Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 471 artikelen

x
Artikel

Constructief omgaan met conflicten en ­geschillen

Inleiding in probleemoplossend onderhandelen en bemiddelen

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 2 2021
Auteurs Alain-Laurent Verbeke en Geert Vervaeke
Auteursinformatie

Alain-Laurent Verbeke
Prof. Dr. Alain-Laurent Verbeke (1964) is gewoon hoogleraar aan de KU Leuven. Hij doceert er sinds 1991 onder meer onderhandelen en bemiddelen, nationaal en internationaal familiaal vermogensrecht, bijzondere overeenkomsten, zowel in de bachelor en master rechten als in de master notariaat. Aan de rechtsfaculteit is hij directeur van het Rector Roger Dillemans Instituut Familiaal Vermogensrecht, codirecteur van het Leuvens Centrum Notariaat en van het Instituut Contractenrecht. Aan de faculteit psychologie is hij covoorzitter van het Leuven Center for Collaborative Management (LCM). Hij is mede-oprichter (in 2001), lesgever en lid van de stuurgroep van het postgraduaat bemiddeling van de KU Leuven. Ook is hij (co)promotor van talrijke doctoraten, in de rechten en in de psychologie. Hij is advocaat aan de balies van Brussel en West-Vlaanderen, partner Greenille Private Client Team @ Deloitte Legal. Hij is sinds 2007 Visiting Professor of Law aan Harvard Law School, waar hij negotiation doceert. Sinds 2008 is hij ook Professor of Law & Negotiation aan UCP Lisbon Global School of Law en sinds 1999 deeltijds gewoon hoogleraar privaatrecht en rechtsvergelijking aan Tilburg University. Hij ontving de Francqui Leerstoel (VUB, 2010-2011), de KBC Chair in Family Wealth (Antwerp Management School, 2014-2015) en de Van Oosterwyck Leerstoel notarieel recht (VUB, 2003). In Harvard is hij verbonden aan het Program on Negotiation (PON). Zie www.law.kuleuven.be/fvr/nl/pdf/cvALV.

Geert Vervaeke
Prof. Dr. Geert Vervaeke (1960) is Decaan van de Faculteit Rechtsgeleerdheid van Tilburg University. Hij is tevens deeltijds Gewoon Hoogleraar aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de KU Leuven in de criminologische en rechtspsychologie. Momenteel is hij voorzitter van de European Association on Psychology and Law (https://eapl.eu). Tevens is hij voorzitter van de stuurgroep van het postgraduaat bemiddeling aan de KU Leuven. Hij is gewezen Voorzitter van de Belgische Hoge Raad voor de Justitie (2004-2012: www.hrj.be/nl). Hij was tussen 2004 en 2012 tevens lid van het bestuur van het Europees Netwerk van Hoge Raden (www.encj.eu) en curator van het wetenschappelijk luik van het Stadsfestival Op.Recht.Mechelen (2015-2017: www.oprechtmechelen.be).
Artikel

Access_open GMO Regulation in Crisis – The Experimental Potential of Regulation (EU) 2020/1043 on Covid-19 in Addressing Both a Crisis and a ­Pandemic

Special Issue Experimental Legislation in Times of Crisis Sofia Ranchordás & Bart van Klink (eds.)

Tijdschrift Law and Method, september 2021
Trefwoorden experimental legislation, regulatory knowledge, GMO regulation, evaluation
Auteurs Lonneke Poort en Willem-Jan Kortleven
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article, we analyse Regulation (EU) 2020/1043 on Covid-19 against the backdrop of the current deadlock in EU-regulation of genetically modified organisms (GMOs). We build on temporary and experimental legislation scholarship and employ a normative framework of regulatory knowledge. The Covid-19 Regulation aims at speeding up the development of GMO-based Covid-19 treatments or vaccines by temporarily suspending requirements that otherwise would have made for time-consuming and burdensome authorization processes. Although the Regulation lacks an explicit experimental purpose, we hypothesize that experiences with its functioning may be utilized in evaluation processes serving attempts to change the GMO legal framework. As such, it may fulfil a latent experimental function. We reflect on the types of knowledge that are relevant when evaluating experimental legislation and developing regulation more generally and argue that the inclusion of social knowledge is pertinent in dealing with complex issues such as GMO regulation. Experimental law literature focuses on gathering evidence-based knowledge about the functioning of legislation but virtually neglects knowledge about different experiences and value appreciations of various societal actors and social-contextual mechanisms. We propose that such social knowledge be included in the design of experimental legislation and that evaluation be approached bottom-up instead of top-down.


