Zoekresultaat: 72 artikelen

x
Artikel

Mag het licht uit?

De transitie naar duurzame energie: subsidiëring en capaciteitsmechanismen en de rol van markt en overheid in de groenestroommarkt

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4-5 2020
Trefwoorden duurzaamheid, groene stroom, energie, subsidie
Auteurs Hans Vedder
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel beschrijft de ontwikkeling naar duurzamere energieopwekking en de technische, economische en juridische impact ervan. Daarbij staat het toezicht op staatssteun centraal en wordt in kaart gebracht hoe de bevoegdheden zijn verdeeld tussen de Europese Unie (EU) en haar lidstaten.


Hans Vedder
Prof. dr. H.H.B. Vedder is hoogleraar Economisch recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Anna Gerbrandy
Prof. mr. dr. A. Gerbrandy is hoogleraar Mededingingsrecht aan de Universiteit Utrecht, non-governmental advisor bij de ACM en Kroonlid bij de SER.

Wolf Sauter
Prof. mr. dr. drs. W. Sauter is verbonden aan de ACM en deels gedetacheerd bij de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

De Dark Triad persoonlijkheidskenmerken en online en offline agressie: een verkennende studie op basis van zelfrapportages van jonge adolescenten

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Dark Triad, self-reported aggression, psychopathy, narcissism, Machiavellianism
Auteurs Clio Lambrechts, Lieven Pauwels en Wim Hardyns
SamenvattingAuteursinformatie

    The current study investigates the relationship between the Dark Triad personality traits (consisting of narcissism, psychopathy and Machiavellianism) and three different forms of aggression: online aggression, overt aggression and relational aggression. The sample consisted of 1,051 adolescents between 12 and 16 years old. Results show that psychopathy and Machiavellianism are positive predictors of the three forms of aggression, while narcissism is a positive predictor of online aggression only.


Clio Lambrechts
C. Lambrechts is doctoraatsonderzoekster aan de Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht (Universiteit Gent) en lid van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP).

Lieven Pauwels
Prof. dr. L. Pauwels is professor aan de Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht (Universiteit Gent) en directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP).

Wim Hardyns
Prof. dr. W. Hardyns is professor aan de Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht (Universiteit Gent) en lid van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP). Daarnaast is hij als gastprofessor verbonden aan de master in de Veiligheidswetenschappen van de Universiteit Antwerpen.
Artikel

Verbetert het cabinekampeerverbod de verblijfsomstandigheden van internationale vrachtwagenchauffeurs tijdens hun rust van 45 uur?

Over de implicaties van de beslissing van het HvJ EU in Vaditrans

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Transportsector, Intra EU-arbeidsmigranten, Internationale vrachtwagenchauffeurs (interviews), Cabinekampeerverbod, Vaditrans (HvJ EU, C-102/16)
Auteurs A.M.H. van der Hoeven LLM, MSc en Prof. dr. M.J. van Meeteren
SamenvattingAuteursinformatie

    Eind 2017 bepaalde het HvJ EU dat de vrachtwagencabine geen geschikte plek is voor vrachtwagenchauffeurs om hun normale wekelijkse rust door te brengen. Sindsdien geldt in de hele EU het zogenoemde cabinekampeerverbod. Op basis van kwalitatief empirisch onderzoek onder internationale vrachtwagenchauffeurs wordt in dit artikel onderzocht in hoeverre het HvJ EU met deze uitspraak de verblijfsomstandigheden van (internationale) vrachtwagenchauffeurs tijdens hun normale wekelijkse rust daadwerkelijk heeft verbeterd. De resultaten laten zien dat een aanzienlijk deel van de geïnterviewde chauffeurs met het verbod geen verbetering van deze verblijfsomstandigheden ervaart. Het totaalverbod doet geen recht aan de diversiteit aan wensen van chauffeurs. Bovendien wordt aan de praktische randvoorwaarden zoals beschikbaarheid van beveiligde parkeerplaatsen nabij betaalbare hotels momenteel niet voldaan. Gelet op dit alles ligt het niet in de rede dat het verbod op korte termijn tot een verbeterd verblijf tijdens de 45 uur rust zal leiden.


