Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 3608 artikelen

x

    Deze analyse bespreekt uitvoerig de argumenten van voor- en tegenstanders van het wetsvoorstel ter versoepeling van de Belgische abortuswetgeving (2019-…). Het fel bediscussieerde wetsvoorstel beoogt het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon uit te breiden en abortus te destigmatiseren. Door vrijwillige zwangerschapsafbreking als gezondheidszorg te kwalificeren geven de indieners van het wetsvoorstel tevens de voorkeur aan een gezondheidsrechtelijk traject op maat van de zwangere persoon als patiënt. De inkorting van de wachtperiode-en het schrappen van abortusspecifieke informatieverplichtingen geven in die zin blijk van vertrouwen in de zwangere persoon, in het kwalitatief handelen van de zorgverlener en in de waarborgen die het gezondheidsrecht reeds biedt. De wetgever dient met andere woorden uit te maken (1) welke regels hij in de context van abortus nodig acht, (2) of deze regels reeds worden gewaarborgd door de algemene gezondheidswetten- en deontologie, en (3) of de vooropgestelde regels hun doel bereiken. Een uitbreiding van het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon wordt tevens bewerkstelligd door de termijnuitbreiding van twaalf naar achttien weken voor abortus op verzoek. Een keuze voor een termijn is steeds in zekere mate willekeurig, doch reflecteert een beleidsethische keuze waarbij wordt gezocht naar een evenwicht tussen de bescherming van ongeboren leven en het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon. Praktische bekommernissen vormen hierbij geen fundamenteel bezwaar tegen een termijnuitbreiding maar dienen, in overleg met de betrokken sector, te worden geanticipeerd en maximaal te worden opgevangen door middel van organisatorische (niet-noodzakelijk juridische) initiatieven. Ten slotte beogen de indieners van het wetsvoorstel opheffing van alle strafsancties voor vrijwillige zwangerschapsafbreking. Op rechtstheoretisch vlak blijven echter vragen bestaan omtrent de manier waarop dit voorstel een volledige depenalisering doorvoert. Hoewel het tuchtrecht enige rol kan spelen bij gebrek aan strafsancties, creëert de vooropgestelde depenalisering van ongeoorloofde zwangerschapsafbreking door een arts een rechtsonzekere situatie.
    ---
    This analysis extensively discusses the arguments of supporters and opponents of the legislative proposal to relax the Belgian abortion legislation (2019-…). The heavily debated proposal primarily aims to expand the pregnant person’s right to self-determination and to destigmatise abortion. By qualifying consensual termination of pregnancy as health care, the supporters of the proposal also prioritise an individualised, health-oriented approach towards the pregnant person as patient. In the same vein, the diminished waiting period and the removal of abortion-specific information duties express trust in the pregnant person, in the qualitative conduct of the health care provider, and in the guarantees that the health law already provides. In other words, the legislator must determine 1) which regulations it deems necessary in the context of abortion, 2) whether these regulations are already guaranteed by general health laws and ethics, and 3) whether the proposed regulations achieve their intended purpose. An expansion of the pregnant person’s right to self-determination is also achieved by the extension from twelve to eighteen weeks as a limit for abortion on request. Although a time limit is always arbitrary to some extent, it mainly reflects a policy-ethical decision in which a balance is sought between the protection of unborn life and the pregnant person’s right to self-determination. Practical concerns do not establish a fundamental objection to the extension of such limit, but must, in consultation with the medical profession, be anticipated and dealt with as much as possible by means of organisational (not necessarily legal) initiatives. Finally, the proposal lifts all criminal sanctions currently applicable to consensual termination of pregnancy. On a legal-theoretical level, however, questions remain about the way in which the proposal implements full depenalisation. Although disciplinary law can play some role in the absence of criminal sanctions, the depenalisation of unlawful termination of pregnancy by a health care professional produces legal uncertainty.


F. De Meyer
Fien De Meyer doet doctoraatsonderzoek naar regelgeving inzake abortus aan de Universiteit van Antwerpen.

C. De Mulder
Charlotte De Mulder doet doctoraatsonderzoek naar het statuut van ongeboren leven aan de Universiteit van Antwerpen.
Artikel

Snelrecht: voor elk wat wils, maar wat willen we?

