Zoekresultaat: 37 artikelen

x
Recensies en signalementen

Uitbesteed, het recht uitgekleed

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2019
Auteurs Dr. Rob Schwitters
Auteursinformatie

Dr. Rob Schwitters
Rob Schwitters is universitair Hoofddocent Rechtssociologie aan de UvA.

Dr. Rob Schwitters
Rob Schwitters is universitair Hoofddocent Rechtssociologie aan de UvA.
Artikel

Access_open Detentie van asielzoekers: een kwestie van gevoel?

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden street-level bureaucrats, aliens detention, asylum seekers, emotions, intuition
Auteurs Mr. drs. Wouter van der Spek en Dr. Anita Böcker
SamenvattingAuteursinformatie

    This paper analyses how street-level bureaucrats in the Netherlands decide on detaining asylum seekers. The paper is based on interviews with officers of the national police and the military police who take these decisions as part of their job. The relevant Dutch and European legal rules are not clear and unambiguous and the officers are given wide margins of discretion in making these decisions. Many interviewees said that they ultimately rely on their ‘feelings’. The paper therefore pays special attention to whether and how gut feelings and emotions of the officers influence their decision-making. In addition, the paper examines whether and how the increased use of ICTs and the Europeanisation of migration and asylum law have reduced the officers’ discretion and autonomy.


Mr. drs. Wouter van der Spek
Wouter van der Spek is junior docent bestuursrecht en promovendus aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Dr. Anita Böcker
Anita Böcker is universitair hoofddocent rechtssociologie aan de Radboud Universiteit.
In Memoriam

In memoriam John Griffiths (1940-2017)

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2018
Auteurs Keebet von Benda-Beckmann en Heleen Weyers
Auteursinformatie

Keebet von Benda-Beckmann
Keebet von Benda-Beckmann studeerde rechten aan de Universiteit van Amsterdam en promoveerde in 1984 in Nijmegen op een proefschrift over geschillenbeslechting in West Sumatra. Zij doceerde rechtssociologie en rechtsantropologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en was van 2000 tot 2012 samen met Franz von Benda-Beckmann hoofd van de Projectgroep Rechtspluralisme aan het Max Planck Institute for Social Anthropology in Halle, Duitsland. Zij is honorair hoogleraar aan de Martin Luther Universiteit Halle/Wittenberg. Zij deed voorts onderzoek naar sociale zekerheid op Ambon, en leidde een onderzoeksproject naar rechten op water in India en Nepal. Haar laatste empirische onderzoek betrof de gevolgen van het Indonesische decentralisatie beleid voor de verhouding tussen statelijk recht, adatrecht, en Islamitisch recht in West Sumatra.

Heleen Weyers
Heleen Weyers studeerde filosofie en geschiedenis en startte in 1995 haar promotietraject bij John Griffiths. Dat resulteerde in het boek Euthanasie: het proces van rechtsverandering (2002) en een aanstelling als universitair docent bij de Vakgroep Rechtstheorie van de Rijksuniversiteit Groningen. Samen met John (en anderen) schreef/redigeerde ze Euthanasia and Law in the Netherlands (1998) en Euthanasia and Law in Europe (2008) en verzorgde ze de vierde editie van het leerboek De sociale werking van recht. Een kennismaking met de rechtssociologie en rechtsantropologie (2005). Zij heeft zich sedert 2002 niet alleen beziggehouden met de totstandkoming van wetgeving maar ook met de relatie tussen de totstandkoming en de effectiviteit van rechtsregels.

Dr. Rob Schwitters
Rob Schwitters is universitair hoofddocent Rechtssociologie bij de afdeling Algemene Rechtsleer aan de Universiteit van Amsterdam en voorzitter van de redactie van Recht der Werkelijkheid.
Redactioneel

Recht als probleemoplossing?

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2017
Auteurs Hilke Grootelaar, Prof. Peter Mascini en Dr. Wibo van Rossum
Auteursinformatie

Hilke Grootelaar
Hilke Grootelaar is postdoc onderzoeker bij het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing van de Universiteit Utrecht. Daarnaast is ze redactiesecretaris van dit tijdschrift en maakt ze deel uit van de gastredactie van dit themanummer van Recht der Werkelijkheid.

