Zoekresultaat: 81 artikelen

x

    Aruba, Curaçao en Sint Maarten kennen, anders dan Nederland, geen uitgebreid stelsel van geschreven regels van commuun internationaal privaatrecht. In deze bijdrage wordt onderzocht in hoeverre de Caribische rechtspraktijk bij het in Nederland geldend commuun internationaal privaatrecht te rade kan, mag of moet gaan om de leemtes in de eigen rechtsorde op te vullen.


Mr. dr. M.V.R. Snel
Mr. dr. M.V.R. Snel is als wetenschappelijk hoofdmedewerker privaatrecht verbonden aan de University of Curaçao en als research fellow aan het Tilburgs Instituut voor Privaatrecht. Tevens is hij lid van de redactie van het Caribisch Juristenblad.
Annotatie

Het discriminatieverbod als katalysator van de negatieve vrijheid van religie in identiteitsgebonden organisaties

HvJ EU 17 april 2018, C-414/16 (Vera Egenberger/Evangelisches Werk für Diakonie und Entwicklung eV) en HvJ EU 11 september 2018, C-68/17 (IR/JQ)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Kaderrichtlijn 2000/78, Discriminatie op basis van godsdienst of overtuiging, Identiteitsgebonden organisaties, Toegang tot de rechter, Proportionaliteit
Auteurs Prof. dr. F. Dorssemont
SamenvattingAuteursinformatie

    In de hier besproken arresten buigt het Europese Hof van Justitie zich voor de tweede maal sedert de arresten Achbita en Bougnaoui (2017) over de draagwijdte van discriminatie op basis van godsdienst of overtuiging. Stond in de hiervoor genoemde arresten de vraag centraal of de indirecte discriminatie die een hoofddoekverbod in een neutrale organisatie impliceert kon worden gerechtvaardigd, dan botsen in de hier besproken arresten een sollicitant en een werknemer in identiteitsgebonden organisaties op het ethos van die organisatie. De vraag staat centraal in welke mate een identiteitsgebonden organisatie zich op dat ethos kan beroepen om een kandidaat te weigeren die géén lid is van een protestants kerkgenootschap, en om een arts te ontslaan die na het aangaan van een kerkelijk huwelijk dat noch werd nietig verklaard, noch door de dood van zijn voormalige echtgenote werd ontbonden een tweede civiel huwelijk aanging. In deze bijdrage wordt de wijze waarop het Europese Hof van Justitie met dergelijke loyaliteitsconflicten omgaat vergeleken met de jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. De verruimde mogelijkheid die identiteitsgebonden organisaties hebben om directe discriminatie op basis van geloof of overtuiging te rechtvaardigen wordt vergeleken met de gemene rechtvaardiging van directe discriminatie. Een ander punt van aandacht is de vergelijking tussen deze verruimde rechtvaardiging van directe discriminatie én de rechtvaardiging van beperkingen van de vrijheid van godsdienst. De oordelen van het Nederlandse College voor de Rechten van de Mens worden beschouwd in het licht van deze Luxemburgse jurisprudentie.


Prof. dr. F. Dorssemont
Prof. dr. F. Dorssemont is gewoon hoogleraar aan de Université Catholique de Louvain en gastdocent aan de Vrije Universiteit Brussel.
Artikel

De toekomst van het concordantiebeginsel

Een onderzoek naar de vraag of het concordantiebeginsel zoals neergelegd in artikel 39 Statuut in de huidige vorm gehandhaafd moet blijven

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2019
Trefwoorden concordantiebeginsel, Statuut, landsaangelegenheid, consultatieplicht, leemte in de wet
Auteurs E. van Keeken
SamenvattingAuteursinformatie

    Heeft het concordantiebeginsel na de herstructurering van 10 oktober 2010 nog een toekomst? Een literatuuronderzoek heeft tot de volgende conclusies geleid. Het concordantiebeginsel moet blijven bestaan. De open norm van artikel 39 lid 1 Statuut moet gehandhaafd blijven, daar het een landsaangelegenheid betreft. Omdat er veel onbewuste discordantie plaatsvindt, moet artikel 39 lid 2 Statuut aangescherpt worden. Concordantie van rechtspraak moet bij een leemte in de wet in lijn met de juridisch meest zuivere visie van Lewin afgebakend worden in het Statuut onder andere met het oog op de machtenscheiding en de autonomie van de Caribische landen.


