Zoekresultaat: 27 artikelen

x

Herman Verbist
Herman Verbist is advocaat bij de balie te Gent en te Brussel (Everest Advocaten), erkend bemiddelaar in burgerlijke en handelszaken bij de Federale Bemiddelingscommissie in België, en redacteur van dit tijdschrift. Hij volgt sedert verschillende jaren als waarnemer de vergaderingen van de werkgroep arbitrage en conciliatie van UNCITRAL en was lid van de werkgroep arbitrage en ADR van de NOAB die het Reglement Bindende derdenbeslissing uitwerkte.

Nadja Alexander
Nadja Alexander is Professor of Law (Practice) at Singapore Management University School of Law and Director of the Singapore International Dispute Resolution Academy (‘SIDRA’). She may be contacted at

Shouyu Chong
Shouyu Chong is a Researcher at SIDRA, and may be contacted at
Vrij verkeer

Het arrest Tjebbes: de evenredigheidstoets als complexe brug tussen nationaliteitswetgeving en Unieburgerschap

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden Unieburgerschap, artikel 20 VWEU, intrekking van nationaliteit, bevoegdheidsverdeling, evenredigheidstoets, beroeps- en familieleven in de EU
Auteurs Prof. dr. P. Van Elsuwege en H.H.C. Kroeze LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    De zaak Tjebbes gaat over de verenigbaarheid van een Nederlandse regeling met het Unierecht op grond waarvan tien jaar verblijf in een derde land het van rechtswege verlies van het Nederlanderschap met zich meebrengt voor Nederlanders die nog een tweede nationaliteit hebben. De zaak is daarmee een vervolg op het arrest Rottmann, waarin het Hof van Justitie bepaalde dat intrekking van de nationaliteit van de lidstaten in overeenstemming moet zijn met het Europeesrechtelijke evenredigheidsbeginsel. In Tjebbes vraagt de Raad van State of die Europeesrechtelijke evenredigheidstoets met zich meebrengt dat de gevolgen in het individuele geval moeten worden getoetst, of dat het voldoende is dat er een evenredigheidstoets in abstracto in het beleid verdisconteerd is. Anders dan advocaat-generaal Mengozzi oordeelt het Hof van Justitie dat incidenteel een geconcretiseerde evenredigheidstoets plaats moet kunnen vinden, ‘vanuit het oogpunt van het Unierecht’, wat betekent dat het effect van het verlies van de nationaliteit op het beroeps- en gezinsleven van de betrokkene meegewogen moet worden. Deze bijdrage evalueert deze uitspraak vanuit het perspectief van de bevoegdheidsverdeling tussen de EU en de lidstaten. Daarnaast wordt ingegaan op de beperktheid van de Unierechtelijke evenredigheidstoets zoals die in dit arrest geformuleerd wordt en worden enkele mogelijke implicaties voor de rechtspraktijk besproken.
    HvJ 12 maart 2019, zaak C-221/17, Tjebbes e.a./Minister van Buitenlandse Zaken, ECLI:EU:C:2019:189


Prof. dr. P. Van Elsuwege
Prof. dr. P. (Peter) Van Elsuwege is hoogleraar Europees recht aan de Universiteit van Gent en verbonden aan het Ghent European Law Institute.

H.H.C. Kroeze LL.M.
H.H.C. (Hester) Kroeze LL.M. is promovenda in het Europees recht aan de Universiteit van Gent en verbonden aan het Ghent European Law Institute.
Vrij verkeer

Een overwinning voor vrijverkeersrechten van regenboogfamilies in Europa: het langverwachte Coman-arrest

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2019
Trefwoorden vrij verkeer van Unieburgers, artikel 21 VWEU, koppels van hetzelfde geslacht, Burgerschapsrichtlijn 2004/38/EG, recht op familieleven (art. 7 Handvest)
Auteurs H.H.C. Kroeze LL.M. en B. Safradin LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    In Coman heeft het Hof van Justitie voor het eerst uitspraak gedaan over het recht op gezinshereniging van een EU-burger met zijn partner van hetzelfde geslacht op basis van de Burgerschapsrichtlijn (Richtlijn 2004/38/EG). De vraag van de verwijzende Roemeense rechter heeft betrekking op de kwestie of een derdelander die gehuwd is met een EU-burger van hetzelfde geslacht als ‘echtgenoot’ van een Unieburger in de zin van het EU-recht aangemerkt kan en moet worden. Het Hof van Justitie beantwoordt die vraag bevestigend. Het arrest Coman is een overwinning voor de LHBTI-gemeenschap, omdat het Hof van Justitie met dit arrest lidstaten verplicht de burgerlijke staat van getrouwde homoseksuele koppels te erkennen voor wat betreft de uitoefening van de vrijverkeersrechten. Deze annotatie bespreekt zowel de implicaties als de beperkingen van het arrest. Het is bijvoorbeeld nog onduidelijk hoe ver de gelijke behandeling van koppels van hetzelfde geslacht strekt en of zij via het EU-recht ook toegang kunnen krijgen tot andere rechten die aan het huwelijk gekoppeld zijn, zoals socialezekerheidsrechten. Daarnaast legt het arrest de kwestie van omgekeerde discriminatie opnieuw bloot.
    HvJ 5 juni 2018, zaak C-676/16, Relu Adrian Coman e.a./Inspectoratul General pentru Imigrari, Ministerul Afacerilor Interne, ECLI:EU:C:2018:385.