A.M.H. van der Hoeven LLM, MSc
A.M.H. van der Hoeven LLM, MSc is promovenda aan de afdelingen Arbeidsrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden.

Prof. dr. M.J. van Meeteren
Prof. dr. M.J. van Meeteren is hoogleraar Criminologie aan de Radboud Universiteit en universitair hoofddocent Criminologie aan de Universiteit Leiden.

    Op grond van het (internationaal) maatschappelijk verantwoord ondernemen (IMVO) stimuleert de overheid ondernemingen in dertien Nederlandse sectoren om in sectorverband samen met de overheid en partijen uit het maatschappelijk middenveld afspraken te maken om complexe IMVO-risico’s in de keten aan te pakken. Dit is opmerkelijk, want op grond van het mededingingsrecht kan het maken van dergelijke afspraken – indien zij in strijd zijn met het kartelverbod – ondernemingen duur komen te staan. Om deze gecompliceerde situatie te verbeteren heeft de minister van Economische Zaken op 30 september 2016 de herziening van de Beleidsregel mededinging en duurzaamheid gepubliceerd. In dit artikel analyseert de auteur de effecten van de herziening en beoordeelt zij of het mededingingsrecht op deze manier meer ruimte geeft aan duurzaamheidsinitiatieven.


Jeanine Wubbels
Mr. J.J. Wubbels is onderzoeker aan de Leerstoel International Business and Human Rights aan de Erasmus Universiteit.
Artikel

Technologie voor opsporing en handhaving

Kansen, ervaringen en knelpunten

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2016
Trefwoorden technology in policing, effectiveness, promising technologies, legal obstacles, success stories
Auteurs Mr. dr. ir. B. Custers en B. Vergouw MSc.
SamenvattingAuteursinformatie

    Police forces and law enforcement agencies in many countries are continuously trying to optimize the use of technologies in policing and law enforcement. Efforts are being made to remove existing technological, legal and organizational obstacles to create more opportunities of promising technologies, both existing and new. This contribution describes the results of a survey among 46 police forces and other law enforcement agencies in eleven countries. Their experiences with policing technologies and their needs and preferences in this regard are described. The prevalence and satisfaction of existing technologies, including wiretapping, fingerprints, DNA research, database coupling, data mining and profiling, camera surveillance and network analyses were investigated. Legal, technological and organizational obstacles for the use of technology in policing were mapped and the extent to which policing technologies are evaluated and yield success stories was investigated. The main obstacles, according to the respondents, are insufficient financial resources and insufficient availability of technology. One in four organizations is lacking any clear, appealing success stories and half of the respondents indicated they were not performing any evaluations on the effectiveness of using particular technologies in policing. As a result, the information available on whether technologies in policing are actually working is very limited.


Mr. dr. ir. B. Custers
Mr. dr. ir. Bart Custers is universitair hoofddocent en hoofd onderzoek bij eLaw, het Centrum voor Recht en Digitale Technologie van de Universiteit Leiden. Eerder was hij hoofd van de onderzoeksafdeling Criminaliteit, Rechtshandhaving en Sancties van het WODC.

B. Vergouw MSc.
Bas Vergouw MSc. is werkzaam als digitaal onderzoeker bij de Autoriteit Consument en Markt (ACM) en houdt zich voornamelijk bezig met open source intelligence.
Artikel

De modernisering voorbij: de mededingingsbeperking in het kartelverbod en in het staatssteunverbod

Een aanzet voor een vergelijkende studie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2014
Trefwoorden Modernisering, Mededingingsbeperking, Kartelverbod, Staatssteun, Economische benadering
Auteurs Dr. Laura Parret
SamenvattingAuteursinformatie