Prof. Peter Mascini
Peter Mascini is hoogleraar Empirical Legal Studies aan de Erasmus School of Law, de universiteit waaraan hij ook verbonden is als universitair hoofddocent Sociologie bij de Faculteit der Sociale Wetenschappen. Zijn onderzoek richt zich op legitimering, uitvoering en handhaving van wetgeving en beleid. Daarnaast is hij redactielid van Recht der Werkelijkheid en maakt hij deel uit van de gastredactie van dit themanummer van Recht der Werkelijkheid.

Dr. Wibo van Rossum
Wibo van Rossum is Universitair Hoofddocent aan het departement Sociology, Theory & Methodology van de Erasmus School of Law. Hij maakt deel uit van de gastredactie van dit themanummer van Recht der Werkelijkheid.

    Nederlandse kinderen lijken minder te weten over kinder- en mensenrechten dan andere kinderen in Europa. Om die reden zien beleidsmakers, wetenschappers en maatschappelijke organisaties een noodzaak om formele educatie op deze onderwerpen te introduceren in alle onderwijsniveaus. Wat denken middelbare leerlingen zelf hier echter over? Dit artikel onderzoekt het rechtsbewustzijn van kinderen in drie Nederlandse middelbare scholen ten aanzien van hun specifieke rechten als kinderen. Het wordt duidelijk dat kinderen ideeën en meningen hebben over hun rechten en daarmee een rechtsbewustzijn hebben, ook als zij geen rechtenjargon gebruiken. Hun rechtsbewustzijn bestaat uit moraliteit, wat verklaart dat zij bepaalde rechten zelf bedenken: sommige thema’s vinden zij zo belangrijk dat zij voelen dat ze deel uitmaken van hun fundamentele rechten als kinderen. Het integreren van mensenrechteneducatie in het schoolcurriculum zou een nodige, maar is een onvoldoende oplossing voor het ‘probleem’ dat voor ons ligt. Het is namelijk niet bewezen of meer kennis op deze onderwerpen ook leidt tot verandering van gedrag. De kinderen maakten namelijk ook bewuste keuzes om níet hun rechten in te roepen, maar om hun problemen anderszins op te lossen. Dit moet worden meegenomen om interventies effectief te laten zijn, zodat niet het tegenovergestelde van wat gewenst is, wordt bereikt. En effectieve interventies dienen daarnaast aan te sluiten bij het dagelijks leven van de kinderen. Volgens de leerlingen zijn kinderrechten vooral ook iets dat we moeten doen en oefenen.
    Dutch children seem to be less informed about children’s and human rights than their peers in other European states. Therefore, policy makers, academics and CSOs recognise a need to introduce formal education on these matters in all levels of schooling. But what do secondary school children themselves think about this? This article explores the legal consciousness of children in three Dutch schools on their specific rights as children. It has been evidenced that children have ideas and opinions about their rights and therefore have a legal consciousness, though without using the language of the law. Their legal consciousness consists of morality, which explains their ‘invention’ of certain rights: some themes are of such importance that they feel these are part of their fundamental rights as children. Integrating human rights education into the school curriculum may be a necessary, but is an insufficient solution to the ‘problem’ at hand. It has not been evidenced whether more knowledge changes their behavior. The children made informed decisions to not invoke their rights, and to solve their problems differently. Effective interventions need to take this into account in order to relate to their everyday lives and avoid having the opposite effect of what is intended. According to the students, children’s rights are mostly something to be done or practiced.


