Zoekresultaat: 130 artikelen

x

Mr. T. de Vette
Deze rubriek is samengesteld door mr. T. de Vette. De jurisprudentie is gepubliceerd op rechtspraak.nl tussen 13 november 2020 en 21 maart 2021.
Discussie

Van big five naar high five?

Plaats en invloed van de rechtssociologische hoogleraren aan de Nederlandse juridische faculteiten

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Rechtssociologie, Juridische opleidingen, Eén inleiding voor studenten, Samenwerking tussen hoogleraren, Sociaal wetenschappelijk onderzoek
Auteurs Prof. Mr Nick Huls
SamenvattingAuteursinformatie

    In From big five to high five the author analyzes the developments of sociology of law at the law faculties in the Netherlands since the 1970ies until today. Focusing on the professors (‘chairs’) he argues that after a strong start with five prominent scholars the discipline is now placed in the periphery of the law curriculum. Sociology of law is ‘intellectually strong, but institutionally weak’.
    The author encourages the present generation professors (‘chairs’) to cooperate more. He claims that writing one modern Dutch Introduction to Sociology of law is crucial to win the hearts and minds of the law students. Furthermore, he suggests that collaborative research projects contributes to the visibility of sociology of law in policy arenas and public debates.


Prof. Mr Nick Huls
Nick Huls is emeritus hoogleraar rechtssociologie aan de Erasmus Universiteit en de Universiteit Leiden. Van 2001 tot 2006 was hij lid van de redactie van Recht der Werkelijkheid. Zijn huidige onderzoeksbelangstellingen zijn de schuldenproblematiek tijdens corona, vechtscheidingen en probleemoplossende rechtspraak.
Artikel

Is herstelrecht voor jeugdigen volwassen geworden?

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden jeugdstrafrecht, jeugdherstelrecht, binding, kinderrechten, herstelrechtelijk jeugdsanctierecht
Auteurs Annemieke Wolthuis
SamenvattingAuteursinformatie

    The 20th anniversary of this journal is a good reason to glance back at developments with restorative justice for children and young people. Can we say that restorative youth justice has become mature? Some core events and articles about developments in Belgium, the Netherlands and elsewhere are discussed, paying attention to young suspects as well as victims. Subsequently, the embedding of restorative justice in youth laws is discussed. Finally, the article focuses on the question what should be done to improve the implementation into an effective, child friendly and ‘rights based’ youth sanction model.


Annemieke Wolthuis
Annemieke Wolthuis is kinderrechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Rotterdam, mediator en vicevoorzitter van het European Forum for Restorative Justice.
Artikel

Sancties voor ouders vanwege misdragingen van hun kind?

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 5 2020
Trefwoorden Kwetsbare buurten, Jongeren, Parenting orders, Drang, Breed sociaal offensief
Auteurs Em.prof.dr. I. (Ido) Weijers
SamenvattingAuteursinformatie

    Het afgelopen jaar hebben burgemeesters naar aanleiding van ernstige steekincidenten en vanwege desastreuze gevolgen van de coronacrisis voor de meest kwetsbare buurten gepleit voor een integrale aanpak gericht op deze gebieden. Minister Dekker heeft daarop onder meer voorgesteld om de ouders van deze jongeren aan te pakken. Hij denkt daarbij aan het Britse jeugdstrafrecht, waar ouders een sanctie kan worden opgelegd vanwege wangedrag van hun kind. In dit artikel worden kritische kanttekeningen bij dit voornemen geplaatst.


Em.prof.dr. I. (Ido) Weijers
Ido Weijers is pedagoog. Hij was als bijzonder hoogleraar Jeugdrechtspleging verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de UU en als hoogleraar Jeugdbescherming aan de opleiding Pedagogiek van dezelfde universiteit.
Redactioneel

Access_open Hedendaagse jeugdcriminaliteit: nieuwe vragen en enkele antwoorden na een historische daling

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Auteurs Dr. André van der Laan, Prof. dr. Stefaan Pleysier en Prof. dr. Frank Weerman
Auteursinformatie

Dr. André van der Laan
Dr. A.M. van der Laan is senioronderzoeker bij het Wetenschappelijk Onderzoek en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid in Den Haag.

Prof. dr. Stefaan Pleysier
Prof. dr. S. Pleysier is hoofddocent aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de KU Leuven en coördinator van de Onderzoekslijn Jeugdcriminologie en Jeugdrecht aan het Leuvens Instituut voor Criminologie (LINC).

Prof. dr. Frank Weerman
Prof. dr. F.M. Weerman is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) in Amsterdam en bijzonder hoogleraar Jeugdcriminologie bij de sectie Criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Wie zijn jeugdige veelplegers?

