Zoekresultaat: 108 artikelen

x
Artikel

Kroniek Burgerlijk Procesrecht 2020

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 2 2021
Auteurs Robert Hendrikse, Floris-Jan Werners, Justin Interfurth e.a.

Robert Hendrikse

Floris-Jan Werners

Justin Interfurth

Bas van Zelst
Artikel

De vechter en de bierkaai

Kickboksbiografie in context

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 2 2020
Trefwoorden kickboxing, criminal and sporting career, biography in context
Auteurs Dr. Frank van Gemert
SamenvattingAuteursinformatie

    Hesdy Gerges is a heavyweight kickboxer whose career was interrupted because of his involvement in an cocaine transport. This article is analyzes the biography of this top fighter, describing the macro context of an expanding market for full-contact martial arts, the meso level of the gym and its relation to the criminal milieu, and the fighter and his body on the micro level. Hesdy is used to set an example, and since it takes more than seven years to reach a verdict, the impact on his private life and his career as a fighter is large. The study is based on participant observation and 33 interviews, twenty of which with the protagonist.


Dr. Frank van Gemert
Dr. Frank van Gemert is universitair docent bij de afdeling criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Access_open De waarheidsplicht en de geraden gevolgtrekking anno 2020: een zoektocht naar proportionaliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2020
Trefwoorden waarheidsplicht, waarheidsbeginsel, artikel 21 Rv, artikel 22 Rv, artikel 85 Rv
Auteurs Cindy Seinen
SamenvattingAuteursinformatie

    De waarheidsplicht komt in procedures steeds vaker aan de orde, ofwel omdat een partij om sanctionering ervan vraagt, dan wel omdat de rechter ambtshalve oordeelt dat sanctionering nodig is. Deze bijdrage behandelt de ontwikkelingen aan de hand van de typen gevolgtrekking die rechters sinds 2014 aan schendingen hebben verbonden.


Cindy Seinen
Mr. C.J-A. Seinen is rechter in de rechtbank Den Haag en buitenpromovenda aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Verslag

De staat van de rechtspraak

Verslag van de najaarsvergadering 2019 van de Nederlandse Vereniging voor Procesrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2020
Auteurs Marijn van den Berg en Laura Ebben
Auteursinformatie

Marijn van den Berg
Mr. L.M. van den Berg is stafjurist in de rechtbank Gelderland.

Laura Ebben
Mr. L.A.G. Ebben is senior juridisch medewerker in de rechtbank Gelderland.

    This article engages in a comparison of the regulation of PR in the Netherlands and the UK (specifically England and Wales). The latter is a good comparator as it operates a similar regulatory approach to the Netherlands, that of conditional acceptance of PR, the condition being (prior) consent. Furthermore, the UK boasts a more detailed and mature legal framework that continues to be tested through caselaw, and thus offers insight into how a regulatory approach conditional upon the (prior) consent of the deceased can fare.
    The article starts with a brief exposition of the new Dutch guidelines and the current legislative position in the Netherlands vis-à-vis posthumous reproduction (part II). Likewise, the relevant UK guidelines and legislative position are summarized (part III). This article draws out the similarities and differences between the two regimes, as well as engaging in a critical analysis of the regulations themselves. It then looks at how the UK regime has been challenged in recent years through caselaw in anticipation of the issues that might confront the Netherlands in future (part IV). The article concludes (part V) that the key lesson to be drawn from the UK experience is that clarity and consistency is crucial in navigating this ethically, emotionally, and time sensitive area. Further, that both the UK and the Netherlands can expect demand for more detailed and precise regulatory guidance as requests for the procedure increase, and within evermore novel circumstances.

    ---

    Dit artikel vergelijkt de regulering van postume reproductie (PR) in Nederland en het Verenigd Koninkrijk (in het bijzonder Engeland en Wales). Laatstgenoemde is daarvoor zeer geschikt, aangezien het VK een vergelijkbare reguleringsbenadering heeft als Nederland, namelijk de voorwaardelijke acceptatie van PR, waarbij (voorafgaande) toestemming de voorwaarde is. Bovendien beschikt het VK over een gedetailleerder en volwassener juridisch kader dat continu wordt getoetst door middel van rechtspraak. Dit kader biedt daarmee inzicht in hoe een regulerende benadering met als voorwaarde (voorafgaande) toestemming van de overledene kan verlopen.
    Het artikel vangt aan met een korte uiteenzetting van de nieuwe Nederlandse richtlijnen en de huidige positie van de Nederlandse wetgever ten opzichte van postume reproductie (deel II). De relevante Britse richtlijnen en het wetgevende standpunt worden eveneens samengevat (deel III). Vervolgens worden de overeenkomsten en verschillen tussen de twee regimes naar voren gebracht, met daarbij een kritische analyse van de regelgeving. Hierop volgt een beschrijving van hoe het VK de afgelopen jaren is uitgedaagd in de rechtspraak, daarmee anticiperend op vraagstukken waarmee Nederland in de toekomst te maken kan krijgen (deel IV). Tot slot volgt een conclusie (deel V) waarin wordt aangetoond dat de belangrijkste les die uit de Britse ervaring kan worden getrokken, is dat duidelijkheid en consistentie cruciaal zijn bij het navigeren door dit ethische, emotionele en tijdgevoelige gebied. En daarnaast, at zowel het VK als Nederland een vraag naar meer gedetailleerde en precieze regelgeving kunnen verwachten naarmate verzoeken om deze procedure toenemen, met daarbij steeds weer nieuwe omstandigheden.


