Zoekresultaat: 55 artikelen

x

Floor Veldhuis
Floor Veldhuis is advocaat op de cassatiesectie van Pels Rijcken in Den Haag.
Artikel

Access_open Het boeddhisme en de ideale staat

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Aziatisch leiderschap, Koningschap, ideale staat in Azië
Auteurs Prof. dr. Paul van der Velde
SamenvattingAuteursinformatie

    Buddhism has very specific ideas about an idealized form of government in Asia. These ideas may be ancient but they very often play a part in the background of politics up to modernity. Even within republics where religious monarchy has long since disappeared, a certain supernatural foundation on the basis of which a government functions may still be present. Opposition to a government can often imply resistance to a world order that is actually of supranatural origin. This article focuses on historical dimensions of this phenomenon (the position of the Buddha, the origin of the monarchy and Emperor Ashoka), but also on modern forms (Sri Lanka, Thailand and Myanmar). Concerning Myanmar, the recent developments around the Rohingyas are placed in a cultural perspective.


Prof. dr. Paul van der Velde
Prof. dr. P.J.C.L. van der Velde is hoogleraar Aziatische religies aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Zijn belangrijkste onderzoeksterrein is het boeddhisme in de moderniteit en de transformaties die deze religie mondiaal doormaakt. Recente publicaties zijn onder meer: De oude Boeddha in een nieuwe wereld. Verkenningen in de Westerse Dharma. (2015); Sundarikatha, het verhaal van Sundari, schoonzus van de Boeddha. Sundarikatha, the story of Sundari, sister in law of the Buddha. A poem in Sanskrit (2016). Met Thomas Quartier osb schreef hij Zinzoekers. Dialogen over religie tussen oost en west (2018). p.vandervelde@ftr.ru.nl
Artikel

‘Een bank moet geen verkoper zijn’

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 1 2019
Auteurs Erik Jan Bolsius en Rogier Veldman
Auteursinformatie

Erik Jan Bolsius

Rogier Veldman
Beeld
Artikel

Clementie aanvragen of de afspraak voortzetten, wat te doen met het oog op schadeclaims?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2018
Trefwoorden karteldeelname, clementieaanvraag, publieke en private kartelhandhaving, schadeclaims, vignettenanalyse
Auteurs Nicole Rosenboom en Daan in ’t Veld
SamenvattingAuteursinformatie

    Karteldeelnemers lopen zowel het risico op een publieke boete als op een schadeclaim van één of meer afnemers. Door middel van een succesvolle clementieaanvraag kan een boete geheel of gedeeltelijk worden vermeden. De vraag is of de dreiging van civiele schadeprocedures ten koste gaat van de aantrekkelijkheid om clementie aan te vragen. Dit artikel beschrijft de resultaten van een empirische analyse naar de verschillende factoren van publieke en private kartelhandhaving en hun effect op de kans dat een onderneming clementie aanvraagt. De analyse betreft een vignettenanalyse op basis van een enquête onder Nederlandse bedrijven en Nederlandse mededingingsjuristen.


Nicole Rosenboom
N. Rosenboom MSc is senior consultant bij Oxera Amsterdam. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.

Daan in ’t Veld
Dr. D. in ’t Veld is onderzoeker bij SEO Economisch Onderzoek. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Onderzoek naar de mogelijke juridische integratie van de Elektriciteits-, Gas- en Warmtewet en een uniform toezicht op de energiesector

