Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 850 artikelen

x
Artikel

Access_open Betalingstransacties onder PSD2

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2019
Trefwoorden betalingsverkeer, betalingstransactie, PSD2, betaaldienstverlener, betaalinitiatiedienstverlener
Auteurs Prof. mr. W.A.K. Rank
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel betreft een beschrijving van de civielrechtelijke regeling van de betalingstransactie in titel 7B van Boek 7 BW zoals deze regeling sinds de inwerkingtreding van de Implementatiewet PSD2 in februari 2019 luidt. Centraal staat de verhouding tussen de bij een betalingstransactie betrokken betaaldienstverleners en met name die tussen een rekeninghoudende betaaldienstverlener en een betaalinitiatiedienstverlener.


Prof. mr. W.A.K. Rank
Prof. mr. W.A.K. Rank is hoogleraar financieel recht aan de Universiteit Leiden en Of Counsel bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Access_open Bestuurlijke aanpak van ondermijning: ervaringen in Nederland en het buitenland

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Openbare orde, Ondermijning, Bestuurlijke aanpak, Handhaving, Bestuursrecht
Auteurs Prof. dr. A.C.M. Spapens
SamenvattingAuteursinformatie

    Een bestuurlijke aanpak van ondermijnende criminaliteit, al dan niet als onderdeel van een integrale aanpak, is in Nederland inmiddels gemeengoed. Toch bestaan er nog volop misverstanden over, die ook aanleiding geven tot niet altijd terechte kritiek. Het handhavingsinstrumentarium waarop deze aanpak is gebaseerd vinden we in alle landen terug. De mate waarin het wordt toegepast om (zware en georganiseerde) misdaad te bestrijden verschilt echter, al naar gelang de aard, ernst en de historie van die problematiek. Een bestuurlijke aanpak is een manier om hogere drempels op te werpen voor criminele bedrijfsprocessen, maar is geen afzonderlijk alternatief voor het strafrecht.


Prof. dr. A.C.M. Spapens
Prof. dr. A.C.M. Spapens is hoogleraar criminologie aan Tilburg University.
Artikel

Afstand of nabijheid?

Publiek-private relaties rondom normovertredend gedrag van werknemers

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Publiek-private samenwerking, Werknemerscriminaliteit, Particuliere opsporing, Particulier onderzoek
Auteurs Dr. C.A. Meerts
SamenvattingAuteursinformatie

    Private veiligheid staat in de belangstelling. Hierbij richt de belangstelling zich dan vooral op de rol die private actoren kunnen spelen in het beheersen van (publieke) veiligheidsvraagstukken in het kader van publiek-private samenwerking. Inmiddels bestaat er een robuuste basis aan empirisch en theoretisch werk over publiek-private verhoudingen in het veiligheidsdomein. Dit werk is echter vooral gefocust op private veiligheid. In dit artikel wordt er gekeken naar private opsporing en de verhoudingen tussen deze private actoren en het strafrechtelijk systeem. Op basis van een aantal interessante kenmerken van de private onderzoeksmarkt pleit dit artikel voor een frisse benadering van publiek-private contacten.


Dr. C.A. Meerts
Dr. C.A. Meerts is universitair docent bij de sectie criminologie, afdeling strafrecht en criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

‘Ik mag doen wat ik moet doen’

Bevindingen en praktijkimplicaties uit een onderzoek naar de criminele ontwikkeling van fraudeurs

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Fraudeur, Levensloop, Criminologie, Moraliteit, Sociale binding
Auteurs Dr. J. van Onna
SamenvattingAuteursinformatie

    Fraude heeft grote maatschappelijke en financiële gevolgen. Toch is over het proces waarlangs en de redenen waarom managers, bestuurders of ondernemers zich inlaten met serieuze vormen van fraude nog relatief weinig bekend. Deze kennislacune omtrent de criminele ontwikkeling van fraudeurs is onderwerp van onderzoek in een recent afgerond proefschrift. In het artikel worden de belangrijkste bevindingen uit het proefschrift en de aanbevelingen voor de handhaving besproken.


Dr. J. van Onna
Dr. J. van Onna is senior adviseur en onderzoeker bij het Functioneel Parket (Openbaar Ministerie) en research fellow aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Het non-concurrentiebeding in de ondernemingsrechtpraktijk: vergeet het mededingingsrecht niet!

