Zoekresultaat: 38 artikelen

x
Artikel

Het nieuwe activisme? Een kwalitatieve studie naar strategieën en betekenisgeving binnen de Nederlandse tak van Anonymous for the Voiceless

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2021
Trefwoorden green-cultural criminology, animal activism, impression management, new activism
Auteurs Anantha Thelen en Fiore Geelhoed
SamenvattingAuteursinformatie

    This article focuses on the ways in which animal activists that are affiliated with the Dutch branch of Anonymous for the Voiceless – a rapidly growing animal rights organization – shape their movement and actions in the context of the Anthropocene. Drawing on qualitative data, the results show that there are tensions between the way in which the organization presents itself to its audiences and the internal dynamics within the movement. In their frontstage performance, they highlight the open and non-coercive nature of their movement, which they describe as new activism. However, this performance contrasts with the abolitionist vision and internal dynamics within the movement, which is characterized by a clear hierarchy, strict rules for a vegan lifestyle and far-reaching consequences when not complying with those rules.


Anantha Thelen
Anantha Thelen, MSc, is junior-onderzoeker binnen de sectie Criminologie, Erasmus Universiteit Rotterdam. thelen@law.eur.nl

Fiore Geelhoed
Dr. mr. Fiore Geelhoed is universitair docent binnen de sectie Criminologie, Erasmus Universiteit Rotterdam en redactielid van Tijdschrift over Cultuur en Criminaliteit. geelhoed@law.eur.nl
Digitale markten

Access_open Het voorstel voor de Digital Services Act

Op zoek naar nieuw evenwicht in regulering van onlinediensten met betrekking tot informatie van gebruikers

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden Digital Services Act, Wet inzake digitale diensten, Richtlijn elektronische handel, onlinediensten, illegale inhoud
Auteurs Mr. dr. F. Wilman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt het recente voorstel voor de Digital Services Act besproken. De voorgestelde verordening is bedoeld om de digitale interne markt te versterken en, meer specifiek, de activiteiten van aanbieders van onlinediensten die draaien om de doorgifte, opslag en publieke verspreiding van informatie van hun gebruikers – zoals videoplatforms, onlinemarktplaatsen, sociale media en internetaanbieders – beter te reguleren. Het gaat onder meer om hun activiteiten ter bestrijding van illegale inhoud en desinformatie, hun aansprakelijkheid en hun verantwoordelijkheden jegens de gebruikers. We zullen zien dat het DSA-voorstel in verschillende opzichten ambitieus en vernieuwend is, terwijl het op andere punten eerder nuttig-maar-voorspelbaar en behoudend kan worden genoemd. Na een inleiding worden de voorgestelde verplichtingen voor de verschillende onlinedienstverleners achtereenvolgens besproken, gevolgd door enkele algemene opmerkingen.
    Europese Commissie, Voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende een eengemaakte markt voor digitale diensten (Wet inzake digitale diensten) en tot wijzing van Richtlijn 2000/31/EG, COM(2020)825, 15 december 2020


Mr. dr. F. Wilman
Mr. dr. F. (Folkert) Wilman is lid van de Juridische Dienst van de Europese Commissie. De zienswijzen opgenomen in deze bijdrage zijn uitsluitend die van de auteur en kunnen niet worden toegeschreven aan de Europese Commissie.
Praktijk

Sterker uit de crisis

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 9 2020
Auteurs Paul ter Linden
Auteursinformatie

Paul ter Linden
Paul ter Linden was veertien jaar consultant bij McKinsey en maakte daar onder meer de dotcomcrisis mee. Hij is sinds 2010 zelfstandig adviseur in strategie en organisatie.
Artikel

Over het recht op de smart city

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2020
Trefwoorden smart city, right to the city, technological solutionism, participation, disorder
Auteurs Dr. Maša Galič
SamenvattingAuteursinformatie

    While smart city initiatives claim to be ‘citizen-focused’ or ‘citizen-centric’, there are several troubling aspects of how citizenship and social relations are produced within them. First, they prioritize technological solutions to social and urban problems from the perspective of businesses and states, rather than serving local communities. With a focus on digital technology, they also exclude a wide range of marginalized publics from the possibility to participate in the smart city and only rarely address issues of social differences in cities. The smart city thus creates new or exacerbates existing challenges to the possibility of all city dwellers to fully enjoy urban life with all of its services and advantages, as well as taking direct part in the management of cities – in other words, it creates challenges for ‘the right to the city’. In this article, the author thus explores the notion of the right to the city in order to inform and recast the smart city in emancipatory and empowering ways, one that would work for the benefit of all citizens and not just selected populations.


