Zoekresultaat: 38 artikelen

x
Artikel

Over eigendom, personen en zaken

Een historisch vergelijkende beschouwing over de inhoud van eigendom

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2020
Trefwoorden rechtsvorming, natuurrecht, zaak, vermogensrecht, vrijheid
Auteurs Prof. mr. J.M. Milo
SamenvattingAuteursinformatie

    Eigendom verschaft individuele vrijheid in bevoegdheden ten aanzien van zaken. Een historisch vergelijkende analyse in vrijheidsperspectief maakt duidelijk dat ons civiele eigendomsbegrip die bevoegdheden nader kan bepalen, en publieke belangen en plichten kan accommoderen, met oordeel des verstands en rechtvaardigheid, juist als persoon (subject) en zaak (object) bij de analyse worden betrokken.


Prof. mr. J.M. Milo
Prof. mr. J.M. Milo is eerste houder van de wisselleerstoel oudvaderlands recht en hoofddocent aan de Universiteit Utrecht en Fellow bij de South-African Research Chair in Property Law van Stellenbosch University.
Artikel

Access_open Uitdagingen voor het ondernemingsrecht; op weg naar een echt ondernemingsrecht?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2020
Trefwoorden onderneming, vennootschap, stakeholderdenken, digitalisering, corporate governance
Auteurs Prof. mr. L. Timmerman
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur zet uiteen hoe de verhouding tussen onderneming en vennootschap zich vanaf 1900 heeft ontwikkeld. De auteur verwacht dat de invloed van de politiek op de onderneming en vennootschap in de komende jaren zal toenemen. Aan het slot van zijn beschouwing maakt de auteur een paar opmerkingen over de invloed van digitalisering op het vennootschapsrecht.
    ‘The future is unknowable, but the past should give us hope.’1xUitspraak toegeschreven aan Winston Churchill.

Noten

  • * Tekst van een niet uitgesproken oratie bij het aanvaarden van het vijfjarige honoraire hoogleraarschap ondernemingsrecht, in het bijzonder zijn historische ontwikkeling, aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Ik ben de Erasmus Universiteit dankbaar voor het voorrecht van dit hoogleraarschap (op mijn gevorderde leeftijd van 70 jaar). Een eerdere versie van dit betoog hield de auteur op 13 februari 2020 op een bijeenkomst georganiseerd door het Rotterdamse advocatenkantoor Windt Legrand Leeuwenburgh.
  • 1 Uitspraak toegeschreven aan Winston Churchill.


Prof. mr. L. Timmerman
Prof. mr. L. Timmerman is hoogleraar ondernemingsrecht, in het bijzonder zijn historische ontwikkeling, aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

