Zoekresultaat: 24 artikelen

x

A.H.H. Hazeweijer
A.H.H. Hazeweijer is redactielid van dit tijdschrift.

E.Q.M. Veltmans
Drs. E.Q.M. Veltmans is redactielid van dit tijdschrift.

Alex Hazeweijer
Redactielid van dit tijdschrift.

Liesbeth Veltmans
Redactielid van dit tijdschrift.
Jurisprudentie

Artikel 4:36 BW en werkzaamheden verricht voor een bv

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden artikel 4:36 BW, salaire différé, uitgesteld loon, andere wettelijke rechten, vennootschap
Auteurs Mr. drs. M.R. Beuker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage gaat de auteur in op een aantal aspecten van artikel 4:36 BW. Dit wordt gedaan aan de hand van een arrest van het Gerechtshof Amsterdam dat gewezen is op 12 februari 2019. Daarin kwam de vraag aan de orde of ook recht op een som ineens bestaat indien werkzaamheden zijn verricht voor een bv waarin de erflater gerechtigd was. De auteur analyseert de toepasselijkheid van artikel 4:36 BW bij werk dat verricht is voor kapitaalvennootschappen of personenvennootschappen. Ook wordt stilgestaan bij de rol van de verrichte werkzaamheden en de wenselijkheid van de huidige regeling. De conclusie luidt dat onvoldoende grond bestaat voor onderscheid tussen werkzaamheden die zijn verricht voor een kapitaalvennootschap dan wel voor de erflater zelf. Besloten wordt daarom met een oproep om de wet op dit punt aan te passen.


Mr. drs. M.R. Beuker
Mr. drs. M.R. Beuker is als NWO-promovendus verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

De twitterende wijkagent en het veiligheidsgevoel van de burger

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Twitter, police, safety perceptions, communication, social media
Auteurs Imke Smulders, Wilbert Spooren en Emile Kolthoff
SamenvattingAuteursinformatie

    This article reports on a conceptual model that provides insight into the relationship between Twitter use by community policing officers and citizens’ safety perceptions. The model has been tested using data from a relatively large-scale survey study and these results are supporting the model. Furthermore, a small impact of Twitter use has been found on feelings of safety and judgments about the police. To confirm these findings, further research on a larger scale is necessary. To find out more about the exact positive and negative effects of Twitter use by community policing officers, a more experimental design is required.


Imke Smulders
Imke Smulders is als promovenda/onderzoeker verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen en het Expertisecentrum Veiligheid van Avans Hogeschool. Ook is zij docent taal- en communicatievaardigheden aan de Juridische Hogeschool Avans-Fon‍tys. i.smulders@fontys.nl

Wilbert Spooren
Wilbert Spooren is hoogleraar Taalbeheersing van het Nederlands en verbonden aan het Centre for Language Studies (CLS) van de Faculteit der Letteren van de Radboud Universiteit. w.spooren@let.ru.nl

Emile Kolthoff
Emile Kolthoff is hoogleraar criminologie aan de Open Universiteit, en doet onderzoek bij Avans University en de VU Amsterdam. emile.kolthoff@ou.nl

Dr. Liza Cornet
Dr. L.J.M. Cornet is als wetenschappelijk medewerker verbonden aan het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

Dr. Katy de Kogel
Dr. C.H. de Kogel is als senior wetenschappelijk medewerker verbonden aan het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Veiligheid en Justitie.
Artikel

Het (aanvullend) legaat aan de langstlevende echtgenoot en de wettelijke verdeling

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2016
Trefwoorden wettelijke verdeling, (aanvullend) legaat langstlevende echtgenoot, vordering kind (uit hoofde van de wettelijke verdeling), erfbelasting, vermenging
Auteurs Mr. dr. G.G.B. Boelens
SamenvattingAuteursinformatie

    Het (niet-verworpen) legaat bij de wettelijke verdeling aan de langstlevende echtgenoot van een geldsom of van een tot de nalatenschap behorend goed, welk legaat ten laste van het kind komt, sorteert naar mijn mening waardetechnisch effect en verkleint derhalve de geldvordering van het kind uit hoofde van de wettelijke verdeling. Ik meen dan ook dat het mogelijk is om een aanvullend legaat aan de langstlevende te combineren met de wettelijke verdeling, hetgeen bijvoorbeeld in een ‘TROS-Radarachtige casus’ ervoor kan zorgen dat na het overlijden van de eerste echtgenoot geen of een beperkte heffing van erfbelasting plaatsvindt.