    Zowel de mededingingsregels als de staatssteunregels hebben de afgelopen jaren een zogenoemde modernisering ondergaan. De meest recente modernisering, die van de staatssteunregels, vond inspiratie in de eerdere modernisering van de mededingingsregels. Beide hebben minstens één gemeenschappelijk kenmerk: de invoering van een meer economische benadering. Aanleiding genoeg om stil te staan bij het verband tussen beide onderdelen van het brede mededingingsrecht. Deze bijdrage doet dat aan de hand van het aan de artikelen 101 en 107 VWEU gemeenschappelijke begrip ‘mededingingsbeperking’ en de impact van de modernisering daarop. Zullen de respectievelijke moderniseringen het kartelverbod en het staatssteunverbod dichter bij elkaar brengen of juist niet?
    Artikel 101 en 107 VWEU


Dr. Laura Parret
Dr. L.Y.M. (Laura) Parret is advocaat bij Houthoff Buruma te Brussel.
Artikel

Risicogericht toezicht, profiling en Big Data

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Big Data, profiling, risicoprofielen
Auteurs Mr. dr. Ir. Bart Custers
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt uiteengezet hoe Big Data en risicoprofilering kunnen bijdragen aan de verdere ontwikkeling van risicogericht toezicht houden. Door de aard, omvang en structuur van Big Data schiet menselijke intuïtie tekort om inzicht en overzicht te krijgen. Met behulp van zoekalgoritmen kunnen zonder hypothese of vraagstelling patronen worden gezocht. Dat kan bruikbare risicoprofielen opleveren voor toezichthouders en biedt kansen als selectie-, detectie- of evaluatie-instrument. Er zijn evenwel beperkingen om rekening mee te houden, zoals gevoeligheid voor foutmarges, self-fulfilling prophecies en houdbaarheidsduur van profielen. Menselijke intuïtie, kennis en ervaring zouden daarom een duidelijk rol moeten krijgen in het gebruik van Big Data en risicoprofielen.


Mr. dr. Ir. Bart Custers
Mr. dr. ir. B.H.M. Custers is hoofd van de onderzoeksafdeling Criminaliteit, Rechtshandhaving en Sancties van het WODC. Daarnaast is hij als onderzoeksleider verbonden aan eLaw, het centrum voor recht in de informatiemaatschappij van de Universiteit Leiden.
Artikel

ADR en ODR voor consumentenzaken in beweging

Enige juridische implicaties van de Europese ADR-richtlijn en ODR-verordening voor het Nederlandse ADR-landschap

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2 2014
Trefwoorden consumentenzaken, ADR-richtlijn, ODR-verordering, implementatie Europese regels
Auteurs Eline Verhage
SamenvattingAuteursinformatie

    Medio 2013 the European legislator adopted Directive 2013/11/EU (ADR Directive) and Regulation 524/2013 (ODR Regulation), both in the field of European consumer redress. The Directive and Regulation aim to promote the simple, fast and digital (out of court) resolution of consumer disputes. The Directive must be implemented no later than July 2015. This article describes some hurdles the Dutch legislator must overcome to successfully implement the Directive into the self-regulatory Dutch Consumer ADR system.


Eline Verhage
Eline Verhage is recentelijk civielrechtelijk afgestudeerd aan de Universiteit Leiden en thans bezig met het schrijven van een onderzoeksvoorstel teneinde te kunnen promoveren op het gebied van ADR en ODR.
Artikel

Splitsing energiebedrijven Europeesrechtelijk belicht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden Vrij verkeer van kapitaal, privatiseringsverbod, neutraliteitsbeginsel, splitsing energiebedrijven, (zuiver) economische rechtvaardiging
Auteurs Mr. R. de Vlam
SamenvattingAuteursinformatie

    In het hier te bespreken arrest heeft het Hof van Justitie de bestaande jurisprudentie met betrekking tot het recht van een lidstaat om zijn eigendom in te richten verder aangescherpt. Een algeheel privatiseringsverbod valt binnen de werking van artikel 345 VWEU maar moet desondanks worden getoetst aan de verkeersvrijheden. Een verbod op het uitvoeren van netbeheerstaken binnen een groep waarin ook commerciële energieactiviteiten worden verricht, vormt een inbreuk op de verkeersvrijheden maar kan worden gerechtvaardigd door het niet (zuiver) economische belang van voorkomen van kruissubsidies. Proportionaliteit en functionaliteit van de maatregel moeten door de nationale rechter worden beoordeeld.HvJ EU 22 oktober 2013, gevoegde zaken C-105/12 tot en met C-107/12, Staat der Nederlanden/Essent NV en Essent Nederland BV, Eneco Holding NV en Delta NV, n.n.g.