    De grote toestroom van migranten en asielzoekers in de EU houdt vandaag nog steeds verschillende regelgevers wakker. Niet alleen de nationale overheden, maar ook de EU-regelgevers zoeken naarstig naar oplossingen voor de problematiek. Daartoe trachten de EU-regelgevers het Gemeenschappelijk Europees Asielstelsel (GEAS) bij te werken.
    Binnen de groep migranten en asielzoekers bestaat een specifiek kwetsbaar individu: de niet-begeleide minderjarige vreemdeling (NBMV). Hij is zowel vreemdeling als kind en kreeg reeds ruime aandacht binnen de rechtsleer. Nochtans werd deze aandacht niet altijd weerspiegeld in de EU-wetgeving. Het lijkt alsof hij door de regelgevers af en toe uit het oog verloren werd.
    Uit het onderzoek blijkt dat de EU-regelgevers nog een zekere weg te gaan hebben. In de eerste plaats bestaat er wat betreft het geheel aan regels met betrekking tot de NBMV weinig coherentie. De EU-regelgevers zouden bijvoorbeeld meer duidelijkheid kunnen scheppen door een uniforme methode vast te leggen voor de bepaling van de leeftijd van de NBMV. Hetzelfde geldt voor een verduidelijking van de notie ‘het belang van het kind’ binnen asiel en migratie. Verder blijken de Dublinoverdrachten en de vrijheidsontneming van de NBMV nog steeds gevoelige pijnpunten. Hier en daar moet aan de hervorming van het asielstelsel nog wat gesleuteld worden, zodat de rechten van de NBMV optimaal beschermd kunnen worden.
    ---
    Today, the large influx of migrants and asylum seekers into the European Union (EU) keeps several regulators awake. Not only national authorities, but EU regulators too are diligently searching for solutions to the problems. To this end, EU regulators are seeking to update the Common European Asylum System (CEAS).
    There is however a particularly vulnerable individual within the group of migrants and asylum seekers: the unaccompanied alien minor (UAM). These minors already received a great deal of attention within legal doctrine. However, this attention was not always reflected in EU legislation. It seems as if UAM are occasionally lost from sight by the regulators.
    This article shows that the EU regulators still have a certain way to go. First, there is little coherence in the set of rules relating to the UAM. The EU regulators could, for example, create more clarity by laying down a uniform method for determining the age of the UAM. The same applies to a clarification of the notion of 'best interests of the child' within the context of asylum and migration. Second, the proposal for a new Dublin Regulation and the proposal for a new Reception Conditions Directive still appear to be sensitive. Here and there, the reform of the asylum system still needs adjustments, so that the rights of UAM can be optimally protected."


Caranina Colpaert LLM
Caranina Colpaert is PhD researcher

Laura M Henderson
Artikel

Vereenzelviging?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2018
Trefwoorden vereenzelviging, onrechtmatige daad, Rainbow-arrest, doorbraak van aansprakelijkheid, directe doorbraak
Auteurs Mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel gaat de auteur in op de rechtsfiguur vereenzelviging. In de rechtspraak en literatuur heeft de nodige discussie plaatsgevonden over de vraag wanneer nu precies sprake is van vereenzelviging. In deze bijdrage gaat de auteur in op deze discussie, brengt enkele nieuwe gezichtspunten naar voren en zet uiteen wat zijn visie is.


Mr. H. Koster
Mr. H. Koster is verbonden aan de Erasmus School of Law en aan de Universiteit van Dubai.
Artikel

De inrichtingsvrijheid als uitzondering?

Naschrift

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2018
Trefwoorden inrichtingsvrijheid, partijautonomie, rechtspersoon-commissaris, niet-uitvoerende bestuurder, Wet bestuur en toezicht rechtspersonen
Auteurs Mr. K.H.M. de Roo
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage is een naschrift bij de reactie van Lennarts op het pleidooi van de auteur voor de benoembaarheid van rechtspersonen als niet-uitvoerende bestuurder en als commissaris. De auteur bespreekt hoe Lennarts de rechtspersonenrechtelijke inrichtingsvrijheid miskent en hoe de door haar voorgestane inbreuk op de partijautonomie een sluitende rechtvaardiging mist.


Mr. K.H.M. de Roo
Mr. K.H.M. de Roo is als promovendus verbonden aan het Zuidas Instituut voor Financieel recht en Ondernemingsrecht (ZIFO) van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Access_open Crisis in the Courtroom

The Discursive Conditions of Possibility for Ruptures in Legal Discourse

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2018
Trefwoorden crisis discourse, rupture, counterterrorism, precautionary logic, risk
Auteurs Laura M. Henderson
SamenvattingAuteursinformatie

    This article addresses the conditions of possibility for the precautionary turn in legal discourse. Although the precautionary turn itself has been well-detailed in both legal and political discourse, insufficient attention has been paid to what made this shift possible. This article remedies this, starting by showing how the events of 9/11 were unable to be incorporated within current discursive structures. As a result, these discursive structures were dislocated and a new ‘crisis discourse’ emerged that succeeded in attributing meaning to the events of 9/11. By focusing on three important cases from three different jurisdictions evidencing the precautionary turn in legal discourse, this article shows that crisis discourse is indeed employed by the judiciary and that its logic made this precautionary approach to counterterrorism in the law possible. These events, now some 16 years ago, hold relevance for today’s continuing presence of crisis and crisis discourse.