Mr. dr. G.G.B. Boelens
Mr. dr. G.G.B. Boelens is universitair docent notarieel recht aan de Universiteit Leiden en kandidaat-notaris te Delft.
Artikel

Politie en burgers: van informatie delen naar volwaardige samenwerking

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 0304 2015
Trefwoorden gebiedsgebonden politiewerk, burgerparticipatie, sociale media, participatieladder
Auteurs José Kerstholt, Arnout de Vries en Mirjam Huis in ’t Veld
SamenvattingAuteursinformatie

    Community oriented policing (COP) can be seen as a co-production between citizens and police (and other stakeholders) in increasing public safety. There is a broad range of projects to cooperate with citizens. We ordered these projects along two dimensions: level of co-production (informing/consulting, advising and co-creation) and domain (prevention, law and order, investigation and quality of life). Today, most initiatives are at the lowest rungs (informing and consulting), but social media provide new possibilities to involve citizens in a more direct and fast way. The effects of the various projects are mostly limited to psycho-social factors like experienced safety, feelings of control and legitimacy. However recent studies show that these factors may have an indirect effect on crime rate. Furthermore, as reducing crime rate was not the only goal for introducing COP effect studies should not be limited to crime rate but incorporate a broad range of indicators.


José Kerstholt
José Kerstholt is werkzaam bij TNO Soesterberg, Universiteit Twente te Enschede.

Arnout de Vries
Arnout de Vries is werkzaam bij TNO Soesterberg, Universiteit Twente te Enschede.

Mirjam Huis in ’t Veld
Mirjam Huis in ’t Veld is werkzaam bij TNO Soesterberg, Universiteit Twente te Enschede.
Artikel

Heeft het gebruik van nieuwe media bij toezichthouders toekomst?

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2014
Trefwoorden NVWA, sociale media en apps, webcare, horeca inspectiekaart, twitterende inspecteurs
Auteurs Drs. Corine Zaagman-Doornbos, Ir. Wiebe Lammers en Marijn Colijn
Auteursinformatie

Drs. Corine Zaagman-Doornbos
Drs. C.R. Zaagman-Doornbos is senior communicatieadviseur NVWA.

Ir. Wiebe Lammers
Ir. J.W. Lammers is coördinerend specialistisch adviseur invasieve exoten, Bureau Risicobeoordeling en Onderzoeksprogrammering NVWA.

Marijn Colijn
M.W. Colijn is coördinerend specialistisch adviseur productveiligheid NVWA.

    This article examines the subsidy rules as they have developed since the introduction of the subsidy title into the General Administrative Law Act (GALA) fifteen years ago. What did experts at that time consider to be the most important parts of the subsidy title and what were their expectations in that regard? We will consider, for certain selected topics, which main developments have taken place in legal practice over the past fifteen years, based mainly on an analysis of the case law. The most important features and trends will be outlined in this article. Finally, we will consider whether these features and trends can teach us anything about (the development of) the GALA that may still be relevant for the legislator today, when designing general rules of administrative law.


Rianne Jacobs
Rianne Jacobs is raadadviseur bij de Directie Wetgeving van het Ministerie van V&J

Willemien den Ouden
Willemien den Ouden is hoogleraar bestuursrecht aan de Universiteit Leiden
Redactioneel

Redactioneel

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2 2012
Auteurs Joyce Kerstens, Leontien M. van der Knaap en Ralf Beerens
Auteursinformatie

Joyce Kerstens
Drs. J.W.M. (Joyce) Kerstens is Projectleider Jeugd & Cybersafety bij het Lectoraat Cybersafety van NHL Hogeschool en Politieacademie.E-mail: j.kerstens@nhl.nl

Leontien M. van der Knaap
Dr. L.M. (Leontien M.) van der Knaap is universitair hoofddocent aan het Instituut Bestuurskunde, Faculteit der Sociale Wetenschappen, Universiteit Leiden. E-mail: L.M.vdrKnaap@uvt.nl

Ralf Beerens
R. (Ralf) Beerens Ph.D is onderzoeker bij het Nederlands Instituut Fysieke Veiligheid (NIFV) en promovendus aan de Universiteit van Lund, Zweden. E-mail: ralf.beerens@nifv.nl
Artikel

Agenten volgen via Twitter bevordert positieve beeldvorming, stimuleert de meldingsbereidheid en verandert de veiligheidsbeleving

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2 2012
Trefwoorden Twitter, community policing, transparency, perception, willingness to report
Auteurs Leon Veltman, Marianne Junger en Roy Johannink
SamenvattingAuteursinformatie