Mr. R. de Vlam
Mr. R. (Roland) de Vlam is advocaat bij Loyens & Loeff N.V.
Artikel

Ambtshalve toepassing van consumentenbeschermend EU-recht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2013
Trefwoorden ambtshalve, rechtsstrijd, matiging, onderzoeksplicht, consumenten
Auteurs Mr. dr. A.G.F. Ancery
SamenvattingAuteursinformatie

    Hoe ver reikt de plicht tot ambtshalve toepassing van consumentenrecht? Uit recente jurisprudentie van het HvJ EU en de Hoge Raad volgt dat deze ook rust op de appèlrechter. In deze bijdrage wordt besproken welke gevolgen deze jurisprudentie heeft voor de feitenrechters en hoe zij daar invulling aan kunnen geven.


Mr. dr. A.G.F. Ancery
Mr. dr. A.G.F. Ancery is werkzaam bij het Wetenschappelijk Bureau van de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

Duurzaamheidsbelangen in het mededingingsrecht

De positie van ACM ten opzichte van het Hof van Justitie en de Europese Commissie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2013
Trefwoorden mededinging, duurzaamheid, doorwerking Europees recht, bevoegdheden ACM
Auteurs Dr. A. Gerbrandy
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de aankondiging van ACM dat zij in haar mededingingsbeoordeling van samenwerkingsverbanden tussen ondernemingen duurzaamheidsbelangen als relevant in aanmerking neemt, neemt ACM stelling in de discussie over de relatie tussen mededingingsrecht en duurzaamheid. De vraag of ACM eigenstandig beleid kan voeren betreft de verhouding ACM - Europese Commissie - Hof van Justitie. De ruimte die ACM in deze verhouding heeft, is het onderwerp van dit artikel.


Dr. A. Gerbrandy
Dr. A. (Anna) Gerbrandy is universitair hoofddocent Economisch Publiekrecht aan het Europa Instituut van de Universiteit Utrecht en redacteur van dit blad. Dank is verschuldigd aan Lisette Simons voor haar uitstekende ondersteuning bij de totstandkoming van dit artikel.
Artikel

Gerecht straft in DEI Commissie terecht af voor onzorgvuldige lezing bestaande jurisprudentie

Verbod op toekenning en instandhouding exclusieve rechten vereist identificatie misbruik

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2013
Trefwoorden misbruik, machtspositie, exclusieve rechten, energiesector, monopolie
Auteurs Mr. B.J.H. Braeken
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn arrest van 20 september 2012 in de zaak DEI heeft het Gerecht opnieuw bevestigd dat het toekennen of in stand houden van exclusieve rechten op zichzelf genomen geen strijd oplevert met het Unierecht. Uit het arrest blijkt dat dat niet anders wordt door het enkele feit dat het exclusieve recht een ongelijke positie creëert tussen de onderneming met het exclusieve recht en andere marktpartijen.
    Centraal in deze procedure staat de uitleg van artikel 106 lid 1 jo. artikel 102 VWEU. Op grond van het eerste lid van artikel 106 nemen of handhaven lidstaten met betrekking tot de openbare bedrijven en de ondernemingen waaraan zij bijzondere of uitsluitende rechten verlenen, geen enkele maatregel die in strijd is met regels van het Verdrag, met name die bedoeld in de artikelen 18 en 101 tot en met 109. In de onderhavige situatie gaat het daarbij om artikel 102 VWEU, op grond waarvan het een onderneming met een machtspositie verboden is van zijn machtspositie gebruik te maken.