E. van Keeken
E. van Keeken is masterstudent Nederlands Recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

De kerk als werkgever

De spanningsvolle relatie tussen kerkelijk recht en het arbeidsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Kerkgenootschap, Grondrechten, Gelijke behandeling, Tendenswerkgever, Ontslagrecht
Auteurs Wijnand Zondag
SamenvattingAuteursinformatie

    As a special employer, the church has an interest in shaping its own personnel policy in order to achieve the mission and objective. In part, the legislator has met this need. After all, various laws in the field of appointment, terms of employment and dismissal take account of the specific interests of the church as described before. The external border consists of fundamental human rights that are included in the ECHR and the European Directive on equal treatment. It is not always clear where the external border is exactly. The Dutch legislation regarding the battle of ‘church law’ and fundamental rights is not consistent. Moreover, there we notice a tension between national law and the European directive.


Wijnand Zondag
Dr. W. Zondag was van 2003 tot 2015 hoogleraar Arbeidsecht aan de Rijksuniversiteit Groningen. Sinds 2015 is hij voorganger in een kerkelijke gemeente. Daarnaast publiceert hij op het terrein van het snijvlak religie en recht en verricht hij onder andere promotieonderzoek aan de Theologische Universiteit Apeldoorn.
Artikel

Voorwoord

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2018
Trefwoorden voorwoord, themanummer
Auteurs Prof. mr. L.J.J. Rogier
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat de auteur stil bij het afscheid van Gerard Lewin.


Prof. mr. L.J.J. Rogier
Prof. mr. L.J.J. Rogier is hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de University of Curaçao en tevens voorzitter en redactielid van het Caribisch Juristenblad.
Artikel

Op afstand bestuurbaar eigendom

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2018
Trefwoorden overdraagbaarheid, Internet of Things, eigendom, technoregulering, IoT
Auteurs Mr. A. Berlee
SamenvattingAuteursinformatie

    Wat is de positie van de eigenaar wanneer zijn apparaat op afstand kan worden bestuurd, onbruikbaar kan worden gemaakt, of zodanig beveiligd dat men het niet mag repareren als het stuk gaat. Wie heeft er dan eigenlijk de controle: de eigenaar of een ander?


Mr. A. Berlee
Mr. A. Berlee is universitair docent goederenrecht bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Over frauderende slachtoffers en WAM-verzekeraars

En de vraag of civielrechtelijke sanctionering mogelijk, of zelfs gewenst is

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2018
Trefwoorden WAM-verzekeraar, fraude, verval van uitkering, frauderende claimant
Auteurs Mr. F.M. Ruitenbeek en Mr. M. de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij fraude door hun verzekerden kunnen verzekeraars ontkomen aan hun dekkingsplicht. Kan dat ook in de verhouding tussen WAM-verzekeraars en verkeersslachtoffers die ageren op grond van artikel 6 WAM? De kantonrechter te Amsterdam zag geen grond voor (analoge) toepassing van artikel 7:941 lid 5 BW of voor verval van het recht op uitkering via de band van de redelijkheid en billijkheid. Naar aanleiding van het kantonvonnis bespreken de auteurs in deze bijdrage of het verval van het recht op uitkering het door verzekeraars gewenste effect sorteert en of fraude in de aansprakelijkheidsverhouding kan derogeren aan het recht op schadevergoeding.


Mr. F.M. Ruitenbeek
Mr. F.M. Ruitenbeek is promovenda bij de sectie Burgerlijk Recht van de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. M. de Vries
Mr. M. de Vries is promovenda aan de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam, bij het Verzekeringsinstituut.
Artikel

Kwaliteit en Innovatie in het Caribische deel van het Koninkrijk

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2018
Trefwoorden KEI, digitaal procederen, mondelinge behandeling, termijnbewaking, Caribisch deel van het Koninkrijk
Auteurs Prof. mr. dr. G.C.C. Lewin
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage geeft een overzicht van de stand van zaken in het Caribische deel van het Koninkrijk op de diverse gebieden die in Nederland onder KEI vallen, zoals digitaal procederen, mondelinge behandeling en termijnbewaking. Het spreekt niet vanzelf dat KEI-achtige ontwikkelingen die zich in Nederland voordoen, ook in het Caribische deel van het Koninkrijk worden ingevoerd. De uitdagingen zitten in de acceptatie bij de rechters, de advocatuur en de samenleving.


Prof. mr. dr. G.C.C. Lewin
Prof. mr. dr. G.C.C. Lewin is lid van het Gemeenschappelijke Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en buitengewoon hoogleraar aan de University of Curaçao Dr. Moises da Costa Gomez.
Praktijk

Ontbinding en opzegging: in de Twilight Zone van ‘tenzij’ en ‘zwaarwegende gronden’

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Opzegging duurovereenkomst, Ontbinding overeenkomst, Tekortkoming, Auteurscontract, Redelijkheid en billijkheid
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    De regelingen van opzegging en ontbinding, zoals vormgegeven in de rechtspraak van de Hoge Raad en in de wet, blijven een mijnenveld. Het blijft continu een kwestie van goed manoeuvreren en tijdig klagen en in gebreke stellen. In zijn arrest Nanada/Golden Earring gaat de Hoge Raad nader in op de opzegbaarheid van overeenkomsten en de ontbinding. De auteur bespreekt dit arrest tegen de achtergrond van de opzegging en ontbinding van overeenkomsten.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten in Alphen aan den Rijn.
Artikel