De (on)mogelijkheden van snelrecht in het kader van ‘lik-op-stuk’ en efficiency

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Snelrecht, Lik-op-stuk, Taakstrafverbod, Voorlopige hechtenis, Snelrechtgrond
Auteurs Mr. dr. J.M.W. (Joep) Lindeman, mr. dr. L. (Leonie) van Lent en mr. dr. B. (Benny) van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staan wij stil bij het snelrecht, een fenomeen dat al lang bekend is in de strafrechtspleging, maar waar tegelijk veel verschillende beelden bij bestaan. Enerzijds wordt snelrecht gezien als hét instrument in de ‘lik-op-stuk’-aanpak. Anderzijds is het een middel om snel en efficiënt strafzaken af te doen en achterstanden weg te werken. Het snelrecht voldoet echter lang niet altijd aan de verwachtingen en is onvoldoende met procedurele waarborgen omkleed. We proberen de (on)mogelijkheden op een rij te zetten.


Mr. dr. J.M.W. (Joep) Lindeman
Joep Lindeman is universitair hoofddocent straf- en strafprocesrecht. Hij is werkzaam bij het Willem Pompe Instituut voor strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van dezelfde universiteit.

mr. dr. L. (Leonie) van Lent
Leonie van Lent is universitair docent straf- en strafprocesrecht. Ze is werkzaam bij het Willem Pompe Instituut voor strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van dezelfde universiteit.

mr. dr. B. (Benny) van der Vorm
Benny van der Vorm is universitair docent straf- en strafprocesrecht. Hij is werkzaam bij het Willem Pompe Instituut voor strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van dezelfde universiteit.
Artikel

Access_open Professionele ethiek in het academisch juridisch onderwijs - Enige inhoudelijke en didactische aanknopingspunten

Special issue on Education in (Professional) Legal Ethics, ­Emanuel van Dongen & Jet Tigchelaar (eds.)

Tijdschrift Law and Method, juni 2021
Auteurs Emanuel van Dongen en Jet Tigchelaar
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs inhoudelijke en didactische aanknopingspunten voor de integratie van professionele ethiek in de academische juridische opleiding. Dat gaat wat de auteurs betreft verder dan (enkel) het leren van gedragsregels, maar betreft ook de (kritisch-)ethische reflectie (op de professionele rol) van de jurist en ethische oordeelsvorming. Aanknopingspunten uit rechtstheoretische en onderwijskundige literatuur vragen om een curriculum brede, stapsgewijze, inbedding met passende toetsing. Dit onderwijs dient idealiter een combinatie te zijn van afzonderlijke meta-juridische vakken over recht en ethiek, positiefrechtelijke vakken die ethische elementen bevatten, klinische training en specifieke vakken over beroeps- of professionele ethiek. In dit artikel bespreken de auteurs diverse methoden die kunnen worden gebruikt om het onderwijs vorm te geven en illustreren dit met enkele voorbeelden uit het Utrechts universitair juridisch onderwijs. Actieve participatie, reflectie en – idealiter – eigen ervaringen zijn daarbij van groot belang. Een aantal modellen uit niet-juridische disciplines kan behulpzaam zijn bij het bieden van structuur voor ethische reflectie, voor zover het morele sensitiviteit en morele oordeelsvorming stimuleert. Verscheidene toetsingselementen op het terrein van de ethiek zijn door het curriculum heen nodig. Leeractiviteiten en toetsing kunnen worden opgebouwd in het curriculum van kennis en begrip, naar competenties ten aanzien van ethische dilemma’s en moreel oordelen.


Emanuel van Dongen
Dr. Emanuel van Dongen is Assistant Professor Private Law at the Molengraaff Institute for Private Law, researcher at the Utrecht Centre for Accountability and Liability Law and the Montaigne Centre for Rule of Law and Administration of Justice, Utrecht School of Law.