Dr. N. Hyder-Rahman
Nishat Hyder-Rahman is a Post-doctoral Researcher at the Utrecht Centre for European Research into Family Law, Molengraaff Institute for Private Law, Utrecht University.

Wemmeke Wisman
Mr. W.I. Wisman is advocaat bij Pels Rijcken te Den Haag.

Sharona Heeroma
Mr. S. Heeroma is advocaat bij Pels Rijcken te Den Haag.
Artikel

Kroniek Burgerlijk Procesrecht 2019

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 2 2020
Auteurs Robert Hendrikse, Justin Interfurth, Floris-Jan Werners e.a.

Robert Hendrikse

Justin Interfurth

Floris-Jan Werners

Bas van Zelst
Artikel

Transitcriminaliteit en logistieke knooppunten in Nederland

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 5 2019
Trefwoorden Drug trafficking, airports, seaports, security checks, corruption
Auteurs Renushka Madarie MSc en Dr. Edwin Kruisbergen
SamenvattingAuteursinformatie

    The Netherlands functions as an important source and transit country for international organized drug trafficking. This is in part due to its large logistical nodes in the world economy, like the airport and the seaport. Based on in-depth analyses of sixteen cases of the Dutch Organized Crime Monitor, this article explores how drug traffickers operate at logistical nodes, in particular airports. The results demonstrate that organized crime groups deploy mainly three types of tactics to traffic drugs, namely defying, avoiding, and neutralizing security checks. Occupational embeddedness is manifested through several job-related factors. Autonomy, mobility, and the similarity between legitimate duties and criminal activities facilitate discrete engagement in organized crime activities during work time. Port employees are also attractive to organized crime groups because of their job-related social capital and knowledge.


Renushka Madarie MSc
R. Madarie MSc. is als promovendus verbonden aan het NSCR te Amsteram

Dr. Edwin Kruisbergen
Dr. E.W. Kruisbergen is als onderzoeker verbonden aan het WODC.
Artikel

Kickboksen, een Marokkaanse route naar succes?

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden Kickboksen, Marokko, Chicago, Wacquant
Auteurs Frank van Gemert
SamenvattingAuteursinformatie

    Loïc Wacquant conducted ethnographic research in the ghetto of Chicago and describes the route to social mobility that black boxers try to follow as they train in the gym and build body capital. Based on similar research methods, this article compares the black boxers to two episodes of kickboxing in Amsterdam. Wacquant is not hopeful when it comes to social mobility of the boxers, as he sees their boxing careers as confirmation of their low position in society. In the first Dutch episode, kickboxers manage to combine body work in the gym with working in the nightlife economy. They make money but are unaware of the danger of getting involved in criminal activities, and a number of fighters end up in prison or even dead. Currently, kickboxing is very popular with young Moroccans. Having seen what went wrong in the previous episode, Moroccan trainers keep a close watch on their pupils, and make sure they realize that what happens outside and after kickboxing is what really matters.


Frank van Gemert
Frank van Gemert is als Assistant Professor werkzaam bij de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, vakgroep criminologie van de VU Amsterdam.

    Op 26 maart 2019 is bij de Tweede Kamer het Wetsvoorstel Spoedwet KEI ingediend. Dit wetsvoorstel is een vervolg op de Wetgeving van 2016. Naast de intrekking van de verplichting tot digitaal procederen bij de rechtbanken Gelderland en Midden-Nederland treden met het Wetsvoorstel Spoedwet KEI ook enkele procesvernieuwende bepalingen uit de Wetgeving van 2016 in werking. Deze bepalingen zien op de regiefunctie van de rechter en de verruiming van de mogelijkheden tijdens de mondelinge behandeling. In deze bijdrage staan de wijzigingen rondom de regiefunctie van de rechter en de mondelinge behandeling centraal. Daarbij wordt een vergelijking gemaakt met het huidige procesrecht om de vraag te beantwoorden of van werkelijke procesvernieuwingen sprake is of meer van een codificatie van een in de procespraktijk ontwikkelde werkwijze.