Carrie van der Kroon LL.M.
Carrie van der Kroon works as a programme officer on girls’ rights in the Global South at Defence for Children International – ECPAT the Netherlands. She obtained her masters in Legal Research (Cum Laude) at Utrecht University in the Netherlands, specialising in international children’s rights from a socio-legal perspective.
Artikel

Toepassing van rechtssociologisch en rechtspsychologisch onderzoek in de rechtspraktijk

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Sociology of law, Legal psychology, Legal practice, Policy, Empirical research
Auteurs Mr. dr. M. Malsch, L. ten Hove MSc en Prof. dr. H. Elffers
SamenvattingAuteursinformatie

    Findings of empirical research may have direct or indirect relevance to legal practice and policy. This article investigates the relevance of findings from both research in sociology of law and legal psychology and law for legal practice and policy. It then discusses an empirical study in the Netherlands among scholars from these two disciplines into actual use in practice of empirical findings. A distinction is made between direct and indirect application of empirical findings. Both a survey and face-to-face interviews have been conducted. Findings suggest that, although the criminal justice system and policymakers do apply empirical knowledge to a certain degree, the actual use of empirical results seems defective.


Mr. dr. M. Malsch
Mr. dr. Marijke Malsch is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) te Amsterdam.

L. ten Hove MSc
Leonie ten Hove MSc heeft als stagiaire bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) te Amsterdam meegewerkt aan het in dit artikel beschreven onderzoek.

Prof. dr. H. Elffers
Prof. dr. Henk Elffers is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) te Amsterdam en emeritus hoogleraar aan de Vrije Universiteit aldaar.
Artikel

“The production of law”: Law in action in the everyday and the juridical consequences of juridification

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2016
Trefwoorden juridification, production of space, law in action, local bye-laws
Auteurs dr. mr. Danielle Chevalier
SamenvattingAuteursinformatie

    In an increasingly diversifying society, public space is the quintessential social realm1x Lofland 1998. where members of that diverse society meet each other. Thus space is shared, whilst norms regarding that space are not always shared. Of rivalling norms, some are codified into formal law, in a process Habermas called juridification. Early Habermas regarded juridification a negative process, ‘colonizing the lifeworld’. Later Habermas argued juridification a viable pillar for conviviality in diversity. The shift in Habermas’ perspective invites the question how law works in action. In this article a frame is offered to scrutinize the working of law in action in public space, by applying the conceptual triad of spatial thinker Lefebvre to understand how law is “produced”. It argues that how law is perceived in action is pivotal to understanding how law works in action. Moreover, it discusses the possible ramifications of the perception of law in action for how the legal system as a whole is perceived.

Noten

  • 1 Lofland 1998.


dr. mr. Danielle Chevalier
Danielle Chevalier is a lecturer and research fellow at the University of Amsterdam, affiliated to both the Bonger Institute for Criminology and the Amsterdam School for Social Science Research. Her academic works focuses on the intersection of the legal and the spatial, positioned within the frames of urban sociology, criminology and legal sociology. More specifically she researches legal interventions in the urban realm through qualitative methods, and publishes both on law in action and research methods. Her current project centers on the development of the concept 'emotional ownership of public space'.
Redactioneel

Social Theory and Legal Practices

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2016
Auteurs Tobias Arnoldussen, Dr. Robert Knegt en Associate Professor Rob Schwitters
Auteursinformatie

Tobias Arnoldussen
Tobias Arnoldussen is a socio-legal scholar affiliated with the University of Amsterdam Law School and the PPLE honours college. Next to lecturing on a variety of subjects, he focusses on interdisciplinary legal research into the possibilities of law to deal with contemporary social problems.

Dr. Robert Knegt
Dr. Robert Knegt is Guest Researcher at the Hugo Sinzheimer Institute, University of Amsterdam. As a sociologist of law, he has been project leader of numerous research projects that combine legal and sociological methods in the field of labour relations. He is particularly interested in a historical-sociological study of long-term developments in the normative structuration of labour relations.

Associate Professor Rob Schwitters
Rob Schwitters is Associate Professor of Sociology of Law and connected to the Paul Scholten Centre at the University of Amsterdam. He publishes on tort law, responsibility and liability, the welfare state and compliance.
Artikel

Opinio juris as epistème: A constructivist approach to the use of contested concepts in legal doctrine

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Opinio juris, Interpretive concepts, Customary law, Constructivism, Pierre Bourdieu, Peter Berger & Thomas Luckmann
Auteurs Associate Professor Olaf Tans
SamenvattingAuteursinformatie

    Seeing that the role of opinio juris in the identification of customary international law is essentially contested, this contribution seeks to explain how this concept plays a fruitful role in legal doctrine despite of, or perhaps even due to, this essential contestedness. To that effect the paper adopts a constructivist perspective, primarily drawing from Bourdieu’s theory of practice and Berger & Luckmann’s ideas about institutionalization. In this perspective, contested concepts such as opinio juris are conceived of as multifaceted tools of knowledge production in the hands of members of epistemic communities.