Lonneke Poort
Lonneke Poort is Associate Professor at the department of Sociology, Theory and Methodology of Law at Erasmus School of Law.

Willem-Jan Kortleven
Willem-Jan Kortleven is Assistant Professor at the department of Sociology, Theory and Methodology of Law at Erasmus School of Law, Rotterdam.
Artikel

Access_open Enhanced Contact Rights for Grandparents? A Critical View from Spanish and Catalan Laws

Tijdschrift Family & Law, september 2021
Trefwoorden Contact with grandchildren, Best interest of the child, Parental responsibilities
Auteurs prof. dr. J. Ribot Igualada
SamenvattingAuteursinformatie

    This article examines how Spanish and Catalan laws deal with claims of grandparents who seek contact with their grandchildren against the will of one or both parents, and the scope given to their rights. It starts by explaining the content and the goals of the legal reforms enacted in Spain at the beginning of the 21st century to promote grandparents’ interests. Then, it presents the case law developed in the interpretation of the relevant legal rules. The resulting state of the law is assessed, taking into account the interests of all the parties involved (parents, grandparents, and grandchildren). The experience of more than twenty years of application of the specific provisions concerning grandparents’ contact rights sheds light on the impact of giving grandparents stronger legal rights. However, it also prompts the question of whether this legislative choice might have brought about useless and potentially harmful litigation.


prof. dr. J. Ribot Igualada
Jordi Ribot Igualada is Professor of Civil Law at the Institute of European and Comparative Law and Director of the Institute of European and Comparative Private Law (University of Girona).
Artikel

Access_open Law Schools and Ethics of Democracy

Special Issue on Pragmatism and Legal Education Sanne Taekema & Thomas Riesthuis (eds.)

Tijdschrift Law and Method, augustus 2021
Trefwoorden legal education, democracy, pragmatism
Auteurs Michal Stambulski
SamenvattingAuteursinformatie

    Contemporary critical analyses of legal education indicate that legal education is undemocratic as it is based on a discipline that produces subjects who obey hierarchies, are free from the habit of criticism and are ready to self-sacrifice for promotion in the social hierarchy. At the same time, critical analyses offer the very passive vision of the law student as merely ‘being processed’ through the educational grinder. Paradoxically, in doing so they confirm the vision they criticize. This article argues that, by adopting a pragmatic philosophical perspective, it is possible to go beyond this one-sided picture. Over the past few decades, there has been an increase in ‘practical’ attitudes in legal education. Socrates’ model of didactics, clinical education and moot courts are giving rise to institutionalized ideas as structural elements of legal education, owing to which a purely disciplinary pedagogy may be superseded. All these practices allow students to accept and confront the viewpoints of others. Education completed in harmony with these ideas promotes an active, critical member of community, who is ready to advance justified moral judgements, and as such is compliant with pragmatic ethics of democracy.


Michal Stambulski
Dr. Michal Stambulski is postdoctoral researcher at the Erasmus University Rotterdam and assistant professor at the University of Zielona Gora.
Ten geleide

PROCES en de wetenschap

Een goed en vooral duurzaam huwelijk

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2021
Auteurs Joke Harte
Auteursinformatie

Joke Harte
Prof. dr. Joke Harte is als hoogleraar Evaluatie juridische gedragsinterventies verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam, afdeling Strafrecht en Criminologie, en is redacteur van PROCES.
PS van een redacteur

Nazorg na detentie goed geregeld?

