Zoekresultaat: 27 artikelen

x
Boekbespreking

Cassatie

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2020
Auteurs Freerk Vermeulen
Auteursinformatie

Freerk Vermeulen
Mr. F.E. Vermeulen is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Kroniek rechtspraak

Kroniek rechtspraak rechten van de mens

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2020
Trefwoorden EVRM, EHRM, rechten van de mens, schending, schadevergoeding
Auteurs Prof. mr. A.C. Hendriks
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM of Hof) heeft in de periode van september 2019 tot en met augustus 2020 weer diverse uitspraken gedaan over gezondheidsrechtelijke onderwerpen. Veel uitspraken borduren voort op of geven een nadere uitleg aan zaken waarover het Hof zich eerder heeft gebogen. Tegelijkertijd komt uit de uitspraken van afgelopen jaar het beeld naar voren dat het Hof in toenemende mate belang hecht aan de beschermingsplicht van de overheid, in het bijzonder bij gedetineerden, psychiatrische en verstandelijk beperkte patiënten en personen die anderszins kwetsbaar zijn.


Prof. mr. A.C. Hendriks
Aart Hendriks is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Leiden.
Vrij verkeer

De Europese Toegankelijkheidsrichtlijn voor mensen met een handicap: grondrechtenbevordering binnen de Europese interne markt

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2020
Trefwoorden toegankelijkheid, interne markt, personen met een beperking, grondrechten, VN-verdrag handicap
Auteurs Prof. mr. dr. S. de Vries en Mr. T. de Sterke
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de in april 2019 aangenomen Europese Toegankelijkheidsrichtlijn wordt gepoogd de toegankelijkheid van producten en diensten voor personen met een beperking te verbeteren. De richtlijn geeft hiermee uitvoering aan het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap. Dit artikel beschrijft de totstandkomingsgeschiedenis van de richtlijn, de belangrijkste kenmerken ervan en wat de te verwachten toegevoegde waarde van de richtlijn zal zijn.
    Richtlijn (EU) 2019/882 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2019 betreffende de toegankelijkheidsvoorschriften voor producten en diensten, PbEU 2019, L 151/70.


Prof. mr. dr. S. de Vries
Prof. mr. dr. S.A. (Sybe) de Vries is hoogleraar EU internemarktrecht en grondrechten aan de Universiteit Utrecht en Jean Monnet leerstoelhouder.

Mr. T. de Sterke
Mr. T. (Thijs) de Sterke is recent afgestudeerd van de masteropleiding Europees Recht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Inclusief inhoud?

‘Beter Wetgeven’ in de EU voorbij het wetgevingsproces: is er ook aandacht voor inhoudelijke kwaliteit?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2020
Trefwoorden Grondrechten, Delegatiegrondslagen, Evenredigheidsbeginsel, Nationale autonomie
Auteurs Prof. dr. A. van den Brink
SamenvattingAuteursinformatie

    Centraal in het Beter Wetgeven-beleid van de EU staat de verbetering van de kwaliteit van wetgevingsprocessen. Is er daarnaast aanleiding om de kwaliteit van de inhoud van Europese wetgeving te verbeteren? Beter Wetgeven omvat ook nu al inhoudelijke elementen. Via het evenredigheidsbeginsel worden bijvoorbeeld lidstatelijke belangen beschermd. Andere elementen, zoals de keuze voor de rechtshandeling en de keuze om regelgevende bevoegdheden aan de Commissie of de Raad te delegeren, zijn veel minder systematisch uitgewerkt. Dat geldt ook voor de wijze waarop grondrechten in de EU-wetgeving tot uitdrukking komen.