Een onderzoek naar aantallen en kenmerken op basis van politieregistraties en zelfrapportage

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden Juvenile delinquency, Frequent offending, Research methods, Self reports, Police registrations
Auteurs Prof. dr. Frank Weerman, Prof. dr. Gerben Bruinsma, Prof. dr. Wim Bernasco e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    The aim of this study was to provide more insight in prevalence and aetiology of juvenile frequent offending, employing police registered data as well as self-report information. We combined data about 519 youths that participated in a self-report study in the region of The Hague with police register data (the HKS system) from the police unit of The Hague. The results indicate that a substantial part of youths that report a large amount of offenses themselves are not formally known as ‘juvenile frequent offender’. Causal factors derived from four major criminological theories can be found in a more pronounced way among juvenile frequent offenders than among youths that incidentally commit offenses. In general, there are similarities between the characteristics of juvenile frequent offenders defined by police register data and those defined by self-reports, but, on average, frequent offenders that are known by the police spend more time unstructured socializing with friends. We conclude that research using the method of self-report is well capable to find juvenile frequent offenders, and that this method also leads to useful information about the causes of their delinquent behaviour.


Prof. dr. Frank Weerman
Prof. dr. F.M. Weerman is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) in Amsterdam en bijzonder hoogleraar Jeugdcriminologie bij de sectie Criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Prof. dr. Gerben Bruinsma
Prof. dr. G.J.N. Bruinsma is emeritus directeur van het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en emeritus hoogleraar Omgevingscriminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Prof. dr. Wim Bernasco
Prof. dr. W. Bernasco is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en bijzonder hoogleraar Ruimtelijke analyse van criminaliteit aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Prof. dr. Lieven Pauwels
Prof. dr. L. Pauwels is directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) en als hoogleraar verbonden aan de Universiteit van Gent.
Artikel

Delinquentie, vrienden en ‘boosheid met liefde’

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden peer delinquency, authoritative control, working alliance, prevention
Auteurs Dr. Adriaan Denkers en Dr. Jan Dirk de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Young people’s delinquent behavior remains a social problem of concern to parents, local residents, teachers, police officers and administrators. With respect to effective interventions, the dominant focus is on ‘what works’. Relatively little is known about ‘who works’. In this study, based on a survey of 679 vmbo-pupils, it was investigated to what extent receiving ‘sternness with love’ from a professional may contribute to mitigating delinquency. For this research, unique graphically supported measuring instruments were developed that enable participants of the target group – including those who suffer from mild intellectual disabilities – to independently fill out the questionnaire. The results based on regression analyses suggest that there is no support for the supposed contribution of the interaction between sternness and love or of the three-way interaction between delinquent friends, sternness and love in explaining the variance of delinquent behavior. The results further show that having delinquent friends is related to participants’ delinquency. The results of these analyses also suggest that the relevant professional’s approach with ‘sternness’ or with ‘love’ moderates the relationship between delinquent friends and committing theft.


Dr. Adriaan Denkers
Dr. A.J.M. Denkers is zelfstandig sociaal wetenschapper en verbonden aan de sectie Criminologie, Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Dr. Jan Dirk de Jong
Dr. J.D.A. de Jong is lector Aanpak Jeugdcriminaliteit aan de Hogeschool Leiden en verbonden aan de sectie Criminologie, Erasmus School of Law van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Jonge veelplegers en hun worsteling om te stoppen met criminaliteit

Een vierfasenmodel

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden desistance, young repeat offenders, maturation, longitudinal study
Auteurs Prof. dr. Ido Weijers
SamenvattingAuteursinformatie

    This article presents findings from a longitudinal study of 81 young recidivists examined over fifteen years. By the age of 25, 50 percent had desisted for at least three years. 60 percent had had no new police contacts during the last two years. Four stages could be distinguished in the desistance process. Apart from a small number of explicit persisters, all of the young adults did consciously consider whether the benefits of their criminal activities outweighed the disadvantages. With just a few exceptions, the decision to quit was not motivated by an altruistic goal, nor by extreme fear, but mainly motivated by the feeling of being too old for criminal life and by striving for a pleasant self-esteem. It is concluded that when young adult recidivists give up crime, this must be seen as an extreme and extremely late form of maturation.