Pauline Ernste
Mw. mr. P.E. Ernste is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam en onderzoeker bij het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Peer reviewed

Access_open Knokkers en vrije jongens

Het criminele verleden van het Nederlandse kickboksen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Kickboksen, Verknoping criminaliteit, Penoze
Auteurs Dr. Frank van Gemert
SamenvattingAuteursinformatie

    In the early years of kickboxing in the Netherlands, a number of fighters got involved in criminal activities. Literature typically focusses on social learning, but as the inner city of Amsterdam in the eighties provides a specific setting, this article particularly describes a historical process. In the qualitative data from interviews, observations, and various documents, three questions: Who were these kickboxers? Where did they enter the criminal circles? Why did they go along with what happened there? It turns out, successful fighters easily came in contact with people from the underground, as they met in the gyms and in the night life where many fighters worked as bouncers. In a friendly atmosphere, the risks of seduction were hard to recognize for inexperienced fighters.


Dr. Frank van Gemert
Dr. F.H.M. van Gemert is criminoloog en werkt bij de Vrije Universiteit in Amsterdam.
Artikel

Access_open Personhood and legal status: reflections on the democratic rights of corporations

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Corporations, democracy, legal personality, personhood, inclusion
Auteurs Ludvig Beckman
SamenvattingAuteursinformatie

    Corporations can have rights but whether they should also have democratic rights depends among other things on whether they are the kind of entities to which the democratic ideal applies. This paper distinguishes four different conceptions of “the person” that can have democratic rights. According to one view, the only necessary condition is legal personality, whereas according to the other three views, democratic inclusion is conditioned also by personhood in the natural sense of the term. Though it is uncontroversial that corporations can be legal persons, it is plausible to ascribe personhood in the natural sense to corporations only if personhood is conceptualized exclusively in terms of moral agency. The conclusion of the paper is that corporations can meet the necessary conditions for democratic inclusion but that it is not yet clear in democratic theory exactly what these conditions are.


Ludvig Beckman
Ludvig Beckman is professor of political science at Stockholm University.
Artikel

Aansprakelijkheidsrisico’s bij het gebruiken van een lege projectvennootschap: aandeelhouders- of bestuurdersaansprakelijkheid?

Beschouwingen bij HR 24 maart 2017, NJ 2017/149 (Hanzevast/G4 II)

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2017
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, aandeelhoudersaansprakelijkheid, SPV, projectvennootschap, verhaalsrisico
Auteurs Mr. E.C.H.J. Lokin en Mr. O.J.W. Schotel
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs gaan aan de hand van het Hanzevast/G4 II-arrest in op het verhaalsrisico bij het contracteren door middel van lege projectvennootschappen en de vraag in hoeverre een eventuele aansprakelijkheid in een dergelijk geval geënt dient te worden op bestuurdersaansprakelijkheid, een indirecte doorbraak van aansprakelijkheid, of wellicht op beide.


Mr. E.C.H.J. Lokin
Mr. E.C.H.J. Lokin en mr. O.J.W. Schotel zijn advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

Mr. O.J.W. Schotel
Redactioneel

Access_open Rainer Forst: The Justification of Basic Rights

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 3 2016
Auteurs Bertjan Wolthuis, Elaine Mak en Lisette ten Haaf
Auteursinformatie

Bertjan Wolthuis
Bertjan Wolthuis is assistant professor at the Department of Legal Theory and Legal History, Vrije Universiteit Amsterdam

Elaine Mak
Elaine Mak is professor of Jurisprudence at the Institute of Constitutional, Administrative Law and Legal Theory, Utrecht University

Lisette ten Haaf
Lisette ten Haaf is PhD candidate at the Department of Legal Theory and Legal History, Vrije Universiteit Amsterdam
Artikel

Advocaat als hoger beroep

Carrièreswitch

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 7 2016
Auteurs Francisca Mebius

Francisca Mebius
Artikel

Dit moet echt anders in 2017

Gedragsregels

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 3 2016
Auteurs Nathalie Gloudemans-Voogd en René van Asselt
Auteursinformatie