Laura M. Henderson
Laura M. Henderson is a researcher at UGlobe, the Utrecht Centre for Global Challenges, at Utrecht University. She wrote this article as a Ph.D. candidate at the Vrije Universiteit Amsterdam.

    Indigenous claims have challenged a number of orthodoxies within state legal systems, one of them being the kinds of proof that can be admissible. In Canada, the focus has been on the admissibility and weight of oral traditions and histories. However, these novel forms are usually taken as alternative means of proving a set of facts that are not in themselves “cultural”, for example, the occupation by a group of people of an area of land that constitutes Aboriginal title. On this view, maps are a neutral technology for representing culturally different interests within those areas. Through Indigenous land use studies, claimants have been able to deploy the powerful symbolic capital of cartography to challenge dominant assumptions about “empty” land and the kinds of uses to which it can be put. There is a risk, though, that Indigenous understandings of land are captured or misrepresented by this technology, and that what appears neutral is in fact deeply implicated in the colonial project and occidental ideas of property. This paper will explore the possibilities for an alternative cartography suggested by digital technologies, by Indigenous artists, and by maps beyond the visual order.


Kirsten Anker Ph.D.
Associate Professor, McGill University Faculty of Law, Canada. Many thanks to the two anonymous reviewers for their frank and helpful feedback.

    The Court of Appeal has overruled the recent Employment Appeal Tribunal (EAT) decision in Efobi – v – Royal Mail [2017] IRLR 956 (reported in EELC 2017/41), restoring the previous position that a claimant in a discrimination case has the initial burden of proof – which ‘shifts’ to the respondent to provide an explanation of why its conduct was non-discriminatory if a prima facie case is proven.
    The Court of Appeal disagreed with Mrs Justice Elisabeth Laing’s ruling in Efobi, that section136 of the Equality Act 2010 had made a substantial change to the law when it was introduced, on the basis that it could not be fair that a respondent should have to discharge the burden of proof without the claimant first showing that there is a case to be answered. Lord Singh ruled that it could not have been Parliament’s intention to remove this initial burden of proof when it enacted the Equality Act.


Kayleigh Williams
Kayleigh Williams is a paralegal at Lewis Silkin LLP.

    The Employment Appeal Tribunal (EAT) has adopted a new approach to the burden of proof in discrimination cases. Up to now, the courts have held that the claimant must, in the first instance, prove sufficient facts from which (in the absence of any other explanation) an inference of discrimination can be drawn. Once the claimant has established these facts, the burden of proof shifts to the respondent to show that he or she did not breach the provisions of the Act. The EAT has now said that courts should consider all of the evidence (both the claimant’s and the respondent’s) when making its finding of facts, in order to determine whether or not a prima facie case of discrimination has been made out. It is then open to the respondent to demonstrate that there was no discrimination. This is an important development in how the burden of proof is dealt with in discrimination cases. It clarifies that it is not only the claimant’s evidence which will be scrutinised in determining whether the burden of proof has shifted, but also the respondent’s evidence (or lack thereof).


Hannah Price
Hannah Price is a Legal Director at Lewis Silkin LLP.
Praktijk

Recht doen aan wat partijen bedoelen

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2017
Trefwoorden Uitleg, Haviltex, Cao, sociaal plan, Redelijkheid en billijkheid, Onvoorziene omstandigheden
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Het leerstuk van de uitleg van overeenkomsten blijft in beweging. Waar in 1981 en 1993 de grenspalen werden geslagen door ontwikkeling van de Haviltex-norm en de cao-norm, is sindsdien binnen die norm verfijnd. In 2004 oordeelde de Hoge Raad in DSM/Fox dat tussen beide normen een vloeiende overgang bestaat. Tussen de Haviltex- en cao-norm bleef evenwel een waterscheiding bestaan. Op 25 november 2016 sloeg de Hoge Raad in zijn arrest FNV/Condor een brug tussen cao en Haviltex. Bij uitleg gaat het om wat concreet met een bepaling is bedoeld, niet om wat partijen zouden hebben gewild als ze overal rekening mee hadden gehouden, aldus de Hoge Raad in zijn arrest Flexabram/Iprem van 9 december 2016. Beide arresten worden in deze bijdrage besproken.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