H.H.C. Kroeze LL.M.
H.H.C. (Hester) Kroeze LL.M. is promovenda in het Europees recht aan de Universiteit van Gent.

B. Safradin LL.M.
B. (Barbara) Safradin LL.M. is junior onderzoeker verbonden aan het ETHOS-project en docente Europees recht aan de Universiteit van Utrecht.

Annie de Roo
Annie de Roo is associate professor of ADR and comparative law at Erasmus University Law School in Rotterdam, editor-in-chief of TMD, and vice chair of the exams committee of the Mediators Federation of the Netherlands MFN. She has published extensively on mediation and has inter alia been a Rapporteur three times for the European Commission on the use of mediation in employment disputes.

    With a Belgian law of June, 18 2018, the principle of the voluntary nature of mediation was affected. A lot of critical comments can be made at this point. The scope of the obligation is not clear. Mandatory mediation raises the threshold to the court and has as effect that many cases are not handled in the most appropriate way. The bar doesn’t support the measure. Research is needed to find out if the new measure is justified.


Tom Wijnant
Tom Wijnant is assistent en doctoraatsonderzoeker aan de UGent. Zijn onderzoek legt de nadruk op de optimalisering van bemiddeling in België, met een focus op de faciliterende rol van de advocatuur.

Herman Verbist
Herman Verbist is advocaat aan de Balie te Gent en te Brussel; erkend bemiddelaar, erkend door de Federale Bemiddelingscommissie in België en redactielid van TMD.

Roger Ritzen
Roger Ritzen is advocaat aan de Balie te Breda-Middelburg (Nederland) en EU-Advocaat aan de Balie te Antwerpen. Tevens erkend bemiddelaar, erkend door de Federale Bemiddelingscommissie (België) en redactielid van TMD.

Herman Verbist
Advocaat bij de balie te Gent en te Brussel (Everest Advocaten); erkend bemiddelaar in burgerlijke en handelszaken bij de Federale Bemiddelingscommissie in België. De auteur volgt sinds verschillende jaren als waarnemer de vergaderingen van de werkgroep arbitrage en conciliatie van UNCITRAL.
Artikel

40 jaar Europa en mediation

Beschouwing naar aanleiding van het eindverslag van de Europese Commissie inzake toepassing van de Mediationrichtlijn in de lidstaten

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Mediation Directive, Geschiedenis ADR, Verslag Europese Commissie, Mediationrichtlijn
Auteurs Annie de Roo en Rob Jagtenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    Taking the recent European Commission’s Report on the application of Mediation Directive 2008/52/EC as a starting point, the authors set out to reconstruct the pattern of ADR/mediation activities undertaken by the EU and the Council of Europe over the past 40 years. The authors conclude that the European initiatives have been conducive to a broadening and deepening of the ADR debate. Remarkable shifts can be observed in the emphasis placed by the European agencies during this period, notably a shift from emancipatory to efficiency-based arguments. The inherent coupling of private mediation and public adjudication entails risks however for each of these distinct conflict resolution strategies. The authors call for advanced research designs to generate the data needed for a genuine evidence-based policy in this domain.


Annie de Roo
Annie de Roo is hoofdredacteur van TMD, hoofddocent aan de Erasmus Universiteit en vicevoorzitter van de examencommissie Stichting Kwaliteit Mediators. Zij heeft diverse malen als key expert voor de Europese Commissie meegewerkt aan projecten,met name op het gebied van arbeidsrechtelijke mediation.

Rob Jagtenberg
Rob Jagtenberg is onder andere verbonden aan de Erasmus Universiteit en is TMD redactielid. Hij trad enkele malen op als rapporteur-generaal voor de Raad van Europa op het gebied van ADR/mediation.

Herman Verbist
Herman Verbist is advocaat bij de balies te Gent en Brussel (Everest Advocaten) en erkend bemiddelaar in burgerlijke en handelszaken bij de Federale Bemiddelingscommissie in België. De auteur volgt sedert verschillende jaren als waarnemer de vergaderingen van de werkgroep arbitrage en conciliatie van UNCITRAL. Hij is tevens redacteur van TMD.

