in de franchisesector?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2014
Trefwoorden franchiseovereenkomst, codificatie, zelfregulering, precontractuele informatieplicht
Auteurs Mr. I.S.J. Houben, Mr. J. Sterk en Mr. J.A.J. Devilee
SamenvattingAuteursinformatie

    Over de vraag of de franchiseovereenkomst in Nederland alsnog een benoemde status dient te krijgen, wordt aanhoudend gediscussieerd in politiek, media en literatuur. Tot nu toe heeft de focus volgens de auteurs te eenzijdig gelegen op codificatie. In deze bijdrage bepleiten zij dat naast codificatie, mede naar aanleiding van kort rechtsvergelijkend onderzoek, ook zelfregulering een serieus te overwegen optie is.


Mr. I.S.J. Houben
Mr. I.S.J. Houben is universitair hoofddocent burgerlijk recht aan de Universiteit Leiden.

Mr. J. Sterk
Mr. J. Sterk is advocaat-partner bij Ludwig & Van Dam advocaten te Rotterdam.

Mr. J.A.J. Devilee
Mr. J.A.J. Devilee is student-stagiaire bij Ludwig & Van Dam advocaten te Rotterdam.
Artikel

Codificatie of zelfregulering in de franchisesector?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2014
Trefwoorden franchiseovereenkomst, codificatie, zelfregulering, precontractuele informatieplicht
Auteurs Mr. I.S.J. Houben, Mr. J. Sterk en Mr. J.A.J. Devilee
SamenvattingAuteursinformatie

    Over de vraag of de franchiseovereenkomst in Nederland alsnog een benoemde status dient te krijgen, wordt aanhoudend gediscussieerd in politiek, media en literatuur. Tot nu toe heeft de focus volgens de auteurs te eenzijdig gelegen op codificatie. In deze bijdrage bepleiten zij dat naast codificatie, mede naar aanleiding van kort rechtsvergelijkend onderzoek, ook zelfregulering een serieus te overwegen optie is.


Mr. I.S.J. Houben
Mr. I.S.J. Houben is universitair hoofddocent burgerlijk recht aan de Universiteit Leiden.

Mr. J. Sterk
Mr. J. Sterk is advocaat-partner bij Ludwig & Van Dam advocaten te Rotterdam.

Mr. J.A.J. Devilee
Mr. J.A.J. Devilee is student-stagiaire bij Ludwig & Van Dam advocaten te Rotterdam.
Artikel

De zorgplicht van scholen

Proefschrift van mr. B.M. Paijmans

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden civielrechtelijke zorgplicht scholen, veiligheid, ongeval, pesten, kwaliteit onderwijs
Auteurs Dr. P.C.J. De Tavernier
SamenvattingAuteursinformatie

    Paijmans geeft in haar proefschrift systematisch antwoord op de vraag naar de grondslag en de reikwijdte van de civielrechtelijke zorgplicht van onderwijsinstellingen jegens hun leerlingen, ten aanzien van ongevallen, bewegingsonderwijs, pesten, misbruik en geweld, en de kwaliteit van onderwijs. Met de door Paijmans aangereikte do’s and don’ts kunnen scholen preventief hun beleid aanpassen en kan in de praktijk meer rechtszekerheid worden bereikt.


Dr. P.C.J. De Tavernier
Dr. P.C.J. De Tavernier is universitair docent aan de Universiteit Leiden.
Praktijk

Nieuwe pandbeleningswet: ‘Pawn Star straalt nog niet’

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2013
Trefwoorden pandhuizen, pandbelening, consumentenbescherming, informatieverplichting
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2013 is de pandbeleningswet aangenomen. Deze pandbeleningswet regelt de verhouding tussen de pandhuizen en de pandbeleners. De nieuwe wet vervangt de uit 1910 stammende Pandhuiswet. De regelgeving wordt opgenomen in boek 7 BW en is uitsluitend van toepassing op B2C-verhoudingen. In deze bijdrage wordt de pandbeleningswet vanuit contractenrechtelijk perspectief besproken. Overigens is nog niet duidelijk wanneer de wet van kracht wordt. Het Koninklijk Besluit tot invoering is nog niet gepubliceerd.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.

    Deze bijdrage bespreekt de remedies uit het GEKR die de koper bij niet-nakoming door de verkoper ten dienste staan. Bezien wordt of de regeling met betrekking tot de remedies vergeleken met het Nederlands recht voordelen kan opleveren voor de koper of de verkoper. Vooral de aandacht verdienen de nakoming, de schadevergoeding en de ontbinding, maar ook zal worden stilgestaan bij enkele algemene punten met betrekking tot de uitoefening van remedies, zoals de klachtplicht. De conclusie luidt dat koper en verkoper allebei geen duidelijke redenen hebben om voor het GEKR te kiezen wat de regeling van de remedies betreft.


Mr. drs. M. van Kogelenberg
Mr. drs. M. van Kogelenberg is wetenschappelijk onderzoeker en docent bij de sectie Burgerlijk Recht, Erasmus School of Law.

Prof. mr. E.H. Hondius
Prof. Mr. E.H. Hondius is hoogleraar Europees privaatrecht aan de Universiteit Utrecht.

