Zoekresultaat: 51 artikelen

x
Artikel

Grondrechten, gamechangers

Over recente ontwikkelingen op het gebied van de doorwerking van de Europese grondrechten in het vermogensrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2019
Trefwoorden EVRM, EU-handvest, onrechtmatige daad, schadevergoeding
Auteurs Mr. dr. J.M. Emaus
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur gaat in op de doorwerking van Europese grondrechten in het verbintenissenrecht, en bespreekt hierbij zowel het EVRM als EU-handvest. Zij concludeert dat Europese grondrechten gamechangers kunnen zijn, onder meer omdat zij aanleiding kunnen geven tot een vorm van genoegdoening, óók of juist als de nationale rechter oordeelt dat op grond van het nationale recht geen recht op schadevergoeding bestaat


Mr. dr. J.M. Emaus
Mr. J.M. Emaus is als universitair docent werkzaam bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en is als onderzoeker verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall) en het Studie- en Informatiecentrum Mensenrechten (SIM).
Artikel

Richtlijnen en privaatrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2019
Trefwoorden implementatie, doorwerking, invloed, ambtshalve toetsing, remedies
Auteurs Mr. drs. D.F.H. Stein
SamenvattingAuteursinformatie

    Richtlijnen zijn niet meer weg te denken uit het privaatrecht. In deze bijdrage gaat de auteur in op verschillende wijzen waarop richtlijnen invloed uitoefenen op het privaatrecht, anders dan door middel van implementatie. De auteur formuleert een antwoord op de vraag in hoeverre richtlijnen voor het Nederlandse én Europese (Unie)privaatrecht als ‘gamechanger’ moeten worden aangemerkt.


Mr. drs. D.F.H. Stein
Mr. drs. D.F.H. Stein is promovendus en docent Burgerlijk recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen en verbonden aan het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht (OO&R). Hij is tevens redacteur van dit blad.
Artikel

Access_open Gamechangers in het Europees privaatrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2019
Trefwoorden Europees privaatrecht, Unie-recht
Auteurs Prof. mr. H.N. Schelhaas en Mr. drs. D.F.H. Stein
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit redactioneel wordt het centrale onderwerp van dit thema-nummer toegelicht en wordt nader ingegaan op de gamechangers in het Europees privaatrecht die in het nummer aan de orde komen.


Prof. mr. H.N. Schelhaas
Prof. mr. H.N. Schelhaas is hoogleraar privaatrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en redacteur van dit blad.

Mr. drs. D.F.H. Stein
Mr. drs. D.F.H. Stein is promovendus en docent Burgerlijk recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen, verbonden aan het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht (OO&R) en redacteur van dit blad.
Artikel

Vrijwillige rechtspraak: rechters op het mediationpad?

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 1 2019
Trefwoorden neighbourhood courts, mediation, friendly solutions, voluntary jurisdiction, de-escalation
Auteurs Prof. dr. Dick Allewijn
SamenvattingAuteursinformatie

    A characteristic difference between administration of justice and mediation so far was the element of voluntariness on the side of the clients. Administration of justice however is, for the citizen who is brought before the courts, not voluntary. Recently pilots have been started in which citizens can turn voluntarily to the Court at low cost, and not far from their neighborhood. Judges will not primarily aim at making a decision in accordance with the law, but at finding friendly solutions. Does this mean that judges are going to mediate? And if so, how should this be appreciated? In this contribution attention is paid to certain aspects of this question. It is argued that differences between jurisdiction and mediation still remain. More than mediators judges must act within the legal framework. The extent to which they can engage in the emotional undercurrent of conflicts is limited. Confidence in the Court is from a different origin than trust in the mediator, and that also makes a difference. And finally, a judge is competent to make a binding judgment, which influences the way he or she is looked at by the parties.


Prof. dr. Dick Allewijn
Prof. dr. D. Allewijn is als bijzonder hoogleraar Mediation verbonden aan de Faculteit Rechten van de Vrije Universiteit te Amsterdam. Hij is tevens werkzaam als MfN-registermediator en trainer bij het Centrum voor Conflicthantering.
Boilerplates etc.