Dr. Maša Galič
Dr. M. Galič is als onderzoeker verbonden aan het Tilburg Institute for Law, Technology and Society (TILT) van de Universiteit Tilburg.
Article

Access_open Too Immature to Vote?

A Philosophical and Psychological Argument to Lower the Voting Age

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2020
Trefwoorden voting age, children’s rights, youth enfranchisement, democracy, votes at 16
Auteurs Tommy Peto
SamenvattingAuteursinformatie

    This article argues in favour of lowering the voting age to 16. First, it outlines a respect-based account of democracy where the right to vote is grounded in a respect for citizens’ autonomous capacities. It then outlines a normative account of autonomy, modelled on Rawls’s two moral powers, saying what criteria must be met for an individual to possess a (pro tanto) moral right to vote. Second, it engages with empirical psychology to show that by the age of 16 (if not earlier) individuals have developed all of the cognitive components of autonomy. Therefore, since 16- and 17-year-olds (and quite probably those a little younger) possess the natural features required for autonomy, then, to the extent that respect for autonomy requires granting political rights including the right to vote – and barring some special circumstances that apply only to them – 16- and 17-year-olds should be granted the right to vote.


Tommy Peto
University of Oxford.
Artikel

Social engineering: digitale fraude en misleiding

Een meta-analyse van studies naar de effectiviteit van interventies

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 2 2020
Trefwoorden awareness, cybercrime, intervention, meta-analysis, social engineering
Auteurs Dr. Jan-Willem Bullée en Prof. dr. Marianne Junger
SamenvattingAuteursinformatie

    The prevalence of online crime increases. Social engineering, such as email phishing, is often an important element in an attack. Several interventions have been developed to reduce the success of these types of attacks. The current study investigates whether interventions can help reduce vulnerability to social engineering attacks. The authors investigate which types of interventions and specific elements are most successful. They selected studies with an experimental design that tested at least one intervention. A total of 19 studies with 37 effect sizes, based on a total sample of N=23,146 subjects, were found. The available training courses, intervention materials and effect sizes were analysed. Overall, positive effects of interventions were found. However, there are substantial differences in effect for the different types of interventions. Effective interventions are relatively intensive and have a specific focus. The authors conclude with the design of the best possible intervention given the results of their research.


Dr. Jan-Willem Bullée
Dr. J.-W. Bullée is werkzaam bij Awareways, Computer & Network Security. Hij promoveerde in 2017 op het proefschrift Experimental social engineering aan de Universiteit Twente.

Prof. dr. Marianne Junger
Prof. dr. M. Junger is hoogleraar Cyber Security en Business Continuity aan de Universiteit Twente.
Artikel

Gluren bij de buren

Wat kunnen we leren over samenwerken op basis van de Vlaamse ervaringen met Family Justice Centers?

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Family Justice Center, domestic violence, child abuse, Collaboration
Auteurs Prof. dr. Janine Janssen, Drs. Karlijn Juncker, Teun Haans MSc e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Issues regarding domestic violence and abuse of children are considered to be complex phenomena. Often ecological models are used in order to explain that on different levels – societal, group and individual – factors that are of influence. With some of these aspects can be dealt, while others are more complex to influence. In practice professionals with different disciplinary backgrounds need to collaborate in order to be of assistance to families in need. As a model for collaboration so-called Family Justice Centers (FJC) have been developed. This concept originated in the United States and is nowadays also adopted in Europe. In the Netherlands there is a lot of interest in these FJC’s. In this contribution the impression of two visits two FJC’s in neighboring region Flanders (Belgium) is described. What can we learn from their experiences? What are the challenges of international comparisons of forms of policies and collaborations regarding the care for families and children?