Associate Professor Olaf Tans
Olaf Tans works as legal philosopher and political scientist at Amsterdam University College and the Centre for the Politics of Transnational Law. His contribution to this special issue is part of a research line focusing on the social construction of normativity in legal doctrine. He has also published about constitutionalism, citizenship, democracy, and most recently (e.g. in Ratio Juris and Law & Literature) about the use of foundational narratives in public deliberation and law-finding.
Artikel

Social theory and the significance of free will in our system of criminal justice

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2016
Trefwoorden free will, determinism, communicative action, legitimacy, social theory
Auteurs Dr. Rob Schwitters
SamenvattingAuteursinformatie

    Free will is a key assumption of our system of criminal justice. However, the assumption of a free will is questioned by the rapidly growing empirical findings of the neuro and the brain sciences. These indicate that human behavior is driven by subconscious forces beyond the free will. In this text I aim to indicate how social theory might contribute to this debate. This text is an attempt to demonstrate that social theory does not automatically side with the deterministic attacks on free will. The denial of the free will is to a great extent based on a flawed interpretation of free will, in which it is seen as a capacity of separate individuals. I will suggest that it is the sociological realization that free will is embedded in intersubjective relations that helps to clarify which value is at stake when we deny free will. Free will presumes social practices and social relations that facilitate moral and political discourse. As long as we see human actors as capable to evaluate these practices and contexts in moral and political terms, we cannot deny them a free will. My argumentation will build on the theories of Peter Strawson, Anthony Giddens and Jürgen Habermas.


Dr. Rob Schwitters
Rob Schwitters is Associate Professor of Sociology of Law and connected to the Paul Scholten Centre at the University of Amsterdam. He publishes on tort law, responsibility and liability, the welfare state and compliance.
Praktijk

Aansprakelijkheidsverzekeringen: preventie door de verzekeraar en het effect op de bescherming van de verzekerde

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2016
Trefwoorden Liability insurance, Prevention, Protection of the insured, Knowledge
Auteurs Charlotte Henskens
SamenvattingAuteursinformatie

    Liability insurances shift the financial risk of the loss of a damage from the person who is liable for the damage to the liability insurer. To avoid negligent behavior of the insured, the insurer provides different prevention tools in the insurance policy. The insurer will attach certain sanctions or rewards to certain behavior and certain circumstances in the general conditions of the insurance contract. This research raises the question of the effectiveness of these instruments. The hypothesis is that without knowledge of the insured of these sanctions or rewards, these sanctions and rewards will not form an additional incentive for careful behavior and they will have no preventive effect. Additionally, these prevention tools may undermine the protection of the insured. For this reason the legislature has limited the freedom of contract. This study examines the extent to which the legislature has limited the possibilities of the insurer to provide in prevention tools in de insurance policy. It assesses the extent to which the legislature may or may not succeed in its purpose to protect the insured, and on the other hand, where there are still possibilities for the insurer to fulfill its prevention task.


Charlotte Henskens
Charlotte Henskens behaalde haar diploma van master in de rechten in 2013 aan de Universiteit Antwerpen. Sinds 2013 werkt ze als doctoraatsbursaal aan de Universiteit Antwerpen onder promotorschap van Prof. Britt Weyts en Prof. Bernard Hubeau. Zij bereidt een multidisciplinair proefschrift voor over de preventie door de verzekeraar en de bescherming van de verzekerde in aansprakelijkheidsverzekeringen. Daarnaast is zij auteur van verschillende publicaties zowel in het aansprakelijkheids- en verzekeringsrecht als in de rechtssociologie.
Artikel

Het wetsvoorstel ter vergoeding van affectieschade: enkele gedachten en suggesties

