Zoekresultaat: 50 artikelen

x

Herman Verbist
Herman Verbist is advocaat bij de balie te Gent en te Brussel (Everest Advocaten), erkend bemiddelaar in burgerlijke en handelszaken bij de Federale Bemiddelingscommissie in België, en redacteur van dit tijdschrift. Hij volgt sedert verschillende jaren als waarnemer de vergaderingen van de werkgroep arbitrage en conciliatie van UNCITRAL en was lid van de werkgroep arbitrage en ADR van de NOAB die het Reglement Bindende derdenbeslissing uitwerkte.
Artikel

Access_open Bemiddeling na, maar ook voor het openvallen van de nalatenschap van het familiebedrijf

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2 2020
Trefwoorden familiebedrijf, nalatenschap, conflictvaardigheden, familievermogen
Auteurs Alain Laurent Verbeke en Katalien Bollen
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the authors describe briefly the legal aspects of liquidation of an estate and the alternative way of mediation. Besides that they investigate what should better be done before the estate will be liquidated. It turns out that also in that case the facilitation of mediation is a wise choice.


Alain Laurent Verbeke
Alain Laurent Verbeke is gewoon hoogleraar familiaal vermogensrecht en onderhandelen & bemiddelen KU Leuven. Hij is ook Professor of Law aan Harvard, UCP Lisbon en Tilburg. Als advocaat en partner bij Deloitte Legal is hij medeverantwoordelijk voor het Greenille Private Client Team, met diensten in (internationale) tax en estate planning, conflict handling en family & business dynamics.

Katalien Bollen
Katalien Bollen is gastdocent en praktijklector aan de KU Leuven, en werkzaam als Family & Business Dynamics Expert bij het Greenille Private Client Team van Deloitte Legal.

Annie de Roo
Annie de Roo is associate professor of ADR and comparative law at Erasmus University Law School in Rotterdam, editor-in-chief of TMD, and vice chair of the exams committee of the Mediators Federation of the Netherlands MFN. She has published extensively on mediation and has inter alia been a Rapporteur three times for the European Commission on the use of mediation in employment disputes.
Artikel

De nieuwe mindset van de collaboratieve advocaat

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2-3 2019
Trefwoorden Collaboratieve advocaten, Terugtrekkingsclausule, Diskwalificatieclausule, Collaboratief onderhandelen
Auteurs Wouter De Canck en Sofie Storms
SamenvattingAuteursinformatie

    The new Belgian law on collaborative conflict resolution installs a disqualification clause, which parties have to sign before starting the negotiations. If they cannot resolve their dispute, they agree to stop the negotiations in advance. What skills do the lawyers need to make collaborative conflict resolution a success?


Wouter De Canck
Wouter De Canck is advocaat aan de balie van Gent, erkend scheidingsbemiddelaar en erkend bemiddelaar in burgerlijke en handelszaken en medeoprichter van Rechto Verso, die juristen helpt om anders in een conflict te staan. Hij is gasttrainer bij Mediv.

Sofie Storms
Sofie Storms is erkend bemiddelaar in familiale en sociale zaken, getraind ‘collaboratief coach’ in Nederland, en medeoprichter van Rechto Verso, die juristen helpt om anders in een conflict te staan. Verder is zij consultant bij FrahanBlondé en gasttrainer bij Mediv.
Artikel

Access_open De Vlaamse inbreng in de VWR

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 2 2019
Trefwoorden rechtstheorie, rechtsfilosofie, universitair beleid, Vlaanderen, professionalisering
Auteurs Mark Van Hoecke
SamenvattingAuteursinformatie

