Zoekresultaat: 153 artikelen

x
Artikel

Stroperige letselschadeprocedures: effectieve remedies tegen rechterlijke termijnoverschrijding?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2021
Trefwoorden redelijke termijn, doorlooptijden, versnelling, Kudla/Polen, Severijnen c.s./Gem. De Bilt
Auteurs Mr. E.A. de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bevat de (beknopte) neerslag van een studie naar de mate van effectiviteit van de bestaande nationale remedie bij een geconstateerde rechterlijke redelijketermijnoverschrijding in de civiele (letselschade)procedure. Op grond van de bevindingen van het verrichte onderzoek is met name de praktische effectiviteit van deze remedie bediscussieerd. De bijdrage bevat derhalve een gedachte-experiment van mogelijke (theoretische) denkrichtingen ter eventuele bevordering van de effectiviteit van de repressieve remedie.


Mr. E.A. de Vries
Mr. E.A. de Vries is junior juridisch medewerker bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant.
Artikel

Verslag jaarvergadering Vereniging voor Gezondheidsrecht 2020

Medische hulpmiddelen: eindelijk goed geregeld?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden MDR, IVDR, aansprakelijkheid hulpverlener, gunstbetoon, notified bodies
Auteurs Mr. S. Koelewijn
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 6 november 2020 vond de jaarvergadering van de Vereniging voor Gezondheidsrecht plaats, waar de preadviseurs de wetgeving rondom de medische hulpmiddelen breed uiteen hebben gezet. De nieuwe Europese Verordeningen, de aansprakelijkheid omtrent de medische hulpmiddelen en het verbod op gunstbetoon zijn uitvoerig belicht, waarbij de coreferenten scherpe kanttekeningen plaatsten.


Mr. S. Koelewijn
Simone Koelewijn is advocaat bij Nysingh advocaten & notarissen te Utrecht.
Artikel

Access_open De berechting binnen een redelijke termijn

Een empirisch onderzoek naar doorlooptijden in handelszaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2020
Trefwoorden redelijke termijn, doorlooptijden
Auteurs Remme Verkerk, Frans van Dijk en Dewy Pistora
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel betreft een empirisch onderzoek naar de doorlooptijden in civiele zaken. Het gaat in op de categorie van zaken die te kampen hebben met de langste doorlooptijden: handelszaken met een belang van boven de € 1 miljoen. Van honderd van dergelijke zaken zijn de procedure in eerste aanleg en in hoger beroep nader bestudeerd en is het procesverloop in kaart gebracht. Het onderzoek maakt inzichtelijk welke tijd is gemoeid met de afzonderlijke stappen in de procedure.


Remme Verkerk
Mr. dr. R.R. Verkerk is werkzaam als cassatieadvocaat bij Houthoff en als hoofddocent burgerlijk procesrecht aan de Universiteit Utrecht.

Frans van Dijk
Dr. F. van Dijk is werkzaam als hoogleraar empirische analyse van rechtssystemen aan de Universiteit Utrecht. Hij is tevens verbonden aan de Raad voor de rechtspraak.

Dewy Pistora
D. Pistora is onderzoeksassistent aan de Universiteit Utrecht.

    Op 21 april 2020 vernietigde de Hoge Raad het oordeel van de medische tuchtcolleges in de zaak van de verpleeghuisarts die het leven van een patiënte met dementie beëindigde zonder de levensbeëindiging eerst met de patiënte te bespreken. Volgens het Regionaal Tuchtcollege Den Haag en het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg had de arts wel met de patiënte moeten praten over het voornemen om haar leven te beëindigen. Deze rechtsopvatting van de tuchtcolleges heeft een hechte grondslag in gezondheidsrechtelijke en mensenrechtelijke rechtsnormen. Daarom had de Hoge Raad de rechtsopvatting van de tuchtcolleges hierover niet moeten vernietigen, maar bevestigen.


Mr. dr. N. (Klaas) Rozemond
Mr. dr. N. Rozemond is universitair hoofddocent strafrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Tijn van Osch
Tijn van Osch is sr. raadsheer bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en plaatsvervangend voorzitter van de Raad voor Discipline.
Artikel

Zestien jaar OZ/Roozen: een rustig bezit?

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2020
Trefwoorden bewijsaanbod, getuigenbewijs, OZ/Roozen
Auteurs Thijs van Aerde
SamenvattingAuteursinformatie

    De Hoge Raad heeft in het standaardarrest OZ/Roozen van 9 juli 2004 een maatstaf geformuleerd voor het beoordelen van de vraag of een procespartij tot getuigenbewijs moet worden toegelaten. De auteur onderzoekt de rechtsontwikkeling van nadien en gaat ook in op de voorgenomen modernisering van het bewijsrecht.


