Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 3420 artikelen

x
Overheidsaanbestedingen

Een nieuwe impuls aan het begrip ‘publiekrechtelijke instelling’: een aanbestedingsplicht voor nationale sportbonden?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2021
Trefwoorden aanbestedingsrecht, Hof van Justitie, publiekrechtelijke instelling, nationale sportbond, Richtlijn 2014/24/EU
Auteurs Mr. L. Bozkurt en Mr. T. Heystee
SamenvattingAuteursinformatie

    Prejudiciële beslissing over de aanbestedingsrechtelijke kwalificatie van de Italiaanse voetbalbond. Een marktpartij meent dat de Italiaanse voetbalbond kwalificeert als een aanbestedende dienst in de zin van de Aanbestedingsrichtlijn en daarom opdrachten via een aanbesteding dient te vergeven. Het Hof van Justitie benoemt in zijn beslissing de relevante criteria om te oordelen of sprake is van een publiekrechtelijke instelling, te weten: de instelling (1) is opgericht met het specifieke doel te voorzien in andere behoeften van algemeen belang dan die van industriële en commerciële aard, (2) bezit rechtspersoonlijkheid en (3) vertoont overheidsafhankelijkheid. Het Hof van Justitie geeft de Italiaanse feitenrechter handvatten om te onderzoeken of voldaan is aan het derde vereiste, en meer specifiek of sprake is van overheidstoezicht op het beheer van de voetbalbond.
    HvJ 3 februari 2021, gevoegde zaken C-155/19 en C-156/19, ECLI:EU:C:2021:88 (Federazione Italiana Giuoco Calcio (FIGC)).


Mr. L. Bozkurt
Mr. L. (Leyla) Bozkurt is Counsel aanbestedingsrecht bij Maverick Advocaten.

Mr. T. Heystee
T. (Tess) Heystee is juridisch medewerker bij Maverick Advocaten.
Artikel

Access_open Onderwijs juridische beroepsethiek aan rechtenstudenten

Special issue on Education in (Professional) Legal Ethics, ­Emanuel van Dongen & Jet Tigchelaar (eds.)

Tijdschrift Law and Method, juli 2021
Trefwoorden professional ethics, legal ethics, research ethics, moral psychology
Auteurs Anne Ruth Mackor
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel geeft de auteur haar visie op het onderwijs in beroepsethiek aan rechtenstudenten. Ze bespreekt de inhoud van de juridische beroepsethiek en enkele didactische aspecten. De auteur maakt onderscheid tussen rechtvaardigende perspectieven, die een explicatie en rechtvaardiging van een onderscheidende juridische beroepsethiek en -moraal mogelijk maken, en kritische perspectieven, die een kritische beoordeling van die rechtvaardigende verhalen mogelijk maken. Ze benadrukt daarbij het belang van empirische, in het bijzonder sociaal- en moraalpsychologische benaderingen in het onderwijs van beroepsethiek. Ze wijst op het feit dat studenten niet beschikken over relevante praktijkervaring en dat dit een obstakel vormt voor diepgaande casusanalyses. In de conclusie betoogt de auteur dat de belangstelling en de ruimte voor het onderwijs in beroepsethiek aan rechtenstudenten sinds het nieuwe millennium wel is toegenomen, maar dat meer systematische reflectie op deze vakken nodig is. Ook stelt ze dat bij het onderwijs in beroepsethiek aan rechtenstudenten die nog geen werkervaring hebben in een specifieke beroepspraktijk, de nadruk zou moeten liggen op thema’s die in de beroepsopleiding minder aandacht krijgen. Het accent moet meer liggen op het verwerven van ethische en empirische theoretische kennis en kritische reflectie op rechtvaardigende verhalen, en minder op discussie over concrete gevallen. Haar laatste aanbeveling is dat in het onderwijs niet alleen normatief-ethische theorieën aan de orde moeten komen, maar ook empirische inzichten over bounded ethicality.


Anne Ruth Mackor
Prof. mr. dr. Anne Ruth Mackor is als hoogleraar professie ethiek, in het bijzonder van juridische professies, verbonden aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

De zaakafbakening: ratio en werking

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2021
Trefwoorden rechtseconomie, waardemotief, modulariteit, complementariteit
Auteurs Mr. R. Bloemink
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel zoekt naar een rechtseconomische verklaring voor het gegeven dat sommige (samenstellingen van) objecten dwingend als ‘zaak’ worden aangemerkt. Die verklaring wordt niet gevonden in het streven om bepaalde waardevolle samenstellingen te conserveren, maar in het streven naar inzichtelijkheid van de rechtstoestanden, en de verhandelbaarheid, van objecten.