Prof. dr. Janine Janssen
Prof. dr. Janine Janssen is lector Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties van Avans Hogeschool, Hoofd Onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld van de Nationale Politie, bijzonder hoogleraar Rechtsantropologie aan de Open Universiteit en voorzitter van de redactie van PROCES.

Drs. Karlijn Juncker
Drs. Karlijn Juncker is projectmedewerker bij het lectoraat Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties van Avans Hogeschool.

Teun Haans MSc
Teun Haans MSc. is verbonden aan de Regionale Taskforce Kindermishandeling en clustermanager bij Sterk Huis.

Berna Trommelen
Berna Trommelen is verbonden aan de Regionale Taskforce Kindermishandeling.
Artikel

Crimineel gedrag over de levensloop én over generaties: de rol van het gezin

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2019
Trefwoorden intergenerational continuity, Criminal behavior, Family, Family relations, Generations
Auteurs Dr. Veroni Eichelsheim
SamenvattingAuteursinformatie

    In criminology, explanations for engagement in externalizing or criminal behavior are often found within the direct (social) environment of the individual. More specifically, family functioning, the quality of family relations and parenting strategies during childhood and adolescence are found to be related to the development of externalizing problems or criminal behavior over the life-course. Although less well studied, the opposite might also be true: externalizing problems or delinquency during childhood and adolescence may in turn also affect some important (family-related) transitions over the life-course, such as engagement in romantic relationships, the transition to parenthood, parenting strategies and broader family functioning. Not surprisingly, in life-course criminology there is increasing attention for familial similarities in externalizing and delinquent behavior. What underlies intergenerational continuity of criminal behavior? Under which circumstances behavior is continued over the course of generations? What is the role of the family? What is needed to break intergenerational cycles and facilitate earlier and more effective interventions? In this article, a literature review is provided on the role of the family in intergenerational continuity of externalizing or criminal behavior over the life-course and across generations.


Dr. Veroni Eichelsheim
Dr. V.I. Eichelsheim is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).
Artikel

Het grondrecht op collectief onderhandelen van zelfstandigen versus het Europese mededingingsrecht

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Mededingingsrecht, Zelfstandige, Cao-exceptie, Vrijheid van vakvereniging, Recht op collectief onderhandelen
Auteurs Mr. R.F. Hoekstra
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat centraal dat de beperking van de door het Hof van Justitie geformuleerde ‘cao-exceptie’ op het Europese mededingingsrecht tot ‘werknemers’ en ‘schijnzelfstandigen’ zich moeilijk tot een grondrechtenbenadering lijkt te verhouden. Zelfstandigen met een zwakke arbeidsmarktpositie hebben namelijk evenzeer behoefte aan collectieve middelen om hun arbeidsvoorwaarden te verbeteren en vallen ook onder grondrechtenverdragen. Door een uitgebreide beschouwing van de relevante rechtsinstrumenten van de VN, de IAO en de Raad van Europa en de uitleg die de toezichtorganen hieraan geven blijkt dat het grondrecht op vrijheid van (vak)vereniging, collectief onderhandelen en collectieve actie evenzeer aan deze groep lijkt toe te komen, en een te rigoureuze inperking vanwege het mededingingsrecht niet gerechtvaardigd wordt geacht. De conclusie bevat enkele gedachten over hoe het Europese mededingingsrecht met een grondrechtenbenadering overeenstemming te brengen. Daarbij passeren zowel de recente ontwikkelingen rondom het zelfstandigenvraagstuk in Nederland als initiatieven op Europees niveau de revue.