In pari delicto; als de pot de ketel verwijt

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2017
Trefwoorden in pari delicto, nemo auditur, unclean hands, eigen schuld, relativiteit
Auteurs Prof. mr. A.L.M. Keirse en Mr. dr. B.M. Paijmans
SamenvattingAuteursinformatie

    Het aloude adagium in pari delicto wordt in de jurisprudentie maar zelden in expliciete bewoordingen gebruikt. Het heeft in Nederland echter wel degelijk betekenis. Onbetamelijk gedrag van de benadeelde zou zelfs vaker reeds bij de vestiging van aansprakelijkheid in beeld moeten komen, en niet pas bij de omvang van aansprakelijkheid.


Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is hoogleraar burgerlijk recht aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) van de Universiteit Utrecht en parttime raadsheer bij het Gerechtshof Amsterdam.

Mr. dr. B.M. Paijmans
Mr. dr. B.M. Paijmans is advocaat bij Doelen Advocatuur en onbezoldigd universitair docent aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Het verschoningsrecht van de geestelijke

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2017
Trefwoorden verschoningsrecht, geestelijke, geheimhouding, Godsdienst/religie, sekte
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers
SamenvattingAuteursinformatie

    In de bijdrage wordt het verschoningsrecht van de geestelijke aan de hand van wetsgeschiedenis en rechtspraak aan een nadere beschouwing onderworpen. Centraal staat de vraag wie die geestelijke is en wanneer hem het verschoningsrecht toekomt. Verder wordt een antwoord gegeven op de vraag hoe het zit met de geestelijk leiders van andere dan de wereldgodsdiensten.


Prof. mr. H.J.B. Sackers
Prof. mr. H.J.B. Sackers is hoogleraar bestuurlijk sanctierecht aan de Radboud Universiteit.
Artikel

Grenzen aan de uitoefening van een hypotheekrecht

Over de implementatie van art. 28 Richtlijn 2014/17/EU (hypothecair krediet)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2017
Trefwoorden hypotheekrecht, kredietovereenkomst, implementatie Richtlijn hypothecair krediet, zorgplicht bank, uitwinning
Auteurs Mr. J.W.A. Biemans
SamenvattingAuteursinformatie

    Art. 28 Richtlijn hypothecair krediet is ten dele geïmplementeerd in art. 7:128 BW dat de uitoefening van het hypotheekrecht in verschillende opzichten begrenst. In deze bijdrage komen de inhoud en strekking van beide bepalingen aan bod.


Mr. J.W.A. Biemans
Prof. mr. J.W.A. Biemans is hoogleraar Burgerlijk recht, in het bijzonder Goederenrecht en Notarieel recht, aan de Universiteit Utrecht, raadsheer-plaatsvervanger aan het Hof Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Rechtstreekse vergoeding van afgeleide schade van een vennoot in een personenvennootschap

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2017
Trefwoorden afgeleide schade, afgescheiden vermogen, Poot/ABP-arrest, personenvennootschap, rechtspersoonlijkheid
Auteurs Mr. T.D.J. Oosterink
SamenvattingAuteursinformatie

    Schade aan het vermogen van een personenvennootschap heeft voor de individuele vennoten zowel rechtstreekse als afgeleide schade tot gevolg. De auteur onderzoekt hoe dit zit en of individuele vennoten die beide schadesoorten buiten de personenvennootschap om op de schadetoebrenger kunnen verhalen. Hij doet dit naar aanleiding van lagere rechtspraak en in het licht van het Poot/ABP-arrest.


Mr. T.D.J. Oosterink
Mr. T.D.J. Oosterink is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Praktijk

Hoe anderen over je denken

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 1 2017
Auteurs Michel Knapen

Michel Knapen
Artikel

Rechercheren een vorm van street-level bureaucracy?

Een verkenning van de opsporingspraktijk naar georganiseerde misdaad

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Street-level bureaucracy, Recherche, Georganiseerde misdaad
Auteurs Dr. Melvin Soudijn
SamenvattingAuteursinformatie

    Academic researchers in the Netherlands working on organized crime often make use of police files. This produces a lot of knowledge and helps building and testing theories about organized crime. However, it is also known that police files have their limitations. This article uses the concept of ‘street-level bureaucracy’ to explain some of these limitations. For instance, routines and biases can influence the way an investigation is conducted, i.e. avoiding or not following up certain lines of enquiry. Researchers who make use of case file analysis should therefore keep in mind the extent to which an investigation team functioned as a street-level bureaucracy.


