Zoekresultaat: 96 artikelen

x
Artikel

Typische afspraken uit relationship agreements inhoudelijk getoetst

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2021
Trefwoorden bestuursautonomie, governance, grootaandeelhouder, beursvennootschap, doorwerking
Auteurs Mr. B. Baaijens
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur toetst typische afspraken uit relationship agreements tussen Nederlandse beursvennootschappen en hun grootaandeelhouders aan klassieke governanceleerstukken. Vervolgens wordt onderzocht of deze afspraken vennootschapsrechtelijk kunnen doorwerken. De belangrijkste conclusie is dat grootaandeelhouders via relationship agreements vergaande invloed verkrijgen binnen beursvennootschappen, gebaseerd op afspraken die geregeld grenzen van dwingend vennootschapsrecht overschrijden.


Mr. B. Baaijens
Mr. B. Baaijens is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Access_open Wetsvoorstellen voor een eerlijke economie

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden aandeelhouderskapitalisme, werknemersaandelen, medezeggenschap, structuurregeling, certificering van aandelen
Auteurs Mr. J.E. Devilee
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage worden twee van de drie wetsvoorstellen voor een ‘eerlijke economie’ aan een kritische evaluatie onderworpen. Uit de historische en actuele schets die volgt, blijkt dat de wens om tot versterking van de positie van werknemers te komen bijzonder toepasselijk is in het huidige tijdsgewricht, waarin de factor arbeid op verschillende niveaus aan betekenis heeft ingeboet.


Mr. J.E. Devilee
Mr. J.E. Devilee is als promovendus verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open Toezicht op de rechtspersoon-bestuurder. De (on)mogelijkheden vanuit het perspectief van de commissaris

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2020
Trefwoorden governance, informatieverschaffing, taakuitoefening, samenstelling bestuur, verantwoording
Auteurs Mr. M.A.C Appels
SamenvattingAuteursinformatie

    In de praktijk komt het voor dat een rechtspersoon fungeert als bestuurder van een andere rechtspersoon. In deze bijdrage wordt vanuit het perspectief van de commissaris stilgestaan bij de figuur van de rechtspersoon-bestuurder en wordt ingegaan op (mogelijke) knelpunten die kunnen spelen bij de taakuitoefening door de toezichthouder.


Mr. M.A.C Appels
Mr. M.A.C. Appels is counsel en toegevoegd notaris bij Van Doorne te Amsterdam.
Wetenschap

Related party transactions, de tegenstrijdigbelangregeling en het voorkomen van belangenverstrengeling in de Nederlandse Corporate Governance Code: waar zijn we nu aan toe?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2020
Trefwoorden belangenconflicten, tegenstrijdig belang, Herziene Europese Aandeelhoudersrichtlijn, transactiecommissie, corporate governance
Auteurs Mr. A.C. Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    In Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek (BW) is een nieuwe regeling voor related party transactions geïmplementeerd. De nieuwe regeling is een aanvulling op de bestaande tegenstrijdigbelangregeling in Boek 2 van het BW en hetgeen met betrekking tot belangenverstrengeling is geregeld in principe 2.7 van de Nederlandse Corporate Governance Code. Deze bijdrage bespreekt de onderlinge verhoudingen tussen deze regelingen en geeft het gebruik van een speciale overnamecommissie, zoals in de Verenigde Staten van toepassing, als mogelijke oplossing voor ook de Nederlandse praktijk om met belangenverstrengeling bij gevoelige transacties en deze drie regelingen om te kunnen gaan.


Mr. A.C. Jansen
Mr. A.C. (Alette) Jansen is als docent ondernemingsrecht verbonden aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Uitdagingen voor het ondernemingsrecht; op weg naar een echt ondernemingsrecht?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2020
Trefwoorden onderneming, vennootschap, stakeholderdenken, digitalisering, corporate governance
Auteurs Prof. mr. L. Timmerman
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur zet uiteen hoe de verhouding tussen onderneming en vennootschap zich vanaf 1900 heeft ontwikkeld. De auteur verwacht dat de invloed van de politiek op de onderneming en vennootschap in de komende jaren zal toenemen. Aan het slot van zijn beschouwing maakt de auteur een paar opmerkingen over de invloed van digitalisering op het vennootschapsrecht.
    ‘The future is unknowable, but the past should give us hope.’1xUitspraak toegeschreven aan Winston Churchill.