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Integrale energiewet, energietransitie, toezicht, ACM
Auteurs Saskia Lavrijssen, Frits van der Velde, Patrick Köpsel Sanz e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage geeft de belangrijkste bevindingen weer van een onderzoek naar de vraag in hoeverre integratie van de Nederlandse Gas-, Elektriciteits- en Warmtewet en de stroomlijning van het toezicht hierop mogelijk is. Op basis van de bevindingen van dit onderzoek zijn drie belangrijke conclusies te trekken. Allereerst bestaan grote mogelijkheden tot integratie van de Gaswet en Elektriciteitswet 1998 en de uniformering van het toezicht hierop. Desalniettemin bestaan ook barrières tot integratie. Zo leiden de begripsomschrijvingen van de kernbegrippen tot problemen voor integratie. Dit probleem wordt verergerd door de recente inwerkingtreding van de Europese netwerkcodes door de Europese Commissie, die buiten het bestek van dit onderzoek vallen. Daarnaast bestaan grote verschillen tussen de Warmtewet enerzijds en de Gas- en Elektriciteitswet anderzijds, omdat de bepalingen uit de Warmtewet een gebrek aan vergelijkbare artikelen vertonen. Daarom kan worden geconcludeerd dat de huidige Warmtewet nog niet te integreren is met de huidige Elektriciteitswet 1998 en Gaswet. Ten derde komen de meeste belemmeringen voort uit Nederlands beleid. Dit betekent dat de Nederlandse wetgever de ruimte heeft om de verschillende bepalingen aan te passen en te integreren. Op basis van bovenstaande conclusies en wanneer er speciale aandacht aan het begrippenkader wordt gegeven lijkt het mogelijk om een integrale energiewet met geharmoniseerd toezicht door de Autoriteit Consument en Markt in de elektriciteits- en gasmarkt te creëren, mits de grenzen van het Europees recht en technologische kenmerken van de markten worden gerespecteerd.


Saskia Lavrijssen
Prof. dr. S. Lavrijssen is hoogleraar Economic Regulation and Market Governance aan Tilburg University.

Frits van der Velde
Drs. F. van der Velde is senior beleidsadviseur bij VEMW.

Patrick Köpsel Sanz
Patrick Köpsel Sanz is master student aan Tilburg University.

Glenn Heusschen
Glenn Heusschen is master student aan Tilburg University.

J.M. Veldhuis
Mr. J.M. Veldhuis is advocaat bij Visser & Van Solkema Advocaten te Amsterdam.
Artikel

De beoordeling van geneesmiddelenonderzoek onder de nieuwe Europese verordening – leuker kunnen we het wél maken

Reactie op TvGR-artikel Van der Windt: ‘De beoordeling van geneesmiddelenonderzoek onder de nieuwe Europese verordening – niet leuker, niet makkelijker’

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2017
Trefwoorden klinisch geneesmiddelenonderzoek, Europese wetgeving
Auteurs Dr. ir. M. Al, mr. I. van Veldhuizen, dr. C. de Heer e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Reactie Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO) op artikel Van der Windt: ‘De beoordeling van geneesmiddelenonderzoek onder de nieuwe Europese verordening – niet leuker, niet makkelijker’, verschenen in in TvGR 2017, nr. 4-5, p. 331-341. De CCMO wil graag enkele misverstanden wegnemen, die zouden kunnen ontstaan na lezing van het artikel van mr. drs. Th. van der Windt. De reikwijdte van de nieuwe Europese verordening voor klinisch geneesmiddelenonderzoek is in essentie niet anders dan van de huidige EU-richtlijn. METC-leden mogen onder de verordening nog steeds bij dezelfde instelling werkzaam zijn als waar het onderzoek plaatsvindt, maar, net als nu, niet aan dezelfde afdeling. Mede door diverse voorbereidende inspanningen zal Nederland ook na 2019 een aantrekkelijk land blijven voor het doen van klinisch geneesmiddelenonderzoek.


Dr. ir. M. Al

mr. I. van Veldhuizen

dr. C. de Heer

prof. dr. J. van Gerven
Monique Al, Isabelle van Veldhuizen, Cees de Heer en Joop van Gerven zijn respectievelijk coördinator Landelijk Bureau CCMO, coördinator Bureau CCMO, algemeen secretaris, en voorzitter van de Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO).

Jeroen Veldhuis
Jeroen Veldhuis is advocaat bij Visser & Van Solkema Advocaten in Amsterdam.

    In dit artikel worden de verschillende aspecten van carried interest- en co-investeringsparticipatie van teamleden van een beheerder van beleggingsinstellingen besproken vanuit civiel-, ondernemings- en toezichtrechtelijk perspectief. Aandacht wordt onder meer besteed aan de structurering van deze carried interest- en co-investeringsparticipatie en onderlinge afspraken tussen teamleden.