Mr. R. Bloemink
Mr. R. Bloemink is wetenschappelijk medewerker bij de sectie civiel van het Wetenschappelijk Bureau bij de Hoge Raad en als buitenpromovendus verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Recent

Trots maar ook bang

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 6 2021
Auteurs Trudeke Sillevis Smitt

Trudeke Sillevis Smitt
Artikel

Flexibel werken is het nieuwe normaal

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 6 2021
Auteurs Francisca Mebius

Francisca Mebius

Mr. T. de Vette
Deze rubriek is samengesteld door mr. T. de Vette. De jurisprudentie is gepubliceerd op rechtspraak.nl tussen 22 maart 2021 en 15 juni 2021.
Artikel

Access_open Zes jaar later: met z’n allen verstrikt geraakt in het stelsel?!

Actuele ontwikkelingen op het gebied van de Jeugdwet en jeugdbescherming

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Jeugdwet, Stelsel, Corona, Klacht- en tuchtrecht, kinderbeschermingsmaatregelen
Auteurs Mr. E. Lam en Mr. I.J.M. Schepens
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel borduurt voort op de in 2014 en 2017 verschenen overzichtsartikelen over de twee belangrijke wetswijzigingen op het gebied van de jeugdbescherming en de jeugdzorg: de herziening van de kinderbeschermingsmaatregelen en de jeugdwet . De bedoeling van dit artikel is om een overall beeld te schetsen: een beeld dat duidelijk maakt hoe complex de ondersteuning aan kinderen en gezinnen is georganiseerd waarbij het recht op bescherming van de kinderen door de overheid ernstig onder druk staat. In het eerste deel van dit artikel wordt stilgestaan bij actuele ontwikkelingen stelselbreed. Vervolgens wordt stilgestaan bij de praktijk van de kinderbeschermingsmaatregelen. Achtereenvolgens komen aan de orde de evaluatie herziening kinderbeschermingsmaatregelen, het aantal kinderbeschermingsmaatregelen, de krapte bij de Gecertificeerde Instellingen (hierna: GI): wachtlijsten en de rechtspraak, corona en de invloed op jeugdbescherming, Perspectiefbesluit, Machtiging uithuisplaatsing en reikwijdte, Vaststelling omgangsregeling en Ineffectieve OTS. In het laatste deel van het artikel staan de bevindingen betreffende de Jeugdwet centraal. Daarbij wordt aandacht besteed aan onder meer de zogenaamde ‘drangtrajecten’, het woonplaatsbeginsel, de informatieplicht jegens de gezinsvoogd en het klacht- en tuchtrecht.


Mr. E. Lam
Mr. E. Lam is werkzaam bij &jeugd. &jeugd richt zich op juridische ondersteuning van organisaties en (jeugd)professionals. Zij maakt deel uit van de redactie van dit tijdschrift.

Mr. I.J.M. Schepens
Mr. I.J.M. Schepens is werkzaam bij &jeugd. &jeugd richt zich op juridische ondersteuning van organisaties en (jeugd)professionals. Zij maakt deel uit van de redactie van dit tijdschrift.
Artikel

De verplichting tot het aanbieden van excuses

Over hoe de medische tuchtrechtspraak inspiratie kan bieden voor de civiele rechtspraak

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2021
Trefwoorden excuses, verplichting, vordering, aansprakelijkheid, tuchtrecht
Auteurs Mr. dr. L.A.B.M. Wijntjens
SamenvattingAuteursinformatie

    Er is in de literatuur de afgelopen jaren veel aandacht geweest voor de rol van excuses in het civiele recht. Een vraag die hierbij aan bod komt, is in hoeverre en onder welke omstandigheden een juridische verplichting kan bestaan voor het aanbieden van excuses. Op basis van een jurisprudentieanalyse wordt in dit artikel inzichtelijk gemaakt hoe de medische tuchtprocedure en de civiele procedure invulling geven aan de verplichting tot het aanbieden van excuses. Hoewel de geconstateerde verschillen deels te verklaren zijn door te kijken naar de doelen van de procedures, wordt betoogd dat de civiele rechter inspiratie kan ontlenen aan de wijze waarop het medisch tuchtcollege hiermee omgaat.


Mr. dr. L.A.B.M. Wijntjens
Mr. dr. L.A.B.M. Wijntjens is universitair docent bij Tilburg Law School, Tilburg University. Zij promoveerde 11 september 2020 cum laude aan Tilburg University op haar proefschrift ‘Als ik nu sorry zeg, beken ik dan schuld?’ Over het aanbieden van excuses in de civiele procedure en de medische tuchtprocedure.
Article

Access_open Invisible before the law

The legal position of persons with intellectual disabilities under the Dutch Care and Compulsion Act (Wzd) in light of Article 12 of the Convention on the Rights of Persons with Disabilities (CRPD)

