Zoekresultaat: 47 artikelen

x
Artikel

De Omgevingswet: een juridisch discutabele exercitie

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Omgevingswet, Resource Management Act, Nieuw-Zeeland, milieu, ruimtelijke ordening
Auteurs Mr. dr. F.H. (Fred) Kistenkas
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt de evaluatie van de Resource Management Act besproken. Deze wet is een integrale omgevingswet zoals die ook in Nederland wordt ingevoerd. Auteur gaat in op de kritische evaluatie en de lessen die hieruit kunnen worden geleerd voor de Nederlandse situatie.


Mr. dr. F.H. (Fred) Kistenkas
Mr. dr. F.H. Kistenkas is associate professor omgevingsrecht aan Wageningen Universiteit.
Artikel

Niet gelijktijdig (consecutief) vervolgen binnen hetzelfde feitencomplex

De gevolgen van het niet gelijktijdig vervolgen, meer specifiek in het geval van artikel 140 Sr

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden criminele organisatie, artikel 140 Sr, vervolgingsbeslissing, ne bis in idem-beginsel, beginselen van een behoorlijke procesorde
Auteurs Mr. dr. A.N. (André) Kesteloo
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van de onderzoeken 13Biscoe en 13Quebec en de daaruit voortkomende uitspraken van de rechtbank Amsterdam worden in deze bijdrage de mogelijke gevolgen beschreven van het niet gelijktijdig vervolgen voor eerst overige gepleegde misdrijven en later voor artikel 140 Sr of andersom, terwijl de misdrijven en artikel 140 Sr wel gaan over hetzelfde feitencomplex. De auteur besteedt hierbij bijzondere aandacht aan de beginselen van een behoorlijke procesorde.


Mr. dr. A.N. (André) Kesteloo
Mr. dr. A.N. Kesteloo is juridisch onderzoeker en auteur.
Artikel

Gratie: een bestuursbevoegdheid getoetst

Een beschouwing naar aanleiding van het arrest van de Hoge Raad van 6 november 2020

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden gratieprocedure, bestuursbevoegdheid, levenslange gevangenisstraf, review mechanisme / herbeoordelingsmechanisme, artikel 3 EVRM
Auteurs Prof. mr. dr. H.E. (Herman) Bröring en Mr. dr. W.F. (Wiene) van Hattum
SamenvattingAuteursinformatie

    In Nederland is het verlenen van gratie een bevoegdheid van de Kroon en heeft de rechter die de straf heeft opgelegd daarbij een zwaarwegende stem. Als het gaat om een lange gevangenisstraffen is het minder vanzelfsprekend geworden dat de minister die stem volgt. Hij wijkt dan af van het gerechtelijk advies. De afgelopen jaren zijn dergelijke afwijkende beslissingen aan de burgerlijke rechter voorgelegd. Deze heeft nu reeds enkele malen de minister bevolen zijn beslissing te herroepen. De vraag is echter welke ruimte de burgerlijke rechter heeft om de beslissing van de minister te toetsen en in verband daarmee: in hoeverre de minister eigenlijk van het gerechtelijk advies mag afwijken. Deze vragen worden in dit artikel vanuit bestuursrechtelijk perspectief benaderd.


Prof. mr. dr. H.E. (Herman) Bröring
Prof. mr. dr. H.E. Bröring is hoogleraar bestuursrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. dr. W.F. (Wiene) van Hattum
Mr. dr. W.F. van Hattum is verbonden aan de Vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Rijksuniversiteit Groningen en voorzitter van het Forum Levenslang.
Artikel

Over het oogmerkbestanddeel in artikel 285b Sr, dwang en heimelijke belaging

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 5 2020
Trefwoorden Oogmerk, belaging, dwang, artikel 285b Sr, heimelijke belaging
Auteurs Mr. A.B. (Anne-Berthe) van der Velde
SamenvattingAuteursinformatie

    Voor belaging ex artikel 285b Sr is vereist dat de belager ten tijde van de delictsgedraging beschikte over het oogmerk ‘die ander te dwingen iets te doen, niet te doen of te dulden, dan wel vrees aan te jagen’. In deze bijdrage wordt de relatie tussen dit oogmerkbestanddeel en het begrip ‘dwingen’ onderzocht. Hieruit kan worden geconcludeerd dat de door de indieners van het wetsvoorstel beoogde werking van het bestanddeel niet tot uitdrukking is gekomen in de rechtspraak. Daarnaast wordt aandacht besteed aan de gevolgen voor (de toegevoegde waarde van) het oogmerkbestanddeel, van het oordeel van de Hoge Raad dat ook stiekem verrichte gedragingen als belaging kunnen worden aangemerkt.