Jet Tigchelaar
Dr. Jet Tigchelaar is Assistent Professor Legal Theory at the Institute for Jurisprudence, Constitutional and Administrative Law, researcher at the Utrecht Centre for European Research into Family Law, Utrecht School of Law.
Article

Access_open Invisible before the law

The legal position of persons with intellectual disabilities under the Dutch Care and Compulsion Act (Wzd) in light of Article 12 of the Convention on the Rights of Persons with Disabilities (CRPD)

Tijdschrift Family & Law, juni 2021
Trefwoorden dicrimination, guardianship, incapacitated adults, legal (in)capacity
Auteurs F. Schuthof LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands, the use of involuntary treatment in the mental health care sector is governed by the Dutch Care and Compulsion Act (Wzd). This study examines the legal position of persons with intellectual disabilities under this Act. The Wzd is analyzed in light of the human rights standards of Article 12 of the Convention on the Rights of Persons with Disabilities (CRPD). The findings of this study show that the Wzd does not meet the standards of Article 12 in several cases. The Wzd does not recognize the legal capacity of persons with intellectual disabilities, it continues to allow for substituted decision-making and support measures are not complemented by adequate safeguards. From a theoretical point of view, an imbalance between the protection of and the respect for the autonomy of persons with intellectual disabilities can be observed. This article formulates several recommendations in order to restore this balance.
    ---
    De Nederlandse Wet zorg en dwang (Wzd) ziet toe op de rechten van mensen met een verstandelijke beperking bij onvrijwillige zorg of onvrijwillige opname. Dit artikel onderzoekt de juridische positie van mensen met een verstandelijke beperking ten aanzien van deze wet. De Wzd wordt geanalyseerd in relatie tot artikel 12 van het Verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap (VRPH). De bevindingen van dit onderzoek laten zien dat de Wzd in verschillende gevallen niet voldoet aan de normen van artikel 12 VRPH. Zo wordt onder andere de handelingsbekwaamheid, ofwel ‘legal capacity’, van mensen met een verstandelijke beperking niet erkend en blijft plaatsvervangende besluitvorming mogelijk. Vanuit theoretisch oogpunt is er sprake van een disbalans tussen de bescherming van en het respect voor de autonomie van mensen met een verstandelijke beperking. Dit artikel doet daarom meerdere aanbevelingen om dit evenwicht te herstellen.


F. Schuthof LLM
Fiore Schuthof conducts research into better empowerment and protection of the elderly as a PhD student at Utrecht University (UU).
Artikel

Access_open Het classicistische politieke denken van Van Hogendorp

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2021
Trefwoorden classicistisch politiek denken, constitutie, Van Hogendorp, Grondwet, politieke filosofie
Auteurs Alban Mik
SamenvattingAuteursinformatie

    Gijsbert Karel van Hogendorp is the auctor intellectualis of the 1818 Dutch constitution. It was his sketch for a new constitution that was used as a starting point for the deliberations of its original drafting committee. Van Hogendorp justifies his constitution as a restoration of the Burgundian constitution that applied before the Dutch Republic. In recent literature Van Hogendorp’s restorational argument is presented as an invention of tradition. In this article an alternative explanation is presented, namely that it is part of a form of classicist political thought that was common during the ancien régime. Van Hogendorp describes his constitution as a moderate monarchy, in which the three principles of monarchy, aristocracy and democracy are properly balanced. And he mainly defends this mixed regime by pointing out that it is a restoration of the old Burgundian constitution of the Netherlands. This way of reasoning is, as will be shown, typically classicistic.


Alban Mik
Alban Mik is onderzoeker aan de Afdeling Metajuridica, vakgroep Rechtsfilosofie van de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Langlopende letselschadezaken: wat zijn de belangrijkste kenmerken?

Tijdschrift Afwikkeling Personenschade, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Langlopende letselschadezaken, Personenschade, Letselschade, Schadeafwikkeling
Auteurs Dr. mr. R. Rijnhout, D.W. van Maurik LLB, Mr. dr. E.G.D van Dongen e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Langlopende letselschadezaken kunnen om meerdere redenen nog openstaan. Het is niet mogelijk om één dominante omstandigheid te benoemen als hét kenmerk van een langlopend letselschadedossier. In dit artikel worden de belangrijkste bevindingen uit het onderzoek gepresenteerd.


Dr. mr. R. Rijnhout
Dr. mr. R. Rijnhout LLM is als Universitair hoofddocent verbonden aan Ucall en het onderzoekscluster Empirical legal research into institutions for conflict resolution, en was projectleider van dit onderzoek.

D.W. van Maurik LLB
D.W. van Maurik LLB is student-assistent bij Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall) en heeft tevens als onderzoeksstudent een bijdrage geleverd aan de uitvoering van het onderzoek.