    This contribution provides an introduction to the main theme’s that are discussed in micro-, meso- and macroeconomics relating to family law. The occasion was a closed international expert seminar organized by RETHINKIN. (www.rethinkin.eu), a Scientific Research Network financed by the Research Foundation Flanders. The seminar concerned the compensation of household production between partners on the one hand, and intergenerational care for the elderly on the other. A report on the legal aspects is also available on this forum. This contribution first situates the economics of family in general, before discussing the main functions of practicing the economics of family law: (a) avoiding legislative mistakes, (b) using incentives to encourage altruistic behaviour, (c) using disincentives to discourage opportunistic behaviour and finally, (d) applying family economics as a benchmark for protective measures. It is concluded that employing the economics of family law encounters some difficulties, but that the possibilities it offers for legal development outweigh the difficulties.
    Deze bijdrage biedt een inleiding op de voornaamste thema’s die aan bod komen in de micro-, meso- en macro-familierechtseconomie. Aanleiding was een besloten internationaal expertenseminar dat werd georganiseerd door RETHINKIN. (www.rethinkin.eu), een wetenschappelijke onderzoeksgemeenschap gefinancierd door het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek - Vlaanderen. Dat seminar betrof de compensatie van huishoudelijke productie tussen partners enerzijds en intergenerationele zorg voor ouderen anderzijds. Een verslag van het juridische gedeelte is ook op dit forum beschikbaar. Deze bijdrage situeert eerst de familie-economie in het algemeen, vooraleer in te gaan op de belangrijkste functies van de beoefening van defamilierechtseconomie: (a) het voorkomen van verkeerde wetgevende keuzen, (b) het aanmoedigen in de wetgeving van altruïstisch gedrag, (c) het ontmoedigen in de wetgeving van opportunistisch gedrag en ten slotte (d) de onzichtbare hand als opmaat voor een minimale wetgevende bescherming. De conclusie luidt dat de beoefening van de familierechtseconomie op sommige moeilijkheden stuit, maar dat de mogelijkheden ervan voor een goede rechtsontwikkeling meer gewicht in de schaal leggen.


Prof. dr. Frederik Swennen
Frederik Swennen is a senior lecturer at the University of Antwerp and an attorney at the Brussels Bar.

    In this article Herman Verbist analyses the new ICC-rules of 1 January 2014. He gives a historical overview of the ICC mediation rules and reflects on the comtemporary rules based on modern mediation practices. Also he gives clear tools for mediation procedures.


Herman Verbist
Herman Verbist is advocaat bij de balies te Gent en Brussel, werkzaam bij Everest Advocaten, erkend bemiddelaar en redacteur van dit tijdschrift.

    Er zijn maar weinig bestuursrechtelijke wetten zo controversieel als de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (hierna: Wet Bibob). Op grond van deze wet is het mogelijk dat het bestuursorgaan een beschikking weigert of intrekt, indien sprake is van een ernstig gevaar van misbruik van de beschikking. Gezien de huidige stand van zaken in de jurisprudentie kan de Wet Bibob bezwaarlijk worden aangemerkt als een vorm van ‘bestuursstrafrecht’. Dit betekent echter geenszins dat de invloed van strafrechtelijke dogmatiek en jurisprudentie op de toepassing van de Wet Bibob te verwaarlozen is. Dit laat zich treffend illustreren aan de hand van de zogenoemde ‘achterdeurproblematiek’. Deze ‘achterdeurproblematiek’ hangt samen met het gedoogbeleid.


mr. drs. B. van der Vorm
Artikel

Het nieuwe CEPANI Mediatiereglement van 2013

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 1 2013
Trefwoorden CEPANI, CEPINA, arbitration rules, domain names
Auteurs Herman Verbist en Luc Demeyere
SamenvattingAuteursinformatie

    On 1 January 2013 the new Mediation Rules of CEPANI (the Belgian Center for Arbitration and Mediation) entered into force. The 2013 CEPANI Mediation Rules replace the 2005 version of the CEPANI Mediation Rules and also the 2010 version of the CEPANI ICT (Information and Communication Technology) Mediation Rules. The 2013 Rules contain provisions on the introduction of the mediation, the appointment of the mediator, the mediation protocol to be established at the beginning of the mediation process, the conduct of the mediation, the confidentiality, the end of the mediation and its costs. The authors comment on these various provisions of the CEPANI Mediation Rules and explain thereby also the relevant provisions of the Belgian Mediation Law contained in Chapter VII of the Belgian Judicial Code.


Herman Verbist
Herman Verbist is advocaat aan de Balie te Gent en te Brussel, werkzaam bij Everest Advocaten, gastdocent aan de Universiteit Gent, erkend bemiddelaar en redacteur van dit tijdschrift.