Schadeclausules bij overdracht van aandelen: een andere kijk?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2018
Trefwoorden schadeclausules, overdracht van aandelen, schadevergoeding, kooprecht
Auteurs Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem
SamenvattingAuteursinformatie


Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem
Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem is verbonden aan Baker & McKinzie, advocaten, notarissen en belastingadviseurs en (part-time) hoogleraar Professional Legal Counseling OU.
Article

Access_open Armed On-board Protection of Dutch Vessels: Not Allowed Yet But Probably Forthcoming

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2018
Trefwoorden vessel protection, private armed guards, state monopoly on force, masters position, state control
Auteurs Paul Mevis en Sari Eckhardt
SamenvattingAuteursinformatie

    This article provides an overview of the developments about the armed on-board protection of Dutch vessels under Dutch law. The Dutch position has changed over the years. In 2011, the starting point was that private security companies (PSCs) are not to be allowed. It was expected that adequate protection of Dutch vessels could be provided by vessel protection detachments (VPDs). Although not considered as an absolute statutory bar, the state monopoly on force was considered the main argument against PSCs. After optimising the use of VPDs and given the development in other countries, the approach changed into a ‘VPS, unless …’-approach. Under the new Protection of Merchant Shipping Act that is expected to come into force in the second half of 2019, PSCs can be employed only if no VPS is available. This article gives an overview of the argumentation in this change of view over the years. It also explores the headlines, criteria and procedures of the new law and some other topics, including the position of the master under the upcoming law. In line with the other country reports, it enables the comparative study in the last article of this special issue.


Paul Mevis
Paul Mevis is professor of criminal law and criminal procedure at Erasmus University Rotterdam.

Sari Eckhardt
Sari Eckhardt holds a master’s degree in criminal law and has worked as a student assistant at the Rotterdam Erasmus University’s Department of Criminal Law and is currently working at De Bont Advocaten.
Artikel

Access_open Het hoger beroep inzake het schietincident in Alphen aan den Rijn: hoe gerechtigheid zegevierde, en de geest in de fles bleef

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2018
Trefwoorden secundaire aansprakelijkheid, Alphen aan den Rijn, schietpartij, relativiteit, zorgplicht
Auteurs Mr. K.L. Maes
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 27 maart 2018 is de politie door het Gerechtshof Den Haag aansprakelijk gehouden voor de door de slachtoffers en nabestaanden geleden letsel- en overlijdensschade vanwege het ten onrechte verstrekken van de wapenvergunning aan Tristan van der V., nadat deze aansprakelijkheid eerder op relativiteitsgronden strandde bij de Rechtbank Den Haag. In het onderhavige artikel worden beide uitspraken besproken en de afwijkende oordelen tegen elkaar afgezet. De kritieken waarmee met name het vonnis is ontvangen, geven bovendien aanleiding om de daarmee verweven secundaire aansprakelijkheidsproblematiek nader onder de loep te nemen. Want waarom hield de rechtbank de aansprakelijkheidsdeur zo krampachtig dicht, en zet het hof deze desondanks (meer) open?


Mr. K.L. Maes
Mr. K.L. Maes is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht en als buitenpromovenda verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) van de Universiteit Utrecht. Zij werkt aan een proefschrift over de zorgplicht van secundaire, private partijen jegens bezoekers van openbare ruimten.
Artikel

Access_open Arbeidsvermogensschade van jonge kinderen

Naar een nieuwe wijze van schadeberekening vanuit het perspectief van gelijkebehandelingswetgeving

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2018
Trefwoorden schadebegroting, arbeidsvermogensschade, kinderen, non-discriminatiebeginsel, alternatieven
Auteurs Mr. I. Karimi
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van het huidige wettelijke systeem heeft de Nederlandse rechter de ruimte om bij de begroting van verlies van arbeidsvermogen van jonge kinderen te differentiëren naar al hun persoonlijke kenmerken. Daar waar het gaat om persoonlijke kenmerken op basis waarvan het verboden is om onderscheid te maken, levert dit een spanningsveld op met gelijkebehandelingswetgeving. In deze bijdrage worden alternatieve benaderingen verkend. Gekeken zal worden in hoeverre de Nederlandse alternatieven aansluiten bij de normen zoals neergelegd in de Grondwet en Europese regelgeving.