Mr. A.B. (Anne-Berthe) van der Velde
Mr. A.B. (Anne-Berthe) van der Velde doet onderzoek naar belaging bij de vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Duizelingwekkende en zorgwekkende ontwikkelingen in de rechtspositie van gedetineerden

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 5 2020
Trefwoorden Sanctierecht, Detentie, Rechtspositie gedetineerden, Penitentiair beleid
Auteurs Prof.mr. S. (Sanne) Struijk
SamenvattingAuteursinformatie

    In toenemende mate wordt in het penitentiair beleid niet alleen de doelmatigheid, maar ook de eigen verantwoordelijkheid van de gedetineerde vooropgesteld. Dit laatste geschiedt dan vanuit de neoliberale responsabiliseringsgedachte dat het gevangeniswezen zich nog slechts hoeft in te spannen om de gedetineerde zelf in staat te stellen zich op zijn terugkeer in de samenleving voor te bereiden, mits en zolang hij dat zelf tenminste wil, zich daarvoor inzet en daar ook zijn verantwoordelijkheid voor neemt. Deze bijdrage bespreekt enkele voorbeelden van de doorgevoerde en aangekondigde veranderingen in het penitentiair recht en betoogt dat deze wijzigingen al met al een forse achteruitgang van de rechtspositie van en rechtszekerheid voor gedetineerden met zich brengen.


Prof.mr. S. (Sanne) Struijk
Sanne Struijk is bijzonder hoogleraar penologie en penitentiair recht aan de Rijksuniversiteit Groningen en tevens universitair hoofddocent straf(proces)recht aan Erasmus School of Law.
Artikel

Access_open De uitzondering bevestigd: het ne bis in idem-beginsel in recente rechtspraak van de Hoge Raad in het licht van de ratio van het ne bis in idem-beginsel en vanuit Europees perspectief

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden bis, alcoholslotprogramma, criminal charge, onevenredige bestraffing, cumulatie van procedures
Auteurs Mr. W. (Willemijn) Albers en Mr. T.M. (Tessa) de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bespreekt recente rechtspraak van de Hoge Raad inzake het ne bis in idem-beginsel na het Alcoholslotprogramma-arrest. Hieruit blijkt dat dat een vergelijking met dit arrest niet opgaat en dat het arrest een uitzonderingspositie in blijft nemen. Ook wordt de rechtspraak beschouwd en gewaardeerd in het licht van de ratio van het ne bis in idem-beginsel en vanuit Europees perspectief. Geconcludeerd wordt dat de nadruk, zowel in nationale als in Europese context, (steeds meer) lijkt te liggen op evenredige bestraffing bij cumulatie van procedures, zodat recht wordt gedaan aan de materiële grondslag van het ne bis in idem-beginsel.


Mr. W. (Willemijn) Albers
Mr. W. Albers is docent Straf(proces)recht bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen aan de Universiteit Utrecht.

Mr. T.M. (Tessa) de Groot
Mr. T.M. de Groot is wetenschappelijk medewerker bij de Hoge Raad der Nederlanden. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Stand van zaken van het straf(proces)recht in Aruba, Curaçao, Sint Maarten en op de BES-eilanden

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2019
Trefwoorden Caribische strafvordering, herziening straf(proces)recht, verhoorsbijstand, modernisering
Auteurs Mr. J.H.J. Verbaan
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt de status van de invoering van het Wetboek van Strafvordering in het Caribisch deel van het Koninkrijk. Hij bespreekt tevens de ontvangst van de reeds ingevoerde Wetboeken van Strafrecht en de strafrechtelijke uitvoeringswetgeving en gaat in op het nut en de noodzaak van een nieuw strafprocesrecht. De auteur bespreekt ook enige specifieke voorstellen in het beoogde Wetboek van Strafvordering en staat tot slot stil bij de effecten die het project Modernisering Strafvordering in Europees Nederland op die regelgeving heeft.


