Zoekresultaat: 7 artikelen

x
Article

Access_open Age Limits in Youth Justice: A Comparative and Conceptual Analysis

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2020
Trefwoorden youth justice, age limits, minimum age of criminal responsibility, age of criminal majority, legal comparison
Auteurs Jantien Leenknecht, Johan Put en Katrijn Veeckmans
SamenvattingAuteursinformatie

    In each youth justice system, several age limits exist that indicate what type of reaction can and may be connected to the degree of responsibility that a person can already bear. Civil liability, criminal responsibility and criminal majority are examples of concepts on which age limits are based, but whose definition and impact is not always clear. Especially as far as the minimum age of criminal responsibility (MACR) is concerned, confusion exists in legal doctrine. This is apparent from the fact that international comparison tables often show different MACRs for the same country. Moreover, the international literature often seems to define youth justice systems by means of a lower and upper limit, whereas such a dual distinction is too basic to comprehend the complex multilayer nature of the systems. This contribution therefore maps out and conceptually clarifies the different interpretations and consequences of the several age limits that exist within youth justice systems. To that extent, the age limits of six countries are analysed: Argentina, Austria, Belgium, the Netherlands, New Zealand and Northern Ireland. This legal comparison ultimately leads to a proposal to establish a coherent conceptual framework on age limits in youth justice.


Jantien Leenknecht
Jantien Leenknecht is PhD Fellow of the Research Foundation Flanders (FWO) at KU Leuven, Institute of Social Law and Leuven Institute of Criminology.

Johan Put
Johan Put is Full Professor at KU Leuven, Institute of Social Law and Leuven Institute of Criminology.

Katrijn Veeckmans
Katrijn Veeckmans is PhD Fellow at KU Leuven, Institute of Social Law and Leuven Institute of Criminology.

Mr. T. de Vette
Deze rubriek is samengesteld door mr. T. de Vette. De jurisprudentie is gepubliceerd op rechtspraak.nl tussen 25 april 2020 en 10 juli 2020.
Artikel

Access_open Een kinderrechtenproof Vlaams jeugddelinquentierecht?

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Vlaams jeugdstrafrecht, Kinderrechten, IVRK
Auteurs K. (Katrien) Herbots en S. (Sofie) van Rumst
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de aanname van het Jeugddelinquentiedecreet, bepaalt Vlaanderen de richting die het wil uitgaan in het omgaan met personen die op minderjarige leeftijd strafbare feiten plegen of hiervan verdacht worden. Zo ambieerde Vlaanderen onder meer zich ‘internationaal als goede praktijk in de aanpak van jeugddelinquentie te profileren’. Deze bijdrage gaat vanuit een kinderrechtenperspectief na in welke mate het nieuwe Vlaamse decreet deze internationale ambitie waar maakt.


K. (Katrien) Herbots
Katrien Herbots is Raadgever Jeugd en Kinderrechten bij Vlaams minister van Brussel, Jeugd en Media.

S. (Sofie) van Rumst
Sofie van Rumst is advocaat en beleidsadviseur Kinderrechtencommissariaat.
Redactioneel

Access_open 30 jaar kinderrechten: zoeken naar nieuw elan, betrokkenheid en inclusiviteit

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 1 2020
Trefwoorden IVRK, Kinderrechten, Mensenrechten
Auteurs Prof. dr. mr. T. (Ton) Liefaard en Mr. T.B. (Tamara) Trotman
Auteursinformatie

Prof. dr. mr. T. (Ton) Liefaard
Prof. dr. mr. T. Liefaard, gastredacteur voor dit nummer, is vice-decaan en hoogleraar kinderrechten, houder van de UNICEF-leerstoel kinderrechten aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.

Mr. T.B. (Tamara) Trotman
Mr. T.B. Trotman is raadsheer bij het Gerechtshof Den Haag.
Article

Access_open Draagmoederschap naar Belgisch en Nederlands recht

Tijdschrift Family & Law, mei 2015
Auteurs Dr. Liesbet Pluym Ph.D.
Samenvatting

    Zowel in België als in Nederland komt draagmoederschap voor. Deze bijdrage heeft tot doel om de houding van de twee buurlanden ten aanzien van dit controversiële fenomeen te onderzoeken en te vergelijken.
    De wensouders en draagmoeders ervaren meerdere juridische obstakels. Zo blijkt in beide landen de draagmoederschapsovereenkomst niet geldig en evenmin afdwingbaar te zijn. Hoewel in Nederland de mogelijkheid bestaat om het ouderlijk gezag over te dragen van draagmoeder naar wensouders, is het ook daar, net zoals in België, allesbehalve evident om de band tussen kind en wensouders juridisch te verwezenlijken. Noch de oorspronkelijke, noch de adoptieve afstamming is aan het fenomeen aangepast. Vooral voor Nederland is dit vreemd aangezien de Nederlandse wetgeving uitdrukkelijk bepaalt onder welke voorwaarden medisch begeleid draagmoederschap toegelaten is. De wet schept met andere woorden een gezondheidsrechtelijk kader, maar regelt niet de gevolgen van het draagmoederschap. In België is er daarentegen geen enkele wetgeving betreffende draagmoederschap. Dit betekent dat de onaangepaste wetgeving betreffende medisch begeleide voortplanting van toepassing is op draagmoederschap. Over deze toepassing en de gevolgen ervan bestaat evenwel onduidelijkheid. Commercialisering van draagmoederschap leidt ook tot problemen. In Nederland is professionele bemiddeling en het openbaar maken van vraag en aanbod met betrekking tot draagmoederschap strafbaar gesteld. Daarnaast kunnen de omstandigheden van een zaak waarin het kind als het ware verkocht wordt aan de wensouders zowel in België als in Nederland leiden tot andere misdrijven. Gelet op dit alles begeven sommige wensouders zich naar het buitenland om daar beroep te doen op draagmoederschap. Wensen zij terug te keren met het kind naar het land van herkomst, dan leidt dit in beide buurlanden tot internationaalprivaatrechtelijke problemen.
    Door het gebrek aan een algemeen wettelijk kader, is het draagmoederschapsproces in beide landen vaak een calvarietocht. Dit leidt tot rechtsonzekerheid. Oproepen tot een wettelijk ingrijpen bleven tot nu toe echter onbeantwoord.
    Surrogacy is practiced in Belgium and the Netherlands. The aim of this contribution is to compare the many legal aspects of the phenomenon. In both countries legal problems surround surrogacy: the surrogacy contract is unenforceable; it is difficult for the intended parents to become the legal parents; commercial surrogacy can result in criminal sanctions and cross-border surrogacy leads to limping legal relations. The main differences between the two legal systems are that in Belgium there is no regulation at all, while in the Netherlands, professional mediation and advertising in surrogacy are explicitly forbidden and Dutch law provides a limited health law regulation. In both countries scholars have pressed the need for legal change.


Dr. Liesbet Pluym Ph.D.

Prof. mr. E.H. Hondius
Prof. Mr. E.H. Hondius is hoogleraar Europees privaatrecht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Dwaling en het Weens Koopverdrag

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2007
Trefwoorden dwaling, koopovereenkomst, koop, non-conformiteit, overeenkomst, contract, verdrag, burgerlijk recht, rechtsmiddel, verkoper
Auteurs J.W. Bitter en M. Bijl

J.W. Bitter

M. Bijl
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.