Mr. B.J.H. Braeken
Mr. B.J.H. Braeken is advocaat bij Maverick Advocaten N.V. te Amsterdam.

    This article examines the actual application of European administrative soft law in light of the Dutch principle of legality. European administrative soft law is not legally binding. However, European administrative soft law can generate judicial binding effects for the Member States on the basis of the jurisprudence of the Court of Justice. Moreover, the research on the actual application of administratice soft law in the field of European subsidies shows that it can also have a 'de facto' binding effect for the Member Sates.

    The (legal and actual) binding effects of European administrative soft law are problematic in light of the principle of legality, according to which binding norms must be laid down in hard law. The article argues that with the application of administrative soft law, three functions of the principle of legality (the principle provides legal certainty and legitimacy and serves as a safeguard against public authorities) are not sufficiently met. Several possible solutions that may resolve this tension are proposed.


Claartje van Dam
Claartje van Dam is masterstudent Staats- en Bestuursrecht aan de Universiteit Leiden.
Article

Access_open Between a Rock and a Hard Place: Treaty-Based Settlement of Terrorism-Related Disputes in the Era of Active United Nations Security Council Involvement

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2013
Trefwoorden Terrorism, inter-state dispute, international treaties, the United Nations Security Council, the International Court of Justice
Auteurs Nathanael Tilahun Ali LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    The United Nations Security Council has become a crucial actor in international counterterrorism by not only spurring the taking of preventive and suppressive measures against terrorist individuals and groups, but also by taking actions against states that are said to stand in the way. The Security Council's actions against such states invariably arise from accusations by other states, such as accusations of refusal to extradite suspects of terrorism or responsibility for supporting terrorists. Meanwhile, most such issues of dispute are covered under international treaties relating to terrorism, which provide for political (negotiation) and judicial (arbitration and adjudication) mechanisms of dispute settlement. The Security Council's actions against states in connection with terrorism, therefore, involve (explicit or implicit) factual and legal determinations that affect the legal positions of the disputing states under the applicable international treaties relating to terrorism. The point of departure of this paper is that, in this respect, the Security Council effectively becomes an alternative to the treaty-based dispute-settlement mechanisms. The article centrally contends that the Security Council effectively acts as a more attractive alternative to treaty-based dispute-settlement mechanisms for pursuing terrorism-related (legal) disputes between states, without providing a meaningful platform of disputation that is based on equality of the parties. And the Security Council's relative attractiveness, arising from the discursive and legal superiority its decisions enjoy and the relative convenience and expediency with which those decisions are delivered, entails the rendering of resort to treaty-based dispute-settlement mechanisms of little legal consequence. The point of concern the article aims to highlight is the lack of platform of disputation some states are faced with, trapped between a hostile Security Council that makes determinations and decisions of legal consequence and an unhelpful treaty-based dispute-settlement mechanism.


Nathanael Tilahun Ali LL.M.
PhD Candidate in public international law, Erasmus School of Law. E: ali@law.eur.nl. I would like to thank Prof. Xandra Kramer and Prof. Ellen Hey for their valuable comments on an earlier draft of this article. The usual disclaimer applies.
Artikel

De Seveso III Richtlijn; deel drie in de strijd tegen zware industriële ongevallen

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8/9 2012
Trefwoorden Seveso, BRZO, gevaarlijke stoffen, ongevallen, preventie, inspectie, handhaving
Auteurs Mr. A. van Rossem
SamenvattingAuteursinformatie