Mr. I. Karimi
Mr. I. Karimi heeft in 2017 de master Privaatrecht afgerond aan de Universiteit Utrecht. Aansluitend aan haar afstuderen is ze als juridisch medewerker in dienst getreden bij Asselbergs & Klinkhamer Advocaten. Dit artikel is gebaseerd op de masterscriptie van de auteur. Hiervoor heeft zij drie scriptieprijzen mogen ontvangen, namelijk die van het Juridisch Bureau Letselschade en Gezondheidsrecht, van het Molengraaff Instituut en die van de Stichting Beer Impuls.
Artikel

State-corporate crime en niet-democratische regimes: betrokkenheid van bedrijven in internationale misdrijven

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2018
Trefwoorden state-corporate crime, international crimes, state crime, business and human rights
Auteurs Annika van Baar MA MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    Most state-corporate crime research is focused on crime or harmful outcomes in or by democratic states. The goal of this article is to investigate the applicability of this concept to relations between economic actors and non-democratic state actors. The concept of state-corporate crime is applied to three contexts in which corporations have become involved in international crimes such as genocide, war crimes and crimes against humanity. Each representing a turning point in the academic and public perception of ‘business and human rights’, the contexts that are analysed are Nazi Germany (1993-1945), Apartheid South Africa (1948-1994) and the Democratic Republic of the Congo (DRC; 1996-now). It is concluded that in non-democratic states with totalitarian of authoritarian regimes (such as Nazi Germany and Apartheid South Africa), the concept of state-corporate crime is applicable and explanatory. In such strong states, economic and state actors make use of mutual benefits while, on the whole, state-interests prevail. As a result, the harmful outcome of the dynamics between corporations and states can best be described as corporate facilitated state crime. In weak states (such as the DRC) economic actors are generally more powerful while their involvement in international crimes also runs via non-state actors. The blurred lines between economic actors and state actors (and their interests) makes it difficult to apply the concept, in its different forms, to state-corporate cooperation in weak states and ‘new’ wars.


Annika van Baar MA MSc
Annika van Baar, MA MSc, is post-doc onderzoeker Resilient Societies – Resilient Rule of Law, Faculteit Recht, Economie, Bestuur en Organisatie, Universiteit Utrecht. E-mail: a.vanbaar@uu.nl.
Artikel

Over de zoektocht naar en de grenzen van secundaire aansprakelijkheid na het schietincident in Alphen aan den Rijn

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2017
Trefwoorden secundaire aansprakelijkheid, zorgplicht, ouders, schietincident, Alphen aan den Rijn
Auteurs Mr. K.L. Maes
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 4 juni 2017 heeft de Rechtbank Den Haag zich uitgelaten over de vraag of de ouders van Tristan van der V. aansprakelijk zijn voor de gevolgen van het schietincident in Alphen aan den Rijn. Meer in het bijzonder gaat het daarbij om de vraag of de ouders de relevante autoriteiten hadden behoren te informeren over de geestestoestand van hun zoon, in plaats van een gevaarlijke situatie te laten voortduren. In deze bijdrage wordt de uitspraak van de rechtbank – mede in het licht van haar eerdere uitspraak over de aansprakelijkheid van de politie naar aanleiding van hetzelfde schietincident – geanalyseerd, waarbij aandacht wordt besteed aan de civielrechtelijke, secundaire zorgplicht van de ouders.


Mr. K.L. Maes
Mr. K.L. Maes is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht en als buitenpromovenda verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) van de Universiteit Utrecht. Zij werkt aan een proefschrift over de thematiek van deze bijdrage.
Artikel

Naar een verzekerd slachtofferrecht: onderzoek naar effectief schadeverhaal van slachtoffers van misdrijven via het private verzekeringsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2017
Trefwoorden vergoeding van misdrijfschade, WA-verzekering dader, vergoedingsmogelijkheden buiten strafproces, gewelds- en zedenmisdrijven, slachtoffers
Auteurs Mr. A.J.J.G. Schijns
SamenvattingAuteursinformatie

    De praktijk laat zien dat de huidige schadevergoedingsmogelijkheden voor slachtoffers van misdrijven tekortschieten. Als gevolg daarvan blijft een deel van de slachtoffers en nabestaanden van ernstige gewelds- en zedenmisdrijven met niet te verhalen schade zitten. Dit artikel bevat een samenvatting van recent onderzoek dat een kansrijke oplossing aanreikt waarbij slachtoffers van ernstige gewelds- en zedenmisdrijven en hun nabestaanden de schade vergoed kunnen krijgen via de aansprakelijkheidsverzekeraar van de dader.