Thijs van Aerde
Mr. A.M. van Aerde is advocaat bij Houthoff te Amsterdam.
Artikel

Naar een Wet op de bekwaamheden in de zorg?

Kanttekeningen bij een advies van de RVS

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Wet BIG, regulering van beroepen, voorbehouden handelingen, bevoegdheden, bekwaamheden
Auteurs Prof. mr. J.K.M. Gevers
SamenvattingAuteursinformatie

    In het advies van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving wordt aanbevolen de Wet BIG om te vormen tot een Wet op de bekwaamheden in de zorg. De minister wil mede op basis van het advies een bredere verkenning organiseren naar de toekomst van de wet. In deze bijdrage wordt het advies kritisch besproken. Het heeft sterke kanten, maar ook zwakkere. Geconcludeerd wordt dat meer nodig is om tot een heldere toekomstvisie te komen.


Prof. mr. J.K.M. Gevers
Sjef Gevers is emeritus hoogleraar gezondheidsrecht UvA/AmsterdamUMC.
Artikel

Het professionele verschoningsrecht in het nieuwe wetboek

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 1 2019
Trefwoorden geheimhoudingsplicht advocaat, professionele verschoningsrecht, Modernisering Wetboek van Strafvordering, getuigenverhoor, doorzoeking en inbeslagneming
Auteurs Mr. dr. N.A.M.E.C. Fanoy
SamenvattingAuteursinformatie

    In de conceptwetsvoorstellen tot vaststelling van Boek 1, 2 en 6 van het nieuwe Wetboek van Strafvordering is een aantal voorstellen gedaan voor een nieuwe regeling van het ‘professionele verschoningsrecht’: het verschoningsrecht van bepaalde beroepsbeoefenaren met een vertrouwenspositie die in het kader van hun beroepsuitoefening een geheimhoudingsplicht hebben. Deze bijdrage gaat in op de voorgestelde bepalingen die betrekking hebben op het professionele verschoningsrecht bij het getuigenverhoor en bij een doorzoeking en inbeslagneming bij professioneel verschoningsgerechtigden dan wel ‘derden’. De nadruk ligt op de geheimhoudingsplicht en het verschoningsrecht van de advocaat. De wetgever beoogt met de voorgestelde bepalingen de reikwijdte en de omvang van het verschoningsrecht te verduidelijken en in overeenstemming te brengen met recente ontwikkelingen in jurisprudentie en rechtspraktijk. In de bijdrage worden de voorstellen nader beschouwd in het licht van deze doelstelling.


Mr. dr. N.A.M.E.C. Fanoy
Mr.dr. (Nathalie) A.M.E.C. Fanoy is advocaat te Amsterdam, gespecialiseerd in tucht- en gedragsrecht. In 2017 promoveerde zij op het onderwerp ‘De geheimhoudingsplicht en het verschoningsrecht van de advocaat’.
Artikel

Advocatuurlijke stoelendans in senaat

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 4 2019
Auteurs Kees Pijnappels

Kees Pijnappels
Artikel

Inspraak in de rechtspraak; de rol van derden in de procedure

Verslag van de voorjaarsvergadering 2018 van de Nederlandse Vereniging voor Procesrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2018
Auteurs Jacobus Dammingh en Marijn van den Berg
Auteursinformatie

Jacobus Dammingh
Mr. J.J. Dammingh is universitair hoofddocent burgerlijk (proces)recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Marijn van den Berg
Mr. L.M. van den Berg is stafjurist in de Rechtbank Gelderland.
Artikel

Access_open Het hoger beroep inzake het schietincident in Alphen aan den Rijn: hoe gerechtigheid zegevierde, en de geest in de fles bleef

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2018
Trefwoorden secundaire aansprakelijkheid, Alphen aan den Rijn, schietpartij, relativiteit, zorgplicht
Auteurs Mr. K.L. Maes
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 27 maart 2018 is de politie door het Gerechtshof Den Haag aansprakelijk gehouden voor de door de slachtoffers en nabestaanden geleden letsel- en overlijdensschade vanwege het ten onrechte verstrekken van de wapenvergunning aan Tristan van der V., nadat deze aansprakelijkheid eerder op relativiteitsgronden strandde bij de Rechtbank Den Haag. In het onderhavige artikel worden beide uitspraken besproken en de afwijkende oordelen tegen elkaar afgezet. De kritieken waarmee met name het vonnis is ontvangen, geven bovendien aanleiding om de daarmee verweven secundaire aansprakelijkheidsproblematiek nader onder de loep te nemen. Want waarom hield de rechtbank de aansprakelijkheidsdeur zo krampachtig dicht, en zet het hof deze desondanks (meer) open?


