Zoekresultaat: 66 artikelen

x
Article

Access_open Is the CJEU discriminating in age discrimination cases?

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2020
Trefwoorden age discrimination, old people, young people, complete life view, fair innings argument
Auteurs Beryl ter Haar
SamenvattingAuteursinformatie

    Claims have been made that the Court of Justice of the European Union (CJEU) is more lenient in accepting age discriminating measures affecting older people than in those affecting younger people. This claim is scrutinised in this article, first, by making a quantitative analysis of the outcomes of the CJEU’s case law on age discrimination cases, followed by a qualitative analysis of the line of reasoning of the CJEU in these cases and concluding with an evaluation of the Court’s reasoning against three theoretical approaches that set the context for the assessment of the justifications of age discrimination: complete life view, fair innings argument and typical anti-discrimination approach. The analysis shows that the CJEU relies more on the complete life view approach to assess measures discriminating old people and the fair innings argument approach to assess measures discriminating young people. This results in old people often having to accept disadvantageous measures and young workers often being treated more favourably.


Beryl ter Haar
Beryl ter Haar is assistant professor and academic coordinator of the Advanced LL.M. Global and European Labour Law at Leiden University and visiting professor at the University of Warsaw.

Nadine Groeneveld-Tijssens
Mr. dr. N.E. Groeneveld-Tijssens is cassatieadvocaat bij Linssen cs Advocaten. Zij is tevens als fellow verbonden aan Tilburg University.
Artikel

Access_open Religie op het werk?

Over positieve en negatieve godsdienstvrijheid bij private ondernemingen en tendensondernemingen

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2020
Auteurs Leni Franken en François Levrau
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article we elaborate on the place of religion in the workplace. Does the individual freedom of religion imply that employers must always accommodate the religious claims of employees or can they boast a number of arguments allowing them to legitimately limit that freedom? And, conversely, do employers not also have a right to freedom of religion and a right to formulate certain religious expectations for their employees? In this contribution, we deal with these and related questions from a legal-philosophical perspective. The overall aim is to illustrate the extent to which univocal answers are jeopardized because of conceptual ambiguities. We first make a normative distinction between two strategies (i.e. difference-blind approach and difference-sensitive approach) and subsequently illustrate and elaborate on how and why these strategies can lead to different outcomes in legal cases. We illustrate the extent to which a contextual and proportional analysis can be a way out in theoretical and practical conundrums.


Leni Franken
Leni Franken is senior researcher and teaching assistant at the University of Antwerp.

François Levrau
François Levrau is senior researcher and teaching assistant at the University of Antwerp.
Artikel

De BGK-vordering in een deelgeschilprocedure

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2019
Trefwoorden deelgeschil, buitengerechtelijke kosten, dubbele redelijkheidstoets, artikel 1019w Rv, artikel 6:96 lid 2 BW
Auteurs Mr. R.D. Leen
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat de vraag centraal hoe de deelgeschilrechter aankijkt tegen het voorleggen van een BGK-geschil in de recente jurisprudentie. Een BGK-geschil kan worden voorgelegd in een deelgeschilprocedure. Rechters gaan wisselend om met de toepassing van de formele vereisten die gelden voor een deelgeschilprocedure. Een harde grens wordt getrokken indien sprake is van misbruik van procesrecht. Indien het BGK-geschil voldoet aan de formele vereisten, is het aan de rechter om te beoordelen of de BGK inhoudelijk aan de dubbele redelijkheidstoets voldoen. Het feit dat sprake is van een BGK-geschil kan op de dubbele redelijkheidstoets van invloed zijn.


Mr. R.D. Leen
Mr. R.D. Leen is advocaat bij WIJ Advocaten in Amsterdam.
Artikel

Meer straffen, minder schuld: de toekomst van de penologie

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2019
Trefwoorden penology, punishment, administrative sanctions, algorythms & punishment
Auteurs Prof. dr. Miranda Boone
SamenvattingAuteursinformatie

    Two developments are discussed that have a significant influence on the scope and content of the penology of the future, but otherwise have little to do with each other: The expansion of the sentencing field has resulted in a completely fluid research field. However, the important questions of penology can only be answered by integrally mapping and analyzing that sentencing field. For that reason, penology should radically free itself of the limitation of its field of research to the penal sanction. Ongoing insight into the functioning of the brain and the predictability of behavior on the basis of algorithms shine a different light on the portraits of mankind on which we base punishment. It also exposes a range of new possibilities to influence behavior and prevent criminal behavior. It is also part of the research field of penology to question which of those possibilities we want to use and under which conditions.