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2021
Auteurs Jacqueline Bosker
Auteursinformatie

Jacqueline Bosker
Dr. Jacqueline Bosker is lector Werken in Justitieel Kader bij Hogeschool Utrecht en redacteur van PROCES.
Artikel

Is verslaving behandelbaar?

Attitudes van forensisch sociale professionals ten aanzien van middelenmisbruik

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2021
Auteurs Lianne Kleijer-Kool, Vivienne de Vogel, Jolein Monnee-van Doornmalen e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Forensic social professionals play a crucial role in the resocialization trajectories of their clients with substance use problems. In this explorative study, we conclude that their attitudes to treatability of addiction are positive. However, there are differences in attitudes regarding needed treatment interventions and ways of controlling substance use, for example related to working within specialist addiction services, personal experiences with addiction and working in a clinical setting. When confronted with substance use of their clients, the forensic social professionals’ main reactions are discussing the problem with their client and analyzing the situation. The type of substance and the nature of criminal behavior are important considerations in this reaction.


Lianne Kleijer-Kool
Dr. Lianne Kleijer-Kool is onderzoeker bij het lectoraat Werken in Justitieel Kader en hogeschoolhoofddocent bij het Instituut voor Veiligheid van Hogeschool Utrecht.

Vivienne de Vogel
Dr. Vivienne de Vogel is lector Werken in Justitieel Kader van Hogeschool Utrecht.

Jolein Monnee-van Doornmalen
Drs. Jolein Monnee-van Doornmalen is reclasseringsambtenaar tbs en voormalig onderzoeker lectoraat Werken in Justitieel Kader van Hogeschool Utrecht.

Richard van Asch
Richard van Asch, MSw is docent Social Work bij Hogeschool Utrecht.
Artikel

Access_open Procedurele rechtvaardigheid in de strafrecht­keten

Hoe ervaren gedetineerden de bejegening door strafrecht­actoren?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering Online First 2021
Trefwoorden procedural justice, treatment, multiple criminal justice authorities, criminal justice system
Auteurs Matthias van Hall, Anja Dirkzwager, Peter van der Laan e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    It has been proposed that when people perceive their treatment by criminal justice actors as more procedurally just, they will be more likely to comply with the law. Existing research mainly focused on the police or the judge. This longitudinal study examined how prisoners experienced their treatment by five different criminal justice actors using data from the Prison Project. The prisoners were most positive about the procedurally fair treatment by their lawyer and least positive about the treatment by the police. Additionally, the perceived treatment by the police was associated with the treatment by other actors at subsequent moments.


Matthias van Hall
M. van Hall MSc is promovendus bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Anja Dirkzwager
Dr. A.J.E. Dirkzwager is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Peter van der Laan
Prof. P.H. van der Laan is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en bijzonder hoogleraar reclassering aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Paul Nieuwbeerta
Prof. P. Nieuwbeerta is hoogleraar Criminologie aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Professional Ethics for Judges – Lessons Learned from the Past. Dialogue as Didactics to Develop Moral Leadership for Judges

Special Issue on Education in (Professional) Legal Ethics, ­Emanuel van Dongen & Jet Tigchelaar (eds.)

Tijdschrift Law and Method, juli 2021
Trefwoorden professional ethics, ethical dilemmas, judiciary, independence
Auteurs Alex Brenninkmeijer en Didel Bish
SamenvattingAuteursinformatie

    There is an intimate link between good conduct by judges and the rule of law. The quintessence of their role is that judges shape a trustworthy and fair legal system from case to case. Ethical trading is not carved in granite, and judges must determine their course on different levels. First, it concerns personal conduct and requires integrity and reliability. On the second level, the challenge is to achieve proper adjudication by conducting a fair trial in accordance with professional standards. Third, judges exercise discretion, in which normative considerations run the risk of becoming political. They should act independently as one of the players in the trias politica. A triptych of past cases illustrate moral dilemmas judges may encounter in their profession. Calibrating the ethical compass is not an abstract or academic exercise. A dialogue at the micro (internal), meso (deliberation in chambers) and macro levels (court in constitutional framework) could be incorporated in the legal reasoning as a didactic framework to make future judges aware of their ethical challenges.