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2016
Trefwoorden wetsvoorstel ter vergoeding van affectieschade, smartengeld, affectieschade
Auteurs Mr. J.S. Overes
SamenvattingAuteursinformatie

    In juli 2015 is – na zo’n twaalf jaar wederom – een (nieuw) wetsvoorstel ter vergoeding van affectieschade ingediend bij de Tweede Kamer door de minister van Veiligheid en Justitie. De strekking van het huidige wetsvoorstel is de invoering van de mogelijkheid tot vergoeding van affectieschade in het Burgerlijk Wetboek alsook de verruiming om als derde schadevergoeding te kunnen krijgen in een strafproces en een wijziging van het recht omtrent beslag en overgang bij smartengeld. De auteur gaat in dit artikel in op de vraag of dit wetsvoorstel, zoals het nu voorligt, een goede regeling zou zijn.


Mr. J.S. Overes
Mr. J.S. Overes is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam, sectie Verzekering en Aansprakelijkheid.
Artikel

The legacy and current relevance of Cappelletti and the Florence project on access to justice

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2015
Trefwoorden definition and dimensions access to justice, recommendations, historic context access to justice, current context access to justice
Auteurs Bernard Hubeau
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution explains what access to justice can encompass and how the ideals about access to justice have developed in time. The way to do this is going back to the work of the famous scholars Cappelletti and Garth, who were responsible for a worldwide project on access to justice in the 1970s. Their main issue was to explain access to justice is more than the access to a judge and the organization of courts. Primarily, the system must be equally accessible to all, irrespective of social or economic status or other incapacity. But it also must lead to results that are individually and socially just and fair. Equal access and effective access are the central notions. Their work is put in perspective. The importance of their legacy and the question how we can get along with their work are stressed. Their definition is compared to a few other authoritative definitions. The waves in the history of access to justice are described and putting them in the current context illustrates why a fourth waved can be observed. The major question to be answered is how one can assess the challenges and obstacles of access to justice in the current context. Therefore, some recent dimensions and developments within access to justice are presented: the democratic dimension, the effectiveness of new social rights, the attention for poor and vulnerable people, further juridification, expanding frontiers of and monitoring access to justice, e-justice, and self-help. Finally, a few building blocks for reforms are presented.


Bernard Hubeau
Bernard Hubeau is a full-time Professor in Sociology and Sociology of Law at the Faculty of Law of the University of Antwerp. He also teaches at the Faculty of Social Sciences of the University of Antwerp and the Faculty of Law and Criminology of the University of Brussels. He is the former ombudsman of the city of Antwerp and of the Flemish Parliament.
Artikel

Tenant vs. owner: deriving access to justice from the right to housing

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2015
Trefwoorden tenants’ rights, adequate housing, discrimination, effectiveness of law
Auteurs Nico Moons
SamenvattingAuteursinformatie

    The right to adequate housing has since long been established in international and European human rights law and has been (constitutionally) incorporated into many domestic legal systems. This contribution focuses on the extent to which this fundamental right influences rental law and the horizontal relationship between tenant and landlord and how it contributes to the tenant’s access to justice. The right to housing certainly accounts for tenant’s rights, but since international and European human rights law evidently centres around state obligations, any possible impact on the position of tenants remains indirect. This is of course different on the national plane. In Belgium, the constitutional right to housing has been implemented through regional Housing Codes, complementing private law measures and creating additional protection to tenants. Nonetheless, many challenges still remain in increasing access to justice for tenants, both top-down and bottom-up: lack of knowledge and complexity of law, imbalance in power and dependency, discrimination, etc.


Nico Moons
Nico Moons is a PhD student at the Faculty of Law of the University of Antwerp (research group Government & Law). His research topic involves the effectiveness of the right to adequate housing. Previously, he has worked at the Council for Alien Law Litigation.
Artikel

Kwalificatie en rechtspluralisme in ‘de deeleconomie’

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2015
Trefwoorden deeleconomie, sharing economy, bruikleen, rechtspluralisme
Auteurs Mr. dr. R. Koolhoven
SamenvattingAuteursinformatie

    In de deeleconomie worden goederen ‘samen gebruikt’ en diensten tussen consumenten uitgewisseld. Gebruikers – eigenaren, huurders, bruikleners – vinden elkaar via internetplatforms of apps. Het samen gebruiken of uitwisselen wordt ‘delen’ genoemd, maar wat is de juridische kwalificatie ervan? De problematiek wordt uitgediept aan de hand van voorbeelden van bruikleen-, huur- en transportplatforms.