Prof. dr. Miranda Boone
Prof. dr. M.M. Boone is hoogleraar Criminologie en Vergelijkende Penologie aan de Universiteit Leiden.

Prof. dr. R.A.J. van Gestel
Prof. dr. R.A.J. van Gestel is hoogleraar Regulering en Juridische methoden en technieken aan de Tilburg Law School.

Mr. dr. J. Sybesma
Mr. dr. J. Sybesma is lid van de redactie van het Caribisch Juristenblad.
Artikel

Urgenda en de beoordeling van macro-argumenten

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2019
Trefwoorden Urgenda, Macro-argumenten en macro-effecten, public interest litigation, positieve verplichtingen, rechterlijke risicoregulering
Auteurs Mr. dr. E.R. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Urgenda-arrest illustreert de vragen die ontstaan ten aanzien van de rol die de civiele rechter kan en wellicht ook moet vervullen bij het vormgeven van het publieke leven van het civiele aansprakelijkheidsrecht. In deze bijdrage wordt ingegaan op de vraag hoe de civiele rechter daarbij om kan gaan met macroargumenten.


Mr. dr. E.R. de Jong
Mr. dr. E.R. de Jong is als universitair hoofddocent verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) en het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.
Externe betrekkingen

Amerikaanse sancties op Iran en de Europese blokkeringsverordening: Europese ondernemingen in een lastige spagaat

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden blokkeringsverordening, internationale sancties, Iran, Verenigde Staten, Blocking Statute
Auteurs Mr. N.M.D. van der Aa en Mr. S.H. Stax
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs de reactie van de Europese Unie op de hernieuwde economische sancties vanuit de Verenigde Staten (VS) op Iran. Deze sancties zijn in 2018 weer van kracht geworden nadat de VS zich terugtrok uit het Joint Comprehensive Plan of Action, ook wel bekend als het Iraanse atoomakkoord. In het bijzonder gaan de auteurs in op de werking van de Europese blokkeringsverordening. Dit wetgevingsinstrument beoogt Europese bedrijven die handel drijven met Iran te beschermen tegen de dreiging van Amerikaanse sancties, maar zorgt eerder voor meer moeilijkheden.
    Verordening (EG) 2271/96 van de Raad van 22 november 1996 tot bescherming tegen de gevolgen van de extraterritoriale toepassing van rechtsregels uitgevaardigd door een derde land daarop gebaseerde of daaruit voortvloeiende handelingen, PbEG 1996, L 309/1.


Mr. N.M.D. van der Aa
Mr. N.M.D. (Neyah) van der Aa is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam.

Mr. S.H. Stax
Mr. S.H. (Seppe) Stax is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam.
Artikel

Deskundigenbewijs en equality of arms bij WIA-zaken

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 10 2018
Auteurs Paulien Willemse en Ivo van der Helm
Auteursinformatie

Paulien Willemse
Paulien Willemsen is advocaat bestuursrecht bij LNW advocaten en mediators in Utrecht, universitair docent Staats- en Bestuursrecht van de Universiteit Utrecht en advocaatredactielid van dit blad.

Ivo van der Helm
Ivo van der Helm is universitair docent Arbeidsrecht en Sociaal Beleid aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open Van Middelburg tot Almelo. Het hoe en waarom van prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie door Nederlandse lagere rechters

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Prejudiciële procedure, Hof van Justitie van de Europese Unie, Nationale rechters, Motieven om te verwijzen, rechtspolitiek
Auteurs Dr. Jasper Krommendijk LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft baanbrekende uitspraken gedaan, vooral als gevolg van prejudiciële vragen van nationale rechters op grond van art. 267 VWEU. Het zijn vooral niet-verwijzingsplichtige lagere rechters geweest die voor deze aanvoer hebben gezorgd. Dit artikel onderzoekt hoe dit kan worden verklaard en kijkt naar de motieven van Nederlandse lagere rechters om al dan niet prejudiciële vragen te stellen aan het HvJ. Het doet dit op basis van interviews met 22 rechters en een uitgebreide juridische analyse van uitspraken. Dit artikel toont aan dat met name pragmatische en praktische overwegingen een rol spelen bij het besluit om te verwijzen. Daarnaast laat dit artikel zien dat er meer verschillen zijn binnen een lidstaat dan tussen lidstaten onderling, met name tussen gerechtelijke instanties en individuele rechters.

