Zoekresultaat: 67 artikelen

x
Artikel

De Dark Triad persoonlijkheidskenmerken en online en offline agressie: een verkennende studie op basis van zelfrapportages van jonge adolescenten

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Dark Triad, self-reported aggression, psychopathy, narcissism, Machiavellianism
Auteurs Clio Lambrechts, Lieven Pauwels en Wim Hardyns
SamenvattingAuteursinformatie

    The current study investigates the relationship between the Dark Triad personality traits (consisting of narcissism, psychopathy and Machiavellianism) and three different forms of aggression: online aggression, overt aggression and relational aggression. The sample consisted of 1,051 adolescents between 12 and 16 years old. Results show that psychopathy and Machiavellianism are positive predictors of the three forms of aggression, while narcissism is a positive predictor of online aggression only.


Clio Lambrechts
C. Lambrechts is doctoraatsonderzoekster aan de Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht (Universiteit Gent) en lid van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP).

Lieven Pauwels
Prof. dr. L. Pauwels is professor aan de Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht (Universiteit Gent) en directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP).

Wim Hardyns
Prof. dr. W. Hardyns is professor aan de Vakgroep Criminologie, Strafrecht en Sociaal Recht (Universiteit Gent) en lid van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP). Daarnaast is hij als gastprofessor verbonden aan de master in de Veiligheidswetenschappen van de Universiteit Antwerpen.
Artikel

Wie houdt de wacht?

Veranderingen in toezicht tijdens de jongvolwassenheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden parental monitoring, self-control, delinquency, social control
Auteurs Dr. Jessica Hill MSc en Prof. dr. mr. Arjan Blokland
SamenvattingAuteursinformatie

    In this study we examine whether parental monitoring remains a protective factor in the lives of emerging adults, as well as the extent to which monitoring in other settings replaces the protective role of the parents. We use data collected for the TransAM project, a longitudinal survey of 970 emerging adults (18-24 years) to examine monitoring in a range of different contexts using an instrument based on Stattin and Kerr’s parental monitoring scale (2000). Results indicate that whilst parental control plays a protective role in the first years of emerging adulthood, we find no evidence that monitoring in other settings replaces the protective role of parents. However, monitoring of the self, i.e., self-control, has an increasingly strong relationship with delinquency during emerging adulthood.


Dr. Jessica Hill MSc
Dr. J.M. Hill (MSc) is universitair docent criminologie aan de Vrije Universiteit, Amsterdam.

Prof. dr. mr. Arjan Blokland
Prof. dr. mr. A.A.J. Blokland is als bijzonder hoogleraar Criminology & Criminal Justice verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden en als senior onderzoeker verbonden aan het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).
Artikel

Wie zijn jeugdige veelplegers?

Een onderzoek naar aantallen en kenmerken op basis van politieregistraties en zelfrapportage

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden Juvenile delinquency, Frequent offending, Research methods, Self reports, Police registrations
Auteurs Prof. dr. Frank Weerman, Prof. dr. Gerben Bruinsma, Prof. dr. Wim Bernasco e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    The aim of this study was to provide more insight in prevalence and aetiology of juvenile frequent offending, employing police registered data as well as self-report information. We combined data about 519 youths that participated in a self-report study in the region of The Hague with police register data (the HKS system) from the police unit of The Hague. The results indicate that a substantial part of youths that report a large amount of offenses themselves are not formally known as ‘juvenile frequent offender’. Causal factors derived from four major criminological theories can be found in a more pronounced way among juvenile frequent offenders than among youths that incidentally commit offenses. In general, there are similarities between the characteristics of juvenile frequent offenders defined by police register data and those defined by self-reports, but, on average, frequent offenders that are known by the police spend more time unstructured socializing with friends. We conclude that research using the method of self-report is well capable to find juvenile frequent offenders, and that this method also leads to useful information about the causes of their delinquent behaviour.