Noten

  • * Tekst van een niet uitgesproken oratie bij het aanvaarden van het vijfjarige honoraire hoogleraarschap ondernemingsrecht, in het bijzonder zijn historische ontwikkeling, aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Ik ben de Erasmus Universiteit dankbaar voor het voorrecht van dit hoogleraarschap (op mijn gevorderde leeftijd van 70 jaar). Een eerdere versie van dit betoog hield de auteur op 13 februari 2020 op een bijeenkomst georganiseerd door het Rotterdamse advocatenkantoor Windt Legrand Leeuwenburgh.
  • 1 Uitspraak toegeschreven aan Winston Churchill.


Prof. mr. L. Timmerman
Prof. mr. L. Timmerman is hoogleraar ondernemingsrecht, in het bijzonder zijn historische ontwikkeling, aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Serie-artikel

NAM, haar aandeelhouders en de 403-verklaring

Een artikel in de serie ‘Aardbevingen in Groningen en het vermogensrecht’

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden hoofdelijke aansprakelijkheid, groepsmaatschappij, jaarrekening, jaarrekeninggvrijstelling, intrekking
Auteurs Mr. dr. E.C.A. Nass
SamenvattingAuteursinformatie

    De aandeelhouders van NAM zijn in beginsel niet aansprakelijk voor de verplichtingen van NAM in verband met aardbevingsschade. De bijzondere situatie in Groningen is aanleiding geweest voor de aandeelhouders om dat uitgangspunt vrijwillig te doorbreken. In deze bijdrage staat de aansprakelijkheidspositie van de aandeelhouders die daarvan het gevolg is centraal.


Mr. dr. E.C.A. Nass
Mr. dr. E.C.A. Nass is advocaat bij Elexer advocaten te Nijmegen.
Artikel

Access_open Onvrijwillige aansprakelijkheid van een moedervennootschap: een overzicht van de risico’s en suggesties ter beperking daarvan

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2020
Trefwoorden concernaansprakelijkheid, risicobeperking, artikel 6:162 BW, moedervennootschap
Auteurs Mr. D.R.C. Smit
SamenvattingAuteursinformatie

    Doorbraak van aansprakelijkheid is een risico voor de moedervennootschap van een concern. Aan de hand van arresten van de Hoge Raad brengt deze bijdrage de aansprakelijkheidsrisico’s voor een moedervennootschap op grond van onrechtmatige daad jegens crediteuren van haar groepsvennootschap in kaart en reikt voorts suggesties aan ter beperking van die risico’s.


Mr. D.R.C. Smit
Mr. D.R.C. Smit is recent afgestudeerd aan de Universiteit Utrecht en binnenkort werkzaam bij Houthoff te Amsterdam.

Mr. H.J. Vetter
Mr. H.J. (Hans) Vetter is rechter in de Rechtbank Den Haag.
Wetenschap

Twee heren (in één transactie) dienen, mag dat nu wel of (soms) toch niet?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2019
Trefwoorden tegenstrijdig belang, belangenverstrengeling, Bruil, corporate governance, Wet bestuur en toezicht rechtspersonen
Auteurs Prof. mr. W.J. Oostwouder en Mr. T. Spronk
SamenvattingAuteursinformatie