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden non-concurrentiebeding, overnames, joint venture, aandeelhoudersovereenkomst, kartelverbod
Auteurs Mr. L.E. Haanraadts en Mr. drs. G. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt aan de hand van wet- en regelgeving en jurisprudentie het wettelijk kader besproken dat geldt voor non-concurrentiebedingen in overnameovereenkomsten en aandeelhoudersovereenkomsten. Ook worden mogelijke sancties in geval van een inbreuk op het mededingingsrecht behandeld. Afgesloten wordt met enkele aanbevelingen en aandachtspunten bij het opstellen van non-concurrentiebedingen.


Mr. L.E. Haanraadts
Mr. L.E. Haanraadts is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

Mr. drs. G. de Jong
Mr. drs. G. de Jong is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

De kerk als werkgever

De spanningsvolle relatie tussen kerkelijk recht en het arbeidsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Kerkgenootschap, Grondrechten, Gelijke behandeling, Tendenswerkgever, Ontslagrecht
Auteurs Wijnand Zondag
SamenvattingAuteursinformatie

    As a special employer, the church has an interest in shaping its own personnel policy in order to achieve the mission and objective. In part, the legislator has met this need. After all, various laws in the field of appointment, terms of employment and dismissal take account of the specific interests of the church as described before. The external border consists of fundamental human rights that are included in the ECHR and the European Directive on equal treatment. It is not always clear where the external border is exactly. The Dutch legislation regarding the battle of ‘church law’ and fundamental rights is not consistent. Moreover, there we notice a tension between national law and the European directive.


Wijnand Zondag
Dr. W. Zondag was van 2003 tot 2015 hoogleraar Arbeidsecht aan de Rijksuniversiteit Groningen. Sinds 2015 is hij voorganger in een kerkelijke gemeente. Daarnaast publiceert hij op het terrein van het snijvlak religie en recht en verricht hij onder andere promotieonderzoek aan de Theologische Universiteit Apeldoorn.
Het ambacht

Inwerkingtredingswetten

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2019
Trefwoorden inwerkingtreding, invoeringswetten, Omgevingswet, Aanwijzingen voor de regelgeving
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op de figuur waarbij in een wet wordt bepaald dat die wet in werking wordt gesteld via een andere wet. Die andere wet wordt in deze bijdrage aangeduid als ‘inwerkingtredingswet’. Aanleiding voor deze bijdrage was het verzoek vanuit de Tweede en Eerste Kamer om zo’n constructie toe te passen bij de Omgevingswet. Uiteindelijk is daar voor een eenvoudigere oplossing gekozen (een zware voorhangprocedure voor het inwerkingtredings-KB). De figuur van inwerkingtredingswetten voert terug tot in de negentiende eeuw, toen het Wetboek van Strafrecht op die wijze in werking is gesteld. In de laatste decennia van de vorige eeuw kwam dit verder regelmatig voor bij wetten van Financiën, Binnenlandse Zaken en Verkeer en Waterstaat die grote stelselwijzigingen inhielden. Nooit was sprake van een ‘zuivere’ inwerkingtredingswet: steeds bevatte zo’n wet naast de inwerkingstelling van de ‘hoofdwet’ ook overgangsrecht en aanpassingen van specifieke wetten. Het ging dus steeds om ‘invoeringswetten’. De laatste jaren is deze methode in onbruik geraakt, omdat de inwerkingstelling van zowel de hoofdwet als de invoeringswet wordt gedelegeerd aan de regering, die beide wetten dan in werking laat treden via één inwerkingtredings-KB.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. (Tim) Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Objets trouvés

De Poppenwet

Over hoe een gebrek aan logisch denken leidde tot chaos en leugenachtigheid, of: Wetten en wetten: besluiten tot vaststelling en wijziging van een wet en de wet zelf

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2019
Trefwoorden vaststellingsbesluit, wettelijke regeling, Bekendmakingswet, Poppenwet
Auteurs Prof. mr. W. Konijnenbelt
SamenvattingAuteursinformatie

    De geconsolideerde versie van wettelijke regelingen wordt niet in de vorm van die regeling zelf gepubliceerd, maar door eerst het vaststellingsbesluit te vermelden en daarna de geconsolideerde tekst van de regeling op te nemen. Maar díé tekst wijkt vaak in allerlei opzichten af van de oorspronkelijke, en moet dus ook niet als quasi-inhoud van het vaststellingsbesluit worden voorgeschoteld. Niet het vaststellingsbesluit, maar de regeling zoals die op een bepaald ogenblik geldt, is wat bij die publicatie aan de orde is.