Prof. dr. A. van den Brink
Prof. dr. A. (Ton) van den Brink is hoogleraar EU wetgevingsvraagstukken aan de Universiteit Utrecht.
Asiel en migratie

Menselijke waardigheid en een waardige levensstandaard; de uitspraak van het Hof van Justitie inzake Zubair Haqbin

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2020
Trefwoorden opvang, asiel, menselijke waardigheid, rechten van het kind
Auteurs Prof. mr. A.B. Terlouw en Mr. dr. K.M. Zwaan
SamenvattingAuteursinformatie

    Richtlijn 2013/33/EU (de Opvangrichtlijn) regelt welke opvangvoorzieningen aan asielzoekers moeten worden verstrekt en ook hun rechten op documenten, onderwijs en toegang tot de arbeidsmarkt en gezondheidszorg. In de uitspraak HvJ 12 november 2019, zaak C-233/18 inzake Zubair Haqbin oordeelt het Hof van Justitie dat de intrekking – al was het maar tijdelijk – van alle materiële opvangvoorzieningen of van de materiële opvangvoorzieningen die betrekking hebben op huisvesting, voeding of kleding, onverenigbaar is met de verplichting om ervoor te zorgen dat Haqbin een waardige levensstandaard geniet. Een dergelijke sanctie ontneemt hem immers de mogelijkheid om te voorzien in zijn meest elementaire behoeften.
    HvJ 12 november 2019, zaak C-233/18, ECLI:EU:C:2019:956 (Zubair Haqbin/Federaal Agentschap voor de opvang van asielzoekers, België)


Prof. mr. A.B. Terlouw
Prof. mr. A.B. (Ashley) Terlouw is hoogleraar rechtssociologie aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Mr. dr. K.M. Zwaan
Mr. dr. K.M. (Karin) Zwaan is universitair hoofddocent migratierecht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

De invloed van Europa op ons procesrecht

Verslag van de voorjaarsvergadering 2019 van de Nederlandse Vereniging voor Procesrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2020
Auteurs Jaap Dammingh en Marijn van den Berg
Auteursinformatie

Jaap Dammingh
Mr. J.J. Dammingh is universitair hoofddocent burgerlijk (proces)recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Marijn van den Berg
Mr. L.M. van den Berg is stafjurist in de rechtbank Gelderland.
Artikel

Access_open Zeven scènes uit het leven van een 150-jarige

Gemeenschappelijk Hof van Justitie – 150-jarig bestaan – maatschappelijke rol

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Gemeenschappelijk Hof van Justitie, 150-jarig bestaan, Caribische rechtsstaat
Auteurs Prof. mr. M.A. Loth
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit jaar viert het Gemeenschappelijk Hof van Justitie zijn 150-jarig bestaan. Voor die gelegenheid staat de auteur stil bij de betekenis van het Hof voor de moderne Caribische rechtsstaat en samenleving. Daartoe worden zeven scènes geschetst waarin centraal staan de relaties van het Hof tot de burger, de overheid, de bestuurders, de rechtsorde, het algemeen belang, de Hoge Raad, en het interne bestuur en beheer. Op al deze fronten heeft het Hof zich aangepast aan nieuwe noden en aspiraties van de samenleving. De conclusie is dat het Hof zich heeft ontwikkeld tot een van de krachtigste instituties van de Caribische samenleving.


Prof. mr. M.A. Loth
Prof. mr. M.A. Loth is hoogleraar privaatrecht aan de Tilburg Law School en was van 1993 tot 1997 lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie.
Artikel

Access_open Uitleg van het VN-verdrag Handicap

Toepassing van de General Comments van het VN-Comité Handicap in Nederland

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 1 2019
Trefwoorden VN-verdrag Handicap, uitleg, General Comments
Auteurs Mr. D.C. Houtzager
SamenvattingAuteursinformatie

    Nederland is sinds 2016 bezig met het implementeren van het VN-verdrag Handicap. De uitleg van sommige verdragsartikelen kan vragen opleveren. Omdat die vragen ook bij andere landen leven, publiceert het VN-Comité dat toezicht houdt op het verdrag Algemene Opmerkingen, of met de gangbare Engelse term General Comments. Die Comments geven uitleg aan bepalingen van het verdrag. Dit artikel gaat in op de totstandkoming en de betekenis van de General Comments die het Comité heeft uitgebracht. Daarbij wordt ingegaan op de vraag hoe groot het effect is op de wetgever, rechter en de samenleving. Het artikel besluit met een lijst van de zeven General Comments van het Comité.