Prof. dr. Frank Weerman
Prof. dr. F.M. Weerman is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) in Amsterdam en bijzonder hoogleraar Jeugdcriminologie bij de sectie Criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Prof. dr. Gerben Bruinsma
Prof. dr. G.J.N. Bruinsma is emeritus directeur van het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en emeritus hoogleraar Omgevingscriminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Prof. dr. Wim Bernasco
Prof. dr. W. Bernasco is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en bijzonder hoogleraar Ruimtelijke analyse van criminaliteit aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Prof. dr. Lieven Pauwels
Prof. dr. L. Pauwels is directeur van het Institute for International Research on Criminal Policy (IRCP) en als hoogleraar verbonden aan de Universiteit van Gent.
Artikel

Risicogedrag van jongeren

In hoeverre verschilt de invloed van leeftijdsgenoten op het beginnen met risicogedrag en aanpassen in risicogedrag?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden antisocial behavior, social network analysis, SIENA, subtance use, onset
Auteurs Dr. Aart Franken, Dr. Jan Kornelis Dijkstra, Dr. Zeena Harakeh e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Studies investigating peer influence on risk behaviors, such as antisocial behavior and substance abuse, mostly study the amount of change in which adolescents adapt their risk behavior to become more similar to their friends. Onset of risk behavior, changing form having no experience to having any experience with risk behavior, has been studies far less. This study investigates friends’ influence on the onset of risk behavior and their influence in changes in risk behavior. Hypotheses were tested using SNARE (Social Network Analysis of Risk behavior in Early adolescence) data (N=1.144), containing information on risk behavior (i.e. antisocial behavior, alcohol use, and tobacco use) and friendship networks at three timepoints during the first year of secondary education (Mage= 12.7; SD=0.47). Analyses, using longitudinal social network analysis (RSIENA), showed that although adolescents adapt their risk behavior to become more similar to their friends, they are not influence in by their friends in the onset of risk behavior. These findings suggest s more nuanced role of friends in the onset of risk behavior. Interventions aiming at friends might benefit from differentiating between the onset and further (dis)continuation of risk behavior as these friendship influence processes might be less relevant for the onset of risk behavior.


Dr. Aart Franken
Dr. A. Franken is psycholoog NIP (i.o.t. gz-psycholoog) bij de Praktijk voor leer- en gedragsadviezen.

Dr. Jan Kornelis Dijkstra
Dr. J.K. Dijkstra is UHD Sociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en senior-analist RIEC Noord.

Dr. Zeena Harakeh
Dr. Z. Harakeh is onderzoeker bij TNO, expertisegebied Child Health.

Dr. Wilma Vollebergh
Prof. dr. W.A.M. Vollebergh is emeritus hoogleraar Jeugdstudies aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Jonge veelplegers en hun worsteling om te stoppen met criminaliteit

Een vierfasenmodel

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2-3 2020
Trefwoorden desistance, young repeat offenders, maturation, longitudinal study
Auteurs Prof. dr. Ido Weijers
SamenvattingAuteursinformatie

    This article presents findings from a longitudinal study of 81 young recidivists examined over fifteen years. By the age of 25, 50 percent had desisted for at least three years. 60 percent had had no new police contacts during the last two years. Four stages could be distinguished in the desistance process. Apart from a small number of explicit persisters, all of the young adults did consciously consider whether the benefits of their criminal activities outweighed the disadvantages. With just a few exceptions, the decision to quit was not motivated by an altruistic goal, nor by extreme fear, but mainly motivated by the feeling of being too old for criminal life and by striving for a pleasant self-esteem. It is concluded that when young adult recidivists give up crime, this must be seen as an extreme and extremely late form of maturation.


Prof. dr. Ido Weijers
Prof. dr. I. Weijers is emeritus hoogleraar jeugdstrafrecht en jeugdbescherming aan de Universiteit Utrecht.
General Comment