Prof. mr. W. Konijnenbelt
Prof. mr. W. (Willem) Konijnenbelt is wetgevingsadviseur bij Konijnenbeltwetgeving.nl. Hij is emeritus hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Universiteit van Amsterdam, oud-staatraad en gewezen lid van de redactie van RegelMaat.
Artikel

Access_open Intensief Systeemgericht Casemanagement in de jeugdreclassering

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 1 2019
Trefwoorden jeugdreclassering, jeugdstrafrecht, Jeugdwet, systeemgericht, gecertificeerde instelling
Auteurs N.U. van Capelleveen en Mr. A.M.E. van Delden-Gerretsen
SamenvattingAuteursinformatie

    Wanneer een jeugdige te maken krijgt met jeugdreclassering, richt Jeugdbescherming Regio Amsterdam, verder te noemen Jeugdbescherming, zich bij de begeleiding van de jeugdige niet alleen op de jeugdige zelf, maar op het hele gezin. Conform de door Jeugdbescherming ontwikkelde methodiek, Intensief Systeemgericht Casemanagement, wordt het hele gezin betrokken. Deze methodiek wordt toegepast ongeacht het kader (het civielrechtelijke, strafrechtelijke of preventieve kader) waarbinnen Jeugdbescherming werkt. In tegenstelling tot in het civiele recht, lijkt de focus in de wet in het geval van het strafrecht echter vooral te zijn gericht op de individuele jeugdige verdachte of veroordeelde. In dit artikel wordt daarom onderzocht welke mogelijkheden de wet biedt om te werken volgens het Intensief Systeemgericht Casemanagement in het strafrechtelijke kader, tijdens de uitvoering van jeugdreclassering. Ook worden er aanknopingspunten in de doelstellingen van jeugdreclassering gezocht voor deze werkwijze.


N.U. van Capelleveen
N.U. van Capelleveen is masterstudent Jeugdrecht aan de Universiteit Leiden en was onderzoeksstagiaire bij Jeugdbescherming Regio Amsterdam.

Mr. A.M.E. van Delden-Gerretsen
Mr. A.M.E. van Delden-Gerretsen is jurist bij Jeugdbescherming Regio Amsterdam en docent voor Studiecentrum Rechtspleging (SSR).
Artikel

Access_open Jeugdhulpverlening ‘met zachte drang’: duidelijkheid vereist

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 1 2019
Trefwoorden drangkader, jeugdhulpverlening, vrijwillig, jeugdbescherming
Auteurs Mr. D.S. Verkroost
SamenvattingAuteursinformatie

    Binnen de jeugdhulpverlening is een kader ontstaan waarbinnen gezinnen bewogen worden om ‘vrijwillig’ mee te werken aan de hulpverlening. Dit ‘drangkader’ is niet wettelijk geregeld, met onduidelijkheden over de rechten, plichten en verantwoordelijkheden van betrokkenen tot gevolg. Dit artikel geeft de huidige stand van zaken weer.


Mr. D.S. Verkroost
Mr. D.S. Verkroost is als onderzoeker en docent verbonden aan de afdeling Jeugdrecht van de Universiteit Leiden. Zij werkt aan een proefschrift waarin de positie van het recht in de Nederlandse jeugdhulpverlening wordt bezien vanuit een rechtshistorisch perspectief, een internationaal kinder- en mensenrechtenperspectief en een uitvoeringsperspectief.
Artikel

Een buitengerechtelijke procedure voor zuivere bestuursgeschillen?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2019
Trefwoorden procesrecht, bestuursgeschil, rechtsbescherming
Auteurs Prof. mr. K.J. (Kars) de Graaf, Prof. mr. dr. A.T. (Bert) Marseille en Mr. M. (Marc) Wever
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage doen de auteurs verslag van een onderzoek naar bestuursgeschillen die in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is uitgevoerd.


Prof. mr. K.J. (Kars) de Graaf
Prof. mr. K.J. de Graaf,

Prof. mr. dr. A.T. (Bert) Marseille
prof. mr. dr. A.T. Marseille en

Mr. M. (Marc) Wever
mr. M. Wever zijn werkzaam bij de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Mediation bij ZSM Midden-Nederland

De rol van de ketenpartners en optimalisering van doorverwijzingen

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 1 2019
Trefwoorden ZSM, Midden-Nederland, ketenpartners, mediationbureau, Betekenisvolle afdoening
Auteurs Britt van der Plas
SamenvattingAuteursinformatie

    This article is based on research into the use of mediation in criminal cases at ZSM Midden-Nederland. It focusses on the question how referrals to mediation can be optimized. The research shows that there is much room for improvement and a broader deployment of mediation. Lack of knowledge of the criminal justice partners involved, leads to misconceptions about the mediation process, about which institution should be deployed, and about the (in)suitability of cases for mediation. This lack of knowledge seems to be greatest among the police, while they play an important role within ZSM. Moreover, Victim Support Netherlands has a dominant role in the choice whether or not to refer to mediation. The overall conclusion is that mediation is not yet sufficiently anchored in the criminal justice partners’ system.