    Na een beperkte Vlaamse participatie tussen 1935 en 1970, kwam er een geleidelijke verankering van de VWR in Vlaanderen, met een grote bloei in de jaren tachtig en negentig, met jonge professoren die voltijds actief waren op het gebied van de rechtsfilosofie en/of de rechtstheorie. Na 2000 vermindert de inbreng van Vlaanderen echter in belangrijke mate. Er wordt nog vrij veel gepubliceerd in R&R/NJLP, maar nauwelijks nog door professionele rechtsfilosofen of rechtstheoretici. Institutioneel wordt de internationale (Engelstalige) dimensie van de VWR versterkt (redactieraad, sprekers), maar vermindert de Vlaamse aanwezigheid in redactie, redactieraad en bestuur. De Vlaamse aanwezigheden op VWR-vergaderingen zijn vaak eenmalig en steeds minder van professionele rechtsfilosofen of rechtstheoretici. De afbouw van de leerstoelen en zelfs van het onderwijs in deze domeinen in Vlaanderen is de belangrijkste verklaring hiervoor.


Mark Van Hoecke
Mark Van Hoecke is hoogleraar Rechtsvergelijking aan de Queen Mary University of London.
Artikel

Access_open Philosophy and Law in Ancient Rome

Traces of Stoic Syllogisms and Ontology of Language in Proculus’s Jurisprudence

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Stoicism, Roman Law, Theory of Language, Syllogisms, Classical Jurisprudence
Auteurs Pedro Savaget Nascimento
SamenvattingAuteursinformatie

    This paper uses Stoic theory of language to gain more insight into Roman lawyer Proculus’s legal opinions on the meaning and understanding of ambiguous testaments, wills and dowries. After summarizing Stoic theory of language, the paper discusses its reception in Roman jurisprudence and situates Proculus in a Stoic legal/philosophical context. The meat of the article lies in the re-examination of Proculus’s legal opinions on ambiguities in light of Stoic theory of language, through: (1) the analysis of a case demonstrating that Proculus’s embeddedness in Stoic doctrine went beyond his technical competence in propositional syllogisms, going into the territory of Stoic physical materialism and, (2) the investigation of four cases that reveal how his approach to problems of ambiguity in unilateral legal acts converges with the Stoic conception of the parallelism between speech and thought.


Pedro Savaget Nascimento
Pedro Savaget Nascimento holds a PhD in Law and Language from the University of Birmingham (UK) and currently works as Research Designer in Belo Horizonte (Brazil).
België

Access_open Belgisch erfrecht grondig herzien

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Belgisch erfrecht, inbreng, erfovereenkomst, legitieme portie
Auteurs Prof. mr. W.D. Kolkman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Belgische erfrecht is per 1 september 2018 gewijzigd. Deze bijdrage gaat in op de belangrijkste veranderingen: de erfrechtelijke reserve, de inbreng van giften en de erfovereenkomsten.


Prof. mr. W.D. Kolkman
Prof. mr. W.D. Kolkman is hoogleraar Algemene Rechtswetenschap en Familievermogensrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en adviseur bij Elan Notarissen.

    In 2017, empirical research has been conducted at Ghent University regarding the attitude of Belgian lawyers on mediation in the current and future legal and social context. This article explains the background, goals and methodology of the research and unveils some of the results by sharing the first remarkable findings.


Tom Wijnant
Tom Wijnant is assistent en doctoraatsonderzoeker aan de UGent. Zijn onderzoek legt de nadruk op de optimalisering van bemiddeling in België, met een focus op de faciliterende rol van de advocatuur.

    Over the last years the expectations of Belgian clients have changed and the Flemish lawyer needs to adapt his positioning. Clients are looking for a personalized solution that not only provides a solution for the substantive (pure legal) aspect of the dispute, but also meets, at least takes into account, the more emotional and relational aspects of the conflict.
    In collaborative negotiation (also called principled or interest-based negotiation), the approach is to treat the relationship as an important and valuable element while seeking an equitable and fair agreement for all parties.
    As part of the collaborative law method, each party engages its own specially trained Collaborative attorney whose job consists in helping to settle the dispute outside the court. If one of the parties however decides to go to court, the collaborative law process terminates and both attorneys are disqualified from any further involvement in the case.
    The Association of French- and German-speaking Bars of Belgium has integrated collaborative law in its code of ethics. The Association of Dutch speaking Bars of Belgium looks in which way collaborative law can also become a part of the practice of the Flemish lawyer.