Prof. dr. Ido Weijers
Prof. dr. I. Weijers is emeritus hoogleraar jeugdstrafrecht en jeugdbescherming aan de Universiteit Utrecht.
Article

Access_open Age Limits in Youth Justice: A Comparative and Conceptual Analysis

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2020
Trefwoorden youth justice, age limits, minimum age of criminal responsibility, age of criminal majority, legal comparison
Auteurs Jantien Leenknecht, Johan Put en Katrijn Veeckmans
SamenvattingAuteursinformatie

    In each youth justice system, several age limits exist that indicate what type of reaction can and may be connected to the degree of responsibility that a person can already bear. Civil liability, criminal responsibility and criminal majority are examples of concepts on which age limits are based, but whose definition and impact is not always clear. Especially as far as the minimum age of criminal responsibility (MACR) is concerned, confusion exists in legal doctrine. This is apparent from the fact that international comparison tables often show different MACRs for the same country. Moreover, the international literature often seems to define youth justice systems by means of a lower and upper limit, whereas such a dual distinction is too basic to comprehend the complex multilayer nature of the systems. This contribution therefore maps out and conceptually clarifies the different interpretations and consequences of the several age limits that exist within youth justice systems. To that extent, the age limits of six countries are analysed: Argentina, Austria, Belgium, the Netherlands, New Zealand and Northern Ireland. This legal comparison ultimately leads to a proposal to establish a coherent conceptual framework on age limits in youth justice.


Jantien Leenknecht
Jantien Leenknecht is PhD Fellow of the Research Foundation Flanders (FWO) at KU Leuven, Institute of Social Law and Leuven Institute of Criminology.

Johan Put
Johan Put is Full Professor at KU Leuven, Institute of Social Law and Leuven Institute of Criminology.

Katrijn Veeckmans
Katrijn Veeckmans is PhD Fellow at KU Leuven, Institute of Social Law and Leuven Institute of Criminology.
Article

Access_open Safeguarding the Dynamic Legal Position of Children: A Matter of Age Limits?

Reflections on the Fundamental Principles and Practical Application of Age Limits in Light of International Children’s Rights Law

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 1 2020
Trefwoorden age limits, dynamic legal position, children’s rights, maturity, evolving capacities
Auteurs Stephanie Rap, Eva Schmidt en Ton Liefaard
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article a critical reflection upon age limits applied in the law is provided, in light of the tension that exists in international children’s rights law between the protection of children and the recognition of their evolving autonomy. The main research question that will be addressed is to what extent the use of (certain) age limits is justified under international children’s rights law. The complexity of applying open norms and theoretically underdeveloped concepts as laid down in the UN Convention on the Rights of the Child, related to the development and evolving capacities of children as rights holders, will be demonstrated. The UN Committee on the Rights of the Child struggles to provide comprehensive guidance to states regarding the manner in which the dynamic legal position of children should be applied in practice. The inconsistent application of age limits that govern the involvement of children in judicial procedures provides states leeway in granting children autonomy, potentially leading to the establishment of age limits based on inappropriate – practically, politically or ideologically motivated – grounds.


Stephanie Rap
Stephanie Rap is assistant professor in children’s rights at the Department of Child Law, Leiden Law School, the Netherlands.

Eva Schmidt
Eva Schmidt is PhD candidate at the Department of Child Law, Leiden Law School, the Netherlands.

Ton Liefaard
Ton Liefaard is Vice-Dean of Leiden Law School and holds the UNICEF Chair in Children’s Rights at Leiden University, Leiden Law School, the Netherlands.
Artikel

Access_open General Comment No. 24 – nieuw elan voor het jeugdstrafrecht?

Over leeftijdsgrenzen, ‘diversion’ en de bredere implicaties voor het jeugdstrafrecht

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Kinderrechten, Jeugdstrafrecht, General Comment No. 24, Leeftijdsgrenzen
Auteurs Mr. dr. Y.N. (Yannick) van den Brink en Prof. mr. E.M. (Isabeth) Mijnarends
SamenvattingAuteursinformatie

    Het VN-Kinderrechtencomité heeft recentelijk zijn nieuwe General Comment No. 24 gepubliceerd over kinderrechten in het jeugdstrafrecht. Deze bijdrage verkent de mogelijke implicaties van dit General Comment voor het Nederlandse jeugdstrafrecht, aan de hand van interviews met professionals uit de jeugdstrafrechtspraktijk. Hierbij wordt specifiek aandacht besteed aan de minimumleeftijdsgrens voor jeugdstrafrechtelijke aansprakelijkheid en de buitengerechtelijke afdoening van jeugdstrafzaken (‘diversion’). Ook wordt in bredere zin gereflecteerd op de potentiële meerwaarde van het IVRK en General Comment No. 24 voor het Nederlandse jeugdstrafrecht.


