Zoekresultaat: 31 artikelen

x
Artikel

Access_open Het belemmeren van buitenlandse financiering van geloofsgemeenschappen

Een grondrechtengevoelige kwestie

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2018
Trefwoorden godsdienstvrijheid, EVRM, Islam, financiering geloofsgemeenschappen
Auteurs Dr. Adriaan Overbeeke
SamenvattingAuteursinformatie

    According to the Coalition Agreement 2017-2021, the Dutch government intends to develop policy to prevent religious communities from receiving support from abroad if this support comes from so-called ‘unfree countries’. In the article, the author argues that restrictive measures in this area touch upon the collective freedom of religion, which is protected by the ECHR, measures that can only be justified under strict conditions in the light of religious freedom as guaranteed in article 9 ECHR.


Dr. Adriaan Overbeeke
Dr. A.J. Overbeeke is als universitair docent verbonden aan de afdeling Staats- en bestuursrecht van de faculteit Rechtsgeleerdheid van de VU Amsterdam en is onderzoeker aan de Universiteit Antwerpen. Hij studeerde politicologie aan de KU Leuven en rechtsgeleerdheid aan de Universiteit Antwerpen.
Artikel

De Europese kreukelzone van de wetgever

Goede wetgeving vanuit het EU- en EVRM-perspectief

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2018
Trefwoorden EU, EVRM, wetgever, toetsing, Verenigbaarheid
Auteurs Mr. dr. A. Cuyvers en Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt
SamenvattingAuteursinformatie

    Wat is een ‘goede wet’ voor de Nederlandse rechter vanuit het EU-recht en het EVRM bezien? Een ‘goede wet’ – daaronder mede begrepen de toelichting bij de wet – stelt de rechter afdoende in staat om (1) de verenigbaarheid van een wet met het EU-recht of het EVRM te beoordelen en (2) potentiële conflicten met het EU-recht of het EVRM constructief op te lossen zonder te hoeven grijpen naar ‘zware’ opties. Maar hoe, en tot op welke hoogte, kan of moet de wetgever rekening houden met de Europese taak en habitat van de Nederlandse rechter, zowel qua inhoud als qua motivering van wetgeving? En welke wetgevende kreukelzone mag de rechter onder Europees recht en het EVRM aan de wetgever laten alvorens in te grijpen? Ter beantwoording van deze vragen gaat deze bijdrage in op de verschillende vereisten die het EU-recht en het EVRM stellen aan goede wetgeving, waarbij mede wordt ingegaan op de structuur van de stapsgewijze toetsing door de Europese Hoven van nationale wetgeving.


Mr. dr. A. Cuyvers
Mr. dr. A. (Armin) Cuyvers is universitair hoofddocent Europees recht aan het Europa Instituut van de Universiteit Leiden.

Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt
Mr.dr. P.B.C.D.F. (Paul) van Sasse van Ysselt is plaatsvervangend hoofd afdeling Constitutionele Zaken bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, raadsheer-plaatsvervanger bij het Gerechtshof Amsterdam en verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Redactioneel

De rechter en de wet

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2018
Auteurs Mr. dr. H.G. Sevenster
Auteursinformatie

Mr. dr. H.G. Sevenster
Mr. dr. H.G. (Hanna) Sevenster is lid van de Raad van State.

Mr. M.M. den Boer
Mr. M.M. (Rien) den Boer is directeur van de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en tot voor kort redacteur van RegelMaat.
Artikel

Realisering van het recht op onaantastbaarheid van het lichaam door middel van wetgeving

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2017
Trefwoorden Onaantastbaarheid van het menselijk lichaam, Recht op lichamelijke integriteit, Artikel 11 Grondwet
Auteurs Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt het nut en de meerwaarde van het recht op de onaantastbaarheid van het lichaam onderzocht, alsmede de grondrechtelijke randvoorwaarden die van belang zijn bij de realisering van het recht op de onaantastbaarheid van het lichaam. Dit wordt onder meer in het licht geplaatst van de rechtspraktijk en huidige en toekomstige dilemma’s en technologische ontwikkelingen. De meerwaarde van artikel 11 Grondwet wordt, met name ten opzichte van artikel 10 Grondwet (bescherming persoonlijke levenssfeer), wel als beperkt ingeschat omdat beide bepalingen ten aanzien van de onaantastbaarheid van het menselijk lichaam juridisch dezelfde bescherming bieden. De vraag is echter of dat terecht is, nu artikel 11 Grondwet het menselijk lichaam expliciet als rechtsobject beschermt. Technologische ontwikkelingen, waarbij enerzijds het menselijk lichaam steeds meer maakbaar wordt en aan veranderingen kan worden onderworpen. Juist in die context heeft het recht op onaantastbaarheid van het menselijk lichaam betekenis en urgentie. Anderzijds roepen ook de steeds grotere medische mogelijkheden en de hoge kosten waarmee dat gepaard gaat vragen op. Het belang van de bescherming die artikel 11 Grondwet biedt, is daarmee juist in het huidige tijdsgewricht van belang.


Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt
Mr. P.B.C.D.F. (Paul) van Sasse van Ysselt is waarnemend hoofd van de afdeling Constitutionele Zaken bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en verbonden aan de Afdeling staats- en bestuursrecht van de VU Amsterdam.
Jurisprudentie

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en nationale integratiedebatten

Zwitserse verplichting tot gemengd zwemmen in het primair onderwijs geoorloofd

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2017
Trefwoorden vrijheid van godsdienst, Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM), Integratie, Pluralism, Islam
Auteurs Prof. dr. Sophie van Bijsterveld
SamenvattingAuteursinformatie

    In a unanimous decision, the European Court of Human Rights (ECtHR) has accepted the refusal of an exemption of compulsory mixed swimming lessons for elementary school girls in Switzerland. The exemption was requested by the parents of the two girls as the requirement to let their daughters participate in those lessons was contrary to their religious conviction. The author discusses the decision in the light of national debates on integration and subscribes its outcome. Specific attention is paid to the ECtHR’s interpretation of the legitimacy of the aim of the Swiss authorities and the role of the numerical presence of Islam in the underlying Swiss court’s ruling which is upheld by ECtHR.


Prof. dr. Sophie van Bijsterveld
Prof. dr. S.C. van Bijsterveld is hoogleraar Religie, recht en samenleving aan de Radboud Universiteit te Nijmegen.
Jurisprudentie

Hoogste bestuursrechter in Frankrijk acht boerkiniverbod strijdig met grondrechten

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Boerkiniverbod, Fundamentele vrijheden, Openbare orde
Auteurs Paul van Sasse van Ysselt Mr. BA
SamenvattingAuteursinformatie

    The French state council ruled that the mayor of Villeneuve-Loubet did not have the right to ban burkinis. The court found that the anti-burkini decrees were “a serious and manifestly illegal attack on fundamental freedoms”, including the right to move around in public and the freedom of conscience. The judges stated that local authorities could only restrict individual liberties if there was a “proven risk” to public order. It ruled that a proven public order risk had not been demonstrated.


Paul van Sasse van Ysselt Mr. BA
Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt BA is coördinerend senior adviseur constitutionele zaken/grondrechten, ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, en gastdocent/-onderzoeker, afdeling Staats- en bestuursrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

De invloed van niet-rechtstreeks werkende grondrechtelijke verdragsbepalingen en de wetgever

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2016
Trefwoorden niet-rechtstreeks werkende verdragsbepalingen, sociaal-economische rechten, interpretatie van grondrechtelijke verdragsbepalingen, proportionaliteitvereiste
Auteurs Mr. dr. A.E.M. Leijten
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat centraal hoe niet-rechtstreeks werkende verdragsbepalingen doorwerken in wetgeving. Dergelijke bepalingen komen in allerlei soorten en maten voor en in deze bijdrage gaat het om de grondrechtelijke soort, die vaak zogenaamde sociaal-economische rechten betreffen. Het blijkt dat, hoewel dergelijke bepalingen niet direct doorwerken in de Nederlandse rechtsorde, zij toch hun invloed daarop uitoefenen. Ook de wetgever dient zich rekenschap te geven van dergelijke verdragsbepalingen, omdat het sluiten van een verdrag verplichtingen met zich brengt. In deze bijdrage wordt de wetgever een aantal handvatten aangereikt waar hij rekening mee moet houden. Proportionaliteit speelt hierbij een belangrijke rol. Tot slot wordt de relatie tussen wetgever en rechter in deze context beschreven, met name hoe de competentie tussen beide staatsmachten dient te worden afgebakend.