    Since November 2009, the regional police of Groningen facilitated their community officers with Twitter. According to the principles of community policing, they are enabled to shorten the distance between the police and citizens by giving them a direct connection. Such a connection should stimulate interaction, while at the same time it should make people feel more safe. In addition, Twitter also creates possibilities for the police to be transparent. Sharing of information should alter citizens’ perception towards the police.
    A comparison has been made, by using an online questionnaire, between followers and two kinds of non-followers. The effects of following twittering community officers have been demonstrated by using statistical analyses, taking into account relevant control variables. On the basis of these analyses it has been demonstrated that following a twittering community officer did not positively or negatively alter the perception of safety of their followers. However, an enhanced information position has made followers much more aware of local disorder and crime. Thanks to shared information about police actions to sustain and improve local safety and livability, followers’ perception of safety has not been altered negatively.
    Followers’ perception towards the police organization has been positively altered, thanks to the twittering community officers. Especially the sharing of information and involving citizens into local policing helps the police to alter the perception of citizens towards their organization. In addition, it has been shown that followers’ willingness to report has been improved. Thanks to the ease of use of Twitter and the shortened distance between the police and citizens, followers do frequently contact the police or a community officer to share some information, or to report some crime or disorder. However, it has been shown that Twitter should just be presented as complementary to existing ways to contact the police.


Leon Veltman
L. (Leon) Veltman MSc is adviseur beleid en onderzoek bij VDMMP Focus op veiligheid. E-mail: veltman@vdmmp.nl

Marianne Junger
Prof.dr. M. (Marianne) Junger is Professor Social Safety Studies aan de Universiteit Twente. E-mail: m.junger@utwente.nl

Roy Johannink
Drs. R. (Roy) Johannink MCDm is senior adviseur beleid en onderzoek bij VDMMP Focus.
Artikel

De stichting familiebeheer

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2011
Trefwoorden stichting, bewind, executele, certificering, familiestichting
Auteurs Mr. J.L.D.J. Maasland
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage onderzoekt de auteur de rol die een stichting familiebeheer kan vervullen in het kader van de zeggenschap over familievermogen. De auteur gaat daarbij onder meer in op de verhouding van de stichting familiebeheer tot de stichting administratiekantoor en de familiestichting.


Mr. J.L.D.J. Maasland
Mr. J.L.D.J. Maasland is kandidaat-notaris bij Greenille te Rotterdam.
Artikel

Van besluit tot beslechting: ervaringen van burgers met de bezwaarprocedure

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2011
Trefwoorden objection procedure, procedural justice, citizens’ experiences, qualitative study
Auteurs Mirjan Oude Vrielink en Boudewijn de Waard
SamenvattingAuteursinformatie

    The GALA lays down general rules that in principle apply to the entire field of administrative law. If a decision by an administrative body can be appealed to a court, the general rule is that an objection procedure must be followed before the matter can be taken to court. Recently, research has been conducted to survey citizens’ experiences before and during objection procedures, as well as factors influencing these experiences. The research was divided into a quantitative research and a subsequent qualitative study to gain insight into the underlying mechanisms. The article reports about the major findings of the qualitative study.
    On the whole, the interviewees appreciated their treatment at the hearing. They indicated that they were able to expound their position (voice), that their arguments were taken seriously (trustworthiness), and that they were treated with respect (interpersonal respect). On these elements, the qualitative study paints a slightly rosier picture than the quantitative study.
    The most critical comments on the hearing we recorded concerned the attitude of those representing the administrative authority in cases that were considered by an independent committee. That attitude was often judged to be rigid and the respondents were annoyed by the appearance at the hearing of (‘yet’) another official than the one(s) they had previously been in contact with.
    Many administrative bodies have chosen to use an informal approach which implies the use of mediation skills, after an objection has been lodged. When informal resolution was attempted, the response of the interviewees concerned was by no means invariably positive, and in some cases even distinctly negative.
    The interviews showed that the objectors would have preferred to have had more information about the actual objection procedure in detail and in advance. A number of interviewees indicated that they felt very uncomfortable when certain procedural aspects were sprung on them, such as the presence of the opposing party (which they had not expected) and a medical examination being carried out. Ambiance matters. It was found that the perceived level of treatment could be influenced by subtle expressions of social etiquette. The research shows that objectors set great store by a proper reception and value the physical layout of the hearing venue.


Mirjan Oude Vrielink
Mirjan Oude Vrielink is bestuurskundige en promoveerde op een rechtssociologisch proefschrift. Zij werkt als senior onderzoeker aan de Universiteit Twente. In deze functie is zij momenteel betrokken bij twee projecten: ‘Burgers maken hun buurt’ en ‘Evaluatie Wijkcoaches Velve-Lindenhof’. Belangrijke thema’s in haar wetenschappelijke onderzoek zijn burgerparticipatie, zelfregulering en coregulering, horizontale verantwoording, goed bestuur en de rol van professionals. Met B.R. Dorbeck-Jung e.a. publiceerde zij recent het artikel ‘Contested hybridization of regulation: Failures of the Dutch regulatory system to protect minors from harmful media’ (Regulation and Governance 2010-4(2), p. 113-260).