    De wet bevat geen duidelijke definitie voor het begrip ‘tegenstrijdig belang’. Ook de wetsgeschiedenis biedt onvoldoende aanknopingspunten voor een eenduidige interpretatie van dit begrip en zijn toepassing. De minister verwijst wel naar het in 2007 gewezen Bruil-arrest. Hieruit blijkt dat ook in het sinds 2013 geldende recht moet worden uitgegaan van de in dit arrest aangenomen verschuiving van de abstracte leer naar de materiële leer. Dit neemt niet weg dat er twijfels ontstaan over de ex-antetoepassing van de ex post geformuleerde Bruil-norm, de specifieke invulling van het materiële begrip en de verhouding tussen de tegenstrijdig-belangregeling en de Linders/Hofstee-regels. Deze onduidelijkheid wordt versterkt door de verschillende interpretaties van dit begrip in de governancecodes en recente uitspraken van de Ondernemingskamer en de Governancecommissie Gezondheidszorg. Een verheldering van dit begrip door de wetgever in het kader van de behandeling van het wetsvoorstel Wet bestuur en toezicht rechtspersonen zou derhalve gewenst zijn.


Prof. mr. W.J. Oostwouder
Prof. mr. W.J. (Wilco) Oostwouder is hoogleraar Bedrijfsfinancieel Recht aan de Universiteit Utrecht, advocaat bij Loyens & Loeff en lid van het Zorgteam van dit kantoor, en directeur/eigenaar van Meer Kennis, Juridische en Governance Opleidingen te Hoofddorp.

Mr. T. Spronk
Mr. T. (Tess) Spronk is wetenschappelijk docent bij de sectie ondernemingsrecht van de Erasmus School of Law.
Wetenschap

Vennootschappelijke medezeggenschap onder druk

Sluit de structuurregeling nog aan op de economische werkelijkheid?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2019
Trefwoorden structuurregeling, medezeggenschap, raad van commissarissen, werknemers
Auteurs Mr. H. van Roosmalen en Mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    Het adagium van medezeggenschap, dat ‘zij de zeggenschap volgt’, ligt ten grondslag aan de in 1971 ingevoerde structuurregeling. Het doel dat destijds met deze regeling werd nagestreefd, betrof het verschaffen van een stem aan werknemers op het hoogste niveau binnen de onderneming. De structuurregeling moest dus voorzien in de groeiende behoefte aan vennootschappelijke medezeggenschap. In dit artikel analyseren de auteurs de Nederlandse structuurregeling voor naamloze en besloten vennootschapen. Ook is er enige aandacht voor rechtsvergelijking met het Duitse recht. De kernvraag die de auteurs beantwoorden, is in hoeverre het vennootschappelijke medezeggenschapsrecht op basis van de structuurregeling in Nederland nog het beoogde effect heeft.


Mr. H. van Roosmalen
Mr. H. (Hidde) van Roosmalen is momenteel bezig met het afronden van de master Internationale Betrekkingen aan de Universiteit Utrecht en heeft de master Onderneming en recht aan dezelfde universiteit in 2018 succesvol afgerond.

Mr. H. Koster
Mr. H. (Harold) Koster is verbonden aan de Erasmus School of Law en aan de Universiteit van Dubai.
Artikel

Grensoverschrijdende omzettingen

Gebruiken en hindernissen in de praktijk

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1-2 2019
Trefwoorden grensoverschrijdend, omzetting, praktijk, stakeholders, geoorloofdheid
Auteurs Mr. M.J.S. Lavreysen
SamenvattingAuteursinformatie

    Wetgeving ten aanzien van grensoverschrijdende omzettingen laat nog even op zich wachten. Uit interviews met notarissen blijkt dat regelgeving wenselijk is en dat zij nu in de praktijk vooral naar praktische oplossingen zoeken.


Mr. M.J.S. Lavreysen
Mr. M.J.S. Lavreysen is LL.M. student aan de University of Chicago Law School.
Artikel

Van saldocompensatie naar saldoconcentratie?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2018
Trefwoorden cash pooling, saldocompensatie, saldoconcentratie, CRR, kapitaalvereisten
Auteurs Prof. mr. W.A.K. Rank
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat de vraag centraal wat de (nieuwe) regels van de CRR inzake de berekening van de solvabiliteitseisen voor het kredietrisico, de leverage ratio en de liquidity coverage ratio betekenen voor het product saldocompensatie. Is dit product nog levensvatbaar of zijn de banken genoodzaakt om in plaats daarvan saldoconcentratie aan hun cliënten aan te bieden?