    The Court of Justice of the European Union has rendered landmark cases, especially following references for a preliminary ruling from national courts on the basis of Art. 267 TFEU. Primarily lower courts that are not obliged to refer have been responsible for such cases. This article examines how these references of lower courts can be explained by focusing on the motives of the Dutch lower court judges to refer, or not to refer. It does so on the basis of interviews with 22 judges and an extensive legal analysis of judgments. This article shows that practical and pragmatic considerations play an important role in the court’s decision to refer. In addition, there are more differences within one Member States than between EU Member States, especially between particular courts and individual judges.


Dr. Jasper Krommendijk LLM
Jasper Krommendijk is universitair docent Europees recht aan de Radboud Universiteit.

    In dit vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie gaat het kort gezegd om de vraag of de rechter alhier acht dient te slaan op behoorlijk in het geding gebrachte producties die in een andere taal dan de Nederlandse zijn gesteld. In casu ging het in een procedure over lichamelijk letsel om producties in de Spaanse taal.


Mr. P. Klik
Mr. P. Klik was voorheen lector aan de University of Curaçao Dr. Moises da Costa Gomez en is thans werkzaam als consultant.
Artikel

Synodaliteit: nieuw elan in kerkelijk leiderschap

Een kerkrechtelijke bijdrage aan de ontwikkeling van kerkelijk bestuur in het spoor van het Tweede Vaticaans Concilie

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2018
Trefwoorden katholieke kerk, canoniek recht, synodaliteit, bestuursrecht, vernieuwing
Auteurs Dr. Ad van der Helm
SamenvattingAuteursinformatie

    The article is a plea to reconsider the new impetus that the second Vatican council in the catholic church has brought about, and to give it shape in the ecclesiastical administration of the catholic church. After a period of strong renewal this movement seems to be evaporated in the Netherlands, whereas this council and the code of 1983 have a lot of opportunities to offer. On the basis of a number of concrete examples of administrative reforms that Pope Francis and some of the newly appointed bishops have realized, the author offers some concrete proposals.


Dr. Ad van der Helm
Dr. A. van der Helm is priester van het bisdom Rotterdam en werkzaam in een parochie in Den Haag. Hij studeerde theologie in Amsterdam en canoniek recht in Strasbourg. Sedert 2012 is hij halftijds hoofddocent Canoniek recht aan de Katholieke Universiteit Leuven en gespecialiseerd in de juridische en de bestuurlijke vernieuwing van de parochie. Tevens is hij in Den Haag voorzitter van de Raad van Kerken. Email: A.vanderhelm@kuleuven.be.
Jurisprudentie

Nieuw licht op de arbeidsrechtelijke omkeringsregel?

HR 6 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:536

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2018
Trefwoorden aansprakelijkheidsrecht, werkgeversaansprakelijkheid, asbest, arbeidsrechtelijke omkeringsregel
Auteurs Mr. Veneta Oskam
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij beantwoording van de vraag of causaal verband aanwezig is tussen de asbestblootstelling en het ontstaan van mesothelioom, en of ter vaststelling hiervan de arbeidsrechtelijke omkeringsregel moet worden toegepast, is – overeenkomstig de arresten HR 7 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ1717 (SVB/Van der Wege) en ECLI:HR:2013:BZ1721 (Lansink/Ritsma) – van belang dat het verband tussen de gezondheidsschade en de arbeidsomstandigheden niet te onzeker dan wel te onbepaald dient te zijn. De Hoge Raad bekrachtigt het oordeel van het hof dat de enkele blootstelling aan asbest onvoldoende is om toepassing te geven aan de omkeringsregel. De in de eerdergenoemde arresten vastgestelde regels gelden ook bij schade als gevolg van mesothelioom. Ook hier kan het causaal verband te onzeker of te onbepaald zijn wanneer de werknemer ook buiten de werkzaamheden aan asbest blootgesteld is geweest. Daarom komt, gelet op hetgeen in het algemeen bekend is omtrent de ziekte mesothelioom en haar oorzaak, betekenis toe aan (1) de duur en de intensiteit van de blootstelling bij deze werkgever, en in voorkomend geval (2) de duur en de intensiteit van andere blootstelling(en) aan asbest gedurende de latentieperiode en (3) de verhouding tussen (1) en (2).