Mr. A.J.J.G. Schijns
Mr. A.J.J.G. Schijns is onderzoeker aan de VU en advocaat bij Beer advocaten te Amsterdam.
Artikel

De verjaring van een vordering tot schadevergoeding op grond van de blootstelling aan asbest na Heijnen/Maersk

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2017
Trefwoorden asbest, verjaring, artikel 6 EVRM, redelijkheid en billijkheid, toegang tot de rechter
Auteurs Mr. P.T.J. Wolters
SamenvattingAuteursinformatie

    In Heijnen/Maersk volhardt de Hoge Raad in zijn oordeel dat het Nederlandse recht met betrekking tot de verjaring van een vordering tot schadevergoeding op grond van de blootstelling aan asbest niet in strijd is met het recht op toegang tot de rechter van artikel 6 lid 1 EVRM. Het arrest verduidelijkt daarnaast de afweging van de gezichtspunten van Van Hese/Koninklijke Schelde. Het sluit aan bij de conclusies in de bestaande jurisprudentie en literatuur. Deze verduidelijking ondersteunt het oordeel dat het systeem van Van Hese/Koninklijke Schelde niet in strijd is met artikel 6 lid 1 EVRM.


Mr. P.T.J. Wolters
Mr. P.T.J. Wolters is universitair docent burgerlijk recht en onderzoeker bij het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht van de Radboud Universiteit.

Annie de Roo
Annie de Roo is hoofdredacteur van TMD, hoofddocent aan de Erasmus Universiteit en vicevoorzitter van de examencommissie Stichting Kwaliteit Mediators. Zij heeft diverse malen als key expert voor de Europese Commissie meegewerkt aan projecten met name op het gebied van arbeidsrechtelijke mediation.

Judith Simon-Emaus
Judith Simon-Emaus is directeur van het bureau van de Mediatorsfederatie Nederland (MfN) en van de Stichting Kwaliteit Mediators te Rotterdam.
Artikel

Mediation-bemiddeling en ‘best practices’ in Vlaanderen en Nederland

TMD-workshop tijdens de FBC Mediation Week 2017 te Brussel

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 3 2017
Trefwoorden TMD Workshop 2017, Best Practices in mediation, Mediation Week, MfN-register
Auteurs Annie de Roo en Herman Verbist advocaat
SamenvattingAuteursinformatie

    On 19 October 2017 the TMD editorial board organised a workshop fully devoted to the (ir)relevance of best practices in mediation. The workshop, which took place in Brussels in the framework of the Belgian annual Mediation Week, was chaired by Annie de Roo and Herman Verbist who addressed the invited workshop speakers with various questions, starting with the basic, but fundamental question: ‘Is there a need for best practices in mediation?’ Followed by the question: ‘Is there a practice of mediation best practices in Belgium and the Netherlands, and if so, by whom, what are these best practices drawn up? Another question focussed on the possible link between best practices and mediation rules. Judith Simon-Emaus, director of the Mediator Federation Netherlands bureau, pointed out how best practices can contribute to furtherance of the mediator profession, which is also emphasised in her contribution ‘The MfN-register: a quality mark partly due to best practices’. Christine Jacobs, accredited mediator to the Belgian Federal Mediation Committee, approached the theme out of the perspective of the parties. She emphasised that it is essential that the mediator always takes the needs of the parties in dispute as the starting point for how to proceed in mediation. In other words, there is no such thing as a best mediation practice. She returns to this viewpoint in her contribution ‘Best prac­tices in Vlaanderen?’ A more radical stance was taken by Helena De Backer, accredited mediator to inter alia the Belgian Federal Mediation Committee and the International Mediation Institute. She is of the opinion that if mediation (profession) has a statutory basis, there is no need for best practices. Marc Simon Thomas, stresses that the purpose of introducing best prac­tices must be clear. Thus what purpose and who are served by best mediation prac­tices? In his contribution ‘The purpose and necessity of best practices in mediation based on the findings of the study ‘Peer Review and MfN accredited Mediators’ this is further reflected upon.