Mr. R.F. Hoekstra
Mr. R.F. (Robert) Hoekstra is werkzaam als onderzoeker bij de Wiardi Beckman Stichting Den Haag. Daarnaast is hij als promovendus verbonden aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Zijn promotieonderzoek ziet op het snijvlak van cao’s en grondrechten.
Artikel

Access_open On the Humanity of the Enemy of Humanity

A Response to My Critics

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 2 2018
Trefwoorden hostis generis humani, humanity, International criminal justice, piracy
Auteurs David Luban
SamenvattingAuteursinformatie

    Antony Duff, Marc de Wilde, Louis Sicking, and Sofia Stok offer several criticisms of my “The Enemy of All Humanity,” but central to all of them is concern that labeling people hostis generis humani dehumanizes them, and invites murder or extrajudicial execution. In response I distinguish political, legal, and theoretical uses of the ancient label. I agree with the critics that the political use is toxic and the legal use is dispensable. However, the theoretical concept is crucial in international criminal law, which rests on the assumptions that the moral heinousness of core crimes makes them the business of all humanity. Furthermore, far from dehumanizing their perpetrators, calling them to account before the law recognizes that they are no different from the rest of humanity. This response also offers rejoinders to more specific objections raised by the critics.


David Luban
David Luban is University Professor in Law and Philosophy at Georgetown University.
Vrij verkeer

Europese Commissie: ‘Online platforms moeten meer verantwoordelijkheid nemen bij het bestrijden van online illegale content.’

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2018
Trefwoorden Europese Commissie, mededeling, internettussenpersonen, online illegale content
Auteurs Mr. A. van der Beek, L. Oranje en J.R. Spauwen
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 28 september 2017 publiceerde de Europese Commissie een mededeling over de bestrijding van illegale onlinecontent, waarin zij onlineplatforms wijst op hun bijzondere maatschappelijke verantwoordelijkheid met betrekking tot het toegankelijk maken van dergelijke content. De mededeling bevat politieke richtsnoeren en beginselen voor onlineplatforms om de strijd tegen illegale online-inhoud op te voeren. Als aanvulling hierop heeft de Commissie op 1 maart 2018 een aanbeveling gepubliceerd met een reeks operationele maatregelen die moeten worden genomen door internetplatforms en lidstaten. Afhankelijk van het effect van deze maatregelen zal de Commissie bepalen over verdere stappen, waaronder wetgeving. Deze mededeling en aanbeveling lossen de huidige problemen met illegale content echter niet op, maar zorgen voor meer onduidelijkheid en minder transparantie in de strijd tegen online illegale content.
    Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s, ‘De bestrijding van illegale online-inhoud. Naar een grotere verantwoordelijkheid voor onlineplatforms’, COM 2017/555 en Commission Recommendation on measures to effectively tackle illegal content online, C(2018)1177 final.


Mr. A. van der Beek
Mr. A. (Annemieke) van der Beek is advocaat en partner bij Kennedy Van der Laan.

L. Oranje
L. (Lotte) Oranje is paralegal bij Kennedy Van der Laan.

J.R. Spauwen
J.R. (Joran) Spauwen is advocaat bij Kennedy Van der Laan.
Artikel

Enkele kanttekeningen bij de Wiv 2017

De uitbreiding van bevoegdheden getoetst aan mensenrechten

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Dutch Intelligence and Security Services Act 2017, Snowden disclosures, Dilemma’s, Checks and balances, Human rights
Auteurs Prof. dr. Nico van Eijk en Mr. dr. Quirine Eijkman
SamenvattingAuteursinformatie

    The new Dutch Intelligence and Security Services Act 2017 extends the (special) powers of the intelligence and security services and introduces a new system of checks and balances. In this article several of the most impactful changes and underlying issues are discussed. They include the technology neutral approach, the new bulk surveillance powers, oversight (its role, tasks, independence and the use of outside experts), complaints and whistleblowers procedure, the lack of appeal procedures and the exchange of information with foreign agencies.


Prof. dr. Nico van Eijk
Prof. dr. N.A.N.M. van Eijk is hoogleraar informatierecht verbonden aan het Instituut voor Informatierecht (IViR, Universiteit van Amsterdam), www.ivir.nl/employee/eijk.

Mr. dr. Quirine Eijkman
Mr. dr. Quirine Eijkman is ondervoorzitter van het College voor de Rechten van de Mens en lector Toegang tot het Recht bij de Hogeschool Utrecht. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.