Prof. mr. W.A.K. Rank
Prof. mr. W.A.K. Rank is hoogleraar financieel recht aan de Universiteit Leiden en Of Counsel bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

De codificatie van gedragsnormen in het Nederlands rechtspersonenrecht: een gewenste ontwikkeling?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2018
Trefwoorden gedragsnormen, bestuurders, directors’ duties, zorgvuldigheidsplicht, artikel 2:9 BW
Auteurs L. Thomae LLM en H. Koster LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage beantwoorden de auteurs de vraag of het wenselijk is om de (algemene) gedragsnormen die onder meer voortvloeien uit de jurisprudentie in Boek 2 BW te codificeren. Voor de beantwoording van deze vraag zullen onder meer de gedragsnormen uit de Companies Act 2006 aan de orde komen.


L. Thomae LLM
L. Thomae LLM is student International Management aan de Radboud Universiteit.

H. Koster LLM
H. Koster LLM is verbonden aan de Erasmus School of Law en aan de Universiteit van Dubai.
Artikel

Access_open Moet wie administratie zegt ook boekhouding in concernverband zeggen?

Over het bestaan van de groepsadministratieplicht van de holding

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2018
Trefwoorden administratieplicht, bestuurdersaansprakelijkheid, 403-verklaring, holding, faillissementsrecht
Auteurs Mr. drs. J. Verstoep
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage beantwoordt de auteur de vraag of een holding op grond van artikel 2:10 BW in haar administratie inzicht dient te bieden in de vermogenspositie van haar dochtervennootschappen. De auteur betoogt dat onvoldoende overtuigende argumenten het bestaan van een zogeheten groepsadministratieplicht rechtvaardigen.


Mr. drs. J. Verstoep
Mr. drs. J. Verstoep is advocaat bij Wieringa Advocaten te Amsterdam.
Wetenschap en praktijk

Grensoverschrijdende omzettingen

Polbud in perspectief

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Polbud, vrijheid van vestiging, grensoverschrijdende omzetting, zetelverplaatsing, vestigingsvrijheid
Auteurs Mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel gaat de auteur in op het Polbud-arrest van 25 oktober 2017 over een verplaatsing van de statutaire zetel, waarin het HvJ EU een nadere invulling geeft aan de mogelijkheid van een grensoverschrijdende omzetting op basis van de vrijheid van vestiging van art. 49 en 54 VWEU. Dit artikel bevat een analyse over de betekenis van het Polbud-arrest, mede in het perspectief van het geldende recht met betrekking tot grensoverschrijdende omzettingen.


Mr. H. Koster
Mr. H. (Harold) Koster is verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en aan de Universiteit van Dubai.
Artikel

De tegenstrijdigbelangregeling(en) in het enquêterecht

De Intergamma- en Staphorst-beschikkingen nader bekeken

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2018
Trefwoorden bestuurders, commissarissen, enquêterecht, redelijkheid en billijkheid, tegenstrijdig belang
Auteurs Mr. M.C. Hoeba
SamenvattingAuteursinformatie

    De Ondernemingskamer heeft het afgelopen jaar meerdere noemenswaardige beschikkingen gewezen waarbij het tegenstrijdig belang centraal stond. In het enquêterecht lijkt de Ondernemingskamer nu naast de wettelijke tegenstrijdigbelangregeling ook de norm van artikel 2:8 BW mee te pakken. Dit zorgt voor de nodige onduidelijkheid in de (rechts)praktijk. De auteur onderzoekt het concept van het tegenstrijdig belang in het enquêterecht aan de hand van de laatste ontwikkelingen.


Mr. M.C. Hoeba
Mr. M.C. Hoeba is advocaat bij Clifford Chance LLP te Amsterdam.
Artikel

Tegenstrijdig belang bij intragroepsfinanciering; foutje, bedankt!