Mr. D.C. Houtzager
Mr. D.C. (Dick) Houtzager was tot februari 2019 lid van het College voor de Rechten van de Mens en is hoofdredacteur van het tijdschrift Handicap & Recht.
Artikel

Access_open De civiele kamer en de prejudiciële procedure: kritisch doch loyaal aan het Hof van Justitie

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2019
Trefwoorden prejudiciële procedure, Hof van Justitie van de Europese Unie, nationale rechters, motieven om te verwijzen, rechtspolitiek
Auteurs Jasper Krommendijk
SamenvattingAuteursinformatie

    De civiele kamer van de Hoge Raad treedt steeds vaker op als Unierechter en schuwt niet om te verwijzen. Er is echter weinig bekend over de motieven van de kamer om prejudiciële vragen te stellen en de manier waarop de antwoorden van het HvJ vervolgens worden gebruikt door de kamer. Om deze twee vragen te beantwoorden is er een uitgebreide analyse van de rechtspraak van de kamer uitgevoerd in combinatie met acht interviews met (oud-)raadsheren en A-G’s. Dit artikel toont aan dat de kamer uiterst loyaal is wat betreft het verwijzen en de inbedding ondanks dat raadsheren niet met alle antwoorden van het HvJ even tevreden waren.


Jasper Krommendijk
Dr. J. Krommendijk, LLM is universitair hoofddocent internationaal en Europees Recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Access_open Van Middelburg tot Almelo. Het hoe en waarom van prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie door Nederlandse lagere rechters

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Prejudiciële procedure, Hof van Justitie van de Europese Unie, Nationale rechters, Motieven om te verwijzen, rechtspolitiek
Auteurs Dr. Jasper Krommendijk LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft baanbrekende uitspraken gedaan, vooral als gevolg van prejudiciële vragen van nationale rechters op grond van art. 267 VWEU. Het zijn vooral niet-verwijzingsplichtige lagere rechters geweest die voor deze aanvoer hebben gezorgd. Dit artikel onderzoekt hoe dit kan worden verklaard en kijkt naar de motieven van Nederlandse lagere rechters om al dan niet prejudiciële vragen te stellen aan het HvJ. Het doet dit op basis van interviews met 22 rechters en een uitgebreide juridische analyse van uitspraken. Dit artikel toont aan dat met name pragmatische en praktische overwegingen een rol spelen bij het besluit om te verwijzen. Daarnaast laat dit artikel zien dat er meer verschillen zijn binnen een lidstaat dan tussen lidstaten onderling, met name tussen gerechtelijke instanties en individuele rechters.

    The Court of Justice of the European Union has rendered landmark cases, especially following references for a preliminary ruling from national courts on the basis of Art. 267 TFEU. Primarily lower courts that are not obliged to refer have been responsible for such cases. This article examines how these references of lower courts can be explained by focusing on the motives of the Dutch lower court judges to refer, or not to refer. It does so on the basis of interviews with 22 judges and an extensive legal analysis of judgments. This article shows that practical and pragmatic considerations play an important role in the court’s decision to refer. In addition, there are more differences within one Member States than between EU Member States, especially between particular courts and individual judges.


Dr. Jasper Krommendijk LLM
Jasper Krommendijk is universitair docent Europees recht aan de Radboud Universiteit.

Dr. Carolien Klein Haarhuis
Carolien Klein Haarhuis werkte voorheen als onderzoeker bij het WODC en sinds najaar 2018 bij Bureau Strategische Analyse van de Inspectie der Rijksfinanciën (Ministerie van Financiën).
Rechtsbescherming

Kroniek Handvest van de Grondrechten van de Unie periode 2016-2017: actieve grondrechtenbescherming vanuit Luxemburg

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2018
Trefwoorden Handvest van de Grondrechten, Effectieve rechtsbescherming, Verhouding EVRM
Auteurs Mr. A. Pahladsingh
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Handvest van de Grondrechten van de EU is sinds 1 december 2009 ruim zeven jaar juridisch bindend. Het heeft als doel grondrechtenbescherming te versterken door relevante rechten beter zichtbaar te maken. In deze kroniek wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste ontwikkelingen over 2016 en 2017, bezien vanuit het Hof van Justitie. Om een goed beeld te geven over de afgelopen twee jaar is gekozen voor een overzicht van de belangrijkste ontwikkelingen per artikel uit het Handvest.