Mr. dr. E.G.D van Dongen
Mr. dr. E.G.D. van Dongen LLM is als Universitair docent verbonden aan Ucall.

Prof. mr. I. Giessen
Prof. mr. I. Giesen is als hoogleraar burgerlijk recht verbonden aan Ucal.
Media

Met open ogen: film en recht

Recensie Dark Waters (Todd Haynes, 2020)

Tijdschrift Afwikkeling Personenschade, Aflevering 1 2021
Auteurs Mr. M. Zwagerman
Auteursinformatie

Mr. M. Zwagerman
Mr. M. Zwagerman is advocaat bij VictimFirst Advocaten.
Artikel

Zo moeiteloos als voor het ongeluk gaat het niet meer

Tijdschrift Afwikkeling Personenschade, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Letselschade, Niet aangeboren hersenletsel (NAH), Personenschade
Auteurs Drs. S. de Roos
SamenvattingAuteursinformatie

    Per jaar krijgen van zo’n 20.000 kinderen (of hun ouders) tot 24 jaar te horen dat zij een Niet Aangeboren Hersenletsel (NAH) hebben opgelopen, bijvoorbeeld door een val, ongeluk, vechtpartij, neurologische aandoening of ziekte.


Drs. S. de Roos
Suzanne de Roos studeerde in 2004 af als orthopedagoog en onderwijskundige (richting leerproblemen).
Artikel

Hoe behandel je klachten over etnisch profileren?

Een onderzoek van de Nationale ombudsman

Tijdschrift Tijdschrift voor Klachtrecht, Aflevering 2 2021
Auteurs Natalia Molina Espeleta en Marieke Ruitenburg
Auteursinformatie

Natalia Molina Espeleta
Mr. N.T. Molina Espeleta is senior onderzoeker bij de Nationale ombudsman en redactielid van dit tijdschrift.

Marieke Ruitenburg
Mr. M. Ruitenburg is onderzoeker structurele aanpak bij de Nationale ombudsman.
Artikel

Juristen van de 21e eeuw

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 5 2021
Auteurs Erik Jan Bolsius

Erik Jan Bolsius
Recent

Zorgen om stagiair in coronatijd

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 5 2021
Auteurs Francisca Mebius

Francisca Mebius
Artikel

‘We doen deze zaak echt met z’n achten’

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 5 2021
Auteurs Sabine Droogleever Fortuyn en Feike Faase
Auteursinformatie

Sabine Droogleever Fortuyn

Feike Faase
Beeld
Recent

Zaak-Wiersum: klaar voor de start?

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 5 2021
Auteurs Francisca Mebius

Francisca Mebius
Column

Kostgangers in toga

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 5 2021
Auteurs Matthijs Kaaks

Matthijs Kaaks
Artikel

Access_open Strafbare seks tussen jongeren: ‘ontuchtig’ of ‘anders dan in het kader van een gelijkwaardige relatie’

Wie het weet mag het zeggen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2021
Trefwoorden ontuchtige handelingen, seksuele autonomie minderjarigen, Legaliteit
Auteurs Dr. Renée Kool en Dr. Lydia Dalhuisen
SamenvattingAuteursinformatie

    A revision of the Dutch vice law is to be expected, amongst others with regard to sex between minors. The current standard requires such contacts to be in violation with the social view, indicating that the minor’s perspective is subdue to the majority opinion. Applying the legal standard of ‘indeceny’ (‘ontuchtig’), the judiciary are left with room for interpretation. In order to grant minors more sexual autonomy and to further legality, the legislator wants to change the criterion, opting for the standard of ‘other than in an equal relationship’. This begs the question whether this will solve the interpretive issues that flow from such open criteria. In order to predict whether the standard of ‘other than in an equal relationship’ will contribute to clarify the issues of legality, the jurisprudence with regard to the standard of ‘indecency’ was analyzed in order to learn which variables are applied by the magistracy.


Dr. Renée Kool
Dr. Renée Kool is universitair hoofddocent UCall/WPI bij Utrecht Centre for Accountability & Liability Law (UCALL).

Dr. Lydia Dalhuisen
Dr. Lydia Dalhuisen is universitair docent UCall/WPI, Universiteit Utrecht.
Artikel

Ouders aanpakken als hun kind over de schreef gaat?