Mr. I.J.W. Veldman
Mr. I.J.W. Veldman is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. M.C. Maters
Mr. M.C. Maters is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

De smokkel van Syrische migranten naar Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2-3 2017
Trefwoorden Mensensmokkel, Smokkelroutes, smokkelnetwerken, Smokkelfuncties, smokkelen van migranten
Auteurs Sacha van der Velden
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the following question is answered. What is the modus operandi of human smugglers that smuggle Syrian migrants to the Netherlands in de period 2014-2016? Content analysis of police and Royal Marechaussee files, interviews with experts and Syrian migrants and literature research has revealed that: Syrian migrants in first instance use the South-Eastern route overseas from Turkey to Greece, for which they pay 1200-4000 euro to a smuggler, depending on the quality of the boat. From Greece some travel over land on the Balkan route. Several means of transportation are used on this route, with smugglers asking prices ranging from tens to hundreds of euros. Also they travel large parts on their own. Others are smuggled by airplane, for which they need (false) documentation. Smuggling by plane tends to be successful when departing from a small airfield, when made a detour through visa-free countries and/or a good quality (false) travel document. Prices range from 2.000 to 14.000 euros. Migrants mostly pay cash through irregular ‘banks’, a third party that plays an important facilitating role within several smuggling networks. These networks consist of several cells, with in these cells leaders and ‘employees’ and are located on migration routes and ‘hubs’ like Istanbul, Athens and Milan. The South-Eastern route is mostly in hands of Turkish criminal networks, and the continuation of the journey by airplane or through Milan over land is in hands of Syrian Dutch smugglers, the Balkan route seems to be mainly operated by individual smugglers. Within these smuggling networks the most important roles are: the recruiter, who is responsible for making contact with migrants on migration hubs or social media. The organizer/leader who coordinates activities along the smuggling route and calls employees to account. And finally the driver. Responsible for transporting the migrants and instructing them. Based on these findings several recommendations were made that can be found in this article or full research rapport.


Sacha van der Velden
Sacha van der Velden is Operationeel Specialist bij de Nationale politie.
Artikel

Wederzijds vertrouwen in EAB-zaken op de helling?

Law in action vs. law in the books

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden Kaderbesluit Europees aanhoudingsbevel, overleveringswet, wederzijds vertrouwen en erkenning, grondrechtenbescherming, artikel 4 Handvest
Auteurs Mr. M.I. Veldt-Foglia
SamenvattingAuteursinformatie

    Het beginsel van wederzijds vertrouwen en de erkenning van rechterlijke uitspraken in de EU is vanaf de invoering van het Europees aanhoudingsbevel in 2004 het uitgangspunt geweest. Het Hof van Justitie heeft daaraan ook strak de hand gehouden. Met het arrest in de zaken Pál Aranyosi en Robert Căldăraru erkent het Hof van Justitie dat een uitzondering mogelijk is in het geval van een dreigende schending van het in artikel 4 Handvest neergelegde verbod van een onmenselijke of vernederende behandeling op grond van de detentieomstandigheden in de aangezochte staat. In deze bijdrage wordt de betekenis van dit arrest bezien voor de Europese strafrechtelijke samenwerking.
    HvJ 5 april 2016, gevoegde zaken C-404/15 en C-659/15 PPU, Pál Aranyosi en Robert Căldăraru, ECLI:EU:C:2016:198


Mr. M.I. Veldt-Foglia
Mr. M.I. (Mappie) Veldt-Foglia is raadsheer in het Gerechtshof Den Haag.
Artikel

Balanceren tussen een taakverdeling en collegialiteit binnen de raad

De verhouding tussen auditcommissieleden en overige commissarissen bezien in het licht van geagendeerde wet- en regelgeving

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2016
Trefwoorden vennootschapsrecht, auditcommissie, raad van commissarissen, bestuurdersaansprakelijkheid, collegiaal bestuur
Auteurs Mr. drs. L. in ’t Veld
SamenvattingAuteursinformatie

    De auditcommissie heeft een vaste positie verworven binnen het Nederlandse vennootschapsrecht. Recente ontwikkelingen accentueren de onduidelijkheid die bestaat over de verhouding tussen auditcommissieleden en overige leden van de raad. De auteur meent dat het evenwicht dient te worden bewaakt tussen een ver(der)gaande taakverdeling en het beginsel van collegialiteit binnen de raad.


Mr. drs. L. in ’t Veld
Mr. drs. L. in ’t Veld is als wetenschappelijk docent en onderzoeker verbonden aan Erasmus School of Law en verbonden aan het Instituut voor Ondernemingsrecht (IvO) en het IvO Center for Financial Law & Governance (ICFG).
Artikel

Aanbevelingen juristengroep uitvoering motie Dijksma

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden collectieve schadevergoeding, massaschade, collectieve actie, belangenorganisaties
Auteurs Olav Haazen, Femke Hendriks, Niels Lemmers e.a.