Anne-Sofie D’Herde
Anne-Sofie D’Herde is als advocaat verbonden aan de Nederlandse Orde van advocaten bij de Balie van Brussel, alwaar zij een werkgroep collaboratief recht voorzit. Zij is erkend bemiddelaar in Familiezaken, Burgerlijke en Handelszaken en gevormd in collaboratief recht. Zij is werkzaam bij het advocatenkantoor Justia.

Annie de Roo
Annie de Roo is hoofdredacteur van TMD, verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en mediator.

Rob Jagtenberg
Rob Jagtenberg is fellow aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en lid van de redactie van TMD.
Artikel

Generatieconflicten bij vermogende families

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2 2016
Trefwoorden Generatieconflict, Familievermogen, Familiedynamiek, Empathie
Auteurs Alain Laurent Verbeke en Tijs Besieux
SamenvattingAuteursinformatie

    Governance of family wealth is multifaceted in nature. In order to deepen our understanding of this topical issue, the current article offers a framework to grasp the complexity of family wealth governance. In doing so, the authors make a distinction between family wealth, socioemotional wealth, and family dynamics. The authors bridge the three distinct – yet interrelated – aspects both from a legal and psychological perspective. The framework can expand insight towards conflicts existing within families, across generations. Each component then provides challenges as well as opportunities to manage family conflict in an integrative and sustainable manner, a process which is facilitated by empathy.


Alain Laurent Verbeke
Alain Laurent Verbeke is gewoon hoogleraar privaatrecht & ADR aan de KU Leuven. Aan de faculteit psychologie is hij co-founder van het Leuven Center for Collaborative Management en het Leuven Mediation Platform. Alain Laurent is Visiting Professor of Law aan Harvard Law School en tenured Professor of Law aan Tilburg Universiteit en UCP Lisbon Global School of law. Hij is advocaat, partner bij Greenille by Laga, gespecialiseerd in de begeleiding van private clients. Hij is ook onderhandelaar en bemiddelaar in conflicten rond erfenis en family business.

Tijs Besieux
Tijs Besieux doet onderzoek naar leiderschap, teamdynamiek en conflict aan de KU Leuven. Hij is gastprofessor aan de IÉSEG School of Management (Parijs) en docent bij Schouten en Nelissen University (Nederland). Tijs is managing director van het Leuven Center for Collaborative Management, KU Leuven.
Artikel

‘Alle grote kantoren worstelen met diversiteit’

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 3 2016
Auteurs Erik Jan Bolsius en Jean-Pierre Jans
Auteursinformatie