Alex Brenninkmeijer
A.F.M. Brenninkmeijer, PhD is Member of the European Court of Auditors, Luxembourg. Professor of Institutional Aspects of the Rule of Law at Utrecht University.

Didel Bish
D.A. Bish, LLM is a trainee at the European Court of Auditors, Luxembourg.

    Deze analyse bespreekt uitvoerig de argumenten van voor- en tegenstanders van het wetsvoorstel ter versoepeling van de Belgische abortuswetgeving (2019-…). Het fel bediscussieerde wetsvoorstel beoogt het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon uit te breiden en abortus te destigmatiseren. Door vrijwillige zwangerschapsafbreking als gezondheidszorg te kwalificeren geven de indieners van het wetsvoorstel tevens de voorkeur aan een gezondheidsrechtelijk traject op maat van de zwangere persoon als patiënt. De inkorting van de wachtperiode-en het schrappen van abortusspecifieke informatieverplichtingen geven in die zin blijk van vertrouwen in de zwangere persoon, in het kwalitatief handelen van de zorgverlener en in de waarborgen die het gezondheidsrecht reeds biedt. De wetgever dient met andere woorden uit te maken (1) welke regels hij in de context van abortus nodig acht, (2) of deze regels reeds worden gewaarborgd door de algemene gezondheidswetten- en deontologie, en (3) of de vooropgestelde regels hun doel bereiken. Een uitbreiding van het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon wordt tevens bewerkstelligd door de termijnuitbreiding van twaalf naar achttien weken voor abortus op verzoek. Een keuze voor een termijn is steeds in zekere mate willekeurig, doch reflecteert een beleidsethische keuze waarbij wordt gezocht naar een evenwicht tussen de bescherming van ongeboren leven en het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon. Praktische bekommernissen vormen hierbij geen fundamenteel bezwaar tegen een termijnuitbreiding maar dienen, in overleg met de betrokken sector, te worden geanticipeerd en maximaal te worden opgevangen door middel van organisatorische (niet-noodzakelijk juridische) initiatieven. Ten slotte beogen de indieners van het wetsvoorstel opheffing van alle strafsancties voor vrijwillige zwangerschapsafbreking. Op rechtstheoretisch vlak blijven echter vragen bestaan omtrent de manier waarop dit voorstel een volledige depenalisering doorvoert. Hoewel het tuchtrecht enige rol kan spelen bij gebrek aan strafsancties, creëert de vooropgestelde depenalisering van ongeoorloofde zwangerschapsafbreking door een arts een rechtsonzekere situatie.
    ---
    This analysis extensively discusses the arguments of supporters and opponents of the legislative proposal to relax the Belgian abortion legislation (2019-…). The heavily debated proposal primarily aims to expand the pregnant person’s right to self-determination and to destigmatise abortion. By qualifying consensual termination of pregnancy as health care, the supporters of the proposal also prioritise an individualised, health-oriented approach towards the pregnant person as patient. In the same vein, the diminished waiting period and the removal of abortion-specific information duties express trust in the pregnant person, in the qualitative conduct of the health care provider, and in the guarantees that the health law already provides. In other words, the legislator must determine 1) which regulations it deems necessary in the context of abortion, 2) whether these regulations are already guaranteed by general health laws and ethics, and 3) whether the proposed regulations achieve their intended purpose. An expansion of the pregnant person’s right to self-determination is also achieved by the extension from twelve to eighteen weeks as a limit for abortion on request. Although a time limit is always arbitrary to some extent, it mainly reflects a policy-ethical decision in which a balance is sought between the protection of unborn life and the pregnant person’s right to self-determination. Practical concerns do not establish a fundamental objection to the extension of such limit, but must, in consultation with the medical profession, be anticipated and dealt with as much as possible by means of organisational (not necessarily legal) initiatives. Finally, the proposal lifts all criminal sanctions currently applicable to consensual termination of pregnancy. On a legal-theoretical level, however, questions remain about the way in which the proposal implements full depenalisation. Although disciplinary law can play some role in the absence of criminal sanctions, the depenalisation of unlawful termination of pregnancy by a health care professional produces legal uncertainty.