Olav Haazen

Femke Hendriks

Niels Lemmers

Jurjen Lemstra

Daan Lunsingh Scheurleer

Brechje van der Velden
Artikel

Koerswijziging bij KEI

Civiel digitaal procederen

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 2 2016
Auteurs Jeroen Veldhuis
Auteursinformatie

Jeroen Veldhuis
Jeroen Veldhuis is advocaat in Amsterdam.
Artikel

Het minimumloonbegrip in de Detacheringsrichtlijn – ruimte voor sociale bescherming

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2015
Trefwoorden detacheringsrichtlijn, vrijdienstenverkeer, sociaal beschermingsniveau, inimumloon, detacheringsvergoeding
Auteurs Dr. A.G. Veldman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie beoordeelt of het minimumloon dat een Poolse dienstverlener op grond van Fins recht moet betalen aan zijn Poolse werknemers die in Finland zijn gedetacheerd, in overeenstemming is met de bepalingen voor minimale bescherming uit de detacheringsrichtlijn. Het Hof van Justitie laat in zijn arrest een ruime marge aan de lidstaten om het minimumloon te bepalen. Hoewel uit het Laval-arrest voortvloeide dat de door de richtlijn beoogde minimumbescherming vanuit het oogpunt van vrij verkeer als plafond heeft te gelden, maakt dit arrest duidelijk dat de richtlijn niet noodzakelijkerwijs het absoluut laagste niveau verlangt dat het recht van de ontvangststaat aan sociale bescherming biedt.
    HvJ 12 februari 2015, zaak C-396/13, Sähköalojen ammattiliitto ry/Elektrobudowa Spółka Akcyjna (‘Finse vakbond’), ECLI:EU:C:2015:86


Dr. A.G. Veldman
Dr. A.G. (Albertine) Veldman is als universitair docent (Europees) arbeidsrecht verbonden aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Politie en burgers: van informatie delen naar volwaardige samenwerking

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 0304 2015
Trefwoorden gebiedsgebonden politiewerk, burgerparticipatie, sociale media, participatieladder
Auteurs José Kerstholt, Arnout de Vries en Mirjam Huis in ’t Veld
SamenvattingAuteursinformatie

    Community oriented policing (COP) can be seen as a co-production between citizens and police (and other stakeholders) in increasing public safety. There is a broad range of projects to cooperate with citizens. We ordered these projects along two dimensions: level of co-production (informing/consulting, advising and co-creation) and domain (prevention, law and order, investigation and quality of life). Today, most initiatives are at the lowest rungs (informing and consulting), but social media provide new possibilities to involve citizens in a more direct and fast way. The effects of the various projects are mostly limited to psycho-social factors like experienced safety, feelings of control and legitimacy. However recent studies show that these factors may have an indirect effect on crime rate. Furthermore, as reducing crime rate was not the only goal for introducing COP effect studies should not be limited to crime rate but incorporate a broad range of indicators.


José Kerstholt
José Kerstholt is werkzaam bij TNO Soesterberg, Universiteit Twente te Enschede.

Arnout de Vries
Arnout de Vries is werkzaam bij TNO Soesterberg, Universiteit Twente te Enschede.

Mirjam Huis in ’t Veld
Mirjam Huis in ’t Veld is werkzaam bij TNO Soesterberg, Universiteit Twente te Enschede.
Artikel

De onwenselijkheid van de toepassing van de klachtplicht uit art. 6:89 BW op vorderingen ex art. 2:9 BW: een dogmatisch en praktisch perspectief

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Klachtplicht, bestuurdersaansprakelijkheidsvordering, art. 6:89 BW, art. 2:9 BW, art. 2:8 BW
Auteurs Mr. A.J. Rijsterborgh en Mr. Z.D. Veldhoen
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs betogen dat de klachtplicht van art. 6:89 BW niet dient te worden toegepast op vorderingen ex art. 2:9 BW. Zij menen dat dogmatische én praktische bezwaren hieraan in de weg staan. De rechter dient zich bij interne bestuurdersaansprakelijkheidsvorderingen te beperken tot de toepassing van art. 2:8 BW.