Dr. Melvin Soudijn
Dr. Melvin R.J. Soudijn is senior onderzoeker bij de Landelijke Eenheid, Dienst Landelijke Informatievoorziening.
Artikel

Wat is een behoorlijke verzekering in het kader van goed werkgeverschap?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2016
Trefwoorden behoorlijke verzekering, polissenonderzoek, werkgeversaansprakelijkheid, werknemersschade
Auteurs Mr. J.R. Goudkuil
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad heeft in 2011 voor werkgevers een behoorlijke verzekeringsplicht in het leven geroepen met betrekking tot de werknemers die zich tijdens de uitoefening van werkzaamheden in het verkeer bevinden. Wat wordt verstaan onder een behoorlijke verzekering? Om deze centrale vraag te onderzoeken zijn eerst aanknopingspunten gezocht in de jurisprudentie. Hierna zijn meerdere verzekeringspolissen onderzocht om te bezien wat een gangbare verzekeringspolis is. Het voornaamste onderzoeksresultaat is dat verzekeraars het Burgerlijk Wetboek van toepassing hebben verklaard. Enerzijds betekent dit in beginsel volledige schadevergoeding voor de werknemer, anderzijds betekent dit dat eventuele onduidelijkheden wat betreft de schadevergoeding aan de rechter worden overgelaten.


Mr. J.R. Goudkuil
Mr. J.R. Goudkuil is werkzaam als letselschadejurist bij Juridisch Bureau Letselschade & Gezondheidsrecht.
Artikel

De juridische houdbaarheid van de doorleverplicht – een eerste verkenning

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden doorleverplicht, zorginkoop, precontractuele fase, artikel 3:40 B beperkende werking redelijkheid en billijkheid
Auteurs Mr. B.A. van Schelven
SamenvattingAuteursinformatie

    De juridische houdbaarheid van de doorleverplicht is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Een rechtsgrond die zich in absolute zin tegen de doorleverplicht verzet, dient zich niet direct aan. In de precontractuele fase zal een doorleverplicht vermoedelijk het snelst ontoelaatbaar worden geoordeeld indien de doorleverplicht in combinatie met een omzetplafond wordt opgelegd door een dominante zorgverzekeraar. In de nakomingsfase zal de doorleverplicht waarschijnlijk het snelst ontoelaatbaar worden geoordeeld indien de bedrijfsvoering van de zorgaanbieder in gevaar komt, de reden voor effectuering niet bij de zorgaanbieder ligt, de verzekerden voor dezelfde zorg terecht kunnen bij een andere zorgaanbieder en de prijs-kwaliteitverhouding te veel doorslaat naar prijs.


Mr. B.A. van Schelven
Bas van Schelven (30 jaar) is advocaat bij Van Doorne. De auteur dankt Willemien Bischot en Cees Jan de Boer voor hun commentaar op eerdere versies van dit artikel.
Artikel

Relativiteit, eigen schuld en de collectieve actie

Enkele opmerkingen naar aanleiding van HR 27 november 2015, ECLI:NL:HR:2015:3399, NJ 2016/245 m.nt. T.F.E. Tjong Tjin Tai (Stichting Gedupeerde Beleggers/ABN Amro)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2016
Trefwoorden collectieve actie, relativiteit, eigen schuld, bancaire zorgplicht, beleggingsschade
Auteurs Mr. drs. D.F.H. Stein
SamenvattingAuteursinformatie

    In hoeverre staat onvoorzichtigheid van de belegger in de weg aan diens bescherming door de bancaire zorgplicht? De auteur bespreekt deze vraag in het kader van een collectieve actie en gaat tevens in op de mogelijkheid om daarin een oordeel te krijgen omtrent het beschermingsbereik van een geschonden norm (relativiteit ‘in strikte zin’).


Mr. drs. D.F.H. Stein
Mr. drs. D.F.H. Stein is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Statuten, een kwestie van uitleg op maat?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2016
Trefwoorden uitleg, statuten, reglement, objectief, subjectief
Auteurs Mr. J.R. Hurenkamp
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit de rechtspraak anno 2016 volgt dat statuten objectief moeten worden uitgelegd, maar dat in uitzonderingsgevallen een meer subjectieve uitleg gerechtvaardigd kan zijn, indien partijen betrokken zijn geweest bij de totstandkoming van de statuten, in een contractuele verhouding staan of de redelijkheid en billijkheid in art. 2:8 BW dat eist.


Mr. J.R. Hurenkamp
Mr. J.R. Hurenkamp is advocaat bij Wijn & Stael Advocaten te Utrecht.

Mr. J. de Boer
Mr. J. de Boer is lid van het Gemeenschappelijk Hof.
Toont 1 - 20 van 81 gevonden teksten
« 1 3 4 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.