Mr. dr. R. Koolhoven
Mr. dr. R. Koolhoven is universitair docent aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Rob Schwitters
Rob Schwitters is Universitair Hoofddocent Rechtssociologie aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Amsterdam. Tevens is hij verbonden aan het Paul Scholten Centre. Hij publiceerde recentelijk vooral over kwesties van civiele aansprakelijkheid en de symbolische dimensie van het recht.
Artikel

Loyaliteit binnen de rechterlijke macht

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2014
Trefwoorden judiciary, loyalty, judges, new public management, socialisation
Auteurs Nina Holvast en Nienke Doornbos
SamenvattingAuteursinformatie

    Judges in the Netherlands have recently expressed their concerns in the media over the organization of the judiciary and the pressure to deliver output. At the same time, they consider themselves highly loyal to their work. In this article we explore this seeming contradiction by studying the developments in the selection, training and organisation of the judiciary and considering the consequences that these developments could have on the loyalty of judges. In doing so, a distinction is made between loyalty to the profession, to the organisation and to colleagues. We follow Hirschman's theory on Exit, Voice and Loyalty and determine that the act of judges expressing their concerns (instead of exiting the judiciary) is essentially a sign of their loyalty. However, we reason that this displays more loyalty to the profession than to the organisation. Due to changes in the selection and training of judges, more candidates who were formerly employed in other settings, e.g. in advocacy, will enter the profession. With their socialisation taking place in a more business-like setting, where values such as efficiency and productivity are significant, it is expected that they will be more willing to accept the new public management values which are criticized by the present generation of judges.


Nina Holvast
Nina Holvast is promovenda bij het Paul Scholten Centrum van de Universiteit van Amsterdam. Zij schrijft een rechtssociologisch proefschrift naar de rol van juridische ondersteuning in het rechterlijk besluitvormingsproces. Over dit onderwerp verschijnt binnenkort: ‘Considering the consequences of increased reliance on judicial assistants: a study on Dutch courts’ in International Journal of the Legal Profession.

Nienke Doornbos
Nienke Doornbos is universitair docent en onderzoeker bij de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Amsterdam. Zij doceert de minor Rechtswetenschappelijk onderzoek en het vak Recht en menselijk gedrag. Haar onderzoek richt zich onder meer op organisatorische kanten van rechterlijke besluitvorming en op toezicht en tuchtrecht binnen de advocatuur.
Artikel

Symboolwetgeving: de opkomst, ondergang en wederopstanding van een begrip

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2014
Trefwoorden symboolwetgeving, communicatieve benadering van wetgeving, interactionisme, open normen, democratie
Auteurs Prof. dr. B. van Klink
SamenvattingAuteursinformatie

    De communicatieve benadering van wetgeving heeft aanleiding gegeven tot de nodige wetenschappelijke discussie. In deze bijdrage gaat de auteur nader in op de aangevoerde kritiekpunten. Doel van dit artikel is te bepalen in welke opzichten de communicatieve benadering aanvulling of correctie behoeft. Conclusie is dat het achterliggende democratische ideaal nog steeds relevant is: de wens om burgers meer te betrekken bij de totstandkoming en de uitvoering van wetgeving. Tegelijk moet beter rekenschap worden afgelegd van de processen van in- en uitsluiting waarmee wetgeving onvermijdelijk gepaard gaat. Niet iedereen kan, mag of wil meepraten over de betekenis van de wet, niet elk gezichtspunt kan in het uiteindelijke wetgevende besluit erkenning krijgen.


Prof. dr. B. van Klink
Prof. dr. B. van Klink is hoogleraar Methoden van recht en rechtswetenschap aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 37 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.