General Comment No. 24: een weerspiegeling van een decennium aan ontwikkelingen

Tijdschrift Tijdschrift voor Jeugdrecht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden jeugdstrafrecht, herziening, VN-Kinderrechtenverdrag, vrijheidsontneming, MACR
Auteurs Mr. A. Popescu
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage beoogt de belangrijkste thema’s van de nieuwe General Comment No. 24 (2019) uit te lichten die door het VN-Kinderrechtencomité zijn aangevuld of in hun geheel nieuw zijn toegevoegd. De wijzigingen zijn doorgevoerd in reactie op het veranderende beeld van kinderen in jeugdstrafrechtstelsels, dat van invloed is geweest op een drietal thema’s waaromtrent het Comité positieve en negatieve trends heeft gesignaleerd. Zo uit het Comité bijvoorbeeld zijn zorgen over het aanhoudende gebruik van vrijheidsbeneming ten aanzien van kinderen en benadrukt het nogmaals de noodzaak voor buitengerechtelijke interventies als alternatief voor vrijheidsbeneming. Het Comité hanteert daarentegen een optimistische toon wanneer het komt te spreken over de nieuwe absolute minimumleeftijd voor strafrechtelijke aansprakelijkheid, die is verhoogd van 12 naar 14 jaar, en het prijst de lidstaten die verder reiken dan dat minimum. Met de onderhavige General Comment tracht het Comité zijn standpunten omtrent bestaande en nieuwe thema’s te herbevestigen of geheel nieuw toe te voegen en daarmee aan lidstaten een richtsnoer te bieden voor het creëren van een jeugdstrafrechtstelsel dat volledig in lijn is met het VN-Kinderrechtenverdrag.


Mr. A. Popescu
Mr. A. Popescu is medewerker Verwerken & Behandelen bij het Parket Centrale Verwerking Openbaar Ministerie (CVOM) en alumnus straf- en jeugdrecht van de Universiteit Leiden.
Artikel

Financiën: een risicofactor voor delictgedrag?

Een onderzoek naar de complexiteit van financiële problematiek onder reclasseringscliënten

Tijdschrift PROCES, Aflevering 2 2020
Trefwoorden financiële problematiek financial problems, Schulden Debts, Delinquentie Delinquency, Reclassering Probation
Auteurs Gercoline van Beek MA, Dr. Vivienne de Vogel en Prof. dr. Dike van de Mheen
SamenvattingAuteursinformatie

    The relationship between debts and delinquency is still unclear and knowledge about the prevalence and scope of debts among delinquents, which is needed to systematically explore this relationship, is lacking. The present study contains a systematic and scoping literature review on this relationship and analyzed data from risk assessment and client files (N = 250) from the Dutch probation service. Results show that debt and crime are strongly related and that debts among probation clients are highly prevalent and complex and underline the importance of inquiring more knowledge about debts as a potential risk factor for relapse during supervision.


Gercoline van Beek MA
Gercoline van Beek MA is onderzoeker en docent aan de Hogeschool Utrecht. Zij doet momenteel promotieonderzoek naar financiële problematiek onder reclasseringscliënten.

Dr. Vivienne de Vogel
Dr. Vivienne de Vogel is lector Werken in justitieel kader aan de Hogeschool Utrecht en onderzoeker bij De Forensische Zorgspecialisten in Utrecht.

Prof. dr. Dike van de Mheen
Prof. dr. Dike van de Mheen is hoogleraar Transformaties in de zorg bij Tranzo, het wetenschappelijk centrum voor zorg en welzijn van de Universiteit van Tilburg.
Artikel

Access_open Kinderrechten en de positie van jongvolwassenen

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Kinderrechten, Adolescentie, Jongvolwassenen, Leeftijdsgrenzen
Auteurs E.P. (Eva) Schmidt LLM, BSc
SamenvattingAuteursinformatie

    Internationale kinderrechten genieten enerzijds vrijwel universele erkenning maar worden anderzijds ook stevig bekritiseerd. Vooral kinderrechten binnen het strafrecht worden als controversieel gezien. Tegelijkertijd is op dit gebied sprake van toenemende aandacht voor de ontwikkeling gedurende de adolescentie die door lijkt te lopen na de dominante leeftijdgrens van achttien jaar, alsmede de implicaties daarvan voor de positie van jongvolwassenen in het strafrecht. Deze bijdrage gaat nader in op de toepasselijkheid, en toegevoegde waarde, van het kinderrechtenperspectief voor jongvolwassenen in het strafrecht.