Access_open ‘Should the People Decide?’ Referendums in a Post-Sovereign Age, the Scottish and Catalonian Cases

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 2 2016
Trefwoorden sub-state nationalism, referendums, sovereignty, deliberative democracy, Scottish referendum
Auteurs Stephen Tierney
SamenvattingAuteursinformatie

    This article uses the rise of referendum democracy to highlight the tenacity of modern nationalism in Western Europe. The proliferation of direct democracy around the world raises important questions about the health of representative democracy. The paper offers a theoretical re-evaluation of the role of the referendum, using the 2014 referendum on Scottish independence to challenge some of the traditional democratic criticisms of popular democracy. The final part of the paper addresses the specific application of referendums in the context of sub-state nationalism, addressing what might be called `the demos question'. This question was addressed by the Supreme Court in Canada in the Quebec Secession Reference but has also been brought to the fore by the Scottish reference and the unresolved issue of self-determination in Catalonia.


Stephen Tierney
Stephen Tierney is Professor of Constitutional Theory at the University of Edinburgh and Director of the Edinburgh Centre for Constitutional Law.
Artikel

Het belang van grootouders in hedendaagse gezinnen en het recht op omgang met kleinkinderen

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2016
Trefwoorden grandparents, grandchildren, child care, rights of access, intergenerational solidarity
Auteurs Dr. T. Geurts
SamenvattingAuteursinformatie

    Within the context of a recent call for the strengthening of the legal position of grandparents with regards to visitation rights, this article presents a brief review of major conceptual notions and empirical findings within the literature on grandparent-grandchild relationships. Three major topics for understanding the intergenerational relationship are addressed: the historical context, the importance of the relationship, and changes over individual time.


Dr. T. Geurts
Dr. Teun Geurts is als onderzoeker verbonden aan het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum van het ministerie van Veiligheid en Justitie.
Artikel

Indirecte clearing verhelderd

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden otc-derivaten, EMIR, clearing, portabiliteit, segregatie
Auteurs Mr. C.A.R. Oudhuis
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Wijzigingswet financiële markten 2016 worden beschermingsvereisten voor beleggers in financiële instrumenten uit de MiFID geïmplementeerd. De Wijzigingswet krijgt mogelijk meer gewicht, omdat deze ook het ‘indirecte clearing’ arrangement voor otc-derivaten faciliteert, zoals omschreven in EMIR. De auteur beschrijft hoe de beschermingsconstructie uit de Wijzigingswet het ‘indirecte clearing arrangement’ uit EMIR faciliteert.


Mr. C.A.R. Oudhuis
Mr. C.A.R. Oudhuis is jurist bij de Nederlandsche Bank te Amsterdam.
Article

Access_open Canadian Civil Justice: Relief in Small and Simple Matters in an Age of Efficiency

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Canada, small and simple matters, austerity, civil justice, access to justice
Auteurs Jonathan Silver en Trevor C.W. Farrow
SamenvattingAuteursinformatie

    Canada is in the midst of an access to justice crisis. The rising costs and complexity of legal services in Canada have surpassed the need for these services. This article briefly explores some obstacles to civil justice as well as some of the court-based programmes and initiatives in place across Canada to address this growing access to justice gap. In particular, this article explains the Canadian civil justice system and canvasses the procedures and programmes in place to make the justice system more efficient and improve access to justice in small and simple matters. Although this article does look briefly at the impact of the global financial crisis on access to justice efforts in Canada, we do not provide empirical data of our own on this point. Further, we conclude that there is not enough existing data to draw correlations between austerity measures in response to the global crisis and the challenges facing Canadian civil justice. More evidence-based research would be helpful to understand current access to justice challenges and to make decisions on how best to move forward with meaningful innovation and policy reform. However, there is reason for optimism in Canada: innovative ideas and a national action plan provide reason to believe that the country can simplify, expedite, and increase access to civil justice in meaningful ways over the coming years.