Mr. A.J. Rijsterborgh
Mr. A.J. Rijsterborgh is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.

Mr. Z.D. Veldhoen
Mr. Z.D. Veldhoen is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Artikel

De Bitcoin-verzekering. Een kans voor de financiële sector om klantbelang centraal te stellen in innovatieve productontwikkeling?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2014
Trefwoorden Bitcoin, virtueel geld, vermogensrecht naar buitenlands recht, verzekering, consumentenbescherming
Auteurs Mr. dr. M.F.M. van den Berg, Mr. J.W.P.M. van der Velden en Mr. C.W.M. Vergouwen
SamenvattingAuteursinformatie

    De juridische kwalificatie van het virtuele geld ‘Bitcoin’ zorgt wereldwijd voor hoofdbrekens. Auteurs concluderen dat de Bitcoin zich als vermogensrecht naar buitenlands recht kwalificeert. Om de ontwikkeling van virtueel geld positief te beïnvloeden en meer consumentenbescherming te kunnen bieden, wordt een aanzet gegeven tot ontwikkeling van een Bitcoin-verzekering.


Mr. dr. M.F.M. van den Berg
Mr. dr. M.F.M. van den Berg is jurist bij Achmea en research fellow van Tilburg University.

Mr. J.W.P.M. van der Velden
Mr. J.W.P.M. van der Velden is advocaat bij Keijser Van der Velden N.V. te Nijmegen en fellow bij het Instituut voor Financieel Recht, onderdeel van het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Mr. C.W.M. Vergouwen
Mr. C.W.M. Vergouwen is Compliance Consultant bij Achmea.
Artikel

Stefano Melloni: grenzen aan de nationale grondwettelijke grondrechtenbescherming bij uitvoering van een EAB

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2013
Trefwoorden Europees strafrecht, voorrang recht van de Unie, Hof van Justitie, Melloni, Europees Aanhoudingsbevel
Auteurs Mr. M.I. Veldt-Foglia
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie heeft zich in de zaak Melloni uitgesproken over de door de Spaanse constitutionele rechter opgeworpen vraag of de nationale rechter in het kader van een overleveringsprocedure aan de verzoekende staat – alvorens toestemming te verlenen de betrokken persoon over te leveren –, aanvullende eisen in de sfeer van de grondrechtenbescherming mag stellen die niet in het Kaderbesluit inzake het Europees aanhoudingsbevel staan vermeld. Deze bijdrage bespreekt de antwoorden van het Hof van Justitie op de door het Spaanse Constitutionele Hof gestelde prejudiciële vragen onder meer in het licht van de vaste rechtspraak van het Hof van Justitie over de voorrang van het recht van de Unie en duidt de betekenis van deze uitspraak met name in het licht van het bepaalde in artikel 53 van het Handvest.
    HvJ EU 26 februari 2013, zaak C-399/11, S. Melloni/Ministerio Fiscal, n.n.g.
    Kaderbesluit van 13 juni 2002 betreffende het Europees aanhoudingsbevel en de procedures van overlevering tussen de lidstaten (2002/584/JBZ) (verder: Kaderbesluit 2002/584) zoals gewijzigd bij Kaderbesluit 2009/299/JBZ.
    Kaderbesluit 2009/299/JBZ van de Raad van 26 februari 2009 tot wijziging van Kaderbesluit 2002/584, Kaderbesluit 2005/214/JBZ, Kaderbesluit 2006/783, Kaderbesluit 2008/909/JBZ en Kaderbesluit 2008/947/JBZ en tot versterking van de procedurele rechten van personen, tot bevordering van de toepassing van het beginsel van wederzijdse erkenning op beslissingen gegeven ten aanzien van personen die niet verschenen zijn tijdens het proces, Pb. EU 2009, L 81/24.


Mr. M.I. Veldt-Foglia
Mr. M.I. (Mappie) Veldt-Foglia is raadsheer in de sector Strafrecht van het Gerechtshof Den Haag.
Artikel

De wettelijke en de contractuele klachttermijn bij koop

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 5 2013
Trefwoorden klachttermijn, artikel 7:23 BW, garantie
Auteurs Mr. M. van der Velde
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de lengte van de wettelijke klachttermijn bij koop en de mogelijkheden om contractueel de klachttermijn in te kleuren.


Mr. M. van der Velde
Mr. M. van der Velde is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 55 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.