F. De Meyer
Fien De Meyer doet doctoraatsonderzoek naar regelgeving inzake abortus aan de Universiteit van Antwerpen.

C. De Mulder
Charlotte De Mulder doet doctoraatsonderzoek naar het statuut van ongeboren leven aan de Universiteit van Antwerpen.
Artikel

Vervolging vanwege religie in het Romeinse Rijk

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2021
Trefwoorden vroeg christendom, Romeins recht, antiek jodendom, antieke waarzeggerij, Romeins bestuur
Auteurs Renske Janssen
SamenvattingAuteursinformatie

    This article analyses the legal position of Christian communities in the Roman Empire before the middle of third century CE. It will be argued that the treatment of this group, which has often been marked as unique by both public opinion and academic debate, can only be explained by placing Christianity within the broader societal and administrative framework of the Roman world. A comparison with the treatment of other contemporary religious groups is necessary for a better understanding of the underlying principles and mechanisms that collectively shaped the Roman authorities’ attitudes towards these religious communities.


Renske Janssen
Dr. K.P.S. Janssen is docente en onderzoeker Oude Geschiedenis en Klassieke Talen. In september 2020 promoveerde ze aan de Universiteit Leiden op haar proefschrift Religio Illicita? Roman Legal Interactions with Early Christianity in Context.
Article

Access_open Invisible before the law

The legal position of persons with intellectual disabilities under the Dutch Care and Compulsion Act (Wzd) in light of Article 12 of the Convention on the Rights of Persons with Disabilities (CRPD)

Tijdschrift Family & Law, juni 2021
Trefwoorden dicrimination, guardianship, incapacitated adults, legal (in)capacity
Auteurs F. Schuthof LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands, the use of involuntary treatment in the mental health care sector is governed by the Dutch Care and Compulsion Act (Wzd). This study examines the legal position of persons with intellectual disabilities under this Act. The Wzd is analyzed in light of the human rights standards of Article 12 of the Convention on the Rights of Persons with Disabilities (CRPD). The findings of this study show that the Wzd does not meet the standards of Article 12 in several cases. The Wzd does not recognize the legal capacity of persons with intellectual disabilities, it continues to allow for substituted decision-making and support measures are not complemented by adequate safeguards. From a theoretical point of view, an imbalance between the protection of and the respect for the autonomy of persons with intellectual disabilities can be observed. This article formulates several recommendations in order to restore this balance.
    ---
    De Nederlandse Wet zorg en dwang (Wzd) ziet toe op de rechten van mensen met een verstandelijke beperking bij onvrijwillige zorg of onvrijwillige opname. Dit artikel onderzoekt de juridische positie van mensen met een verstandelijke beperking ten aanzien van deze wet. De Wzd wordt geanalyseerd in relatie tot artikel 12 van het Verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap (VRPH). De bevindingen van dit onderzoek laten zien dat de Wzd in verschillende gevallen niet voldoet aan de normen van artikel 12 VRPH. Zo wordt onder andere de handelingsbekwaamheid, ofwel ‘legal capacity’, van mensen met een verstandelijke beperking niet erkend en blijft plaatsvervangende besluitvorming mogelijk. Vanuit theoretisch oogpunt is er sprake van een disbalans tussen de bescherming van en het respect voor de autonomie van mensen met een verstandelijke beperking. Dit artikel doet daarom meerdere aanbevelingen om dit evenwicht te herstellen.


F. Schuthof LLM
Fiore Schuthof conducts research into better empowerment and protection of the elderly as a PhD student at Utrecht University (UU).
Artikel

Access_open Teaching Legal Ethics by Non-Ethical Means – With Special Attention to Facts, Roles and Respect Everywhere in the Legal Curriculum

Special Issue on Education in (Professional) Legal Ethics, ­Emanuel van Dongen & Jet Tigchelaar (eds.)