Mr. dr. A.E.M. Leijten
Mr. dr. A.E.M. (Ingrid) Leijten LL.M. is als universitair docent verbonden aan de Afdeling Staats- en Bestuursrecht van de Universiteit Leiden
Artikel

Realisering van grondwettelijke sociale grondrechten; wetgever, ubi est?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2016
Trefwoorden sociale grondrechten, positieve verplichtingen, zorgplicht
Auteurs Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij de grondwetsherziening van 1983 zijn sociale grondrechten in de Grondwet opgenomen. Van een aantal onderwerpen, als werkgelegenheid, volksgezondheid en leefmilieu, is toen vastgesteld dat zij een ‘voorwerp van zorg’ van de overheid zijn. Zij leggen inspanningsverplichtingen op aan de overheid. In deze bijdrage staat de vraag centraal of, en zo ja op welke wijze, de wetgever gevolg heeft gegeven aan de grondwettelijk verankerde sociaal grondrechtelijke zorgplichten, alsmede welke consequenties uit de desbetreffende bevindingen kunnen worden getrokken. De bijdrage is aldus een eerste aanzet voor een evaluatieonderzoek naar de gevolgen van de introductie van sociale grondrechten voor de wetgevingspraktijk. Het lijkt erop dat deze gevolgen gering zijn. Het lijkt er echter ook op dat het belang van sociale grondrechten wel toeneemt en dat dit voornamelijk wordt gestimuleerd door andere actoren dan de wetgever zelf.


Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt
Mr. P.B.C.D.F. (Paul) van Sasse van Ysselt BA is werkzaam bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, en tevens verbonden aan de Afdeling Staats- en bestuursrecht van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Access_open ‘Dissenting opinions’ in religiezaken voor het Europees Hof (I)

De Grote Kamer

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2015
Trefwoorden dissenting opinions, freedom of religion, margin of appreciation, ECHR
Auteurs Prof. dr. Sophie van Bijsterveld
SamenvattingAuteursinformatie

    Religion cases of the European Court of Human Rights are much commented on. A systematic analysis of dissenting opinions in religion cases, however, does not exist. Such analysis can shed light on dividing lines within the ECtHR and deepen our understanding of the methods of reasoning of the ECtHR itself. This article contains analysis of dissenting opinions in the rulings of the Grand Chamber in religion cases. The analysis shows a pattern in the dividing lines. Contrary to the prior expectation, the margin of appreciation as such forms no such dividing line. The article discusses and evaluates the findings.


Prof. dr. Sophie van Bijsterveld
Prof. dr. S.C. van Bijsterveld is hoogleraar Religie, recht en samenleving aan de Radboud Universiteit te Nijmegen.

    The European Court of Human Rights has accepted the French ban on the wearing of a full face veil (burqa) in public based on the notion of ‘living together,’ which in the particular case of France is considered an essential part of the protection of the rights and freedoms of others.
    In the author’s view, this ruling is problematic as it elevates local – in this case French – customs of the majority to a legal norm. The law is to protect general freedoms, including the freedom to be different from the majority; the law is not to protect certain majority customs. Prescribing what is or is not culturally suitable may be expected from a theocracy or dictatorship, but is not what a legislator in a democratic society should do.


Prof. dr. mr. Maurits Berger
Prof. dr. mr. M.S. Berger is hoogleraar Islam in het hedendaagse Westen aan de Universiteit Leiden. Hij is hoofdredacteur van het Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid.
Diversen 2

Europeesrechtelijke ontwikkelingen rond medische aansprakelijkheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden VGR, voorzittersrede, medische aansprakelijkheid, Europees recht
Auteurs Prof. mr. A.C. Hendriks
SamenvattingAuteursinformatie

    Het medisch aansprakelijkheidsrecht is niet slechts een nationale aangelegenheid. In Nederland kunnen we lering trekken uit de ervaringen elders en wordt het vigerende recht in aanzienlijke mate bepaald door 'Europa', in het bijzonder door de EU en de Raad van Europa. In deze bijdrage gaat de auteur in op relevante Europese rechtsontwikkelingen. Gesteld wordt dat juristen er niet aan ontkomen Europa te betrekken bij het medisch aansprakelijkheidsrecht.


Prof. mr. A.C. Hendriks
Aart Hendriks is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Leiden/LUMC en voorzitter van de Vereniging voor Gezondheidsrecht.
Artikel

Access_open Financiële verhoudingen tussen overheid, kerk en religieuze organisaties

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2013
Trefwoorden Financiële betrekkingen tussen overheid, kerk en religieuze organisaties, Scheiding van kerk en staat., Gebedshuizen, Geestelijk bedienaren, Geestelijk verzorgers
Auteurs Paul van Sasse van Ysselt
SamenvattingAuteursinformatie

    Financial relationships between state, churches and religious organisations have existed for a long time in Dutch history. This could be understood from a general interest point of view in the nineteenth century and the social welfare state. However, that century and the welfare state do not exist anymore. Also society and people have changed. Do the financial relationships still exist nowadays and if so, to what extent and how should one assess these financial relationships? In order to deal with these questions, the article gives a comprehensive overview of the current situation of different financial relationships between state and religious organisations against a constitutional and historical background. It is argued that most of these relations are legitimate under certain conditions and that the constitutional framework of separation of church and state should not be overestimated in this field.