Mr. Veneta Oskam
Mr. V. Oskam is werkzaam als advocaat bij V&A Advocaten te Rotterdam.
Artikel

Scheidslijnen tussen kansschade, proportionele aansprakelijkheid en de omkeringsregel

Enkele praktische opmerkingen over verschillen tussen deze drie leerstukken naar aanleiding van HR 27 oktober 2017, ECLI:NL:HR:2017:2786

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2018
Trefwoorden aansprakelijkheid, bewijs, kansschade, beroepsfout, schade
Auteurs Mr. J. den Hoed
SamenvattingAuteursinformatie

    Het hier te bespreken arrest, waarin aan de orde was of een ziekenhuis aansprakelijk is voor schade als gevolg van een te laat uitgevoerde operatie, geeft aanleiding voor enkele gedachten over en praktische wenken voor de afbakening van kansschade, proportionele aansprakelijkheid en de omkeringsregel ten opzichte van elkaar. De drie figuren komen hier samen. Getracht wordt de grenzen nader in kaart te brengen.


Mr. J. den Hoed
Mr. J. den Hoed is cassatieadvocaat bij Köster Advocaten te Haarlem.
Jurisprudentie

Hof van Justitie van de EU: leeftijdsdiscriminatie van 25-jarigen mag … of toch niet?

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Leeftijdsdiscriminatie, Jeugdbeleid, Abercrombie & Fitch, Oproepcontract, Jeugdwerkgelegenheid
Auteurs Dr. mr. B.P. ter Haar
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 19 juli 2017 deed het Hof van Justitie van de Europese Unie uitspraak in de zaak Abercrombie & Fitch. Een opmerkelijke uitspraak, want het Hof acht het gerechtvaardigd dat een oproepcontract automatisch eindigt louter en alleen omdat de werknemer de leeftijd van 25 jaar heeft bereikt. In voorgaande arresten waar jongeren anders werden behandeld vanwege hun leeftijd leek het Hof heel strikt te zijn en die niet te accepteren. Is de uitspraak in de zaak Abercrombie & Fitch het begin van een andere houding of toch niet? In deze bijdrage onderzoekt de auteur dit door de uitspraak te plaatsen in de bredere context van leeftijd als discriminatiegrond en het Europese jeugdbeleid. Tegen die achtergrond is tot op zekere hoogte begrijpelijk waarom het Hof de Italiaanse maatregel gerechtvaardigd acht. Echter, met A-G Bobek, komt de auteur tot de conclusie dat voor de essentie van de maatregel leeftijd helemaal niet nodig is als onderscheidend criterium en dat het Hof in deze uitspraak eigenlijk een scheve schaats rijdt.


Dr. mr. B.P. ter Haar
Dr. mr. B.P ter Haar is universitair docent Europees en internationaal arbeidsrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Daders en herstel tijdens detentie: de cursussen Puinruimen, SOS en DAPPER

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Puinruimen, SOS, DAPPER, Herstelgerichte cursus, detentie
Auteurs Sven Zebel, Marieke Vroom en Elze Ufkes
SamenvattingAuteursinformatie

    The Dutch Custodial Institutions Agency (DJI) strives for a more restorative prison culture in the Netherlands, incorporating a more victim-oriented and restorative way of working in prisons. To this end, DJI has asked for a plan and process evaluation of three restorative courses among (juvenile and adult) prisoners in the Netherlands: Puinruimen, SOS and DAPPER. This article first offers an overview of the most important findings of this evaluation which was finalized in 2016. Based on the findings of the plan evaluation, a cautious yet clearly positive picture emerges of the design and substantiation of each of the three courses examined. That is, an extensive description and substantiation exists of each course. In addition, evidence exists in the (limited) scientific literature for one of the goals that each of these courses have formulated: to increase prisoners’ awareness of the consequences of crime for victims. The literature also suggests that creating trust among participants and a safe group process during the course is helpful in attaining the goals formulated. The process evaluation of the execution of the three courses in practice further strengthens the cautious, yet positive picture painted by the plan evaluation. An examination of the experiences of the courses’ participants lends further support to the observation that these courses can attain part of their goals. For example, after the course participants were more positive about the added value of victim-offender mediation for them personally than before.
    Aside from these findings, this article also argues for a deeper consideration of the constructive roles that both emotions guilt and shame can play in the restorative process of prisoners during these courses. The article ends with a number of recommendations for restorative courses in prison and a sketch of the current state of affairs in the Netherlands regarding these courses.