Jonathan Silver
Jonathan Silver, B.A. Honors, J.D. 2015, Osgoode Hall Law School.

Trevor C.W. Farrow
Trevor C.W. Farrow is Professor and Associate Dean, Osgoode Hall Law School. He is very grateful to Jonathan Silver, who took the lead in researching and writing this article.
Artikel

Letselschade: de hypothetische situatie zónder ongeval

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2015
Trefwoorden letselschade, schadebegroting, situatie zonder ongeval, causaal verband, toerekening
Auteurs Mr. A. Kolder
SamenvattingAuteursinformatie

    Ter vaststelling van personenschade dient steeds zowel de situatie mét als de situatie zónder ongeval in kaart te worden gebracht, om vervolgens op basis van het verschil de (financiële) schade te kunnen begroten. In deze bijdrage wordt een nadere verfijning bepleit van het reeds door de Hoge Raad in ‘standaardrechtspraak’ ontwikkelde ‘traditionele’ normatieve kader ter begroting van personenschade. Betoogd wordt voortaan bij vaststellingen omtrent de situatie zónder ongeval nadrukkelijk(er) onderscheid te maken tussen de binnen en buiten ‘de persoon’ van het slachtoffer gelegen aspecten daarvan. Gelet op de ter bepaling van de fictieve toekomst van ieder letselschadeslachtoffer aan te leggen ‘redelijkheidstoets’ kunnen beide aspecten namelijk niet over één kam worden geschoren.


Mr. A. Kolder
Mr. A. Kolder is advocaat bij PUNT Letselschade Advocaten te Emmen en tevens docent en onderzoeker aan de Rijksuniversiteit Groningen bij de vakgroep Privaatrecht en Notarieel Recht.
Article

Access_open Unexpected Circumstances arising from World War I and its Aftermath: ‘Open’ versus ‘Closed’ Legal Systems

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2014
Trefwoorden First World War, law of obligations, unforeseen circumstances, force majeure, frustration of contracts
Auteurs Janwillem Oosterhuis Ph.D.
SamenvattingAuteursinformatie

    European jurisdictions can be distinguished in ‘open’ and ‘closed’ legal systems in respect of their approach to unexpected circumstances occurring in contractual relations. In this article, it will be argued that this distinction can be related to the judiciary’s reaction in certain countries to the economic consequences of World War I. The first point to be highlighted will be the rather strict approach to unexpected circumstances in contract law that many jurisdictions had before the war – including England, France, Germany, and the Netherlands. Secondly, the judicial approach in England, France, Germany, and the Netherlands to unexpected circumstances arising from the war will be briefly analysed. It will appear that all of the aforementioned jurisdictions remained ‘closed’. Subsequently, the reaction of the judiciary in these jurisdictions to the economic circumstances in the aftermath of the war, (hyper)inflation in particular, will be analysed. Germany, which experienced hyperinflation in the immediate aftermath of the war, developed an ‘open’ system, using the doctrine of the Wegfall der Geschäftsgrundlage. In the Netherlands, this experience failed to have an impact: indeed, in judicial practice the Netherlands appears to have a ‘closed’ legal system nevertheless, save for an ‘exceptional’ remedy in the new Dutch Civil Code, Article 6:258 of the Burgerlijk Wetboek (1992). In conclusion, the hypothesis is put forward that generally only in jurisdictions that have experienced exceptional economic upheaval, such as the hyperinflation in the wake of World War I, ‘exceptional’ remedies addressing unexpected circumstances can have a lasting effect on the legal system.