Mr. K.L. Maes
Mr. K.L. Maes is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht en als buitenpromovenda verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) van de Universiteit Utrecht. Zij werkt aan een proefschrift over de zorgplicht van secundaire, private partijen jegens bezoekers van openbare ruimten.
Artikel

Voldoet de kwaliteitsregulering van de medische zorg op Aruba?

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Aruba, gezondheidsrecht, gezondheidszorg, kwaliteit, kwaliteitsregulering
Auteurs J.J. Dijkhoff LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    In de rechtsleer is nauwelijks onderzoek gedaan naar de vraag of na de invoering van de Landsverordening beroepen in de gezondheidszorg en de Landsverordening kwaliteit in de gezondheidszorg een verbetering is te zien ten opzichte van het oude recht. Met dit doel is in deze bijdrage het nieuwe recht met het oude recht vergeleken. De studie bleef beperkt tot de toelating, de beroepsuitoefening en het toezicht en concludeerde in een ontkennend antwoord. De invoering is juridisch een feit, maar in de praktijk kan dit niet staande worden gehouden. Het is duidelijk dat meer onderzoek nodig is voor de verbetering van de kwaliteitsregulering op Aruba.


J.J. Dijkhoff LL.M.
J.J. Dijkhoff LL.M. is alumnus van de Universiteit van Aruba en werkzaam als jurist bij de Directie Volksgezondheid van Aruba. Dit artikel is door de auteur in de hoedanigheid van buitenpromovendus en op persoonlijke titel gemaakt in het kader van een onderzoek naar de kwaliteitsregulering in de gezondheidszorg op Aruba.

    Extern verricht laboratoriumonderzoek valt buiten de vrijstelling van het eigen risico voor huisartsenzorg. Dat wordt althans algemeen aangenomen, maar is dat ook zo? Langs drie wegen toont de auteur aan dat er sprake is van een collectieve misvatting, waarop de praktijk of anders de wetgever een gepast antwoord moet geven.


Mr. J.M. van der Most
Jacques van der Most was in zijn werkzame leven als juridisch adviseur verbonden aan het toenmalige College voor Zorgverzekeringen en was daarnaast een aantal jaren bijzonder hoogleraar zorgverzekeringsrecht aan de Vrije Universiteit.
Artikel

Wegbereider van de kernwaarden

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 3 2018
Auteurs Robert Sanders

Robert Sanders

Mr. R. Veenhof
Artikel

De afwikkeling van medische schade onder de Wkkgz

De beloften van het klachtrecht voor patiënten, de eerste stappen naar verwezenlijking door de ziekenhuizen en de eerste verrichtingen van de Wkkgz-geschilleninstanties

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2017
Trefwoorden schadeafwikkeling, medisch, klacht, claim, Wkkgz
Auteurs Mr. B.S. Laarman en Prof. mr. A.J. Akkermans
SamenvattingAuteursinformatie

    Door de Wkkgz vindt de buitengerechtelijke afwikkeling van medische schadeclaims plaats in het klachtrecht in plaats van het aansprakelijkheidsrecht. Zorgaanbieders moeten zelf proactief en oplossingsgericht schadeclaims onderzoeken en beoordelen. De rol van de patiëntencontactpersoon in het ziekenhuis, van de zorgverlener en de samenwerking tussen ziekenhuis en verzekeraar zijn daarmee ingrijpend veranderd. Dit overzichtsartikel bespreekt de eerste stappen naar implementatie van de Wkkgz, de aard van het klachtrecht, de noodzaak van triage, de werkwijzen van zelfregelende ziekenhuizen, de noodzaak van informed consent, BGK , de zeswekentermijn, de eerste resultaten van de Wkkgz-geschilleninstanties, en het wetsvoorstel tot wijziging van de Wet BIG.


Mr. B.S. Laarman
Mr. B.S. Laarman is onderzoeker aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit Amsterdam en verbonden aan het Amsterdam Centre for Comprehensive Law (ACCL).