Mr. J.H.J. Verbaan
Mr. J.H.J. Verbaan is werkzaam als wetenschappelijk onderzoeker bij de sectie Strafrecht van de Erasmus Universiteit Rotterdam. In die hoedanigheid maakt hij ook deel uit van het Antilliaanse projectteam van prof. mr. H. de Doelder. Dit projectteam heeft bijstand verleend bij de totstandkoming van het nieuwe Wetboek van Strafrecht, alsmede de herziening van het Caribisch Wetboek van Strafvordering.
Artikel

De veranderingen en groei van het Tweede Boek van het Wetboek van Strafrecht. Een historische analyse van zijn externe structuur in de periode 1886-2017

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2019
Trefwoorden Strafrechtsgeschiedenis, Wetboek van Strafrecht, Historische Criminologie, Historisch Wetboek van Strafrecht (HWvSr)
Auteurs Marieke Meesters, Prof. Paul Nieuwbeerta en Prof. dr. Jeroen ten Voorde
SamenvattingAuteursinformatie

    Recently a project was started that aims to systematically describe and explain the developments in the Criminal Code for the period 1886 - 2017. This article presents the first results of this new project, called the Historical Criminal Code (HWvSr). An overview is given of the long-term developments in the structure – the ‘external’ structure – of the Second Book of the Criminal Code since 1886. The analyzes show that its scope has been substantially expanded over the last 130 years, but also that various articles and article parts have been deleted. The article describes the most important changes in terms of both quantity and content.


Marieke Meesters
Marieke Meesters was in 2014 en 2017 onderzoeker bij het Instituut Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden en momenteel promovenda bij de Wageningen Universiteit.

Prof. Paul Nieuwbeerta
Prof. Paul Nieuwbeerta is hoogleraar Criminologie bij het Instituut Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden.

Prof. dr. Jeroen ten Voorde
Prof. dr. Jeroen ten Voorde is universitair hoofddocent Straf- en procesrecht bij het Instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden en bijzonder hoogleraar Strafrechtsfilosofie (leerstoel Leo Polak) aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Wetgeving straf- en strafprocesrecht in Aruba, Curaçao en Sint Maarten

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Caribisch, Antillen, Wetgeving, Strafrecht, Strafprocesrecht
Auteurs Mr. J.H.J. Verbaan en mr. B.A. Salverda
SamenvattingAuteursinformatie

    In de voormalige Nederlandse Antillen en Aruba is al enige tijd een herziening gaande van het straf- en strafprocesrecht. Onlangs is door de commissie herziening Wetboek van Strafvordering een vernieuwd concept aangeboden aan de ministers van Justitie van Aruba, Curaçao en Sint Maarten. In dit artikel wordt de huidige stand van zaken van de strafwetgeving en de wetgeving op het gebied van het strafprocesrecht weergegeven. In het artikel is betoogd een snelle invoering van het vernieuwde strafprocesrecht wenselijk en noodzakelijk is. Ook voor de invoering van het strafprocesrecht geldt het beginsel ‘lites finiri oportet’.


Mr. J.H.J. Verbaan
Mr. J.H.J. Verbaan is werkzaam als wetenschappelijk onderzoeker bij de sectie Strafrecht van de Erasmus Universiteit Rotterdam. In die hoedanigheid maakt hij ook deel uit van het Antilliaanse projectteam van prof. De Doelder. Dit projectteam heeft bijstand verleend bij de totstandkoming van het nieuwe Wetboek van Strafrecht, alsmede de herziening van het Caribisch Wetboek van Strafvordering. Momenteel draagt hij bij aan het proces van invoering van het Wetboek van Strafvordering en bijbehorende uitvoeringswetgeving.

mr. B.A. Salverda
Mr. B.A. Salverda is werkzaam als wetenschappelijk onderzoeker bij de sectie Strafrecht van de Erasmus Universiteit Rotterdam. In die hoedanigheid maakt zij ook deel uit van het Antilliaanse projectteam van prof. De Doelder. Dit projectteam heeft bijstand verleend bij de totstandkoming van het nieuwe Wetboek van Strafrecht, alsmede de herziening van het Caribisch Wetboek van Strafvordering. Momenteel draagt zij bij aan het proces van invoering van het Wetboek van Strafvordering en bijbehorende uitvoeringswetgeving.
Consumenten

Modernisering van het Europese consumentenrecht: meer vlees op het bot (I)

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden handhaving, online marktplaatsen, informatieplichten, dynamic pricing, bedenktijd
Auteurs Prof. dr. M.B.M. Loos
SamenvattingAuteursinformatie

    In eerdere publicaties ben ik ingegaan op de Mededeling ‘Een New Deal voor consumenten’ en het daarmee samenhangende voorstel voor een moderniseringsrichtlijn. In dit artikel bespreek ik de verdere voortgang van het richtlijnvoorstel, waar inmiddels politieke overeenstemming over is bereikt. Daarin staat de vraag centraal of de moderniseringsrichtlijn in haar uiteindelijke vorm de in de New Deal-mededeling gedane belofte waarmaakt van modernisering en verbetering van de handhaving van het consumenten-acquis. In het eerste deel van deze bijdrage richt ik mij daartoe op de individuele en publiekrechtelijke handhaving van het consumentenrecht en op dynamic pricing en informatieverplichtingen voor online marktplaatsen. In het tweede deel ga ik in op de vraag met wie de consument eigenlijk contracteert als de overeenkomst via een online marktplaats wordt gesloten, op enkele vereenvoudigingen voor handelaren en op de herziene regels voor de bedenktijd van consumenten. Ik rond dan af met een conclusie.