    Eind juni 2012 is de nieuwe Europese Richtlijn 2012/18/EU aangenomen betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken, houdende wijziging en vervolgens intrekking van Richtlijn 96/82/EG van de Raad, kortweg de Seveso III Richtlijn.1x PbEU 2012, L 197/1. De Seveso III Richtlijn vervangt per 1 juni 2015 de huidige Seveso II Richtlijn (96/82/EG).2x Richtlijn 96/82/EG betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken, PbEG 1997, L 10/13. De vervanging van de bestaande richtlijn is primair ingegeven door de noodzaak aansluiting te zoeken bij de nieuwe gevarenclassificatie ingevolge Verordening 2008/1272/EG betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels.3x PbEU 2008, L 353/1. Enige informatie over deze verordening is te vinden op <rivm.nl> onder 'gevaarsindeling' en <agentschap.nl> onder 'onderwerpen', 'eu'. Zie voorts het rapport van SIRA Consulting 'Nederlands onderzoek naar de gevolgen van de CLP verordening voor het Nederlandse bedrijfsleven' d.d. 11 maart 2008. Deze verordening staat bekend als de CLP Verordening (Classification, Labelling and Packaging). In deze bijdrage ga ik in op deze en andere belangrijke wijzigingen en zal ik de implicaties voor de Nederlandse praktijk aanstippen. Dat de preventie van zware industriële ongevallen ook in Nederland nog altijd actueel is, moge blijken uit de brand bij het Seveso (BRZO) bedrijf Chemie-Pack op het industrieterrein Moerdijk in januari 2011.4x Zie hierover o.m. het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid 'Brand bij Chemie-Pack te Moerdijk' van februari 2012 (verkrijgbaar op <www.onderzoeksraad.nl>). Deze brand heeft niet alleen grote gevolgen gehad voor omwonenden in de verre omtrek, maar heeft ook aanzienlijke milieuschade veroorzaakt.

Noten

  • 1 PbEU 2012, L 197/1.

  • 2 Richtlijn 96/82/EG betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken, PbEG 1997, L 10/13.

  • 3 PbEU 2008, L 353/1. Enige informatie over deze verordening is te vinden op <rivm.nl> onder 'gevaarsindeling' en <agentschap.nl> onder 'onderwerpen', 'eu'. Zie voorts het rapport van SIRA Consulting 'Nederlands onderzoek naar de gevolgen van de CLP verordening voor het Nederlandse bedrijfsleven' d.d. 11 maart 2008.

  • 4 Zie hierover o.m. het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid 'Brand bij Chemie-Pack te Moerdijk' van februari 2012 (verkrijgbaar op <www.onderzoeksraad.nl>).


Mr. A. van Rossem
Mr. A. van Rossem is advocaat bij NautaDutilh.
Artikel

Nationale koppen op EU-regelgeving; een relevante discussie?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden nationale koppen, implementatie, harmonisatie, regeldruk
Auteurs Mr. dr. J. Stoop
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel gaat over de vraag of het relevant is nationale koppen (op EU-regelgeving) te onderscheiden van ‘gewoon’ nationaal beleid. De conclusie luidt dat dit niet het geval is.


Mr. dr. J. Stoop
Mr. dr. J. Stoop is werkzaam bij de Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken van het ministerie van Infrastructuur en Milieu, Afdeling Risico en Milieukwaliteit, unit EU-milieurecht.
Artikel

Corporate Governance, de financiële crisis en het subsidiariteitsbeginsel

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2011
Trefwoorden Corporate Governance, EU Groenboek, Green Paper Financial Institutions, Green Paper Corporate Governance, financiële instellingen
Auteurs Prof. mr. W.J. Oostwouder
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij de onderzoeken naar de oorzaken van de financiële crisis werd ook de rol van Corporate Governance onder de loep genomen. Dit is aanleiding geweest voor de publicatie door de Europese Commissie van twee Groenboeken over respectievelijk Corporate Governance bij financiële instellingen en beloningsbeleid en de Europese Corporate Governance-structuur. Hierbij worden impliciet veel voorstellen voor nieuwe Corporate Governance-regels gedaan. In deze bijdrage wordt een aantal van deze voorstellen getoetst aan het subsidiariteitsbeginsel en het proportionaliteitsbeginsel die in art. 5 leden 3 en 4 TEU zijn vastgelegd en in de literatuur zijn uitgewerkt. Hierbij wordt ook bekeken of regulering van Corporate Governance-onderwerpen op EU-niveau ingaat tegen nationale voorkeuren in de vennootschappelijke regelgeving en dit gerechtvaardigd wordt door de noodzaak tot ingrijpen door de EU. Geconcludeerd wordt dat bij ‘gewone’ vennootschappen terughoudendheid moet worden betracht bij het invoeren van inhoudelijke aanvullende Corporate Governance-regels. Bij financiële instellingen is regulering op EU-niveau gewenst omdat aannemelijk is dat een falende Corporate Governance bij deze instellingen heeft bijgedragen aan de financiële crisis en een bedreiging vormt voor het Europese financiële systeem.