Prof. mr. A.J. Akkermans
Prof. mr. A.J. Akkermans is hoogleraar privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en geeft leiding aan het Amsterdam Centre for Comprehensive Law (ACCL).
Artikel

Over hoe rechtmatige bestemmingsplannen een onrechtmatige daad kunnen opleveren: verleden, heden en toekomst

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Omgevingswet, bestemmingsplan, omgevingsplan, Lex Michiels
Auteurs Mr. dr. F.A.G. (Frank) Groothuijse en Mr. dr. H.J. (Henk) de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    Auteurs verkennen aan de hand van jurisprudentie of de burgerlijke rechter mogelijk meer materiële rechtsbescherming bij bestemmingsplangeschillen kan bieden dan de bestuursrechter. Daarbij kijken zij niet alleen naar het verleden en heden, maar ook naar de toekomst. Zij betogen dat als onder de Omgevingswet meer globale omgevingsplannen worden vastgesteld, de burgerlijke rechter wel eens een effectievere rechtsbescherming aan gehinderden zou kunnen bieden.


Mr. dr. F.A.G. (Frank) Groothuijse
Mr. dr. F.A.G. Groothuijse is als universitair hoofddocent verbonden aan het Utrecht Centre for Water, Oceans and Sustainability Law (UCWOSL) van de Universiteit Utrecht en is tevens redactielid van dit tijdschrift.

Mr. dr. H.J. (Henk) de Vries
Mr. dr. H.J. de Vries is beleidsadviseur bij de provincie Utrecht en eveneens redactielid van dit tijdschrift. Hij is tevens annotator van Tijdschrift voor Bouwrecht.
Artikel

Naar een verdere modernisering van het tuchtrecht

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2017
Trefwoorden tuchtprocesrecht, harmonisatie, artikel 6 EVRM, wettelijk tuchtrecht, Kaderwet tuchtprocesrecht
Auteurs Mr. D.J. Hesemans en Prof. mr. N.J.H. Huls
SamenvattingAuteursinformatie

    Het tuchtrecht heeft in de afgelopen twee decennia een aantal ontwikkelingen doorgemaakt, met name op het terrein van harmonisatie van het tuchtprocesrecht. De ambitie daarbij was telkens om een kader voor alle tuchtprocedures te scheppen bij alle wettelijk geregelde tuchtcolleges, maar die ambities zijn niet allemaal gerealiseerd. In de afzonderlijke tuchtrechtsystemen zijn in de tussentijd wel de nodige moderniseringen doorgevoerd. Die ontwikkeling lijkt nog niet ten einde. Het tuchtrecht staat dan ook nog steeds in de belangstelling en is volop in beweging. Het wordt nog steeds gezien als een waardevol middel om normen te handhaven die voor de uitoefening van specifieke beroepen gelden, en in die zin is het een bruikbaar instrument om de kwaliteit van de uitoefening van die beroepen te bevorderen. Mocht het ooit komen tot een Kaderwet tuchtprocesrecht, dan wordt in deze bijdrage een aantal elementen aangereikt en besproken, die in ieder geval aandacht behoeven. Naast de harmonisering van het wettelijk tuchtprocesrecht zijn ook andere ontwikkelingen waarneembaar. Zo worden ook buiten de gereglementeerde beroepen vaker elementen van het tuchtrecht toegepast, bijvoorbeeld ten aanzien van bankiers.


Mr. D.J. Hesemans
Mr. D.J. (Dennis) Hesemans is coördinerend raadadviseur bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het ministerie van Veiligheid en Justitie en secretaris van het Tuchtcollege Loodsen.

Prof. mr. N.J.H. Huls
Prof. mr. N.J.H. (Nick) Huls is emeritus hoogleraar rechtssociologie aan de Erasmus School of Law en de Universiteit Leiden. Hij was voorzitter van de Werkgroep tuchtrecht (Beleidsuitgangspunten wettelijk geregeld tuchtrecht, Programma Bruikbare rechtsorderapport nr. 24, december 2006).
Artikel

Verhaal van onderzoekskosten: vreemde eend in de bijt van het enquêterecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2017
Trefwoorden art. 2:354 BW, onderzoekskosten, enquête, bestuurdersaansprakelijkheid, fishing expedition
Auteurs Mr. C.J-A. Seinen
SamenvattingAuteursinformatie

    De Meavita-beschikking bevestigt dat de toewijzing van een verzoek ex art. 2:354 BW aan hoge motiveringseisen moet voldoen. Maar past een uitgebreid onderzoek naar de aan individuele bestuurders en commissarissen te maken verwijten wel in de enquêteprocedure, en hoe verhoudt de maatstaf voor kostenverhaal zich tot maatstaven voor bestuurdersaansprakelijkheid?


Mr. C.J-A. Seinen
C.J-A. Seinen is cassatieadvocaat bij Ekelmans & Meijer Advocaten in Den Haag en gastonderzoeker bij het Amsterdam Centre for Comprehensive Law (Vrije Universiteit Amsterdam).
Toont 1 - 20 van 153 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.