Janwillem Oosterhuis Ph.D.
Janwillem Oosterhuis is Assistant Professor in Methods and Foundations of Law at the Maastricht University Faculty of Law.
Article

Access_open A Turn to Legal Pluralism in Rule of Law Promotion?

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 3/4 2013
Trefwoorden legal pluralism, rule of law promotion, legal reform, customary law, non-state legal systems, donor policy
Auteurs Dr.mr Ronald Janse
SamenvattingAuteursinformatie

    Over the past 25 years, international organizations, NGOs and (mostly Western) states have spent considerable energy and resources on strengthening and reforming legal systems in developing countries. The results of these efforts have generally been disappointing, despite occasional successes. Among donors, one of most popular explanations of this failure in recent years is that rule of law promotion has wrongly focused almost exclusively on strengthening the formal legal system. Donors have therefore decided to 'engage' with informal justice systems. The turn to legal plu‍ra‍lism is to be welcomed for various reasons. But it is also surprising and worrisome. It is surprising because legal pluralism in developing countries was a fact of life before rule of law promotion began. What made donors pursuing legal reform blind to this reality for so long? It is worrisome because it is not self-evident that the factors which have contributed to such cognitive blindness have disappeared overnight. Are donors really ready to refocus their efforts on legal pluralism and 'engage' with informal justice systems? This paper, which is based on a review of the literature on donor engamenet with legal pluralism in so-called conflict affected and fragile states, is about these questions. It argues that 7 factors have been responsible for donor blindness regarding legal pluralism. It questions whether these factors have been addressed.


Dr.mr Ronald Janse
Ronald Janse is Associate Professor of Law, University of Amsterdam, The Netherlands.

    Policies within forensic psychiatry can be characterized by the on-going search for balance between the interests of stakeholders. These interests vary in a lot of cases. The interest of society, the patient and the professional differs within a complex framework of political, ethical and juridical guidelines and scientific evidence. These differences are illustrated from a management’s point of view by describing the treatment issues in regard to forensic psychiatric inpatients with substance abuse disorders. Treatment policies on drug use during treatment balance between treatment guidelines and restrictive measures. These restrictions have to be adjusted to the necessary treatment programmes for developing new pro social lifestyles. The treatment policy on relapse and leave should balance between patient needs and the needs of society. The result of this interesting but also challenging and complex quest depends on the sensitivity of stakeholders for the interests of the others.


E. Bulten
Dr. Erik Bulten is als hoofd Diagnostiek, onderzoek en opleiding verbonden aan de FPC Pompestichting te Nijmegen.

J. Groeneweg
Ir. Joke Groeneweg is algemeen directeur van de FPC Pompestichting te Nijmegen.
Artikel

Tevredenheid met advocaten onder Nederlandse preventief gedetineerden: percepties van procedurele rechtvaardigheid

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2013
Trefwoorden tevredenheid met advocaten, procedurele rechtvaardigheid, percepties van gedetineerden
Auteurs Ellen Raaijmakers MSc, Dr. Jan W. de Keijser, Prof. dr. Paul Nieuwbeerta e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Currently, procedural justice theory is predominantly used to explain defendants’ satisfaction with the police, courts and prisons. It is unclear to what extent this theory applies to lawyers. This study investigates to what extent defendants are satisfied with their lawyers, and procedural fairness characteristics are related to defendants’ satisfaction with their lawyers. Data from the Prison Project were used: a large-scale research project on Dutch criminal defendants. Results suggest that generally, defendants are very satisfied with their lawyers. Variation in satisfaction with lawyers can be attributed for a substantial part to procedural fairness characteristics.


Ellen Raaijmakers MSc
Ellen Raaijmakers MSc is promovendus Criminologie aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Dr. Jan W. de Keijser
Dr. Jan W. de Keijser is universitair hoofddocent aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Prof. dr. Paul Nieuwbeerta
Prof. dr. Paul Nieuwbeerta is hoogleraar Criminologie aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Anja Dirkzwager
Dr. Anja Dirkzwager is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving.
Toont 1 - 20 van 38 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.