Mr. dr. Y.N. (Yannick) van den Brink
Mr. dr. Y.N. van den Brink is universitair docent Jeugdrecht en Strafrecht aan de Universiteit Leiden en thans als Rubicon research fellow verbonden aan de University of Cambridge, Institute of Criminology (Verenigd Koninkrijk).

Prof. mr. E.M. (Isabeth) Mijnarends
Prof. mr. E.M. Mijnarends is landelijk coördinerend jeugdofficier bij het Openbaar Ministerie en tevens bijzonder hoogleraar Jeugdstrafrecht aan de Universiteit Leiden en heeft op persoonlijke titel als coauteur bijgedragen aan dit artikel.
Artikel

Access_open Kindvriendelijke rechtspraak – wat valt te verwachten voor het jeugdstrafrecht?

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Kinderrechten, Kindvriendelijke rechtspraak, IVRK
Auteurs Mr. E.A.A. (Ellen) van Kalveen
SamenvattingAuteursinformatie

    In Nederland is in de laatste jaren de aandacht voor kindvriendelijke rechtspraak vooral gericht op het jeugdbeschermingsrecht en op familiezaken. In deze bijdrage wordt nagaan welke praktische aspecten in het jeugdstrafrecht aandacht behoeven in het licht van kindvriendelijke rechtspraak.


Mr. E.A.A. (Ellen) van Kalveen
Ellen van Kalveen is senior rechter en voorzitter van de expertgroep jeugdrechter. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.

Mr. T. de Vette
Deze rubriek is samengesteld door mr. T. de Vette. De jurisprudentie is gepubliceerd op rechtspraak.nl tussen 2 december 2019 en 9 maart 2020.
Artikel

Drie ingrepen om de jeugdzorg te redden

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2019
Trefwoorden Dutch youth care, decentralization, evaluation, crisis, access to youth mental health care
Auteurs Dr. Ido Weijers
SamenvattingAuteursinformatie

    Dutch youth care was decentralized in 2015. Since the transfer to the municipalities, youth care is in a state of deep crisis. There are long waiting lists, even in situations of acute need; there is lack of money, of professional and experienced staff, of adequate care, and of central coordination and guidance. In contrast to Denmark, where youth care was transferred to municipalities in 2007, there was barely time to prepare the transfer in the Netherlands. Moreover, the number of municipalities was not significantly reduced and the funding was extremely cut back. In this article, a number of interventions is being proposed to save what can still be saved. First, funding will have to be substantially increased. Second, the access to youth mental health care should not be a matter of municipal authority.


Dr. Ido Weijers
Dr. I. Weijers is emeritus hoogleraar Jeugdbescherming en Jeugdrechtspleging aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Herstel van het morele imago van daders als drijfveer voor bemiddeling

De ervaringen van bemiddelaars

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2019
Trefwoorden mediators, victim-offender mediation, willingness to participate, offender-intentions, moral image
Auteurs Sven Zebel, Leonie Kippers en Elze Ufkes
SamenvattingAuteursinformatie

    Compared to victims, relatively little is known about the role of offenders’ emotions, needs and intentions in their (voluntary) decision to participate in victim-offender mediation (VOM). Insight into this decision process among offenders is important, as it may explain (part of) the positive outcomes participation in VOM can have for them, as well as for victims. Based on the work of Shnabel and Nadler (2008; 2015), we predicted that the need to restore their moral image is an important, underlying explanation for why offenders participate in VOM. To test this, we sampled 91 victim-offender mediation cases from the Dutch mediation agency Perpectief Herstelbemiddeling based on pre-defined characteristics. We approached the mediators who handled these cases and asked them to indicate the emotions, need to restore the moral image and intentions of the offenders in these cases. Consequently, we examined how these variables predicted offenders’ actual willingness to participate (or not) in these cases. Results indicated that the need to restore the moral image is indeed an important underlying factor in offenders’ decision to participate in VOM: according to mediators’ answers, offenders who felt more remorse about their crime, felt a stronger need to restore their moral image, which in turn predicted a stronger intention to apologize and help the victim. This intention to apologize and help emerged as the strongest, direct predictor of offenders’ willingness to participate. The relevance of Shnabel and Nadler’s needs-based model of reconciliation for VOM is discussed as well as important future research questions that remain.


Sven Zebel
Sven Zebel is universitair hoofddocent aan de vakgroep Psychologie van Conflict, Risico en Veiligheid van de Universiteit Twente. In zijn onderzoek richt hij zich op de psychologische reacties op criminaliteit en conflict, en op de impact van interventies die trachten te herstellen en het risico op recidive te verlagen. In het bijzonder is hij geïnteresseerd in de inzet van digitale technologie om herstelrechtelijke (interactie)processen beter te begrijpen en te optimaliseren.