Mr. A. Pahladsingh
Mr. A. Pahladsingh is werkzaam als jurist bij de Raad van State en rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Rotterdam.
Rechtsbescherming

Het verbod op misbruik: een algemeen beginsel van unierecht dat de EU en de lidstaten tegen de burger beschermt

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2018
Trefwoorden verbod op misbruik, algemene beginselen van Unierecht, doorwerking, legaliteitsbeginsel, Btw-richtlijn
Auteurs Dr. W.J. Blokland
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie heeft in het arrest Cussens e.a. eindelijk bevestigd en onderbouwd dat het verbod op misbruik een algemeen beginsel van Unierecht is. Naar de mening van de auteur ligt in het arrest verder besloten dat het verbod op misbruik omgekeerd verticaal kan werken, ten nadele van de burger te kwader trouw. Ten slotte heeft het Hof van Justitie het beoordelingskader voor misbruik nader ingevuld, vooral voor de btw.
    HvJ 22 november 2017, zaak C-251/16, Edward Cussens e.a./T.G. Brosman, ECLI:EU:C:2017:881.


Dr. W.J. Blokland
Dr. W.J. (Wouter) Blokland is universitair docent omzetbelasting aan de Vrije Universiteit en verbonden aan het wetenschappelijk bureau (sectie fiscaal) van de Hoge Raad der Nederlanden.
Recent

Rechterlijke anekdotes

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 10 2017
Auteurs Sylvia Kuijsten

Sylvia Kuijsten
Artikel

Framing en interactie in grootschalige rechercheonderzoeken

Goffmans perspectief op de opsporing

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2017
Trefwoorden criminal investigation, framing, police, Goffman
Auteurs Mr. dr. Renze Salet
SamenvattingAuteursinformatie

    This empirical study examines how criminal investigative police officers (re)construct a criminal case and the vulnerabilities of their logic.The investigation process is analyzed through Goffman’s framing and interaction theories. While Goffman’s theories have been widely applied to other disciplines, such contributions remain rare in criminology. Here, they shed light on how detectives understand and give meaning to the situation surrounding the criminal case they encounter. The results indicate that this approach shows promise for improving our understanding of the investigative process, if complemented by other theoretical views.


Mr. dr. Renze Salet
Mr. dr. R. Salet is universitair docent bij de sectie Strafrecht & Criminologie van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Janneke Gerards
Prof. mr. J.H. (Janneke) Gerards is als hoogleraar fundamentele rechten verbonden aan de Universiteit Utrecht. Deze bijdrage is losjes gebaseerd op de oratie die zij op 29 maart 2017 uitsprak.

    Voor een rechtsgeding tussen contractspartijen afkomstig uit twee of meer EU-lidstaten is in de Brussel I Verordening herschikking bepaald welke rechter in de zaak bevoegd is, en ook dat de erkenning en tenuitvoerlegging van de door het gerecht van herkomst gegeven ‘beslissing’ automatisch dient te geschieden. Die automatische erkenning en tenuitvoerlegging is gebaseerd op het Unierechtelijke beginsel van ‘wederzijds vertrouwen in de rechtsbedeling in de Unie’. Het is de balans tussen deze eenvoudige erkenning en tenuitvoerlegging enerzijds en de weigering om dat te doen vanwege dringende redenen anderzijds die in dit artikel naar aanleiding van de recente zaak Avotiņš/Letland centraal staat.


Mr. dr. J.M. Emaus
Mr. dr. J.M. Emaus is universitair docent aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en als onderzoeker verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability (Ucall) en het Utrecht Centre for Regulation and Enforcement in Europe (Renforce).
Jurisprudentie

Overgang van onderneming in de luchtvaartsector – with arms wide open?