Tijdschrift Family & Law, juni 2021
Trefwoorden dicrimination, guardianship, incapacitated adults, legal (in)capacity
Auteurs F. Schuthof LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands, the use of involuntary treatment in the mental health care sector is governed by the Dutch Care and Compulsion Act (Wzd). This study examines the legal position of persons with intellectual disabilities under this Act. The Wzd is analyzed in light of the human rights standards of Article 12 of the Convention on the Rights of Persons with Disabilities (CRPD). The findings of this study show that the Wzd does not meet the standards of Article 12 in several cases. The Wzd does not recognize the legal capacity of persons with intellectual disabilities, it continues to allow for substituted decision-making and support measures are not complemented by adequate safeguards. From a theoretical point of view, an imbalance between the protection of and the respect for the autonomy of persons with intellectual disabilities can be observed. This article formulates several recommendations in order to restore this balance.
    ---
    De Nederlandse Wet zorg en dwang (Wzd) ziet toe op de rechten van mensen met een verstandelijke beperking bij onvrijwillige zorg of onvrijwillige opname. Dit artikel onderzoekt de juridische positie van mensen met een verstandelijke beperking ten aanzien van deze wet. De Wzd wordt geanalyseerd in relatie tot artikel 12 van het Verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap (VRPH). De bevindingen van dit onderzoek laten zien dat de Wzd in verschillende gevallen niet voldoet aan de normen van artikel 12 VRPH. Zo wordt onder andere de handelingsbekwaamheid, ofwel ‘legal capacity’, van mensen met een verstandelijke beperking niet erkend en blijft plaatsvervangende besluitvorming mogelijk. Vanuit theoretisch oogpunt is er sprake van een disbalans tussen de bescherming van en het respect voor de autonomie van mensen met een verstandelijke beperking. Dit artikel doet daarom meerdere aanbevelingen om dit evenwicht te herstellen.


F. Schuthof LLM
Fiore Schuthof conducts research into better empowerment and protection of the elderly as a PhD student at Utrecht University (UU).
Redactioneel

Access_open Where Were the Law Schools?

On Legal Education as Training for Justice and the Rule of Law (Against the ‘Dark Sides of Legality’)

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2021
Auteurs Iris van Domselaar
Auteursinformatie

Iris van Domselaar
Iris van Domselaar is associate professor in legal philosophy and legal ethics at the Amsterdam Law School, University of Amsterdam.
Artikel

Access_open Teaching Legal Ethics by Non-Ethical Means – With Special Attention to Facts, Roles and Respect Everywhere in the Legal Curriculum

Special Issue on Education in (Professional) Legal Ethics, ­Emanuel van Dongen & Jet Tigchelaar (eds.)

Tijdschrift Law and Method, juni 2021
Trefwoorden legal ethics, informal respect, educational integration, importance of setting examples
Auteurs Hendrik Kaptein
SamenvattingAuteursinformatie

    Legal ethics may be taught indirectly, given resistance to ethics as a separate and presumably merely subjective subject. This may be done by stressing the importance of facts (as the vast majority of legal issues relate to contested facts), of professional role consciousness and of the importance of formal and informal respect for all concerned. This indirect approach is best integrated into the whole of the legal curriculum, in moot practices and legal clinics offering perceptions of the administration of legal justice from receiving ends as well. Basic knowledge of forensic sciences, argumentation and rhetoric may do good here as well. Teachers of law are to set an example in their professional (and general) conduct.


Hendrik Kaptein
Hendrik Kaptein is associate professor of jurisprudence em., Leiden University.
Kroniek

Access_open Kroniek concentratiecontrole 2020

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2021
Auteurs Bart de Rijke en Vivian van Weperen
Auteursinformatie

Bart de Rijke
Mr. B. de Rijke is partner en advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam en Brussel.

Vivian van Weperen
Mr. V.Y.H. van Weperen is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam.

Mr. J. Starreveld
Mr. J. Starreveld is belastingadviseur/advocaat bij Spigt Dutch Caribbean.

Mr. dr. J. Sybesma
Mr. dr. J. Sybesma is lid van de Raad van Advies Curaçao, bijzondere rechter bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Hij is tevens lid van de redactie van het Caribisch Juristenblad.
Kroniek rechtspraak

Kroniek rechtspraak mededingingsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden zorg, ACM, concentraties, Mededingingswet
Auteurs Mr. E. Belhadj en Mr. C.T. Dekker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek staan besluiten en andere handelingen van de Autoriteit Consument & Markt (ACM) voor wat betreft de toepassing van de Mededingingswet (Mw) in de zorgsector centraal. Daarnaast komt een uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) aan bod. Deze kroniek heeft betrekking op de periode 1 november 2018 tot en met 31 december 2020.


Mr. E. Belhadj
Ekram Belhadj is advocaat bij Nysingh te Utrecht.