Tijdschrift Law and Method, juni 2021
Trefwoorden legal ethics, informal respect, educational integration, importance of setting examples
Auteurs Hendrik Kaptein
SamenvattingAuteursinformatie

    Legal ethics may be taught indirectly, given resistance to ethics as a separate and presumably merely subjective subject. This may be done by stressing the importance of facts (as the vast majority of legal issues relate to contested facts), of professional role consciousness and of the importance of formal and informal respect for all concerned. This indirect approach is best integrated into the whole of the legal curriculum, in moot practices and legal clinics offering perceptions of the administration of legal justice from receiving ends as well. Basic knowledge of forensic sciences, argumentation and rhetoric may do good here as well. Teachers of law are to set an example in their professional (and general) conduct.


Hendrik Kaptein
Hendrik Kaptein is associate professor of jurisprudence em., Leiden University.
Artikel

Access_open Harmonization of Substantive Insolvency Law in the EU

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2021
Trefwoorden harmonisering, insolventieprocedures, EU, zekerheidsrechten, transnationalisering
Auteurs Prof. mr. J.H. Dalhuisen
SamenvattingAuteursinformatie

    De Europese Commissie heeft via een Inception Impact Assessment de eerste stap gezet naar mogelijke harmonisering van het materiële insolventierecht van de lidstaten. De auteur bespreekt welke beleidsvraagstukken bij een dergelijk harmonisatieproces zouden spelen, de impact voor het algemene vermogensrecht en uit welke elementen een eventuele regeling zou moeten bestaan.


Prof. mr. J.H. Dalhuisen
Prof. mr. J.H. Dalhuisen is Chair International Finance Catholic University Lisbon Global School, Visiting Professor UC Berkeley, Emeritus Professor King’s College London.
Artikel

Daderschap in het antropoceen

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 1 2021
Trefwoorden environmental crime, offenders, responsibilities, Anthropocene
Auteurs Lieselot Bisschop
SamenvattingAuteursinformatie

    Past and present human activity lies at the basis of the unprecedented environmental crisis we face today. This article explores the drivers and dynamics that are directly and indirectly responsible for the environmental crisis in the Anthropocene by using a green and organizational criminology perspective and combining it with insights from perpetrator studies. Responsible actors and responsibilities are discussed on societal, organizational and individual level. Lessons are drawn on how existing insights in criminology can be challenged to better accommodate for the ecological challenges in the antropocene and on what that means for criminologists experiencing and researching the Anthropocene.


Lieselot Bisschop
Prof. dr. Lieselot Bisschop is professor of Public and Private Interests, Erasmus School of Law, Sectie Criminologie en Erasmus Initiative on Dynamics of Inclusive Prosperity. bisschop@law.eur.nl, Rotterdam
Artikel

Evoluties in het Vlaams herstelrechtelijke beleid sinds 2000

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Vlaams justitieel beleid, Vlaamse wetgeving, detentie, herstelgerichte, herstelrecht
Auteurs Ivo Aertsen
SamenvattingAuteursinformatie

    Restorative justice practices and policies have been growing in Belgium during last three decades. This article looks in particular at policy developments in the Flemish Community. It reconstructs how restorative justice has adopted a legal basis in 2005 and 2006 respectively in adult criminal law and juvenile justice. The rise and fall of the Belgian model of ‘restorative prisons’ is discussed. Special attention goes to the role of the Belgian State reform process, where the regions were given more competencies also in restorative justice matters. We investigate how this process of devolution has shaped the restorative justice landscape for the sectors of penal mediation, restorative mediation and conferencing. Some ambivalences in policy making are shown. Moreover, in recent years there are signs of a declining political interest in restorative justice.


Ivo Aertsen
Ivo Aertsen is emeritus hoogleraar KU Leuven, Leuvens Instituut voor Criminologie.