Paul van Sasse van Ysselt
Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt BA is coördinerend senior adviseur constitutionele zaken/grondrechten, ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, en gastdocent/-onderzoeker, afdeling Staats- en bestuursrecht, VU Amsterdam. Paul.Sasse@minbzk.nl.
Jurisprudentie

Access_open Het verbod op gezichtsbedekkende kleding

Getoetst door het Grondwettelijk Hof van België

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2013
Auteurs Carla Zoethout
SamenvattingAuteursinformatie

    The Court recognizes the appeal to the freedom of religion, as laid down in Article 10 European Convention of Human Rights. This freedom is not illimitable, however. According to the Court, the prohibition of wearing face-covering clothes is legitimate and the aims of public security, equality of men and women, and the wish to express a specific viewpoint on ‘living together in society’, are in conformity with the limitation clause of Article 10 ECHR. The Court considers the law proportionate and ‘necessary in a democratic society’ with a view to the aims of the law, with the caveat that the law is not applicable in places of worship open to the public.
    In the annotation, the parliamentary debate leading to the adoption of the law is analyzed. The law is a clear expression of a specific stance towards society in general and the position of men and women in particular. As it is a choice by the democratic institutions, the Court takes an attitude of restraint in this matter. All the same, the question is raised whether the term ‘in publicly accessible places’ may prove to be too vague and with that, not proportional to the legitimate aims pursued.


Carla Zoethout
Dr. C.M. Zoethout is universitair hoofddocent Staatsrecht aan de Universiteit van Amsterdam. Zij is redactielid van het Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid. C.M.Zoethout@uva.nl.
Artikel

De evaluatie van Nederland in het kader van de Universal Periodic Review

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2012
Trefwoorden Human Rights Council, Universal Periodic Review, human rights in the Netherlands, human rights policy, international human rights treaties
Auteurs P.A.M. Verrest en T. Dopheide
SamenvattingAuteursinformatie

    The Universal Periodic Review (UPR) was created by the Human Rights Council in 2006 as a tool to evaluate human rights standards in all 192 countries of the United Nations. It should be distinguished from the reviews by treaty-based bodies. These bodies are composed of independent experts and monitor the implementation of the human rights treaties. The UPR, on the other hand, is a peer review among countries on the whole spectrum of human rights. The Netherlands was evaluated for the second time in 2012. This article describes the background and procedure of the UPR. It then focuses more specific on the session of the Netherlands, by giving an impression of topics that were raised, as well as some reflections on both the session and the UPR itself.


P.A.M. Verrest

T. Dopheide
Mr. dr. Pieter Verrest en mw. mr. Tessa Dopheide waren namens het ministerie van Veiligheid en Justitie betrokken bij respectievelijk het tweede en eerste landenexamen van Nederland in het kader van de UPR. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Een nationaal mensenrechteninstituut: door de bomen het bos weer zien?

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2012
Trefwoorden Netherlands Human Rights Institute, protection of human rights, Equal Treatment Commission, civil society organisations, legislation
Auteurs P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt
SamenvattingAuteursinformatie

    At October the 2nd, the Netherlands Human Rights Institute (NHRI) opened its doors in Utrecht. The NHRI has been established by law, which entered into force October the 1st. The object of the Institute is to protect human rights in the Netherlands and promote the observance of such rights. In order to achieve this goal, the Institute has many tasks and competences, such as advising on legislation and regulations, draft legislation and policy, conducting inquiries and investigations, reporting and making recommendations. It will also encourage the ratification, implementation and observance of treaties, guidelines and recommendations. In addition, the NHRI will collaborate with national, European and international institutions and civil society organisations engaged in the protection of one or more human rights and increase awareness and knowledge of human rights through information, teaching and publicity. Finally, the Institute will take over the present duties of the Equal Treatment Commission, namely investigating whether discrimination as referred to in the equal treatment legislation has taken or is taking place and publishing its findings on this. This will be the responsibility of a separate division of the Institute. This article describes the background of the establishment of the NHRI, elaborates the different tasks and considers what is necessary for the NHRI’s effectiveness.


P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt
Mr. Paul van Sasse van Ysselt, BA is werkzaam bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en is gastdocent/-onderzoeker grondrechten aan de VU Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 31 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.