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2016
Trefwoorden Overgang van onderneming, Luchtvaartsector, Verwijzingsplicht, Staatsaansprakelijkheid, Onrechtmatige rechtspraak
Auteurs Mr. dr. Iris Haanappel-van der Burg
SamenvattingAuteursinformatie

    In de zaak Ferreira da Silva e Brito e.a./Estado português heeft het Hof van Justitie in het kader van overgang van onderneming expliciet de luchtvaartsector als kapitaalintensieve sector aangewezen. Hoe verhoudt het arrest zich tot het oordeel van het Gerechtshof Amsterdam over de overgang van de passagedivisie van Martinair naar KLM? Daarnaast heeft het Hof van Justitie voor het eerst direct de rechterlijke macht aangesproken wegens het niet voldoen aan de verwijzingsplicht, reden waarom het arrest een landmark judgement is genoemd. Ten slotte heeft het Hof van Justitie zich uitgelaten over staatsaansprakelijkheid voor onrechtmatige rechtspraak, waarbij het maar zeer de vraag is of de hoge Nederlandse aansprakelijkheidsdrempel de door het Hof van Justitie herhaalde toets kan doorstaan.


Mr. dr. Iris Haanappel-van der Burg
Mr. dr. I. Haanappel-van der Burg is universitair docent Arbeidsrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Hof van Justitie ontwikkelt nieuwe visie op begrip handicap – en daarmee op non-discriminatierecht?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2015
Trefwoorden non-discriminatie, handicap, definitie, zwaarlijvigheid, ontslag
Auteurs Prof. mr. A.C. Hendriks
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds 1997 heeft de Raad van Ministers van de EU de bevoegdheid maatregelen te nemen ter bestrijding van discriminatie op grond van handicap. Maar wat wordt eigenlijk onder het begrip handicap verstaan? Het Hof van Justitie heeft deze term, zoals onder andere neergelegd in Richtlijn 2000/78/EG (hierna: Kaderrichtlijn) en het Handvest van grondrechten van de EU, via antwoorden op prejudiciële beslissingen nader geduid. Bestudering van deze jurisprudentie leert dat het Hof van Justitie het begrip handicap inmiddels anders interpreteert dat aanvankelijk het geval was. De omslag van een medische naar een meer sociale visie op het begrip handicap spreekt evident uit het recente arrest Kaltoft, het vervolg op de eerdere zaak HK Danmark. Deze nieuwe visie werkt door in de uitleg en toepassing van het Unierechtelijke verbod van discriminatie vanwege handicap en laat de gelijkebehandelingswetgeving in Nederland niet onberoerd.
    HvJ 18 december 2014, zaak C-354/13, Karsten Kaltoft/Billund Kommune, ECLI:EU:C:2014:2463, n.n.g.


Prof. mr. A.C. Hendriks
Prof. mr. A.C. (Aart) Hendriks is als hoogleraar gezondheidsrecht verbonden aan de Universiteit Leiden. Hij is daarnaast coördinator gezondheidsrecht bij artsenorganisatie KNMG te Utrecht.

    Er zijn maar weinig bestuursrechtelijke wetten zo controversieel als de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (hierna: Wet Bibob). Op grond van deze wet is het mogelijk dat het bestuursorgaan een beschikking weigert of intrekt, indien sprake is van een ernstig gevaar van misbruik van de beschikking. Gezien de huidige stand van zaken in de jurisprudentie kan de Wet Bibob bezwaarlijk worden aangemerkt als een vorm van ‘bestuursstrafrecht’. Dit betekent echter geenszins dat de invloed van strafrechtelijke dogmatiek en jurisprudentie op de toepassing van de Wet Bibob te verwaarlozen is. Dit laat zich treffend illustreren aan de hand van de zogenoemde ‘achterdeurproblematiek’. Deze ‘achterdeurproblematiek’ hangt samen met het gedoogbeleid.


mr. drs. B. van der Vorm
Toont 1 - 20 van 27 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.