    Ongeveer 20% van de echtscheidingen loopt uit op een zogenaamde conflict- of vechtscheiding. Om deze complexe echtscheidingszaken effectief aan te pakken, dienen professionals in het veld te beschikken over wetenschappelijk onderbouwde kennis over werkzame interventies. Mediation wordt vaak beschouwd als dé oplossing voor conflictscheidingen. Wetenschappelijk onderzoek laat echter een beperkte effectiviteit zien van mediation bij conflictscheidingen. Dit heeft onder andere te maken met de hoge prevalentie (rond 40%) van huiselijk geweld in conflictscheidingsgezinnen.
    In dit onderzoek is de visie van Nederlandse professionals over conflictscheidingen onderzocht en vergeleken met de kennis uit de wetenschappelijke literatuur. Met behulp van een online vragenlijst testten we het kennisniveau van 863 professionals die werken met conflictscheidingsgezinnen. Dit waren advocaten, professionals uit de jeugdzorg/-bescherming, mediators en professionals uit de GGZ.
    Professionals behaalden een gemiddelde score van 6,5 correcte antwoorden op een totaal van 11, waarbij juridische professionals significant beter scoorden dan sociale professionals. Slechts 17% van de professionals wist dat in bijna de helft van de conflictscheidingen huiselijk geweld een rol speelt. 55% van de professionals adviseerde in een geval van een al 7 jaar durende conflictscheiding mediation als effectieve interventie. 46% van de respondenten overschatte de prevalentie van valse beschuldigingen van huiselijk geweld en kindermishandeling bij conflictscheidingen.
    In opleidingen voor Nederlandse juridische en sociale professionals die werken met conflictscheidingsgezinnen dient meer aandacht besteed te worden aan wetenschappelijke kennis, zodat professionals handelen op basis van kennis in plaats van persoonlijke opvattingen en mythen.
    ---
    High conflict divorces are among the 20% of divorce cases that continue to escalate over time. In order to help solve these complex divorce cases, it is important that professionals in the field possess evidence-based knowledge to provide effective interventions. One of these possible interventions is mediation, which is often seen as a panacea for high-conflict divorce (HCD) cases. However, scientific research has shown limited effectiveness of mediation in HCD cases. This is partially associated with the high prevalence (around 40%) of domestic violence in HCD.
    The present study examined professionals’ perspectives on high conflict-divorce cases and compared their views with the available scientific evidence. By means of a web-survey, we tested the knowledge of different professional groups (N = 863) who work with HCD families. The sample consisted of lawyers, child welfare/child protection professionals, mediators and mental health professionals.
    The results showed that professionals on average gave 6.5 correct responses out of 11 questions in total and that legal professionals scored significantly better than social professionals. Only 17% of the professionals were aware that in almost half of all high-conflict divorce cases domestic violence is a problem. For a high-conflict divorce case spanning 7 years, mediation was advised as an effective intervention by 55% of professionals. 46% of respondents overestimated the prevalence of false allegations of child abuse in HCD cases.
    More attention to scientific knowledge on HCD in the educational curricula for Dutch legal and social professionals is needed, in order to assure that their professional activities and decision making are based on scientific evidence instead of personal biases and myths.


Prof. dr. Corine de Ruiter
Prof. dr. Corine de Ruiter is a licensed clinical psychologist (BIG) in The Netherlands. She serves as professor of Forensic Psychology at Maastricht University. She also has a private practice. Her research focuses on the interface between psychopathology and crime. She has a special interest in the prevention of child abuse and intimate partner violence because they are both very common and often overlooked in practice.

Brigitte van Pol Msc
Brigitte van Pol studied Psychology and Law at Maastricht University. Her involvement in this research dates from her Master’s thesis on the role of mediation in high conflict divorce. The authors would like to thank the participants for their time and effort in completing our websurvey.