Erik Jan Bolsius

Jean-Pierre Jans
Beeld

    Dit artikel ontleedt het vaderschap, zowel op Belgisch als Europees niveau. Wie juridisch als vader wordt aangeduid, is niet altijd biologisch of sociaal vader voor een kind. Hoe dient de afweging van rechten en plichten voor deze verschillende vaders dan te gebeuren?
    Deel één bespreekt de vaderlijke afstamming naar Belgisch recht aan de hand van recente rechtspraak van het Grondwettelijk Hof. In vier centrale thema’s wordt het standpunt van het Hof geplaatst tegenover dat van de wetgever en het EHRM. Aan bod komen: bezit van staat, vervaltermijnen, het belang van het kind en verboden afstamming. De doelstelling lijkt het bewerkstelligen van een grotere individualisering van het afstammingsrecht. Dit leidt tot een patstelling voor de wetgever, die zal moeten bepalen hoe het afstammingsrecht naar de toekomst toe wordt geconstrueerd. Verdedigd wordt dat een belangenafweging zich voornamelijk dient te situeren bij de betwistingsprocedure, daar waar bij gebrek aan een reeds gevestigd juridisch vaderschap de biologische band mag primeren.
    Vervolgens wordt het vaderschap naast het moederschap geplaatst. Waar voor moeders een zekere vanzelfsprekendheid geldt, is dit allesbehalve zo voor vaders. Bovendien heeft de moeder een bepaalde zeggenschap over wie de vader van het kind wordt.
    Na een toelichting van het begrip ouderlijk gezag wordt de kneedbaarheid ervan aangegrepen om nieuwe voorstellen te formuleren. Ingrepen op het ouderlijk gezag, waaronder de ontzetting, kunnen ervoor zorgen dat een sociaal onwenselijke biologische afstammingsband alsnog kan worden gevestigd. Wanneer meerdere vaderfiguren zich aandienen, kan een uitbreiding van (bepaalde) gezagsrechten naar andere personen soelaas bieden.
    Tot slot verkennen we de verdeling van verschillende vaderfuncties over meerdere personen, zoals die reeds bestaat voor het omgangsrecht en de alimentatieverplichting. De lege ferenda wordt gepleit voor een “attest van verwekkerschap”, een verklaring naar recht van het biologisch verwekkerschap, waaraan bepaalde rechtsgevolgen worden gekoppeld.
    This article analyses fatherhood from a Belgian and European context. The legal father is not necessarily the biological or social father. How should we balance the rights and obligations of these different kinds of fatherhood?
    Part one reviews paternity in Belgian law through recent jurisprudence of the Supreme Court. In four central themes the Supreme Court’s position is weighed against that of the legislator and the ECHR. The four central themes are discussed in the following order: “possession of state”, statutes of limitations, the best interests of the child, and illegal filiation. The aim of the Supreme Court seems to be a case by case appreciation of filiation. It is then up to the legislator to decide how legal parentage is to be construed in the future. A balancing of interests should be the primary - and maybe even exclusive - consideration when the paternity is disputed. Where legal paternity has yet to be established, biological ties should be decisive.
    Next, legal paternity will be compared to legal maternity. Whereas establishing legal parentage seems to be quite evident in the case of mothers, this is not so straightforward for fathers. Moreover the mother has a say in who is to be the legal father.
    After a clarification ofthe concept ‘parental authority’, its flexible nature is taken as a starting point to suggest new solutions. Intervening in parental authority allows us to establish the socially undesirable biological paternity.In the case of multiple father figures, an expansion of specific authority rights to others may offer an alternative solution.
    Lastly, we explore the possibility of sharing paternal rights and obligations among multiple candidates, as is the case for visitation rights and child support obligations. We argue in favour of a “certificate of procreation” - a declaration of biological relationship that generates specific legal consequences.


Eline Smeuninx MA
Eline Smeuninx graduated from the law faculty of the University of Antwerp in 2014. She now specialises in medical law. As of September 2015 she will work as an associate in a law firm in Antwerp.
Artikel

De schenking onder opschortende voorwaarde in het Vlaams Gewest

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2015
Trefwoorden schenking, opschortende voorwaarde, antimisbruikbepaling
Auteurs Mr. K.M.L.L. van de Ven
SamenvattingAuteursinformatie

    In het artikel wordt ingegaan op de Vlaamse fiscale regeling omtrent de schenking onder opschortende voorwaarde.


Mr. K.M.L.L. van de Ven
Mr. K.M.L.L. van de Ven is docent belastingrecht aan de Universiteit Maastricht en tevens werkzaam als kandidaat-notaris bij Athena Advies en Praktijk te Maastricht.
Article

Access_open Relief in Small and Simple Matters in Belgium

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Belgium, small matters, simple matters, recovery of unchallenged claims, summary order for payment
Auteurs Stefaan Voet
SamenvattingAuteursinformatie

    This article is based on a national report that was written for the XVth World Congress of the International Association of Procedural Law that was held in Istanbul in May 2015 and that focused on Effective Judicial Relief and Remedies in an Age of Austerity. It first of all sketches the general judicial context in Belgium and some of its relevant features: the judicial organisation, the goals of the civil justice system, the course of an ordinary civil lawsuit, the role of the court, and the litigation costs. Next, a detailed and critical overview of the current and future procedures that offer relief in small and simple matters is given. The current summary order for payment procedure, which was introduced in 1967, did not meet its goals. The article concludes that a new trend is emerging in Belgium, namely keeping small and unchallenged claims outside the judiciary and providing for cheaper and more efficient alternatives.