E.P. (Eva) Schmidt LLM, BSc
E.P. Schmidt is als promovendus werkzaam op de Afdeling Jeugdrecht, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit Leiden. Haar onderzoek richt zich op de bestraffing van adolescenten als kinderen of volwassenen en wordt gefinancierd door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) (projectnummer 406.18.503).
Artikel

Financiële problematiek als belemmering voor re-integratie van ex-delinquenten

Een onderzoek onder reclasseringswerkers en hun cliënten

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 1 2020
Trefwoorden financial problems, debts, delinquency, risk factors, probation
Auteurs Gercoline van Beek MA, Dr. Vivienne de Vogel en Prof. dr. Dike van de Mheen
SamenvattingAuteursinformatie

    In order to improve the effectiveness of offender supervision many studies have been conducted into risk factors for delinquency. Evidence was found that debts and crime are interrelated. However, understanding of potential underlying risk factors in this relationship is limited. Results of an analysis of client files (N=250) show that debts among probation clients are highly prevalent and problems with respect to education, work and mental and physical health seem to be important underlying factors in the relationship between debts and crime. In addition, interviews were conducted with both probation workers (N=33) and clients (N=16) to get insight into the possibilities to adequately support clients with regard to debts in order to stimulate successful resocialization. Results underline the importance of paying attention to possible underlying factors to effectively supervise clients.


Gercoline van Beek MA
G. van Beek MA is onderzoeker en docent aan de Hogeschool Utrecht. Zij doet momenteel promotieonderzoek naar financiële problematiek onder reclasseringscliënten (zie www.hu.nl/onderzoek/onderzoekers/gercoline-van-beek).

Dr. Vivienne de Vogel
Dr. V. de Vogel is lector Werken in Justitieel Kader aan de Hogeschool Utrecht en onderzoeker bij De Forensische Zorgspecialisten in Utrecht (zie www.hu.nl/onderzoek/onderzoekers/vivienne-de-vogel).

Prof. dr. Dike van de Mheen
Prof. dr. H. van de Mheen is hoogleraar Transformaties in de Zorg bij Tranzo, het wetenschappelijk centrum voor zorg en welzijn van de Universiteit van Tilburg (zie www.tilburguniversity.edu/nl/medewerkers/h-vdmheen).
Kroniek

Jongeren, leeftijdsgenoten en criminaliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Peer relations, Delinquency, Social influence, Social networks, Peer status
Auteurs Dr. Jan Kornelis Dijkstra en Prof. dr. René Veenstra
SamenvattingAuteursinformatie

    This article relates criminological research on youth delinquency to the social development of adolescents. Starting point is a goal-framing approach which assumes that young people aim for the achievement of two goals: status (‘getting ahead’) and belonging (‘getting along’). Peers form an important context for achieving these goals. Therefore, the role of delinquency in peer networks is examined: on the one hand, the extent to which delinquency contributes to peer status, and on the other hand, how delinquency contributes to the formation of network relationships and, vice versa, how network relationships influence adolescents’ delinquency. Finally, several directions for further research are discussed.


Dr. Jan Kornelis Dijkstra
Dr. J.K. Dijkstra is werkzaam als universitair hoofddocent sociologie aan de faculteit Gedrags- & Maatschappijwetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen.

Prof. dr. René Veenstra
Prof. dr. R. Veenstra is directeur van de onderzoeksschool ICS en werkzaam als hoogleraar sociologie aan de faculteit Gedrags- & Maatschappijwetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Access_open Preventie en de aanpak van radicaliseren en terrorisme: een herziening

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden Radicalisation and Terrorism, American Wars, Activism of Hope, Mental Health and Prevention
Auteurs Carl H.D. Steinmetz
SamenvattingAuteursinformatie

    About half (54%) of Dutch mental health care have patients who radicalize. This delivery room for radical losers deserves more attention. The GGZ will then have to emerge from the stalled discourse, that radicalization is not a psychiatric disorder. An important breeding ground for these and other ‘delivery rooms’ are apart from factors like social and psychological influences, and grievances about social, economic and health inequalities (Bhui et al., 2014), the wars that are initiated annually by the United States from 1798, with or without the help of the United Kingdom, the European Union and therefore the Netherlands. This article argues that ‘fire should not be fired with fire’. It is argued for the implementation of Activism of Hope (Lleshi, 2018) with its own grandfathers, such as Martin Luther King, Mahatma Gandhi and Nelson Mandela. Finally, an action perspective for all young people in the tumultuous phase of adolescence is proposed for education- and care institutions.