Janneke Gerards
Prof. mr. J.H. (Janneke) Gerards is als hoogleraar fundamentele rechten verbonden aan de Universiteit Utrecht. Deze bijdrage is losjes gebaseerd op de oratie die zij op 29 maart 2017 uitsprak.
Artikel

Superdiversiteit en de informele stad

Verborgen en tijdelijke stadsbewoners als deel van complexiteit

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2017
Trefwoorden Superdiversity, (trans)migration, undocumented migrants, majority-minority-cities
Auteurs dr. Dirk Geldof
SamenvattingAuteursinformatie

    The main cities in the Netherlands and Belgium are becoming superdiverse majority-minority cities. This implies more than increasing diversity, but involves an increasing diversification of diversity and (contested) processes of normalization of diversity. The article explores the increase of temporary citizens and undocumented migrants as part of this transition. The rise of intra-EU-migration and transmigration contributes to an increase of temporary citizens. Using the case of Antwerp (Belgium), the article analyses the presence of undocumented migrants, using data of the collective regularization in Belgium in 2009, and of transmigrants, building upon an explorative research in Antwerp & Brussels in 2015.


dr. Dirk Geldof
Dirk Geldof is doctor in de Politieke en Sociale Wetenschappen. Hij is docent aan de Faculteit Ontwerpwetenschappen van de Universiteit Antwerpen, lector aan de opleiding Sociaal Werk van de Karel de Grote-Hogeschool Antwerpen, lector aan de opleiding Gezinswetenschappen (Odisee) en onderzoeker aan het Kenniscentrum Gezinswetenschappen. Hij is auteur van Superdiversiteit. Hoe migratie onze samenleving verandert (Acco, 6de druk 2016) en co-auteur van Transmigratie. Hulp verlenen in een wereld van superdiversiteit (Acco, 2015).
Artikel

Reflecties op het verantwoord gebruik van kunstmatige intelligentie

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Artificial Intelligence, Ethical dilemma’s, Designing process, Restrictions and controls, Human rights
Auteurs Dr. M.V. Dignum en Prof.dr. J. van den Hoven
SamenvattingAuteursinformatie

    The potential perils of robots and other forms of artificial intelligence (AI) have been a subject for discussion since the 1950s. Nevertheless it seems that society is still not prepared for the great impact of the rapid advancement of AI in the last decennium and the many ethical dilemmas involved. How can moral, social and legal values be integrated in the designing process of AI technologies? Is it imaginable that these AI systems would ever be considered as ethical entities? How to control these systems? The authors argue that we should not only analyze these problems, but also reflect on ethics itself. AI has the potential to change the way we live and work. But it is important to introduce restrictions and controls to guarantee our freedom, autonomy and fundamental human rights.


Dr. M.V. Dignum
Dr. Virginia Dignum is als Associate Professor verbonden aan de Faculteit voor Techniek, Bestuur en Management van de Technische Universiteit Delft.

Prof.dr. J. van den Hoven
Prof. dr. Jeroen van den Hoven is als hoogleraar Ethiek verbonden aan de Faculteit voor Techniek, Bestuur en Management van de Technische Universiteit Delft.
Artikel

Technologie voor opsporing en handhaving

Kansen, ervaringen en knelpunten

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2016
Trefwoorden technology in policing, effectiveness, promising technologies, legal obstacles, success stories
Auteurs Mr. dr. ir. B. Custers en B. Vergouw MSc.
SamenvattingAuteursinformatie

    Police forces and law enforcement agencies in many countries are continuously trying to optimize the use of technologies in policing and law enforcement. Efforts are being made to remove existing technological, legal and organizational obstacles to create more opportunities of promising technologies, both existing and new. This contribution describes the results of a survey among 46 police forces and other law enforcement agencies in eleven countries. Their experiences with policing technologies and their needs and preferences in this regard are described. The prevalence and satisfaction of existing technologies, including wiretapping, fingerprints, DNA research, database coupling, data mining and profiling, camera surveillance and network analyses were investigated. Legal, technological and organizational obstacles for the use of technology in policing were mapped and the extent to which policing technologies are evaluated and yield success stories was investigated. The main obstacles, according to the respondents, are insufficient financial resources and insufficient availability of technology. One in four organizations is lacking any clear, appealing success stories and half of the respondents indicated they were not performing any evaluations on the effectiveness of using particular technologies in policing. As a result, the information available on whether technologies in policing are actually working is very limited.