Mr. C.T. Dekker
Cees Dekker is advocaat bij Nysingh te Utrecht.
Jurisprudentie

Jurisprudentieoverzicht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2021
Auteurs Mr. S.C. den Engelse
Auteursinformatie

Mr. S.C. den Engelse
Mw. mr. S.C. den Engelse is notarieel jurist en vakcoördinator familievermogensrecht bij Netwerk Notarissen.
Artikel

Access_open Wat brengt de Wet bescherming erfgenamen tegen schulden? III

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Wet Bets, artikel 4:194a BW, uitzonderingsclausule, schulderfenis, onverwachte schulden
Auteurs Mr. L.A.G.M. van der Geld
SamenvattingAuteursinformatie

    De Wet bescherming erfgenamen tegen schulden bestaat bijna vijf jaar. In deze bijdrage is een vervolg op een eerdere bijdrage waarin wordt besproken wat de betekenis is van artikel 4:194a BW in de praktijk. Aan de hand van jurisprudentie wordt bezien hoe succesvol een beroep is op artikel 4:194a BW. Is het daadwerkelijk een vangnet als er sprake is van onverwachte schulden? En wat is een onverwachte schuld eigenlijk?


Mr. L.A.G.M. van der Geld
Mr. L.A.G.M. van der Geld is directeur Netwerk Notarissen, en docent bij het Centrum voor notarieel recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Impressies

Controlled auction in het Nederlandse rechtsbestel

De verhouding tussen de contractsvrijheid en de precontractuele fase

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2021
Trefwoorden controlled auction, contractsvrijheid, precontractuele fase
Auteurs W. Hoogeveen en Prof. mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op de controlled auction en de positie die de controlled auction heeft in het Nederlandse recht. Daarbij wordt de nadruk gelegd op de verhouding tussen de contractsvrijheid en de precontractuele fase. De auteurs stellen dat door middel van de procedurebrief en het multilaterale karakter van de controlled auction het gerechtvaardigd vertrouwen niet snel aan de orde zal zijn. De precontractuele redelijkheid en billijkheid gaan bovendien pas een prominente rol spelen bij de (uiteindelijke) bilaterale onderhandelingen. De koper in een controlled auction is niet onbeschermd. Uit de jurisprudentie volgt dat heldere communicatie over de procedure essentieel is voor de mogelijkheid om af te wijken van de op voorhand gestelde procedure. Vanuit een economisch perspectief blijkt in de praktijk het optimale aantal bieders bij de verkoop van een onderneming sterk casuïstisch te worden bepaald, wil de veiling maximaal waardegenererend zijn. Derhalve zijn de auteurs van mening dat gelijke informatieverschaffing en gestandaardiseerde regelgeving de effectiviteit van de controlled auction niet zullen bevorderen. De controlled auction krijgt daarmee in het huidige rechtsbestel een juiste behandeling.


W. Hoogeveen
W. Hoogeveen is student Ondernemingsrecht en Behavioural Economics aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Prof. mr. H. Koster
H. Koster is verbonden aan de Universiteit Leiden en aan de Universiteit van Dubai.
Vrij verkeer

Commissie en Hof van Justitie op de bres voor een open samenleving

Arresten Commissie tegen Hongarije

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2021
Trefwoorden dienstverlening, GATS, grondrechten, kapitaalverkeer, vestiging
Auteurs Mr. T.P.J.N. van Rijn
SamenvattingAuteursinformatie

    In het kader van door de Commissie aangespannen inbreukprocedures tegen Hongarije heeft het Hof van Justitie opmerkelijke arresten gewezen. Wetten die enerzijds financiële steun uit het buitenland aan maatschappelijke organisaties (ngo’s) en anderzijds de vestiging en dienstverlening door buitenlandse hogeronderwijsinstellingen in Hongarije aan aanzienlijke beperkingen onderwierpen, werden aan een kritisch onderzoek onderworpen. Het Hof van Justitie concludeerde dat ze in strijd waren niet alleen met artikel 63 VWEU, artikel 49 VWEU en artikel 16 Dienstenrichtlijn, maar ook met bepalingen in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie over het recht op vereniging, het recht op bescherming van het privéleven en van persoonsgegevens, de eerbiediging van de academische vrijheid, het recht op onderwijs en de vrijheid van ondernemerschap. In een van de arresten werd eveneens strijd met bepalingen van de GATS aangenomen. Beide procedures houden nauw verband met elkaar: zij beoogden beide een open samenleving in Hongarije te beschermen.
    HvJ 6 oktober 2020, zaak C-66/18, ECLI:EU:C:2020:792 (Commissie/Hongarije) en HvJ 18 juli 2020, zaak C-78/18, ECLI:EU:C:2020:476 (Commissie/Hongarije).


Mr. T.P.J.N. van Rijn
Mr. T.P.J.N. (Thomas) van Rijn is gewezen juridisch hoofdadviseur bij de Juridische Dienst van de Europese Commissie.
Toont 1 - 20 van 3420 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.