Carl H.D. Steinmetz
Carl H.D. Steinmetz is managing director at Expats & Immigrants B.V.

    In deze bijdrage staat General Comment No. 20 van het VN-Kinderrechtencomité, over het implementeren van kinderrechten tijdens de adolescentie, centraal. De aanleiding voor en inhoud van de General Comment worden in hoofdlijnen besproken. Daarnaast wordt specifiek aandacht besteed aan een onderwerp dat door het Kinderrechtencomité in het bijzonder van belang wordt geacht voor de bescherming van de rechten van adolescenten: het strafrecht. In dat kader wordt ook de positie van adolescenten in het Nederlandse straf(proces)recht behandeld.


E.P. Schmidt LLM, BSc
E.P. (Eva) Schmidt is promovenda bij de afdeling Jeugdrecht van de Universiteit Leiden.
Artikel

Een tweelingstudie naar indicatoren van genetische en culturele transmissie

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2019
Trefwoorden intergenerational continuity, rule-breaking behavior, genes, environment, twin study
Auteurs Camiel van der Laan MSc, Dr. Steve van de Weijer, Dr. Michel Nivard e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In the present study, the role of genetic and cultural transmission in intergenerational continuity of rule-breaking behavior (RBB) was investigated. Based on the resemblance within 3,982 Dutch twin pairs, aged 13 to 17 years, the relative importance of genetic (G), shared environmental (C), and unique environmental (E) influences on RBB was estimated. Cultural transmission, the process of passing on knowledge, norms and values, can lead to similarities within families, and forms part of the shared environment of children growing up in the same family. The authors found no evidence for shared environmental influences, and consequently no indication of a role for cultural transmission. Genetic influences explained 60 percent of the variance in rule-breaking behavior at age 13 to 17, implying that intergenerational continuity at this age is mainly driven by genetic transmission.


Camiel van der Laan MSc
C.M. van der Laan is promovendus bij de afdeling Biologische Psychologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam en bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Dr. Steve van de Weijer
Dr. S.G.A. van de Weijer is postdoctoraal onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Dr. Michel Nivard
Dr. M.G. Nivard is universitair docent bij de afdeling Biologische Psychologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Prof. dr. Dorret Boomsma
Prof. dr. D.I. Boomsma is hoogleraar biologische psychologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam en directeur van het Nederlands Tweelingen Register.
Artikel

Crimineel gedrag over de levensloop én over generaties: de rol van het gezin

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2019
Trefwoorden intergenerational continuity, Criminal behavior, Family, Family relations, Generations
Auteurs Dr. Veroni Eichelsheim
SamenvattingAuteursinformatie

    In criminology, explanations for engagement in externalizing or criminal behavior are often found within the direct (social) environment of the individual. More specifically, family functioning, the quality of family relations and parenting strategies during childhood and adolescence are found to be related to the development of externalizing problems or criminal behavior over the life-course. Although less well studied, the opposite might also be true: externalizing problems or delinquency during childhood and adolescence may in turn also affect some important (family-related) transitions over the life-course, such as engagement in romantic relationships, the transition to parenthood, parenting strategies and broader family functioning. Not surprisingly, in life-course criminology there is increasing attention for familial similarities in externalizing and delinquent behavior. What underlies intergenerational continuity of criminal behavior? Under which circumstances behavior is continued over the course of generations? What is the role of the family? What is needed to break intergenerational cycles and facilitate earlier and more effective interventions? In this article, a literature review is provided on the role of the family in intergenerational continuity of externalizing or criminal behavior over the life-course and across generations.