Hoe een juridische imperfectie standhield bij de Hoge Raad

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2018
Trefwoorden concernfinanciering, tegenstrijdig belang, hoofdelijke gebondenheid, kredietpraktijk, familiebedrijf
Auteurs Mr. J.E. Devilee en Mr. J. Nijland
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt de zaak Ubbens q.q./X besproken, waarin de oude tegenstrijdigbelangregeling werd toegepast. Aangezien deze uitspraak ook voor de invulling van de huidige tegenstrijdigbelangregeling betekenis heeft bij het beoordelen van de positie van natuurlijke personen die een vennootschap in groepsverband vertegenwoordigen, onderzoeken de auteurs de discrepantie tussen de conclusie van de A-G en de motivering van de Hoge Raad, en zetten zij de uitspraak nader uiteen.


Mr. J.E. Devilee
Mr. J.E. Devilee is werkzaam bij de afdeling Ondernemingsrecht (onderdeel van het Instituut voor Privaatrecht) aan de Universiteit Leiden.

Mr. J. Nijland
Mr. J. Nijland is werkzaam bij de afdeling Ondernemingsrecht (onderdeel van het Instituut voor Privaatrecht) aan de Universiteit Leiden.

    In deze bijdrage staat het arrest HR 7 oktober 2016, ECLI:NL:HR:2016:2285, NJ 2017/124 (Resort of the World/Maple Leaf) centraal. Alvorens het arrest te bespreken, zal worden ingegaan op het leerstuk van de vereenzelviging in algemene zin, waarbij de in dat kader belangrijke arresten HR 9 juni 1995, NJ 1996/213 (Krijger/Citco) en HR 13 oktober 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA7480, NJ 2000/698, m.nt. J.M.M. Maeijer (Rainbow) aan bod zullen komen. Geconcludeerd kan worden dat er klemmende redenen moeten zijn om aan de afzonderlijke identiteit van een rechtspersoon voorbij te gaan. Tevens wordt in het arrest bevestigd dat de formele hoedanigheid van de handelende persoon niet beslissend is voor de vraag van toerekening van kennis en dat voor terughoudendheid bij de toerekening van zogeheten interne kennis aan een rechtspersoon geen plaats is.


Mr. dr. P.S. Bakker
Mr. dr. P.S. Bakker is werkzaam bij Spigt Dutch Caribbean en tevens verbonden aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Artikel

Het verzetrecht van artikel 2:404 BW

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2017
Trefwoorden verzetrecht, 403-verklaring, overblijvende aansprakelijkheid, artikel 2:404 BW, groepsvrijstelling
Auteurs Mr. K. Notenboom
SamenvattingAuteursinformatie

    In het recente arrest inzake SNS/Propertize kwam het verzetrecht tegen het voornemen van de moedermaatschappij om de overblijvende aansprakelijkheid uit hoofde van een 403-verklaring te beëindigen aan de orde. In deze bijdrage bespreekt de auteur enkele knelpunten ten aanzien van het verzetrecht van artikel 2:404 BW: de verzetgerechtigdheid, de betwiste vorderingen en de omvang van de zekerheid of andere waarborg.


Mr. K. Notenboom
Mr. K. Notenboom is per 1 juli 2017 advocaat bij Van Doorne te Amsterdam.
Praktijk

Onttrekkingen door aandeelhouders en de (niet benijdenswaardige) rol van het bestuur

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2017
Trefwoorden uitkeringen, bestuur, vennootschappelijk belang, bestuurdersaansprakelijkheid, art. 2:216 lid 2 BW
Auteurs Mr. R. Fluit
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage geeft de auteur een overzicht van de grenzen die de wet en jurisprudentie thans stellen aan uitkeringen bij een bv. De nadruk ligt op de rol van het bestuur en meer in het bijzonder op de reikwijdte van zijn bevoegdheid om goedkeuring aan uitkeringen te weigeren. Indien het bestuur geen ruimte ziet om op basis van art. 2:216 lid 2 BW zijn goedkeuring te weigeren, maar het bestuur overigens wel van mening is dat door de uitkering het vennootschappelijk belang onevenredig wordt geschaad, welke middelen staan het dan ten dienste om de vennootschap te beschermen tegen deze uitkering.


Mr. R. Fluit
Mr. R. Fluit is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 96 gevonden teksten
« 1 3 4 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.