Annie de Roo
Annie de Roo is hoofdredacteur van TMD, hoofddocent aan de Erasmus Universiteit en vicevoorzitter van de examencommissie Stichting Kwaliteit Mediators. Zij heeft diverse malen als key expert voor de Europese Commissie meegewerkt aan projecten met name op het gebied van arbeidsrechtelijke mediation.

Herman Verbist advocaat
Herman Verbist is advocaat aan de Balie te Gent en te Brussel; erkend bemiddelaar, erkend door de Federale Bemiddelingscommissie in België en redactielid van TMD.
Jurisprudentie

Aansprakelijkheid voor schade door gasboringen

Rb. Noord-Nederland 1 maart 2017, ECLI:NL:RBNNE:2017:715 (Eisers/NAM en Staat)

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2017
Trefwoorden gasboringen, Groningen, EVRM, staatsaansprakelijkheid, NAM
Auteurs Mr. dr. J.M. Emaus en Mr. E.C. Gijselaar
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 maart 2017 besliste de Rechtbank Noord-Nederland dat de NAM aansprakelijk is voor door inwoners van het Groningenveld geleden en nog te lijden immateriële schade en vermogensschade in de zin van gemist ongestoord woongenot waarvoor uitgaven zijn gedaan die vanwege de aardbevingen doel hebben gemist. De Rechtbank Noord-Nederland besliste voorts dat de Staat onzorgvuldig en aldus onrechtmatig heeft gehandeld jegens de 127 eisers in deze gevoegde zaak. Een schadevergoedingsverplichting heeft dat laatste oordeel echter niet opgeleverd. In deze bijdrage staat dit vonnis centraal en wordt zowel de beslissing in de verhouding eisers/NAM als die in de verhouding eisers/Staat bezien in het licht van rechtspraak van de Hoge Raad en het EHRM.


Mr. dr. J.M. Emaus
Mr. dr. J.M. Emaus is universitair docent Privaatrecht aan de Universiteit Utrecht en als onderzoeker verbonden aan de Utrechtse onderzoekscentra Ucall en Renforce, en is SIM-fellow.

Mr. E.C. Gijselaar
Mr. E.C. Gijselaar is als promovenda verbonden aan het Utrechtse onderzoekscentrum Ucall. Zij bereidt een proefschrift voor over de doorwerking van positieve verplichtingen uit het EVRM op het civielrechtelijke en strafrechtelijke aansprakelijkheidsrecht.

Janneke Gerards
Prof. mr. J.H. (Janneke) Gerards is als hoogleraar fundamentele rechten verbonden aan de Universiteit Utrecht. Deze bijdrage is losjes gebaseerd op de oratie die zij op 29 maart 2017 uitsprak.
Artikel

Civiel schadeverhaal via het strafproces anno 2016

Verslag van een onderzoek naar de praktijk van de besluitvorming van de strafrechter ten aanzien van de afdoening van de voeging benadeelde partij

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2017
Trefwoorden civiel schadeverhaal, voeging, benadeelde partij, strafproces, slachtoffers
Auteurs Mr. dr. J.M. Emaus en Dr. R.B.S. Kool
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel is een verslag van een onderzoek met als centrale vraag hoe de praktijk van de besluitvorming van de strafrechter ten aanzien van de afdoening van de voeging benadeelde partij in het strafproces er anno 2016 uitziet. Op basis van trendgegevens blijkt dat de afgelopen jaren minder vorderingen niet-ontvankelijk zijn verklaard. Uit de interviews komt naar voren dat er in de rechtspraktijk ook een verandering wordt ervaren, die echter niet wordt toegeschreven aan de wijziging van het ontvankelijkheidscriterium in 2010, maar aan de tijdgeest. Een belangrijke keerzijde daarvan is echter, constateert de strafrechtspleging, dat de toegenomen slachtofferparticipatie in brede zin het strafproces onder (grotere) druk zet.


Mr. dr. J.M. Emaus
Mr. dr. J.M. Emaus is universitair docent Privaatrecht aan de Universiteit Utrecht en als onderzoeker verbonden aan de Utrechtse onderzoekscentra UCALL en RENFORCE, en zij is SIM Fellow.

Dr. R.B.S. Kool
Dr. R.S.B. Kool is universitair hoofddocent Strafrecht aan de Universiteit Utrecht en als onderzoeker verbonden aan het Utrechtse onderzoekscentrum UCALL.
Toont 1 - 20 van 51 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.