    • Voorstel van 11 april 2018 voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn 93/13/EEG van de Raad van 5 april 1993, Richtlijn 98/6/EG van het Europees Parlement en de Raad, Richtlijn 2005/29/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 2011/83/EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft betere handhaving en modernisering van de regels voor consumentenbescherming in de EU, COM(2018) 185 final;

    • Tekst politiek akkoord richtlijnvoorstel van 29 maart 2019, Openbaar register van Raadsdocumenten, Interinstitutioneel dossier 2018/0090(COD), nummer document: ST 8021 2019 INIT.


Prof. dr. M.B.M. Loos
Prof. dr. M.B.M. (Marco) Loos is als hoogleraar verbonden aan het Centre for the Study of European Contract Law van de Universiteit van Amsterdam.
Redactioneel

Herstelgericht en slachtofferbewust reclasseren

Kansrijke detentiepraktijken en dubbelzinnige beleidsuitgangspunten

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 2 2019
Auteurs Bas van Stokkom en Annemieke Wolthuis
Auteursinformatie

Bas van Stokkom
Bas van Stokkom is hoofdredacteur van dit tijdschrift. Hij is verbonden aan de vaksectie Strafrecht & Criminologie, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Radboud Universiteit Nijmegen. Tot de thema’s die in zijn onderzoek aan bod komen behoren politie, burgerschap en lokale veiligheidszorg, straftheorie en herstelrecht. www.basvanstokkom.nl

Annemieke Wolthuis
Annemieke Wolthuis is juriste en bestuurslid van het European Forum for Restorative Justice.
Consumenten

Oude wijn in nieuwe zakken? Modernisering van het Europese consumentenrecht (II)

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2018
Trefwoorden consumentenbescherming, Fitness check
Auteurs Prof. dr. M.B.M. Loos
Auteursinformatie

Prof. dr. M.B.M. Loos
Prof. dr. M.B.M. (Marco) Loos is als hoogleraar verbonden aan het Centre for the Study of European Contract Law van de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

‘Keeping up appearances’? De verschijningsplicht van de verdachte bij de terechtzitting en de uitspraak

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 2 2018
Trefwoorden aanwezigheidsrecht, verschijningsplicht, onschuldpresumptie, slachtoffers
Auteurs Mr. dr. M. van Noorloos
SamenvattingAuteursinformatie

    De modernisering van het Wetboek van Strafvordering is aangegrepen om een principieel vraagstuk uit de regeling over de berechting te herzien: de verplichte aanwezigheid van de verdachte bij het onderzoek ter terechtzitting en bij de openbare uitspraak. In deze bijdrage wordt onderzocht wat de inhoud en achtergrond van deze voorstellen zijn en wordt een oordeel gegeven over deze verschijningsplichten in het licht van de verschillende rationales die een verschijningsplicht zou kunnen vervullen – rationales die op hun beurt voortvloeien uit de functies van het straf(proces)recht. Daarbij wordt ook ingegaan op de mogelijke neveneffecten en de risico’s voor fundamentele rechten (met name de onschuldpresumptie).


Mr. dr. M. van Noorloos
Mr. dr. M. (Marloes) van Noorloos is universitair hoofddocent straf(proces)recht aan Tilburg University

    In dit artikel wordt ingegaan op het voorstel van de Europese Commissie voor een betere handhaving van de Europese regels voor consumentenbescherming en de modernisering van deze regels en de samenhang met de Mededeling van de Commissie ‘Een “new deal” voor consumenten’. In het tweede deel van deze bijdrage, dat in het volgende nummer van dit blad verschijnt, zal worden nagegaan of met de gedane voorstellen recht wordt gedaan aan de resultaten van de in 2017 uitgevoerde fitness check, welke bedoeld was om te onderzoeken in hoeverre het consumenten-acquis nog voldoende is toegerust voor de bescherming van consumenten en handelaren in staat stelt om gebruik te maken van de interne markt.