Dr. P.C.J. De Tavernier
Dr. P.C.J. De Tavernier is verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Leiden. Hij is tevens lid van het bijzonder academisch personeel van de Universiteit Antwerpen.
Redactioneel

Het gemeenschappelijk Europees kooprecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7/8 2012
Auteurs mr. R. Meijer, mr. J.A. van der Weide, dr. P.C.J. De Tavernier e.a.

mr. R. Meijer

mr. J.A. van der Weide

dr. P.C.J. De Tavernier

L. van der Zwet
Artikel

Gemengde overeenkomsten

De betekenis van art. 6:215 BW in de praktijk: kwalificatie van overeenkomsten

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2012
Trefwoorden Gemengde overeenkomsten, Kwalificatie van overeenkomsten, Samenloop, Bijzondere overeenkomsten, Benoemde overeenkomsten
Auteurs Mr. M.E. Hinskens-van Neck en Mr. L.A.R. Siemerink
SamenvattingAuteursinformatie

    In de voorganger van het Maandblad voor Vermogensrecht is geschreven over gemengde overeenkomsten, de samenloop van verschillende door de wet benoemde bijzondere overeenkomsten, waarvoor art. 6:215 BW een grondslag biedt. Deze bijdrage bouwt hierop voort. Daartoe wordt ingegaan op de samenloop van verschillende wetsbepalingen en op de samenloop van overeenkomsten, om daarna in te gaan op de norm van art. 6:215 BW. Vervolgens wordt aan de hand van jurisprudentie de betekenis van art. 6:215 BW in de praktijk besproken.


Mr. M.E. Hinskens-van Neck
Mr. Hinskens-van Neck en mr. Siemering zijn gerechtsauditeurs bij de Hoge Raad der Nederlanden. Deze bijdrage is door hen geschreven op persoonlijke titel.

Mr. L.A.R. Siemerink
Mr. Siemerink is redactielid van MvV.
Artikel

Naar een Europees Burgerlijk Wetboek? Het Draft Common Frame of Reference (DCFR)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2011
Trefwoorden DCFR, Europees Burgerlijk Wetboek, optional instrument, toolbox, Europees verbintenissenrecht, Europees goederenrecht
Auteurs Mr. P.C.J. De Tavernier en Mr. J.A. van der Weide
SamenvattingAuteursinformatie

    Het DCFR bevat een blauwdruk voor een toekomstig Europees verbintenissen- en goederenrecht. In deze bijdrage wordt ingegaan op de achtergrond, de opzet en inhoud van het DCFR, controversiële en ongeregelde kwesties, evenals de invloed van het DCFR op de bestaande rechtspraktijk.


Mr. P.C.J. De Tavernier
Mr. P.C.J. De Tavernier is werkzaam bij de afdeling Burgerlijk recht van de Universiteit Leiden en lid van het bijzonder academisch personeel van de Universiteit Antwerpen.

Mr. J.A. van der Weide
Mr. J.A. van der Weide is werkzaam bij de afdeling Burgerlijk recht van de Universiteit Leiden.
Artikel

De bevestiging van een vernietigbare onderwijsovereenkomst op grond van art. 3:55 BW

HR 8 februari 2008, RvdW 2008, 210

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2008
Trefwoorden student, confirmatie, dwaling, vermogensrecht, rechtshandeling, onrechtmatige daad, wanprestatie, vernietigingsgrond, overeenkomst, recht op schadevergoeding
Auteurs P.C.J. de Tavernier

P.C.J. de Tavernier
Artikel

Aansprakelijkheid voor educational malpractice: Rb. Leeuwarden 24 januari 2007 (R. Kuiphof/De stichting Christelijke Hogeschool Nederland en Start Uitzendbureau B.V.)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2007
Trefwoorden onderwijs, leerling, ouders, student, aansprakelijkheid, overeenkomst, schadevergoeding, tekortkoming, kwaliteit, basisonderwijs
Auteurs P.C.J. De Tavernier

P.C.J. De Tavernier
Artikel

Over het bewijs van causaal verband met betrekking tot de geïnformeerde toestemming bij medische behandelingen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2010
Trefwoorden informed consent, causaliteit, bewijslast, omkering bewijslast, buitenlands recht, medische schade, geneeskundige behandelingsovereenkomst
Auteurs Dr. P.C.J. de Tavernier
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage over informed consent-zaken bespreekt de auteur, in rechtsvergelijkend perspectief, de bewijsproblematiek met betrekking tot het causaal verband tussen het informatieverzuim van de arts en de door de patiënt geleden medische schade. In de eerste plaats onderzoekt de auteur welke maatstaf bij de beoordeling van het oorzakelijk verband moet worden gehanteerd. Vervolgens onderzoekt hij de vraag wie het bewijs van dat oorzakelijk verband dient te leveren. Ten slotte formuleert hij ter voorkoming van causaliteitsproblemen enkele alternatieve oplossingen.


Dr. P.C.J. de Tavernier
Dr. P.C.J. de Tavernier is docent privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Leiden.
Artikel

Uitleg van overeenkomsten: maatwerk op basis van Haviltex

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2008
Trefwoorden uitleg, overeenkomst, contract, collectieve arbeidsovereenkomst, bewijslast, rechtsgevolg, tegenbewijs, rechtspraak, redelijkheid en billijkheid, commerciële transactie
Auteurs R. Bierenbroodspot

R. Bierenbroodspot
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.