Dr. Veroni Eichelsheim
Dr. V.I. Eichelsheim is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Dr. Jan Kornelis Dijkstra
Dr. J.K. Dijkstra is werkzaam als universitair hoofddocent aan de faculteit Gedrags- & Maatschappijwetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Jongerenrechtbanken: oplossingsgerichte lekenrechtspraak voor en door leerlingen

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2018
Trefwoorden youth courts, restorative justice, active citizenship, schools, community
Auteurs Drs. Gert Jan Slump en Prof. dr. Jessica Asscher
SamenvattingAuteursinformatie

    This article describes the backgrounds, the development and first findings on youth courts in the Netherlands. A Dutch version of the USA youth courts was developed and piloted in 4 Amsterdam schools. Cases referred are small (partly illegal) incidents committed in the school environment. The Dutch youth court practice is described against the background of transformational change in society and the development of restorative justice and (peer oriented) development of citizenship. Although the model is still in development and schools are somewhat reluctant to deliver and refer cases, practice is growing.


Drs. Gert Jan Slump
Drs. G.J. Slump is criminoloog en landelijk projectleider voor de Stichting Jongerenrechtbanken Nederland. Hij heeft een eigen adviespraktijk voor projecten op strafrechtelijk gebied en geeft trainingen op het terrein van herstelrecht en herstelgericht werken.

Prof. dr. Jessica Asscher
Prof. dr. J. Asscher is hoogleraar Forensische Orthopedagogiek aan de Universiteit Utrecht en hoofddocent aan de Universiteit van Amsterdam. Zij is lid van de Raad van Advies van de stichting Jongerenrechtbanken.
Artikel

Access_open Oververtegenwoordiging van jongeren met een migratieachtergrond in de strafrechtketen

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2018
Trefwoorden disproportionate minority contact, DMC, juvenile justice, ethnicity, adolescents
Auteurs Dr. Albert Boon, Melissa van Dorp MSc en Drs. Sjouk de Boer
SamenvattingAuteursinformatie

    In the United States, the term disproportionate minority contact (DMC) is used to refer to the disproportionate number of minority youth who come into contact with the juvenile justice system. Statistics on DMC in the United States put the issue on the political agenda and measures have been taken to reduce the inequality. In the Netherlands, there are some studies on the representation of ethnic minority groups in suspect statistics, but data regarding all ethnic groups at various stages of the juvenile justice chain are lacking. Due to this lack of information, DMC is not mentioned in Dutch research literature and is not a political issue. Therefore, the purpose of this article was to explore whether DMC existed in the Netherlands and whether elements of the US policy could be applied to the Dutch situation. To investigate this, the likelihood (odds ratio (OR)) was calculated for young people with a migration background to be registered and held as a suspect, to participate in an alternative punishment program (Halt) and their likelihood of incarceration. It turned out that the OR for young people with a non-Western migration background to be registered as a suspect was more than three times as high, with an OR of 5 or higher for some ethnic groups. The chances of a Halt-settlement were much lower for young people with a non-Western background. The odds of ending up in a youth prison was over six times higher for youngsters with a non-Western background compared to their Dutch native peers. For young people of Caribbean and Moroccan origin the likelihood was more than ten times higher. These results showed that DMC is present at all examined stages in the Dutch juvenile justice chain. The large overrepresentation of young people with a migration background (especially of Moroccan and Caribbean origin) shows that further research is needed in order to develop programs to reduce DMC. To establish this, it is important to register the ethnic origin of the individuals at all stages of the juvenile justice chain.


Dr. Albert Boon
Dr. A.E. Boon is psycholoog/onderzoeker bij Lucertis/De Jutters: kinder- en jeugdpsychiatrie (Parnassia Groep) en bij Curium-LUMC, de afdeling kinder- en jeugdpsychiatrie Universiteit Leiden.

Melissa van Dorp MSc
M. van Dorp, MSc is psycholoog/onderzoeker bij Lucertis/De Jutters: kinder- en jeugdpsychiatrie (Parnassia Groep) en bij de Academische Werkplaats Risicojeugd.