Boudewijn de Waard
Boudewijn de Waard is hoogleraar Staats- en Bestuursrecht aan de Universiteit van Tilburg. Daarvóór was hij verbonden aan de juridische faculteit van de Universiteit van Utrecht (1980-1991), laatstelijk als universitair hoofddocent. Van 1977 tot 1980 was Boudewijn de Waard advocaat te Utrecht.
Artikel

Van de leestafel van SBS

De wettelijke verdeling en legaat vanuit Zuid-Afrika

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 44 2010
Trefwoorden Van de leestafel van ‘SBS’
Auteurs


Jurisprudentie

De kantonrechter kiest voor een ruime uitleg van artikel 4:35 BW

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2010
Trefwoorden Som ineens, Art. 4:35, Minderjarige(n), Levensonderhoud, Kinderalimentatie, Wettelijke verdeling, Art. 4:13
Auteurs Mr. J.H.M. ter Haar
SamenvattingAuteursinformatie

    Bespreking van een beschikking van de kantonrechter te Amsterdam van 30 september 2010 (zaaknummer VB 138306). De casus betreft een erflater die krachtens versterferfrecht als zijn erfgenamen heeft achtergelaten een echtgenote en een dertienjarige dochter geboren uit een eerder huwelijk dat door echtscheiding is geëindigd. De wettelijke verdeling (art. 4:13) is van toepassing. De kantonrechter geeft aan de woorden “voor zover deze nodig is” in art. 4:35 een ruime uitleg. Ondanks het bestaan van een ouder en stiefouder die in staat zijn in het levensonderhoud van de dochter te voorzien, wordt de som ineens van art. 4:35 vastgesteld. De schrijver gaat in op verschillende aspecten van de beschikking.


Mr. J.H.M. ter Haar
Mr. J.H.M. (Hans) ter Haar is docent notarieel recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

E. Bauw
Artikel

De testamentaire stichting

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2010
Trefwoorden stichting, erfrecht, uiterste wilsbeschikking
Auteurs Mr. T.F.H. Reijnen
SamenvattingAuteursinformatie

    De wet geeft de mogelijkheid bij uiterste wilsbeschikking een stichting op te richten. Door middel van een dergelijke stichting kunnen erfrechtelijke moeilijkheden worden opgelost of voorkomen. Uitgebreid wordt ingegaan op de oprichtingsvereisten en de gevolgen van gebreken daarin. Voorts wordt stilgestaan bij eisen die gesteld kunnen worden aan de inhoud van de statuten en de wijze van benoeming en ontslag van bestuurders. Tot slot komen ook enkele praktische aspecten aan de orde, waaronder die ten aanzien van de algemeen nut beogende instelling.


Mr. T.F.H. Reijnen
Mr. T.F.H. Reijnen is verbonden aan het Centrum voor Notarieel Recht, Radboud Universiteit Nijmegen (theo@reijenadvies.nl).
Artikel

Einde aan de crisis in de Natuurbeschermingswet?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 2 2010
Trefwoorden Natuurbeschermingswet, Crisis- en herstelwet, stikstofdepositie, bestaand gebruik, strijd Europees recht
Auteurs Mr. drs. M.M. Kaajan
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 31 maart 2010 is de Crisis- en herstelwet in werking getreden. In dit artikel worden de belangrijkste wijzigingen van de Natuurbeschermingswet 1998 als gevolg van de Crisis- en herstelwet, mede in het licht van recente jurisprudentie, besproken en van commentaar bezien. De centrale vraag daarbij is in hoeverre deze wijzigingen in strijd (kunnen) zijn met Europees recht en welke consequenties dit voor de praktijk zou kunnen hebben. Geconcludeerd wordt dat zowel wat betreft de regeling van bestaand gebruik en de verplichting om maatregelen te treffen indien de kwaliteit van een Natura 2000-gebied dat verlangt als ook wat betreft de specifieke wettelijke regeling die nu in de Natuurbeschermingswet is opgenomen voor activiteiten die kunnen leiden tot stikstofdepositie, mogelijk sprake zou kunnnen zijn van strijdigheid met de Vogel- en/of Habitatrichtlijn. De hierdoor ontstane onzekerheid en onduidelijkheid kan tot uitvoeringsproblemen in de praktijk leiden, waardoor het streven van de Crisis- en herstelwet om bij te dragen aan versnelling van procedures en projecten juist belemmerd kan worden.


Mr. drs. M.M. Kaajan
Mr. drs. M.M. Kaajan is als advocaat verbonden aan Stibbe te Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 24 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.