Britt van der Plas
Britt van der Plas heeft in 2018 de master Conflicthantering, rechtspraak en mediation aan de Vrije Universiteit afgerond. Daarvoor heeft zij de master Strafrecht aan de Universiteit Utrecht voltooid. Momenteel werkt zij als parketsecretaris bij het functioneel parket van het Openbaar Ministerie.
Artikel

Access_open Uitleg van het VN-verdrag Handicap

Toepassing van de General Comments van het VN-Comité Handicap in Nederland

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 1 2019
Trefwoorden VN-verdrag Handicap, uitleg, General Comments
Auteurs Mr. D.C. Houtzager
SamenvattingAuteursinformatie

    Nederland is sinds 2016 bezig met het implementeren van het VN-verdrag Handicap. De uitleg van sommige verdragsartikelen kan vragen opleveren. Omdat die vragen ook bij andere landen leven, publiceert het VN-Comité dat toezicht houdt op het verdrag Algemene Opmerkingen, of met de gangbare Engelse term General Comments. Die Comments geven uitleg aan bepalingen van het verdrag. Dit artikel gaat in op de totstandkoming en de betekenis van de General Comments die het Comité heeft uitgebracht. Daarbij wordt ingegaan op de vraag hoe groot het effect is op de wetgever, rechter en de samenleving. Het artikel besluit met een lijst van de zeven General Comments van het Comité.


Mr. D.C. Houtzager
Mr. D.C. (Dick) Houtzager was tot februari 2019 lid van het College voor de Rechten van de Mens en is hoofdredacteur van het tijdschrift Handicap & Recht.

Lex Van Almelo

Cees Dekker
Mr. C.T. Dekker is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen N.V. en redacteur van dit tijdschrift.

Ekram Belhadj
Mr. E. Belhadj is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen N.V.
Telecommunicatie

Een nieuw telecomkader: het Europees wetboek voor elektronische communicatie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2019
Trefwoorden Elektronische communicatie, Telecommunicatie, Radiospectrum, Ex ante regulering, 5G, ACM, Internationaal bellen
Auteurs Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde en Mr. P.C. Knol
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 17 december 2018 verscheen de nieuwe Richtlijn tot vaststelling van het Europees wetboek voor elektronische communicatie in het Publicatieblad. Op diezelfde dag werd ook de nieuwe Berec-verordening gepubliceerd, die ook op 20 december 2018 in werking trad en rechtstreeks toepasselijk is, dus geen omzetting behoeft in de nationale rechtsorde. Veel is vertrouwd en is alleen in een ander jasje gestoken, maar daarnaast zijn er veel detailaanpassingen waarvan het afwachten is wat die gaan betekenen. Hoe dan ook zal dit nieuwe Europese telecomkader tot aanpassingen in de Nederlandse Telecommunicatiewet leiden. In deze bijdrage wordt ingegaan op de totstandkomingsgeschiedenis van het Europees wetboek en de belangrijkste inhoudelijke wijzigingen voor de praktijk. Ingegaan wordt op de connectiviteitsdoelstelling en het realiseren van zeer snelle vaste en mobiele netwerken, marktregulering, toegangsverplichtingen, universele diensten, eindgebruikersbescherming, nieuwe tariefregulering voor internationaal bellen en het institutioneel kader.
    Richtlijn (EU) 2018/1972 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2018 tot vaststelling van het Europees wetboek voor elektronische communicatie, PbEU 2018, L 321/36 (hierna: de richtlijn).


Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde
Prof. mr. G.P. (Gera) van Duijvenvoorde is als bijzonder hoogleraar Telecommunicatierecht verbonden aan eLaw van de Universiteit Leiden en is advocaat-in-dienstbetrekking bij KPN.

Mr. P.C. Knol
Mr. P.C. (Paul) Knol is bedrijfsjurist bij KPN en gastdocent bij eLaw.