Luc Demeyere
Luc Demeyere is advocaat aan de Balie te Antwerpen, werkzaam bij Contrast, erkend bemiddelaar en redacteur van dit tijdschrift.

E. Dewitte
E. Dewitte is assistent aan het Instituut voor Goederenrecht, Katholieke Universiteit Leuven, Kulak.

V. Sagaert
V. Sagaert is hoogleraar aan de Katholieke Universiteit Leuven en Universiteit Antwerpen en directeur van het Instituut voor Goederenrecht van de Katholieke Universiteit Leuven.
Artikel

ADR in the Netherlands and ‘Europe’

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 4 2012
Trefwoorden ADR Directive, ODR Regulation, Mediation
Auteurs mr. dr. Betty Santing-Wubs
SamenvattingAuteursinformatie

    This article deals with two European proposals on consumer disputes: one proposal for an Alternative Dispute Resolution (ADR) Directive and one for an Online Dispute Resolution (ODR) Regulation. The European Mediation Directive is also taken into account. Important issues are the voluntary nature of ADR and the quality of the so-called ADR entities.
    Some regulation in the field of ADR might be useful, but the proposals are quite detailed. In the Netherlands, till now ADR has been successful without too much – or even without any – regulation. The two proposals could lead to undesirable intervention in an effective self-regulating ADR system.


mr. dr. Betty Santing-Wubs
Betty Santing-Wubs is universitair docent privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen. a.h.santing-wubs@rug.nl.
Column

Schikken, slikken of strikken?

De Europese ontwerpregelgeving voor ADR in consumentengeschillen

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 1 2012
Trefwoorden ADR in consumentengeschillen, Online dispute resolution, Europese ontwerpregelgeving, Consumer ADR, ODR, EU legislative proposals
Auteurs Rob Jagtenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    This contribution discusses the EU Commission proposals for a directive on Consumer ADR and a Regulation on consumer ODR. The directive compels member state to cater for complete coverage of all contractual consumer disputes (whether domestic or cross-border) by ADR entities that meet certain quality requirements and to actively make these facilities known. The proposed regulation introduces an EU-wide single ODR platform that will transfer consumer complaints to the appropriate national entity. European comparative research suggests the business community’s initial reluctance to (co-)finance such external extra-judicial dispute reolution schemes (deploying quasi-arbitration or mediation) may be overcome in either of two ways: through the prospect of introducing EU collective consumer redress before the courts instead, or by convincing business of ADR’s use as an additional marketing feedback tool. Some open questions that remain are highlighted.


Rob Jagtenberg
Mr. dr. Rob Jagtenberg verricht vergelijkend onderzoek naar mediation en conflictmanagement in Europa.
Artikel

Arbitration and Alternative Dispute Resolution in the Belgian Construction Sector

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2 2012
Trefwoorden dispute resolution, arbitration, Construction Law Disputes, Belgium
Auteurs Benoît Kohl en Sophie Bourgois
SamenvattingAuteursinformatie

    Construction contracts are particularly prone to the emergence of disputes. In Belgium, construction disputes have traditionally been referred to State Courts. In recent years however, there has been a growing interest in Alternative Dispute Resolution (ADR), which has gradually affected the Belgian construction sector. There are now several institutions dedicated solely to providing arbitration and ADR services to the construction industry.Beside the Centre belge de l’arbitrage et de la mediation, three institutions are specialized in the settlement of construction and real estate disputes: the Chambre de Conciliation, d’Arbitrage et de Médiation en matière immobilière, the Commission de conciliation construction and the Centre Scientifique et Technique de la Construction. These institutions offer fast and cost-effective ways of settling disputes, which are often more suitable than judicial proceedings


Benoît Kohl
Benoît Kohl, Professor (University of Liège), Visiting Professor (University of Paris II), Attorney (Stibbe Brussels).

Sophie Bourgois
Sophie Bourgois, Attorney (Stibbe Brussels).

    This contribution examines how the Directive 2008/52/EC of the European Parliament and of the Council of 21 May 2008 on certain aspects of mediation in civil and commercial matters is transposed in various member states of the European Union, or how the discussion about the transposition is conducted or is still ongoing in some countries. The following seven countries are examined: Belgium, the Netherlands, Luxemburg, England, France, Germany and Austria.


Herman Verbist
Prof. dr. mr. Herman Verbist is gastprofessor aan de Universiteit Gent, advocaat bij de balies te Gent en te Brussel, voormalig adviseur bij het Internationaal Hof van Arbitrage van de ICC, erkend bemiddelaar en voormalig plaatsvervangend lid van de Bijzondere Commissie voor Burgerlijke en Handelszaken van de Federale Bemiddelingscommissie in België.

Annie de Roo
Annie de Roo is hoofdredacteur van TMD.
Toont 1 - 20 van 27 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.