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2021
Trefwoorden young repeat offenders, Desistance, Parents, Empathy
Auteurs Em. prof. dr. Ido Weijers en Yoni Geerlings MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    This article builds on two previous publications in this journal on the topic of the role of the parents of misbehaving children. We previously concluded that the family plays an important role in ending crime among young people. More recently, we sharpened that conclusion on the basis of long-term monitoring of a large group of young repeat offenders: they don’t stop because their parents say so. The role of the parents turned out to be much more fragile. This article aims to offer an extra insight into the complexity of the relationship between education and crime based on three recent cases.


Em. prof. dr. Ido Weijers
Em. prof. dr. Ido Weijers is pedagoog. Hij was als bijzonder hoogleraar Jeugdrechtspleging verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht en als hoogleraar Jeugdbescherming aan de opleiding Pedagogiek van dezelfde universiteit.

Yoni Geerlings MSc
Yoni Geerlings MSc is orthopedagoog. Zij werkt als junior docent bij de opleiding Pedagogische Wetenschappen van de Universiteit van Amsterdam.
PROCESperikelen

Het ontstaan van de roman Paula – Liefde en vergelding

Het belang van inzichten uit onderzoek bij het schrijfproces

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2021
Auteurs Johan Gortworst
Auteursinformatie

Johan Gortworst
Johan Gortworst was tot 1 juli 2020 senior beleidsadviseur bij Valente, branchevereniging voor participatie, begeleiding en veilige opvang. Hij is nu zelfstandig schrijver en publicist.
Ten geleide

Een eeuw gevierd

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2021
Auteurs Prof. dr. mr. Jeroen ten Voorde
Auteursinformatie

Prof. dr. mr. Jeroen ten Voorde
Prof. dr. mr. Jeroen ten Voorde is universitair hoofddocent Straf(proces)recht. Hij is tevens als bijzonder hoogleraar Strafrechtsfilosofie, leerstoel Leo Polak, verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen en redacteur van PROCES.
Artikel

Werken aan perspectief

De begeleiding van SVG-cliënten naar een structurele dagbesteding

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2021
Trefwoorden structural daytime activities, Probation Service for addicted offenders, Subgroups, heterogeneity
Auteurs Yentl Keijser MSc en Dr. Victor van der Geest
SamenvattingAuteursinformatie

    This study investigates daytime activities in clients at the Dutch Probation Service for addicted offenders (SVG). The article describes daytime activities, including work, based on official registrations of 9717 clients and an additional selection of client file study for 50 clients. The majority of the population does not have structural daytime activities, and within this group, substance use problems are slightly more prevalent. This study identifies four subgroups of clients without daytime activities: job seekers, work-incapacitated clients, motivated unemployed clients, and unmotivated unemployed clients. There is some heterogeneity between subgroups in terms of different background problems.


Yentl Keijser MSc
Yentl Keijser MSc is afgestudeerd criminoloog.

Dr. Victor van der Geest
Dr. Victor van der Geest is universitair docent/onderzoeker aan de Vrije Universiteit.
Ad Rem

Algemene voorwaarden en dienstverrichters, onduidelijk gepuzzel: wie het weet mag het zeggen

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2021
Trefwoorden algemene voorwaarden, toepasselijkheid, dienstenrichtlijn, informatieplicht
Auteurs Prof. mr. dr. T.H.M. Van Wechem en Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    De Dienstenrichtlijn verplicht de dienstverrichter tot het verstrekken van uitgebreide informatie aan de klant, waaronder algemene voorwaarden. De Dienstenrichtlijn bevat geen sancties op het verzaken van de informatieplicht. De Nederlandse wetgever heeft de informatieplicht gekoppeld aan artikel 6:234 BW. Auteurs onderzoeken of dat juist is en of het verzaken van de informatieplicht een totstandkomingsgebrek is.


Prof. mr. dr. T.H.M. Van Wechem
Prof. mr. dr. T.H.M. van Wechem is hoogleraar Corporate Legal Counseling aan de Open Universiteit en redacteur van Contracteren.

Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat onder de naam facily LAW advocatuur, adviseur bij La Gro Geelkerken Advocaten en redacteur van Contracteren
Toont 1 - 20 van 3608 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.