Mr. dr. Sigrid Van Wingerden
Mr. dr. Sigrid van Wingerden is als universitair docent Criminologie verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden. Zij is tevens voorzitter van de redactie van PROCES.
Artikel

Verkoop van schadelijke waren

De ‘toepassing’ van artikel 174 Wetboek van Strafrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Schadelijkheid, Opzet, Waren, 174 Sr, Gezondheid
Auteurs Mr. H.J. Gerrits
SamenvattingAuteursinformatie

    De verkoop van schadelijke waren. Wanneer kan worden gesproken van schadelijkheid als bedoeld in 174 Sr en hoe moet het bestanddeel opzet worden gezien bij dit misdrijf? Vanaf het begin van de 21e eeuw lijkt de rechtspraak in ieder geval steeds meer in lijn te komen met de oorspronkelijke bedoeling van de wetgever. Dit gebeurt door van algemene bekendheid te verklaren wat schadelijk is voor het leven en de gezondheid. De door de wetgever beoogde bescherming van niet-deskundige consumenten tegen behendige handelaren komt verder tot uitdrukking in een ruim toepassingsbereik zoals ontwikkeld in de rechtspraak.


Mr. H.J. Gerrits
Mr. H.J. Gerrits is als jurist werkzaam bij de Inlichtingen- en Opsporingsdienst van de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Access_open Legal big data en wet- en regelgeving: perspectieven en uitdagingen

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2019
Trefwoorden big data, AI, wet- en regelgeving, uitdagingen en zorgen
Auteurs dr. F.L. Leeuw
SamenvattingAuteursinformatie

    De idee dat big data voor het recht en de rechtswetenschap belangrijk zijn is niet nieuw en is in dit artikel toegespitst op het ontwikkelen, implementeren en evalueren van wet- en regelgeving. Na een inleiding over het niet vanzelfsprekend zijn van de aandacht voor big data van juristen (zie Susskinds disruptieve technologieën-vergelijking), worden verschillende (potentiële) bijdragen van big data voor het ontwikkelen van wet- en regelgeving geschetst, waarbij ook personalized legislation aan de orde komt. Bij het implementeren van wetgeving wordt o.a. ingegaan op legal logistics. Vervolgens wordt het evalueren van wet- en regelgeving geïllustreerd met voorbeelden. Aansluitend komt de vraag aan de orde hoe big data het wetgeven kan veranderen en wat dat betekent voor wetgevers en welke uitdagingen en zorgen daarmee samenhangen.


dr. F.L. Leeuw
Professor dr. F.L. (Frans) Leeuw is hoogleraar Recht, Openbaar Bestuur en Sociaal-Wetenschappelijk Onderzoek, Maastricht University. Eerder: Directeur WODC; Decaan Humanities, Open Universiteit; Hoofdinspecteur Onderwijsinspectie, Directeur Algemene Rekenkamer en bijzonder Hoogleraar evaluatieonderzoek Universiteit Utrecht.
Artikel

Van wet naar loket: bedrijfsregels en agile werken voor een transparante wetsuitvoering

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2019
Trefwoorden bedrijfsregels, business rule management, agile, transparantie, motiveringsbeginsel
Auteurs Mr. dr. M.H.A.F. Lokin en Mr. J.M. van Kempen
SamenvattingAuteursinformatie

    Geautomatiseerde besluitvorming is bij grote uitvoeringsorganisaties als DUO, SVB en Belastingdienst aan de orde van de dag. Om rechtmatige besluiten te nemen is een vertaalslag nodig van de relevante wetgeving naar specificaties voor de daarbij in te zetten ICT-systemen. Uitvoeringsorganisaties passen daarvoor steeds vaker bedrijfsregels toe. Die bieden een geformaliseerde, maar voor alle betrokkenen begrijpelijke weergave van de wettelijke regels en vormen de basis voor de softwarecode in de applicaties. Werken met bedrijfsregels kan een bijdrage leveren aan naleving van de transparantie-eisen die wetgeving en jurisprudentie aan geautomatiseerde besluitvorming stellen. In dit artikel wordt ingegaan op wat bedrijfsregels zijn, hoe ze transparantie kunnen dienen, en hoe een andere samenwerking tussen wetgever en uitvoerder dat nog verder zou kunnen verbeteren.


Mr. dr. M.H.A.F. Lokin
Mr. dr. M.H.A.F. (Mariette) Lokin is juridisch adviseur bij het DG Belastingdienst van het ministerie van Financiën en promoveerde in oktober 2018 aan de Vrije Universiteit Amsterdam op onderzoek naar de wijze waarop regel- of kennisgebaseerd werken in de uitvoering ondersteund kan worden in wetgeving (proces en product).

Mr. J.M. van Kempen
Mr. J.M. (Matthijs) van Kempen is zelfstandig adviseur bij Knowbility en voerde regelbeheersingsprojecten uit bij DUO, het UWV en de Belastingdienst.
Toont 1 - 20 van 850 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 42 43
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.