Drs. Sjouk de Boer
Drs. S.B.B. de Boer is psycholoog/onderzoeker bij Lucertis/De Jutters: kinder- en jeugdpsychiatrie (Parnassia Groep).
Kroniek

Het adolescentenstrafrecht in Nederland: de stand van zaken vier jaar na invoering van de Wet adolescentenstrafrecht

Kroniek van het jeugdrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Youth justice – Jeugdstrafrecht, Adolescence – Adolescentie, Young adults – Jongvolwassenen, Age limits – Leeftijdsgrenzen, Judicial decision-making – Rechterlijke besluitvorming
Auteurs Prof. mr. Ton Liefaard en Dr. Stephanie Rap
SamenvattingAuteursinformatie

    On 1 April 2014, the Dutch Act on Adolescent Criminal Law entered into force. With this law, the age limit in article 77c of the Criminal Code, which allows for the application of juvenile criminal law to young adults, was stretched from 21 to 23 years. In this article stock is taken of the developments that have taken place in the four years after the introduction of this law. In practice, article 77c Criminal Code is increasingly being applied in case of young adult suspects, however still to a little extent. Among others, this has to do with confusion about the target group that qualifies for the adolescent criminal law. The access to and justification for the application of the law show a very diverse picture.


Prof. mr. Ton Liefaard
Prof. mr. T. Liefaard is hoogleraar kinderrechten en bekleedt de UNICEF-leerstoel Kinderrechten in de Afdeling Jeugdrecht van de Universiteit Leiden.

Dr. Stephanie Rap
Dr. S.E. Rap is universitair docent bij de Afdeling Jeugdrecht van de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open De daling in jeugddelinquentie: minder risico, meer bescherming?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1 2018
Trefwoorden crime drop, juvenile delinquency, risk and protective factors, ecological model, self-reported delinquency
Auteurs Dr. André van der Laan, Dr. Josja Rokven, Dr. Gijs Weijters e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    According to police statistics, juvenile crime in the Netherlands decreased annually since 2007. Explanations for the crime drop primarily focused on single macro explanations, such as increasing prosperity, focused policing or decreasing alcohol use. The prevalence of self-reported delinquency also dropped in the period 2005 till 2015. In three consecutive cohorts of the Youth Delinquency Survey (YDS; 2005, 2010, 2015) changes in exposure to risk and protective factors offered potential explanations for the drop in juvenile delinquency. Compared to previous cohorts, juveniles in the 2015-cohort were less exposed to risk factors like alcohol use and delinquent friends, and more exposed to protective factors like perceived emotional support, solicitation and monitoring by parents. Amongst serious delinquents, however, the exposure to individual risk behavior and delinquent friends was stable over time. Serious delinquents also showed stability over the cohorts in frequency and seriousness of offenses. The vulnerability for risk and protective factors was consistent amongst the three cohorts, regardless the seriousness of delinquency. Changing social cultural attitudes towards risk behavior, e.g. delinquency, could be an additional explanation for the juvenile crime drop. Implications for theory and policy are discussed.


Dr. André van der Laan
Dr. A.M. van der Laan is senioronderzoeker en plaatsvervangend afdelingshoofd bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid.

Dr. Josja Rokven
Dr. J. Rokven is onderzoeker bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid.

Dr. Gijs Weijters
Dr. G. Weijters is senioronderzoeker bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid.

Dr. Marinus Beerthuizen
Dr. M.G.C.J. Beerthuizen is onderzoeker bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en Veiligheid.
Artikel

Vechten op afspraak

Verklaringen voor georganiseerde vormen van groepsgeweld

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2017
Trefwoorden collective, violence, hooliganism, organized confrontations, group dynamics
Auteurs Drs. Tom van Ham
SamenvattingAuteursinformatie

    Collective violence around football has been a topic of research since the 1980s. In the Netherlands, in recent decades the size and severity of this problem have decreased sharply and the number of incidents has stabilized due to measures taken. At the same time, these measures have resulted in an increase of football-related incidents outside stadiums and on other days than match days. Confrontations based upon prior mutual agreements, so-called arranged confrontations, are an example of this. Based on multiple research methods, in this article the underlying causes of arranged confrontations and processes influencing individual participation are addressed. Results show that this type of collective violence and partaking in it has various causes and explanations. These fit with extant research literature in the area of group crime and collective violence and are incorporated in the recently developed initiation-escalation model.


Drs. Tom van Ham
Drs. T. van Ham is onderzoeker bij Bureau Beke en als buitenpromovendus verbonden aan de Universiteit Leiden.
Toont 1 - 20 van 67 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.