Mr. dr. ir. B. Custers
Mr. dr. ir. Bart Custers is universitair hoofddocent en hoofd onderzoek bij eLaw, het Centrum voor Recht en Digitale Technologie van de Universiteit Leiden. Eerder was hij hoofd van de onderzoeksafdeling Criminaliteit, Rechtshandhaving en Sancties van het WODC.

B. Vergouw MSc.
Bas Vergouw MSc. is werkzaam als digitaal onderzoeker bij de Autoriteit Consument en Markt (ACM) en houdt zich voornamelijk bezig met open source intelligence.
Artikel

Politie en beeldtechnologie: gebruik, opbrengsten en uitdagingen

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2016
Trefwoorden CCTV, bodycams, ANPR, smart cameras, police
Auteurs Drs. S. Flight
SamenvattingAuteursinformatie

    The Dutch National Police deploys video technology, for instance body-worn video camera (bodycams), drones, helicopters with cameras, and mobile units for surveillance. Four types of video technology are discussed: CCTV, bodycams, smart cameras and automatic number plate recognition (ANPR). These four types will be the most prominent applications of visual technology in the coming years, according to ‘Vision on sensing’, published in 2015 by the National Police. The potential benefits of video images for prosecution and in the courtroom are discussed in a separate paragraph, followed by a survey of recent changes in the laws regulating this technology.


Drs. S. Flight
Drs. Sander Flight is zelfstandig adviseur en onderzoeker op het terrein van veiligheid en criminaliteit.
Artikel

Generatieconflicten bij vermogende families

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2 2016
Trefwoorden Generatieconflict, Familievermogen, Familiedynamiek, Empathie
Auteurs Alain Laurent Verbeke en Tijs Besieux
SamenvattingAuteursinformatie

    Governance of family wealth is multifaceted in nature. In order to deepen our understanding of this topical issue, the current article offers a framework to grasp the complexity of family wealth governance. In doing so, the authors make a distinction between family wealth, socioemotional wealth, and family dynamics. The authors bridge the three distinct – yet interrelated – aspects both from a legal and psychological perspective. The framework can expand insight towards conflicts existing within families, across generations. Each component then provides challenges as well as opportunities to manage family conflict in an integrative and sustainable manner, a process which is facilitated by empathy.


Alain Laurent Verbeke
Alain Laurent Verbeke is gewoon hoogleraar privaatrecht & ADR aan de KU Leuven. Aan de faculteit psychologie is hij co-founder van het Leuven Center for Collaborative Management en het Leuven Mediation Platform. Alain Laurent is Visiting Professor of Law aan Harvard Law School en tenured Professor of Law aan Tilburg Universiteit en UCP Lisbon Global School of law. Hij is advocaat, partner bij Greenille by Laga, gespecialiseerd in de begeleiding van private clients. Hij is ook onderhandelaar en bemiddelaar in conflicten rond erfenis en family business.

Tijs Besieux
Tijs Besieux doet onderzoek naar leiderschap, teamdynamiek en conflict aan de KU Leuven. Hij is gastprofessor aan de IÉSEG School of Management (Parijs) en docent bij Schouten en Nelissen University (Nederland). Tijs is managing director van het Leuven Center for Collaborative Management, KU Leuven.
Artikel

De kooptitel en aandelen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2016
Trefwoorden Boek 7 BW, aandelen, onderneming, SPA, conformiteit
Auteurs Mr. T.J. Mosk
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de toepasselijkheid van de kooptitel op koop van aandelen en haar gevolgen, toegespitst op BV-aandelen. Partijen wijken in een SPA vaak (onbewust) af van de kooptitel, die deze beoogde regeling onbedoeld kan doorkruisen. Een teleurgestelde (ver)koper kan daarvan gebruik maken, maar uitsluiting is logisch en in beginsel mogelijk. Algehele uitsluiting werkt echter niet zonder meer. Partijen zouden daarom per artikel moeten opnemen in hoeverre zij beogen af te wijken.


Mr. T.J. Mosk
Mr. T.J. Mosk is advocaat bij Blenheim Advocaten te Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 38 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.