Dr. Iris Sportel
Iris Sportel is Universitair Docent Rechtssociologie aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Persoonsgerichte handhaving van de socialezekerheidswetgeving

Een actieonderzoek naar de betekenis van motiverende houdingen in de uitvoeringspraktijk

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Regulatory enforcement, Motivational postures, Social security, Action research
Auteurs Dr. Paulien de Winter en Prof. dr. Marc Hertogh
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article, we discuss a ‘person-centred’ view on the enforcement of social security laws. This is a new vision on enforcement whereby welfare workers can ‘differentiate’ in order to create more room for ‘customization’ with an eye for ‘the human dimension’ and an ‘appropriate’ enforcement style. Despite the unanimity about the desirability of this approach, most of the practical details are still unclear. Our central question is therefore: How may a person-centred approach of the enforcement of social security laws be implemented in practice? Based on an action research study, in which we closely collaborated with welfare workers and benefit recipients at a Dutch welfare office, we attempt to answer this question. We first discuss a number of central concepts from the enforcement literature and consider the concept of ‘motivational postures’. For this study, we developed a prototype of a new electronic analytical tool (which can be used to support enforcement) and then applied this tool in a small pilot study. In the article we describe our findings and discuss the experiences of benefit recipients and welfare workers with the analytical tool. We conclude that this tool appears to offer a good basis for the further development of the person-centred enforcement of social security laws.


Dr. Paulien de Winter
Paulien de Winter werkt als universitair docent bij de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde aan de faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen. Zij is gepromoveerd in de Rechtssociologie en doet onderzoek naar hoe uitvoerende medewerkers in de praktijk regels uitvoeren.

Prof. dr. Marc Hertogh
Marc Hertogh is hoogleraar Rechtssociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Centrale thema’s in zijn onderzoek zijn: de maatschappelijke beleving van recht en rechtsstaat; de sociale werking van wetgeving en handhaving; en de legitimiteit van het overheidsoptreden.
Artikel

Het digitale strafproces: een procedural justice-perspectief

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 2 2021
Trefwoorden Videorechtspraak, Procedural justice, Eerlijk proces, Participatie, Rechterlijke besluitvorming
Auteurs Mr. dr. C. (Christina) Peristeridou, Dr. A. (Anna) Pivaty en Dr. D.L.F. (Dorris) de Vocht
SamenvattingAuteursinformatie

    Door de coronacrisis heeft het gebruik van technologie in de rechtszaal een enorme vlucht genomen. In deze bijdrage wordt gereflecteerd op de vraag of – en zo ja, in hoeverre – videorechtspraak bepaalde fundamentele, rechtstatelijke beginselen van ons strafproces raakt. Hiertoe worden de (potentiële) effecten van remote justice besproken in het licht van het brede (niet strikt juridische) procedural justice perspectief waarbij de nadruk wordt gelegd op de deelaspecten participatie en zorgvuldigheid van besluitvorming.


Mr. dr. C. (Christina) Peristeridou
Christina Peristeridon is universitair docent straf(proces)recht aan de Universiteit Maastricht.

Dr. A. (Anna) Pivaty
Anna Pivaty is universitair docent straf(proces)recht en onderzoeker Conflictoplossende Instituties aan de Radboud Universiteit.

Dr. D.L.F. (Dorris) de Vocht
Dorris de Vocht is universitair docent straf(proces)recht aan de Universiteit Maastricht en tevens rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Limburg.

    Criminological research has emphasized the importance of procedural justice of authorities during encounters with citizens. Theory and prior research propose that the procedurally just treatment by the police influences, possibly via legitimacy, citizens’ willingness to cooperate with authorities in the criminal justice chain. This article tests the hypotheses of procedural justice theory using Dutch data of the European Social Survey (N=1,616). The results show an association between the procedurally just treatment of citizens by the police and cooperation with criminal justice authorities. However, this association has not been explained by the legitimacy of the police.


Matthias van Hall
M. van Hall MSc is promovendus bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).
Toont 1 - 20 van 471 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 23 24
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.