Stefaan Voet
Stefaan Voet is an Associate Professor of Law at the Katholieke Universiteit Leuven and a Visiting Professor at the Universiteit Hasselt.
Artikel

De minnelijke beslechting van familiale geschillen in België

Nieuwe wegen als gevolg van de wet van 30 juli 2013 betreffende de invoering van een familie- en jeugdrechtbank

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2 2015
Trefwoorden Familiale geschillen, Familie- en jeugdrechtbank, Minnelijke schikking, Akkoordvonnis, verzoening
Auteurs Steven Brouwers
SamenvattingAuteursinformatie

    In a sequal to his earlier contribution in TMD 2014 (18) 2, p. 63, the author describes in more detail the ins and outs of the statute of 30 July 2013 on family and juvenile courts. With this new statute Belgian family and juvenile law are modernized. Also, the new statute started an autonomous development in family procedure, apart from the general civil procedure rules: most of the family conflicts can be solved in a shortened procedure and the possibility of mediation is introduced.


Steven Brouwers
Steven Brouwers is erkend advocaat-bemiddelaar in familiezaken en docent UAntwerpen PAO Bemiddeling.
Article

Access_open Draagmoederschap naar Belgisch en Nederlands recht

Tijdschrift Family & Law, mei 2015
Auteurs Dr. Liesbet Pluym Ph.D.
Samenvatting

    Zowel in België als in Nederland komt draagmoederschap voor. Deze bijdrage heeft tot doel om de houding van de twee buurlanden ten aanzien van dit controversiële fenomeen te onderzoeken en te vergelijken.
    De wensouders en draagmoeders ervaren meerdere juridische obstakels. Zo blijkt in beide landen de draagmoederschapsovereenkomst niet geldig en evenmin afdwingbaar te zijn. Hoewel in Nederland de mogelijkheid bestaat om het ouderlijk gezag over te dragen van draagmoeder naar wensouders, is het ook daar, net zoals in België, allesbehalve evident om de band tussen kind en wensouders juridisch te verwezenlijken. Noch de oorspronkelijke, noch de adoptieve afstamming is aan het fenomeen aangepast. Vooral voor Nederland is dit vreemd aangezien de Nederlandse wetgeving uitdrukkelijk bepaalt onder welke voorwaarden medisch begeleid draagmoederschap toegelaten is. De wet schept met andere woorden een gezondheidsrechtelijk kader, maar regelt niet de gevolgen van het draagmoederschap. In België is er daarentegen geen enkele wetgeving betreffende draagmoederschap. Dit betekent dat de onaangepaste wetgeving betreffende medisch begeleide voortplanting van toepassing is op draagmoederschap. Over deze toepassing en de gevolgen ervan bestaat evenwel onduidelijkheid. Commercialisering van draagmoederschap leidt ook tot problemen. In Nederland is professionele bemiddeling en het openbaar maken van vraag en aanbod met betrekking tot draagmoederschap strafbaar gesteld. Daarnaast kunnen de omstandigheden van een zaak waarin het kind als het ware verkocht wordt aan de wensouders zowel in België als in Nederland leiden tot andere misdrijven. Gelet op dit alles begeven sommige wensouders zich naar het buitenland om daar beroep te doen op draagmoederschap. Wensen zij terug te keren met het kind naar het land van herkomst, dan leidt dit in beide buurlanden tot internationaalprivaatrechtelijke problemen.
    Door het gebrek aan een algemeen wettelijk kader, is het draagmoederschapsproces in beide landen vaak een calvarietocht. Dit leidt tot rechtsonzekerheid. Oproepen tot een wettelijk ingrijpen bleven tot nu toe echter onbeantwoord.
    Surrogacy is practiced in Belgium and the Netherlands. The aim of this contribution is to compare the many legal aspects of the phenomenon. In both countries legal problems surround surrogacy: the surrogacy contract is unenforceable; it is difficult for the intended parents to become the legal parents; commercial surrogacy can result in criminal sanctions and cross-border surrogacy leads to limping legal relations. The main differences between the two legal systems are that in Belgium there is no regulation at all, while in the Netherlands, professional mediation and advertising in surrogacy are explicitly forbidden and Dutch law provides a limited health law regulation. In both countries scholars have pressed the need for legal change.