    • Voorstel van 11 april 2018 voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn 93/13/EEG van de Raad van 5 april 1993, Richtlijn 98/6/EG van het Europees Parlement en de Raad, Richtlijn 2005/29/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 2011/83/EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft betere handhaving en modernisering van de regels voor consumentenbescherming in de EU, COM(2018)185 final

    • Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad en het Europees Economisch en Sociaal Comité: ‘Een “new deal” voor consumenten’, Mededeling van 11 april 2018, COM(2018)183 final


Prof. dr. M.B.M. Loos
Prof. dr. M.B.M. (Marco) Loos is als hoogleraar verbonden aan het Centre for the Study of European Contract Law van de Universiteit van Amsterdam.
Consumenten

Access_open The New Consumer Deal

Een gamechanger op het gebied van de afwikkeling van massaclaims?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2018
Trefwoorden Massaschade, Groepsvordering, Toezichthouder, Consumentenvereniging, New Consumer Deal
Auteurs Mr. dr. B. van Hattum
SamenvattingAuteursinformatie

    De Europese Commissie heeft als onderdeel van een New Consumer Deal (hierna: de Deal) een richtlijnvoorstel gepubliceerd waar de invoering van een groepsvordering in de Europese Unie wordt voorgesteld om te kunnen garanderen dat de Europese consument ten volle van zijn rechten als EU-burger kan genieten. De Commissie kiest voor het toebedelen van de groepsvordering aan een met specifieke voorwaarden omklede entiteit. In de praktijk zal dit neerkomen op het toekennen van een groepsvordering aan een consumentenvereniging, een voor een specifieke vorm van massaschadeafwikkeling opgerichte en door de overheid ondersteunde stichting en/of een toezichthouder. In hoeverre is deze keuze van de Commissie een gamechanger in het speelveld van massaschadeafwikkeling en zal de invoering van een groepsvordering bijdragen aan het door de commissie beoogde doel van het waarborgen van de rechten van de EU-burger?
    Voorstel betreffende representatieve vorderingen ter bescherming van de collectieve belangen van consumenten en tot intrekking van Richtlijn 2009/22/EG. Brussels 11 april 2018, COM(2018)184 final 2018/0089 (COD).


Mr. dr. B. van Hattum
Mr. dr. B. (Bonne) van Hattum is verbonden als wetenschapper aan de Universiteit van Amsterdam en als beleidsmedewerker bij de Autoriteit Financiële Markten (AFM). Zij schrijft dit artikel op persoonlijke titel.
Column

Op bezoek bij gedetineerden

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1 2018
Auteurs Janine Janssen
Auteursinformatie

Janine Janssen
Janine Janssen is hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld van de Nationale Politie, lector Veiligheid in afhankelijkheidsrelaties aan Avans Hogeschool en voorzitter van de redactie van PROCES.
Artikel

Wetsvoorstel collectieve schadevergoedingsactie: een oplossing voor welk probleem ook alweer?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2017
Trefwoorden wetsvoorstel collectieve schadevergoedingsactie, massaschade, schadevergoeding, collectieve actie, collectieve rechtshandhaving
Auteurs Prof. mr. I.N. Tzankova
SamenvattingAuteursinformatie

    Het wetsvoorstel werd ingevoerd als gevolg van de motie Dijksma, die de positie van belangenorganisaties in collectieve schadevergoedingsacties moest verbeteren. Terwijl het systeem van de exclusieve belangenbehartiger in combinatie met het voorgestelde opt-outregime vroeg in de procedure verweerders een grote dienst bewijst, doet het wetsvoorstel weinig voor de adequate financiering van collectieve acties, waardoor een tekort aan rechtsbescherming dreigt. De auteur pleit voor een wettelijke introductie van de ‘common fund’, gekoppeld aan de bevoegdheid voor de rechter om de ‘success fee’ voor de procesfinanciers te bepalen. Dit dient wel te worden geflankeerd door een passende opleiding en training van de rechters die over collectieve acties oordelen. Ook dient de registratieplicht te worden uitgebreid met rapportageplicht aan het einde van een collectieve actie of schikking.


Prof. mr. I.N. Tzankova
Prof. mr. I.N. Tzankova is hoogleraar Global Dispute Resolution and Mass Claims aan Tilburg University en zelfstandig adviseur.

Maartje van der Woude Mr. dr. MSc
Mr. dr. M.A.H. van der Woude, MSc is strafjurist en criminoloog en als universitair hoofddocent Straf(proces)recht werkzaam bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden. Zij is tevens werkzaam als rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Noord-Holland.
Toont 1 - 20 van 47 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.