Prof. mr. W.J. Oostwouder
Prof. mr. W.J. Oostwouder is hoogleraar Bedrijfsfinancieel recht bij de Universiteit Utrecht en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Afgewogen vrijheid

Over randvoorwaarden voor de Europese vestigingsvrijheid van grote winkelbedrijven

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2011
Trefwoorden vrijheid van vestiging, grote winkelbedrijven, economische overwegingen, bewijs en procesvoering, lex silencio negativo, niet-nakoming
Auteurs Mr. dr. H.J. van Harten
SamenvattingAuteursinformatie

    Een lidstaat mag de vestiging van grote winkelbedrijven niet afhankelijk stellen van economische overwegingen zoals het effect van de vestiging op de bestaande handel of het marktaandeel van de betrokken onderneming. Dit blijkt uit het arrest Commissie/Spanje waarin het reguleringskader voor de vestiging van grote winkelbedrijven in Catalonië in het licht van de vestigingsvrijheid wordt geplaatst. Het arrest toont een genuanceerde, afgewogen beoordeling van vestigingsregulering. Het zwaartepunt ligt bij de evenredigheidstoetsing. De uitspraak illustreert het praktische belang van bewijs en procesvoering daarin.


Mr. dr. H.J. van Harten
Mr. dr. H.J. van Harten is als universitair docent verbonden aan het Europa Instituut, Universiteit Utrecht.
Artikel

Naar meer flexibiliteit in het omgevingsrecht: het compensatiebeginsel centraal?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 2 2011
Trefwoorden compensatiebeginsel, integrale belangenafweging, programmatische aanpak
Auteurs Mr. H.D. Tolsma
SamenvattingAuteursinformatie

    Het huidige stelsel van het omgevingsrecht is regelmatig doelwit van kritiek: te complex en te star. De minister van Infrastructuur en Milieu is voornemens om in het voorjaar van 2012 met een uitgewerkt wetsvoorstel te komen om deze problemen op te lossen. Flexibelere regelgeving is een van de vertrekpunten bij het opbouwen van deze ‘Raamwet omgevingsrecht’. In deze bijdrage wordt bezien welke rol het compensatiebeginsel kan vervullen om te komen tot de gewenste flexibiliteit. De achtergrond van het compensatiebeginsel komt aan bod. Verder wordt ter illustratie van het compensatiebeginsel de regeling uit de Richtlijn luchtkwaliteit, de Kaderrichtlijn water, de Interimwet stad- en milieubenadering en de Crisis- en herstelwet beschreven. Tot slot wordt ingegaan op een aantal juridische vraagstukken rond het compensatiebeginsel. Blijken zal dat de toepassing van het compensatiebeginsel het bestuur meer manoeuvreerruimte kan bieden om belangen af te wegen en prioriteiten te stellen. De verwachtingen over de flexibiliteit in de regelgeving moeten vanwege de vereiste juridische waarborgen (zoals rechtszekerheid, evenredigheid en rechtsbescherming) evenwel niet te hoog gespannen zijn.


Mr. H.D. Tolsma
Mr. H.D. (Hanna) Tolsma is als postdoconderzoeker verbonden aan de vakgroep Bestuursrecht en Bestuurskunde van de Rijksuniversiteit Groningen en werkt aan een door NWO gefinancierd onderzoek: ‘De omgevingsvergunning met integrale belangenafweging: een verkenning van de juridische mogelijkheden’.
Toont 1 - 20 van 72 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.