Dr. Liesbet Pluym Ph.D.

Eric Lancksweerdt
Article

Access_open Samenlevingsovereenkomsten in de notariële praktijk

Tijdschrift Family & Law, november 2014
Auteurs Petra Kuik, Wendy Schrama en Prof. dr. Leon Verstappen
Samenvatting

    In deze bijdrage worden de resultaten van een empirisch onderzoek dat in 2013 is verricht naar de inhoud van gemaakte samenlevingsovereenkomsten gepresenteerd. De beroepsgroep die zich met het maken van samenlevingsovereenkomsten bezig houdt - het notariaat - is bevraagd over deze praktijk aan de hand van een digitale vragenlijst. Daarmee is het qua opzet een verkennend onderzoek, dat een eerste beeld geeft van de notariële praktijk. In deze bijdrage worden de resultaten van een empirisch onderzoek dat in 2013 is verricht naar de inhoud van gemaakte samenlevingsovereenkomsten gepresenteerd. De beroepsgroep die zich met het maken van samenlevingsovereenkomsten bezig houdt - het notariaat - is bevraagd over deze praktijk aan de hand van een digitale vragenlijst. Daarmee is het qua opzet een verkennend onderzoek, dat een eerste beeld geeft van de notariële praktijk. De inhoud van de doorsnee samenlevingsovereenkomst verschilt aanzienlijk van die van huwelijkse voorwaarden. Bedingen waaruit vermogensrechtelijke solidariteit tussen ongehuwd samenwonenden blijkt (inkomens- of vermogensverrekening of alimentatiebedingen), komen slechts zeer beperkt voor in samenlevingsovereenkomsten, terwijl die juist in huwelijkse voorwaarden zeer frequent voorkomen. Ook op andere onderdelen verschaft dit onderzoek interessante bevindingen. Nader onderzoek is gewenst om meer inzicht te krijgen in de praktijk van het maken van samenlevingsovereenkomsten. --- In this paper, the authors present an empirical research on the content of cohabitation contracts in the Netherlands, conducted in 2013. The legal professionals who mostly deal with cohabitation contracts - the notaries - have been asked to fill in a digital questionnaire. The format of this research is exploratory, painting a first picture of legal practice on making cohabitation contracts. The content of the average cohabitation contract differs very much compared to the content of the average marriage contract. Clauses that express solidarity between cohabitants (sharing income or property values or maintenance) are rare in cohabitation contracts, whereas they are rather popular in matrimonial property contracts. Further research is necessary to gain more insight into the legal practice of making cohabitation contracts.


Petra Kuik

Wendy Schrama

Prof. dr. Leon Verstappen
Artikel

Als je merkt dat niemand het merkt

Over fraude in de wetenschap

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 3 2014
Trefwoorden categories of science fraud, history of science fraud, causes of science fraud, publication pressure, supervision
Auteurs C.J.M. Schuyt
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the author deals with some issues concerning fraud in science. First, he wonders if this is a new phenomenon. After exploring the definition of scientific fraud he sets the inquiry to the prevalence of this phenomenon. Various recent science fraud cases are discussed, as well as possible explanations for science fraud. Finally, the author formulates a criminological-oriented hypothetical explanation, which opposes frequently heard explanations dealing with contemporary problems in the universities, such as the publication pressure.


C.J.M. Schuyt
Prof. dr. mr. Kees Schuyt is lid van de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen, voorzitter van het Landelijk Orgaan Wetenschappelijke Integriteit en emeritus hoogleraar Sociologie aan de Universiteit van Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 50 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.