Leonie Kippers
Leonie Kippers is afgestudeerd als psycholoog aan de vakgroep Psychology of Conflict, Risk and Safety (PCRS) van de Universiteit Twente, waar zij zich in haar afstudeeronderzoek richtte op de factoren die deelname aan slachtoffer-dadergesprekken voorspellen voor slachtoffers en daders. Zij werkt momenteel als audiovisueel programmamaker bij Drijver Films. Daarnaast is zij als docent en ontwikkelaar verbonden aan de opleiding Mediaredactie bij opleidingscentrum Aventus.

Elze Ufkes
Elze Ufkes werkte tussen 2012 en 2018 als universitair docent aan de vakgroep Psychology of Conflict, Risk and Safety (PCRS) van de Universiteit Twente. Sinds 2018 is hij als onderzoeker en data-analist werkzaam bij de Algemene Rekenkamer, waar hij zijn interesse in beleidsonderzoek combineert met data-analytics.
Artikel

Manoeuvreren binnen smalle marges

Over de rol van wetgevingsjuristen bij de totstandkoming van wet- en regelgeving

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Legislation, Legislative drafting, Professionalism, Legal Ethics, Sociology of Law
Auteurs Dr. Nienke Doornbos en Mr. dr. Arnt Mein
SamenvattingAuteursinformatie

    In the past five years, the Council of State, the National Ombudsman and several academics have criticized the way in which new legislation has been made. In their view, principles of law and the rule of law are insufficiently uphold due to an instrumentalist view on law. This criticism urged the authors to conduct an empirical study into the question how legislative drafters deal with legislative plans which are problematic from a legal or rule of law point of view, and how they justify their role in the legislative process. This study is explorative and qualitative in nature. During the summer of 2018, 24 legislative lawyers from five different Dutch ministries have been interviewed. The results show that the role of legislative lawyers can best be characterized as constructively critical. As their tasks encompass much more than solely the actual drafting of legislation, they more and more resemble their colleagues from the policy department. The authors suggest that legislative lawyers should articulate their distinctive professional ethics in order to strengthen the checks and balances within the ministries.


Dr. Nienke Doornbos
Nienke Doornbos is universitair docent aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Amsterdam. Haar onderzoek richt zich onder meer op beroepsethische kwesties bij juridische beroepen.

Mr. dr. Arnt Mein
Arnt Mein is lector Legal Management aan de Hogeschool van Amsterdam, faculteit Maatschappij en Recht. Hij doet onderzoek naar onder meer de beroepshouding van juristen.

Mr. T. de Vette
Deze rubriek is samengesteld door mr. T. de Vette. De jurisprudentie is gepubliceerd op rechtspraak.nl tussen 24 mei 2019 en 12 september 2019.
Artikel

Slachtofferbewust en herstelgericht werken in de reclasseringspraktijk

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden slachtofferbewust werken, herstelgerichte detentie, gevangenis, reclassering
Auteurs Jacqueline Bosker en Vivienne de Vogel
SamenvattingAuteursinformatie

    The last years victim awareness has received special attention in the Dutch probation service. Three goals are central: respecting the rights and interests of the victim, mapping and increasing victim awareness of the probation client, and working towards the possibilities for recovery. Based on discussions with probation officers, this contribution sketches a picture of how this takes shape in practice. Experience shows that good results are achieved, but that more training and attention to the subject is needed to give it a full place in the probation work.


Jacqueline Bosker
Jacqueline Bosker is lector Werken in Justitieel Kader bij Hogeschool Utrecht.

Vivienne de Vogel
Vivienne de Vogel is lector Werken in Justitieel Kader bij Hogeschool Utrecht en onderzoeker bij De Forensische Zorgspecialisten.
Redactioneel

Herstelgericht en slachtofferbewust reclasseren

Kansrijke detentiepraktijken en dubbelzinnige beleidsuitgangspunten

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 2 2019
Auteurs Bas van Stokkom en Annemieke Wolthuis
Auteursinformatie

Bas van Stokkom
Bas van Stokkom is hoofdredacteur van dit tijdschrift. Hij is verbonden aan de vaksectie Strafrecht & Criminologie, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Radboud Universiteit Nijmegen. Tot de thema’s die in zijn onderzoek aan bod komen behoren politie, burgerschap en lokale veiligheidszorg, straftheorie en herstelrecht. www.basvanstokkom.nl

Annemieke Wolthuis
Annemieke Wolthuis is juriste en bestuurslid van het European Forum for Restorative Justice.
Toont 1 - 20 van 130 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.