Sven Zebel
Sven Zebel is universitair docent aan de vakgroep Psychologie van Conflict, Risico en Veiligheid van de Universiteit Twente.

Marieke Vroom
Marieke Vroom is freelance journalist en tekstschrijver en werkte als onderzoeker aan de Universiteit Twente.

Elze Ufkes
Elze G. Ufkes is universitair docent aan de vakgroep Psychologie van Conflict, Risico en Veiligheid van de Universiteit Twente.

Mr. dr. R.R. Verkerk
Mr. dr. R.R. Verkerk is advocaat bij Houthoff Buruma in Rotterdam.
Artikel

Terrorisme- en radicaliseringsstudies

Een explosief onderzoeksveld

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2017
Trefwoorden terrorism studies, radicalization studies, definition, analysis levels, pitfalls
Auteurs Prof.dr. B.A. de Graaf
SamenvattingAuteursinformatie

    Studying terrorism and radicalization is quite problematic because of a lack of reliable sources. Finding out what motivates terrorists often boils down to educated guessing. The author describes the search for an academic definition of terrorism and summarizes the development of this discipline since the 1970s, thereby distinguishing research on three levels: macro, micro and meso. While before 9/11 few academics were involved in this research field, it ‘exploded’ thereafter. Important factor contributing to this expansion is the greater availability of government funds and relevant data for this type of research. However, the growth of this discipline isn’t just good news, researchers should be aware of a number of pitfalls identified as the proximity to government power, too much self-confidence (hybris) of researchers pretending to have designed a ‘unified theory’, the abundance of funds for this type of research, resulting in a lot of low-quality research, and finally the politicization of the subject, which could limit the academic freedom.


Prof.dr. B.A. de Graaf
Prof. dr. Beatrice de Graaf is als hoogleraar History of International Relations & Global Governance verbonden aan de faculteit Geesteswetenschappen van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Geen behandeling gehad en toch resocialisatie

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Geen behandeling, Resocialisatie, Gevaarlijkheid, Verantwoordelijkheid nemen
Auteurs drs. mr. Dick W. Oppedijk
SamenvattingAuteursinformatie

    A mentally ill patient who commits a violent crime may undergo forced forensic psychiatric admission. Without treatment, he remains dangerous. Sometimes still takes place rehabilitation even though he is not treated.
    The guidance should then be firmly focused on the continuing dangerousness, in order to prevent a recidivism.
    Taking the responsibility for the offense by the inmate, the adherence of him to surveillance and the risk of recidivism must be weighed and confronted together when taking the decision on continuation of the forced admission.


drs. mr. Dick W. Oppedijk
Drs. mr. D.W. Oppedijk is forensisch rapporteur strafrecht, psychiater psychotherapeut, voormalig geneesheer-directeur en algemeen directeur in de tbs.
Jurisprudentie

Tegen de wet

HvJ EU 19 april 2016, C-441/14, ECLI:EU:C:2016:278, JAR 2016/132 (Ajos/Rasmussen)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Contra legem, Algemene beginselen
Auteurs Mr. Peter Vas Nunes
SamenvattingAuteursinformatie

    In april van dit jaar wees het Hof van Justitie van de Europese Unie arrest in de zaak Rasmussen. Hoewel het arrest is gewezen door de Grote Kamer, brengt het weinig dat echt nieuw is. Het arrest biedt wel een goede gelegenheid om in te gaan op een aantal leerstukken die van belang zijn voor beoefenaars van het arbeidsrecht, zoals die met betrekking tot de richtlijnconforme uitleg van nationaal recht en het buiten toepassing laten van dat recht op grond van algemene beginselen van Unierecht.


Mr. Peter Vas Nunes
Mr. P. Vas Nunes is als advocaat en partner verbonden aan BarentsKrans.
Toont 1 - 20 van 66 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.