Nathalie Gloudemans-Voogd

René van Asselt
Beeld
Artikel

De gevolgtrekking die hij geraden acht

Sancties op schending van de waarheidsplicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2014
Trefwoorden art. 21 Rv, art. 22 Rv, waarheidsplicht, gevolgtrekking, Sanctie
Auteurs Mr. C.J-A. Seinen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage worden uitspraken van na 1 januari 2012 besproken waarin schending van de waarheidsplicht aan de orde is. Na een korte schets van de visies van wetgever, Hoge Raad en literatuur op de sanctionering van de waarheidsplicht worden de in de feitenrechtspraak opgelegde sancties op een rij gezet. Duidelijk wordt dat rechters de waarheidsplicht zeer actief gebruiken en dat flinke verschillen bestaan in de op schending gestelde sancties. Hoewel de wetgever geen voorstander was van het uitdelen van sancties door de civiele rechter, bepleit de auteur dat sancties onder omstandigheden (vooral ten aanzien van repeat players) verdedigbaar zijn.


Mr. C.J-A. Seinen
Gerechtsauditeur bij het Wetenschappelijk Bureau van de Hoge Raad

    On 1 January 2009, the Dutch Temporary Restraining Order Act (Wth) entered into force. This act allows mayors to impose a ten-day restraining order (which may be extended to 28 days) on (potential) perpetrators of domestic violence, which prohibits these perpetrators from entering their own house and contacting their partner and/or children. During the restraining order everyone involved (evicted persons, those who stay behind and children) is offered a range of support and intervention measures. The law requires that within five years after its entry into force the Dutch parliament is informed of the effectiveness. To this end, a study was conducted between September 2011 and August 2013. The aim of this impact assessment is to gain insight in the effectiveness of the restraining order and the support services that are connected to it. The study was designed as a quasi-experimental study with an intervention group (restraining orders) and a control group (similar situations in which no restraining order was imposed). The study shows that the restraining order is associated with less incidence of new domestic violence. After imposing a restraining order new domestic violence occurs less frequently, and in case it does occur, fewer incidents occur than in (comparable) situations where no restraining order was imposed. The main explanation for the correlation found between the restraining order and the lower incidence of new domestic violence seems to lie in the support that is offered after the imposition of a restraining order. Moreover, the support seems to be more effective in the more serious cases than in the lighter cases. The degree in which antecedents of the evicted person are present and whether or not the evicted person is criminally prosecuted are not related to a lower degree of repeated domestic violence.


Maartje Timmermans
Maartje Timmermans is onderzoeker bij Regioplan.

Katrien de Vaan
Katrien de Vaan is onderzoeker bij Regioplan.
Jurisprudentie

Eerste aanleg

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2013
Trefwoorden Eerste aanleg, Procesinnovatie, Efficiënte procesgang, KEI
Auteurs Mr. J. Ekelmans
SamenvattingAuteursinformatie

    In het artikel wordt de aanstaande wetgeving over het civiele procesrecht in eerste aanleg besproken, aandacht gegeven aan innovatieve initiatieven van de rechtbanken (sector civiel en kanton) voor de civiele rechtsgang in eerste aanleg en aangeduid hoe ook recente rechtspraak van de Hoge Raad een efficiënte rechtsgang in eerste aanleg bevordert.


Mr. J. Ekelmans
Mr. J. Ekelmans is advocaat bij Ekelmans & Meijer Advocaten te Den Haag.
Praktijk

The provision of legal aid in asylum procedures

A comparative case study in the Netherlands, the UK and France

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2013
Trefwoorden legal aid, asylum procedure, lawyer conduct
Auteurs Tamara Butter
SamenvattingAuteursinformatie

    Several reports covering the provision of legal aid in asylum procedures in a selection of European countries expressed concerns on the effectiveness of the legal aid provided to asylum seekers. Among others, the cuts in legal aid funding and the speed of the asylum process were put forward as issues affecting the provision of adequate and effective legal aid. Lawyers providing legal aid in asylum procedure have to cope with the day-to-day realities arising from the national asylum procedure and legal aid system in which they operate. The aim of my research project is to explore and understand the impact of the institutional context, i.e. the functioning of the asylum procedure and the legal aid system on lawyers’ conduct. To this end I will conduct a comparative case study in three EU Member States which have arranged for the provision of legal aid in different ways, i.e. Netherlands, the United Kingdom1xHere it must be noted that the UK comprises of four constituent countries with different regimes. This research will be confined to the England region of the UK. and France.

Noten

  • 1 Here it must be noted that the UK comprises of four constituent countries with different regimes. This research will be confined to the England region of the UK.


Tamara Butter
Tamara Butter is PhD candidate at the Centre for Migration Law/Institute for Sociology of Law, Radboud University.
Toont 1 - 20 van 108 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.